in zo verre relevant voor genealogie Van Keulen - Polman

1850 - 1899

In de geschiedenis ligt de nadruk doorgaans op machtige mensen. In www.liemershistorie.nl wordt vooral aandacht besteed aan de geschiedenis van gewone mensen en hun zwoegen voor een menswaardig bestaan, want de overgrote meerderheid van de bevolking in de Liemers heeft tot halverwege de 20e eeuw doorgaans op de rand van een bestaansminimum geleefd waarbij misoogsten, ziekten, oorlogen en (natuur)rampen kwellingen zijn, die de mensen bij voortduring hard hebben getroffen. Indrukwekkend is hoe velen onder moeilijke omstandigheden toch het hoofd boven water hebben kunnen houden.

1850    De gemiddelde levensverwachting in de Liemers bedraagt 34 jaar. Dit is in het bijzonder het gevolg van de grote kindersterfte.

1850    Ook in de tweede helft van de negentiende eeuw gaat de industriele revolutie vrijwel volledig voorbij aan de Liemers. 

1850    Rivierwater, dat  over de Liemerse overlaat spoelt, veroorzaakt opnieuw grote waterschade. Voor de inwoners van de Liemers is de maat meer dan vol. Opnieuw vragen ze zich af waarom grensbewoners opgeofferd moeten worden voor het gewaande nut van de Liemerse overlaat. Ook het gemeentebestuur van Zevenaar is laaiend en uit onomwonden haar gevoelens: "De schade is te weeg gebragt, niet door eene ramp, waartegen geen menschelijke magt iets vermag maar door de daden van het Staatsgezag".
Enkele jaren later in 1852 geeft de rijksoverheid eindelijk toe en wordt de Liemerse overlaatkade op dijkhoogte gebracht. In 1855 wordt ook de overlaat bij Bingerden opgehoogd.

1851    Bijna 9% van de Zevenaarse bevolking is afhankelijk van de bedeling. In grote Europese steden is dit percentage halverwege de 19e eeuw dramatisch hoog: Amsterdam 30%; Londen 35% en Parijs 35%. Het  Zevenaarse gemeentebestuur maakt zich grote zorgen. Zij zoekt de oorzaak in de lustgevoelens van de huwbare armen:

"een algemene oorzaak voor de vermeerdering van de armoede wordt gevonden in de vroege en vermenigvuldige huwelijken van de armen en minst gegoede, waardoor hun aantal buitengewoon vermeerdert"    

   

 

Ook in de Liemers vinden we in voorgaande eeuwen diverse armenhuizen bestemd voor mensen afhankelijk van de bedeling.

 

Op de foto links zien we een huis (plaatselijk ook bekend als "Maagdenklooster") op de hoek Kerkweg en Dijkweg, dat  tot 1916 in Oud-Zevenaar als armenhuis heeft gediend. In het armenhuis heeft iedere arme een kamer. In 1924 is het huis verbouwd tot woonhuis. 

Op de achtergrond de Martinuskerk

1851    De zomer verloopt voor de boeren rampzalig. Een lange periode van hitte en droogte eindigt met een hevig onweer met hagel en storm.

1851    Katholiek Westervoort krijgt haar allereerste pastoor na de reformatie. Pastoor Vaalman is een onder de plaatselijke bevolking uiterst geliefd pastoor, die op een natuurlijke manier leiding geeft aan het dorp van 31 maart 1851 tot zijn dood op 7 april 1899.

Pastoor Vaalman (bron Dr.J.B.Th. Wolters)
In Westervoort is pastoor Vaalman pastoor en burgemeester tegelijk. Zijn populariteit onder de plaatselijke bevolking is ongekend. Ook onder protestanten is hij geliefd en wordt hij als een dominee geeerd in een tijd, waarin de tegenstelling katholiek en niet-katholiek zeer sterk is. Vaalman wordt door een ieder geroemd en beschreven als een uitermate hartelijk en betrokken weldoener, waaraan door menigeen  bijzondere krachten worden toegekend. "Als er brand is, kan hij de wind doen draaien, zodat gespaard blijft wat hij meent dat het verdient". 

1852    In een heel jaar verdient een arbeider in de Liemers ongeveer 300 gulden (135 euro).

1852    De Liemerse overlaatkade wordt eindelijk op dijkhoogte gebracht. Hiermee komt een eind aan een grote ergernis van veel bewoners van de Liemers die tot dan toe bij hoog water geofferd worden ten gunste van de bewoners van verder stroomafwaarts gelegen gebieden.


1853
    In de periode 1850 - 1855 hebben de boeren in de Liemers succesvolle oogsten en neemt hun koopkracht duidelijk toe. Ook veel arbeiders ontvangen meer loon maar dit effect wordt door stijgende prijzen van levensmiddelen grotendeels te niet gedaan. Juist tijdens deze economische opleving is de armoede van velen, in het bijzonder door de vele werklozen, schrijnender dan ooit.    

1853    De Zevenaarse Andreasparochie (R.K.) wordt uitgebreid met de buurtschappen Grieth en Zweekhorst, die tot dan tot de Martinusparochie in Oud-Zevenaar behoren.

De St.Martinusparochie in Oud-Zevenaar is tot 1853 zeer uitgestrekt. De parochie omvat niet alleen de dorpen Ooy, Oud-Zevenaar en Babberich, maar ook de buurtschappen Holthuizen, 't Griet(h) en de Zweekhorst. Vooral de inwoners van de Zweekhorst moeten voor het wekelijkse kerkbezoek aan  hun parochiekerk een relatief grote afstand (ongeveer 10 km) overbruggen. Veel voorouders Polman wonen in de 19e eeuw op 't Grieth en de Zweekhorst. Het is dan ook voor hen een belangrijke verbetering, wanneer ze vanaf 1853 voor het kerkbezoek gebruik mogen maken van de Zevenaarse Andreaskerk. 

 

 

De eeuwenoude R.K. Kerk in Oud-Zevenaar vanuit de dijkzijde gezien (foto's zomer 2008)

 

   

1853    In Nederland en dus ook in de Liemers wordt de (R.K.) kerkelijke hierarchie hersteld. Als eerste aartsbisschop wordt monseigneur J. Zwijsen benoemd. Na een eeuwenlange onderdrukking begint een periode van uitbundige bloei (Rijke Roomse Leven) van katholieke organisaties waaraan omstreeks 1960 een abrupt einde komt.

1853    Korenmolen de Welvaart in Groessen wordt gebouwd.
 

De Groessense molen in 1965

1853   Bij aartsbisschoppelijk decreet wordt het dekenaat Doesburg opgericht. Het dekenaat omvat de R.K. parochies: Doesburg, Lathum en Giesbeek, Westervoort, Duiven, Groessen, Loo, Zevenaar, Oud-Zevenaar, Lobith en Tolhuis, Herwen en Aerdt, Pannerden, Didam, Beek, 's-Heerenberg, Zeddam en Azewijn. De allereerste deken wordt pastoor J. Willemsen van Duiven.  

1854    Burgemeester Simons van Doetinchem lanceert een plan om een "kunstweg" (spoorweg) aan te leggen van Varsseveld via Doetinchem, Wehl, Didam naar Zevenaar.

1854    De in het 19e eeuwse Didam befaamde meester Hendrik Nollen emigreert, na vanaf 1817 koster-schoolmeester te zijn geweest, naar de U.S.A. Hij wordt opgevolgd door de Zeddammer Th. Weyers, die met een hulponderwijzer en twee kwekelingen les geeft in een lokaal waarin voor 200 kinderen plaats is.

Voorgevel van de eenlokalige Openbare school Didam, omstreeks 1862
In latere jaren wordt dit gebouw met een verdieping verhoogd en worden enige binnenmuren gemetseld, waarna het dient als het allereerste gemeentehuis van Didam.



1855
    Door ijsopstopping breken 3 maart de Rijndijken bij Bislich (in de omgeving van Wesel). Het Houwbergse veer (bij Elten over de Oude Rijn) wordt door de zware ijsgang van zijn kettingen gerukt en later in Leuven (buurtschap bij Oud-Zevenaar) teruggevonden. Vanuit Zevenaar en Duiven wordt in de vroege ochtend van 5 maart het eerste rivierwater gemeld. In Angerlo en Lathum kampt men nog eerder met wateroverlast. Grote delen van de Liemers staan in maart 1855 blank.

 

IJsgang op de IJssel voor Westervoort 1855

1855    De spoorbrug bij Westervoort komt gereed (eerste vaste brug voor overig verkeer wordt in 1901 in gebruik genomen). De brug is ontworpen door ingenieur Edwin Clark. Het betref een draaibrug voorzien van dubbelspoor met een lengte van 260 meter. Het is de eerste (grote) Nederlandse spoorbrug. Na de opening wordt de brug (kortstondig) gezien als achtste wereldwonder.  

Afbeelding van de eerste vaste verbinding over de IJssel: Een tussen 1853 en 1856 aangelegde spoorbrug bij Westervoort. In die tijd is er in Nederland nog geen enkele ervaring met de aanleg van spoorbruggen, waardoor de bouw een Engelse aangelegenheid is. Ingenieur Edwin Clark ontwerpt de draaibrug voorzien van dubbelspoor. De brug is beschermd met 12 ijsbrekers, heeft een lengte van 260 meter en is 10 meter breed.

Na de openstelling ontstaan snel problemen, onder meer in de winter met de doorvoer van ijsschotsen, waardoor de brug een obstakel is voor zowel trein- als scheepvaartverkeer; daarom wordt aan het eind van de 19e eeuw een nieuwe spoorbrug gebouwd, tevens voor voetgangers en wegverkeer. Deze brug, die op 5 april 1901 wordt geopend, komt een stuk hoger te liggen waardoor een spoordijk noodzakelijk wordt.

   

1855    Wehl bouwt voor het eerst in haar geschiedenis een gemeentehuis. Tot die tijd wordt in een herberg of bij de burgemeester thuis vergaderd.

In 1855 bouwt Wehl voor f 1.500,- een gemeentehuis.
De  monumentale trap voor het gebouw is pas in 1915 aangebouwd. Het gemeentehuis doet ongeveer 80  jaar als zodanig dienst. In 1938 wordt voor f 22.000,- een nieuw gemeentehuis gebouwd.


 

 


1856    Station Zevenaar
wordt op 15 februari, gelijktijdig met de verlenging van de Rhijnspoorweg naar Emmerik, geopend. De spoorlijn via Zevenaar naar Duitsland veroorzaakt niet alleen een belangrijke economische impuls voor de regio maar ook voor het land als geheel.

Station Zevenaar kort na de opening in 1856  
Het imposante station heeft een eerste, tweede en derde klas restauratie. Er zijn duidelijke regels: Zo is de tweede klas restauratie bestemd voor ambtenaren en middenstanders.

Restaurateurs in station Zevenaar zijn onder meer geweest: "dikke" Jan Bus, Dopheide en Gietelink. 

Ruim honderd jaar na de opening in 1856 wordt dit station in 1961 afgebroken en vervangen door het huidige (eenvoudige) station.

 

Hetzelfde station in Zevenaar in 1938  
Het station is ruim tachtig jaar na de bouw nog steeds onveranderd. Het is vrijwel identiek aan het toenmalige Arnhemse station. Tot het midden van de 20e eeuw stoppen alle internationale treinen in Zevenaar; ondermeer voor de afhandeling van douaneformaliteiten, maar ook voor het reizigersvervoer. In de tweede helft van de 20e eeuw vermindert het belang van het station Zevenaar, doordat de douanetaken worden overgenomen door het station Arnhem en internationale treinen niet meer in Zevenaar stoppen.
In de Tweede Wereldoorlog wordt het station ernstig beschadigd door bombardementen vanuit geallieerde vliegtuigen. Na de oorlog wordt het station hersteld. Aangezien het station, gezien de veranderde situatie, veel te groot is wordt het  in 1962 vervangen  door een klein station.   

 

1856    Nadat enkele jaren eerder de Liemerse overlaat tussen Oud-Zevenaar en Babberich is gesloten, wordt ook de overlaat in Bingerden opgehoogd. Hiermee komt een eind aan een bron van grote ergernis onder de Liemerse bevolking als gevolg van schade door overstromend water bij een werkende overlaat. Zo noemt een getergd gemeentebestuur van Zevenaar in 1844 de Liemerse overlaatkade: "een daad van geweld, waardoor deze gemeente van hare waterkeeringen zonder eenige schadevergoeding is beroofd".

1857    Bijna krijgt Zevenaar, kort na de opening van de spoorlijn Amsterdam - Keulen, weer een nieuwe spoorverbinding. Enschede zoekt verbinding met de spoorlijn Amsterdam - Keulen. Er wordt een concessie verleend voor de aanleg van een spoorlijn Zevenaar-Borculo-Enschede-Rheine en van meedere kanten worden gelden toegezegd, maar het plan wordt niet gerealiseerd.

1857    Hendrikus Neijenhuis begint een timmer-aannemersbedrijf in Beek.  Wanneer het bedrijf, dat in 1927 verhuist naar Arnhem,  in 1957 honderd jaar bestaat, kan het terugzien op de bouw van een omvangrijk aantal huizen, boerderijen, kerken, kloosters en utiliteitswerken in en buiten de Liemers. Ook talloze gebouwen, waaronder de dorpskerk in Didam en de in de Tweede Wereldoorlog verwoeste kerk in Hoog-Elten, zijn in de loop der tijd door het bedrijf gerestaureerd.

      

1857    Op 8 december wordt aan de Didamseweg, tegenover de (toenmalige) Kasteellaan de eerste kleuterschool in Zevenaar geopend. Het eerste jaar wordt de school bezocht door 44 meisjes en 32 jongens beneden de zeven jaar. De rest van de 19e eeuw zal het kindertal schommelen tussen 50 en 90. 

R.K. meisjesschool en bewaarschool aan de Didamseweg, omstreeks 1920
In 1925 zal naast het hoofdgebouw een moderne bewaarschool gereed komen. Dit schoolgebouw staat in Zevenaar nog altijd aan de Didamseweg en doet momenteel dienst als uitleencentrum van de Thuiszorg.
Dat de bewaarschool, zeker in de eerste helft van de 20e eeuw, in een behoefte voorziet, blijkt uit het kindertal dat in 1918 ongeveer 140 bedraagt. Kinderen komen ook uit omringende plaatsen als Duiven en Elten.
Voor de ingebruikname van de autoweg A12 omstreeks 1960 dendert het drukke internationale verkeer over de weg vlak voor de school. Vooral in de jaren na de Tweede Wereldoorlog zijn regelmatig jeugdige slachtoffers te betreuren.     
 

1857    Begraafplaats aan de Arnhemseweg in Zevenaar wordt in gebruik genomen. Op dit kerkhof zijn veel familieleden, waaronder grootouders, overgrootouders, over-overgrootouders en over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen begraven.

Aan de linkerzijde bevindt zich de kapel van het kerkhof aan de Arnhemseweg. Voor 1857 wordt nog rondom de kerk begraven. Aan de rechterzijde staat een huis dat in 1887 gebouwd is door wethouder Van Nispen tot Pannerden. (Opa Polman heeft mij eens verteld, toen ik als klein kind met hem langs dit huis wandelde, dat hij zich kon herinneren dat dit huis gebouwd werd).  Het huis (hoek Arnhemseweg - Molenstraat), waar halverwege de 20e eeuw (oud)gemeentesecretaris Albertus van der Heijden (1887 - 1976) geruime tijd heeft gewoond, is in de loop der tijd in de oorspronkelijke staat gebleven.


1857
     Jan van Nispen tot Sevenaer verwijt Koning Willem III naar aanleiding van de invoering van de onderwijswet van 1857 dat deze katholieken als "tweederangs" burgers beschouwt. Willem III komt vervolgens naar Zevenaar om dit "misverstand" recht te zetten. Voorafgaande aan zijn komst ontstaat echter een hoogoplopende ruzie tussen districtscommissaris Jan van Nispen tot Sevenaer en zijn broer de Zevenaarse burgemeester Carel Everard van Nispen tot Pannerden over de vraag bij wie (Jan of Carel Everard) de koning moet komen en wiens vrouw aan de rechterzijde van de koning mag zitten. Een commissie, bestaande uit burgemeesters van naburige gemeenten, geeft Jan gelijk waardoor de Koning tijdens zijn bezoek aan Zevenaar naar Huis Sevenaer komt en de vrouw van Jan naast de koning mag plaatsnemen. Tijdens het bezoek van de koning valt geen onvertogen woord tussen de beide broers maar na afloop is er wel een blijvende verwijdering.



       Willem III       

1857    In de in 1857 in Amsterdam verschenen uitgave "Ons Vaderland en zijn bewoners" staat op bladzijde 248 over Zevenaar en de Liemers onder meer: "Zevenaar en zijn omtrek is bovendien merkwaardig door den hoogen ouderdom, welken vele inwoners hier bereiken, een gevolg der gezonde luchtstreek, die nagenoeg nimmer besmettelijke ziekten duldt. Zoowel om deze als om de gemakkelijke middelen van communicatie, verdient de uitmuntende Latijnsche School te Zevenaar, tevens kostschool, alle aanbeveling".

1858    Pokkenepidemie in Zevenaar; onder de dodelijke slachtoffers is Theodorus van de Kamp (*04-04-1804 - 01-05-1858), hoofd van de lagere school in Oud-Zevenaar.

1858    Verschijning van Maria in Lourdes; ook op de overwegend katholieke bevolking van de Liemers maakt dit diepe indruk.  

1859   
In het provinciaal verslag over 1859 wordt gemeld dat in Zevenaar en in de "geheele Lijmers, zooals doorgaans weinig heerschende ziekten zijn voorgekomen". Het wordt toegeschreven aan de "gezonde ligging" van deze streek.

1859    De weg Zeddam - Beek - Didam wordt met grind verhard. Om de kosten te bestrijden wordt aan de ingang van het Bergerbosch de Beeksche Tol  gebouwd. De eerste tolgaarder is Derk Giezenaar, die na zijn dood in 1888 wordt opgevolgd door zijn zoon Bart.


 

Tolhuis van Derk Giezenaar aan de Grindweg van Beek - Zeddam omstreeks 1900
Links van west naar oost
Rechts van oost naar west

 


 

1860   Het oude schooltje aan de St. Jansstraat in Zevenaar wordt vervangen door een nieuwe school in de Slijkstraat (later: Schoolstraat). Het eerste hoofd van deze school is H. van Soest gedurende de periode 1860 - 1900. Zijn opvolgers zijn: L. Deenen 1900 - 1910, P. Kwanten 1910 - 1915, C. van Oerle 1915 - 1921 en A. Opdenoordt 1921 - 1930. Bij gebrek aan leerlingen wordt de school in 1930 gesloten. In de vijftiger jaren van de 20e eeuw is het schoolgebouw een tijdelijk onderkomen voor de Maria Regina school met als hoofd A.G.M. (Louis) van Keulen, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

 

 

De processie trekt op Sacramentsdag door de Zevenaarse Schoolstraat (voorheen: Slijkstraat). Zevenaar-stad kent van oudsher twee processies: Een processie op Sacramentsdag en een processie op kermiszondag. In Zevenaar-stad zijn deze processies in 1971 afgeschaft.

De Schoolstraat heeft lange tijd Slijkstraat geheten omdat de straat door vele Zevenaarders als een "achterbuurt" werd gezien.  

Aan de rechterzijde van de foto zien we de in 1860 geopende school, die aan het eind van de 20e eeuw is afgebroken; de foto is uit de eerste helft van de 20e eeuw.


1860
    De bierbrouwerij, gelegen aan de Duivense Dorpsstraat, die inmiddels van de familie Heijendaal is overgegaan naar de familie Nass, wordt tot de belangrijkste van Gelderland gerekend. In 1876 zal de brouwerij in handen komen van Coenraad Otten, die de brouwerij de naam "de Star" geeft.

Stoombierbrouwerij "de Star" aan de Dorpsstraat in Duiven
(begin van de 20e eeuw)

Omstreeks 1922 verandert het bedrijf in een bierbottelarij en mineraalwaterfabriek. 


1861   
Nadat het half december 1860 is gaan vriezen, zet op 16 januari de dooi in, waarna het ijs zich opeen pakt en het water snel stijgt. Op 29 januari stroomt de Pannerdense Waard onder. Een dag later lopen, door een zeer hoge waterstand van de Oude Rijn, de spoorlijn en de postweg tussen Babberich en Elten op diverse plaatsen over. Korte tijd later spoelt de spoordam over een afstand van 100 meter weg, waarna de bandijk onder grote druk komt en een zeer ernstige situatie ontstaat. Met man en macht wordt getracht om de bandijk te versterken. Ter versterking van zwakke plekken gebruikt men pannen en stenen van een bakoven. In de vroege ochtend van donderdag 31 januari blijkt dat de inspanningen vergeefs zijn en breekt de dijk door. Reeds op de tweede dag na de doorbraak bezoekt Koning Willem III het rampgebied.

Koning Willem III en zijn eenjarige dochter prinses Wilhelmina in 1881

Koning Willem III bezoekt op zaterdag 2 februari 1861 in het getroffen gebied zowel Zevenaar als Westervoort.

 

1861      In Stokkum wordt door Dorus Wintering een molen gebouwd. Latere molenaars zijn: Zoon Jan Wintering en vervolgens Jan Dueffels uit Duffelward bij Schenkenschans, getrouwd met Dora Wintering, de molenaarsdochter. 


                               De in 1861 gebouwde Stokkumse molen


1861  Omstreeks deze tijd vertoeft de van oorsprong Duitse tekenaar en kunstschilder Maximiliaan Leonard Kitzinger (1811 - 1882) enige jaren in Didam in een herberg, waar in latere jaren het Albertusgebouw komt. Vermaard zijn vooral de door Kitzinger geschilderde landschappen, vaak bij maanlicht. 
Vanuit Didam verhuist hij naar Angerlo, waar hij inwoont bij G. Volgers in boerderij "De Ganzepoel". Hij overlijdt daar op vrijdag 24 maart 1882.

 

 

                                                


                      Winterlandschap (M. Kitzinger, 1846, Gemeentemuseum Arnhem)
 

 

1862    De gemeente Didam wordt ingedeeld in vijf wijken: A = Dorp, B = Dijk, C = Greffelkamp, D = Loil en E = Holthuizen.

1862    De tabaksondernemer Buschhammer koopt van de tabakskooplieden Frowein in de Zevenaarse Kerkstraat Huis Rijck, dat nu naast het gemeentehuis (voorheen Turmac / B.A.T.) staat.

1862    Voorafgaande aan zijn studie aan het klein-seminarie Kuilenburg (vanaf 1863) bezoekt Hendrik van de Wetering (1850 - 1929) enige jaren de in 1833 gestichte kostschool aan de Rijksweg (Dorpsweg) in Duiven. Van de Wetering is vanaf 1895 tot zijn overlijden in 1929 (aarts)bisschop van Utrecht. Gedurende deze periode worden in zijn bisdom 137 kerken geopend en 63 nieuwe parochies gesticht. In 1905 wordt hij voorzitter van de St. Radboudstichting. Vele jaren beheert hij persoonlijk het Utrechtse (nu: Nieuwegein) St. Antoniusziekenhuis.     


Mgr. Van de Wetering (1850 - 1929)

 

1863    Via de spoorwegtelegraaf is het mogelijk telegrammen te verzenden of te ontvangen. De telegrammen moeten op station Zevenaar worden aangeboden. Telegrammen die in Zevenaar aankomen worden per speciale bode bij de geadresseerde bezorgd.

 

 

 

Station Zevenaar (1889)

 

 

 

1863    De Pruisische koning geeft toestemming voor de aanleg van de spoorlijn van Zevenaar via Elten naar Kleef (Kleve). De oversteek over de Rijn in de omgeving van Spijk moet plaatsvinden door middel van een tweetal stoomponten waarop een rails is gemonteerd. Twee jaar later in 1865 wordt deze belangrijke spoorverbinding al geopend. Wanneer in 1890 een spoorlijn is aangelegd tussen Nijmegen en Kleef vermindert echter het belang van de spoorverbinding tussen Elten en Kleef in sterke mate.

1863    In mei 1863 overlijdt Petrus Stephanus Nass (1790 - 1863), burgemeester van Duiven vanaf 1818. Hij gaat de geschiedenis in als de langstzittende burgemeester van de gemeente Duiven. Naast burgemeester was hij ook bierbrouwer en landbouwer.     


Burgemeester P.S. Nass (1790 - 1863)

 

1864     Op dinsdag 15 maart overlijdt in Zevenaar de legendarische Gerardus Mulder, sedert 1861 rustend pastoor van de R.K. Martinusparochie in Oud-Zevenaar, in de ouderdom van 84 jaar en 7 maanden. De in 1779 in Emmerich geboren Mulder was meer dan een halve eeuw, van 1806 tot 1861, pastoor. Tijdens zijn pastoraat is de katholieke school in Oud-Zevenaar gebouwd.



                                De eeuwenoude Martinuskerk in Oud-Zevenaar  
   
       

1865    Omstreeks deze tijd beleeft de baksteenindustrie een bloeiperiode. In de Liemers werken dan 950 mensen in steenfabrieken. Tot 1880 blijft dit aantal constant waarna een nieuwe periode van grote bloei volgt waardoor in 1890 meer dan 1500 arbeiders in Liemerse gemeenten in deze industrie werken. Dit zijn overigens niet alleen mannen maar ook vrouwen en kinderen.

1865     De steen- en panoven op "Kievitsdel" wordt opgericht. Deze aan de "gemeenteweg" van Zevenaar naar de Ooysestraat gelegen oven blijft onder verschillende eigenaren en tenslotte onder de naam "De Panoven" meer dan honderd jaar tot 1983 in gebruik. De laatste eigenaar is de familie Kruitwagen. In onze huidige tijd is in deze voormalige dakpan- en steenfabriek "Buitengoed de Panoven" gevestigd.



                                      

1865    Zevenaar krijgt een overdekte markt bestemd voor een jaar eerder van start gegane wekelijkse korenmarkt. De kosten bedragen 4445 gulden (2020 euro). De overdekte markt zal 90 jaar stand houden en wordt in 1955 onder de  naoorlogse Zevenaarse vernieuwingsdrang afgebroken.


De Zevenaarse  Markt met overkapping in het midden van de 20e eeuw

1865     De NRS (Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij) opent een alternatieve spoorverbinding via Zevenaar naar Kleve in Duitsland.    

 

Detail spoorwegkaart uit 1904, waarop het spoor Zevenaar - Elten -Welle - Kleef, alsmede het spoor Zevenaar - Emmerik

 

De spoorlijn Zevenaar-Elten-Welle-Spijck-Griethausen-Kleef maakt tussen Welle en Spijck gebruik van een spoorpont. Men heeft wel overwogen hier een brug aan te leggen, maar daar is uit militaire overwegingen vanaf gezien. In 1912 wordt het spoorpont opgegeven.

Links: Zijaanzicht van de veerpont
De veerpont vervoert alleen wagons, de locomotief vaart niet mee. Bij hoogwater, storm en ijsgang kan de pont niet varen, zodat gemiddeld drie weken per jaar geen treinen kunnen worden overgezet.  


1865 In Zevenaar wordt door de kasteelheer van Poelwijk, Jhr. G.C. von Weiler, een badhuisje geplaatst op de kolk De Breuly. In 1866 zijn er 25 abonnementhouders, waaronder geneesheer G.J.F. Merz, die f 1,50 (0,70 euro) per jaar betalen.

 


 

 

Het badhuisje bij de Breuly in Zevenaar (1902)

1866     In diverse plaatsen in de Liemers maakt cholera (of braakloop) dodelijke slachtoffers maar in vergelijking met andere delen van Nederland blijft het aantal slachtoffers beperkt. In ieder van de gemeenten Pannerden, Westervoort, Duiven en Herwen en Aerdt is 1 dodelijk slachtoffer te betreuren. In Arnhem overlijden in 1866 niet minder dan 428 mensen aan de aandoening.   

 


In veel plaatsen worden maatregelen genomen om de verspreiding van cholera tegen te gaan. In Duiven, Groessen en Loo worden de jaarlijkse kermissen afgelast (advertentie Arnhemsche Courant, 10 mei 1866).
In Duiven is het enige slachtoffer Willem Weijman, kleermaker, die op 23 juli 1866 ziek wordt en een dag later overlijdt. 

 

 

1866     Op 13 juni 1866 maakt het Algemeen Dagblad melding van een groot feest in Wehl ter gelegenheid van het feit dat deze Liemerse enclave een halve eeuw bij Nederland hoort. In de eerste decennia na de gebiedsoverdracht had het grootste deel van de overwegend katholieke bevolking van de voormalige Liemerse enclaves (Zevenaar, Duiven en Wehl) weinig op met Nederland en het Huis van Oranje. Deze negatieve stemming verandert na de grondwetswijziging in 1848, waarbij katholieken gelijke rechten krijgen, en het bezoek dat koning Willem III in 1861 na de watersnoodramp aan de Liemers brengt.


1867
    Uit heel Europa, Canada en de V.S. gaan duizenden katholieke jongemannen, de zogenaamde Zouaven, naar Italie ter bescherming van de kerkelijke staat van Paus Pius IX; onder hen vele tientallen Zouaven uit de Liemers, waarvan tenminste zes jongens uit Zevenaar. De Nederlandse Zouaven verliezen het Nederlandse staatsburgerschap. In 1947 wordt hen dit echter teruggeven. Het betreft een posthuum eerherstel omdat de laatste Nederlandse Zouaaf in 1946 is overleden.     

    Zouvenbeeld (Zouvenmuseum Oudenbosch)

Een van de Zevenaarse jongens die als Zouaaf naar Italie gaat is Gerhardus Menting. Hij is geboren in Zevenaar op 25 oktober 1845 als zoon van Gerhardus Menting en Engelina Elisabeth Klabbers.

Op 15 mei 1863 komt Gerhardus als 17- jarige bakkersknecht in dienst van bakker Van Luenen. Op 2 december 1866 neemt hij dienst in het Pauselijke leger en maakt de veldtocht van 1867 mee. Op 20 september 1870 verlaat hij het leger met een Mentana-medaille als onderscheiding. Op 2 januari 1871 is hij terug in Zevenaar en gaat als bakkersknecht werken bij bakker Gerrit Steijgerwalt.
Uit vele andere plaatsen uit de Liemers melden zich jongemannen om voor de Paus te strijden. Uit Bergh vertrekken bijvoorbeeld 12 jonge kerels. De bekendste Berghse zouaaf is Hent Derksen.

1867    Door de runderpest gaat het grootste deel van de veestapel verloren. Ook de oogst is slecht waardoor 1867 als rampjaar ervaren wordt.

1868    In Duiven overlijdt op dinsdag 25 februari op 96 jarige leeftijd Maria Peters-Gerritsen (1772-1868), weduwe van Joannes Peters (1776-1843) van Candia.  Zij zijn voorouders in rechte lijn (7 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.     

1868    Extreme droogte in de Liemers veroorzaakt voedseltekort.

1868    In de ochtend van 7 december 1868 trekt een verwoestende storm over de Liemers. De schade is enorm.

1869    Vanaf 1869 zijn diverse generaties Heijnen molenaar op de molen van Herwen. De molen, die van oudsher behoort bij Huize Aerdt, is in de loop der tijd door vele geslachten molenaars bediend. Zo beoefende Henrich Molenar dit beroep halverwege de 17e eeuw uit en is Peter Verwaayen er omstreeks 1806 molenaar.
Ansichtkaart waarop de molen uit Herwen (verzonden 1908)

1869    De Begrafeniswet treedt in werking, waardoor voor het eerst in de geschiedenis de termijn van ter aarde bestelling in het hele land dezelfde wordt; doden mogen voortaan niet eerder dan 36 uur en niet later dan de vijfde dag na overlijden worden begraven.

  Kerkhof met lijkstoet in Pannerden, omstreeks 1780

In Pannerden blijft de R.K. begraafplaats rond de kerk tot omstreeks 1975 in gebruik. Wel is er al in 1871 een kleine algemene begraafplaats aangelegd, maar daar wordt in de praktijk weinig gebruik van gemaakt: Gemiddeld jaarlijks een persoon, bijna altijd een drenkeling.  

1870    De Armenwet wordt zodanig gewijzigd dat armlastigen ondersteund moeten worden door  de plaats waar zij zich bevinden en NIET door de plaats waar zij zijn geboren.
Aangezien de aan de Liemers grenzende steden, zoals Arnhem en Doetinchem, in deze tijd weinig arbeiders nodig hebben, wordt veel armoede geleden.
 

1871    Duiven, in het bijzonder de buurtschap Husselarij, wordt getroffen door een van de hevigste pokken-epidemieen uit haar geschiedenis. In een periode van drie maanden lijden 174 personen aan de ziekte, waarvan er 33 sterven; hieronder pastoor Joannes Peters uit 't Loo. Ook elders in de Liemers veroorzaakt pokken veel slachtoffers.

1871
    In de gemeente Herwen en Aerdt overlijden vijf mensen aan tyfus.

1871   Op maandag 2 oktober 1871 overlijdt, in zijn geliefde Zevenaarse kasteel Enghuizen, Carl Hendrik Pelgrom (1815 - 1871). Een groot deel van zijn nalatenschap is bestemd voor de stichting van een R.K. verzorgingshuis, de Pelgroms Stichting. 
Carl Hendrik Pelgrom, geboren op donderdag 31 augustus 1815 in Zevenaar, priester gewijd in 1843, achtereenvolg
ens kapelaan in Haarlem (1843 - 1844), Delft (1844 - 1848) en vervolgens pastoor in Brielle (1848 - 1855), gaat vanwege een slechte gezondheid in 1855 met emeritaat en woont de laatste jaren van zijn leven in zijn ouderlijk huis Enghuizen in Zevenaar.

 


  Kasteel Enghuizen, waar pastoor C.H. Pelgrom in 1871 overlijdt

1872   Het bestuur van de pas opgerichte Pelgroms Stichting koopt uit de nalatenschap van pastoor Carl Hendrik Pelgrom in het centrum van Zevenaar een perceel grond van ruim drieduizend vierkante meter voor f 1.500,= (680 euro), dat bestemd is voor de bouw van een tehuis voor "ouden van dagen".

 


Marktstraat Zevenaar: Tweede helft van de 19e eeuw 
schilder onbekend

Juist voorbij het laatste witte huis aan de rechterzijde wordt in het centrum van Zevenaar een tehuis voor "ouden van dagen"  gebouwd.

 

1873    Pannerden wordt getroffen door tyfus. De haard van de ziekte is de kostschool, waarvan de dicht bij een beerput staande pomp besmet water afgeeft.

  Kinderziekbed omstreeks 1875

Uit: P. Parson, De bewoners van ons Vaderland.

 

1873    In  havezate Camphuysen wordt op 13 september de Oud-Zevenaarse schutterij St. Anna opgericht.

 


                                                       Havezate Camphuysen, omstreeks 1960


1873
    In Duiven trouwen op dinsdag 23 september Theodorus Jurrius en Maria Wilhelmina Cunera Peters (over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen).  

 

De Remigiuskerk in Duiven waar op dinsdag 23 september 1873 de kerkelijke bevestiging plaatsvindt van het huwelijk tussen Theodorus Jurrius en Maria Peters.

Theodorus Jurrius en Maria Peters stichten een kinderrijk gezin; in 22 jaar worden 14 kinderen geboren.
Op de foto de familie Jurrius-Peters omstreeks 1897
Tweede van rechts, met donkere kleding Anna Wilhelmina Jurrius, over-overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen.
(foto van mevr. Riet Selman, kleindochter van het echtpaar Jurrius-Peters)

1874     Naar enkele jaren later wordt bewezen, vindt in 1874 in  Zevenaar een gifmoord, een crime passionel, plaats. De waard van de op de hoek Didamsestraat - Grietsestraat gelegen Hof van Berlijn, Johannes Thuis, vergiftigt zijn vrouw Giesberta Lankerman om met de vriendin van zijn oudste dochter te kunnen trouwen. Het gebeuren houdt Zevenaar vele jaren bezig.

Hotel Het Hof van Berlijn, omstreeks1903
In 1874 vindt hier een crime passionel plaats, die de gemoederen in Zevenaar decennia lang beroert.
 


1875
    In de periode 1875 - 1895 is door de landbouwcrisis sprake van grote werkeloosheid. Ook inwoners van de Liemers zoeken werk in het Duitse Ruhrgebied.

1875    In Pannerden voert pastoor van Wagenberg de Sacramentsprocessie in. Voor het eerst sedert de Reformatie geeft katholiek Pannerden openlijk blijk van haar religieuze eensgezindheid. Na de plechtige Heilige Mis trekt men biddend en zingend met bruidjes en vaandels naar een altaar buiten het kerkgebouw. Alles vindt plaats op het besloten kerkhof rondom de kerk om de burgerlijke overheid niet te provoceren. Het houden van processies langs de openbare weg is alleen toegestaan in de oude Kleefse enclaves zoals Duiven, Lobith en Zevenaar, die dit recht bij hun overgang naar Nederland hebben behouden.

1875   Bij Koninklijk Besluit (K.B.) van 27 oktober (Staatsblad nr 183) wordt station Zevenaar hoofdstation.  Zevenaar is na Amsterdam en Rotterdam het derde grootste spoorstation voor het goederenvervoer in Nederland. Ook als grensstation is station Zevenaar uitermate belangrijk. Passagiers moeten vijftien minuten voor vertrek aanwezig zijn en vijf minuten voor vertrek wordt het loket gesloten. Het belang van Zevenaar als grensstation verandert volledig wanneer in de beginjaren vijftig van de 20e eeuw reizigers voor douane - controle niet langer hoeven uit te stappen, waardoor Zevenaar veel diensten kwijtraakt.


Stationcomplex Zevenaar, Staatsspoor (1913)


1875
     In Loo bij Duiven wordt een nieuwe R.K. parochiekerk ingewijd door aartsbisschop A.I. Schaepman.  Het is in het bijzonder parochiepastoor van Egeren (1835 - 1896), die een sterke Maria-devotie overbrengt op de Loose parochiegemeenschap, waardoor Loo vele decennia, van omstreeks 1880 tot 1925, een bedevaartsoord is.  De bedevaarten vinden in die periode vooral rond Pinksteren plaats.

Het beeld van Maria als Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart wordt in de kapel aan de noordzijde van de nieuwe  parochiekerk geplaatst. Bij de wijding van deze kerk in 1875 laten aartsbisschop A.I. Schaepman en de pauselijke internuntius I. Capri marmeren votiefstenen aanbrengen.

Het beeld stelt Maria met kind voor, staande op een wolk, met zijwaarts naar beneden gestrekte armen van Maria, haar voeten geplaatst op een slang. Het kind Jezus staat recht voor Maria met de rug naar haar toe. Jezus' rechterhand wijst omhoog, zijn linkerhand wijst naar zijn geopende hart. Beiden zijn met een zilveren kroon gekroond. Het beeld dateert uit 1875. Het is gemaakt van gips, circa 1,60 meter hoog en 50 centimeter breed en in meerdere kleuren geschilderd.

 

 

1876    In de nacht van zondag 12 op maandag 13 maart beukt een zware storm de bandijk in Lathum over een lengte van 400 meter voor een deel weg. Door het met man en macht aanbrengen van driedubbele bekistingen van mest en puin slaagt men erin de gevolgen te beperken. In Giesbeek komen 24 huizen onder water te staan en in Angerlo 4 huizen. Bij het grenskantoor in Babberich spoelen door water en storm gaten in de weg van 8 meter.

 

1876     Op woensdag 10 mei 1876 trouwen in Zevenaar Bernardus Jansen (1849 - 1914) en Maria Theodora Berentzen (1849 - 1924). Zij gaan wonen in huize (cafe / boerderij) "Buitenlust" aan de weg naar Doesburg op 't Grieth in Zevenaar. Zij zijn de bet-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen. Uit hun huwelijk worden negen kinderen geboren: Lena (1877), Theed (1878), Jan (1881), Bernard (1883), Grada (1886), Marie (1887), Gerrit (1889), dood geboren jongetje (1890) en Hentje (1892). 
Hun dochter Marie Jansen (1887 - 1976) trouwt in 1911 met Christiaan Polman (1878 - 1954). Marie en Christiaan zijn de over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

Links het in 1876 gebouwde "Buitenlust" (afbeelding midden 20e eeuw) 
Op een snikhete zomerdag in 1906 wordt hier onder de wilgen schutterij "Sint Andreas" opgericht. 

In 1972 wordt het oude "Buitenlust" gesloopt en vervangen door een nieuw zoals dat in onze tijd nog bestaat. Omstreeks 2000 wordt dit een wokrestaurant (afbeelding rechts).

 

1876    Geruchten dat in Zevenaar Johannes Thuis (zie 1874) zijn vrouw heeft vergiftigd worden steeds sterker. Op zaterdag 3 juni wordt het lijk van de vrouw, die twee jaar eerder is overleden, ten overstaan van de rechter-commissaris opgegraven op het R.K. kerkhof aan de Arnhemseweg in Zevenaar. Het onderzoek naar mogelijk gif heeft een positief resultaat; alleen al in de maag en lever van het slachtoffer bevindt zich meer dan een gram rattenkruid, een hoeveelheid die voldoende is om vijf mensen te doden. Johannes Thuis wordt gearresteerd en in januari 1877 tot levenslange tuchthuisstraf veroordeeld.  

Grietsestraat  hoek Didamsestraat in Zevenaar, 1903 en 2003



Hotel Hof van Berlijn in Zevenaar (1903)
Johannes Hendricus Thuis heeft dit vermaarde
hotel geleid van 1857 tot 1876.
In de laatste oorlogsnacht op 3 april 1945 wordt
dit hotel door terugtrekkende Duitsers verwoest.


    Bovenstaande foto betreft exact dezelfde
    locatie als  de linker afbeelding 100 jaar later.

 

 

 

1876   Alexander Bell ( 1847 - 1922) vindt de telefoon uit. Het zal dan echter nog veel meer dan een halve eeuw duren voordat de telefoon ook in het dagelijks leven van gewone mensen haar intrede doet. Zo bedraagt het aantal telefoonaansluitingen in Zevenaar in 1915 nog maar ongeveer dertig. Het zijn tot het midden van de 20e eeuw voornamelijk zakenmensen en notabelen, die over een telefoon beschikken.


Aangeslotenen op telefoon in Zevenaar in 1915

1876    Op vrijdag 7 april wordt in Duiven Johannes (Jan) Wilhelmus van Keulen, over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen, geboren.

  Johannes (Jan) Wilhelmus van Keulen
Duiven 7 april 1876 - Zevenaar 20 juni 1952
Jan woont als kind in de Ploenstraat op de  Hagemans Hof
(foto omstreeks 1950)


1877   
Johannes Thuis, de waard van het vermaarde logement Hof van Berlijn in Zevenaar, wordt op 23 januari tot levenslange tuchthuisstraf veroordeeld voor de door hem in 1874 gepleegde vergiftigingsmoord op zijn vrouw Giesberta Lankerman. Enige maanden later wordt hij ernstig ziek en op 2 augustus 1877 overlijdt hij in het tuchthuis van Leeuwarden. 

Reeds op de dag na de veroordeling wordt het hotel van Johannes Thuis, Het Hof van Berlijn in Zevenaar, te koop aangeboden blijkens een advertentie op 24 januari 1877 in de Zutphense Courant.

 

 

1877    Op donderdag 3 mei wordt de Pelgroms Stichting, een "tehuis voor hulpbehoevenden en ouden van dagen" in het centrum van Zevenaar, naast de Hervormde Kerk, geopend. Bijna 90 later, in juli 1966, zal het plaatsmaken voor een meer eigentijds gebouw.

 

De oude Pelgroms Stichting, een markant en imposant pand, gedurende bijna 90 jaar gelegen aan de Marktstraat (tussen de winkels van Weg en Traag en de Hervormde Kerk). 

Nadat Carl Hendrik Pelgrom, oud-pastoor van Brielle, in 1871 in zijn geliefde Zevenaarse kasteel Enghuizen overlijdt, is een groot deel van zijn nalatenschap bestemd voor de stichting van een "R.K. verzorgingshuis, de Pelgroms Stichting" (foto links).

In 1914 worden 40 elektrische lichtpunten in het huis aangelegd voor f 315,- (140 euro). In 1933 wordt in het gebouw een lift aangebracht, waardoor ook mensen die slecht ter been zijn naar de kapel op de bovenverdieping kunnen.  

 

1878    In Zevenaar-stad wordt op 25 september geboren Christiaan J. Polman (1878 - 1954), over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

 


Christiaan Polman (24 jaar) in 1903
De fiets is nog bijzonder.


1878
    Kostschool-directeur Antonius Deenen (1830 - 1909) verplaatst zijn school van Pannerden naar Zevenaar in de oude Latijnsche school aan de huidige Van Munsterstraat. De principes waarop het onderwijs berust zijn: leren, luisteren en werken.

In 1878 verplaatst A. Deenen (foto rechts) zijn kostschool naar een pand dat door een laan (huidige Kostschoollaan) met de Kerkstraat is verbonden (foto links).

 

 

1879    Gradus Polman (over-over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) koopt van Aleida Daniels in de Zevenaarse Kerkstraat een huis. Ruim 65 jaar later zal dit huis door een geallieerd bombardement worden verwoest. Hierbij vallen drie doden (zie 1945).

 

Gradus Polman, omstreeks 1890
informatie achterzijde foto (afb. rechts): Photographie Instantanee H.A. Staarink Diedam



 

 

1879    Op de Babberichseweg in Zevenaar wordt een stuk grond als Hervormde begraafplaats ingericht. Op dit kerkhof zijn in de loop der tijd veel bekende mensen uit Zevenaar e.o. begraven, zoals oud-burgemeester Koch, notaris Hazewinkel en leden van de familie De Neree tot Babberich. Ook vindt men er veel overledenen van Molukse afkomst.


1879    Op zaterdag 4 oktober komt de krant De Graafschap-Bode voor de allereerste keer uit.

Voorpagina van de allereerste editie van de Graafschap-Bode
 
De Graafschap-Bode wordt uitgegeven door Misset in Doetinchem.
Op 1 april 1873 begint de grondlegger van het bedrijf, Cornelis Misset uit Haarlem, een kleine drukkerij in Doetinchem. Op zaterdag 4 oktober 1879 verschijnt de Graafschap-Bode voor het eerst in een oplage van 2.000 als een wekelijks nieuws- en advertentieblad; vanaf 1 maart 1967 verschijnt het dagelijks.
 

.


 

 

 

1880    In Huis Babberich wordt donderdag 18 maart geboren Christophe Karel Henri de Neree tot Babberich (1880 - 1909). Op 21 jarige leeftijd loopt Karel tuberculose (t.b.c.) op waardoor hij de rest van zijn leven doorbrengt in  sanatoria o.a. in Arosa en Montreux. Vooral tijdens zijn verblijf in sanatoria blijkt hij een begenadigd tekenaar.


Zelfportret van Karel de Neree (1880 - 1909)

 

1880     De Zevenaarse stalhouder Chr. Weijers, die de nachtelijke postrit door de Liemers van Arnhem naar Emmerik onderhoudt, klaagt over de slechte berijdbaarheid bij nacht van sommige delen van de weg, waardoor zowel mens als paard gevaar lopen. Weijers is verplicht om de afstand Arnhem Emmerik (32 km) binnen 2 uur en een kwartier af te leggen. Hoofdingenieur De Bruijn Kops antwoordt op de klacht "dat bij zulk een hard rijden bij duisternis de geringste oneffenheden hinderlijk, ja gevaarlijk worden".


Grindweg door de Liemers van Emmerik naar Arnhem in Zevenaar (1909) 
Het tweede huis links is in 1887 gebouwd door wethouder Van Nispen tot Pannerden. 
Halverwege de 20e eeuw heeft gemeentesecretaris Van der Heijden vele decennia in dit huis gewoond. 
Rechts de grafkapel van de begraafplaats, die in 1856 is gesticht; daarvoor werd rondom de kerk begraven.

Ik herinner me, toen ik als kind met mijn opa langs dit in 1887 gebouwde huis liep, hij mij vertelde dat hij zich de bouw van dit huis nog goed kon herinneren.

 

1880     Op maandagochtend 25 oktober vindt op station Zevenaar een tragisch ongeluk plaats waarbij een wisselwachter met het onderbeen onder de trein komt. De stationschef stuurt direct een telegram aan de stationschef in Arnhem waarop de heren C.M. van der Linden en dr. de Jong per rijtuig naar Zevenaar vertrekken. Met assistentie van de Zevenaarse dr. Honig wordt het verbrijzelde been tot boven de knie afgezet.   


Station Zevenaar omstreeks 1900

 
1880
    Ruim 600 jaar na het begin der werkzaamheden wordt op 15 oktober de bouw van de Dom in Keulen voltooid conform het oorspronkelijk 13e eeuwse ontwerp. Op het moment van gereedkomen in 1880 is de Dom met zijn 157 meter hoge toren het hoogste bouwwerk ter wereld.

   

Deze opnames tonen de zuidoost zijde (links) en de voorzijde (rechts) van de Dom van Keulen kort na de voltooiing van de werkzaamheden in 1880. 

 

 

1881     Het kinderloze echtpaar Lubbers-Westhof, dat een schoenmakerij aan de Rijndijk in Westervoort drijft, adopteert de enkele maanden oude Christiaan Smeenk (1880 - 1964), die zich in de 20e eeuw ontwikkelt tot een vooraanstaand christelijk  arbeidersvoorman, journalist en politicus.
Christiaan Smeenk wordt geboren op 10 december 1880 op boerderij "Lange Morgen" in Zevenaar. Kort na zijn geboorte overlijdt zijn moeder waarna zijn vader het echtpaar Lubbers-Westhof, dat familie is,  vraagt om de baby te adopteren. 
Op 12-jarige leeftijd gaat Smeenk werken als schrijver / jongste bediende bij het kantongerecht in Arnhem waar hij veel maatschappelijke misstanden tegenkomt, die een grote indruk op hem maken. Na het overlijden van zijn pleegouders in 1896 verhuist hij naar Arnhem. 
In de periode tussen de beide wereldoorlogen wordt Christiaan Smeenk de belangrijkste man van de christelijke arbeidersbeweging in Nederland en een vooraanstaand lid van de (gereformeerde) Anti Revolutionaire Partij (A.R.P.). Gedurende zijn leven combineert hij tal van politieke en maatschappelijke functies. Zo is hij 30 jaar lid van de Tweede Kamer, 15 jaar lid van de Provinciale Staten van Gelderland, 10 jaar wethouder en bijna 50 jaar lid van de gemeenteraad van Arnhem en kan hij op het eind van zijn leven terugzien op een indrukwekkende staat van dienst als onder meer journalist, hoofdredacteur, schrijver van handboeken voor de arbeidersbeweging, vice-voorzitter van het C.N.V. (Christelijk Nationaal Vakverbond), voorzitter van Patrimonium en activist tegen drankmisbruik en vrouwenhandel.

  



1881       Op 24 april overlijdt op tragische wijze de 24-jarige leeftijd Willem Koch, zoon van de op Loowaard in Loo bij Duiven wonende Jan Willem Koch (1825 - 1913) en Wilhelmina Carolina Augusta Korten (1826 - 1913).
Willem, die na de Hoogere Burgerschool, de Politechnische school in Delft bezoekt en vervolgens zijn examen als civiel ingenieur heeft behaald, verongelukt bij station Elst, waar hij bij werkzaamheden aan de wissel door een locomotief wordt overreden.
   


J.W. Koch (omstreeks 1895), vader van Willem Koch

 

1881    Cornelia Maria van Wijnbergen, weduwe van Baron Alexander van Hugenpoth, bewoonster van het omstreeks 1652 door Walraaf van Steenhuys gebouwde Huis Aerdt, overlijdt. Door vererving wordt Huize Aerdt eigendom van Jonkheer Peter Alexander Ignatius de Kuijper.


Huize Aerdt in Herwen en Aerdt

1881    Doordat de prijzen voor tarwe, rogge en aardappelen substantieel gedaald zijn, hebben veel boeren de grootste moeite om het hoofd boven water te houden.  

1881     In Zevenaar wordt in de Wittenburgstraat een nieuwe brandweerkazerne in gebruik genomen. Het is de stalling voor de brandweerwagen en in de geventileerde toren worden de juten brandslangen gehangen om te drogen. De brandweerkazerne heeft als zodanig dienst gedaan tot 1944, waarna het vele jaren gebruikt is als opslagruimte voor marktkramen en later als scoutinggebouw. Het gebouwtje raakt steeds meer in verval, totdat het in 2011 volledig wordt gerestaureerd, waarna het dienst doet als kunstgalerij, waardoor de  markante slangentoren voor Zevenaar is behouden.   


Slangentoren aan het begin van de Zevenaarse Wittenburgstraat

 

1881     Op vrijdag 5 augustus overlijdt in Zevenaar op 84-jarige leeftijd Joannes Polman (1797 - 1881). Hij koopt in 1842 met zijn vrouw Johanna Banning (1798 - 1882) de "Foppengaard", Oude Steeg 2 te Zevenaar, waar ze tot hun dood blijven wonen. Joannes Polman en Johanna Banning zijn voorouders in rechte lijn (6 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.   


Bidprentje van Johannes Polman (1797 - 1881)

1882    In  Duiven wordt aan de Rijksweg, door de doortastendheid van hoofdonderwijzer P. Geubbels, een modern nieuw schoolgebouw geopend. Leerlingen van deze school zijn onder meer: Jan van Keulen (1876 - 1952) en Anna Jurrius (1876 - 1942), de betovergrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen.      

 

Marmeren steen in 1882 geplaatst met de tekst:
"H.J.H. Libourel, burgemeester van Duiven, heeft den eersten steen van dit gebouw gelegd den 22sten Julij 1882"
De heer P. Geubbels (1848 - 1937) wordt in 1876 in Duiven benoemd tot hoofdonderwijzer. Bij aankomst treft hij een vervallen schooltje aan met een schamele inboedel en vrijwel geen leermiddelen. Mede door de doortastendheid en goede contacten van Geubbels kan burgemeester Libourel op 22 juli 1882 de eerste steen leggen voor een nieuw schoolgebouw, dat ook landelijke aandacht krijgt als voorbeeld van moderne scholenbouw.
In 1892 neemt Geubbels ontslag als schoolhoofd en start in Duiven het "Instituut Geubbels", een kostschool voor jongens. De nieuwe hoofdonderwijzer wordt in 1892 de heer Gerrits, die op zijn beurt achtereenvolgens wordt opgevolgd door: Van der Ven, Beerling (of Beerlinck), Van Gemert en Scholten.

 

De lagere school in Duiven omstreeks 1925 met aan de rechterzijde het huis van hoofdonderwijzer Beerling. 

 

 

1882  Op vrijdag 24 maart overlijdt in Angerlo de van oorsprong Duitse tekenaar en kunstschilder Maximiliaan Leonard Kitzinger (1811 - 1882). Hij schilderde met name landschappen, vaak bij maanlicht.

 

 

                                                IJssel bij Angerlo 
(Maximiliaan L. Kitzinger)

 

 

1883     Jhr. Carel Jan Christiaan Hendrik van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1884), van 1871 tot zijn dood lid van de Tweede Kamer, wordt in 1883 lid van de belangrijke Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening. De in 1824 in Huize 't Hoek in Zevenaar geboren van Nispen is een van de eerste voormannen van de in zijn tijd achtergestelde Nederlandse katholieken. Hij overlijdt op donderdag 3 april 1884 en wordt op maandag 7 april in het familiegraf in Zevenaar begraven.

 
C.J.C.H. van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1884)
(Katholieke Illustratie 1883, houtgravure Walter)

1883    De aardappeloogst gaat voor het tweede achtereenvolgende jaar door wateroverlast verloren

1883    De Tweede Kamer neemt op 13 november 1883 met 40 tegen 10 stemmen een amendement aan, waardoor Didam niet Diedam, Doetinchem niet Deutichem, Wehl niet Weel en Hengelo niet Hengeloo gaan heten.

1884    In Zevenaar wordt in Huize Hoek geboren jhr. Antoine (Tanne) van Nispen tot Pannerden,  die in 1911, op 27-jarige leeftijd, benoemd wordt tot burgemeester van Didam en in 1920 tot burgemeester van Zevenaar, waar zijn grootvader in het midden van de 19e eeuw ook al burgemeester is geweest.

 
Huize 't Hoek in Zevenaar, het stamhuis van de familie Van Nispen tot Pannerden
Het pand 't Hoek staat op de hoek Arnhemseweg - Grietsestraat totdat het in de vroege ochtend van de laatste oorlogsdag, 3 april 1945, door terugtrekkende Duitsers op zinloze wijze volledig wordt verwoest. Op de plaats van dit pand bevindt zich in onze tijd het monument "de Vier Tamboers" op het Zevenaarse  Raadhuisplein.

1884   Oud-Zevenaar krijgt landelijke bekendheid door een geslaagd experiment van enige plaatselijke fruittelers, waarbij ze appels gedurende de  winter bewaren door ze in te kuilen.

1885    Spoorlijn Zevenaar - Doetinchem komt gereed. Op 1 juli 1885 wordt in Zevenaar een tweede station voor treinen Arnhem - Doetinchem geopend.

 

 

 

 

Het regionale station Zevenaar (lijn Zevenaar - Doetinchem - Winterswijk). Dit station, op 200 meter van het internationale station (lijn Zevenaar - Emmerik), wordt in 1970 afgebroken.

Nadat  het gebouw vanaf 1 juni 1918 niet meer als station dienst doet, wordt het verbouwd tot woonhuis voor drie gezinnen. Halverwege de 20e eeuw wonen er de families van Aalst, Keurentjes en Saalmink.

 

 


1885    Tussen 1878 en 1895 treft een enorme landbouwcrisis Europa. Dit is het gevolg van massale import van goedkope landbouwproducten uit de Verenigde Staten en Canada waardoor prijzen sterk dalen. Ook in de Liemers besluiten velen noodgedwongen naar het buitenland te vertrekken zoals naar het Duitse Ruhrgebied. Voor sommigen is dit vertrek tijdelijk, anderen vertrekken definitief waardoor we vanuit onze omgeving in Duitsland namen aantreffen als: Derksen, Derkzen, Heuveling, Peters, Sanders, De Kinkelder en Wieleman. Andere mensen zoeken heil in de Verenigde Staten en Canada zoals uit onze streek leden van de families Van Keulen, Polman, Koch en Sanders.

1885    Komst van de "blotevoetenpaters" in Babberich. Voor deze volgelingen van de Heilige Franciscus is in 1885 een klooster en kloosterkerk gebouwd. De katholieken mogen in deze kerk hun "zondagsplicht" vervullen, maar blijven formeel parochianen van de St. Martinusparochie in Oud-Zevenaar.
 


Klooster en kapel aan de Beekseweg komt gereed in 1885  

1886    In Lobith wordt in 1885 / 1886 de oude R.K. Kerk afgebroken. Op 5 juli 1886 wordt de eerste steen gelegd voor een nieuwe R.K. Kerk.


De oude R.K. Kerk in Lobith juist voor de afbraak. In 1886 wordt deze kerk vervangen door een nieuwe kerk (bouwmeester Alfred Tepe).


1886
    Een rampjaar voor veel boeren: Na een uitzonderlijk warme en droge voorzomer volgt een overvloed aan regen waardoor veel weilanden onder water komen en het vee opgestald moet worden. Veel boeren hebben onvoldoende mogelijkheden om de dieren bij te voeren. Tot overmaat van ramp treft de boeren een epidemie van mond- en klauwzeer.

1886    Met ingang van 1 oktober neemt De Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij (NRS) een heuse stoomtramdienst in exploitatie tussen Ede en Zevenaar. In 1903 wordt deze tramdienst weer opgeheven.      


Dienstregeling omstreeks 1891

1887    Op donderdag 17 maart 1887 brandt de korenmolen in Lobith volledig af. Een jaar later volgt herbouw maar op vrijdag 18 juli 1930 wordt de molen van de heer P. Sommerdijk wederom door brand verwoest.

 

 


 

1887    Op 7 april wordt in huize (cafe / boerderij) "Buitenlust" in Zevenaar geboren: Maria (Marie) Antonia Johanna Jansen (1887 - 1976), over-overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen.


Marie Jansen
    "Moetje 19 jaren"  (1906)

1887    In Giesbeek laat G. Winterink uit Drempt een molen bouwen.



De Giesbeekse molen (De Hoop)  omstreeks 2000

Na de bouw in 1887 blijft de molen 55 jaar in handen van de familie Winterink. In 1942 verkoopt de inmiddels 80-jarige Winterink de molen.
Tijdens de  Tweede Wereldoorlog loopt de molen veel schade op die omstreeks 1956 wordt hersteld. In 1979 koopt de gemeente Angerlo de molen, die vervolgens volledig wordt gerestaureerd met financiele steun van rijk, provincie en gemeente.  

1887    Kegelclub "De Lijmers" wordt opgericht. Op 22 februari 1904 krijgt de Kegelclub de Koninklijke goedkeuring.
Kegelclub "De Lijmers" in 1907 bij haar 20-jarig jubileum
V.l.n.r: staand:
Gerritsen, Janssen, Heijting, Uiterwijk, Van Ditshuizen en Derk Heijting
zittend:
L. Gerritsen, Joling, Bouwman, onbekend, A.de Groen, Jansen en H. Gerritsen

1887    De neogotische toren van de St. Andreaskerk in Zevenaar wordt gebouwd (architect: A. Tepe).

 

 

Op deze foto, uit het begin van de 20e eeuw, zal de neogotische toren van de St. Andreaskerk vermoedelijk ongeveer 25 jaar oud zijn. Aan de rechterzijde van de toren is het doelentorentje duidelijk zichtbaar.

 

1887    Op 11 december wordt Martin de Ras de nieuwe burgemeester van Pannerden. Hij blijft dit tot juli 1892 wanneer hij voor het kiesdistrict Maastricht in de Tweede Kamer der Staten Generaal wordt gekozen. Hij is een van de zeer weinige niet-Limburgers geweest die in een Limburgs district tot lid van de Tweede kamer is gekozen. Hij zal maar liefst 28 jaar Kamerlid  blijven.


M. (Martin) de Ras 
      (1847 - 1920)

1888    Fotografie wordt voor een breder publiek toegankelijk met de komst van de Kodak - camera met rolfilm: "You press the button, we do the rest".

 

Bernardus (Naadje) Jansen (1849 -  1914) en zijn vrouw Maria Theodora Berentzen (1849 - 1924), de over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen. Deze foto is gemaakt in de negentiger jaren van de 19e eeuw in een tijd dat "op de foto gaan" nog heel bijzonder is. Het echtpaar heeft cafe "Buitenlust" op 't Grieth in Zevenaar; wellicht is deze foto daar in de tuin genomen: Op de tafel is nog net het borrelglaasje zichtbaar.

 
 

    

1888    Omdat het kerkorgel in de R.K. kerk in Zevenaar het laat afweten zoekt koster Spaan (1854 - 1918) mensen met muzikale talenten. Het is in feite het ontstaan van de fanfare St. Caecilia, genoemd naar de beschermheilige van de muziek. De pastoor is ingenomen met het initiatief van zijn koster, waardoor de kerkdiensten met muziek opgeluisterd worden, maar waarschuwt wel dat de vereniging niet te "werelds" moet worden. In onze huidige tijd heet de fanfare "Stedelijke Muziekvereniging Zevenaar" en is het de oudste vereniging van Zevenaar.      

1889     De firma Misset te Doetinchem begint met het uitgeven van de Zevenaarsche Courant (tweemaal per week).

1889
     De scheepswerf van de gebroeders Bodewes gaat in Lobith-Tolkamer van start. In 1890 werken op deze werf al vijftig mannen en twaalf jongens; een jaar later negentig mannen en vijftien jongens.  

Lobith-Tolkamer kort na 1900  
Op de achtergrond (links) het douanekantoor, rechts de schoorsteen van de steenfabriek van Daams
 

1889    De paters Capucijnen uit Babberich beginnen met het geven van meditaties, predicaties en veertigurengebeden. Ze blijken in een grote behoefte tvoorzien, niet alleen voor de inwoners van Babberich maar ook ver daarbuiten.

 

 


Klooster van de paters Capucijnen in Babberich omstreeks 1930

1890    In Oud-Zevenaar wordt het schooltje, dat daar sinds mensenheugenis heeft gestaan bij de kerk en het oude kerkhof, gesloten.



Plattegrond van Oud-Zevenaar, omstreeks 1850

1:  Pastorie
2:  Armenhuis
3:  Cafe de Pelikaan
4:  School
5:  Kerkingang
Als het schooltje (nummer 4) in 1890 wordt gesloten, is het een van de laatste parochiescholen in Nederland. De onderwijskrachten worden tot dan betaald en benoemd door het kerkbestuur. Na de sluiting in 1890 gaat een deel van de kinderen naar school in Babberich en een ander deel in Zevenaar-stad. Door overbelasting van de school in Babberich wordt na enkele jaren de oude  school in Oud-Zevenaar weer geopend totdat op 10 oktober 1898 de nieuwe  gemeenteschool in Ooy wordt geopend.
In 1956 gaat de huidige Martinusschool aan de Martinusweg van start.

 

   

1890     Op 14 juni wordt in Zevenaar een brigade van de Koninklijke Marechaussee gevestigd. De huisvesting vindt plaats in een gehuurd pand aan de Wittenburgstraat 21.

Marechausse voor de kazerne aan de Wittenburgstraat
Op 1 januari 1922 zal de huur (f 900 per jaar = 410 euro) van het pand eindigen, nadat na de dood van de eigenaresse mevr. Hopma de erfgenamen het pand verkopen aan jhr. Louis van Nispen tot Sevenaer. De brigade blijft nog aan de Wittenburgstraat gevestigd, totdat in 1923 de nieuwe kazerne aan de Arnhemseweg 86 gereed komt.
In het pand aan de Wittenburgstraat zal in de tweede helft van de 20e eeuw stoffeerderei Kusters gevestigd zijn.   

1890    Omstreeks deze tijd beleeft de baksteenindustrie opnieuw een bloeiperiode. In de Liemers werken meer dan 1500 mensen in steenfabrieken; dit zijn overigens niet alleen mannen, maar ook vrouwen en kinderen.

1890    Rond 1890 doet de auto zijn intrede. Een van de eersten die in Zevenaar een auto heeft, is de chemicus / fabrikant Max von Gimborn. In 1910 bezit 1 op de 1.200 Nederlanders een auto; in de U.S.A. is dat dan reeds 1 op de 70 inwoners. Het zal in Nederland en ook in de Liemers  nog meer dan 75 jaar duren alvorens de meeste gezinnen over een auto beschikken.

 

Rondom 1900 is ook de fiets een vervoermiddel, waar je al erg trots op bent. Er zijn dan nog maar weinig Zevenaarders, die over een fiets beschikken. Artsen raden het fietsen door mensen ouder dan 40 jaar af. Bloothoofds fietsen wordt als ongepast gezien. 
Op deze foto Christiaan Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen)

 

 

   


Ook de auto is een vervoermiddel waar je halverwege de 20e eeuw nog graag voor op de foto gaat. 
Op deze foto de nieuwe (eerste) auto van Gerrit Polman (gemeentesecretaris Zevenaar) met naast hem zijn zus Mies van Keulen - Polman en zijn moeder Marie Polman-Jansen (over-overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen), voor hem zijn zus Christine Polman met daarnaast v.l.n.r. zijn neefjes Jan, Gerard en Willie van Keulen.

 

1890     De winter van 1890 / 1891 is uitzonderlijk streng. De decembermaand spant de kroon want sedert het begin van de temperatuurmetingen in 1706 is het alleen in december 1788 nog kouder geweest. Op 25 november 1890 gaat de wind uit het noordoosten waaien en dat is het begin van een langdurige strenge vorstperiode. De gemiddelde ijsdikte in sloten is in de loop van december ongeveer 65 cm, plaatselijk wordt zelfs een dikte van 70-80 cm bereikt. Mens en dier gaan gebukt onder extreme koude. Op 19 december vriest bij Elten een grensbeambte dood.

1890    In Zevenaar wordt aan de Arnhemseweg een nieuwe joodse begraafplaats aangelegd.

Joodse begraafplaats in Zevenaar, omstreeks 1970
Op nevenstaande foto zien we de vermaarde veekoopman Sally Gans. Wanneer deze in 1980 op 93-jarige leeftijd overlijdt is hij de voorlaatste, die op dit kerkhof begraven wordt. Zijn echtgenote mevrouw Netty Gans - Cohen zal de allerlaatste worden.    


1891
    Op 11 maart besluiten 101 Liemerse boeren (68 Didam, 19 Zeddam en 14 Wehl) tot de oprichting van een cooperatieve roomboterfabriek, waardoor Didam de primeur heeft van de allereerste cooperatieve roomboterfabriek buiten Friesland.  Het kapitaal wordt verkregen door uitgifte van aandelen van f 50,- (22,50 euro) aan ieder van de deelnemers. De fabriek is al snel een groot succes en omgevende plaatsen volgen: Doesburg 1892, Zevenaar 1893, Angerlo 1894 en Wehl 1894.

De Didamse roomboterfabriek, omstreeks 1900  


1891    De weg van Beek naar Loerbeek wordt met slak (sintels uit de tijd van de middeleeuwse ijzerindustrie) verhard. De weg wordt al snel "Slakweg" genoemd.


1891
    In Zeddam
wordt de oude tweebeukige katholieke kerk afgebroken en een nieuwe driebeukige gebouwd. 
Het enthousiasme voor de beleving van de katholieke geloofsovertuiging is in deze tijd zeer groot. Dit komt onder meer ook tot uiting in processies, feestvieringen en oprichting van R.K. verenigingen
.

 

 


1891    Meer dan een derde van de Nederlandse bevolking wordt getroffen door een influenza / griep pandemie. Ongeveer 4.500 mensen, veelal in de kracht van hun leven, gaan eraan te gronde. In de Liemers blijft het aantal dodelijke slachtoffers beperkt. Wel zijn er in o.a.  Angerlo opvallend veel sterfgevallen door longontsteking (8) mogelijk als gevolg van influenza. In Wehl sterven in 1892 vier mensen aan influenza en vijf door longontsteking.  

1891     De havezate Poelwijk in Oud-Zevenaar wordt afgebroken, waarmee een brok geschiedenis van meer dan vijfhonderd jaar verdwijnt. De havezate Poelwijk staat tot  1891 op de plaats, waar nu de boerderij van de familie Weenink staat; deze boerderij draagt ook de naam Poelwijk.

Links een beschilderde tegel van Huis Poelwijk door H. von Weiler tot Poelwijk
Rechts het Huis Poelwijk in 1890 kort voor de afbraak; op de voorgrond de in 1856 geopende spoorlijn Arnhem-Zevenaar-Emmerich


1892
    In juli wordt het eerste postkantoor in Zevenaar geopend in een pand aan de Kerkstraat hoek Kostschoollaan. Dit postkantoor doet als zodanig dienst tot 28 juni 1916, wanneer een nieuw postkantoor in gebruik wordt genomen, dat tot het begin van de 21e eeuw als zodanig dienst doet.

1892   De oorspronkelijk uit Friesland afkomstige Willem Okkes (1856 - 1916) koopt de veldovensteenfabriek, de Panoven, in Ooy. Okkes is een veelzijdig ondernemer, die patenten (bevoegdheden) bezit als o.a. koopman, timmerman, pannenbakker, metselaar en architect. In 1934 wordt J.F. Kruitwagen eigenaar van de steenfabriek, die op de Rijksmonumentenlijst staat als zijnde cultureel en industrieel erfgoed.     


 
De villa rechts aan de Oud-Zevenaarseweg wordt in 1903 gebouwd door steenfabrikant Okkes. In 1909 koopt notaris Feldbrugge het pand; in 1917 wordt het verkocht aan een zustercongregatie uit Texas en omstreeks 1930 wordt gemeentesecretaris Van der Heijden eigenaar. 
De afbeelding is van omstreeks 1915; geheel links zijn nog de quarantainebarakken te zien voor de zieken, die tijdens de Eerste Wereldoorlog van over de grens komen.

 

1892    Op 8 december overlijdt  Gradus Polman (over-over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) in Zevenaar-stad.

 Gradus Polman 
(1827 - 1892)
 
Gradus wordt in 1879 weduwnaar en sterft op donderdag 8 december 1892 op 65-jarige leeftijd aan de gevolgen van tongkanker.

 

1893    Zevenaar krijgt een stoomzuivelfabriek. Op 10 mei wordt de eerste steen gelegd. De eerste directeur is de Friese zuiveldeskundige J. van der Meulen, die een jaarloon verdient van 400 gulden (181 euro).

 

 

 

1893    Na meer dan een halve eeuw, van 1840 tot 1893 (!), R.K. pastoor te zijn geweest in Herwen en Aerdt overlijdt op vrijdag 7 juli pastoor H. Terwindt (1809 - 1893).



1893    In de zomer ontstaat ook landelijk commotie over het gedrag van de Didamse notaris mr. P. Kok. Zijn verblijfplaats is enige tijd onbekend en hij blijkt geld van Didammers in zijn beheer te hebben waarmee hij weinig succesvol heeft gespeculeerd. In november wordt hij bij koninklijk besluit ontslagen en vertrekt hij geheel berooid naar Valkenburg. 

                                                                                                                        
                    Notarishuis in Didam in periode 1882 -1950  

 

1893    Op donderdag 3 augustus wordt bij gelegenheid van het 60-jarig bestaan van de Zevenaarse synagoge een nieuwe Tora-rol ingewijd.

 

 

1894    In Zevenaar sterven 18 kinderen aan tyfus.  In hetzelfde jaar veroorzaakt een difterie-epidemie veel (jeugdige) slachtoffers in de Liemers. Voor het eerst wordt bij de behandeling van difterie met succes een antidifterieserum toegepast.

1894    In Ooy bij Zevenaar wordt in cafe "Van Uum" schuttersvereniging E.M.M. opgericht.

 

Cafe "Van Uum"  met daarnaast de schutterstent
Op 1 mei 1894 wordt in cafe "Van Uum" de plaatselijke schuttersvereniging E.M.M. opgericht. De bestuursleden van het eerste uur zijn: A. Hebben (voorzitter), H.W. van Uum (1e secretaris), A.J. Jeths (2e secretaris) en W.A. Florissen (penningmeester).
Tot omstreeks 1915 is "Van Uum" het vaste onderkomen van de Ooyse schutters. Daarna wordt gebruik gemaakt van een linnen tent, die gedurende de kermis aan de Slenterweg staat. In 1934 wordt door de schutters een nieuw schuttersgebouw gerealiseerd naast het kermisterrein.
Zaal "Van Uum" is voor de plaatselijke Ooyse gemeenschap vele decennia erg belangrijk totdat het in 1968 door brand verwoest wordt.
 

 
       
       

1894    Zevenaar is in 1894 de vijfde plaats in Gelderland (na Arnhem, Nijmegen, Apeldoorn en Zutphen) waar zich een tandmeester vestigt. Het is de uit Kleef afkomstige Friedrich Nagel, die zich van de in deze tijd modieuze titel "tandarts" bedient.   

1894    In 1894 valt het besluit dat de IJsselbrug voor treinen over de IJssel bij Westervoort wordt vervangen. Na de opening van de in 1855 geopende (eerste) draaibrug, ontstaan al snel problemen. Zo veroorzaakt de doorvoer van ijsschotsen in strenge winters grote problemen. Ook is de brug een obstakel voor zowel treinen als schepen. De nieuw te bouwen brug komt aanzienlijk hoger te liggen, waardoor scheepvaart- en treinverkeer niet langer hinder van elkaar ondervinden. Hierdoor is wel de aanleg van een spoordijk noodzakelijk. In de loop van 1895 wordt begonnen met de bouw van de nieuwe brug, die op vrijdag 5 april 1901 officieel wordt geopend. 







Doordat de oude IJsselbrug uit 1855 wordt vervangen door een veel hoger gelegen brug moet een spoordijk worden aangelegd. Deze loopt dwars door Westervoort.  Via de in 1901 gereedgekomen spoortunnel zijn beide delen van Westervoort met elkaar verbonden. Op bovenstaande afbeelding uit 1901 zijn de oude spoorlijn en spoorwegovergang nog niet afgebroken

1895    Het jaar van de ontdekking van de film. In 1913 wordt in 's-Heerenberg de eerste bioscoop in Oost-Gelderland geopend onder de naam "1e 's-Heerenbergsche Bioscoop-Theater". In 1915 opent aan het Arnhems Nieuwe Plein (nu Willemsplein) het splinternieuw Luxortheater. 
Omstreeks 1920 is de danszaal van C.J. Polman aan het Zevenaarse Grieth enige tijd als bioscoop ingericht. In het midden van de vijftiger jaren van de 20e eeuw wordt in Zevenaar een nieuwe bioscoop geopend het "Astra-theater" naast hotel de Leeuw. Enige decennia later moet dit theater sluiten door tegenvallende bezoekersaantallen door de populariteit van de televisie.   

1895    Op woensdag 20 maart ontploft op de Rijn bij Griethausen/Tolkamer/Spijk het dynamiet-schip Reimer. Bij deze vreselijke ramp vallen 13 doden. Ook de materiele schade is tot in de zeer verre omgeving enorm; onder meer in Spijk en Elten zijn huizen verwoest. In Tolkamer, Lobith, Elten 's-Heerenberg en Emmerich zijn enorm veel ruiten gesneuveld. De ramp maakt een enorme indruk en is geruime tijd in het nieuws.



Het dynamietschip Reimer gefotografeerd kort voor de ramp op 20 maart 1895

Op de achtergrond nog net zichtbaar Eltenberg
 

Bij lage waterstand zijn in 2005 op de Rijn nog de resten zichtbaar van het in 1895 ontplofte dynamietschip Reimer

Na de ontploffing op 20 maart 1895 komen zelfs vanuit Heerlen, Tietjerk (Friesland) en M.Gladbach berichten omtrent "den gevoelden schok'.
Het dynamiet in het schip, totaal 100.000 kg, is afkomstig van de kruitfabriek Porz in Keulen en is bestemd om vervoerd te worden naar de haven van Antwerpen. Van daaruit zou het transport verder gaan naar de goudmijnen in Zuid-Afrika.

De Gelderlander van 25 maart 1895 bericht dat: "Het algemeen gevoelen is dat niet onvoorzichtigheid, maar verregaande roekeloosheid de oorzaak is van de dynamiet-catastrophe. Er is met de kisten omgesprongen, alsof het steenen waren." Gebleken is bovendien dat er op het kruitschip een kolenkachel gestookt werd.
 


1895
    De gemeenteraad van Herwen en Aerdt ziet de fiets als een gevaar op de weg waartegen maatregelen overwogen moeten worden.

 

Christiaan Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen),
omstreeks 1900

De fiets is in die tijd nog een uitzonderlijk vervoermiddel en de gemeenteraad van Herwen en Aerdt is in 1895 voornemens maatregelen te treffen tegen het gevaar dat de fiets op de weg veroorzaakt.
Ook wordt in de begintijd van de fiets, voor 1900, fietsen door menigeen zelfs gezien als een losbandige bezigheid. 
 


1895  
 Vanaf het eind van de 19e eeuw vinden ook in de landbouw in de Liemers belangrijke veranderingen plaats als gevolg van technische uitvindingen, de komst van kunstmeststoffen en het ontstaan van cooperatieve verenigingen.  

1895     Louis van Nispen wordt gekozen in de Zevenaarse gemeenteraad. Gedurende een periode van meer dan veertig jaar tot 1939 blijft hij een markant raadslid. In de Liemerse samenleving aan het eind van de 19e eeuw en de eerste helft van de 20e eeuw neemt Louis van Nispen een zeer bijzondere plaats in. Evenals zijn vader Rafael (A.J.B.M.) van Nispen (1803 - 1885) speelt hij een belangrijke rol bij de emancipatie van het in deze tijd achtergestelde katholieke volksdeel.  

1896    Buschhammer verkoopt zijn woning, Huis Rijck in Zevenaar, dat nu nog naast de Turmac / gemeentehuis staat, aan notaris Hazewinkel, die er tot zijn dood, op 106-jarige leeftijd in 1970, blijft wonen. Daarna neemt de Turmac het pand vele jarenin gebruik als kantoor.

1896     Op vrijdag 15 mei 1896 wordt de eerste steen gelegd van het Sint Albertusgebouw, een gasthuis voor bejaarden, in Didam
In 1908 wordt aan de zuidzijde een ziekenhuis aangebouwd. In 1924 wordt aan de achterzijde een nieuw verpleeghuis voor bejaarden gebouwd en wordt het voorste gedeelte geheel als ziekenhuis ingericht. In 1928 wordt aan de noordzijde een kapel voor de zusters gebouwd. Het ziekenhuis in Didam blijft tot 1966 in gebruik. In de periode 1908 tot 1966 beschikken de Didammers over een eigen ziekenhuis.
 

 

De Sint Albertusstichting in Didam aan het begin van de 20e eeuw

1896    Op woensdag 3 juni wordt Arend Aleven (1796 - 1898) uit Groessen op 99-jarige leeftijd herkozen als heemraad van het polderdistrict de Lijmers. Zover bekend is hij dan het oudste lid van een besturend college in Nederland. Hij heeft een zeer goed oordeel over zaken en is nog goed gezond.

 

1896    Op woensdag 1 juli 1896 vinden in de gemeente Duiven gebeurtenissen plaats die ook in de landelijke pers veel aandacht krijgen. Nadat de heer Van Rijn, hoofd van de openbare school in Loo, die ochtend gewoon les heeft gegeven ontvangt hij omstreeks het middaguur bericht dat in een ingelaste gemeenteraadszitting besloten is hem per direct niet eervol te ontslaan. Het schoolhoofd gaat vervolgens naar het gemeentehuis en vraagt de burgemeester nadere informatie. Laatstgenoemde bevestigt het ontslag maar weigert de reden van het ontslag te noemen. Nog dezelfde dag wordt de school door de burgemeester, die vergezeld is van de veldwachter, gesloten. Gedeputeerde Staten maakt het ontslag van Van Rijn echter ongedaan. De ouders houden vervolgens hun kinderen (ongeveer 100) thuis, waarna hij in 1898 alsnog eervol wordt ontslagen door gebrek aan leerlingen. Van Rijn vertrekt naar Transvaal en gaat over tot de Nederlands Hervormde Kerk.

 

1896    Met de benoeming van burgemeester Thijssen krijgt Westervoort de eerste katholiek als hoofd van de gemeente.

1897    Op 6 januari vestigt zich notaris J.H.O. (Onno) Hazewinkel (1860 - 1964) in Zevenaar in het pand Huis Rijck. Hij zal in Zevenaar het ambt van notaris een halve eeuw vervullen. Als hij in 1946 op 86-jarige leeftijd met pensioen gaat, blijft hij tot zijn dood op 18  augustus 1964 een vertrouwde persoonlijkheid die men vaak wandelend in de (verre) omgeving kan tegenkomen. 

 

 

Op deze foto, uit het begin van de 20e eeuw, zien we geheel rechts Huize Rijck, waarin notaris Hazewinkel gedurende een halve eeuw zijn notarispraktijk uitoefent en waarin hij bovendien meer dan 65 jaar, tot zijn dood in 1964, woont.
Op de achtergrond is nog heel vaag de toren van de Andreaskerk te zien.

 

 

1897    Op 10 mei wordt het treinstation Babberich geopend.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Spoorwegwachtershuisje in Babberich, omstreeks 1965
Hoewel Babberich het laatste Nederlandse treinstation voor de grens is, blijven de douaneformaliteiten na 1897 gewoon in Zevenaar afgehandeld worden. Ongeveer 35 jaar later, op 22 mei 1932, wordt het station Babberich gesloten.
 

 

1897  Angerlo is in 1897 de allereerste Liemerse gemeente waar een wijkverpleegkundige werkzaam is.

 

                                               


                                                   Angerlo, kerk en pastorie omstreeks1900
 

 

1897   In  Didam wordt de eerste Boerenleenbank in Gelderland (en een van de eerste in Nederland) opgericht. Jan ter Laak, zoon van Jacobus ter Laak, molenaar van de St. Martinusmolen, wordt de eerste kassier.

1897    In 's-Heerenberg wordt de R.K. Pancratiuskerk ingewijd.



Interieur van de R.K. Pancratius in 's-Heerenberg
De kerk is gebouwd in 1895 - 1897 naar een ontwerp van de bouwmeester Afred Tepe. Het meubilair en de kruiswegstaties komen uit de ateliers van W. Mengelberg. In de toren hangen de drie klokken, die in 1496 door Geert van Wou zijn gegoten. In het kerkgebouw boven het priesterkoor hangt een kruis dat in de volksmond het botterkruus (boterkruis) wordt genoemd, omdat het is geschonken door iemand, die erg rijk van de botersmokkel is geworden.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn de pastoor van de Pancratiuskerk (Galama) en de kapelaan (Van Rooyen) in het concentratiekamp Dachau vermoord. Uit respect en ter nagedachtenis zijn er na de Tweede Wereldoorlog enkele glas-in-lood ramen over hun deportatie en moord in de kerk aangebracht

 

 

 


 

 

 

 

1898   Franciscus Gilsing (1868-1942) start in de Spoorstraat in Didam een kleermakerij, die in latere jaren met (klein)kinderen uitgroeit tot een textielwarenhuis met ook vestigingen in Lichtenvoorde (1923), Gendringen (1928), Doetinchem (1933), 's-Heerenberg (1938), Emmeloord (1953) en Terborg (1958). Ruim honderd jaar, tot het begin van de 21e eeuw, blijft Gilsing in Didam als herenmodezaak in handen van nakomelingen van Franciscus Gilsing.                                   .


Winkel Gilsing in de Didamse Spoorstraat
(begin 20e eeuw)

1898    Aan de Slenterweg in Ooy wordt op 10 oktober de openbare school III (derde lagere school in gemeente Zevenaar), genaamd Koningin Wilhelminaschool , in gebruik genomen. In 1923 wordt deze school overgedragen aan het parochiebestuur van Oud-Zevenaar en wordt het een R.K. school. In 1956 verhuist deze school van de Slenterweg naar een nieuw gebouw (hoofd der school de heer Jorna) aan de Martinusweg in Oud-Zevenaar. In het oude schoolgebouw komt de Lagere Landbouwschool, die in 1973 sluit, waarna het gebouw in gebruik wordt genomen door Scouting Zevenaar.

1898    Op dinsdag 22 november viert Arend Aleven uit Groessen zijn 102e geboortedag. De in 1796 geboren Aleven behoort tot de oudste inwoners van Nederland, waarmee hij het aloude geloof, dat de Liemers tot de gezondste streken van Nederland behoort, eer aan doet. Hoewel de gezondheid van Aleven nog redelijk is, zijn gehoor is in tegenstelling tot zijn gezichtsvermogen goed, zal het zijn laatste verjaardag zijn, want vijf maanden later, in april 1899, overlijdt hij.

1899    In Groessen overlijdt op 102-jarige leeftijd Arend Aleven (1796 - 1899). Hij behoort dan tot de oudste inwoners van Nederland, waarmee hij het aloude geloof, dat de Liemers tot de gezondste streken van Nederland behoort, eer aan doet. Nog in 1896 is Aleven gekozen als heemraad van het polderdistrict De Lijmers, waarmee hij het oudste lid van een besturend college in Nederland is. Tot zijn overlijden is hij geestelijk zeer vitaal gebleven .

 

1899    Bernard  (Naadje) Jansen (1849 - 1914), over- over- overgrootvader van Sam, Simon en Sjef doet zijn intrede in de gemeenteraad van Zevenaar.

 

 

Bernard Jansen (1849 - 1914)

Lid van de Zevenaarse gemeenteraad van 1899 tot 1911

1899    De Zevenaarse gemeentesecretaris J. de Werd gaat, na een dienstverband van bijna 49 jaar, op 82-jarige leeftijd met pensioen. De Werd woont tot zijn dood in een groot huis aan de Didamse poort en de stadsgracht.

1899    De eerste pastoor van Westervoort Joannes (Jan) Theodorus Vaalman sterft op 21 november.

Bidprentje van pastoor Vaalman
(bron: Joos van Oppenraaij)
Pastoor Jan Vaalman (1816 - 1899)  is gedurende een periode van bijna vijftig jaar (1851 - 1899)  pastoor in Westervoort, wanneer hij op 7 april 1899 overlijdt op 82- jarige leeftijd.
 

 


1899
    In Lobith richten scheepsbouwer G.H. Bodewes, steenfabrikant Th. G.J. Daams en aannnemer G.H. van Hezewijk de "Lobithse Stoombootmaatschappij" op, die een vaste stoombootverbinding gaat onderhouden tussen Lobith / Tolkamer en Arnhem en Nijmegen. 

Tolkamer (1908)
Geheel links het douanekantoor en daarnaast de villa (met torentje) van Daams, medeoprichter van de "Lobithse Stoombootmaatschappij"

 

Klik hier voor het vervolg

tijdsbalk vanaf 1900