DE GESCHIEDENIS VAN ANGERLO IN JAARTALLEN

Angerlo is vele eeuwen een kerspel (kerkgemeente) van Doesburg geweest. De Nederlands Hervormde (nu: P.K.N.) Kerk in de Dorpsstraat in Angerlo behoort tot de oudste kerken van Nederland. Het romaans turfstenen schip is omstreeks 1100 gebouwd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog (1945) wordt de kerk ernstig beschadigd maar wordt omstreeks 1950 gerestaureerd.
Omstreeks 1500 heeft Angerlo ongeveer 350 inwoners verdeeld over 90 huishoudens. In 1811 wordt Angerlo een zelfstandige gemeente los van Doesburg. Bijna tweehonderd jaar later op 1 januari 2005 wordt Angerlo samengevoegd bij de gemeente Zevenaar

  Nederlands Hervormde (P.K.N.) Kerk aan de Dorpsstraat in Angerlo  

600      Omstreeks deze tijd ontstaat een spontane aftakking van de Rijn ergens in de buurt van Arnhem, die in de nieuwe loop steeds meer Rijnwater afvoert en bevaarbaar wordt. Rond ongeveer 950 ligt er dan een rivier, de IJssel, van een omvang zoals als wij die nu kennen.  

697     De H. Willibrord (een later heilig verklaarde Engelse monnik) bouwt de Martini-kerk in Emmerik (Emmerich). Van Willibrord is bekend dat hij een groot respect voor de Frankische heilige Maarten (Martinus) heeft. Kerken in Utrecht en Emmerich zijn door hem naar deze heilige genoemd. Ook de kerk in Lathum / Giesbeek / Angerlo is naar Martinus genoemd. Opvallend is dat ook veel andere kerken en/of parochies in de Liemers de naam St. Maarten of St. Martinus dragen, namelijk die van Oud-Zevenaar, Elten, Didam, Doesburg, Herwen, Aerdt en Pannerden.

800     De verspreiding van het Christelijk geloof over de Liemers vindt plaats. In Angerlo staat een eenschepig, torenloos kerkje.

970     Bingerden wordt voor het eerst beschreven als een versterkte boerderij met gracht als bezit van de graven van Hamaland, die bescherming bieden tegen eventuele aanvallen vanaf de IJssel.


Bingerden, omstreeks 1800
(tekenaar onbekend)

1000    In het Liemerse land zijn nederzettingen maar nog geen dijken. De rivieren en stroompjes treden voortdurend buiten hun oevers maar echt hoge waterstanden komen vrijwel nooit voor, omdat het water zich door het ontbreken van dijken vrijelijk kan verspreiden.

1026    Angerlo wordt als dorp vermeld. Het is zeker ouder dan Doesburg dat pas in 1060 voor het eerst wordt vermeld.

1060    Doesburg wordt voor het eerst vermeld.

1150    Halverwege de 12e eeuw wordt in het Liemerse land een begin gemaakt met de aanleg van dijken. Het zijn lage "zomerdijken" om het zomerwater te keren. Ruim honderd jaar later komen in de "Lijermersch" de eerste winterdijken.

1245     Huis te Lathum wordt voor het eerst in documenten genoemd.


Huis te Lathum, omstreeks 1750

1256     In de buurschap Angerlo is het kasteel Kell een voornaam hof. Het is een Eltens leen. Bernard en Johan van Kel worden in 1256 vermeld als dienstmannen van Elten. In de strijd tussen Gelre en Bourgondie wordt het kasteel in 1495 verwoest door soldaten van graaf Jan van Egmond van Bahr. Het kasteel wordt herbouwd maar tijdens de Tachtigjarige Oorlog wordt Kell opnieuw verwoest en niet meer herbouwd. In onze huidige tijd herinnert slechts een muurrestant aan het kasteel Kell.


Muurrestant Kell

1290    Aan het eind van de dertiende eeuw is Doesburg verreweg het belangrijkste centrum in onze regio. De gehele Liemers tot aan Emmerik alsmede ook Doetinchem ressorteren onder het ambt Doesburg.

1336    Bingerden wordt vermeld als leengoed van de aartsbisschop van Keulen. Leenman is omstreeks deze tijd Gumpar van Bingerden..

1339    Gelre, waartoe ook Angerlo in deze tijd behoort, wordt door de keizer van Beieren tot hertogdom verheven. Het is een zeer groot en belangrijk hertogdom. Het omvat naast de huidige provincie Gelderland, grote delen van de huidige provincie Limburg (met onder meer Venlo, Venray en Roermond) en delen van het huidige Noord-Rijnland-Westfalen met onder meer het stadje Geldern, waarnaar het hertogdom Gelre en de latere provincie Gelderland zijn genoemd. Het hertogdom Kleve vormt een wig tussen de Noordelijke en de Zuidelijke delen van Gelre. De zelfstandigheid van Gelre eindigt in 1543.

    Het hertogdom Gelre omvat omstreeks 1350:
1. Het Kwartier van Nijmegen (huidige Betuwe)
2. Het Kwartier van de Veluwe (ook genoemd het Kwartier van Arnhem)
3. Het Kwartier van Zutphen (de huidige Achterhoek en Liemers)
4. Het Kwartier van Roermond (het huidige Limburg en delen van Noord-Rijnland-Westfalen) 

 





1354
     Bij het neerslaan van een boerenopstand op de Veluwe sneuvelt de Heer van Baar.

 

 

 

 


     
   Kasteel Baar (17e eeuw)

1378    Hendrik van Wyle is bezitter van het landgoed Wyle, dat in latere jaren de naam Wielbergen krijgt. De naam wijst mogelijk op een dijkdoorbraak. In onze tijd is Wielbergen gelegen langs de IJsseldijk in de voormalige gemeente Angerlo tussen Doesburg en Westervoort.

1392    Angerlo wordt als gerichtsplaats in het landdrostambt Gelre genoemd en moet dus al een eigen rechtspraak hebben gekend.

1406    Jan van Bingerden wordt namens de aartsbisschop van Keulen in het bezit gesteld van het Keulse leengoed Bingerden.

1421    De vermaarde St.Elizabethsvloed van 19 december 1421 veroorzaakt ook schade in de Liemers. Op 20 december breekt bij Emmerik de Rijndijk door, waardoor een omvangrijk gebied overstroomt. Een groot deel van het water baant zich een weg via 's Heerenberg en Doesburg naar de IJssel.

1465    In 1465 beginnen de Gelderse oorlogen, die bijna tachtig jaar tot 1543 duren. In deze periode wordt ook de Liemers regelmatig geteisterd door oorlogsgeweld zoals in 1495 wanneer na een beleg, dat duurt van Goede Vrijdag tot Hemelvaart (6 weken lang) het, uit de 11e eeuw stammende, roemruchte kasteel Baar volledig wordt verwoest.        

1473    De hertog van Kleef verkrijgt het kerspel Angerlo als waardering voor de hulp die geboden is aan de Bourgondier Karel den Stoute bij de onderwerping van Gelder. In latere jaren moet Kleef het bezit van Angerlo echter weer afstaan.

1478    Lambert Snoye is "richter van Weel" (Wehl) dat in deze tijd met het kerspel Angerlo een afzonderlijk rechtsdistrict vormt.

1486     Na een strenge winter met veel sneeuw komt het Angerlose Broek onder water te staan.

1487     In Doesburg wordt begonnen met de bouw van de Martinikerk.

1491     Begin februari breekt de Rijndijk tussen Emmerik (Emmerich) en Rees door. Het gevolg is dat een groot gebied tot aan Doesburg onder water komt te staan.

1492    Columbus maakt tijdens zijn ontdekkingsreizen naar Amerika melding van een geurig kruid, "tabaco" genoemd, dat door inlanders in brand wordt gestoken en waarvan de rook wordt geinhaleerd. Eeuwen later zal deze tabak vooral voor de Liemers bijzonder belangrijk blijken: Vooral in de 17e, 18e en 19e eeuw voor de tabaksteelt in de Liemers en in de 20e eeuw voor de tabaksindustrie in Zevenaar (Turmac, Britisch American Tobacco).





1495
     Het slot Kell in Angerlo wordt verwoest door troepen van de Graaf van Egmond, bondgenoot van de Bourgondische vorst Maximiliaan van Oostenrijk. Karel van Gelre slaat echter hard terug en laat uit wraak kasteel Baar (Baer) tot de grond toe slopen. In tegenstelling tot kasteel Kell wordt kasteer Baar nooit meer opgebouwd.

 

 

 

 


        

1495    Na een beleg, dat duurt van Goede Vrijdag tot Hemelvaart (6 weken lang), vindt de verovering plaats van kasteel Baar en volgt de volledige ondergang van deze uit de 11e eeuw stammende burcht aan de IJssel, de oorspronkelijke stamzetel van de heren van Baar.

   
Het eens zo roemrijke kasteel / burcht Baar volgens een 17e eeuwse tekening

1497    Johan Momm laat zijn in 1495 door troepen van de Graaf van Egmond verwoeste huis Kell in Angerlo weer opbouwen. Enkele jaren later in 1501 sterft hij en wordt het huis beleend door Johan van Eemden, leenheer van de havezate Oud-Kell.    

1500    Angerlo telt ongeveer 350 inwoners verdeeld over 90 huishoudens.    

1503    Ook voor de inwoners van Angerlo is de zinderend hete en intens droge zomer een ware beproeving.

1517    Maarten Luther slaat zijn 95 stellingen aan de deur van de slotkerk in Wittenberg.

1521    Van november 1521 tot april 1522 bestaat er ernstige wateroverlast.

1526     Begin maart komen landerijen rondom Doesburg onder water te staan.    

1533     In juni is er een overstroming waardoor veel gewassen verloren gaan en grote armoede het gevolg is.

1557    
De vermaarde cartograaf Christiaan sGrooten, geograaf van de Spaanse koning Philips II, brengt het gewest Gelderland in kaart.

Een tweetal details uit de kaart van Christiaan sGrooten betreffende de omgeving van Angelre (Angerlo)
De oorspronkelijke naam van Angerlo is Angelre, hetgeen is afgeleid van Angelrode. Angelrode betekent ontgonnen land van de Angelen. Angelen zijn de nazaten van een Deense koning, die omstreeks 665 voor Christus heerst in Zuid Denemarken. 

In de omgeving van Angerlo zien we o.a. Ellecom, Middachten, Dieren Bingerden en Doesborg.

1567    De algemene oproer bekend geworden als de Beeldenstorm gaat volledig aan de Liemers voorbij.

1568    Begin van de Tachtigjarige Oorlog. De strijd tussen Spaanse en Staatse troepen brengt de bevolking in de Liemers regelmatig tot wanhoop.  

De staatkundige indeling van de Liemers en de omgevende gebieden in de 16e eeuw
Geel: Kleefs gebied   Groen: Gelders / Staats gebied   Licht Groen: Berghs gebied   Wit: zelfstandig gebied 

1570     De periode 1570 tot 1600 is in de Liemers (en Achterhoek) een uiterst onrustige tijd. De bevolking is wanhopig door rondtrekkende plunderende troepen: De ene keer Staatse en de andere keer Spaanse troepen en daar tussendoor rondtrekkende muitende bendes. Verwoeste huizen en kerken, onbebouwde akkers, plundering, doodslag, zware maandelijkse oorlogscontributies en roof van hele veestapels zijn aan de orde van de dag.

Plundering van een dorp geschilderd door Pieter Molijn (Frans Halsmuseum, Haarlem)
Vooral tijdens de eerste helft van de Tachtigjarige Oorlog gaat de bevolking van Liemers en Achterhoek regelmatig gebukt onder de wreedheden en plunderingen van Hollandse en Spaanse soldaten. 

1571    Bij alle oorlogsellende van de Tachtigjarige Oorlog worden de inwoners van onze omgeving ook nog geconfronteerd met een enorme wateroverlast.

1572    Ook in 1572 en 1573 is sprake van een enorme wateroverlast. Vanuit Doesburg moet het verkeer van Dieren en Lathum met schuiten plaatsvinden.

1573    Reeds eind oktober begint in de Liemers een lange zeer strenge winter, waarin vrijwel alle wintervoorraden verloren gaan met grote tekorten en honger tot gevolg.

1580     De gereformeerden van Doesburg klagen bij stadhouder Jan van Nassau dat de boeren in Angerlo niet in de kerk te krijgen zijn.

1584
    Op 26 januari vindt in de avonduren een dijkdoorbraak plaats bij de Oliemolen van Leuven / Leuffen (buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groessen). Het betreft de oudst bekende melding van een dijkdoorbraak in de Liemers.

1589    Als gevolg van oorlogsgeweld is er in Angerlo geen enkel huis meer dat niet verwoest is. Veel bewoners zijn gevlucht en de leefomstandigheden zijn uiterst miserabel.

1595    Bij alle oorlogsellende van de Tachtigjarige Oorlog worden de inwoners van onze omgeving opnieuw geconfronteerd met een enorme wateroverlast.

1608    Een ontstellend koude winter zorgt voor grote problemen. In januari en februari vriest het zo hard dat zelfs de oudste mensen zich niet kunnen herinneren dit ooit eerder te hebben meegemaakt.

1610     Op vrijdag 22 januari wordt onze regio getroffen door een zware storm. Bij Rees breekt de dijk door. Veel land staat onder water

1629    Warner ter Kuijss, die vanaf 1610 koster en schoolmeester in Angerlo is geweest vetrekt naar Drempt. Hij wordt opgevolgd door Jan van Varsevelt, die op zijn beurt in 1634 wordt opgevolgd door Peter Gerbrands. Directe afstammelingen van laatstgenoemde blijven gedurende meer dan drie eeuwen lang van vader op zoon het dorpsonderwijs in Angerlo verzorgen.

1634    Peter Gerbrands wordt koster en schoolmeester in Angerlo. Directe afstammelingen van hem blijven gedurende meer dan drie (!) eeuwen van vader op zoon het dorpsonderwijs in Angerlo verzorgen. In 1666 wordt Peter Gerbrands opgevolgd door zijn zoon Gerbrand Peters, wiens zoon Peter Gerbrands op zijn beurt in 1683 de taken van zijn vader overneemt.

1635    Na geleden te hebben onder de koude van een zeer strenge winter vindt bij Loo in februari een dijkdoorbraak plaats waardoor de bevolking geteisterd wordt door de gevolgen van een zware overstroming. Vanuit Doesburg vaart men met aken naar Angerlo om mensen van brood te voorzien.

1636    Pestepidemie treft o.a. Zevenaar. "Godt de Heere besocht meer als die helfte der burgerie met die pest".


Zevenaar en omgeving in 1646 volgens Johannes Janssonius
. Merk op dat zuid boven, noord onder, oost links en west rechts is getekend en dat o.a. Angerlo en Laetem zijn vermeld.
.

 


 






1642
    In Doesburg komt in 1642 voor het eerst een schipbrug over de IJssel. Deze brug gaat in 1672 verloren en het duurt daarna een halve eeuw tot 1722 wanneer voor de tweede keer een schipbrug wordt aangebracht.

 

 

 

 

      

1650    Herberg 't Rondhemd in Angerlo wordt gebouwd. Het is buitendijks gelegen aan de weg van Doesburg naar Westervoort. Omstreeks 1695 wordt het omgedoopt in 't Wapen van Bingerden en een eeuw later wordt het verbouwd tot de statige boerenhofstede zoals we die in onze huidige tijd kennen. Een gedeelte van het gebouw is in 1811 ingericht als "maison de la commune" (gemeentehuis). Omstreeks 1845 verhuist het gemeentehuis naar de aan de andere kant van de dijk gelegen "Klein Bingerden", waarin ook de tapperij van 't Wapen van Bingerden is gevestigd.

1651    Na een periode van intense koude valt in de tweede week van januari de dooi in, die gepaard gaat met hevige regen en sneeuw. Als gevolg hiervan is onder meer in Angerlo een ongekende wateroverlast.





1654
    Op de kaart van Slichtenhorst wordt Huize Kell in Angerlo als adelijk huis vermeld.

 

 

 

 


        

(




1662
     Herman Pabst, een verre voorouder van de eigenaar in onze huidige tijd, koopt Huis Bingerden in Angerlo.

 

                                                Huis Bingerden, voorzijde1915
 foto C. Steenbergh

 

1672    In het voorjaar vinden onderwaterzettingen plaats om de naderende Franse troepen tegen te houden. Deze inundaties, die plaatsvinden op last van Willem III prins van Oranje, veroorzaken veel schade; zo komen heel Angerlo en het Angerlose Broek onder water. Niettemin komt zonder slag of stoot Doesburg op11 juni in Franse handen.

1682    Ernstige wateroverlast in de Liemers.

1683    Peter Gerbrands volgt zijn vader op als koster en schoolmeester in Angerlo. Hij blijft bijna 60 (!) jaar in functie tot 1741, in welk jaar wegens ouderdom en "swakheijt van memorie" zijn taken worden overgenomen door zijn zoon Harmen Gerbrands.

1684    De winter van 1683 - 1684 verloopt ontstellend koud. Zelfs de oude mensen in Angerlo kunnen zich niet herinneren zo'n extreem koude winter ooit eerder meegemaakt te hebben. De koude valt ver voor kerstmis 1683 in en duurt tot medio februari 1684. De rivieren vriezen volledig dicht en ijsdikten tot twee Rijnlandse voeten (63 cm) worden gemeten. De winter zorgt voor veel overlast. 

1695     De eerste maanden van 1695 wordt de bevolking in extreme mate gekweld door de gevolgen van hoog water en geweldige ijsgang.

1709    Zeer strenge winter vanaf Driekoningen (6 januari); veel vee doodgevroren.

1714    Veepest veroorzaakt in de Liemers de dood van veel runderen en grote armoede onder de bevolking.





1722
    Doesburg krijgt voor de tweede maal in de geschiedenis een schipbrug over de IJssel. Nadat de eerste schipbrug uit 1642 in 1672 verloren is gegaan heeft het een halve eeuw geduurd tot 1722 alvorens Doesburg weer de beschikking heeft over een dergelijke oeververbinding.

 

 

 

 

      

1739    Onophoudelijke regen, hagel en sneeuw maken dat de Liemers in april een grote watervlakte is. Het winterkoren gaat verloren en voor mens en dier is er een groot tekort aan voedsel.

1740    De winter van 1740 is zeer koud. Na een relatief zachte december 1739 wordt januari 1740 extreem koud. In de periode van zaterdag 9 tot en met dinsdag 12 januari wordt het zelfs overdag in Angerlo niet warmer dan 10 graden onder nul. De barre winter wordt gevolgd door een extreem koud voorjaar. Door armoede hebben veel huizen nauwelijks of geen verwarming. Op zaterdag 7 mei sneeuwt het nog. Ook de zomer verloopt zeer koud waardoor de oogsten volledig mislukken. Het duurt jaren voordat men het rampzalige jaar 1740 te boven is.

1741   Na bijna 60 jaar, vanaf 1683, koster en schoolmeester in Angerlo te zijn geweest, worden de werkzaamheden van  Peter Gerbrands wegens ouderdom en "swakheijt van memorie" overgenomen door zijn zoon Harmen Gerbrands.




1742
     In Westervoort wordt fort "Geldsoord" met een inundatiesluis aangelegd. Het betreft een verdedigingswerk waarbij een gebied tussen Westervoort en Doesburg, waaronder Angerlo, onder water kan worden gezet. Nadat in het begin van de 19e eeuw Duiven en Zevenaar bij Nederland komen verliest het fort zijn strategische betekenis.

 

                                                Pentekening: inundatiesluis Geldersoord in Westervoort (eind 18e euw)

 

1744    Omstreeks 10 maart komt geheel Pannerden onder water te staan als gevolg van een doorbraak in de Kanaaldijk. Ook een groot deel van Ambt Lijmers heeft te maken met de wateroverlast. Alleen de stad Zevenaar blijft droog, maar het juist bij de stad gelegen Zevenaarse Grieth komt onder water evenals grote delen van Duiven, Groessen, Angerlo, Giesbeek, Lathum en Westervoort. Tot overmaat van ramp is er in de Liemers in 1744 een zeer ernstige veeziekte.

1745    Op zaterdag 28 augustus 1745 wordt de predikanten opgedragen om wekelijkse bidstonden te houden zowel vanwege een epidemie van de gevreesde veepest als vanwege "toenemende oorlogsgeruchten". Dit laatste houdt verband met de Oostenrijkse Successieoorlog (1740 - 1748), waar het nabijgelegen Pruissen bij betrokken is.  
Veepest slaat in de 18e eeuw regelmatig genadeloos toe. Vooral omstreeks 1714, 1745 en 1768 raken veel (keuter)boeren ook in Angerlo door deze gevreesde infectieziekte in een klap al hun vee kwijt.  Door deze veepest maar ook door ziekten, sterfte, plunderende soldaten, rondtrekkende bendes, slecht weer, extreme winters en natuurgeweld leven velen toch al bij voortduring op de rand van het bestaan.


"Gods slaandehand over Nederland door de pest-siekte onder het rundvee, geteekent en gegraveert door Jan Smit" in 1745. Vooral in de 18e eeuw brengt de "pest-siekte onder rundvee" (ook genoemd veepest of runderpest) veel (keuter)boeren ook in Angerlo tot wanhoop. Enerzijds ondergaan velen de runderpest met veel berusting en enorm vertrouwen in God anderzijds is het leed vooral onder de keuterboeren enorm.   

1749    Doorbraak van de IJsseldijk bij Nieuwgraaf, waarbij door de kracht van het water een waai ontstaat. Het gehele gebied tussen Westervoort en Doesburg komt daardoor op 10 februari onder water te staan.  

1751   
Het sterftecijfer in Angerlo is in 1751 veel groter dan in andere jaren. Onbekend is welke ziekte(n) hiervoor verantwoordelijk is (zijn).

1753    Op 19 december vindt dijkdoorbraak plaats bij de buurtschap Leuven / Leuffen (buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groessen). Een zeer omvangrijk gebied tot Steenderen komt onder water.


Doorbreken van de Rhijndijk in 1753
Meer dan drie maanden lang, tot eind maart 1754, blijft het water door de Leuvense doorbraak naar binnen stromen..
Tot  in oktober 1754 werkt men dagelijks met honderd karren aan het herstel van de dijk.

1756    Op zaterdag 11 december 1756 begint het streng te vriezen en de intense koude duurt onafgebroken tot maandag 7 februari 1757. De langdurige en intense koude moet ook voor de inwoners van  Angerlo een ware kwelling zijn geweest.

1757    Op 30 januari ziet men op het Gelders eiland de eerste tekenen van ijsgang. Het opgestuwde water stijgt daardoor zo hoog, dat het nog dezelfde dag twee voet over de dijk loopt en de dijk ter hoogte van de Pannerdenschen Waerd breekt. Ruim en week later op 9 februari breekt de Herwense dijk op vijf plaatsen tegelijk door het opnieuw kruiende ijs en ook bij Pannerden volgen nieuwe doorbraken. Ook de dijk bij Leuven, tussen Oud-Zevenaar en Groessen, breekt in deze rampzalige maand.

Door vele dijkdoorbraken als gevolg van waterstuwing door het kruiende ijs staat in februari 1757 de Liemers grotendeels onder water. Velen vertoeven dagenlang op zolders of daken van hun huis. Ook gaan veel huizen door de watermassa verloren.

 

1758    De zomer is uitzonderlijk nat waardoor vrijwel alle landerijen onder water komen te staan en een groot tekort aan hooi ontstaat.  

 

1764    In februari vinden dijkdoorbraken plaats bij Rees en Herwen waardoor onder meer Westervoort, Duiven, Angerlo, Ooy en Lathum onder water komen te staan.

1764   
Het sterftecijfer in Angerlo is dit jaar veel groter dan in andere jaren. Onbekend is welke ziekte(n) hiervoor verantwoordelijk is (zijn).

1768     Op dinsdag 3 mei 1768 wordt in Hoog Keppel geboren Arend Ketz (1768 - 1838), zoon van Jan Ketz en Meintjen Wassink. Na de Latijnsche school in Doesburg te hebben doorlopen gaat Arend in september 1788 naar de Academie in Harderwijk, waar hij in 1793 de studie theologie afrondt. Nog in hetzelfde jaar wordt hij predikant in Angerlo maar omdat Angerlo geen pastorie heeft, woont hij in Doesburg. Tot grote spijt van de gemeente in Angerlo wordt hij in september 1806 predikant in Lathum, waar wel een pastorie beschikbaar is. In 1819 wordt hij predikant in Putten, wat hij blijft tot zijn emeritaat.


 

1770     Rampjaar. In de Liemers zijn vele dijkdoorbraken waarvan ook Angerlo de gevolgen ondervindt. Vooral bij onverwachte dijkdoorbraken, in Oud-Zevenaar op 2 december 1770 en Loo een dag later, is het menselijk leed en de schade immens.

 

 

 

 

 

                                                De afbeelding rechts laat een aantal doorbraken van Liemerse dijken zien in de 18e en 19e eeuw.

 


Voor de gehele Liemers is 1770 een echt rampjaar.

 Vooral bij de onverwachte dijkdoorbraken op 2 en 3 december 1770 bij Oud-Zevenaar en  Loo is het menselijke leed onvoorstelbaar.

1771    In het voorjaar regent het gedurende vijf weken onophoudelijk, waardoor ook Angerlo met ernstige wateroverlast te maken heeft.

1779    In het najaar wordt Angerlo getroffen door dysenterie, een infectieuze darmaandoening die vaak gepaard gaat met bloederige en waterdunne diarree en daarom in de volksmond vaak "rode loop" wordt genoemd. Het totaal aantal dodelijke slachtoffers bedraagt meer dan tien.    


1780   
In Angerlo overlijden twee tot drie keer zoveel mensen als in andere jaren. Onbekend is welke ziekte(n) hiervoor verantwoordelijk is (zijn).

 

1780    De Angerlose dominee Lambertus de Bervee, die regelmatig als gevolg van alcoholverslaving in opspraak raakt, neemt op Eerste Paasdag de dienst in Lathum waar. Onderweg naar Lathum drinkt hij op paaszaterdag bij de "bevriende" roomse pastoor zoveel alcohol dat hij laat in de avond in benevelde toestand op zijn logeeradres aankomt. Enkele weken later wanneer de dominee "tusschen Saturdag en Zondag zig volgesopen had" is hij zondagochtend nog zo onder invloed van alcohol dat hij met geen tien paarden uit zijn bed te krijgen is waardoor het kerkvolk onverrichter zake huiswaarts keert.    
  
1784    Een felle en langdurige vorstperiode zorgt dat de rivieren tot op de bodem met ijs bedekt zijn. In februari zet de dooi in en in de middag van 29 februari breken bij Spijk dijken door. Een dag later zijn er dijkdoorbraken in Oud-Zevenaar. Begin maart staat een gebied tussen 's Heerenberg en Doesburg onder water. In Angeren is de schade groot als gevolg van vernielingen in huizen, verloren gegane voorraden in kelders, omgekomen vee en mensen in bittere koude en nood.

1785    Zevenaar en omgeving worden getroffen door een hevige pokkenepidemie. Andere jaren met pokkenslachtoffers in de Liemers zijn o.a. 1724, 1730, 1773, 1791, 1799, 1801, 1807 en 1831.

1786    In opdracht van de eigenaar Johan Mauritz van Pabst, secretaris van Amsterdam, wordt het aan de zuidkant van de IJssel in Angerlo gesitueerde Huis Bingerden verbouwd, vergroot en met halfcirkelvormige tuinmuren met de stallen en oranjerie verbonden. Een jaar later in 1787 ontvlucht Van Pabst Amsterdam als gevolg van politieke onlusten. Na de Franse inval en de Bataafse omwenteling ziet hij zich ook genoodzaakt om Bingerden te verlaten. De eerste tijd verblijft hij in het Duitse Oldenburg, later in Emmerich. In 1824 overlijdt hij in Huis Bingerden in Angerlo. 

 

1787    Op 12 december wordt de Angerlose dominee Lambertus de Bervee wegens herhaalde dronkenschap en huiselijk geweld door de classis uit zijn ambt ontzet. De uit Groningen afkomstige De Bervee is ruim dertien jaar dominee in Angerlo geweest. In deze periode komt hij bij voortduring in opspraak en stapelen de schulden zich op. Ook neemt hij twee keer een hypotheek op een nalatenschap die zijn echtgenote nog moet erven. 

1789    De winter van 1788-1789 verloopt ook in Angerlo extreem koud. Met de winter van 1708-1709 is deze winter de aller-koudste winter van de 18 eeuw. Mens en dier gaan gebukt onder de extreme koude en de gevolgen daarvan.




1791
     De eigenaar van Huis Bingerden Johan Maurits van Pabst, secretaris van Amsterdam, geeft de Duitse landschapsarchitect J.P. Posth opdracht om tuinen aan te leggen in Engelse landschapstijl. Deze tuinen zijn in onze tijd nog altijd herkenbaar bij Huis Bingerden.

 

                                                Huis Bingerden in Angerlo
omstreeks1925
 

 

1793    Op kosten van de diaconie wordt bij de kosterswoning, die vlakbij de Dopsstraat is gelegen, een schooltje gebouwd. Het is zover bekend de eerste school in Angerlo, voorheen werd school gehouden in de kerk.

1799    Geweldige watervloed in de Liemers.  De Liemerse bandijk begeeft het begin februari op drie plaatsen: Bij Leuven (tussen Oud-Zevenaar en Groessen), bij Loo en bij fort Geldersoord in Westervoort.

1800
    Op zondag 9 november teistert een hevige storm de Liemers.

1802    Omstreeks deze tijd is Peter Gerbrands schoolmeester en koster in Angerlo. Hij blijft dit tot zijn dood in 1819 en wordt dan opgevolgd door zijn zoon Hermen Gerbrands. Het is heel gebruikelijk dat het schoolmeestersambt van vader op zoon overgaat. Soms zelfs vele generaties zoals in Angerlo, waar de familie Gebrands meer dan drie (!) eeuwen lang de meesters voor de dorpsschool levert.

1803    Op 23 februari breekt de dijk bij de Pannerdense molen.  Het water, dat op vele plaatsen in de Liemers schade veroorzaakt,  zoekt een uitweg in de richting van  Angerlo en Doesburg. 

De omgeving van de Pannerdense molen in 1742

Bij deze molen vindt in 1803 een dijkdoorbraak plaats, die tot in Angerlo overlast en schade teweeg brengt.

1805    In Angerlo en omgeving veroorzaakt een tyfusepidemie vooral in het begin van 1805 ontstellend veel ellende en verdriet. Het precieze aantal dodelijke slachtoffers is niet bekend maar zeker is dat het er relatief veel zijn. In Groessen waar de epidemie ook heerst overlijden 29 mensen aan de aandoening, in de parochie Oud-Zevenaar 66 en in Zevenaar 10 mensen.

1807    In de nacht van 18 op 19 februari veroorzaakt een hevige noordooster storm veel schade. In Doesburg wordt de schipbrug over de IJssel zwaar beschadigd.

1809    Opnieuw grote overstroming in de gehele Liemers als gevolg van dijkdoorbraken te Oud-Zevenaar en de buurtschap Leuven; zeven mensen verdrinken.

   

IJsgang tussen Arnhem en Westervoort in de louwmaand (januari) 1809.
Rechts is de stad Arnhem met de Walburgiskerk te zien..

In het stormachtige najaar van 1808 heeft de Liemers al vroeg te kampen met hoog water en in december volgt een periode van vorst en sneeuw. Op 3 januari 1809 is er een hevige sneeuwstorm, waarna de winter in alle hevigheid toeslaat. Rond de Pley bij Westervoort ontstaat een ijsmassa, die zowel de IJssel als de Rijn afsluit waardoor stroomopwaarts de Liemerse bandijk van Oud-Zevenaar tot Westervoort onder zware druk komt.  Op vrijdag 13 januari om 7.30 uur in de ochtend begeeft de dijk het bij Ooy. Enige uren later breekt de dijk bij de Loowaard door. In korte tijd staat de gehele Liemers onder water.  

 

Tot de mensen, die in Angerlo zwaar getroffen worden en huis en inboedel verliezen, behoren de weduwe T. Melghen. J. Bosch (wever), A. Teunissen, M. Hulshof, H. Jansen op de Tichelovend, K. Jansen, R. Reutten, G. Harbers en A. Abbink.

1810    Na de watersnood van 1809 wordt serieus overwogen een kanaal door de Liemers van Pannerden naar Doesburg te graven en de Nederrijn definitief te sluiten. Men gaat ervan uit dat de oplossing voor alle overstromingsproblemen een afleiding van het Rijnwater is via de Liemers en de IJssel naar de Zuiderzee. 

1811    Angerlo wordt een zelfstandige gemeente los van Doesburg. De allereerste burgemeester van de gemeente wordt Johan Jurjen Jansen (1773-1838), die dit maar liefst 27 jaar tot zijn dood in 1838 blijft. Tot 2005 blijft Angerlo een zelfstandige gemeente, die ook Bahr, Bevermeer, Bingerden, Giesbeek en Lathum omvat. Het gemeentehuis wordt gevestigd in boerderij Kroonestein, een buitendijks gelegen pand aan de weg van Doesburg naar Westervoort, dat tot het landgoed Bingerden behoort.  

1812    Gedurende een korte tijd (1812 en 1813) is ook in Angerlo een Franse school gevestigd. De onderwijzer is Johan Ort. Hij geeft behalve in het Frans ook in het Nederlands les.

1814    Door ijsopstopping lopen eind januari de Rijndijken over. De gehele Liemers komt weer onder water te staan. In Angerlo zoeken velen hun toevlucht op Kronestein, waar ze door de stad Doesburg van levensmiddelen worden voorzien.

1816    Uitgezonderd enkele dagen in augustus regent het in 1816 van half mei tot in november vrijwel onafgebroken. De Liemers verandert in een moeras. Ook in Angerlo en het Angerlose Broek gaan de tarwe-, rogge-, haver-, erwten- en gerstoogsten verloren. Armoede is het gevolg en velen voeden zich met voedsel dat onder normale omstandigheden aan varkens gegeven wordt. Ook elders in Europa en de wereld is 1816 een extreem jaar. Naar schatting 200.000 mensen verhongeren in Europa. In veel landen breken voedselrellen uit. In latere jaren wordt duidelijk dat de extreme weersomstandigheden het gevolg zijn van de vulkaanuitbarsting van de Tambora op het eiland Sulawesi in de Indonesische Archipel. 

1817   Nadat het gehele jaar 1816 het extreem slechte weer ook in Angerlo voor enorme problemen zoals honger en armoede heeft gezorgd, verschijnt medio maart 1817 de zon, die zich daarvoor in dertien maanden vrijwel niet heeft laten zien. Het gewone klimaat keert eindelijk weer terug. 
Pas in de loop der 20e eeuw hebben wetenschappers vastgesteld dat de tijdelijke klimaatverandering, die de wereld en ook Angerlo in 1816 kwelt, het gevolg is van de enorme vulkaanuitbarsting van de Tambora op het eiland Sulawesi in de Indonesische Archipel. Aan het begin van de 19e eeuw duurt het maanden tot jaren voordat nieuws van de andere kant van de wereld onze omgeving bereikt maar ook als men het geweten had zou niemand een verband gelegd hebben tussen de vulkaanuitbarsting en de tijdelijke klimaatverandering.

1818
    De provincie Gelderland is verdeeld in 17 districten of hoofdschoutambten, welke gezamenlijk 107 gemeenten of schoutambten omvatten. De gemeenten Angerlo, Didam, Gendringen, 's-Heerenberg, Netterden, Wehl en Zeddam worden samengevoegd tot het hoofdschoutambt Doesburg. In 1851 zou er een eind komen aan de districtsgewijze indeling van het Gelderse platteland.

1819    Miljoenen veldmuizen richten in de Liemers onvoorstelbare vernielingen aan. De oogst gaat grotendeels verloren.

1819    Eind 1919 komt een eind aan het leven van Peter Gerbrands, die vele decennia tot zijn dood schoolmeester en koster in Angerlo is geweest. Hij wordt in januari 1920 opgevolgd door zijn zoon Hermen, die sedert 1816 schoolmeester in Hoog-Keppel is geweest.

1820    In het vroege voorjaar worden door de ongewoon hoge temperatuur massa's smeltwater over de rivier aangevoerd, waarbij ten gevolge van de instorting van de Babberichse overlaat de Liemers weer geheel en al overstroomt.  De gemeente Angerlo is eind januari een zee van water. Het aantal ernstig beschadigde huizen bedraagt in de gemeente Angerlo 42 en 1 huis is zelfs volledig weggespoeld. 

1824     Op zaterdag 20 november 1824 overlijdt op 84-jarige leeftijd in Huize Bingerden in Angerlo Mr. Johan Mauritz van Pabst van Bingerden. Hij was van 1769 tot 1787 secretaris van Amsterdam.

 

1825    In plattelandsgemeenten wordt de titel van schout (voor het hoofd van de gemeente) veranderd in die van burgemeester.

De Liemers en omgeving uit een aardrijkskundig schoolboek door J. van Wijk Roelands Zoon uitgegeven door H.C.A. Thieme te Zutphen in 1827. Vermeld worden o.a: Angerlo, Bingerden, Bahr, Giesbeek, Lathum, Eldrik Lool en Holthuizen.

 

1830     In het najaar van 1830 leidt de Belgische opstand tot toenemende onrust bij de overwegend katholieke bevolking van de Liemers. De oproep van de protestante koning Willem I om de wapenen op te nemen tegen de katholieke Belgen veroorzaakt ook onder katholieken van Angerlo veel weerstand. Deze religieuze spanning wordt bovendien in belangrijke mate gevoed doordat in Nederland weliswaar vanaf 1815 formeel godsdienstvrijheid bestaat het protestantisme tot ergernis van de katholieken uiterst dominant is gebleven. Protestanten bekleden het overgrote deel van de publieke functies en de meeste inwoners van de Liemers hebben dan ook niets op met het Nederlandse natiebesef, waarin een innige band tussen God, Nederland en Oranje een belangrijk aspect vormt.

1831     De oproep van de protestante koning Willem I, om dienst te nemen in het leger, leidt in de overwegend katholieke Liemers tot grote weerstand onder de bevolking. Op dinsdag 15 februari 1831 komt zelfs een strafexpeditie bestaande uit tweehonderd manschappen, onder leiding van majoor Schimmelpenninck, naar Zevenaar om orde op zaken te stellen en deserteurs op te sporen. Ook Angerlo, Didam alsmede Herwen en Aerdt krijgen in februari 1831 met deze strafexpeditie te maken. Begin april is het de beurt aan Duiven, waar de strafexpeditie onwillige mannen, die niet in militaire dienst willen, inrekent.

1838 Op zaterdag 28 april 1838 overlijdt in Doesburg ds Arend Ketz (1768 - 1838), predikant in Angerlo van 1793 tot 1806 en van 1806 tot 1819 in Baer - Lathum.
In de periode dat ds Ketz predikant in Angerlo is, woont hij in Doesburg omdat Angerlo geen pastorie heeft. Tot grote spijt van de gemeente in Angerlo wordt hij in september 1806 predikant in Lathum waar wel een pastorie beschikbaar is. Ds Ketz is een van de eerste bewoners van de pastorie aan de Kerkstraat in Lathum. In 1819 wordt hij predikant in Putten wat hij blijft tot zijn emeritaat.



Pastorie aan de Kerkstraat in Lathum, waar ds Ketz van 1806 tot 1819 heeft gewoond

1838    Als gevolg van kruiend ijs zijn de rivierdijken in groot gevaar. In de vroege ochtend van 1 maart om 2.30 uur breekt de dijk bij Rees door. Enkele dagen later spoelt de Ellecomse dijk voor een groot deel weg, waardoor op 3 maart het water in Angerlo zo hoog staat, dat het over de Bingerdense overlaat in de IJssel loopt. Ruim een week later is bij sommigen in Angerlo nog steeds geen noodhulp geweest. Alom is men ontevreden over de zorgeloosheid van de Angerlose burgemeester. Nog op 6 maart drijft door de Ellecomse overlaat ijs, dat zo dik is dat het zware wilgen doormidden klieft; enige dagen later blijkt dat de aangerichte schade zeer groot is. 

1839    Blijkens de volkstelling is 54% van de inwoners van  de gemeente Angerlo katholiek.

1842     Het geslacht Van Heeckeren van Kell koopt Huis Bingerden. In de 19e eeuw heeft dit geslacht enkele malen een burgemeester voor de gemeente Angerlo geleverd.

                                               

 

1842     Eind augustus 1842 bezoekt koning Willem II onze regio. Op zijn reis van Doesburg naar Zevenaar wordt hij begeleid door talrijke erewachten te paard uit de gemeenten Angerlo en Didam.


Koning Willem II
(N. de Keyser)

 

1844    Het gemeentehuis van Angerlo, dat sedert 1811 gevestigd is in een deel van 't Wapen van Bingerden, verhuist naar het aan de andere kant van de dijk gelegen "Klein Bingerden", waarin ook de tapperij van 't Wapen van Bingerden is gevestigd. In 1885 wordt het pand ingrijpend verbouwd, waarbij ook het gemeentesecretariaat een beter onderkomen krijgt. Het grootste deel van het pand blijft ook na de verbouwing in gebruik bij tapper, slijter en rijtuigverhuurder Wouter Jansen. In 1912 wordt het gebouw gesloopt en wordt op de fundamenten een nieuw gemeentehuis annex logement gebouwd dat in 1913 wordt geopend.

1845    Overvloedige regenval heeft tot gevolg dat meer dan 75% van de oogst verloren gaat. De aardappelteelt verrot vrijwel volledig. Honger is het gevolg. 

1845     Willem baron van Heeckeren van Kell (1815 - 1914) wordt burgemeester van de gemeente Angerlo en blijft dit vijftien jaar tot 1860. In de periode 1849 tot 1860 is hij tevens gemeentesecretaris. In 1877 wordt hij minister van Buitenlandse Zaken en daarna lid van de Tweede Kamer. Tevens is hij vele jaren een belangrijk adviseur van Koning Willem III met wie hij overigens enkele keren in conflict komt. Aan het begin van de 20e eeuw van 1903 tot 1910 wordt ook zijn zoon Alexander burgemeester van de gemeente Angerlo.


W. van Heeckeren van Kell (1815 - 1914)

 

1845     Op 17 november wordt in Angerlo David Kromhout geboren. Op zijn 15e gaat David als kadet naar de Koninklijke Militaire Academie (KMA) in Breda alwaar hij de opleiding in 1865 voltooit. Gedurende zijn lange leven ontwikkelt hij zich tot een zeer invloedrijk militair bij de artillerie, die het brengt tot luitenant-generaal. De Kromhoutkazerne in Tilburg, die heeft bestaan van 1909 tot 1988, is naar hem vernoemd.


David Kromhout (1845 - 1927)

1846    Door de aardappelziekte gaat opnieuw een groot deel van de aardappeloost verloren. Omdat bovendien ook de roggeoogst en de tarweoogst door een muizenplaag mislukken is er opnieuw een groot voedseltekort.

1847    De overheid roept 2 mei uit tot algemene biddag. Na twee eerdere jaren met een mislukte aardappeloogst is er opnieuw door de aardappelziekte alsmede de hoge graanprijzen een ernstig voedseltekort.




1847
     In Angerlo wordt aan 't Zandveld door B.A.F. Kempers, bakker in Wehl, een windmolen gebouwd, die hij laat bemalen door zijn zoon Bernard, die in 1860 zelf eigenaar wordt en nog in hetzelfde jaar de molen verkoopt aan bakker Hermanus Schaars. In 1880 krijgt de molen een stoommachine, die als hulpgemaal dient. In 1933 wordt de molen afgebroken.

 

                                                Molen Angerlo
omstreeks1920
 

 

1849    Aan de Dorpsstraat in Angerlo wordt een nieuw schooltje in gebruik genomen. De oude school wordt woonhuis (achter het pand Dorpsstraat 38) en wordt later afgebroken. 

1850    Omstreeks deze tijd begint Abraham ten Hulzen een smederij in de Dorpsstraat in Angerlo. Hij wordt omstreeks 1900 opgevolgd door zijn zoon Derk-Jan ten Hulzen. In 1921 neemt op zijn beurt schoonzoon Albert Harmsen, die getrouwd is de dochter van Derk-Jan, de smederij over. Hun zoon Jan Harmsen zet de smederij aan de Dorpsstraat vervolgens tot 1981 voort. Na 130 jaar komt dan een eind aan het bestaan van een ambachtelijke smederij, waarin vier generaties Ten Hulzen / Harmsen decennia hebben gewerkt. 

1851    De zomer verloopt voor de boeren rampzalig. Een lange periode van hitte en droogte eindigt met een hevig onweer met hagel en storm.

1852   Gedurende de wintermaanden telt de Angerlose school 114 leerlingen (73 jongens en 41 meisjes) en gedurende de zomermaanden 66 leerlingen (43 jongens en 23 meisjes). Ook in Angerlo gaan veel kinderen vooral in de zomer niet naar school om thuis te kunnen werken.

1855    Door ijsopstopping breken 3 maart de Rijndijken bij Bislich (in de omgeving van Wesel). Vanuit Zevenaar en Duiven wordt in de vroege ochtend van 5 maart het eerste rivierwater gemeld. In Angerlo en Lathum kampt men nog eerder met de wateroverlast.

 

IJsgang op de IJssel voor Westervoort, 1855


1856   
Nadat enkele jaren eerder de Liemerse overlaat tussen Oud-Zevenaar en Babberich is gesloten, wordt ook de overlaat in Bingerden opgehoogd. Hiermee komt een eind aan een bron van grote ergernis onder de Liemerse bevolking als gevolg van schade door overstromend water bij een werkende overlaat. Zo noemt een getergd gemeentebestuur van Zevenaar in 1844 de Liemerse overlaatkade: "een daad van geweld, waardoor deze gemeente van hare waterkeeringen zonder eenige schadevergoeding is beroofd".

1859   Op 29 maart richt de Hervormde gemeente van Angerlo een ziekenfonds op voor "minvermogende lidmaten". Voor 1 cent per persoon per week kan men zich verzekeren voor medische hulp van een Doesburgse arts alsmede van medicijnen. In 1877 wordt de contributie verhoogt tot 2 cent per week.

1860     Carel Marie baron Brantsen (1834 - 1909) wordt in 1860 op 26-jarige leeftijd burgemeester van de gemeente Angerlo en blijft dit tot 1892. In 1851 is hij na de dood van zijn vader eigenaar geworden van het landgoed Wielbergen, gelegen naast het landgoed en landhuis Bingerden. In 1869 geeft hij architect Eberson de opdracht tot het bouwen van het landhuis / kasteel Wielbergen. In januari 1909 wordt hij op de door hem aangelegde familiebegraafplaats op het landgoed Wielbergen te Angerlo begraven.


1860    Na vanaf 1820 hoofdmeester in Angerlo te zijn geweest, vraagt de 63-jarige Hermen Gerbrands wegens "ziels- en lichaamsgebreken" ontslag aan. Zijn gezondheid laat het hem wel toe om van 1864 tot 1880 het beroep van gemeenteontvanger uit te oefenen. Als nieuwe schoolmeester wordt aangesteld Gerhardus W. Westerveld, die reeds aan de school als hulponderwijzer verbonden was.

1865    De gehele gemeente Angerlo bestaat uit de kadastrale gemeente Angerlo alsmede de kadastrale gemeente Lathum, die samen ruim 3000 hectare groot zijn en 1650 inwoners tellen.


                                                                        De kadastrale gemeente Angerlo in 1865
 

1866    Tyfus eist in Angerlo een dodelijk slachtoffer. Ook in andere jaren is de aandoening in Angerlo verantwoordelijk voor sterfgevallen zoals in 1868, 1869, 1892, 1909 en 1928.

1866     Het gemeentebestuur van Angerlo krijgt in herberg "Het Wapen" twee kamers ter beschikking als secretarie.

 

 

1868    Tyfus eist in Angerlo opnieuw een dodelijk slachtoffer. 

1869     In Angerlo laat Carel Marie baron Brantsen het landhuis Wielbergen bouwen. Het huis dat wordt ontworpen door de architect Lucas Hermanus Eberson (1822-1889) is een vrijstaande villa op een middeleeuws landgoed in een kromming van de IJssel. 
Gedurende een periode van ruim tachtig jaar, tot in de jaren vijftig van de 20e eeuw, wordt het pand bewoond door nazaten van baron Brantsen.

 

 


Landhuis Wielbergen omstreeks 1960

1874    Op zondagavond 19  juli 1874 vindt op de IJssel bij Angerlo een tragisch ongeval plaats. Een zestal meisjes tracht de rivier over te steken maar hun sloep slaat om en twee meisjes, 18 en 20 jaar oud, verdrinken.

1876
    In de nacht van 12 op 13 maart beukt een zware storm de bandijk in Lathum over een lengte van 400 meter voor een deel weg. Door het met man en macht aanbrengen van driedubbele bekistingen van mest en puin, slaagt men erin de gevolgen te beperken. In Giesbeek komen 24 huizen onder water te staan en in Angerlo 4 huizen. Bij het grenskantoor in Babberich spoelen door water en storm gaten van 8 meter in de weg.

1879    Op 4 oktober komt de krant De Graafschap-Bode voor de allereerste keer uit.

Voorpagina van de allereerste editie van de Graafschap-Bode
 
De Graafschap-Bode wordt uitgegeven door Misset in Doetinchem.
Op 1 april 1873 begint de grondlegger van het bedrijf, Cornelis Misset uit Haarlem, een kleine drukkerij in Doetinchem. Op zaterdag 4 oktober 1879 verschijnt de Graafschap-Bode in een oplage van 2.000 voor het eerst als een wekelijks nieuws- en advertentieblad; vanaf 1 maart 1967 verschijnt het dagelijks.
 

.


 

 

 

1882  Op vrijdag 24 maart overlijdt in Angerlo de van oorsprong Duitse tekenaar en kunstschilder Maximilaan Leonard Kitzinger (1811 - 1882). Hij schilderde met name landschappen, vaak bij maanlicht.

 

 

                                                IJssel bij Angerlo 
(Maximiliaan L. Kitzinger)

 

 

1883    Op 9 augustus 1883 vraagt Pieter F. de Bruyn Tengbergen uit Doesburg aan de gemeente Angerlo toestemming om een steenfabriek te bouwen. Dit voornemen stuit op verzet.  Zo is landbouwer Peter Derksen bang dat de doornenhaag, die de afscheiding vormt met zijn land zal afsterven en landbouwer Peter Brouwer vreest de komst van het werkvolk dat "veelal van het minste gehalte is". Landeigenaar Jhr. Carel M. Brantsen is het met Brouwer eens en vindt dat "de onvrijheid door het werkvolk van steenovens ontstaande, doen ook op de verdere verpachting zijner gronden niets dan hoogst verderfelijke invloed uitoefenen". Blijkbaar is de gemeente gevoelig voor deze argumenten want op 17 september 1883 wijst ze het verzoek om een steenfabriek te stichten af .


1885    Tussen 1878 en 1895 treft een enorme landbouwcrisis Europa. Deze is het gevolg van import van goedkope landbouwproducten uit de Verenigde Staten en Canada waardoor prijzen sterk dalen. Werkeloosheid en armoede nemen sterk toe. Een aantal mensen, ook uit onze omgeving, besluit onder druk van de omstandigheden naar het buitenland te vertrekken zoals naar het Duitse Ruhrgebied en de Verenigde Staten. Voor sommigen is dit vertrek tijdelijk, anderen vertrekken definitief.

1886     Na een zeer droge en warme periode valt het regenwater vanaf eind juli met bakken uit de hemel waardoor lager gelegen weilanden onder water komen te staan en het vee opgestald moet worden. Veel boeren zijn niet in staat om hun vee voldoende bij te voeren. Bij dit alles komt nog een epidemie van mond- en klauwzeer waardoor 1886 voor veel boeren in onze omgeving de geschiedenis ingaat als een rampjaar.

1887
    Aan de Meentsestraat in Giesbeek laat G. Winterink uit Drempt een molen bouwen.

De Giesbeekse molen (De Hoop),  omstreeks 2000

Na de bouw in 1887 blijft de molen 55 jaar in handen van de familie Winterink. In 1942 verkoopt de inmiddels 80-jarige Winterink de molen.
Tijdens de  Tweede Wereldoorlog loopt de molen veel schade op, die omstreeks 1956 wordt hersteld. In 1979 koopt de gemeente Angerlo de molen, die vervolgens volledig wordt gerestaureerd met financiele steun van rijk, provincie en gemeente.  

1890     De winter van 1890/1891 is uitzonderlijk streng. De decembermaand spant de kroon, want sedert het begin van de temperatuurmetingen in 1706 is het alleen in december 1788 nog kouder geweest.
Op 25 november 1890 gaat de wind uit het noordoosten waaien en dat is het begin van een langdurige strenge vorstperiode. De gemiddelde ijsdikte in sloten is in de loop van december ongeveer 65 cm, plaatselijk wordt zelfs een dikte van 70-80 cm bereikt. Mens en dier gaan gebukt onder extreme koude. Op 19 december vriest bij Elten een grensbeambte dood.

1891
    Meer dan een derde van de Nederlandse bevolking wordt getroffen door een influenza / griep pandemie. Ongeveer 4.500 mensen, veelal in de kracht van hun leven, gaan eraan ten gronde. In de Liemers blijft het aantal dodelijke slachtoffers beperkt. Wel zijn er in o.a.  Angerlo opvallend veel sterfgevallen door longontsteking (8) mogelijk als gevolg van influenza. In Wehl sterven in 1892 vier mensen aan influenza en vijf door longontsteking.  

1891    Op 11 maart besluiten 101 Liemerse boeren (68 uit Didam, 19 uit Zeddam en 14 uit Wehl) tot de oprichting van een cooperatieve roomboterfabriek waardoor Didam de primeur heeft van de allereerste cooperatieve roomboterfabriek buiten Friesland.  Het kapitaal wordt verkregen door uitgifte van aandelen van vijftig gulden aan ieder van de deelnemers. De fabriek is al snel een groot succes en omgevende plaatsen zoals Doesburg in 1892, Zevenaar in 1893, Angerlo in 1894 en Wehl in 1894 volgen.

Angerlose boterfabriek en directeurswoning, omstreeks 1900
In 1894 krijgt Angerlo een boterfabriek. In 1925 wordt in Angerlo een nieuwe fabriek gebouwd. 
 

 

1894    In Angerlo wordt de cooperatieve stoomzuivelfabriek "Angerlo-Eldrik" gesticht op een stuk bouwland aan de weg van Angerlo naar Eldrik. Voorzitter van het oprichtingsbestuur is H.J. Tiemens, die in 1895 burgemeester van de gemeente Angerlo wordt. In 1949 fuseert de zuivelfabriek met de melkinrichting Codimez uit Dieren en krijgt de naam Andi (Angerlo-Dieren).

1895  In opdracht van H.J. Tiemens, burgemeester van de gemeente Angerlo, waartoe in deze tijd behoren de kerkdorpen Angerlo, Giesbeek en Lathum, wordt Villa Vreewijk aan de Mariendaalseweg gebouwd. Het pand dient als ambtswoning van Tiemens, die burgemeester is van de gemeente Angerlo van 1895 tot 1903.

 

 

                                                 

 

 

1896     Voor de allereerste keer vestigt zich een huisarts in Angerlo.

1897  Angerlo is de allereerste Liemerse gemeente waar een wijkverpleegkundige werkzaam is.

 

                                               


                                                   Angerlo, kerk en pastorie omstreeks1900
 


1899   Meester-timmerman en wagenmaker Albert Tiecken begint een aannemersbedrijf en een wagenmakerij aan het Tieckenspad te Angerlo. Gedurende meer dan honderd jaar tot in de 21e eeuw is aannemersbedrijf Tiecken onder leiding van achtereenvolgens vier generaties Tiecken een bloeiend bedrijf met een grote en vaste klantenkring. Mede door de kredietcrisis komt het bedrijf echter in de problemen en wordt het op dinsdag 1 april 2014 failliet verklaard.

 

                                               


Albert Tiecken (1929), grondlegger van aannemersbedrijf Tiecken in Angerlo                                                 
 

1900    Door de natte zomer moeten de boeren veel hooi noodgedwongen nat en halfnat binnenhalen. Daardoor treedt regelmatig hooibroei en (beginnende) hooibrand op. Hooibergen moeten worden omvergehaald. Veel hooi, dat nog niet bedorven is, gaat verloren omdat gebroeid hooi geen smaak en kracht heeft.

1900     In het najaar vindt de internationale wielerwedstrijd Terborg, Etten, Zeddam, Beek, Didam, Zevenaar, Bingerden, Angerlo, Doesburg, Drempt, Keppel, Doetinchem, Terborg plaats. De wedstrijd wordt gewonnen door J. Dop uit Lochem.

1902
     Begin juni verzoekt de officier van justitie in Arnhem om de aanhouding van de 32 jarige directeur van de Angerlose stoomzuivelfabriek de heer J.R. Fockens. Hij wordt verdacht van verduistering van tienduizend gulden. Eind juni meldt Fockens zich bij de marechaussee in Kerkrade. Hij heeft zich enige tijd in de Limburgse bossen verscholen
.


1903
     In Angerlo wordt toneelvereniging D.I.N.D.U.A (Door Inspanning Nuttig Door Uitspanning Aangenaam) opgericht. Tot de oprichters behoort Frits Veldhorst, die bij het vijftigjarig jubileum van de vereniging in 1953 een Koninklijke onderscheiding ontvangt. Een ander prominent lid van D.I.N.D.U.A is in de eerste helft van de 20e eeuw J. Kroeze, hoofdmeester van de Openbare Lagere School Angerlo
.

1905  Op maandag 13 maart overlijdt landbouwer Gerbrand Gerbrands (1822-1905). Hij laat een aanzienlijk bedrag na dat bestemd is voor in Angerlo wonende behoeftige zieken.

 

                                                Dorpskerk en pastorie Angerlo omstreeks 1925

 

 

1906   In de gemeente Angerlo zijn vier huizen aangesloten op telefoon van de Doesburgsche Telephoon Maatschappij.

1908   Met de huisvesting is het in de eerste helft van de 20e eeuw ook in Liemerse gemeenten soms erg slecht gesteld, zoals onder meer blijkt uit een rapport van de Doesburgse gezondheidscommissie waarin staat, dat tweederde van de bevolking in de gemeente Angerlo zeer krap behuisd is: 91 eenkamerwoningen, 154 tweekamerwoningen en 60 driekamerwoningen. Van deze woningen heeft 125 geen w.c., 16 slecht drinkwater en 18 onvoldoende slaapplaatsen.   

 

Uit de Graafschap-Bode (1938): "In de gemeente Wehl aan een smal wegje naar Nieuw-Wehl staat een steenen schuurtje: vier muren en een dak. Een vloer bezit het kot niet, evenmin behoorlijke vensters, of men zou de met planken dichtgespijkerde gaten voor zoodanig moeten houden. Van de dakpannen zijn er velen door de lieve jeugd stuk gegooid en de deuren kan men kwalijk nog zoo noemen ( ). Reeds ongeveer 10 jaar leeft Dien Damen hier (  )."

Vergelijkbare toestanden kan men in de hele eerste helft van de 20e eeuw nog overal aantreffen. 

 

 

 

1909  Een initiatief om een smalspoorlijn dwars door de Liemers (van Tolkamer via Lobith, Elten, Babberich, Didam en Angerlo naar Doesburg) aan te leggen loopt stuk mede omdat gemeenten weinig medewerking verlenen.

 

                                                Vooroorlogse ansicht van Angerlo

 

 

1911   Uit het jaarverslag van de de zuivelfabriek in Angerlo komt naar voren dat in de gemeente Angerlo in totaal 178 boeren zijn, die samen 714 melkkoeien bezitten. Dit is gemiddeld vier koeien per bedrijf. Veehouder Th. Derksen in 't Klooster heeft in 1914 een voor die tijd enorm aantal koeien: veertien stuks!

 

1913  Op maandag 20 januari 1913 wordt het nieuwe gemeentehuis van de gemeente Angerlo feestelijk geopend. Onder leiding van architect W. Honig uit Velp is het voor bijna vijftienduizend gulden gebouwd op de fundamenten van het voormalige Klein Bingerden. Ook het nieuwe gemeentehuis heeft een gelagkamer en logement. Pas wanneer hier in 1940 geen nieuwe pachter voor wordt gevonden mag het erfpachtcanon met betrekking tot het logement vervallen en wordt het logement bij het gemeentehuis betrokken. De naam en het uithangbord met 't Wapen van Bingerden moeten wel blijven. Ook houdt de Heer van Bingerden het recht een ooievaarsnest te onderhouden, dat zich sinds mensenheugenis op het raadhuis bevindt.

 


1913  Ook in de gemeente Angerlo wordt het eeuwfeest van de bevrijding groots gevierd.

 

                                            Kasteel Bingerden met de 98-jarige oud-minister Baron Van Heeckeren en diens familie op het bordes tijdens het 100-jarig bevrijdingsfeest

 


1914    Op 31 juli om 12.10 uur kondigt de Nederlandse regering een militaire mobilisatie aan. Korte tijd later breekt een weerzinwekkende oorlog (W.O. I 1914 - 1918) uit waarin 10 miljoen mensen omkomen. Hoewel Nederland buiten het oorlogsgeweld blijft, gaat ook in de Liemers de bevolking gebukt onder angsten, onzekerheid, tekorten, ondervoeding, werkeloosheid en armoede.

1915     De uit 1849 stammende Angerlose dorpsschool wordt vervangen door een nieuwe school, eveneens aan de Dorpsstraat, die bestaat uit vier lokalen alsmede een gymnastieklokaal. Deze nieuwe school zal bijna 60 jaar dienst doen en in 1974 op haar beurt vervangen worden door nieuwbouw. Op de plaats van de in 1915 geopende school bevinden zich in onze tijd de panden Dorpsstraat 17 - 21A.

 

                                                Openbare lagere school aan de Dorpsstraat in Angerlo (1915)

 


1916   
Door de oorlogssituatie (alle buurlanden zijn in de Eerste Wereldoorlog verwikkeld) ontstaan tekorten waardoor de prijzen stijgen en de armoede ook in Angerlo snel toeneemt.


1916  Jac. P. Thijsse schrijft in zijn in 1916 uitgegeven album "De IJssel" over de schoonheid van onze omgeving.

 

                                            


De IJssel in de omgeving van Angerlo (afbeelding 92, JP Thijsse,  1916)
 


1917    De oorlog in Europa veroorzaakt ook in Angerlo extreme armoede. Elders in Europa is de burgerellende vaak nog vele malen groter, getuige ook de aankomst van een groep ondervoede Oostenrijkse kinderen (afbeelding hiernaast) om in Nederland aan te sterken.


 

1918    Blijkens opgave van het ministerie bedraagt het aantal leerlingen in het openbaar onderwijs in de gemeente Angerlo 334, waarvan 156 "onvermogend" en 136 "minvermogend".

 

1918    Op maandag 11 november komt een eind aan een onvoorstelbaar gruwelijke oorlog (Wereldoorlog I). Een groot deel van de Europese vooral mannelijke jeugd is letterlijk afgeslacht. Naast de ongeveer 9 miljoen (!) dodelijke slachtoffers, zijn vele miljoenen levens geknakt en gezinnen kapot gemaakt. Nederland en daarmee ook Angerlo ontspringen de dans maar lijden  wel onder de ontberingen (armoede), anderzijds hebben sommigen zich met smokkelhandel verrijkt.



 

1919    Een drietal Angerlose boeren schaft een voor deze tijd moderne dorskast met motor aan voor het dorsen van koolzaad. De betreffende boeren Dibbers, Harbers en Kummeling hebben grond in het Angerlose Broek, die geschikt is voor koolzaad (komklei). Omdat de olie en het vet, die uit koolzaad bereid worden in het begin van de 20e eeuw schaars zijn, is de prijs van koolzaad goed. Het aantal boeren dat koolzaad verbouwt blijft echter beperkt omdat kostbare mechanisatie noodzakelijk is.


 

1920    Als gevolg van grote massa's smeltende sneeuw en overvloedige regen staat het water in de rivieren eind 1919 en begin 1920 uitzonderlijk hoog. Op 29 december loopt de Pannerdense waard onder. Via de Oude Rijn en de Wildt stroomt veel water naar de Oude IJssel, waardoor Wehl en Angerlo te maken hebben met wateroverlast. In Lathum gaat men op nieuwjaarsdag 's morgens zoals gewoonlijk om 5 uur aan het werk (!) maar om 10 uur staat alles onder water. Begin januari 1920 kamperen op het Gelders eiland honderden gezinnen op de dijken. Door een defect aan een sluis raken ook de dorpen Aerdt en Herwen onder water. In Herwen staat het water tot het dak van de zuivelfabriek.

Tolkamer / Lobith, januari 1920


1920     Op woensdagavond 14 januari verdrinkt de Angerlose burgemeester jhr. H.M.J.F.E. van Grotenhuis. Na een bezoek aan de Societeit in Doesburg is hij per fiets naar huis gegaan, maar daar is hij nooit aangekomen. Men vindt hem enkele dagen later bij het dreggen op 100 meter van zijn woning.


Jhr. H. van Grotenhuis (1890 - 1920), burgemeester van Angerlo, verdronken op 29-jarige leeftijd

   

1920    Petrus A. Schaepman (1893 - 1960) wordt de nieuwe burgemeester van de gemeente Angerlo.

1920     De Angerlose muziekvereniging "Nieuw Leven" wordt opgericht door A. Harmsen, G. Lusink en H. Worm

 

1922     Op 3 januari wordt in Didam het nieuwe gebouw van de Land- en Tuinbouwschool in gebruik genomen. Uit de verre omtrek komen vooral boerenzonen naar deze school, die erg goed aangeschreven staat. In 1956 wordt de naam van de school veranderd in "middelbare land- en tuinbouwschool". 


Land- en tuinbouwschool in  Didam (1922) |
In de jaren vijftig krijgt het gebouw een extra verdieping.

1923    Begin februari veroorzaakt kwelwater een enorme overlast. Tussen Angerlo en Didam staan enorme vlakten onder water.

1923     Ook in Angerlo wordt het 25-jarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina gevierd.


Een politieagent te paard onder een ereboog in Angerlo ter gelegenheid van het 25-jarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina

1925    In de nacht van maandag 9 op dinsdag 10 februari wordt onze omgeving geteisterd door een vliegende storm. Bij de familie A. Aleven op de Zweekhorst stort het voorhuis en een deel van de boerderij in. De 17 jarige dienstbode F. Bonte uit Angerlo wordt dood onder de puinhopen vandaan gehaald.




1925
     Mr. dr. P.A.F. Blom volgt P.A. Schaepman op als burgemeester van de gemeente Angerlo. Hij blijft dit tot 1929 wanneer hij wordt benoemd tot burgemeester van Bergen op Zoom.

 

                                                Angerlo Dorpsstraat
omstreeks1930
 


Links het schoolmeestershuis, daarnaast een woonhuis, waarin het postkantoor is gehuisvest. Aan de rechterzijde: het huis van timmerman Melgers
 

 


1925    In Angerlo wordt een nieuwe zuivelfabriek gebouwd.
 

Bouw van de nieuwe zuiverfabriek in Angerlo (1925) 
Deze door aannemer Claus uit Doesburg gebouwde fabriek zou bijna 60 jaar tot 1983 in bedrijf blijven.

1926    Op zaterdagavond 11 september wordt Angerlo opgeschrikt door een intens triest menselijk drama. De in de nabijheid van het Bevermeer te Angerlo wonende boer Van Beek steekt in volkomen overspannen toestand de hooivoorraad op de zolder van zijn boerderij in brand en blijft vervolgens zelf in het brandende pand achter. Landbouwer Pastoor uit Eldrik haalt Van Beek uit de brandende boerderij en loopt bij deze moedige redding zelf brandwonden op aan vooral zijn armen. Van Beek, die brandwonden heeft over zijn gehele lichaam, wordt in kritieke toestand naar het ziekenhuis in Doesburg vervoerd, waar hij korte tijd later overlijdt.

1927    Op woensdag 1 juni richt een zomerstorm grote schade aan. In Angerlo worden tal van daken van huizen gerukt. De kop van de korenmolen wordt afgeslagen en wordt honderd meter verder tegen een huis geslingerd.

1928    Tyfus eist in Angerlo een dodelijk slachtoffer.

1929    Jhr. Rudolf M.J.F.L. Grotenhuis volgt burgemeester Blom op en wordt daarmee de 12e burgemeester van de gemeente Angerlo. Rudolf Grotenhuis, de jongere broer van de in januari 1920 op tragische wijze verdronken burgemeester, is op 19 december 1900 in Gendringen geboren. Hij volgt de middelbare school op het seminarie in Rolduc en studeert te Leiden rechten. Tijdens zijn burgemeesterschap in Angerlo woont hij in de Veste, Angerloseweg in Beinum. Hij blijft burgemeester van Angerlo tot november 1941 wanneer hij benoemd wordt tot burgemeester van Groesbeek.

1930    Vooral in de eerste helft van de 20e eeuw is het Duitse Kevelaer een voor katholieken uit de Liemers geliefde plaats voor de Mariaverering.
 

 


Bedevaartgangers uit Lathum en Giesbeek
in Kevelaer (1930)

1931    In de ochtend van zaterdag 20 juni vindt op de IJssel bij Angerlo een tragisch ongeluk plaats. Een tweetal vrienden uit het Duitse Neurenberg, de 21 jarige H. Spath en de 25 jarige Franz Watzeck varen op een kano en laten zich door een motorboot meeslepen. Alles gaat goed totdat de kano plotseling door golfslag vol water loopt en zinkt. De jongste kan zich op de motorboot in veiligheid stellen maar voor Franz Watzeck komt de hulp te laat.

1932    Boven het gemeentehuis van Angerlo, waar ook de burgerlijke stand is gehuisvest, nestelt zich in mei een ooievaarspaar met weldra vijf jonge ooievaars.
 

 


Gemeentehuis Angerlo  (begin 21e eeuw) 
Tot 1 januari 2005 is Angerlo een zelfstandige gemeente, die ook Bahr, Bevermeer, Bingerden, Giesbeek en Lathum omvat.

1933    Op de IJsssel bij Angerlo loopt op donderdagmiddag 19 januari het zeilschip "Josephine" van schipper De Beyer uit Gent (Gld) bij het opdraaien op het eigen anker en zinkt vrijwel direct. Schipper De Beyer met vrouw en knecht kunnen zich nog net redden door in een roeibootje te springen. Het schip, dat 200 ton meet, was geladen met grint en op weg naar Doesburg.




1933
     De in 1860 aan 't Zandveld in Angerlo gebouwde windmolen wordt afgebroken.

 

                                                Molen Angerlo
omstreeks1920
 

 

1935    Het landgoed "Wielbergen", ongeveer 20 hectare groot, in de gemeente Angerlo wordt onder de Natuurschoonwet 1928 geplaatst en wordt voor het publiek opengesteld van 's morgens 9 uur tot zonsondergang.

 




1936
     Onder overweldigende belangstelling wordt sergeant-majoor G.H. van Veldhuizen begraven op het dorpskerkhof in Angerlo. De uitvaart op vrijdag 7 februari maakt diepe indruk op de plaatselijke bevolking.
Van Veldhuizen, sergeant-majoor bij de militaire politie te Deventer, overleed enkele dagen eerder op 4 februari aan de gevolgen van verwondingen opgelopen bij een oefening. Hij was gehuwd met Agnes Willemsen afkomstig uit Angerlo, die in 1983 op 93 jarige leeftijd overlijdt en in het familiegraf bij haar man wordt begraven.

 

1939    Op dinsdag 10 januari overlijdt in Angerlo op 83 jarige leeftijd de bekende kunstschilder Daniel J. R. Jordens (1855-1939). Hij heeft vooral landschappen maar ook portretten geschilderd.

1940    Tijdens de nacht van 10 mei: Grote aantallen Duitse vliegtuigen komen over. Een onafzienbaar leger Duitse soldaten komt vanuit Zevenaar in de richting van Arnhem. Na het opblazen van de Westervoortse brug ontstaat enige tijd een file aan Duitse oorlogsvoertuigen van meer dan 20 km tot Emmerich.

 

 

Op vrijdag 10 mei wordt de Westervoortse brug in alle vroegte om 4.45 uur opgeblazen, waardoor de Duitse invasie enige vertraging oploopt.

1940    In de strijd tegen de Duitsers aan de Grebbelinie bij Rhenen sneuvelt op 13 mei dienstplichtig soldaat Johannes Bos (21 jaar) uit Giesbeek (gemeente Angerlo).

 

 

Dienstplichtig soldaat Johannes Hendrikus Bos (foto links) uit Giesbeek sneuvelt op 13 mei 1940 op 21-jarige leeftijd in de strijd tegen de Duitsers aan de Grebbelinie. Zijn lichaam wordt 16  mei 1940 aan de noordzijde van de Grebbeberg, bij restaurant "Rust Wat", gevonden. Hij is begraven op het ereveld (rij 6, graf 11) in Rhenen (foto rechts).

 

 

 

 

1941    In de loop van zondag 26 januari treedt de overlaat bij Spijk in werking waardoor enorme hoeveelheden water in de Oude Rijn worden gestuwd. Een groot deel van de Liemers komt in de daarop volgende dagen onder water te staan.



Spijkse overlaat

1941    In januari volgt de N.S.B-er A. Pinkster jonkheer R. van Grotenhuis op als burgemeester van de gemeente Angerlo. Pinkster blijft bijna drie jaar tot 12 oktober 1944 in deze functie om vervolgens burgemeester van de gemeente Bergh te worden. In Angerlo wordt hij dan opgevolgd door de N.S.B-er L. van Rijn. 
Noch Pinkster noch Van Rijn hebben de allures van een doorsnee N.S.B-er waardoor de gemeente Angerlo wat betreft deze N.S.B-ers nog geluk heeft gehad. Zo is mede door de handelswijze van burgemeester Van Rijn voorkomen dat de bezetter aan het eind van de oorlog inwoners heeft gegijzeld, hetgeen in onze omgeving uitzonderlijk is.

1942    Ook in Angerlo gaan de inwoners gebukt onder de koudste winter sedert 1789. De periode 18-27 januari 1942 is de koudste periode van tien dagen in de 20e eeuw. In de nacht van 26 op 27 januari worden minima gemeten van ongeveer -25 graden C. Mensen doen er alles aan om de kachels brandend te houden. De koude blijft tot in de derde week van maart.

 

1943    Vanaf 1943 tot de bevrijding in 1945 zitten de joodse tienerbroers Henry en Maurits (Mike) Gans uit Zevenaar ondergedoken op boerderij Papenheuvel van de familie Brouwer - Smeenk in Angerlo.  
Na de oorlog behoren zij tot de zeer weinige Zevenaarse Joden, die de gruwelen van de oorlog hebben overleefd. Mike (1927 - 2013) en Henry (1925 - ) studeren tijdens hun onderduiktijd in Angerlo op een verborgen kamertje in de boerderij en gaan beiden na de bevrijding met veel succes in Utrecht geneeskunde studeren. Henry is in 1955 de allereerste medicus, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen cum laude promoveert
.


Henry en Maurits emigreren in de jaren vijftig naar respectievelijk Canada en U.S.A, waar Henry hoogleraar / chirurg wordt en Mike (Maurits) huisarts.

1944    Op dinsdag 10 oktober 1944 legt de Organisation Todt, onder wier leiding spitwerkzaamheden voor de Duitse bezetter langs de IJssel worden verricht, beslag op het gemeentehuis van Angerlo. Evenals in 1912 dient boerderij Kroonestein als noodgemeentehuis.

1945  De Nederlands Hervormde kerk in de Dorpsstraat in Angerlo wordt ernstig beschadigd. De in 1766 gebouwde toren valt ten prooi aan oorlogsgeweld.

 

 

 

 

 

 

 

                                                Herstelwerkzaamheden aan ernstig beschadigde kerk (1947) 

 

1945     Nadat de Canadezen op 2 april Babberich hebben bevrijd, volgt op dinsdag 3 april vanaf 1.15 uur ook Didam. Enkele uren later om drie uur blazen de Duitsers het centrum van Zevenaar op en weer enkele uren later om  half zeven in de ochtend van 3 april trekken de eerste Canadezen Zevenaar binnen en komt ook voor Zevenaar een einde aan de Tweede Wereldoorlog. De bevolking van Angerlolegt bij het Bevermeer een brug voor de Canadezen, die op donderdag vijf april zonder slag of stoot het dorp bevrijden. Voor Giesbeek is de oorlog dan echter nog niet voorbij. Op 7 en 8 april moeten de bewoners van Giesbeek evacueren en pas op maandag 16 april wordt ook Giesbeek bevrijd. 

1945    De havezate Bingerden wordt aan het eind van de Tweede Wereldoorlog in de nacht van 5 op 6 april 1945 door terugtrekkende Duitse troepen in brand gestoken. Na de oorlog wordt op de grondvesten een nieuw huis  gebouwd, zij het op kleinere schaal. In 1958 komt dit huis gereed.

 


Op de achtergrond havezate Bingerden in 1883
(tekening: S. van Heeckeren van Kell) 

 

1946     Op woensdag 9 oktober wordt in Angerlo gymnastiekvereniging D.E.S. (Door eendracht Sterk) opgericht. De eerste voorzitter is Herman te Pas. De eerste trainer is meester Kapperts. In 1950 wordt Herman Tjootink trainer en vooral onder zijn bezielende leiding komt de vereniging tot grote bloei. 

1947     Uit het landbouwkundig rapport over de Liemers blijkt dat de gemiddelde grootte van een boerenbedrijf in Angerlo 14 ha., in Didam 7 ha., in Duiven 12 ha., in Herwen en Aerdt 15 ha., in Pannerden 16 ha., in Wehl 7 ha., in Westervoort 9 ha. en in Zevenaar 8 ha. bedraagt. 


                                      Het binnenhalen van de oogst in Pannerden op de Kijfwaard
                  Een tot ver voorbij het midden van de 20e eeuw gebruikelijk beeld, ook in Angerlo.

1948    Bij opgravingen in en bij de Angerlose Hervormde Kerk komen kerkfundamenten uit de 11e eeuw aan het licht.

1949    De zuivelbedrijven van Angerlo en Dieren fuseren tot Andi (Angerlo-Dieren).


 


1949    In de tweede helft van de twintigste eeuw verandert er ook in Angerlo op boerenbedrijven veel. In snel tempo worden landarbeiders, boerenknechten en trekdieren vervangen door machines. Veel werk gaat verricht worden door loonbedrijven.

 


Het maaien van rogge in de Liemers (1936)

1950    De Nederlands Hervormde (P.K.N.) Kerk in de Dorpsstraat in Angerlo wordt gerestaureerd na de ernstige beschadiging in het laatste oorlogsjaar.

De N.H. Kerk in Angerlo noordwaarts in 1952
Het gotische koor van de oude kerk is blijven staan en het schip is in romaanse stijl herbouwd. De toren is verplaatst naast het koor.
 

 

 


1950     De in 1920 in Angerlo door A. Harmsen, G. Lusink en H. Worm opgerichte muziekvereniging "Nieuw Leven" viert haar 30-jarig jubileum

 

1951    In januari 1951 veroorzaakt langdurige regenval grote wateroverlast in de Dorpsstraat in Giesbeek. De problemen hebben te maken met het te snel vollopen van de ruimte onder de zinkputten. Nog hetzelfde jaar besluit het gemeentebestuur om 15.000 gulden op de begroting te reserveren voor de aanleg van riolering.



Wateroverlast in de Dorpsstraat in Giesbeek, januari 1951 
Op de achtergrond boerderij "Mardelsgoed" van de familie Bruynderink, die in 1959 wordt afgebroken

 

1951    In Doesburg wordt een vaste brug over de IJssel gebouwd die de oude schipbrug moet vervangen.



Op de achtergrond de nieuwe IJsselbrug, op de voorgrond de oude schipbrug (januari 1952)

1952    Na meer dan veertig jaar, vanaf 1910 postbode in Angerlo te zijn geweest, gaat Evert Groot Enzerink met pensioen. Zijn zoon Gerrit Groot Enzerink is tot 1 oktober 1986 postbode in Angerlo. Ruim 75 jaar hebben twee generaties Groot Enzerink de post in Angerlo rond gebracht.


1952    Op 10 november wordt voetbalvereniging Angerlo opgericht. Het bestuur bestaat uit E. Smits (voorzitter), H. Balduk en P. Albers. Een jaar later op 29 oktober 1953 wordt de naam Angerlo Vooruit bij de K.N.V.B. geregistreerd. De eerste jaren voetbalt men op een weiland van Th. Derksen tegenover Wielbergen tegen een pacht van 100 gulden (45 euro) per jaar.

1953    In de binnenstad van Doesburg worden de zo gehate hobbelige kinderkopjes vervangen door vlakke straatstenen. Voor de weggebruikers is dit een enorme verbetering.




1953    Op 1 november 1953, in deze tijd de katholieke feestdag van Allerheiligen, wordt de nieuwe R.K. Sint Nicolaasschool in Angerlo plechtig ingewijd. Na de plechtigheid plant pastoor Uyttewaal een jonge eik, welk voorbeeld wordt gevolgd door Herman Bernsen (afbeelding). De school telt in 1953 ruim 70 leerlingen.





1953    Begin maart 1953 wordt op last van Justitie in een boekhandel in Doesburg de nog voorradige exemplaren in beslag genomen van de krant "Het Algemeen Belang voor Angerlo en Doesburg". Uitgever en eigenaar van het blad is de Angerlose baron Brantsen. Justitie onderzoekt in hoeverre sprake is van overtreding in zake een artikel in deze krant over het inkomen van het Koninklijk Huis.



Ansicht uit Angerlo (halverwege 20e eeuw)

1954    De dorpskern van Angerlo wordt aangesloten op waterleiding. Ter vergelijking:  Duiven en Westervoort krijgen in  1952 water, Spijk in 1953, Groessen in 1954, Loo in 1954, Pannerden in 1954, Wehl in 1958, Aerdt in 1961 en Herwen in 1961.


Angerlo, 1955 (Ad Dekkers)

1955    In januari is sprake van grote wateroverlast. Een omvangrijk gebied tussen Wehl en Angerlo staat onder water.


Ansichtkaart Angerlo (verzonden in 1953)

 

1955    Henry Gans uit Zevenaar, die tijdens de Tweede Wereldoorlog enkele jaren samen met zijn broer Maurits (Mike) op de boerderij met de naam Papenheuvel van de familie Brouwer - Smeenk in Angerlo ondergedoken zit, is de allereerste medicus, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen cum laude promoveert. Zijn proefschrift gaat over leverchirurgie en zijn promotor is Prof. dr. H. Lammers.
.


Henry Gans behoort met zijn ouders Leon en Henny Gans-Cohen en zijn broer Mike (Maurits) tot de zeer weinige Zevenaarse Joden, die de gruwelen van de oorlog overleefden. Mike en Henry studeren tijdens hun onderduiktijd in Angerlo op een verborgen kamertje en gaan beiden na de bevrijding geneeskunde studeren. 
Na zijn promotie gaat Henry (1925 -  ) naar de U.S.A, waar hij professor wordt. Mike (1927 - 2013) emigreert naar het Canadese Exeter, waar hij huisarts wordt

 

1956    Voetbalvereniging Angerlo Vooruit wordt kampioen in de derde klasse afdeling Gelderland van de K.N.V.B.


Kampioenselftal met scheidsrechter en bestuursleden (1956)

1957    Dr. A. Gerver, directeur-geneesheer van het sanatorium in Zevenaar moet om gezondheidsredenen (M.S.) zijn werk neerleggen. Gedurende meer dan  twintig jaar (1936 -1957) heeft hij onder veelal uiterst moeilijke omstandigheden van vaak bittere armoede, tekorten en oorlogsellende zijn werk als longarts moeten verrichten in een tijd waarin ook in Angerlo tuberculose (tbc) een erg gevreesde ziekte is.

Dr. A.J. Gerver (1903 - 1962) met een assisterende zuster tijdens het aanleggen van een pneumotharax (stilleggen van een long) bij een tuberculosepatient (foto ontvangen van: mevr. I. Konersmann-Gerver). Dr. Gerver heeft het sanatorium ook geleid gedurende de moeilijke oorlogsjaren waarin hij zelf tweemaal door de Duitsers gevangen is genomen. Na de oorlog heeft hij zich ingespannen voor de uitbreiding van het sanatorium, noodzakelijk omdat tuberculose in die periode ook in de Liemers hoogtij viert. Direct na de oorlog heeft hij bij gebrek aan artsen enige tijd alleen voor de medische behandeling van tweehonderd patienten gestaan.

1958    Het aan het eind van de Tweede Wereldoorlog verwoeste Huis Bingerden wordt in een kleinere versie herbouwd.

 

 


Huis Bingerden

 

1959     Op maandag 14 september wordt Huize Wielbergen in Angerlo in gebruik genomen als rusthuis van de Hervormde kerk. Vijf jaar later in 1964 neemt de protestantse Stichting Philadelphia het landgoed in gebruik voor de zorg van geestelijk gehandicapten.


 

1959     De oudste boerderij van Angerlo wordt afgebroken. De boerderij, waarin de familie Bruynderink woont en in slechte staat verkeert, is omstreeks 1690 gebouwd. In de loop der tijd heeft de boerderij weinig ingrijpende veranderingen ondergaan.




1960    De Angerlose muziekvereniging "Nieuw Leven" viert op zaterdag 30 juli haar veertigjarig bestaan.

 

 


1961     Adriaan W. Langlois van den Bergh (1897 - 1975), die vooral vele tekeningen van de Achterhoek heeft gemaakt, tekent op 1 december 1963 de IJsseldijk bij Bingerden.


1962   De ontdekking van het Groningse aardgas in Slochteren in 1959 veroorzaakt in de jaren zestig ook ingrijpende gevolgen voor de energievoorziening in de Liemers, waardoor kolenkachels nu snel tot het verleden behoren.

 

Minister Andriessen brengt op 9 juli 1964 een werkbezoek aan het  Zevenaarse Broek (Zweekhorst), waar op dat moment een belangrijke aardgasleiding wordt aangelegd.

 

1963   Bij landbouwer W. Meenink in Angerlo wordt in juli 1963 een kalf met zes poten geboren. De poten zijn van normale grootte. Het dier is kerngezond en heeft geen last van het feit dat het zes poten heeft.

1964     Op maandag 20 april 1964 neemt Stichting Philadelphia Huize Wielbergen in Angerlo in gebruik voor de verzorging van geestelijk gehandicapten.




1964    De zuivelbedrijven van Angerlo en Dieren (Andi) fuseren met de melkinrichting "De Oude IJssel" te Doetinchem.


Angerlo: boterfabriek (eerste helft 20e eeuw) 


1965     De in 1915 geopende openbare school aan de Dorpstraat in Angerlo viert haar vijftigjarig bestaan. De school is in 1915 gebouwd, onder architectuur van G.W. Willemsen, door B.S. Gregoor uit Ellecom voor een bedrag van 16.000 gulden. De schoolmeubelen zijn toen geleverd door de firma Agterhof uit Dinxperlo voor 1800 gulden.
In de periode 1958 tot 1971 onderhouden kinderen en onderwijzend personeel een intensieve correspondentie met de bemanning van een schip van de scheepvaartonderneming NedLloyd. In 1960 wordt de school genoemd naar Bernard Ruys, die omstreeks deze tijd directeur is van deze scheepvaartonderneming.

 


1967    Inde strijd tegen het water in de gemeente Angerlo wordt op donderdag 9 november 1967 het Bevermeergemaal in gebruik gesteld. De totale kosten van het gemaal bedragen 1.750.000 gulden.

1968    Op donderdagavond 10 oktober wordt burgemeester C.G.M. van Riel, burgemeester van Angerlo sedert 1946, tijdens een gemeenteraadsvergadering door een hartaanval getroffen. Hij overlijdt ter plaatse. De consternatie is enorm.

1969    H. (Henk) J. Geurts (1928 - 2009) volgt C.G.M. van Riel op als burgemeester van Angerlo. Hij blijft dit tot 1975 wanneer hij wordt benoemd tot burgemeester van Druten.

 

 

1969    De uit Zevenaar afkomstige vermaarde leverchirurg Prof. dr. Henry Gans verricht in 1969 in het New York Hospital-Cornell University Medical Centre de eerste levertransplantaties
Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft Henry met zijn broer Maurits (Mike) Gans ondergedoken gezeten op boerderij Papenheuvel in Angerlo, waar Hendrik Jan Smeenk met zijn dochter en schoonzoon beide jongens op heldhaftige wijze onderdak bieden waardoor zij uit de handen van de Gestapo blijven. Na de oorlog behoren de broers tot de weinige Joden, die de gruwelen van de oorlog hebben overleefd. Mike (1927 - 2013) en Henry (1925 - ) studeren tijdens hun onderduiktijd in Angerlo op een verborgen kamertje in de boerderij en gaan beiden na de bevrijding met veel succes in Utrecht geneeskunde studeren. Henry is in 1955 de allereerste medicus, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen cum laude promoveert. Henry en Maurits emigreren in de jaren vijftig naar Canada en U.S.A, waar Henry hoogleraar / chirurg wordt en Mike (Maurits) huisarts
.


Henry Gans (ca 1945)


Prof. dr. Henry Gans (ca 1985)
 





1973    Op zaterdag 19 mei vindt de eerste steenlegging plaats van het Dorpshuis in Angerlo. In 1996 krijgt het dorpshuis de naam: "de Meent".

1974     Burgemeester H. J. Geurts opent op woensdag 25 september 1974 de nieuwe lagere school in Angerlo die de in 1915 gebouwde Angerlose dorpsschool vervangt.

 

                                                Opening nieuwe lagere school op 25 september 1974 door burgemeester Geurts

 


1976    Op vrijdag 23 januari beroven twee gemaskerde en gewapende mannen de Rabo-bank in Angerlo. Het personeel wordt na de roof in het kantoor opgesloten. De buit bedraagt achtduizend gulden. Een dag later worden de daders, Arnhemmers van 28 en 27 jaar, door de politie gearresteerd.

1978    De op 1 november 1953 geopende Sint Nicolaasschool in Angerlo viert haar zilveren jubileum. Pastoor H. Andriessen van Doesburg en Angerlo benadrukt dat katholiek onderwijs meer is dan "gewoon" onderwijs met een uurtje godsdienst erbij.



 

1980    Zuivelfabriek Andi in Angerlo wordt buiten bedrijf gesteld. In het  gebouw wordt transportbedrijf Vossen gevestigd. In 1985 laat Frits Vossen de schoorsteenpijp van de zuivelfabriek verwijderen.

 


Angerlo: zuivelfabriek Andi

 

1988    Op zaterdag 25 juni wordt het Nederlands voetbalelftal  Europees kampioen na een 2-0 overwinning op Rusland in het Olympiastadion in Munchen. De stemming in heel Nederland is uitgelaten. Ook in Angerlo heerst euforie met overal feestende mensen en toeterende auto's.

 


Uitgelaten sfeer in Amsterdam juni 1988

 

1989    Op zaterdag 30 december 1989 neemt J. Cornielje afscheid als burgemeester van de gemeente Angerlo, waarvan hij sedert 1976 tot zijn pensionering burgemeester is geweest.

 

 


Burgemeester Cornielje woont zijn gehele ambtsperiode in "De Veste", Angerloseweg 12 te Doesburg. Omdat De Veste bij een gemeentelijke grenscorrectie aan het begin van de jaren 70 op het grondgebied van de gemeente Doesburg terecht komt, heeft hij dus zijn gehele ambtsperiode buiten de gemeentegrens van Angerlo gewoond

 

1991    Het landgoed Bingerden wordt voor het eerst voor het publiek opengesteld.

 



 

1992   Op vrijdag 5 juni wordt Angerlo getroffen door een enorme windhoos.

 

 

1994    De gemeente Angerlo knoopt met de grotendeels agrarische Poolse gemeente Pruszcz (9500 inwoners) speciale vriendschapsbanden aan.

1995   Op zaterdag 18 november 1995 viert de in 1920 opgerichte Angerlose muziekvereniging "Nieuw Leven" haar 75-jarig bestaan met een groots opgezette jubileumavond.

 

1998    In december 1998 vestigt zich het Nationaal Museum voor Verpleging en Verzorging in Huize Wielbergen in Angerlo. Enige jaren later verhuist dit museum naar Zetten.

2000    De gemeente Angerlo, die de kerkdorpen Angerlo, Giesbeek en Lathum alsmede de buurtschappen Bahr en Bingerden omvat, telt 4918 inwoners. De verdeling is Angerlo 1414 inwoners, Giesbeek 2822 inwoners en Lathum 682 inwoners.

2001    Koert Post, burgemeester van de gemeente  Angerlo sedert 1990 wordt opgevolgd door Mr. C. van der Vliet, die in verband met de gemeentelijke herindeling in 2005 de laatste burgemeester in de geschiedenis van de gemeente wordt. Burgemeester Post stelt het geld, dat hij als afscheidsgeschenk heeft ontvangen, beschikbaar aan het Gezondheidscentrum in de Poolse gemeente Pruszcz, waarmee de gemeente Angerlo speciale banden onderhoudt.

2002    Voor het eerst in de geschiedenis van de gemeente Angerlo wordt de grens van 5000 inwoners bereikt. Zenna, dochter van Tamara en Danny Groeliker uit Giesbeek is de 5000e inwoner van de gemeente.

2003   Op 12 december 2003 nemen de Nederlands Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelische-Lutherse Kerk het besluit tot een gezamenlijke fusie, die op 1 mei 2004 een feit wordt. Samen vormen de drie kerken dan de Protestantse Kerk in Nederland (P.K.N.). 
De Nederlands Hervormde Kerk aan de Dorpstraat in Angerlo is vanaf die tijd een gemeente van de Protestantse Kerk in Nederland
.


P.K.N. Kerk in Angerlo
(28-07-2011)
 

 

2004   Op 10 oktober opent burgemeester Mr. C. van der Vliet de overdekte zittribune van voetbalvereniging Angerlo Vooruit. De tribune krijgt de benaming Marke naar een organisatie waarvan de oorsprong in Angerlo vermoedelijk teruggaat tot de 11e eeuw. Marken waren gemeenschappelijke gronden, waarvan de markgenoten het genot hadden. Kenmerkend was dat het gebruik van deze gronden niet verbonden was aan rang of stand en dat in de Marke iedereen dus zijns gelijke was.


Marke-tribune van Angerlo Vooruit

 

2004    In december 2004 wijdt het wereldwijd gerenommeerde medisch tijdschrift Lancet een artikel aan de mensen, die de befaamde leverchirurg Prof. dr. Henry Gans in de oorlogsjaren uit handen van de Gestapo weten te houden.
Het zijn Hendrik Jan Smeek en zijn dochter en schoonzoon (familie Bosman - Smeek) die op hun boerderij Papenheuvel in Angerlo gedurende 32 maanden in het diepste geheim onderdak aan de de broers Henry en Maurits Gans verlenen. Met hulp van het echtpaar Bosman uit Zevenaar weten ook de ouders van Henry en Maurits de oorlog te overleven. 
Tijdens de Tweede Wereldoorlog kunnen de broers op boerderij Papenheuvel in Angerlo in een verborgen kamertje studeren waardoor ze na de bevrijding met veel succes in Utrecht geneeskunde kunnen studeren. Henry is in 1955 de allereerste medicus, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen cum laude promoveert. Henry wordt een wereldwijd vermaard leverchirurg.  Maurits wordt huisarts.


 



 

 

2005    Op 1 januari wordt Angerlo in het kader van een gemeentelijke herindeling samengevoegd met Zevenaar. Na 194 jaar komt een einde aan de zelfstandige gemeente Angerlo.


De langgerekte vorm van de gemeente  Zevenaar, van  de Veluwe tot aan de Duitse grens en grenzend aan zeven andere gemeenten, heeft alle kenmerken van een politiek compromis bij de gemeentelijke herindeling

 

2007   In Angerlo fuseren de Bernard Ruysschool en de Nicolaasschool tot basisschool De Trompetter. De fusieschool draagt de naam van een tweetal verdwenen boerderijen, de ene heette De Grote Trompetter en de andere De Kleine Trompetter.

2009    Op woensdag 25 maart 2009 overlijdt op 81-jarige leeftijd H. J. Geurts, oud-burgemeester van Angerlo.  
De in Herwen en Aerdt op 3 januari 1928 geboren Henk Geurts werd in juni 1969 burgemeester van de gemeente Angerlo. Zijn ambtswoning was "De Veste" in Beinum. In april 1975 werd hij burgemeester van Druten wat hij bleef tot zijn pensionering in 1993. Vervolgens verhuist hij naar Ameland, waar hij voorjaar 2009 overlijdt.

 

2010   In Giesbeek wordt op zondag 31 oktober, de dag voor Allerheiligen, het honderdjarig bestaan van de Martinuskerk gevierd. Gelijktijdig wordt de nieuwe kerktoren officieel geopend door de Commissaris van de Koningin Clemens Cornielje, zoon van de burgemeester van de voormalige gemeente Angerlo.
De St. Martinuskerk verloor haar toren aan het einde van de Tweede Wereldoorlog door een beschieting. Na 65 jaar heeft Giesbeek haar kerktoren eindelijk terug.


Kerktoren, Giesbeek (2010)

 


2011
    Streekhistoricus W. van Heugten uit Duiven publiceert een nieuwe verklaring omtrent de herkomst van de naam "Liemers" waarbij hij er vanuit gaat dat het begrip Liemers een samentrekking is van "lee" en "mers". 
Lee verwijst volgens hem naar het waterstroompje de Lee dat begint in Loo en vervolgens van oudsher de grens vormt tussen Duiven en Westervoort en tenslotte overgaat in de Leigraaf. De term Lee stamt mogelijk van het Germaanse "laida" dat waterloop betekent. Mers is een Oudnederlands woord voor "mars" dat moeras, beemd of broek betekent. De naam Liemers zou dus verwijzen naar een moerasachtig gebied, waarin o.m. Angerlo was gelegen, dat afwaterde via de Lee.  

 


Detail kaart van Christiaan sGrooten (1557)
ten noorden van Zevenaar (Sevenaer) en Duiven : moerasachtig gebied

2014    Op zondag 23 maart vindt de Angerlose Halfvastenoptocht voor de 15e keer plaats. De optocht, die jaarlijks halverwege carnaval en Pasen plaatsvindt en inmiddels is uitgegroeid tot de grootste Halfvastenoptocht in Nederland, trekt vele duizenden bezoekers.

2018    Op vrijdag 16 maart 2018 overlijdt op 93-jarige leeftijd Jozef Cornielje (1924 - 2018). 
Jozef Cornielje is op 30 december 1924 in Spijk geboren. In de periode 1958 - 1964 is hij secretaris van het polderdistrict Oude-Rijn en vervolgens tot 1976 gemeentesecretaris van Herwen en Aerdt. Van 1976 tot zijn pensionering in 1989 is hij burgemeester van de (voormalige) gemeente Angerlo. Zijn zoon Clemens werd in 2005 Commissaris van de Koningin in Gelderland. 

 

 

 


 

 

 

In de geschiedenis ligt de nadruk doorgaans op machtige mensen. In www.liemershistorie.nl vooral aandacht voor de geschiedenis van gewone mensen, hun zwoegen voor een menswaardig bestaan want de overgrote meerderheid van de bevolking heeft tot halverwege de 20e eeuw doorgaans op de rand van het bestaansminimum geleefd waarbij misoogsten, ziekten, oorlogen en (natuur)rampen kwellingen zijn die de mensen voortdurend hard hebben getroffen. Indrukwekkend is de wijze waarop velen onder moeilijke omstandigheden het hoofd boven water hebben kunnen houden.

 

 

UIT HET VERLEDEN ONTWIKKELT ZICH HET HEDEN en UIT HET HEDEN DE TOEKOMST