Beek 

 

Beek: Snel door de tijd

De naam Beek houdt verband met de beek 't Peeske, die in het verleden dwars door de huidige dorpskom liep.

 

2500 voor Christus       Vuurstenen werktuigjes, die bij opgravingen gevonden zijn, tonen aan dat er reeds rond 2500 voor Christus een nederzetting is op de grens van Didam en Beek.

 


969  na Christus            Vermoedelijk wordt omstreeks dit jaar door graaf Wichman van Hamaland de eerste kapel in Beek gesticht. Het kapelletje wordt toegewijd aan Sint Petrus in de banden.  
Opmerking: De toewijding betreft de bevrijding van de apostel Petrus nadat deze door Herodes is gevangen genomen en de ketenen (banden) worden verbroken. De ketenen vormen voor de vroege Christenen een belangrijk cultusobject. 


1000
    In het Liemerse land zijn nederzettingen maar nog geen dijken. De rivieren en stroompjes treden voortdurend buiten hun oevers maar echt hoge waterstanden komen vrijwel nooit voor omdat het water zich door het ontbreken van dijken vrijelijk kan verspreiden.

1206    Beek wordt als parochie van Elten afgescheiden waardoor het een zelfstandige parochie wordt.

  Nederzettingen in onze streek omstreeks 1200

Aswen (Azewijn) en Thedodem (Didam) worden genoemd in 828; Thuvine (Duiven), Gruosne (Groessen), Harawa (Herwen) in 897; Eltnon (Elten) in 944; Berga ('s Heerenberg) in 1105; Sydehem (Zeddam) in 1142; Lengel in 1144; Loel (Loil), Wele (Wehl) en Waverlo (Dijk) in 1178; Beek in 1206 en Stockem (Stokkum) in 1240.

 

 


1240   
Hendrik van den Bergh verhuist van Montferland naar de nieuwe woontoren op de plaats waar nu Huis Bergh  staat.

1290    Aan het eind van de dertiende eeuw is Doesburg verreweg het belangrijkste centrum in onze regio. De gehele Liemers tot aan Emmerik alsmede ook Doetinchem ressorteren onder het ambt Doesburg.

1313    Beek wordt voor het eerst in schriftelijke bronnen vermeld maar de parochie bestaat al veel langer.

1339    De inwoners van Beek bouwen hun eerste stenen kerk. Een deel van de kerktoren in onze huidige tijd bevat nog tufstenen van deze eerste stenen kerk..

1339   Gelre, waartoe ook Beek in deze tijd behoort, wordt door de keizer van Beieren tot hertogdom verheven. Het is een zeer groot en belangrijk hertogdom. Het omvat naast de huidige provincie Gelderland, grote delen van de huidige provincie Limburg (met ondermeer Venlo, Venray en Roermond) en delen van het huidige Noord-Rijnland-Westfalen met ondermeer het stadje Geldern, waarnaar het hertogdom Gelre en de latere provincie Gelderland zijn genoemd. Het hertogdom Kleve vormt een wig tussen de Noordelijke en de Zuidelijke delen van Gelre. De zelfstandigheid van Gelre eindigt in 1543.

    Het hertogdom Gelre omvat omstreeks 1350:
1. Het Kwartier van Nijmegen (huidige Betuwe)
2. Het Kwartier van de Veluwe (ook genoemd het Kwartier van Arnhem)
3. Het Kwartier van Zutphen (de huidige Achterhoek en Liemers)
4. Het Kwartier van Roermond (het huidige Limburg en delen van Noord-Rijnland-Westfalen) 

 

1340     Uit een rekening van de rentmeester van de graaf van Gelre blijkt, dat in deze tijd tot de Lijmers (Lyemersch) gerekend worden Weel (Wehl), Betburg (Babberich), Zevenaar, Angeroy (Loo), Westervoort, Beek en Zeddam,  Duiven en Groessen.

1355     De macht van de Gelderse hertog wordt aanzienlijk minder doordat hij uit geldnood Liemerse bezittingen en Emmerik verpandt aan zijn zwager de graaf van Kleef. De graaf Van den Bergh beperkt voor Kleef de weg naar verdere gebiedsuitbreiding in de Liemers door onder andere Beek in pandschap te nemen.

1361     Het goed Byvanck bij Beek wordt voor het eerst vermeld. De bezitter is Gheryt Palick van der Wilten.  


De Byvanck bij Beek getekend door W.G. Hofker (1902 - 1981) in 1957

1408    Het huis "Het Avesaet" in de buurtschap Grefflichem bij Didam komt in het bezit van het geslacht Momm, dat de richters van Didam zou leveren.

Huis Avesaet in Didam
Links: getekend door M. de Raad (Raed) in 1721
Rechts: geschilderd door C.Tromp in 1958

 


1427
    De hertog van Gelre verkoopt al zijn rechten in de Bergherbossen aan de heer van den Bergh.

1432    Na een extreem koude winter overstroomt de Liemers na het invallen van de dooi. De stad Arnhem stuurt haringen naar de slachtoffers.

1440     De heer van Bergh koopt het kasteel Loil.


Het Huis Loil onder Didam

Tekening: D.J. van Elten, anno 1783





















 

 

1447    Op vrijdag 30 maart laat Willem II Van den Bergh in een uitvoerige oorkonde vastleggen, dat hertog Adolf 1 van Kleef voor 5.500 Rijnse guldens aan hem heeft verpand het kerspel (parochie) Beek. De hertog doet dit omdat hij veel geld nodig heeft voor zijn oorlog met de bisschop van Keulen, de zogenaamde "Soester Fehde". Voor deze verpanding behoort het kerspel Beek staatkundig tot de Kleefse Liemers waartoe dan ook Zevenaar, Duiven, Groessen en Loo behoren.

1447     Johan van den Loe (Loo), drost in de Liemers, koopt van Derick van Ailsvoirt en zijn vrouw Aleid van der Wilten landgoed de Grote Byvanck in Beek.

1460     De in 1339 in Beek gebouwde stenen kerk wordt uitgebreid met een verhoogd gotisch koor.

1503      De zomer van 1503 verloopt zinderend heet en kurkdroog. Het is ook voor de inwoners van Beek een ware beproeving.

1517     Maarten Luther slaat zijn 95 stellingen aan de deur van de slotkerk in Wittenberg.

1532     Oswald, graaf van den Bergh, tekent protest aan omdat mensen uit Babberich hout hebben gehaald uit de Beekse heide

1557     De vermaarde cartograaf Christiaan sGrooten, geograaf van de Spaanse koning Philips II, brengt het gewest Gelderland in kaart.

Een detail uit de kaart van Christiaan sGrooten betreffende de omgeving van Beeck (Beek)

In de omgeving van Beek zien we o.a. Stockem (Stokkum) en Zeedam (Zeddam).

 



 

 


1568    Begin van de Tachtigjarige Oorlog. De strijd tussen Spaanse en Staatse troepen brengt de bevolking in de Liemers en ook de omgeving van Didam, regelmatig tot wanhoop.  


De staatkundige indeling van de Liemers en de omgevende gebieden in de 16e eeuw

Geel: Kleefs gebied   Groen: Gelders / Staats gebied   Licht Groen: Berghs gebied (o.a. Beek)   Wit: zelfstandig gebied

1572    Begin juli worden 19 katholieke priesters uit Gorcum ontvoerd naar Den Briel. Als ze daar niet bereid zijn het katholieke geloof af te zweren worden ze een voor een opgehangen. De herinnering aan dit gebeuren, dat bekend staat als een van de dieptepunten in de opstand tegen Spanje, blijft tot ver in de 20e eeuw bij veel katholieken, ook in de Liemers, levend.

Martelaren van Gorcum worden in een schuur terechtgesteld (19e eeuws schilderij van Cesare Fracassini)

De ontvoering van de 19 priesters vindt plaats door watergeuzen onder leiding van hun in 1571 door Willem van Oranje benoemde opperbevelhebber Lumey. Wanneer de priesters niet bereid zijn om het katholieke geloof af te zweren, worden ze in een schuur een voor een opgehangen. Na hun dood worden de 19 martelaren van Gorcum voor veel katholieken ook in de Liemers lichtende bakens in een periode van onderdrukking en duisternis. De herinnering aan het gebeuren in 1572 blijft tot ver in de 20e eeuw levend. Veel katholieken sluiten tot ver in de 20e eeuw hun dagelijks gebed af met: "heilige martelaren van Gorcum bidt voor ons".

 

1573    Reeds eind oktober begint in de Liemers een lange zeer strenge winter, waarin vrijwel alle wintervoorraden verloren gaan met grote tekorten en honger tot gevolg.   

 

1578    Op 10 maart wordt Jan van Nassau, broer van Willem van Oranje, stadhouder van Gelderland. Hij is een vijand van het katholicisme en baant de weg om het Calvinisme met geweld in te voeren, waardoor katholieken in de Gelderse delen van de Liemers moeten kerken waar ze dat wel in vrijheid kunnen. De katholieken van Beek kerken vooral in Elten. De overgrote meerderheid van de Liemerse bevolking blijft ondanks de onderdrukking sterk gehecht aan het oude geloof.   

Oudste afbeelding van de kerk van Beek uit 1735 (op tiendkaart van Theodor Bucker)
Het Berghse gebied behoort politiek tot de Nederlanden. Het katholicisme wordt uit kerken en pastorieen verdreven; de godsdienstuitoefening wordt verboden. Door de grote invloed van de heren van Bergh blijft in onze omgeving de vervolging van katholieken grotendeels uit.

 

1581    De periode 1581 tot 1603 verloopt voor de bevolking in het Gelders - Kleefs grensgebied rampzalig. De Tachtigjarige Oorlog, een meedogenloze strijd tussen Spaanse en Staatse troepen, maakt veel slachtoffers onder de bevolking. Zowel Staatse (Hollandse) als Spaanse soldatenbendes trekken regelmatig plunderend en brandstichtend rond. De terreur wordt mede veroorzaakt door de slechte betaling van vooral de Staatse soldaten.

Plundering van een dorp geschilderd door Pieter Molijn (Frans Halsmuseum, Haarlem)
Vooral tijdens de eerste helft van de Tachtigjarige Oorlog gaat ook de bevolking van de Liemers regelmatig gebukt onder de wreedheden en plunderingen van Hollandse en Spaanse soldaten.

1593    De Beekse kerk wordt gesloten voor de uitoefening van de katholieke erediensten. De katholieke inwoners van Beek kerken vanaf 1593 op Kleefs gebied in Elten, Wehl en Zevenaar. Pas in 1795 krijgen de katholieken in Beek hun kerk weer terug, die inmiddels volkomen vervallen is. Beek zou na de reformatie nooit een predikant krijgen: De gemeente wordt aanvankelijk ingedeeld bij Didam en later bij Zeddam.

Het dorp Beek met op de achtergrond de Elterberg op een anoniem doek
Op de Elterberg heeft vele eeuwen het befaamde stiftklooster voor adellijke dames gestaan.

1595    Na een extreem koude winter volgen in maart zware overstromingen. De Lijmerse bandijk breekt op diverse plaatsen door.

1608    Een ontstellend koude winter zorgt voor grote problemen. In januari en februari vriest het zo hard dat zelfs de oudste mensen zich niet kunnen herinneren dit ooit eerder te hebben meegemaakt.

1610     Op vrijdag 22 januari wordt onze regio getroffen door een zware storm. Bij Rees breekt de dijk door. Veel land staat onder water

1635
  Na een strenge winter volgt als gevolg van een dijkdoorbraak bij Loo een zware overstroming. De Spanjaarden moeten in verband met het hoge water Schenckenschans ontruimen.

1638    De Liemers krijgt het als gevolg van de Paltse inkwartiering zwaar te verduren. Veel soldaten maken zich schuldig aan beroving en ook als gevolg van drankmisbruik wordt grote schade aangericht.

 


Op een landkaart uit 1636 wordt de weg naar 's Heerenberg expliciet vermeld 
Merk op: oost is links en  noord is onder  

 

1644     De kerktoren van de in 1460 gebouwde kerk in Beek krijgt een nieuwe klok. Deze klok, die een eminente sociale functie heeft, zal meer dan twee eeuwen tot 1883 dienst blijven doen.

1652     De Gelderse landmeter Nicolaas van Geelkercken brengt onder meer de Lymers in kaart. Beeck (Beek) en Monferlant (Montferland) worden expliciet genoemd.

De omgeving van Seventer (Zevenaar), Des Heerenberg ('s Heerenberg) en Dydam (Didam) zoals getekend door N. van Geelkercken.
Merk op dat het noorden onder en het westen rechts is.
 

1668   Uit een vermelding van dominee Crucius dat de inwoners van Stokkum zich tijdens de vastenavondviering hebben misdragen, blijkt dat het vieren van vastenavond (carnaval), de laatste avond voor de vasten, in de 17e eeuw in onze omgeving voorkomt.

Diverse liedjes over de vastenavondviering zijn bewaard gebleven, zoals het bekende foeke-pot-liedje. Hierbij lopen kinderen met een bus (foekepot) waarover een varkensblaas is gespannen van huis naar huis. Door de varkensblaas steekt een rietje dat op en neer wordt bewogen en daarbij een geluid produceert. Hierbij zingt men:
        "Foekepot, foekepot, foekepotteri-j
        geef mien 'n centje dan goa-k weer veurbi-j
        ik heb al zo lang met de foekepot gelope
        ik heb gin centjes um brood te kope"

1681    De paters Franciscanen bouwen in Elten een nieuw klooster (zie voor de tekening van Jan de Beijer jaar 1737). Paters van dit klooster zouden een belangrijke rol spelen bij recatholisering van naburige Staatse gebieden (o.a. Beek). 


Het Franciscanenklooster in Elten gebouwd in 1681 ter vervanging van het in 1572 verwoeste klooster in de Briemer bij Emmerik.
J.H.A. van Heek maakt in 1952, kort voor afbraak van het zwaar beschadigde klooster, bovenstaande tekening.
 


1684
    De winter van 1683 - 1684 verloopt ontstellend koud. Zelfs de oude mensen in Beek kunnen zich niet herinneren zo'n extreem koude winter ooit eerder meegemaakt te hebben. De koude valt ver voor kerstmis 1683 in en duurt tot medio februari 1684. De rivieren vriezen volledig dicht en ijsdikten tot twee Rijnlandse voeten (63 cm) worden gemeten. De winter zorgt voor veel overlast. 

1685    R.K. inwoners van Beek bouwen een kerkschuur op de hoek van de huidige Kerkhuisstraat en Pinksterbloemstraat.

1685    De graaf van Bergh staat toe dat R.K. Minderbroeders van het nieuwe klooster in Elten missioneren in Beek.

1702    Een ernstige dysenterie - epidemie (heftige infectieuze darmontsteking) treft ondermeer Beek, waar in de periode augustus tot en met december 1702 maar liefst 46 dodelijke slachtoffers (24 volwassenen en 22 kinderen) te betreuren zijn. Onder de dodelijke slachtoffers ook de Beekse pastoor Biderwant, die op 10 augustus aan de aandoening bezwijkt. Vanwege de waterdunne diarree vermengd met bloed wordt de aandoening in de volksmond "ro(o)de loop" genoemd.

1709    Zeer strenge winter vanaf Driekoningen (6 januari); veel vee doodgevroren.

1710    Door een zeer slechte oogst lopen aan het eind van het jaar de voedselprijzen geweldig op. Zo kost rogge in Beek in december maar liefst 16 daalder per mud, een prijs die slechts weinigen kunnen betalen.

1711    In het voorjaar zijn er diverse dijkdoorbraken zoals de IJsseldijk bij Lathum en de Boterdijk bij Lobith. Veel voedselvoorraden gaan verloren, weiden blijven lang onbruikbaar en op grote schaal wordt honger geleden.

1714    Veepest veroorzaakt in de Liemers de dood van veel runderen en grote armoede onder de bevolking.


Hooioogst in de Lijmers, 1790
 

1719    In Beek sterven meer dan 250 runderen aan de veepest.

 

1735    In de nacht van vrijdag 14 op zaterdag 15 oktober brandt de woonvleugel van het kasteel Huis Bergh volledig af.


Gezicht op 's-Heerenberg (Jan de Beyer, 1743)
Rechts kasteel Huis Bergh en links de kerk met daarnaast de toren.   
 

 

1737    De reizende tekenaar Jan de Beijer tekent vanaf Eltenberg het gezicht op Elten en het Franciscanenklooster.

Gezicht op Elten (1737), Jan de Beijer

 

1739    Onophoudelijke regen, hagel en sneeuw maken dat de Liemers in april een grote watervlakte is. Het winterkoren gaat verloren en voor mens en dier is er een groot tekort aan voedsel.

 

1740    De winter van 1740 is zeer koud. Na een relatief zachte december 1739 wordt januari 1740 extreem koud. In de periode van zaterdag 9 tot en met dinsdag 12 januari is het zelfs overdag in Beek niet warmer dan 10 graden onder nul. De barre winter wordt gevolgd door een extreem koud voorjaar. Op zaterdag 7 mei sneeuwt het nog. Ook de zomer verloopt zeer koud waardoor de oogsten volledig mislukken. Het duurt jaren voor dat men het rampzalige jaar 1740 te boven is.


Kerk van Beek omstreeks het rampzalige jaar 1740

 

1742    Als gevolg van een muizenplaag zijn de graanprijzen uitzonderlijk hoog.


                                          "Dorp Diedam ofte Diem 27 Augustus 1742" ( Jan de Beijer)

 
1743
   In het voorjaar staat de Liemers onder water. Tientallen paarden en meer dan honderd runderen overleven het niet.

1745
    Het jaar 1745 is voor Beek en omgeving een rampjaar. Besmettelijke ziekten en veepest richten grote schade aan. Talrijke mensen bezwijken en hele veestapels gaan ten gronde.

 

1748   Beek telt dertien "hele" boeren, zeven "halve", zes "keuter"boeren en daarnaast nog vijf gezinnen van dagloners met hooguit een paar schapen, een geit en een varken.


1753    Op 19 december vindt dijkdoorbraak plaats bij de buurtschap Leuven / Leuffen (buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groessen). Een zeer omvangrijk gebied tot Steenderen komt onder water.


Het doorbreken van de Rhijndijk in 1753
Meer dan drie maanden lang, tot eind maart 1754, blijft het water door de Leuvense doorbraak naar binnen stromen.
Tot  in oktober 1754 werkt men dagelijks met honderd karren aan het herstel van de dijk.

 

1756    Op zaterdag 11 december 1756 begint het streng te vriezen en de intense koude duurt onafgebroken tot maandag 7 februari 1757. De langdurige en intense koude is ook voor de inwoners van  Beek een ware kwelling.

1757    Op zondag 30 januari ziet men op het Gelders eiland de eerste tekenen van ijsgang. Het opgestuwde water stijgt daardoor zo hoog, dat het nog dezelfde dag twee voet over de dijk loopt en de dijk ter hoogte van de Pannerdenschen Waerd breekt. Ruim een week later op woensdag 9 februari breekt de Herwense dijk op vijf plaatsen tegelijk door als gevolg van het opnieuw kruiende ijs en ook bij Pannerden volgen nieuwe doorbraken. Ook de dijk bij Leuven, tussen Oud-Zevenaar en Groessen breekt in deze rampzalige maand.

 

Door vele dijkdoorbraken als gevolg van waterstuwing door het kruiende ijs staat in februari 1757 de Liemers grotendeels onder water. Velen vertoeven dagenlang op zolders of daken van hun huis. Ook gaan veel huizen door de watermassa verloren.

 

1758    In Beek houden in 1758, tijdens de Zevenjarige Oorlog (1756 - 1763), Hannoverse soldaten huis. Hendrick Francken, boer op de Vaanhorst in Beek, meldt dat de soldaten bij hem "hemden en een beddenlaken, twee vimmen koren, spek, vlees, boter en brood" hebben geroofd. Paarden en koeien heeft hij vooraf uit voorzorg diep in de bossen verborgen de soldaten weg zijn. Ook vrouwen en meisjes hebben zich verstopt uit angst voor verkrachting door de brute soldaten. Ook in deze tijd gaan oorlogen en verkrachtingen hand in hand.

1764    In februari vinden dijkdoorbraken plaats bij Rees en Herwen waardoor ook Beek weer te maken krijgt met wateroverlast.

 

1768    De veepest slaat opnieuw toe. Op boerderij de Vaanhorst in Beek van boer Hendrick Francken (1736 -1796) sterven maar liefst vijftien melkkoeien aan de gevreesde ziekte. Alleen grote boeren hebben in deze tijd zoveel koeien. Tot overmaat van ramp sterft tijdens deze epidemie ook nog boerin Geertrudis Francken - Roosendaals (1721 - 1769) en blijft Hendrick met kleine kinderen achter.

1771    In het voorjaar regent het gedurende vijf weken onophoudelijk, waardoor ook Beek met een ernstige wateroverlast te maken heeft.

1774    Opnieuw wordt de regio getroffen door een epidemie van de gevreesde veepest. In het dorp Beek sterft daardoor in 1774 meer dan 75%  (!) van het vee. Vooral veel keuterboeren en daghuurders raken in een klap al hun vee kwijt. Het betreft de zoveelste uitbraak van runderpest in korte tijd, die meedogenloos toeslaat. Eerder uitbraken van veepest hebben onder meer in 1714, 1719, 1745, 1747 en 1768 plaatsgevonden. Niet alleen door de veepest maar ook door ziekten, sterfte, plunderende soldaten, rondtrekkende bendes, slecht weer, extreme winters en natuurgeweld leven velen toch al bij voortduring op de rand van het bestaan.

1779    Mr. Johannes Nepomucenus Hoevel, rentmeester van Bergh, koopt het landgoed Bijvanck in Beek. Blijkbaar gaan de zaken goed want enkele jaren later koopt hij achtereenvolgens kasteel Lindhorst (1786), het huis Hohensorge (1787), beide bij Emmerich en de Swanenburg (1805) bij Gendringen.


 Swanenburg (Nicolaas van Geelkercken)

 

1783    Een ernstige dysenterie - epidemie treft onder meer Beek. De aandoening die gepaard gaat met hevige darmkrampen, wordt vanwege de waterdunne rood bloederige diarree in de volksmond "ro(o)de loop" genoemd. Tot de slachtoffers in Beek behoren: een dochter van Brugman, de vrouw van Gerrit Gerritzen, een kind van Jan H. Kerckhoff, een kind van Jan Meurs en de weduwe Rombels. 

1784    Een felle en langdurige vorstperiode zorgt dat de rivieren tot op de bodem met ijs bedekt zijn. In februari zet de dooi in en in de middag van 29 februari breken bij Spijk dijken door. Een dag later zijn er dijkdoorbraken in Oud-Zevenaar. Begin maart staat een gebied tussen 's Heerenberg en Doesburg onder water.

1789    De winter van 1788-1789 verloopt ook in Beek extreem koud. Met de winter van 1708-1709 is deze winter de aller-koudste winter van de 18 eeuw. Mens en dier gaan gebukt onder de extreme koude en de gevolgen daarvan.

1792    Het (huidige) Huis de Bijvanck wordt gebouwd door Johannes Hoevel.

1795    Franse troepen brengen ook in Beek "Vrijheid, Gelijkheid, Broederschap". De katholieken in Beek krijgen hun kerk terug, die ze ruim twee eeuwen eerder hebben moeten afstaan. De kerk is inmiddels volkomen vervallen en er is een jaar nodig om de kerk te herstellen.  

1796    Zondag 7 augustus 1796 beleven de katholieke inwoners van Beek als een glorieuze dag. Hun kerk wordt ingewijd door J.F. Sparmakering, aartspriester in Emmerich. 

1799    Na een zeer koude winter wordt de Liemers opnieuw getroffen door een grote overstroming. Mensen vluchten naar hoger gelegen gebieden zoals Elten.

1800    De maaldwang, de verplichting van boeren om het graan op een bepaalde molen te laten malen, wordt opgeheven.                  
Tot 1800 moeten boeren uit Azewijn, Vethuizen, Vinkwijk, Braamt, Kilder, Stokkum, Wijnbergen en Beek hun graan op de Zeddamse Torenmolen laten malen.

 

1805    Bijna 75% van de bevolking van Beek is analfabeet.

1811    In het najaar heerst dysenterie in Didam en omgeving. Dysenterie (in de volksmond rode loop genoemd) is een hevige bloedende diarree, die in de 18e en 19e eeuw veel dodelijke slachtoffers maakt.


1816    Uitgezonderd enkele dagen in augustus regent het ook in Beek van mei tot in november vrijwel onafgebroken. De Liemers verandert daardoor in een enorme modderpoel. De oogst (o.a. tabak en aardappelen) verrot vrijwel volledig en extreme armoede is het gevolg. Het jaar 1816 gaat de geschiedenis in als het jaar zonder zomer. Volgens sommigen heeft de zon in het hele jaar maar op twee dagen geschenen, volgens anderen zelfs nog minder. Velen denken dat het einde der tijden nu heel nabij is. 
De oorzaak van het  extreme weer is de uitbarsting van de vulkaan Tambora in Nederlands-Indie (in onze tijd: Indonesia) waardoor zulke enorme hoeveelheden as in de atmosfeer komen dat deze wereldwijd tot weersverandering hebben geleid, veel regen en vrijwel geen zon. 

1817   Nadat het gehele jaar 1816 het extreem slechte weer ook in Beek voor enorme problemen zoals honger en armoede heeft gezorgd, verschijnt medio maart 1817 de zon, die zich daarvoor in dertien maanden vrijwel niet heeft laten zien. Het gewone klimaat keert eindelijk weer terug. 
Pas in de loop der 20e eeuw hebben wetenschappers vastgesteld dat de tijdelijke klimaatverandering, die de wereld in 1816 kwelt, het gevolg is van de enorme vulkaanuitbarsting van de Tambora op het eiland Sulawesi in de Indonesische Archipel. Aan het begin van de 19e eeuw duurt het maanden tot jaren voordat nieuws van de andere kant van de wereld onze omgeving bereikt maar ook als men het toen eerder geweten had zou niemand een verband gelegd hebben tussen de vulkaanuitbarsting en de tijdelijke klimaatverandering.
 

1819    Miljoenen veldmuizen richten in de Liemers onvoorstelbare vernielingen aan. De oogst gaat voor een groot deel verloren.

1824    In Zevenaar wordt op 16 augustus geboren Benedictus Rosenboom, die in de tweede helft van de 19e eeuw ook in Beek bekend staat als de rondtrekkende jood Bender (Bendel).


Bendel (1824 - 1912)

Bendel woont vele jaren of in Babberich of in Zevenaar.
Op de Liemerse wegen is hij een bekend figuur, die handelt in van alles en nog wat maar vooral in oude metalen, lompen en horloges.
In 1902 wordt hij in het gesticht in Warnsveld opgenomen waar hij op 11 mei 1912 overlijdt.


1825    In plattelandsgemeenten wordt de titel van schout (voor het hoofd van de gemeente) veranderd in die van burgemeester.

De Liemers en omgeving uit een aardrijkskundig schoolboek door J. van Wijk Roelands Zoon uitgegeven door H.C.A. Thieme te Zutphen in 1827. Vermeld worden o.a: Beek, Didam, Lool, Holthuizen, Montferland, Eldrik, Braamdt en Kilder.

 


1830   
Omstreeks deze tijd vindt op de Byvanck in Beek een belangrijke muntvondst plaats. Het betreft munten, die er in 14e eeuw zijn begraven en die mogelijk in verband staan met de Tempeliers, die  op de Byvanck hebben vertoefd.

         Byvanck, begin 20e eeuw

1830     De Belgische opstand leidt tot afscheiding van Belgie van Nederland. 
Koning Willem I voert de militaire dienstplicht in. Velen voelen er echter weinig voor om voor een protestante vorst te vechten tegen het katholieke Belgie. Dit leidt ook in Beek tot grote onrust. In Lobith trekt zelfs een groep jongemannen door het dorp, die dreigt het gemeentehuis in brand te steken. De gouverneur van Gelderland stuurt daarop 90 soldaten om de rust te herstellen. Honderd (jonge)mannen, die vervolgens worden gedwongen in militaire dienst te gaan, deserteren in de winter van 1830 - 1831 en vluchten naar Pruisen.

1831     Eind februari 1831 komt een strafexpeditie, bestaande uit tweehonderd manschappen onder leiding van majoor Schimmelpenninck, naar Bergh, waartoe ook Beek behoort, om orde op zaken te stellen en dienstweigeraars op te sporen.

1833    De Leidse historicus dr. Jansen vindt op Montferland een Romeinse dakpan, die dateert van ongeveer 40 na Christus. Het betreft een van de oudste Romeinse vondsten in onze omgeving.

1836    Op dinsdag 29 november veroorzaakt een hevige storm veel schade. In Beek en Loerbeek lopen 12 van de 82 huizen ernstige schade op.

1845    Overvloedige regenval heeft tot gevolg dat meer dan 75% van de oogst verloren gaat. De aardappelteelt verrot vrijwel volledig.

1846    Door de aardappelziekte gaat opnieuw een groot deel van de aardappeloogst verloren. Omdat bovendien ook de roggeoogst en tarweoogst door een muizenplaag mislukken is er een groot voedseltekort.

1847    De overheid roept zondag 2 mei uit tot algemene biddag. Na twee eerdere jaren met een mislukte aardappeloogst is er opnieuw door de aardappelziekte alsmede de hoge graanprijzen een ernstig voedseltekort.

1850    De gemiddelde levensverwachting in de Liemers bedraagt 34 jaar; dit is in het bijzonder het gevolg van de grote kindersterfte.

1850    Ook in de tweede helft van de negentiende eeuw gaat de industriele revolutie vrijwel volledig voorbij aan de Liemers.

1851    De zomer verloopt voor de boeren rampzalig. Een lange periode van hitte en droogte eindigt met een hevig onweer met hagel en storm.

1852    In een heel jaar verdient een arbeider in de Liemers ongeveer 300 gulden (135 euro).

1853   Bij aartsbisschoppelijk decreet wordt het dekenaat Doesburg opgericht. Het dekenaat omvat de R.K. parochies: Doesburg, Lathum en Giesbeek, Westervoort, Duiven, Groessen, Loo, Zevenaar, Oud-Zevenaar, Lobith en Tolhuis, Herwen en Aerdt, Pannerden, Didam, Beek, 's-Heerenberg, Zeddam en Azewijn. De allereerste deken wordt pastoor J. Willemsen van Duiven.  

1855   Na het herstel van de bisschoppelijke hierarchie in Nederland wordt de parochiekerk van Beek toegewijd aan Sint Martinus. De opmars van het Rijke Roomse Leven begint en zal (naar later zou blijken) ongeveer een eeuw duren.

1855    De burgemeester van Bergh, ondersteund door inwoners van Babberich, Didam, Herwen en Aerdt, Oud-Zevenaar en Beek, verzoekt de minister van Binnenlandse Zaken om in Babberich een treinstation te realiseren aan de nieuwe spoorlijn Arnhem - Emmerik. Het verzoek wordt in eerste instantie afgewezen. Ruim veertig jaar later op 1 mei 1897 wordt Babberich toch halteplaats voor internationale treinen. Op 22 mei 1932  zou deze halte weer gesloten worden. 

1856    Op 10 januari 1856 wordt Carolus A. L. Baron van Hugenpoth tot Aerdt (1825 - 1907) burgemeester van de gemeente Bergh, waartoe ook Beek behoort. Hij blijft dit bijna 40 jaar tot 23 april 1894, waarna hij wordt opgevolgd door zijn zoon Johannes Nepomucenus. Carolus overlijdt op 16 oktober 1907 op 82 jarige leeftijd te 's-Heerenberg.


Carolus A.L.van Hugenpoth tot Aerdt, burgemeester van Bergh van 1856 tot 1894      

 

1857    Hendrikus Neijenhuis begint een timmer-aannemersbedrijf in Beek.  Wanneer het bedrijf, dat in 1927 verhuist naar Arnhem,  in 1957 honderd jaar bestaat, kan het terugzien op de bouw van een omvangrijk aantal huizen, boerderijen, kerken, kloosters en utiliteitswerken.


       Ook de in de Tweede Wereldoorlog vrijwel volledig verwoeste Kerk op Hoog Elten wordt door aannemer Neijenhuis in oude glorie hersteld

1858    Verschijning van Maria in Lourdes. Ook op de dan overwegend katholieke bevolking van de Liemers maakt dit diepe indruk.  

1859    In Beek wordt voor het eerst een verbindingsweg verhard. Het betreft een met grind verharde weg, die loopt van het Tolhuis in Zeddam via Beek naar Didam. Om de kosten te bestrijden wordt aan de ingang van Bergerbosch de Beeksche Tol  gebouwd. De eerste tolgaarder is Derk Giezenaar, die na zijn dood in 1888 wordt opgevolgd door zijn zoon Bart.


 

Tolhuis van Derk Giezenaar aan de grindweg Beek - Zeddam omstreeks 1900
Links van west naar oost
Rechts van oost naar west

 


 

1864    De uit Geldrop afkomstige Godefridus van Woerkom (1819 - 1892) wordt in november 1864 pastoor van de R.K. parochie in Beek. Hij volgt pastoor Burgers (1800  - 1878) op, die met emeritaat gaat. Tijdens het pastoraat van pastoor Van Woerkom wordt in Beek een nieuwe weem (pastorie) gebouwd. In onze huidige tijd is het een villa, gelegen aan de Martinusstraat 22, met de naam Volle Wille (Veel Plezier).


Villa "Volle Wille" in  Beek   

 

1867  De Sint Martinuskerk in Beek wordt uitgebreid met twee zijbeuken aan weerszijden van het schip.
  De Sint Martinuskerk in Beek, omstreeks 1900
 

1867    Door de runderpest gaat het grootste deel van de veestapel verloren. Ook de oogst is slecht waardoor 1867 als rampjaar ervaren wordt.

1868    Extreme droogte in de Liemers veroorzaakt voedseltekort.

1870   Vooral na het gereedkomen van de spoorlijn Arnhem - Keulen in 1856 gaan veel arbeiders uit de Liemers werken in het Duitse Ruhrgebied. Op maandagochtend staan op de treinstations van o.a. Zevenaar, Babberich en Elten honderden arbeiders om met de eerste trein naar het Ruhrgebied te gaan. Arbeiders uit plaatsen als Beek, Didam en Loerbeek hebben dan al een aantal kilometers lopend afgelegd. Sommige arbeiders vestigen zich in de loop der tijd definitief in Duitsland, het merendeel komt echter telkens na een week werken zaterdagavond thuis.

1874    Pastoor G. van Woerkom wordt opgevolgd door Antonius J. de Grijs. Laatstgenoemde blijft pastoor in Beek tot 1891 wanneer hij wordt benoemd tot pastoor in het Groningse Bedum.


 Het dorp Beek halverwege de 19e eeuw (Thomas Barber, Rijks Universiteit, Leiden)

1878   Op 1e Kerstdag overlijdt in Beek op 78-jarige leeftijd Coen Burgers (1800 - 1878), pastoor in de parochie Beek van 1841 tot zijn emeritaat in 1864. 

1879    Op 4 oktober komt de krant De Graafschap-Bode voor de allereerste keer uit.

Voorpagina van de allereerste editie van de Graafschap-Bode
 
De Graafschap-Bode wordt uitgegeven door Misset in Doetinchem.
Op 1 april 1873 begint de grondlegger van het bedrijf, Cornelis Misset uit Haarlem, een kleine drukkerij in Doetinchem. Op zaterdag 4 oktober 1879 verschijnt de Graafschap-Bode in een oplage van 2.000 als een wekelijks nieuws- en advertentieblad voor het eerst; vanaf 1 maart 1967 verschijnt het blad dagelijks.
 

.


 

 

 

1880    In Huis Babberich wordt 18 maart geboren Christophe Karel Henri de Neree tot Babberich (1880 - 1909). Op 21 jarige leeftijd loopt Karel tuberculose (t.b.c) op waardoor hij de rest van zijn leven doorbrengt in  sanatoria o.a. in Arosa en Montreux. Vooral tijdens zijn verblijf in sanatoria blijkt hij een begenadigd tekenaar.


Zelfportret van Karel de Neree (1880 - 1909)

1883    De kerk van Beek krijgt drie nieuwe klokken, die gegoten worden door Petit & Fritsen uit Aarle Rixtel. De nieuwe klokken vervangen de meer dan twee eeuwen oude klok uit 1644. 

1884   Een uitzonderlijk zwaar onweer maakt in juli een einde aan een zeer droge periode. Beek en Stokkum worden zo zwaar getroffen, dat overal in de omgeving inzamelingen worden gehouden om de getroffenen te helpen.  

1884   Bakker  Johan Gerardus Reijers bouwt een watermolen, die wordt gevoed door water uit een aangelegde modderkolk met de naam 't Peeske. In latere jaren vanaf het begin van de 20e eeuw wordt 't Peeske in Beek een gezellige uitspanning in het Bergherbos. In onze tijd vermeldt de ANWB 't Peeske als het "enige Nederlandse bergmeer". 


                                   Het Peeske

1885   De Beekse pastoor Antonius Grijs dient een verzoek in om de patroonheilige (Sint-Martinus) van de Beekse R.K. kerk te mogen vervangen door die van Sint-Petrus omdat het allereerste kapelletje in Beek in het jaar 969 ook aan Sint-Petrus is toegewijd geweest. Het verzoek van de pastoor wordt door het bisdom echter niet ingewilligd.

1886     Na een zeer droge en warme periode valt het regenwater vanaf eind juli met bakken uit de hemel waardoor lager gelegen weilanden onder water komen te staan en het vee opgestald moet worden. Veel boeren zijn niet in staat om hun vee voldoende bij te voeren. Bij dit alles komt nog een epidemie van mond- en klauwzeer waardoor 1886 voor veel boeren in onze omgeving de geschiedenis ingaat als een rampjaar.

1887
    Tussen 1878 en 1895 treft een enorme landbouwcrisis Europa. Deze is het gevolg van de invoer van enorme hoeveelheden goedkope landbouwproducten uit de Verenigde Staten en Canada waardoor prijzen sterk dalen en boeren arbeiders moeten ontslaan. Werkeloosheid en armoede nemen daardoor sterk toe. Veel mensen uit Beek en omgeving proberen in het Duitse Ruhrgebied werk te vinden om het hoofd enigszins boven water te houden
.

1889     Hevige hagelbuien veroorzaken op maandag 3 juni een hagelramp. Alleen in Beek zijn van de ene op de andere dag al veel meer dan vijftig gezinnen van de oogst beroofd.

1890     De winter van 1890 / 1891 is uitzonderlijk streng. De decembermaand spant de kroon, want sedert het begin van de temperatuurmetingen in 1706 is het alleen in december 1788 nog kouder geweest.
Op 25 november 1890 gaat de wind uit het noordoosten waaien en dat is het begin van een langdurige strenge vorstperiode. De gemiddelde ijsdikte in sloten is in de loop van december ongeveer 65 cm, plaatselijk wordt zelfs een dikte van 70-80 cm bereikt. Mens en dier gaan gebukt onder extreme koude. Op 19 december vriest bij Elten een grensbeambte dood.

1891
    Op 11 maart besluiten 101 Liemerse boeren (68 uit Didam, 19 uit Zeddam en 14 uit Wehl) tot de oprichting van een cooperatieve roomboterfabriek, waardoor Didam de primeur heeft van de allereerste cooperatieve roomboterfabriek buiten Friesland.  Het kapitaal wordt verkregen door uitgifte van aandelen van f 50,- (22,50 euro) aan ieder van de deelnemers. De fabriek is al snel een groot succes en omgevende plaatsen volgen: Doesburg in 1892, Zevenaar in 1893, Angerlo in 1894 en Wehl in 1894.

De Didamse roomboterfabriek, omstreeks 1900  

1891    De "Middelsteweg", die van zuid naar noord door Beek loopt, wordt met slak (sintels uit de tijd van de middeleeuwse ijzerindustrie) verhard. Deze weg van Beek naar Loerbeek wordt daarom al snel de "Slakweg" genoemd. De verbetering bevalt zo goed, dat inwoners van Beek de gemeente voorstellen om ook de weg van de Beekse kerk tot de grens bij Elten met slak te verharden. 

1892    Op maandag 22 augustus overlijdt in Gendt op 72-jarige leeftijd Godefridus van Woerkom (1819 - 1892). Hij was pastoor in de parochie (Loer)Beek van 1864 tot 1874. Tijdens zijn pastoraat is de kerk in Beek uitgebreid met twee zijbeuken aan weerszijden van het schip naar plannen van architect J.H. Wenneker uit Zwolle. 

1894     Eind juli 1894 brengt een hevig noodweer gepaard met onweer, storm en slagregens grote schade toe aan de veldgewassen.

1895    Bij algemene politieverordening voor de gemeente Didam wordt bepaald dat geen lijken naar de begraafplaats vervoerd mogen worden anders dan in behoorlijke en goed gesloten kisten en dat het graf binnen twee uur weer gesloten moet worden. 

1896    In Beek wordt schuttersvereniging De Eendracht opgericht.

Schutterij De Eendracht Beek. omstreeks 1905  


1897    Op 10 mei wordt het treinstation Babberich geopend. Het is dan het laatste Nederlandse station voor de Duitse grens. Ook arbeiders uit Beek, die in Duitsland werken, maken er vooral bij slecht weer gebruik van. Het stationnetje is een eenvoudig houten gebouwtje, in de volksmond 't Halt genoemd, dat gelokaliseerd is bij de overweg in de Beekseweg. Omdat er vermoedelijk veel gesmokkeld wordt, is in latere jaren het stationnetje uitgebreid met een ruimte waarin lijfsvisitatie kan worden verricht.  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Spoorwegwachtershuisje in Babberich, omstreeks 1965
Hoewel Babberich het laatste Nederlandse treinstation voor de grens is, blijven de douaneformaliteiten na 1897 gewoon in Zevenaar afgehandeld worden. Ongeveer 35 jaar later op 22 mei 1932 wordt het station Babberich gesloten.
 


1897    In 's Heerenberg wordt de R.K. Pancratiuskerk ingewijd.



 

Interieur van de R.K. Pancratius in 's Heerenberg
De kerk is gebouwd in 1895 - 1897 naar een ontwerp van de bouwmeester Afred Tepe. Het meubilair en de kruiswegstaties komen uit de ateliers van W. Mengelberg. In de toren hangen de drie klokken, die in 1496 door Geert van Wou zijn gegoten. In het kerkgebouw boven het priesterkoor hangt een kruis, dat in de volksmond het botterkruus (boterkruis) wordt genoemd, omdat het is geschonken door iemand, die erg rijk is geworden van de botersmokkel.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn de pastoor van de Pancratiuskerk (Galama) en de kapelaan (Van Rooyen) in het concentratiekamp Dachau vermoord. Uit respect en ter nagedachtenis zijn er na de Tweede Wereldoorlog enkele glas-in-lood ramen over hun deportatie en moord in de kerk aangebracht.

 

 

 


 

 

 

 

1898     Peter Meisters (1875 - 1938) wordt rentmeester van het landgoed Byvanck bij Beek. Met de (Loer)Beekse (hoofd)onderwijzer Henri Vermeulen en de Beekse pastoor Van Angeren vormt zich aan het begin van de 20e eeuw een innige vriendschap en worden ze in de plaatselijke gemeenschap wel de "Drie Goden" genoemd.   

 

 


Peter Meister (r) en Henri Vermeulen, twee Beekse Goden, tijdens de jacht op Byvanck omstreeks 1934

1898   Johan (J.G.) Reijers (1846 - 1924) uit Beek maakt in 't Peeske een zwembad met een badhuis dat op een vlot is geplaatst. Met het zwembad loopt hij zijn tijd vooruit. Het zwembad wordt echter geen succes omdat er door de lage temperatuur van het ijskoude bronwater weinig belangstelling is. Enkele jaren later wordt het zwembad daarom alweer gesloten. 


                                   

1900     In het najaar vindt de internationale wielerwedstrijd Terborg, Etten, Zeddam, Beek, Didam, Zevenaar, Bingerden, Angerlo, Doesburg, Drempt, Keppel, Doetinchem, Terborg plaats. De wedstrijd wordt gewonnen door J. Dop uit Lochem.

1902    In de winter van 1902 wordt de Didamse onderwijzer J. Jongbloed ernstig ziek. Hij lijdt aan de gevreesde tuberculose (t.b.c.). Het Didamse gemeentebestuur wil hem ontslaan, maar zijn collega's vragen om dit niet te doen. De onderwijzersorganisatie biedt bovendien aan het salaris voor een plaatsvervanger te betalen. Desondanks wordt onderwijzer Jongbloed ontslagen zonder enige financiele uitkering. Enkele dagen later overlijdt hij. Hoezo goede oude tijd?

1902    Op 14 februari wordt Johannes van Angeren pastoor van Beek. Hij zou meer dan 25 jaar pastoor van Beek blijven tot zijn dood op 6 juli 1928. Het pastoraat van de legendarische pastoor Van Angeren zou het hoogtepunt vormen van het Rijke Roomse leven in de parochie Beek.
 

      Pastoor van Angeren

1902     Eind juni branden in Beek de huizen van de families Duis en Helmes volledig af.

1906    In januari zoekt de Rijkspolitie uit de omtrek en de marechaussee van Zevenaar versterkt met manschappen van andere brigades gedurende vele weken in de bossen naar Dorus Driesen. Hij is lid van de beruchte familie Driesen want naast Dorus worden ook zijn broers Antoon en Bernard bij voortduring gezocht en veroordeeld. Op dinsdagmiddag 23 januari 1906 lukt het eindelijk om Dorus Driesen te arresteren. Hij wordt overgebracht naar het arrestantenlokaal in Didam en de hele nacht zorgvuldig bewaakt uit vrees dat zijn broers hem zullen bevrijden. De volgende dag wordt Dorus overgebracht naar de gevangenis in Arnhem waar hij een straf van 9 maanden moet uitzitten.

Het centrum van Beek met het eeuwenoude logement "de Roos" en op de achtergrond de parochiekerk in 1902 omstreeks de komst van pastoor van Angeren. 

 

1907    Op woensdag 16 oktober 1907 overlijdt op 82 jarige leeftijd Carolus A. L. Baron van Hugenpoth tot Aerdt (1825 - 1907). Hij was burgemeester van de gemeente Bergh, waartoe ook Beek behoort, van 1856 tot 1894. Hij wordt op maandag 21 oktober op het R.K. kerkhof in 's-Heerenberg bijgezet in het familiegraf.


In memoriam Carolus A.L.van Hugenpoth tot Aerdt
burgemeester van Bergh van 1856 tot 1894
      

1908    Het gasthuis / ziekenhuis in de Didamse Raadhuisstraat gaat van start.  

    Het voormalige gasthuis in Didam aan de Raadhuisstraat

 

1908    De tramlijn van Lichtenvoorde naar Zeddam wordt op 2 juli in gebruik genomen. Plannen om deze lijn door de Liemers via Beek, Didam, Zevenaar, Duiven en Westervoort door te trekken naar Arnhem worden echter nooit verwezenlijkt.

1910    Op 22 september 1910 wordt in Beek geboren Alida Wolswijk (1910 - 1992). Op 29 april 1936 behaalt zij aan de Kweekschool voor Vroedvrouwen in Heerlen haar diploma en nog in hetzelfde jaar wordt zij de eerste vroedvrouw in dienst van de (toenmalige) gemeente Bergh. In juli 1973 helpt zij voor de 10.000e keer een baby ter wereld, waarvoor zij de eremedaille van de gemeente Bergh ontvangt. In haar werkzame leven als vroedvrouw van 1936 tot 1980 helpt ze meer dan 11.000 kinderen ter wereld.
 

           

1912    Op maandagochtend 12 februari wordt Beek en omgeving opgeschrikt door een kindermoord, die de dag tevoren heeft plaatsgevonden. Deze moord zou de  gemoederen lange tijd bezig houden Een zevenjarig meisje, Maria Hartjes, dat op zondagmiddag om ongeveer 4 uur naar de winkel van Ten Benzel wordt  gestuurd om lucifers te halen, komt tot grote ongerustheid van de ouders niet terug. De ouders zoeken tevergeefs. Om tien uur wordt de marechaussee gewaarschuwd, die tot drie uur eveneens zonder resultaat zoekt. De volgende ochtend wordt in het bos niet ver van de ouderlijke woning het lijk gevonden. Het kind blijkt te zijn misbruikt en gewurgd. Intensief politiewerk zou niet leiden tot veroordeling van een dader.


Diverse betrokkenen bij de afschuwelijk kindermoord in Beek
In de cirkel het vermoorde meisje: Maria Hartjes; 1 en 2: de ouders van Maria; 3: de 25 jarige Christine Gottsman uit Emmerik, die een veldarbeider als mogelijke dader vermoedt; 4: de heer Semmelink, die belangeloos zijn auto ten dienste van het opsporingsonderzoek afstond; 5: een wachtmeester van de marechaussee de heer G. Kelder; 6: een Duitse politiehondbegeleider; 7: journalist Themans; 8 commissaris van politie Maixner uit Emmerik; 9 de heer H. Keuning, journalist uit Doesburg   

1912    De Twentse textielfabrikant dr. Jan Herman van Heek (1873 - 1957) koopt op 12 juli van de vorst van Hohenzollern - Sigmaringen het dan sterk verwaarloosde kasteel Bergh in het centrum van 's-Heerenberg. In latere jaren wordt Van Heek algemeen gezien als de redder van dit kasteel.


Dr. J. H. van Heek (omstreeks 1950)

 

1913     De verkoop van eieren wordt een steeds belangrijker bron van inkomsten. Om de prijsvorming in gunstige banen te leiden wordt in 1913 de Beekse Eierbond opgericht door August Gerritsen (1872-1942). 

Bestuur en medewerkers van de Beekse Eierbond bij het 25-jarig jubileum in 1938
Zittend v.l.n.r. Gerhardus Hendriksen (secretaris), Johannes Tiemessen (voorzitter), Augustinus Wilhelmus Gerritsen (oprichter), Augustinus Alphonsus Gerritsen (boekhouder)
Staand v.l.n.r. J. Tomassen, A.Putman, Th. Kruus en A. Keurntjes (pakker) 


1914
     De Eerste Wereldoorlog breekt uit. De Nederlandse regering wil ten koste van alles de neutraliteit bewaren en afzijdig blijven. In 1917 begint Duitsland echter zijn onbeperkte duikbotenoorlog en er worden vanaf toen ook schepen uit neutrale landen, zoals Zweden, Nederland en de Verenigde Staten, aangevallen. Omdat Duitsland bang is dat Nederland zich mede daarom aan de kant van de geallieerden schaart, beginnen de Duitsers in het bosgebied tussen Stokkum, Beek en Elten en rond Elterberg met het aanleggen van 84 betonnen bunkers, permanent bemand en bewaakt door enkele honderden Duitse infanteristen. Gelukkig blijft het hier bij en ondergaat de regio niet hetzelfde tragische lot als de slagvelden van Vlaanderen en Noord-Frankrijk. Na de Eerste Wereldoorlog mogen zich, volgens het Verdrag van Versailles, in het Duitse Rijnland geen militaire objecten meer bevinden en worden de betonnen bunkers door Franse militairen opgeblazen. De brokstukken van deze bunkers zijn later als bouwmateriaal voor het oorlogsmonument op de Eltenberg gebruikt.

 

1915    De in 1867 vergrote R.K. kerk van Beek, die  inmiddels veel te klein is geworden wordt opnieuw aanzienlijk vergroot. Op woensdag 1 september 1915 wijdt de Utrechtse aartsbisschop Henricus van de Wetering de vergrote kerk in.


R.K. Kerk in 1908 (voor de verbouwing van 1915)
Het huis van smid Leijzer (rechts op de afbeelding) wordt in 1914 afgebroken om de kerk te kunnen vergroten

 

1916    Door de oorlogssituatie (alle buurlanden zijn in de Eerste Wereldoorlog verwikkeld) ontstaan tekorten, waardoor de prijzen stijgen en de armoede ook in Beek snel toeneemt. Daarentegen zijn er ook velen die door de smokkelhandel met Duitsland snel en grof geld verdienen. 
 

Smokkelaars aangehouden door douaniers
Op de achtergrond Eltenberg, schilderij van Maximiliaan Kitzinger (1871)

 

1917     Piet  Pennards, beter bekend als "Piet van de Tol", wordt eigenaar van "Hotel Juliana" in Zeddam. Deze op de kruising van de wegen naar Beek, Terborg, 's-Heerenberg en Zeddam gelegen uitspanning, die zich bevindt op de plaats waar tot het begin van de 20e eeuw tol is geheven, wordt in latere jaren "Het Tolhuis" genoemd. In de jaren dertig legt Piet een speeltuin aan met ondermeer een carrousel, glijbaan, schommels, rekstokken, uitkijktoren en draaitrommels. 


          Piet Pennards
     halverwege 20e eeuw

               Advertentie van Hotel Juliana 
     gelegen op de weg van Beek naar Zeddam(1921)



                  Advertentie omstreeks 1934

                                      Ansicht, jaren dertig 


1918
    Op 11 november komt een eind aan een onvoorstelbaar bizarre en gruwelijke oorlog (Wereldoorlog I). Een groot deel van de Europese, vooral mannelijke jeugd, is afgeslacht. Naast de ongeveer 9 miljoen(!) dodelijke slachtoffers, zijn vele miljoenen levens geknakt en gezinnen kapot gemaakt. Nederland en ook de Liemers zijn de dans ontsprongen, maar hebben wel de ontberingen (armoede) van de oorlog gekend.

1918     Op 27 mei meldt het persbureau Reuter dat de Spaanse koning alsmede Spaanse ministers lijden aan een geheimzinnige aandoening, die later de geschiedenisboeken ingaat als de Spaanse griep van 1918. Een aandoening waaraan wereldwijd 20 miljoen mensen sterven. Omstreeks 10 juli komt de Spaanse griep de Liemers binnen, nadat in Elten en Emmerik enkele honderden gevallen van griep zijn geconstateerd.
De wereldwijde influenza-epidemie teistert ook Beek. De Graafschap-Bode van 19 november 1918 meldt: "Overal, in 't binnenland hoort men van ziekte en sterven. In de dorpen luidt dag aan dag de doodsklok".

1922     Op 3 januari wordt in Didam het nieuwe gebouw van de Land- en Tuinbouwschool in gebruik genomen. Uit de verre omtrek komen vooral boerenzonen naar deze school, die erg goed aangeschreven staat. In 1956 wordt de naam van de school veranderd in "middelbare land- en tuinbouwschool".


Land- en tuinbouwschool in  Didam (1922) |
In de jaren vijftig krijgt het gebouw een extra verdieping
.


1924    Omstreeks deze tijd gaat de NV Lobitsche Auto-Dienst (L.A.D.) van start, die een autobusdienst onderhoudt tussen Spijk, Tolkamer, Lobith, Babberich en Zevenaar. Bussen van de L.A.D. vervoeren onder meer ook werknemers uit Beek naar de Philipsfabriek in Doetinchem.




1924   Jan Steijntjes begint een cafeetje in het gebouw bij het bergmeertje 't Peeske in Beek. In de decennia hierna ontwikkelt 't Peeske zich onder diverse huurders geleidelijk tot een uitspanning met een grote regionale bekendheid zeker na de komst van een tweede vijver waarop men kan waterfietsen en de aanleg van een speeltuin. 

                       

 

1925     Een legendarisch noodweer, bekend onder de naam stormramp (ook wel cycloon) van Borculo, trekt in de vroege avond  van 10 augustus over Brabant, via Nijmegen, Liemers en Achterhoek naar Twente en uiteindelijk naar Duitsland. Borculo wordt geteisterd door een onvoorstelbare tornado met een diameter van tussen een en twee kilometer. Er vallen vier doden en tachtig gewonden. Ook de buurtschap Dijk bij Didam wordt zwaar getroffen.

Het dagblad "Het Vaderland" schrijft op 11 augustus: "Het hevige noodweer heeft gisteravond de buurtschap Dijk nabij Didam eveneens ernstig geteisterd. De bewoners van deze buurtschap zagen plotseling een hooge grijze zuil, welke steeds nader kwam, en welke op haar weg alles meesleurde. Niet minder dan elf woningen werden vernield. Een man en een vrouw werden tientallen meters weggeslingerd."
De avondeditie van het NRC schrijft, ook op 11 augustus 1925: "Gisteravond heeft zich in de omgeving van Didam een noodweer ontlast, zooals zelden in ons land is voorgekomen. Tegen halfzeven kwam de bui uit het Zuiden aanzetten. Een hevig onweer, gepaard met een slagregen, was de inleiding. Daarna kwam een stevige wind opzetten, die allengs in kracht toenam. Plotseling bemerkten de verschrikte bewoners van Didam, dat van de Zuidzijde, van den kant van de Babbericher Allee, een hoos kwam aanzetten, een wervelwind, die met geweldige kracht alles wat hij op zijn weg tegenkwam, in het rond smeet."

1925   Henri Vermeulen wordt hoofdonderwijzer van de R.K. school in Beek.
De oorspronkelijk uit het Limburgse Venray afkomstige Vermeulen (1880 - 1984) is van 1898 tot 1925 (hoofd)onderwijzer in Loerbeek. Vanaf 1925 is hij vervolgens 15 jaar hoofdonderwijzer in Beek tot zijn pensionering in 1940. Tot zijn dood in 1984 blijft Vermeulen in Beek wonen, waar hij van grote betekenis blijft voor de dorpsgemeenschap.
Tussen pastoor Van Angeren, boswachter Peter Meisters en Henri Vermeulen ontstaat in de loop der tijd een hechte vriendschap waardoor het gelijkgezinde trio door menig dorpeling wel "de drie Goden" wordt genoemd.    



Het gezin van hoofdonderwijzer Vermeulen (1926),
geheel rechts dochter Jo Vermeulen (1917 - 2010) die van 1940 tot 1977 onderwijzeres in Loerbeek is

1927    De legendarische pastoor Van Angeren viert dat hij 25 jaar pastoor in Beek is. Zijn pastoraat vormt een hoogtepunt van het Rijke Roomse leven in de parochie Beek.  

Bij het 25-jarig pastoorsfeest van de Beekse pastoor Van Angeren in 1927 marcheert schutterij Eendracht mee in de optocht.
De ereboog is opgesteld bij cafe Ten Bensel.  


1927
    Rijkswaterstaat ontwikkelt plannen voor de aanleg van de "Provinciale Weg" (huidige Arnhemseweg), die Beek moet verbinden met Babberich en Zevenaar. Als blijkt dat deze weg door landgoed "de Bijvank" zal lopen, maken inwoners van Beek zich sterk voor een alternatief dat de Bijvank spaart.
In 1933 zal blijken dat hun inspanningen succesvol zijn geweest.

1928   Op vrijdag 6 juli overlijdt de legendarische Beekse pastoor Van Angeren. Hij wordt op 3 augustus 1928 opgevolgd door Henricus Peters, die tot 8 oktober 1940 pastoor in Beek blijft.

 

 



Pastoor Peters (1883 - 1963)

1928    Op 13 september wordt het Theresiaziekenhuis aan de Hofstraat in 's Heerenberg geopend.

Het Theresiaziekenhuis aan de Hofstraat in 's Heerenberg  is genoemd naar de moeder van Pastoor van Sonsbeeck uit Stokkum, omdat de pastoor 10.000 gulden schonk.

 

 

 

1929    Een van de zwaarste winters van de 20e eeuw; de hevige koude duurt van januari tot half maart. Er zijn vele meldingen van afgevroren oren en ledematen. Op 11 februari vriest in Steenderen een melkrijder tijdens zijn dagelijkse rit op zijn wagen dood. De problemen zijn overal groot, ook al door de veelal eenvoudige niet geisoleerde huizen, waardoor de snijdende vrieswind naar binnen waait.

   

Een beeld van de dichtgevroren Rijn bij Pannerden in 1929. Ook met auto's wordt over de Rijn gereden.

 

1929    Op 14 juli wordt in Beek voetbalclub R.K. B.V.C. (Rooms Katholieke Beekse Voetbalclub) opgericht. Tot de oprichters behoren de heren J. Claus en Jac. Beening. Aanvankelijk is de Beekse pastoor Peeters fel gekant tegen het voetballen in korte broeken maar door tussenkomst van de 's-Heerenbergse kapelaan Marinus Van Rooyen schuift pastoor Peeters zijn bezwaren terzijde. Omdat in de omgeving van Beek meerdere clubs zijn met een ongeveer gelijkluidende naam wordt na de Tweede Wereldoorlog de naam BVC veranderd in 't Peeske.

Het elftal en bestuursleden van BVC omstreeks 1933
eerste rij v.l.n.r.: B. Jansen, J. Weijenbarg en A. Roes,
tweede rij v.l.n.r.: W. Fielt, W. Limbeek, A. Kruus
derde rij v.l.n.r.: W. Beening, B. Zweden,
W. van Jaaren, J. Nuy en L. Hetterscheid
vierde rij: Jac. Beening, R. Putman, kapelaan Sterneberg, H. Hermsen, Th. Putman

 

 

 


1929
    De positieve ontwikkelingen van de jaren twintig worden bijzonder wreed verstoord door de beurskrach op 29 oktober: Het begin van een langdurige wereldwijde recessie / depressie. Ook in de Liemers is er in de dertiger jaren sprake van grote economische malaise waardoor hoge werkeloosheid en bittere armoede ontstaan. 

1930    De vereniging "Kevelaersche Processie de Lijmers" viert in oktober haar 60-jarig jubileum. De Utrechtse aartsbisschop J.H.G. Jansen zet met zijn komst naar de Liemers het jubileum luister bij. Maria-bedevaarten naar het Duitse Kevelaer zijn in deze tijd enorm populair onder de katholieken in de Liemers.  

 

 


1931    Begin augustus wordt in Beek jeugdherberg "Wolkenland" van het Amsterdams Lyceum door brand verwoest. De brand is ontstaan doordat vonken vanuit de keuken op het rieten dak zijn gekomen. 

 
"Wolkenland" in 1931 kort voor voor de verwoestende brand 


 "Wolkenland" kort na de herbouw in 1932

1931    Op vrijdag 15 mei viert Hermanus J. Smit, burgemeester van de gemeente Bergh waartoe in deze tijd ook Beek behoort, zijn 25 jarig ambtsjubileum. Smit is burgemeester van Bergh van 15 mei 1906 tot 31 augustus 1935.


Foto t.g.v. het 25 jarig ambtsjubileum van burgemeester Smit op vrijdag 15 mei 1931

 

1932    Na 35 jaar dienst te hebben gedaan, wordt op 22 mei het treinstation Babberich, gelegen bij de overweg aan de Beekseweg gesloten. Het is tot dan het laatste Nederlandse station voor de grens. Van deze halteplaats is vooral gebruik gemaakt door arbeiders, ook uit Beek, die in Duitsland werken. Velen komen op klompen, vandaar dat wel gesproken wordt van "klompentrein".   
 


Het eenvoudige houten stationnetje van Babberich
Pentekening M. Wenting Giesen

1933    Op 19 juni wordt bekend dat bij de nieuw aan te leggen "Provinciale Weg" (huidige Arnhemseweg) het landgoed "De Bijvank" wordt gespaard. Hiermee worden de inspanningen van veel inwoners van Beek, waaronder pastoor Jan van Angeren, boswachter Peter Meisters en meester Harrie Vermeulen, beloond.

Aanleg van de Provinciale weg
Meester Harrie Vermeulen poseert trots bij de aanleg van de weg, die mede door zijn inspanningen het landgoed "De Bijvank" spaart. 

 

1934    In de dertiger jaren veroorzaakt het toenemende motorische verkeer regelmatig ongevallen zoals in 1934 op het kruispunt bij cafe - restaurant Ten Benzel in Beek.   
 




1935    Op vrijdag 24 mei 1935 wordt in Beek de R.K. Harmonie Volharding opgericht. De oprichting geschiedt vanuit het "werkliedenverbond". Tot de medeoprichters behoren pastoor Peters (1883 - 1969) en kapelaan Sterneberg (1907 - 1974). De eerste dirigent is Louis Jansen, grootvader van Martin Jansen jr., die in latere jaren dirigent van Volharding is.   
 




1935 Er bestaan gevorderde plannen om het Twente-Rijnkanaal door de Liemers te leiden.

Realisatie van het Twente-Rijnkanaal door de Liemers kan de lokale industrie een impuls geven. Het kanaal (zie plantekening) moet lopen ten zuiden van Wehl, Didam en Zevenaar en tussen Pannerden en Lobith uitmonden in de Rijn.

Het plan is nooit gerealiseerd wellicht mede door de naderende Tweede Wereldoorlog.

Ongeveer zeventig jaar later zal een in economisch opzicht uiterst omstreden plan "de Betuwelijn" wel  geeffectueerd worden en de westelijke zijde van de Liemers splijten.   

1936    Op woensdag 15 april brandt in Beek het dubbelwoonhuis bewoond door bakker Gademan en rijwielhandelaar Jansen, volledig af. Gademan was verzekerd, Jansen niet. 

1936    In Beek wordt het 500-jarig bestaan gevierd van het Sint-Jansgilde, dat stamt uit de middeleeuwen. Tot de oorspronkelijke taken van een gilde behoorden het beschermen van leden van de buurschap in hun rechten door regels te maken voor een ordelijke gang van zaken, alsmede het bescherming bieden tegen vijandige aanvallen van buiten. 

Het bestuur van het Sint-Jansgilde in 1936 bij het 500-jarig jubileum
Staand v.l.n.r.: Neijenhuis, Hansen, A. Hendricksen, Kruus, Wools, H. Hendricksen en Van Boxem; zittend v.l.n.r.: Heuijnk, Janssen, Splithof, Lambooij, Hendriksen en Lammers.


 

1937     Op dinsdagavond 16 februari veroorzaakt een hevige wervelwind in Beek grote schade. Van het huis van de familie Bosman wordt het dak afgerukt.

1937    Op woensdag 10 maart overlijdt Gradus Neijenhuis (1859 - 1937). Vele jaren heeft hij leiding gegeven aan het in 1857 door zijn vader Hendrikus Neijenhuis in Beek gevestigde aannemersmaatschappij Neijenhuis.
Een grote bijzonderheid is dat Gradus in samenwerking met molenaar Kreeftenberg een molen in de Zaanstreek in zijn geheel heeft afgebroken en vervolgens op twintig boerenwagens over een afstand van 125 km heeft vervoerd naar Beek en daar weer heeft opgebouwd.

 

 

.   
 


1937     In oktober viert katholiek Didam dat de Sint Martinuskerk honderd jaar geleden is ingewijd. Het initiatief voor de viering gaat uit van de Didamse pastoor-deken Reuvekamp.

Enige prominente Didamse katholieken (omstreeks 1920)
V.l.n.r: kapelaan G.C. Smit, H. Verhey (directeur landbouwschool), kapelaan van der Heijden, pastoor Reuvekamp, A. van Romondt (notaris) en kapelaan Buve.

1938    De legendarische priester-redenaar Henri de Greeve SJ (1892 - 1974) richt de "Bond zonder Naam" op om de naastenliefde te bevorderen. Voor zijn wekelijkse K.R.O-radio-uitzending (het lichtbaken genoemd) op zaterdagavond blijven veel katholieken ook in Beek graag thuis.

1938    Met de huisvesting is het in de eerste helft van de 20e eeuw ook in Liemerse gemeenten soms nog erg slecht gesteld,
zoals blijkt uit ondermeer  de Graafschap-Bode van 1938.

Uit de Graafschap-Bode (1938): "In de gemeente Wehl aan een smal wegje naar Nieuw-Wehl staat een steenen schuurtje: vier muren en een dak. Een vloer bezit het kot niet, evenmin behoorlijke vensters, of men zou de met planken dichtgespijkerde gaten voor zoodanig moeten houden. Van de dakpannen zijn er velen door de lieve jeugd stuk gegooid en de deuren kan men kwalijk nog zoo noemen ( ). Reeds ongeveer 10 jaar leeft Dien Damen hier (  )."

Vergelijkbare toestanden kan men in de eerste helft van de 20e eeuw nog overal aantreffen.

 

1938    Theet Kaal wordt eigenaar van 't Peeske in Beek en ontwikkelt het tot een regionaal uitgaanscentrum. Er komt een speeltuin en op het meertje komen waterfietsen en roeiboten. Kaal blijft eigenaar tot hij in 1958 restaurant 't Hazepad (in onze tijd "De Bourgondier") aan de Arnhemseweg in Beek bouwt.


bergmeertje 't Peeske met de kinderen Kaal (1948)


  speeltuin 't Peeske met spelende kinderen (1 september 2012) 

1939    In verband met het dreigend oorlogsgevaar kondigt de Nederlandse regering op maandag 28 augustus de algemene mobilisatie af. Honderden extra treinen worden ingezet en binnen enkele dagen zitten 280.000 soldaten op hun post. De bevolking krijgt een verbod om te hamsteren.
Bij de afkondiging van de mobilisatie is het eind augustus juist kermis in Beek. Aangezien ook alle dienstplichtigen uit Beek onder de wapenen moeten
, duurt de kermis van 1939 maar tot maandag.


1940
    Op 10 mei vallen de Duitsers Nederland binnen.
In de strijd aan de Grebbelinie bij Rhenen sneuvelt Willem Berntzen uit Loerbeek. In de omgeving van Leerdam sneuvelt op 12 mei bij een luchtaanval de 24 jarige dienstplichtige soldaat Bernard Rexwinkel, van beroep slagersknecht en vanaf 1938 wonend op het adres Beek 204. Rexwinkel wordt dezelfde dag nog begraven in een militair graf op de algemene begraafplaats in Leerdam. Op 4 juni 1940 wordt hij herbegraven op de algemene begraafplaats in Dinxperlo en op 7 december 1999 volgt nog een herbegrafenis op het Militaire Ereveld Grebbeberg.

Wim Berntsen (foto bidprentje) geboren te Loerbeek op 2 augustus 1920 sneuvelt op de Grebbeberg op 13 mei (Tweede Pinksterdag) 1940 op 19-jarige leeftijd. Als oudste van de negen kinderen van het molenaarsgezin Berntsen is hij voorbestemd zijn vader als molenaar op te volgen, maar het lot beslist anders.

Reeds op 12 mei staan de Duitsers onderaan de Grebbeberg en wanneer die nacht een voorhoede van de SS via de weg over de Grebbeberg doorbreekt tot in Rhenen, leidt dit tot grote paniek. Hoewel de Nederlanders zich enigszins hebben kunnen hergroeperen, waardoor de voorhoede van de SS afgesneden raakt van de hoofdmacht, is de weerstand op de Grebbeberg dan eigenlijk al gebroken.

Wim sneuvelt op 13 mei, een dag voor de capitulatie van het Nederlandse leger; zijn lichaam wordt donderdag 16 mei  gevonden juist ten oosten van de (huidige) ingang van Ouwehands dierentuin. Een dag later wordt hij begraven op het Militair Ereveld Grebbeberg, dat toen aan het ontstaan was. De doden zijn op het Ereveld begraven in de volgorde waarin ze aangevoerd werden. Wim is begraven in de eerste rij, graf 55.

 

 


1940    Op 8 oktober wordt Albertus Hendrix (1887 - 1961) de nieuwe pastoor van Beek als opvolger van pastoor Peters. Hendrix blijft bijna 9 jaar tot 8 april 1949 pastoor in Beek.

 


Pastoor Hendrix (links) wordt in Beek ingehaald. Naast hem kapelaan Oosterbaan.

1941   Op 13 januari richt kardinaal De Jong zich in een schrijven tot de Nederlandse katholieken. Met nadruk verklaart hij dat zij geen lid mogen zijn van de N.S.B. Ook is het hen niet toegestaan openlijk te sympathiseren met deze partij. Het N.S.B.-lidmaatschap wordt dus expliciet verboden. Een buitengewoon dappere taal in oorlogstijd. Voor de overwegend katholieke bevolking van Beek is dit een extra argument verre te blijven van de N.S.B.

 

1941    In de loop van zondag 26 januari treedt de overlaat bij Spijk in werking waardoor enorme hoeveelheden water in de Oude Rijn worden gestuwd. Een groot deel van de Liemers komt in de daarop volgende dagen onder water te staan.



Spijkse overlaat

1942    De 's Heerenbergse pastoor Galama en zijn kapelaans M. van Rooijen en R. Hegge, die de plaatselijke bevolking waarschuwen tegen de leer van de NSB, worden door de Duitsers opgepakt. Jan Galama  en Marinus van Rooyen overlijden in 1942 in Dachau na vele mishandelingen te hebben ondergaan. Naar Martinus van Rooyen wordt na de oorlog de voetbalclub MvR genoemd. Kapelaan Regnerus Hegge is door de Duitsers overgebracht naar het concentratiekamp Bergen Belsen, waar hij ernstig is mishandeld, maar in mei 1945 wordt bevrijd.

Op bovenstaande foto (1935) t.g.v. een onderwijsjubileum zien we ondermeer pastoor Galema en kapelaan van Rooyen.
Zittend v.l.n.r. kapelaan Kloppenborg, kapelaan van Rooyen (vermoord in Dachau in 1942), onderwijzeres Mensing, Els Egbers (dochter van het hoofd der  school), juffrouw Renee (vriendin van Vallinga), juffrouw Vallinga (onderwijzeres), G.J. Egbers (hoofd der school), pastoor Galema (vermoord in Dachau in 1942) en de heer J. Thuis (schoolbestuur). Staand v.l.n.r.: Louis van Keulen, onbekend, mevrouw A.M. Egbers-Tielkes (echtgenote van het schoolhoofd) en onderwijzer Ten Velde.
Informatie ontvangen september 2009 van dhr. H. Egbers uit Baarle-Nassau, zoon van het hoofd der school, waarvoor hartelijk dank.

 

1942/1943    In de winter 1942/1943 sneuvelt Gert Bosman uit Beek op 18 jarige leeftijd tijdens de gruwelijke slag om Stalingrad. Gert is de zoon van Wilhelm A. Bosman en Grada M. van Boxem. Aangezien de vader van Gert de Duitse nationaliteit heeft, moet hij conform de nazi-wetten in Duitse militaire dienst. Dit wordt hem noodlottig. Zijn laatste teken van leven is een handgeschreven afscheidsbrief, die hij nog uit de ingesloten stad heeft kunnen meegeven.

 


Gert Bosman uit Beek in 1942 

 

1943    Op vrijdag 12 maart  stort een door de Duitsers neergeschoten Engelse bommenwerper op de boerderij van de familie Giezen-Jordens aan de Zuidermarkweg in Beek. Hierbij komen naast de acht bemanningsleden van het vliegtuig ook Johannes Giezen (50 jaar) en zijn zoons Wim (18 jaar) en Bernard (16 jaar) om het leven. Giezens vrouw en de vier jongste kinderen, Toon, Lies, Mieneke en Jan, overleven de ramp.

 

 


Lionel Binning, een van de acht omgekomen bemanningsleden, geboren in Pilton (Somerset) en overleden op 12 maart 1943 in (Loer)beek

 

 

Johannes Giezen en zijn zoons Bernard en Wim (rechts)
Bij de ramp gaat alles van het gezin Giezen in vlammen op. Om toch een tastbare herinnering te hebben aan hun overleden familieleden zijn hun pasfoto's opgevraagd bij een ministerie in Den Haag. Aan de hand daarvan is het gezamenlijk portret van vader Giezen en zijn twee zoons getekend, dat hiernaast is weergegeven.

Aangetrokken door het geronk van de aanstormende bommenwerper is Giezen met zijn oudste zoon Wim naar buiten gerend om poolshoogte te nemen. Bernard gaat even later ook naar buiten, maar is waarschijnlijk nog binnen wanneer het toestel neerstort. Hij wordt de volgende dag (13 maart) dood gevonden. De stoffelijke resten van zijn vader en broer worden pas later gevonden. Allen zijn op zaterdag 20 maart begraven op het rooms-katholieke kerkhof van Beek, naast de acht omgekomen bemanningsleden van het vliegtuig.

 


1943   
In de ochtend van 22 juni omstreeks 9.30 uur wordt bij Beek een Amerikaanse B-16 bommenwerper door Duitse jagers neergeschoten. De bemanning kan zich in veiligheid stellen maar wordt door de Duitsers krijgsgevangen gemaakt.

1943    De drie kerkklokken, die in 1883 in Beek zijn opgehangen, worden op last van de Duitse bezetters verwijderd.

1944    Op zaterdag 7 oktober wordt in de verre omtrek de lucht donker tijdens het vreselijke geallieerde  bombardement op Emmerich dat binnen een uur voor 97% verwoest wordt door honderden Lancasters van de Royal Air Force. Meer dan 2.400 gebouwen worden daarbij getroffen en er vallen vele honderden doden. Ook in Beek en Loerbeek is de luchtdruk van de ontploffende bommen duidelijk te voelen en overal dwarrelen stukjes papier door de lucht.
Op 28 oktober sneuvelt Jan Hendriksen uit Beek, die door de Duitsers te werk is gesteld in Loo, bij het graven van versperringen en op 6 december wordt mevrouw Gerritsen - Aaldering in haar huis in Beek dodelijk getroffen door een verdwaalde kogel uit een vliegtuig.

 

1944    Tijdens een razzia op dinsdag 24 oktober 1944 in Enschede worden enige duizenden mannen door de Duitsers opgepakt en op transport gesteld naar Bergh en omgevende plaatsen waar ze moeten werken aan de Duitse verdedigingslinie, de zogenaamde Westwall. Na de oorlog betuigen deze dwangarbeiders hun dank aan de lokale bevolking. Zo verschijnt op vrijdag 31 augustus een dankbetuiging van Westwallarbeiders, die in (Loer)beek ondergebracht zijn geweest. 

 


Dankbetuiging van Westwallarbeiders aan inwoners van (Loer)beek in Kerkblad voor Bergh op 31 augustus 1945

 

1945    Op maandag 22 januari wordt de 19 jarige Beekse verzetsstrijder Wim Moorman in het Friese Dokkum bij het verrichten van verzetsactiviteiten door de Duitsers dood geschoten.  Ondanks zijn jonge leeftijd heeft hij vele honderden vaak uiterst riskante verzetsdaden verricht. Op 22 januari 1945 wordt hem dit noodlottig.  Op 26 mei 1945 wordt Wim Moorman op het kerkhof in Beek herbegraven. Wim wordt in 1972 voor de derde keer begraven. Dit keer in graf 339 van vak D op het Ereveld Loenen

 


Wim Moorman (1925 - 1945)


Op 26 mei 1945 wordt Wim Moorman op het kerkhof in Beek herbegraven.

1945    Op 1 april komt in Beek door de komst van soldaten van het Canadese Eerste Leger een eind aan de bezetting.

Tanks van het Canadese Eerste Leger rijden zondagochtend 1 april  's Heerenberg binnen.  

 

1945    Op koninginnendag 31 augustus,  (geboortedag van koningin Wilhelmina) wordt bij het gildegebouw in Beek een monument onthuld als eerbetoon aan de Canadese soldaten, die bij de bevrijding van (Loer)beek en omgeving gesneuveld zijn.

 


Monument voor de gesneuvelde Canadese soldaten
dat in latere jaren (helaas) weer wordt afgebroken

 

1946    Uit dankbaarheid voor het behoud van de Beekse parochie gedurende de oorlogsjaren wordt door de afdeling Jonge Boeren van Beek een Mariakapel opgericht. Dit kapelletje wordt op 15 augustus 1946 ingewijd. De Mariakapel van (Loer)Beek staat aan de Zuidermarkweg / hoek Kerkhuisstraat en is een gemeentelijk monument.

 


Jonge boeren uit (Loer)Beek bij de Mariakapel

1947    Met 86 vorstdagen is 1947 de strengste winter van de 20e eeuw. Sinds mensenheugenis veroorzaken koude winters grote problemen. De snijdende vrieswind waait door de eenvoudige niet geisoleerde woningen en dorpen worden onbereikbaar. Vaak wordt melding gemaakt van afgevroren oren en ledematen, soms ook van mensen die doodvriezen. Andere zeer koude winters sedert 1870 zijn 1871, 1880, 1891, 1929, 1940, 1942, 1956 en 1963.

1947    Op 3 augustus sneuvelt op 22-jarige leeftijd in Banjaranyar (Indonesie) soldaat Wim Godschalk uit Beek. Op de voorlaatste dag van de Eerste Politionele Actie wordt Wim getroffen door vijandelijk vuur. Hij wordt op 5 augustus te Tegal (Indonesie) begraven en later herbegraven op het Nederlandse ereveld Candi in Semarang, vak B, graf 47. 


Wim Godschalk  
(1924 -1947) 

 

1948  De firma Eysbout - Lips uit Asten plaatst drie klokken in de kerktoren van Beek. Ze vervangen de drie door de Duitsers in 1943 geroofde klokken.
 


R.K. Kerk in Beek met H. Hart beeld (2013)

 

1949    Meer dan zevenduizend bezoekers uit de Liemers luisteren op een stralende zondag (14 augustus) op een terrein in Nieuw-Dijk bij Didam in de openlucht naar een preek van de uiterst populaire priester-redenaar Henri de Greeve. Een van de vermaarde uitspraken van pater de Greeve is: "Verbeter de wereld, begin bij jezelf".

 


Henri de Greeve (1892 - 1974), priester, publicist, radiospreker en oprichter van de Bond Zonder Naam (B.Z.N.)


1950    In de tweede helft van de twintigste eeuw verandert er ook in Beek op boerenbedrijven veel. In snel tempo worden landarbeiders, boerenknechten en trekdieren vervangen door machines. Ook het trekpaard verdwijnt uit het straatbeeld. Veel werk gaat verricht worden door loonbedrijven.

 


Het maaien van rogge in de Liemers (1936)

 

1953   Johannes Walraven wordt op 4 september pastoor in Beek. Hij zou dit acht jaar blijven tot 1961 wanneer hij pastoor in Bilthoven wordt. Gedreven door moderniseringsijver verhuizen in de periode dat Walraven pastoor in Beek is veel kerkbeelden naar de zolder.


Beek 1955 (Ad Dekkers, Liemers Museum)
Beek en R.K. kerk ten tijde van pastoor Walraven
 

 

1954    Pastoor Janssen wijdt in Didam de nieuwe Sint Martinus Mulo (later MAVO) in. De school vervult een streekfunctie, ook uit Beek, Loerbeek en Wehl komen leerlingen naar deze school.     


De leerkrachten van de Didamse Mulo in 1966
Zittend v.l.n.r:  Raats, Breukers (hoofd),  Bramer en Van Roosmalen 
Staand: kapelaan Vernooy, Jaspers, Hemmelder, Harmsen, Schonis (hoofd vanaf 1972) en Wapereis. 

 

1955    In de jaren vijftig worden door de voortschrijdende mechanisatie de vertrouwde trekpaarden vervangen door landbouwtrekkers. Sinds mensenheugenis hebben paarden het zwaarste werk gedaan maar dat wordt nu ook in Beek verleden tijd.

 

1956    De spoorverbinding Arnhem - Zevenaar - Emmerich - Oberhausen, die aan de Liemers een economische impuls heeft gegeven, bestaat honderd jaar. In de periode 1897 tot 1932 heeft Babberich een eigen station, waarvan veel inwoners van Beek gebruik hebben gemaakt
Vooral aan het eind van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw is de spoorverbinding ook van groot belang geweest voor het vervoer van de talrijke arbeiders, die vanuit de Liemers in het Duitse Ruhrgebied werkten. Velen van hen vertrokken op maandag in alle vroegte om zaterdagavond weer thuis te komen.
 


Als tienjarig jongetje herinner ik me de doorkomst van deze feesttrein nog als de dag van gisteren

 

 

1957    Er komt een eind aan het welbestede leven van Dr. Jan Herman van Heek, sedert 1953 ereburger van de gemeente Bergh, waartoe ook Beek behoort.
 

 


Dr. J. H. van Heek (1873 - 1957)

1959    De zomer van 1959 verloopt gortdroog. Ook in Beek is de extreme droogte voor velen een kwelling. Vooral voor de landbouwers is de droogte een beproeving. De problemen verergeren nog omdat ook september extreem zonnige en droog is.

1961    Op zondag 10 september neemt voetbalvereniging 't Peeske het gemeentelijk sportterrein aan de St. Martinusstraat officieel in gebruik waardoor "stadion 't Bergmeertje", waar 't Peeske decennia lang heeft gevoetbald, verlaten kan worden.

1963  Op 1 augustus 1963 treedt een Nederlands-Duits verdrag in werking waardoor de gescheiden grenscontroles van beide landen worden samengevoegd. Het betreft ondermeer de grensovergangen: Spijk - Elten, Lobith-Elten, Babberich-Elten en Beek-Elten.
 


Grensovergang Elten
, begin 20e eeuw, rechts de Nederlandse en links de Duitse grenscontrole

1964   De ontdekking van het Groningse aardgas in Slochteren in 1959 veroorzaakt in de jaren zestig ook ingrijpende gevolgen voor de energievoorziening in de Liemers, waardoor kolenkachels ook in Beek nu snel tot het verleden behoren.

 

Minister Andriessen brengt op 9 juli 1964 een werkbezoek aan het  Zevenaarse Broek (Zweekhorst), waar op dat moment een belangrijke aardgasleiding wordt aangelegd.

1965    Op dinsdag 28 september vindt in Beek op de Arnhemseweg ter hoogte van cafe "Roosendaal" een tragisch verkeersongeluk plaats waarbij vier streekgenoten om het leven komen. De dodelijke slachtoffers zijn G.L.J. Meijer (54) uit 's Heerenberg, K. Verweijen (40), J. Groenesteijn (47) en A.G. Wiell (39) allen uit Elten.

1966    Op 59-jarige leeftijd overlijdt de vermaarde meester (Antoon) Abbing, een streng maar rechtvaardig schoolhoofd van de St. Martinussschool in Beek sedert 1940 en tevens een soort ombudsman voor velen in de dorpsgemeenschap.

 


Meester Abbing met klas 6 omstreeks 1944

 

1968    Op 1 mei vindt in Beek een bijzonder tragisch ongeval plaats, waarbij drie mensen om het leven komen. Onder de dodelijke slachtoffers de 29 jarige architect E. (Evert) J.A. de Vries uit 's Heerenberg en zijn 23 jarige zwangere vrouw Th. (Thea) H. M. de Vries-Kaal, geboren en opgegroeid in Zevenaar. Het ongeluk is te wijten aan een bijziende Duitse automobilist, die zonder zijn bril op rijdt. Hij wordt door de politie in voorlopige hechtenis genomen.

 


"zoals God beschikte"

1969    In juni is Beek enige dagen in de ban van rellen, die ontstaan doordat de bevolking zich massaal keert tegen de afbraak van een door de familie Hermsen illegaal gebouwd vakantiehuisje. Men vindt dat de gemeente Bergh, met aan het hoofd de burgemeester, onjuist handelt.

1970    In Beek krijgt een zijstraat van de Schoolstraat als naam "Tempelherenstraat". Op deze manier wordt getracht de herinnering aan de sage van de Tempelridders op de Bijvank bij Beek levend te houden. De sage zegt dat hier eens in een ver verleden een burcht van de Tempelridders of Tempeliers heeft gestaan. Deze zouden daar nog lang na hun dood hebben rondgespookt.

1972    De moedige Beekse verzetsstrijder Wim Moorman, die kort voor de bevrijding door de Duitsers is terechtgesteld, wordt op het Ereveld Loenen herbegraven. Ondanks zijn jonge leeftijd, hij werd slechts 19 jaar, heeft Wim Moorman vele honderden, vaak uiterst riskante, verzetsdaden verricht.

 


Wim Moorman in 1972 herbegraven in Loenen
graf 339, vak D

 

1973    De uit Beek afkomstige vroedvrouw Alida Wolswijk (1910 - 1992) verricht haar 10.000e bevalling en ontvangt de eremedaille van de gemeente Bergh.

 


Op 1 november 1936 wordt A. Wolswijk vroedvrouw van de gemeente Bergh. In juli 1973 helpt zij de 10.000 baby ter wereld.

 

1978    Voor het eerst in haar bestaan promoveert de Beekse voetbalclub 't Peeske naar de vierde klasse K.N.V.B.


Promotie van 't Peeske naar de vierde klas K.N.V.B. in 1978
V.l.n.r. staand: H. van Aalst (trainer), Th. Verheij, H. Hansen, J. Meulenbeek, H. Rosendaal (voorzitter), J. Jansen.  A. Gerritsen, A. ten Have, A. Keurntjes, A. Hendriksen, H. Jansen (grensrechter), H. Sanders (secr.) en N. Zweden (leider)
V.l.n.r: gehurkt: A. Hansen, Th. Jansen, H. Tomassen, S. Kool, Fr. Stienissen, J. Maas, A. Jansen en K. Westerhof (verzorger
)

 

1980    De familie van Nispen verkoopt het landgoed Byvanck in Beek aan "de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland".


              Byvanck in Beek

1984   Op 29 januari overlijdt enkele dagen voor zijn 104e verjaardag de (Loer)Beekse oud-hoofdonderwijzer Henri Vermeulen. De oorspronkelijk uit het Limburgse Venray afkomstige Vermeulen kwam in 1898 op 18-jarige leeftijd naar de Liemers, waar hij zijn verdere leven woonachtig bleef en van grote betekenis was voor de (Loer)Beekse dorpsgemeenschap. Vermaard was de hechte vriendschap die zich in het eerste deel van de 20e eeuw ontwikkelde tussen pastoor Van Angeren, boswachter Peter Meisters en Henri Vermeulen. Zij werden wel de "drie Goden" genoemd. 

1986   Het Sint-Jansgilde in Beek, dat stamt uit de middeleeuwen, viert haar 550-jarig jubileum. Tot de oorspronkelijke taken van een gilde behoorden het beschermen van leden van de buurschap in hun rechten door regels te maken voor een ordelijke gang van zaken, alsmede het bescherming bieden tegen vijandige aanvallen van buiten. 

Het bestuur van het Sint-Jansgilde in 1986 bij het 550-jarig jubileum
V.l.n.r.: Tiemesen, Raben, Franken, Hermsen en Hendricks

 


1987    De beelden
, die in 1957 bij de moderniseringsgolf uit de Beekse kerk zijn verwijderd, worden onder pastoor Van Ewijk weer in de kerk teruggeplaatst.

1988   
Op 8 mei promoveert de voetbalvereniging Babberich naar de hoogste klasse in het Nederlandse amateurvoetbal: de hoofdklasse KNVB.

  Het elftal van voetbalvereniging Babberich, dat op 8 mei 1988 kampioen wordt in de 1e klasse KNVB en daardoor promoveert naar de hoofdklasse KNVB.

 

1992     De smederij van de Loerbeekse smid wordt als herinnering aan een ambachtelijke periode verplaatst naar het Openlucht Museum in Arnhem. De smederij, voorzien van speciale "explosieramen" die automatisch openklappen in geval van een ontploffing, heeft onder de vloer een opslagruimte voor carbid dat voor het lassen noodzakelijk is.

 

 

 


Loerbeekse smederij in het openlucht museum 

 

1995     Op woensdag 3 mei 1995 overlijdt in Roermond op 75-jarige leeftijd Netty Michels (1919 - 1995). Zij is in 1919 in Beek geboren als dochter van Johan Michels en Catharina Hetterscheid, die hotel en koffiehuis De Roos aan de Sint Jansgildestraat hebben. Netty Michels ontwikkelt zich in de loop der tijd tot een schilderes, die in haar schilderijen vaak een harmonieuze wereld oproept, die door eenvoud en simpele wijze van weergave charmant en ontroerend overkomt.

 

 

 


Gezin, olieverf op doek, Netty Michels 

1997    Voetbalvereniging Babberich wint in de Rotterdamse Kuip de landelijke amateurbekerfinale.

 
Het elftal van voetbalvereniging Babberich, dat op 8 mei 1997 in Rotterdam de bekerfinale wint.

 

1999     Op 7 december 1999 wordt Bernard Rexwinkel (1916-1940) herbegraven op het Militaire Ereveld Grebbeberg in Rhenen. De oorspronkelijk uit Dinxperlo afkomstige Bernard Rexwinkel, van beroep slagersknecht en vanaf 1938 wonend in Beek, is tijdens de Duitse inval in 1940 als dienstplichtig militair ingedeeld bij de 115e batterij luchtdoelartillerie. Op 12 mei wordt hij in de omgeving van Leerdam bij een luchtaanval dodelijk getroffen en nog dezelfde dag begraven.

 


Graf Bernardus Rexwinkel (1916-1940)
Militaire Ereveld Grebbeberg, rij 15, graf 10

2004     Op vrijdagmiddag 2 januari wordt onze regio opgeschrikt door een lafhartige moord. De 56-jarige eigenaar van het eeuwenoude Montferland in Zeddam, Henk Zinger, wordt tijdens een brute overval door messteken gedood. De 33-jarige dader, afkomstig uit Havelte, wordt enige maanden later veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf en tbs.

 

 


Hotel Montferland / Graaf van den Bergh in Zeddam (2012)

 

2005     's-Heerenberg, waartoe Beek behoort, houdt op een zelfstandige gemeente te zijn. Ten gevolge van een gemeentelijke herindeling wordt het samengevoegd met de buurgemeente Didam tot Montferland. Beek wordt onderdeel van de nieuwe gemeente Montferland.

 

 

 

 


Montferland in grondoppervlak de grootste gemeente in de Liemers

 

2006   Jo Vermeulen (1917 - 2010), dochter van meester Henri Vermeulen (1880 - 1984) onderwijzer / schoolhoofd in de periode 1898 - 1940 in (Loer)Beek, schenkt het overgrote deel van het familiearchief aan het Liemers Museum in Zevenaar. In dit archief, de collectie Vermeulen, bevinden zich ondermeer vele foto's, die een goed inzicht geven op het Liemerse platteland aan het eind van de 19e eeuw en de eerste helft van de 20e eeuw.    



Het gezin van hoofdonderwijzer Vermeulen (omstreeks1926)
geheel rechts dochter Jo Vermeulen, van 1940 tot 1977 onderwijzeres in Loerbeek

 

2007    Op 27 december overlijdt in zijn woonplaats Velp de vermaarde kinderboekenschrijver / onderwijzer Carel Beke (1913 - 2007). Beke, die ongeveer honderd kinderboeken schreef, verwierf zijn grootste bekendheid met de Pim Pandoer-serie. Een van de boeken uit deze serie, Pimpandoer de heks van 's Heerenberg, speelt zich af in onze omgeving: 's-Heerenberg, Elten, Zeddam, Beek en Montferland.

 


Cover van het boek dat gebaseerd is op Mechteld ten Ham, die in het begin van de 17e eeuw op de brandstapel is verbrand

2008     De Beekse pastoor Degger viert zijn 60 jarige priesterfeest. Een jaar later in 2009 wordt hij bij zijn afscheid als R.K. pastoor van Beek benoemd tot lid in de Orde van Oranje Nassau. Pastoor Degger gaat de geschiedenisboeken in als de laatste eigen pastoor van Beek.

 

 

 

 


Pastoor Degger (2008)
priester gewijd in 1948 door kardinaal De Jong

 

2010    Door het grote tekort aan priesters wordt de R.K. Sint Martinusparochie in Beek op 1 januari ondergebracht in het parochieverband Didam - 's-Heerenberg - Wehl. De nieuwe parochie krijgt als naam Parochie Heilige Gabriel.


Een versierde kerk in Beek (midden 20e eeuw)

 

2010    Op dinsdag 21 december vindt de officiele opening plaats van een door Toon Abbing ingericht historisch klaslokaal in zijn ouderlijk huis aan de St.Jansgildestraat in Beek. Het betreft mede een hommage aan zijn vader, meester Abbing, hoofd van de St. Martinusschool in Beek van 1940 tot 1966.

 

  Meesterhuis Abbing aan de St. Jansgildestraat in Beek
(28-07-2011)

 

2011    Op 16 en 17 april  viert het in 1436 opgerichte St. Jansgilde te Beek het 575 jarig bestaan.  


 

2011    Op 21 april (Witte Donderdag) overlijdt in zijn woning in Zevenaar volkomen onverwacht de bekende streekhistoricus dr. Ben Janssen. Hij is van grote betekenis geweest voor de Liemers waar hij tal van boeken over heeft geschreven. Op 28 april vindt in de R.K. kerk van Lobith-Tolkamer, zijn geboorteplaats, de uitvaartdienst plaats.  

 


 Dr. Ben Janssen 
(1931 - 2011)

 

2011    In het Bergherbos, tussen Beek en Elten op (voormalig) Duits gebied, worden resten van oude verdedigingswerken zoals bunkers en loopgraven uit de Eerste Wereldoorlog, hersteld. In 1921 zijn Duitse bunkers opgeblazen door de Fransen maar op diverse plaatsen zijn de betonnen brokstukken nog aanwezig. Ook oude loopgraven, inmiddels volledig dichtgegroeid, worden weer zichtbaar gemaakt waardoor unieke cultuurhistorische objecten voor het nageslacht zichtbaar blijven als herinnering aan de gruwelen van de Eerste Wereldoorlog.  

 


Nederlands-Duitse grens in 1915 bij Huize De Steeg (Beek)

 

2012  Op zaterdag 1 september vindt het middagprogramma van de jaarlijkse Van Keulen-familiedag plaats rondom het bergmeertje van uitspanning 't Peeske in Beek

 


 Bergmeertje 't Peeske op een zonnige 1 september 2012


         Uitspanning 't Peeske omstreeks 2010

2013  Op zondag 17 maart besteedt de Nederlandse televisie (VPRO) in een boeiende uitzending met als titel, Die Liebe war Schuld daran (Tommy Wieringa), zeer uitvoerig aandacht aan de Nederlands-Duitse grensstreek in de Liemers. (http://vimeo.com/62056112).

2014    In het Bergerbos bij Beek zijn aan beide zijden van de grens unieke restanten van verdedigingswerken uit de Eerste Wereldoorlog blootgelegd. Het loopgravenstelsel is door Duitsers in 1917 aangelegd om een eventuele aanval vanuit het toen neutrale Nederland af te weren omdat er rekening mee werd gehouden dat Nederland alsnog de kant van de geallieerden zou kiezen. Hoewel onze regio een catastrofale loopgravenstrijd bespaard is gebleven en de verdedigingswerken in 1921 door de Fransen grotendeels zijn verwoest, tonen de nu gereconstrueerde restanten veel van de militaire techniek uit die periode. De Fransen mochten de verdedigingswerken destijds ontmantelen omdat volgens het Verdrag van Versailles Duitsland geen militaire objecten meer mocht hebben. 
 

 


Bemande loopgraaf tijdens de Eerste Wereldoorlog 
Een deel van de blootgelegde Duitse verdedigingswerken ligt nu op Nederlands grondgebied vanwege een grenscorrectie in 1963.

2016    Op maandagmiddag 11 januari wordt de nieuwe 27 meter hoge uitkijktoren op de Hulzenberg in de omgeving van Beek geopend. De uitkijktoren, die in opdracht van de gemeente Montferland in samenwerking met Natuurmonumenten is gebouwd, biedt een schitterend uitzicht over de wijde omgeving van de Veluwezoom tot ver in het Duitse Rijnland. Bij helder weer is vanuit deze unieke locatie de Stevenskerk in Nijmegen te zien. 
 


 

2016    Op maandagavond 18 januari overlijdt na een kortstondige ziekte op 93-jarige leeftijd in het Slingeland Ziekenhuis in Doetinchem de befaamde streekhistoricus John Thoben (1922 - 2016). 
Aanvankelijk wilde de in Raalte geboren John Thoben priester worden maar na het Klein- en Groot-Seminarie in Apeldoorn en Rijsenburg doorlopen te hebben liep het anders. Hij ontwikkelde zich tot een enthousiast schrijver, uitgever, publicist, genealoog en streekhistoricus en verhuisde in 1985 naar Bergh, waar zijn huis aan de Kellenstraat voor de door hem opgerichte Werkgroep "Genealogie tussen Rijn en IJssel" zowel kantoor als archief werd. 
In 1999 verscheen van zijn hand het tweedelige boek over Beek "Het kerspel Beek in de Liemers" waarin de complexe dorpsgeschiedenis uitvoerig is beschreven.