Groessen


Groessen: Snel door de tijd   

De naam Groessen komt waarschijnlijk van groeze/groes, dat kwelder of grasland betekent.

Onderwijs in Groessen
Groessen telt in 1811 tussen de 80 (in de zomer) en 100 (in de winter) leerlingen. Het is in die tijd heel gewoon om in de zomer minder kinderen op school te hebben dan in de winter. In de zomer moeten deze kinderen helpen op de boerderij. Groessen is in die tijd een groter en veel rijker dorp dan Duiven.
Tot aan 1853 wordt in Groessen lesgegeven door de koster. Daarnaast heeft hij ook andere taken; zo is hij ook doodgraver.
Hoofd van de school in 1890 is de heer Van de Zand. Hij wordt in 1901 opgevolgd door de heer Te Witt. Er zijn drie meesters op deze school.
In 1923 komt er een nieuw hoofd van de school en een vierde meester. De school moet dan wel openbaar worden. In 1928 wordt de wet waarmee de extra leraar betaald wordt ook ingevoerd voor alle katholieke en protestantse scholen. Dus, de school wordt weer katholiek.
De ongehuwde Groessenaar Jan Wolters heeft bij testament laten vastleggen, dat zoveel mogelijk Groessenaren na zijn dood van zijn geld moeten genieten. Zijn laatste wens is dat er in Groessen een oude mannen- en vrouwenhuis moet komen alsmede een meisjesschool.
Pastoor Verheull zorgt ervoor dat het testament uitgevoerd wordt als Jan Wolters op 27 januari 1904 overlijdt. Midden in het dorp, schuin tegenover de kerk wordt in 1906 een klooster gebouwd. Tevens zijn er ruimten voor een meisjesschool en een huis voor oude mannen en vrouwen.
In 1907 gaan  er voor het eerst meisjes naar deze school; het zijn er 87!
In 1949 vertrekken de zusters uit Groessen maar de school blijft.
In 1969 worden de jongens- en meisjesschool samengevoegd. In 1976 wordt het huidige pand van de Joannesschool geopend.


  R.K. Jongensschool in Groessen op  donderdag 23 juni 1932
leraar links: Harry IJzermans, bovenste rij derde van rechts: Arnoldus Bosman  (informatie van: Willy Bosman-Boekhorst en Arnoldus Bosman)
                                                                           

TIJDSBALK van GROESSEN

1700 voor Christus
    Omstreeks deze tijd is er in de omgeving van het latere Groessen al sprake van min of meer permanente bewoning. Het dorp zoals we dat in onze tijd kennen vindt haar oorsprong in de Karolingische tijd (omstreeks 9e eeuw na Chr.).

 

 

788 na Christus   De buurtschap Leuven gelegen tussen Ooy en Groessen wordt onder de naam "Loffna" voor het eerst vermeld. In de 12e eeuw zal de buurtschap vermeld worden als "Lofenick", een eeuw later als "Loeffen" en nog weer later  als "Leuffen" en "Leuven". In het rampjaar 1799, zal de buurtschap Leuven als gevolg van een vernietigende dijkdoorbraak vrijwel volledig worden verwoest.

800      Omstreeks deze tijd staat in Groessen naar alle waarschijnlijkheid reeds een kerkje. Deze kerk bestaat zeker in het jaar 838.

838    Thuvine en Gruosna (Duiven en Groessen) worden genoemd, gelegen in Pagus Leomeriche (Liemers).

  Nederzettingen in onze streek omstreeks 1200

Aswen (Azewijn) en Theodem (Didam) worden genoemd in 828, Thuvine (Duiven), Gruosna (Groessen) en Harawa (Herwen) in 897, Eltnon (Elten) in 944, Berga ('s Heerenberg) in 1105, Sydehem (Zeddam) in 1142, Lengel in 1144, Loel (Loil), Wele (Wehl) en Waverlo (Dijk) in 1178, Beek in 1206 en Stockem (Stokkum) in 1260.

 

 

840     Omstreeks deze tijd staat in Groessen een parochiekerk voor zowel Groessen als Duiven. De kerk staat op "de Oude Wedem", waar in onze tijd "de Nieuwe Weem" staat.

970     De kerk in Groessen behoort aan het stift op de Elterberg.

 

1138    De Utrechtse bisschop Andreas van Cuyck maakt de kerkgemeenschap van Duiven los van Groessen en verheft Duiven tot een zelfstandige parochie. De kerk staat in deze tijd nabij boerderij de Weem aan de noordzijde van de Woerd.

 

1149    Pinkslo (onder Groessen) wordt voor het eerst vermeld. Mogelijk is Pinkslo een verbastering van het Latijnse woord pinciones (vinken). Indien dit juist is zou Pinkslo kunnen betekenen: Open plaats in het bos waar vinken voorkomen.     

 

1150    Halverwege de 12e eeuw wordt in het Liemerse land een begin gemaakt met de aanleg van dijken. Het zijn lage "zomerdijken" om het zomerwater te keren. Ruim honderd jaar later komen in de "Lijermersch" de eerste winterdijken.

Dijkaanleg met eenvoudige hulpmiddelen is een onvoorstelbaar omvangrijke klus, die naast vakmanschap vooral ook veel logistiek inzicht vraagt.

 

1175     Omstreeks deze tijd wordt in Groessen een nieuwe kerk gebouwd op de plaats waar deze in onze tijd nog staat. Van de oorspronkelijke bouw is alleen de toren overgebleven.


Kerktoren van de Groessense kerk
op 3 augustus 2010

1250    Omstreeks deze tijd loopt een belangrijke verkeersweg van Arnhem naar Keulen via een pontveer over de IJssel bij Westervoort, vervolgens via Groessen, Oud-Zevenaar, Babberich, Elten naar Emmerik en daarna verder langs de Rijn naar Keulen.

1256    Graaf Otto II van Gelre / Gelder koopt van de abdij Deutz het hof Eltingen bij Groessen

1276    De pastoor van Groessen, Steven van den Boetzelaer, geeft 38 stuivers als bijdrage aan de kruistochten. Hiermee draagt Groessen een relatief groot bedrag bij aan de kosten van de kruistochten. 

1290    Aan het eind van de dertiende eeuw is Doesburg verreweg het belangrijkste centrum in onze regio. De gehele Liemers tot aan Emmerik alsmede ook Doetinchem ressorteren onder het ambt Doesburg.

1300    De graven van Gelre en van Kleef (Kleve), die beiden gezag uitoefenen in deze omgeving, verkopen het Groessense en Duivense Broek aan een 26-tal hoevebezitters.

1328    De graven van Kleve (Kleef) en Gelre regelen in een Landbrief het beheer van dijken, weteringen en sluizen. Dit kan gezien worden als het allereerste begin van de georganiseerde waterbeheersing in onze streek. Er zou echter nog een lange weg van vele eeuwen te gaan zijn alvorens de bewoners van de Liemers gevrijwaard zijn van overstromingen.

1339    Gelre, waartoe ook Duiven en Groessen in deze tijd behoren, wordt door de keizer van Beieren tot hertogdom verheven. Het is een zeer groot en belangrijk hertogdom. Het omvat naast de huidige provincie Gelderland grote delen van de huidige provincie Limburg (met ondermeer Venlo, Venray en Roermond) en delen van het huidige Noord-Rijnland-Westfalen met ondermeer het stadje Geldern waarnaar het hertogdom Gelre en de latere provincie Gelderland zijn genoemd. Het hertogdom Kleve vormt een wig tussen de Noordelijke en de Zuidelijke delen van Gelre. De zelfstandigheid van Gelre eindigt in 1543.

 

Het hertogdom Gelre omvat omstreeks 1350:
1. Het Kwartier van Nijmegen (huidige Betuwe)
2. Het Kwartier van de Veluwe (ook genoemd het Kwartier van Arnhem)
3. Het Kwartier van Zutphen (de huidige Achterhoek en Liemers)
4. Het Kwartier van Roermond (het huidige Limburg en delen van Noord-Rijnland-Westfalen) 

 

 

 
 

1340     Uit een rekening van de rentmeester van de graaf van Gelre blijkt dat in deze tijd Weel (Wehl), Betburg (Babberich), Zevenaar, Angeroy (Loo), Westervoort, Beek en Zeddam,  Duiven en Groessen tot de Lijmers gerekend worden.

1342     In de maand juli overstroomt een gebied tussen Lobith en Westervoort.

1355    Vanaf 1355 neemt de macht van Kleef in de Liemers sterk toe ten koste van Gelre.

Bezittingen van Gelre en Kleef (Kleve) in de Liemers, omstreeks 1350
Voor 1350 bezit Kleef in de Liemers alleen Groessen, Leuven (tussen Oud-Zevenaar en Groessen), Oud-Zevenaar en Grondstein (nabij Elten).
In de periode na 1355 worden o.a. ook Zevenaar, Huissen (Huussen), Wehl, Duiven, 't Loo, Ooy, Babberich, Eltingen (Weel) en Elten deel van Kleve.

 

1391    Berenklau (latere naam: Berenclaauw) in Groessen wordt al bewoond. Vanaf de vijftiende eeuw wordt de Berenclaauw vele generaties lang bewoond door het geslacht (von) Cloeck.

1392     Pelgrim ten Haeff wordt vermeld als eigenaar van het Kleefse Compelmansgoed. Vermoedelijk is dit de locatie waarop Huis Rijswijk in Groessen is gebouwd. In 1410 wordt Pelgrim ten Haeff genoemd als eigenaar van het Huis Rijswijk.

1406    Ambt Liemers (o.a. Zevenaar, Duiven, Loo, Groessen en Wehl), van oorsprong Gelders grondgebied, wordt door Reinoud IV van Gelre aan het graafschap Kleef (Kleve) verpand.

1410    De eerste vermelding van Huis (havezate) Rijswijck in Groessen; waarschijnlijk is het huis echter al eerder gebouwd. In 1410 is het in het bezit van Pelgrim ten Haeff en zijn vrouw Ave.


Huis Rijswijck onder Groessen
tekening van vermoedelijk Jan de Beyer, omstreeks 1750

1417     Graafschap Kleef waartoe ook Groessen behoort wordt tot Hertogdom verheven.

Gezicht op Kleef (Kleve), omstreeks 1570, gravure Frans Hogenberg
Het ambt Liemers, dat in 1406 wordt verpand aan Kleve, zal tot  het begin van de 19e eeuw Duits blijven.

1432    Na een extreem koude winter overstroomt de Liemers na het invallen van de dooi. De stad Arnhem stuurt haringen naar de slachtoffers.

1487    Het Kleefse drostambt Lymers, waartoe ondermeer behoren Duiven, Groessen, 't Loo en Zevenaar, wordt gesplitst in de stad Zevenaar en Ambt Lymers. Deze situatie zal ruim driehonderd jaar tot het begin van de Franse tijd (1795) blijven bestaan.

1503    De zomer van 1503 is zinderend heet en kurkdroog en daardoor een kwelling voor de inwoners van Groessen

1542
    In Groessen vindt al jaarlijks een kermis plaats.

1546    De gehuwde Jacob Vallick volgt zijn (eveneens gehuwde) vader Jelis Vallick als pastoor op. Het celibaat voor R.K. priesters is in deze tijd een ideaal maar zeker geen algemene praktijk. Van de Groessense pastoor Jacob Vallick is relatief veel bekend, omdat hij in zijn "Kerckenboeck" een beeld geeft van zijn doen en laten.

Jacob Vallick is een zeer gemotiveerde, actieve en betrokken dorpspastoor. Dat kan in die tijd zeker niet van alle priesters gezegd worden. Hij preekt iedere zon- en feestdag en daarnaast ook gedurende de zesweekse voorbereidingstijd op Pasen ("Vastentijd") op maandag en vrijdag. Voorts geeft hij iedere zondagmiddag godsdienstonderricht. Zijn preken trekken vaak enorme belangstelling. Ook bezoekt hij zeer regelmatig zieken waarover hij schrijft dat hij weigert om er bij armen geld voor aan te nemen. Op een bepaald moment verbiedt de overheid Vallick om godsdienstonderwijs te geven. Waarom hij dit verbod krijgt is onduidelijk. Mogelijk is men bang dat hij te geliefd wordt en te veel macht krijgt.

1550    Omstreeks 1550 schrijft de Groessense pastoor Jacob Vallick de gangbare kerkelijke gebruiken op in het vermaarde "Kerckenboek".

1557    De vermaarde cartograaf Christiaan sGrooten, geograaf van de Spaanse koning Philips II, brengt het gewest Gelderland in kaart.



Een detail uit de kaart van Christiaan sGrooten betreffende de omgeving van Groyssem (Groessen)

In de omgeving van Groessen zien we o.a. Duven (Duiven), Weesterfort (Westervoort), Sevenaer (Zevenaar), Halsaff (Babberich), Lathem, Baer, Velp, Dyem (Didam) en het Dymer Bosch (Didamse bos).

 

 

 

1559     Uit een landkaart (1559) blijkt dat Zevenaar, Duiven, Groessen en Loo een enclave vormen, die staatkundig tot het hertogdom Kleve behoort.


 

 


Staatkundige indeling 1559

1560   Omstreeks deze tijd is Reindert Noerinck schoolmeester in Groessen.

1565    Uitzonderlijk strenge winter waarbij half december 1564 de vorst intreedt. Op 2e Kerstdag vriest de Rijn dicht en tot in maart blijft het ijs begaanbaar.

1566    Lambert van Rijswijk is schoolmeester en koster van Groessen.

1567   Op het kerkhof in Groessen wordt naast de school en het schoolmeesterhuis een armenhuis getimmerd voor de huisvesting van drie arme alleenstaande vrouwen. Een en ander vindt plaats met instemming van de inwoners van Groessen tijdens het pastoraat van pastoor Jacob Vallick alsmede de kerkmeersters Reinder Noerinck, Roeloff van Heeckeren en Jan Aelst. Van de vrouwen in het armenhuis wordt verwacht dat ze vroom leven en de gemeenschap zo veel mogelijk dienen.

1568     In oktober sterft de vrouw van de Groessense kerkmeester Roeloff van Heeckeren aan de pest.

1572    Begin juli worden 19 katholieke priesters uit Gorcum ontvoerd naar Den Briel. Als ze daar niet bereid zijn het katholieke geloof af te zweren worden ze een voor een opgehangen. De herinnering aan dit gebeuren, dat bekend staat als een van de dieptepunten in de opstand tegen Spanje, blijft tot ver in de 20e eeuw bij veel katholieken, ook in de Liemers, levend.

Links: Martelaren van Gorcum worden in een schuur terechtgesteld (19e eeuws schilderij van Cesare Fracassini)

Rechts: Beeld van pater Claas Pieck in de bedevaartskerk in Brielle
  Claas Pieck is de eerste, die wordt opgehangen, na hem volgen nog 18 paters. 



De ontvoering van de 19 priesters vindt plaats door watergeuzen onder leiding van hun in 1571 door Willem van Oranje benoemde opperbevelhebber Lumey. Wanneer de priesters niet bereid zijn om het katholieke geloof af te zweren, worden ze in een schuur een voor een opgehangen. Na hun dood worden de 19 martelaren van Gorcum voor veel katholieken ook in de Liemers lichtende bakens in een periode van onderdrukking en duisternis. De herinnering aan het gebeuren in 1572 blijft tot ver in de 20e eeuw levend. Veel katholieken sluiten tot ver in de 20e eeuw hun dagelijks gebed af met: "heilige martelaren van Gorcum bidt voor ons".

1585     De periode 1570 tot 1600 is in de Liemers (en Achterhoek) een uiterst onrustige tijd. De bevolking is wanhopig door rondtrekkende plunderende troepen: De ene keer Staatse (Hollandse) en de andere keer Spaanse troepen en daar tussendoor rondtrekkende muitende bendes. Verwoeste huizen en kerken, onbebouwde akkers, plundering, doodslag, zware maandelijkse oorlogscontributies en roof van hele veestapels zijn aan de orde van de dag.

Plundering van een dorp geschilderd door Pieter Molijn (Frans Halsmuseum, Haarlem)
Vooral tijdens de eerste helft van de Tachtigjarige Oorlog gaat de bevolking van het Gelders - Kleefs grensgebied regelmatig gebukt onder de wreedheden en plunderingen van Hollandse en Spaanse soldaten. 

1595
    Na een extreem koude winter volgen in maart zware overstromingen. De Lijmerse bandijk breekt op diverse plaatsen door.

1598    Van de Groessense pastoor Jacob Vallick verschijnt in Hoorn een herdruk van zijn zeer vermaarde publicatie "Tooveren".

Titelblad van de publicatie "Tooveren" van Vallick

In zijn boek benadrukt Jacob Vallick dat onheil niet het werk is van de duivel, laat staan van een heks, maar van God, die hooguit gebruik maakt van Satans diensten.
Vallick staat dus terughoudend tegenover geloof in duivelse krachten en hekserij. In zijn tijd zijn veel mensen beducht voor duivels en heksen.
Vallick is van oordeel dat tegenslag een louterende werking heeft voor de geest omdat het voorkomt dat je als mens zelfgenoegzaam wordt.

Het boek "Tooveren" is geschreven in de vorm van een dialoog tussen Elizabeth aan de ene kant en haar buurvrouw Mechtilde en een pastoor aan de andere kant. Elizabeth wijdt de ziekte van haar echtgenoot, haar koeien en paarden aan hekserij en beschuldigt ook een specifieke heks. Mechtilde en de pastoor vermanen haar echter: Een dergelijke reactie op tegenslag is een teken van geestelijke zwakte.

1604    Johan Pael of Paelen wordt vermeld als pastoor in Groessen. Vermoedelijk is hij de directe opvolger van de vermaarde pastoor Jacob Vallick. Johan Pael of Paelen is afkomstig uit een vooraanstaande boerenfamilie, die het landgoed de "Mazepoel" in Groessen bewoont.

1608    Een ontstellend koude winter zorgt voor grote problemen. In januari en februari vriest het zo hard dat zelfs de oudste mensen zich niet kunnen herinneren dit ooit eerder te hebben meegemaakt.

1609   
Het Kleefse hertogelijke geslacht is uitgestorven. Het hertogdom Kleef komt door vererving in het bezit van de keurvorst van Brandenburg. De Kleefse gebieden in de Liemers (o.a. Groessen, Zevenaar, Wehl, Duiven en Huissen) worden deel van Brandenburg.


Zes generaties hertogen van Kleve met op de achtergrond het historische Kleve
v.l.n.r. Adolph IV (1417 - 1448), Johann I (1448 - 1481), Johann II (1482 - 1521), Johann III (1521 - 1539), Wilhelm (1539 - 1592) en Johann Wilhelm (1592 - 1609)


1610
     Op vrijdag 22 januari wordt onze regio getroffen door een zware storm. Bij Rees breekt de dijk door. Veel land staat onder water.

1612    Klokkengieter Peter van Trier maakt een nieuwe klok voor de kerk in Groessen. In de voorafgaande decennia zijn drie kerkklokken door oorlogsgeweld verloren gegaan. Er zijn onvoldoende middelen om alle kerkklokken te vervangen omdat de bevolking door regelmatige inkwartiering van soldaten, oorlogsgeweld en plunderingen sterk is verarmd.

1617     Dominee Leonardus wordt de eerste officiele dominee van Zevenaar. Leonardus, oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Duitsland, wiens eigenlijke naam Baecker is, preekt in het Hoogduits en gaat wonen op Huis Bereklau bij de familie Cloeck in Groessen.
 



Huis Bereklau ten westen van Seventer (Zevenaar)

1618    Op zaterdag 10 november 1618 wordt in Groessen geboren Florentius Ontyt (1618 - 1673). In 1651 wordt hij pastoor in Zevenaar. Hij blijft dit tot zijn dood in 1673 en is dus pastoor tijdens de enorme pestepidemie, die Zevenaar in 1666 teistert.

1620    Omstreeks deze tijd wordt Steven van Dijk pastoor in Groessen. Hij blijft dit bijna veertig jaar tot 1657. Gedurende een periode van twintig jaar namelijk van 1622 tot 1642 neemt hij ook de zielzorg in Duiven op zich.

1625     In de eerste helft van de 17e eeuw komen vertegenwoordigers van veel Liemerse dorpen waaronder Groessen, Hoeselarij, Duiven en Ooy regelmatig voor het gerecht om gronden te verpanden. Dit is het gevolg van herhaalde inkwartiering van soldaten en veel oorlogsgeweld waardoor een enorme verarming onder de bevolking heeft plaatsgevonden.

 

1638    De Liemers krijgt het als gevolg van de Paltse inkwartiering zwaar te verduren. Veel soldaten maken zich schuldig aan beroving en ook als gevolg van drankmisbruik wordt grote schade aangericht.

 


Groessen  wordt op een landkaart uit omstreeks1740 expliciet vermeld 
Merk op: oost is links en  noord is onder  

 

1648    Einde van de Tachtigjarige Oorlog: Vrede van Munster. De Republiek der Nederlanden wordt door Spanje als een zelfstandige staat erkend. Groessen en veel andere plaatsen in de Liemers zullen pas vanaf 1 juni 1816 definitief deel uitmaken van Nederland.


Grens van de Republiek in 1648
Merk op dat het grootste deel van de Liemers geen deel uitmaakt van de Republiek, maar behoort tot het Duitse Rijk.
 

 

1650    Omstreeks deze tijd is Wilhelm Vogell v. d. Wilt eigenaar van "Hoff Steinhoevel" die we in onze huidige tijd kennen als boerderij "De Steenheuvel" aan de Dorpsstraat in Groessen. In de 20e eeuw zijn meerdere generaties Kampschreur eigenaar van boerderij "De Steenheuvel" aan de Dorpsstraat 53 in Groessen

1651    De uit Groessen afkomstige Floris Ontijt (1618 - 1673) wordt pastoor in Zevenaar. Hij blijft dit tot zijn dood in 1673.

1652    Omstreeks deze tijd is Johan Thoenissen schoolmeester van Groessen. In latere jaren wordt hij tevens genoemd als koster en schout.

1657     Henricus de Leeuw, geboren te Zevenaar, wordt pastoor in Groessen. Pastoor de Leeuw, die zijn theologische studie in Munster heeft gevolgd, overlijdt op 19 september 1676.

1658    Op vrijdag 3 mei 1658 koopt Lubbert van Eck, gouverneur van de stad Embrick (Emmerick) "Den Steenhoevell" in Groessen van Wilhelm Vogell. In onze tijd kennen we "Den Steenhoevell" als boerderij "De Steenheuvel" aan de Dorpsstraat in Groessen

1660    Bisschop Zacharias van Metz dient in Groessen vele volwassenen en kinderen, ook uit alle omringende plaatsen, het sacrament van het Heilig Vormsel toe.

1672    Het Franse leger trekt bij Tolhuis in Lobith de Rijn over en bezet onze regio. De Franse bezetting van de Kleefse gebieden duurt ongeveer twee jaar. Het is een periode die de toch al arme bevolking lang zal heugen. Men gaat gebukt onder de verplichte inkwartiering van soldaten, afpersingen, plunderingen en mislukte oogsten als gevolg van vertrapte akkers. Ook worden afkoopsommen opgelegd waarvoor inwoners eigendommen moeten verpanden. Het zal meer dan twee eeuwen duren alvorens de in deze periode aangegane pandschap volledig is ingelost. Pas in 1833 is het de gemeente Duiven, die de totale pandschap inlost.

1673    In Zevenaar-stad overlijdt de uit Groessen afkomstige pastoor Ontijt.  Hij was pastoor in Zevenaar vanaf 1651.

1676    De uit Huissen afkomstige Arnoldus van Kerckhoff wordt pastoor in Groessen. Van Kerckhoff, die zijn opleiding heeft gevolgd in Keulen, blijft tot zijn dood op 24 november 1688 pastoor van Groessen.

 

1681    Johannes Cool wordt als schoolmeester en tevens koster in Groessen vermeld.

1684    De winter van 1683 - 1684 verloopt ontstellend koud. Zelfs stokoude mensen in Groessen kunnen zich niet herinneren zo'n extreem koude winter ooit eerder meegemaakt te hebben. De koude valt ver voor kerstmis 1683 in en duurt tot medio februari 1684. De rivieren vriezen volledig dicht en ijsdikten tot twee Rijnlandse voeten (63 cm) worden gemeten. De winter zorgt voor veel overlast. 

1687   Op dinsdag 24 juni wordt in Groessen gedoopt Joanna van Janssen, dochter van Elbert van Janssen en Bartil (Beerti) van Rensen. Zij trouwt in 1714 in Groessen met de 57 jarige Theodorus (Derck) van Huet (1657-1717). Joanna van Janssen en Derck van Huet zijn voorouders in rechte lijn (9 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1688    Gijsbertus Vermeer uit Hulhuizen wordt pastoor van Groessen. Vermeer, die in Munster zijn opleiding heeft gevolgd, blijft ruim twintig jaar tot zijn dood in 1709 pastoor. Zijn opvolger pastoor N. Buning is slechts kort  tot het najaar van 1710 pastoor. Ook diens opvolger pastoor Bernardus Hondijck, die in Doesburg is geboren en in Munster zijn opleiding heeft gevolgd, is slechts een jaar tot zijn dood op 22 november 1711 pastoor.

 

1689    Omstreeks 1689 wordt Michiel then Haef koster en vermoedelijk ook schoolmeester van Groessen. Hij blijft dit een halve eeuw tot zijn zoon hem omstreeks 1740 opvolgt. Omstreeks 1770 volgt diens zoon Lambert zijn vader op om op zijn beurt tot het begin van de 19e eeuw koster en vermoedelijk ook schoolmeester van Groessen te blijven. De gehele 18e eeuw zijn dus achtereenvolgens vader, zoon en kleinzoon Then Haef koster en schoolmeester in de Groessense dorpsgemeenschap.

1689    Zoals zo vaak tijdens oorlogen wordt ook tijdens de Negenjarige Oorlog (1688 - 1697), tussen Frankrijk en ondermeer Pruisen, de lokale bevolking door de machthebbers geterroriseerd. Zo beveelt de Pruisische overheid in januari 1689 dat het Ambt Liemers, waartoe ondermeer Zevenaar, Oud-Zevenaar, Loo, Groessen, Duiven en Wehl behoren, grote hoeveelheden haver, rogge, stro en hooi moet leveren ver beneden de marktprijs. Of de bewoners het kunnen missen wordt niet gevraagd. 

1695     De eerste maanden van 1695 wordt de bevolking in extreme mate gekweld door de gevolgen van hoog water en geweldige ijsgang.

1701    De keurvorst van Brandenburg mag zich koning van Pruisen noemen, waardoor Groessen en het Ambt Liemers onderdeel worden van het Koninkrijk Pruisen, dat uitgroeit tot een machtige staat.

1709    Zeer strenge winter vanaf Driekoningen (6 januari); veel vee doodgevroren.

1709
    Op dinsdag 29 oktober overlijdt Gijsbertus Vermeer (1665 - 1709), R.K. pastoor van Groessen sedert 1688. Hij wordt opgevolgd door pastoor N. Buning, die slechts kort  tot het najaar van 1710 pastoor blijft. Ook diens opvolger pastoor Bernardus Hondijck, die in Doesburg is geboren en in Munster zijn opleiding heeft gevolgd, blijft slechts een jaar pastoor tot zijn dood op zondag 22 november 1711.

1710    In het najaar wordt Bernardus Hondijck, die in Doesburg is geboren en in Munster zijn opleiding heeft gevolgd, R.K. pastoor van Groessen. Hij blijft dit slechts een jaar tot zijn dood op zondag 22 november 1711.

1711    In het voorjaar zijn er diverse dijkdoorbraken zoals de IJsseldijk bij Lathum en de Boterdijk bij Lobith. Veel voedselvoorraden gaan verloren, weiden blijven lang onbruikbaar en op grote schaal wordt honger geleden.
            In Duiven is geen morgen winterzaad behouden.

1735    In een ambtsatlas uit 1735 staat een perceel grond in Groessen vermeld als "Der Tempel". Dit kan erop wijzen dit dat de Tempeliers, een christelijke ridderorde die tijdens de kruistochten een Heilige oorlog voerde tegen moslims, in Groessen een onderkomen dan wel bezittingen heeft gehad.

 

1736    Door het aanbrengen van een dikke laag grof zand hetgeen een gezamenlijke inspanning is van het Arnhemse stadsbestuur en de Kleefse overheid wordt de route van Arnhem door Westervoort, Duiven en Zevenaar naar Elten sterk verbeterd. Deze weg, die algemeen bekend staat als Zandstraat of Hoogestraat wordt enkele jaren later in 1741 na het instellen van een vaste postwagenverbinding ook wel (Kleefsche) Postweg genoemd. De minder rechtstreekse weg naar Elten over de dijken (Westervoortse IJsseldijk en Rijndijken ondermeer bij Groessen en Oud-Zevenaar via Babberich naar Elten), die sedert de Middeleeuwen is gebruikt, raakt omstreeks deze tijd in onbruik.

 

1740    De winter van 1740 is zeer koud. Na een relatief zachte december 1739 wordt januari 1740 extreem koud. In de periode van zaterdag 9 tot en met dinsdag 12 januari wordt het zelfs overdag in Groessen niet warmer dan 10 graden onder nul. De barre winter wordt gevolgd door een extreem koud voorjaar. Door armoede hebben veel huizen nauwelijks of geen verwarming. Op zaterdag 7 mei sneeuwt het nog. Ook de zomer verloopt zeer koud waardoor de oogsten volledig mislukken. Het duurt jaren voordat men het rampzalige jaar 1740 te boven is.

1740   Frederik II volgt zijn vader Frederik I op als koning van Pruisen, waartoe ook Groessen in deze tijd behoort. Frederik II, die ook Frederik de Grote wordt genoemd, blijft heerser van Pruisen tot zijn dood in 1786. Een belangrijke verdienste van hem is dat hij een zeer belangrijke rol speelt bij de invoering van de aardappel als volksvoedsel. Op 24 maart 1756 vaardigt hij het befaamde "Kartoffelbefehl" uit, waarin hij beveelt dat al zijn onderdanen met de aardappel bekend dienen te worden en deze op iedere beschikbare plek moeten worden verbouwd.     


 Frederik II (1712 - 1786) 

 

1742     Huis Rijswijck (of Rieswieck) tussen het dorp Groessen en de (voormalige) buurtschap Leuven wordt door Jan de Beijer getekend.


Rijswijck, op de achtergrond de kerk van Groessen (Jan de Beijer, 1742)


Rijswijck (Jan de Beijer, 1742)

 

1743    In het voorjaar staat de Liemers onder water. Tientallen paarden en meer dan honderd runderen overleven het niet.

1744    Omstreeks 10 maart komt geheel Pannerden onder water te staan als gevolg van een doorbraak in de Kanaaldijk. Ook een groot deel van Ambt Lijmers heeft te maken met de wateroverlast. Alleen de stad Zevenaar blijft droog, maar het juist bij de stad gelegen Zevenaarse Grieth komt onder water evenals grote delen van Duiven, Groessen, Angerlo, Giesbeek, Lathum en Westervoort. Tot overmaat van ramp is er in de Liemers in 1744 een zeer ernstige veeziekte.

1747    Dijkdoorbraak bij Leuven, buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groesssen.

1748
    Arnold Swinckels wordt gedurende een periode van dertig jaar pastoor van Groessen. Pastoor Swinckels is bedreven in het uitdrijven van de duivel.

1750    In de jaren na 1750 daalt in onder meer de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen behoort, de huwelijksleeftijd van vrouwen met bijna 2 jaar, van bijna 29 naar bijna 27 jaar. Omdat het aantal buitenechtelijke kinderen zeer gering is, neemt bij afwezigheid van geboortebeperking de kans op kinderen toe naarmate mensen langer getrouwd zijn. Op grond hiervan is voor de gemeente Duiven berekend dat in de tweede helft van de 18e eeuw ongeveer 140 kinderen meer geboren worden dan wanneer de huwelijksleeftijd ongewijzigd zou zijn gebleven.

1752    Nadat het geslacht (von) Cloeck tenminste twaalf generaties eigenaar is geweest van de Berenclaauw in Groessen verkopen de broers Frederik Jan en Andries het landgoed aan de Kleefse "Zollbeseher" (douanebeambten) Von Leeuwen en Von Elsbruch. De nieuwe eigenaars verkopen het goed twintig jaar later in 1772 aan Antonius van Hugenpoth tot Aerdt, stamvader van de tak Van Hugenpoth tot den Beerenclaauw.


Berenclaauw (eind 20e eeuw)
                             

 

1753    Op 19 december vindt een dijkdoorbraak plaats bij de buurtschap Leuven / Leuffen (buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groessen). Een zeer omvangrijk gebied tot Steenderen komt daardoor onder water.
Als gevolg van de dijkdoorbraak wordt de bestaande waai "de Pottingswaay" zo groot dat de nieuwe dijk om de waai wordt aangelegd, waardoor deze buitendijks komt te liggen.  


Doorbreken van de Rhijndijk in 1753
Meer dan drie maanden lang, tot eind maart 1754, blijft het water door de Leuvense doorbraak naar binnen stromen..
Tot  in oktober 1754 werkt men dagelijks met honderd karren aan het herstel van de dijk.
 

1756    Op woensdag 24 maart vaardigt Frederik de Grote (1712 - 1786), koning van Pruisen, waartoe ook Groessen behoort,  het befaamde "Kartoffelbefehl" uit waarmee hij de in deze tijd nog weinig populaire aardappel als volksvoedsel tracht in te voeren. Zaadgoed wordt gratis verdeeld en veldwachters zien er op toe dat met het verbouwen van aardappelen wordt begonnen want de aardappel heeft (voor een deel terecht) de naam giftig te zijn waardoor veel boeren aanvankelijk tegenstribbelen. Tot in de huidige tijd liggen op het graf van Frederik de Grote enige aardappelen.     


 Graf Frederik de Grote bij slot Sanssouci met aardappelen
door Frederik de Grote werd de aardappel volksvoedsel

1756    Op zaterdag 11 december 1756 begint het streng te vriezen en de intense koude duurt onafgebroken tot maandag 7 februari 1757. De langdurige en intense koude is ook voor de  inwoners van Groessen een enorme beproeving.

1757    Op zondag 30 januari ziet men op het Gelders eiland de eerste tekenen van ijsgang. Het opgestuwde water stijgt daardoor zo hoog dat het nog dezelfde dag twee voet over de dijk loopt en de dijk ter hoogte van de Pannerdenschen Waerd breekt. Ruim en week later op 9 februari breekt de Herwense dijk op vijf plaatsen tegelijk door als gevolg van het opnieuw kruiende ijs. Bij Pannerden volgen nieuwe doorbraken. Ook de dijk bij Leuven, tussen Oud-Zevenaar en Groessen breekt in deze rampzalige maand.

Door vele dijkdoorbraken als gevolg van waterstuwing door het kruiende ijs staat in februari 1757 de Liemers grotendeels onder water. Velen vertoeven dagenlang op zolders of daken van hun huis. Ook gaan veel huizen door de watermassa verloren.

 

1758    De zomer is uitzonderlijk nat waardoor vrijwel alle landerijen onder water komen te staan en een groot tekort aan hooi ontstaat.  

 

1758    Tijdens de Zevenjarige Oorlog (1756 - 1763) bezetten Franse troepen in 1758 het Kleefse land, waartoe ondermeer behoren Duiven, Groessen, Loo, Zevenaar, Huissen, Malburgen, Lobith en Wehl. De bevolking heeft het zwaar te verduren en leeft op de rand van de hongersnood. Toch eisen de bezetters bij voortduring brood, graan, meel, stro, hooi, brandhout en inkwartiering. Ook worden bewoners gesommeerd voor de bezetters te werken. Boeren en landarbeiders worden opstandig en velen vluchten voor het oorlogsgeweld naar de republiek

De Kleefse enclaves. (Uit: Graswinckel, De rechterlijke archieven der voormalige Kleefsche enklaves, 1543 - 1816, 's-Gravenhage, 1927)


1761
    Een combinatie van zeer hoog water en storm veroorzaakt in de zeer vroege ochtend van 27 februari drie doorbraken in de Herwense bandijk. Ongeveer gelijktijdig  veroorzaken dijkdoorbraken tussen Loo en Westervoort twee waaien waarvan een met een diepte van meer dan 50 voet.

1762    In Groessen wordt op zaterdag 30 januari 1762 geboren Gertruda Ebbe(r)s (1762 - 1810). Zij trouwt in 1791 met Matthias (Matheus, Tijs) Pol(l)man (1765-1816). Gertruda en Matthias zijn voorouders in rechte lijn (7 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1764    In februari vinden dijkdoorbraken plaats bij Rees en Herwen waardoor ondermeer Westervoort, Duiven, Groessen, Angerlo, Ooy en Lathum onder water komen te staan.

1764    Op 4 augustus wordt het landgoed (havezate) Rijswijck in Groessen gekocht door Lubbert Jan baron van Eck voor de som van 12.800 gulden. De vermogende koper, in dienst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (V.O.C.), gouverneur van het eiland Ceylon (nu Sri Lanka), heeft Rijswijck echter nooit als zijn eigendom  kunnen aanschouwen omdat hij 1 april 1765 in de Oost overlijdt.

Landgoed (Huis / Kasteel / Havezate) Rijswijck in Groessen, omstreeks 1742

 

1765     Na het overlijden van Lubbert Jan baron van Eck op maandag 1 april 1765 erft zijn nicht Jannette van Eck de havezate Rijswijck in Groessen.

 

1770     De oudst bekende vroedvrouw van Groessen , de weduwe Sebus, wordt in 1770 vermeld.

1770    Bij een dijkdoorbraak in december wordt een groot deel van Loo weggevaagd en ontstaat een waai, die bij de wederaanleg van de dijk aan de rivierzijde komt te liggen.


Voor het Gelders eiland en de gehele Liemers is 1770 door vele dijkdoorbraken een echt rampjaar.
 Vooral bij de onverwachte dijkdoorbraak op 2 en 3 december 1769 bij Oud-Zevenaar en Loo is het menselijke leed onvoorstelbaar.

1771    In het voorjaar regent het gedurende vijf weken onophoudelijk, waardoor ook Groessen met een ernstige wateroverlast te maken heeft.

1772    Antonius van Hugenpoth tot Aerdt, stamvader van de tak Van Hugenpoth tot den Beerenclaauw, echtgenoot van Henrietta van Hoevell, wordt eigenaar van het Groessense landgoed Beerenclaauw.

1776    In Groesssen wordt geboren Jan Baldewijn van Hugenpoth tot de Beerenclaauw. In latere jaren wordt hij een vermaard bestuurder, die in 1814 burgemeester van Boxmeer wordt, waar hij tevens eerste plaatsvervanger is van de rechter. Hij is de vader van de schrijver Jean Baptist van Hugenpoth tot den Beerenclauw.     


 Portret J.B. van Hugenpoth gemaakt door Th. Bohres (1820)

1778    Henricus Otten volgt Arnoldus Swinckels op als pastoor van Groessen. Hij blijft pastoor tot zijn overlijden als gevolg van een beroerte op donderdag 13 oktober 1785.

1780    Op dinsdag 15 februari overlijdt in Emmerich de vermaarde tekenaar Jan de Beijer (1702 - 1780), die ook in onze omgeving vele kerken, dorpsgezichten en kastelen voor het nageslacht heeft vastgelegd.

   

Gezicht op het dorp Duven (Duiven) in 1742, getekend door Jan de Beijer

 




 
Jan de Beijer 

 

1783    Een zoveelste dysenterie-epidemie maakt ook in de Liemers veel slachtoffers. Het jaar 1783 gaat de geschiedenis in als een rampjaar voor Zevenaar en omgeving. Alleen in augustus en september overlijden er in Zevenaar ongeveer vijftig mensen aan deze vreselijke aandoening. In totaal bedraagt het aantal dodelijke slachtoffers in Zevenaar ongeveer 85. Ook in de omgeving van Zevenaar zijn in het najaar van 1783 veel slachtoffers van dysenterie te betreuren; zo zijn er in de parochie Duiven 23, in Westervoort 20,  in  Pannerden 15 en in Groessen 5 dodelijke slachtoffers.

1784    Een felle en langdurige vorstperiode zorgt dat de rivieren tot op de bodem met ijs bedekt zijn. In februari zet de dooi in en in de middag van 29 februari breken bij Spijk dijken door. Een dag later zijn er dijkdoorbraken in Oud-Zevenaar. Begin maart staat een gebied tussen 's Heerenberg en Doesburg onder water. Nog in mei 1784 worden in Groessen ruim honderd huishoudens van levensmiddelen voorzien. De Lijmerse polder ontvangt van de Koning van Pruissen 1.500 rijksdaalders om de dijken te herstellen.

1785    In april en mei komen twee zoons van Bart Heijmen uit de buurtschap Leuffen een vijftal keer niet naar het catechismusonderwijs waarop de Groessense pastoor Otten de hulp inroept van de rechter in Zevenaar. Uit het onderzoek van de rechter blijkt dat Heijmen zijn zoons niet meer naar de pastoor heeft gestuurd omdat deze hen had geslagen.

1786    Op  zondag 2 april  trouwt in Zevenaar Johann W. Koch (1760 - 1833) met de uit Loo afkomstige Louise Albertine Uhlenbruch (1753 - 1819). 
In 1813 is Johann W. Koch de eerste burgemeester in de geschiedenis van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen behoort.     


Kleurbewerking: Herbert Fontein 

 

1787    In Ambt Liemers worden in 1787 voor het eerst brandspuiten aangeschaft. De oudst bekende bergplaats van brandspuiten in het Ambt is voor Oud-Zevenaar havezate Poelwijk, voor Duiven en Loo de havezate Ploen en voor Groessen de R.K. pastorie.
De aanschaf van de brandspuiten in de Liemers in 1787 vindt plaats ruim een eeuw na de ontdekking van de brandspuit in 1671 door Jan en Nicolaas van der Heijden. Na deze uitvinding wordt een effectieve brandbestrijding mogelijk
.

1788    Om verspreiding van ziekten te voorkomen bepaalt de Kleefse overheid op 11 april dat voortaan twee begrafenisgebruiken achterwege dienen te blijven te weten:
                    - het afleggen van het lijk door een groot aantal vrouwen uit de verre omtrek
                    - het meerijden van vele vrouwelijke familieleden op de lijkwagen.

1789    De winter van 1788-1789 verloopt extreem koud. Met de winter van 1708-1709 is deze winter de aller-koudste winter van de 18 eeuw. Mens en dier gaan gebukt onder de extreme koude en de gevolgen daarvan.

1789    Het in miserabele staat verkerende Groessense schooltje wordt opnieuw opgebouwd.

1790    Op de omstreeks deze tijd gemaakte Hottinger Atlas wordt Groessen vermeld als "Groussen". Het is net als Loo, Duven (Duiven) en Zeventer (Zevenaar) gelegen in een Kleefse enclave.     



1790     Omstreeks deze tijd wordt aan de Dorpsstraat in Groessen een nieuwe R.K. pastorie gebouwd. In onze huidige tijd staat deze pastorie, die in de loop der tijd bouwkundige aanpassingen heeft ondergaan, op de gemeentelijke monumentenlijst.


Pastorie Groessen

1790    In  Groessen worden Derck Dercksen en Ruth Rutjes aangesteld als brandmeesters. Zij zijn de oudst bekende brandmeesters in Groessen, dat enkele jaren eerder voor het eerst de beschikking kreeg over brandspuiten, essentieel voor een effectieve bestrijding van branden.

 

1795    Groessen kampt met een dysenterieplaag, die vijf mensen noodlottig wordt.

1796    Omstreeks deze tijd bereikt de teelt van tabak, die we in onze omgeving vanaf de 17e eeuw kennen, een hoogtepunt. Vooral in Duiven en Groessen is relatief veel aan tabaksteelt gedaan. In de loop van de 19e eeuw neemt het belang van de tabaksteelt geleidelijk af. 

1797    Voor zijn werkzaamheden als schoolmeester, koster en organist ontvangt Lambert then Haef per jaar in totaal 105 Rixdaalder, 36 Stuiver en 4 Duiten.  

1798    De Groessense schutterij mag ter gelegenheid van de kermis een schietwedstrijd houden op voorwaarde dat ter voorkoming van brand niet bij huizen geschoten wordt.

1799    Na een zeer koude winter wordt de Liemers opnieuw getroffen door een grote overstroming. Een belangrijk deel van Leuffen (Leuven) wordt weggespoeld. De huidige Leuffense dijk, vanaf de Oliemolen onder Ooy -  Zevenaar tot voorbij Groessen, wordt aangelegd na deze overstroming. De Jesuitenwaay bij Groessen wordt nog altijd gekenmerkt door de gevolgen van de dijkdoorbraak in 1799.

1800    Het aloude gebruik van geweer dragen en schieten ter gelegenheid van de processie wordt verboden.

1801    Aan de molendwang in Ambt Liemers komt een eind. Door de molendwang mochten de inwoners van Ambt Liemers (o.a. Duiven, Loo, Groessen en Zevenaar) alleen van de Zevenaarse Buitenmolen gebruik maken.

1801    Op dinsdag 29 december wordt melding gemaakt van de arrestatie van drie beruchte criminelen uit onze omgeving. Het betreffen Klaas Jacobs uit de "Husselarij bij Groessen" alsmede Heegman en Sanders uit Babberich.

1802    In de zomer van 1802 wordt het in de regio bekend dat de Kleefse enclaves (met o.a. Zevenaar, Duiven, Groessen, Loo, Huissen, Malburgen en Wehl) op termijn over zullen gaan naar Nederland. Velen  overvalt dit bericht en vrijwel alle hoofdgeerfden van de streek richten zich in een verzoekschrift tot de koning van Pruissen om in het belang van de ingezetenen de enclaves te behouden. Voorstanders van de overgang naar Nederland zijn er echter ook. Zij worden aangevoerd door de Zevenaarse Carel Herman van Nispen. 

1803    In de winter van 1803 wordt Groessen zwaar getroffen door een roodvonkepidemie.

1803     Op dinsdag 25 oktober 1803 wordt een overeenkomst ondertekend tussen Pruisen en de Bataafse Republiek, waardoor de Liemers, waartoe Groessen behoort, aan de Bataafse Republiek komt. Wanneer echter Napoleon de Oostenrijkers eind 1805 bij Austerlitz verslaat, krijgt de Liemers opnieuw een andere status en wordt zij onderdeel van het door Napoleon opgerichte hertogdom Berg, onder het bestuur van Murat. 

1805    Het kerspel (kerkelijke parochie) Groessen, waartoe behoren Groessen, Husselarij en Leuffen, telt 171 gezinnen. Het aantal kinderen tussen de vijf en dertien jaar bedraagt in Groessen 72, te Husselarij 87 en te Leuffen 18. Het schoolgeld varieert van 8 tot 10 stuivers "Cleefs" per kind per maand. Van de 177 kinderen kunnen de ouders van 8 kinderen het schoolgeld niet betalen. Het aantal kinderen, dat werkelijk de school bezoekt, bedraagt ongeveer 70 in de winter en 25 in de zomer.
Het kerspel Duiven is veel kleiner dan Groessen en omvat 109 gezinnen in Duiven en Nieuwgraaf. Duiven telt 93 kinderen tussen vijf en dertien jaar en Nieuwgraaf 13. Van deze 106 kinderen zijn de ouders van 25 kinderen niet in staat om het schoolgeld, dat voor de jongste 6 stuivers en de iets oudere kinderen 10 stuivers per maand bedraagt, te betalen. Het aantal kinderen dat werkelijk naar school gaat, ligt hier tussen de 30 en 40. 
Het kerspel Loo telt 23 gezinnen met 26 kinderen tussen de vijf en dertien jaar. Hiervan zijn de ouders van 5 kinderen niet in staat het schoolgeld te betalen. De hoogte van het schoolgeld hangt in Loo af van het onderwijs dat gevolgd wordt. Kinderen, die alleen leren spellen en lezen, betalen 8 stuivers per maand en kinderen die schrijfles krijgen 12 stuivers. Het aantal kinderen dat werkelijk de school bezoekt, bedraagt 14 in de winter en 6 in de zomer.
 

1805    In Groessen maar ook in omgevende plaatsten heerst een tyfusepidemie die veel slachtoffers maakt. In Groessen overlijden 29 mensen aan de aandoening, in de parochie Oud-Zevenaar 66 en in Zevenaar 10 mensen.

1807    Groessen wordt getroffen door de pokken.

1807    Op maandagochtend 24 augustus, omstreeks 11 uur, breekt brand uit in het huis van Gerhardt van Gellecom op nummer 209 in de parochie Groessen. Het huis brandt volledig af, persoonlijke ongelukken doen zich niet voor.

1808    Op 22 april komt Groessen bij overeenkomst in het bezit van Lodewijk Napoleon, koning van Holland.

1809    Weer een kolossale watervloed in de Liemers. Na een strenge vorstperiode veroorzaakt begin januari een ijsstopping in het Bylants kanaal een enorme vloed door de Oude en Neder-Rijn waardoor de dijken de enorme druk niet weerstaan en op twee plaatsen, te weten bij de Toetenburg onder Ooy en bij 't Loo, doorbreken. Op 13 januari is het Liemerse land daardoor een grote met ijs beladen watervlakte waarin door een hevige storm ontwortelde bomen en daken van verwoeste huizen voortdrijven. Een nieuwe vorstperiode verandert het land vervolgens in een onafzienbare ijsvlakte.

   

IJsgang tussen Arnhem en Westervoort in de louwmaand (januari) 1809; rechts is de stad Arnhem met de Walburgiskerk te zien, links een boerderij aan de Westervoortse kant van de IJssel.

Op 3 januari 1809 raast een hevige sneeuwstorm over de Liemers, waarna de winter in alle hevigheid toeslaat. Rond de Pley bij Westervoort ontstaat een ijsmassa, die zowel de IJssel als de Rijn afsluit waardoor stroomopwaarts de Liemerse bandijk van Oud-Zevenaar tot Westervoort onder zware druk komt.  Op vrijdagochtend 13 januari om 7.30 uur begeeft de dijk het bij Ooy in de buurt van Toetenburg. Enige uren later breekt de dijk bij de Loowaard door. In korte tijd staat de gehele Liemers onder water. Zelfs in het relatief hoog gelegen centrum van Zevenaar-stad staat het water meer dan 1 meter hoog. 

 

 

1809    In Groessen overlijden 2 mensen aan dysenterie (rode loop: hevige infectieuze bloedende diarree).

 

1810    Ook dit jaar 2 sterfgevallen door dysenterie in Groessen.

 

1810     Opzondag 1 juli wordt het Koninkrijk Holland en dus ook Groessen, ingelijfd in "het grote Franse Keizerrijk". Deze inlijving duurt tot 17 december 1813 wanneer Groessen weer Pruisisch gebied wordt, deel uitmakend van de zogenaamde Kleefse enclaves.

1811     In Groessen gaan tussen de 80 (in de zomer) en 100 (in de winter) kinderen naar school. Het is in deze tijd heel gewoon om in de zomer minder kinderen op school te hebben dan in de winter; in de zomer moeten de kinderen helpen op de boerderij. Tot 1853 wordt op de Groessense school les gegeven door de koster. Daarnaast heeft hij ook andere taken. Zo is hij ook doodgraver.

In deze tijd is Groessen een groter en veel rijker dorp dan Duiven.
 

1811    In Groessen overlijden in november en december 12 mensen aan dysenterie (rode loop).


1811   
Voor de mairie (gemeente) Westervoort (la commune de Westervoort), waartoe in deze tijd behoren de dorpen Westervoort, Groessen, Duiven en 't Loo worden tien mannen benoemd als gemeenteraadslid. Het zijn: 

- uit Duiven: Gerrit Peelen (1758-1831), Hendrik van Brandenburg (1751-1822) en Peter Nass (1790 - 1863)
- uit Groessen: Derk van Egeren (1757-1820) en zijn broer Lamert van Egeren (1762-1831) en Arnold Mutter (1774-1855)

- uit Loo: Reinder Peelen

- uit Westervoort: Hendrik ten Bosch, Evert ten Bosch en Anthonij Buss (1770-1841)

 

1813    Op 17 december zijn de Fransen door de Pruisen verslagen en wordt het oude ambt Liemers (Zevenaar, Duiven, Groessen, Loo, Wehl, Lobith, Tolkamer, Spijk, Herwen en Aerdt) weer een deel van Pruisen. Dit zal naar later blijkt slechts van korte duur zijn.

1814    In de zomer zijn er op de Groessense school gemiddeld 50 leerlingen, in de winter ongeveer 90. In de zomer blijven veel kinderen thuis om daar te helpen. Schoolmeester Oppers is ontmoedigd door "de ellendige staat van het schoolvertrek". Er is slechts een klein lokaal dat in de winter bevolkt wordt door 90 kinderen. Bij nat weer kunnen de kinderen niet droog zitten.

1815    Het Weense Congres besluit dat het gebied tussen Emmerick en de (huidige) grens Duits wordt in ruil voor de Duitse enclaves Wehl, Liemers (Zevenaar, Duiven, Groessen, Loo) en Huissen, die tot Nederland gaan behoren. Lobith en Spijk worden vergeten en komen korte tijd later bij Nederland.

In de Algemene Acte van het Wener Congres van 9 juni 1815 worden de grenzen bepaald tussen het Verenigd Koninkrijk (Noord- en Zuid-Nederland), Frankrijk en Pruisen.
De voormalige Kleefse enclaves Huissen, Zevenaar en Duiven (met Groessen en Loo), Malburg en de heerlijkheid Weel (Wehl) worden aan het Verenigd Koninkrijk (Nederland) afgestaan.

 

1816    Na de val van Napoleon komt Groessen eerst onder Nederlands en daarna opnieuw onder Pruisisch bewind, totdat het op 1 juni 1816 definitief overgaat naar het Koninkrijk der Nederlanden.

In de Leeuwarder Courant van 31 mei 1816 wordt melding gemaakt van de overgave van Zevenaar, Huissen, Malburgen en de Lijmers waardoor het Koninkrijk der Nederlanden "met een niet onaanzienlijk met allervruchtbaarst bouwland en uitmuntende weiden beslagen en door nijvere inwoners bewoond territoir wordt vergroot". 

1816    Theodorus Bartels wordt benoemd als schoolmeester in Groessen

1816    Uitgezonderd enkele dagen in augustus regent het in 1816 van half mei tot in november vrijwel onafgebroken. De Liemers verandert daardoor in een moeras. Ook in Groessen gaat de oogst door verrotting verloren. Armoede is het gevolg en velen voeden zich met voedsel dat onder normale omstandigheden aan varkens gegeven wordt. 

1817   Nadat het gehele jaar 1816 het extreem slechte weer ook in Groessen voor honger en armoede heeft gezorgd, verschijnt medio maart 1817 eindelijk de zon, die zich daarvoor in dertien maanden vrijwel niet heeft laten zien. Het gewone klimaat keert eindelijk weer terug. 
Pas in de loop der 20e eeuw hebben wetenschappers vastgesteld dat de tijdelijke klimaatverandering, die de wereld in 1816 heeft gekweld, het gevolg is van de enorme vulkaanuitbarsting van de Tambora op het eiland Sulawesi in de Indonesische Archipel. Aan het begin van de 19e eeuw duurt het maanden tot jaren voordat nieuws van de andere kant van de wereld onze omgeving bereikt maar ook als men het toen eerder geweten had zou niemand een verband gelegd hebben tussen de vulkaanuitbarsting en de tijdelijke klimaatverandering.
 

1818    Petrus S. Nass wordt tot burgemeester van Duiven benoemd. Hij blijft dit gedurende een periode van bijna een halve eeuw tot 1863 en wordt daarmee de langstzittende burgemeester uit de geschiedenis van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen behoort.

1820    Jan Baldewijn van Hugenpoth tot den Beerenclaauw verkoopt het landgoed Beerenclaauw in Groessen aan Frederic Tendering, wethouder van de gemeente Duiven. 

1825    In plattelandsgemeenten wordt de titel van schout (voor het hoofd van de gemeente) veranderd in die van burgemeester.

De Liemers en omgeving uit een aardrijkskundig schoolboek door J. van Wijk Roelands Zoon uitgegeven door H.C.A. Thieme te Zutphen in 1827. Vermeld worden o.a. Groessen, Duiven, Loh, Westervoort en Zevenaar.

1830    Uit de volkstelling van 1830 blijkt, dat er op dat moment 626 mannen en 574 vrouwen in Groessen wonen. Bijna al deze mensen zijn in Groessen of directe omgeving geboren. Het meest voorkomende beroep in 1830 is  landbouwer. Voorts wonen er 6 timmerlieden, 6 kleermakers, 4 smeden, 4 schoenmakers, 3 schaapsherders, 2 kooplieden, 2 klompenmakers, 2 schilders, 1 pastoor, 1 kapelaan, 1 onderwijzer, 1 naaister, 1 metselaar, 1 schipper, 1 kramer en 1 tapper. Het overgrote deel van Groessen is katholiek.

1830    Jaarlijks vinden vooral in de maand september processies plaats naar de R.K. kerk in Oud-Zevenaar ter ere van de Heilige Maria. Oud-Zevenaar is in deze tijd een belangrijke regionale bedevaartsplaats. Aan deze plechtige processies nemen vele omliggende dorpen deel. Zo komen veel deelnemers vooraf in Groessen bij elkaar vanwaar ze met kruis en vaandels onder leiding pastoor Kuppers biddend over de landwegen naar Oud-Zevenaar lopen. 

1831     De Belgische opstand leidt tot afscheiding van Belgie van Nederland. 
Koning Willem I voert de militaire dienstplicht in. Velen voelen er echter weinig voor om voor een protestante vorst te vechten tegen het katholieke Belgie. Daar komt bij dat door armoede en misoogsten velen het toch al erg moeilijk hebben en alleen met de allergrootste moeite het hoofd boven water kunnen houden. In de Liemers ontstaat grote onrust. Op dinsdag 15 februari 1831 komt een strafexpeditie bestaande uit tweehonderd manschappen, onder leiding van majoor Schimmelpenninck, naar Zevenaar om orde op zaken te stellen en dienstweigeraars op te sporen. Begin april is het de beurt aan Duiven, waartoe Groessen behoort, waar de strafexpeditie onwillige mannen, die zich aan de dienstplicht onttrekken, inrekent
.

1833    Op woensdag 5 juni 1833 overlijdt in Zevenaar Johann Wilhelm Koch (1760 - 1833), vele jaren schoolmeester in Zevenaar en in 1813 de allereerste burgemeester in de geschiedenis van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen behoort.


De eerste burgemeester van Duiven
(kleurbewerking: Herbert Fontein)

1835    Inspecteur Wijnbeek rapporteert positief over het onderwijs op de school in Groessen maar bij een volgend bezoek in 1841 is de inspecteur verre van positief.  

1838    Polderdistrict Lijmers wordt gevormd. De belangrijkste doelstelling is de verbetering van de dijken langs de Oude Rijn en Rijn; een begrijpelijke keuze gezien de zeer vele dijkdoorbraken.

1840    De volkstelling van 1840 laat geen grote verandering zien in vergelijking met 1830. Er zijn wat mensen verhuisd, sommige gezinnen zijn groter geworden en de beroepen zijn nagenoeg hetzelfde.

1841     In het aardrijkskundig woordenboek (A. van der Aa, Gorinchem 1841) staat over de gemeente Duiven ondermeer:

"De gemeente bevat  de dorpen Duiven, Groessen en het Loo; telt 349 huizen, bewoond door 410 huisgezinnen, uitmakende een bevolking van ruim 2.300 inwoners, die het meest hun bestaan vinden in de landbouw. De R.K., ten getale van ongeveer 2300, maken de staties van Duiven, Groessen en het Loo uit, en hebben in deze burgerlijke gemeente drie kerken. De Hervormden, wier getal 50 beloopt, worden tot de gemeente van Zevenaar gerekend. Men heeft in de gemeente Duiven drie scholen, een te Duiven, een te Groessen en een te Loo".

1843   In Groessen vestigt zich Bernardus van Reijsen, heelmeester tevens vroedmeester. Hiermee komt een einde aan een eeuwenlang bestaande situatie waarin inwoners van de gemeente Duiven voor medische hulp op Zevenaar en Arnhem waren aangewezen. Van Reijsen verhuist in 1847 naar het dorp Duiven en blijft nog tot 1860 werkzaam in de gemeente Duiven. Hij wordt opgevolgd door Eduard Th. W. Daamen.

1847   Op vrijdag 10 september 1847 wordt Maria Schuurman uit Groessen door het Provinciaal Gerechtshof in Gelderland schuldig bevonden aan kindermoord en daarvoor ter dood veroordeeld.

1850    Omstreeks deze tijd begint Willem Holland een broodbakkerij / cafe in Groessen. Meer dan honderd jaar, tot in de vijftiger jaren van de 20e eeuw, bakken drie opeenvolgende generaties Holland brood in Groessen. Met het cafe en de zaal gaat de familie Holland nog enige jaren langer door totdat deze omstreeks 1965 wordt overgenomen door de familie Gieling.

1851    De zomer verloopt voor de boeren rampzalig. Een lange periode van hitte en droogte eindigt met een hevig onweer met hagel en storm.

 

1851    Op dinsdag 4 november overlijdt Petrus C. Kuppers, sedert 1816 pastoor in Groessen. Een jaar eerder op 16 september 1850 had hij zijn gouden priesterfeest gevierd. Pastoor Kuppers wordt opgevolgd door de in 1817 in Didam geboren Henricus Wienholts.

1852    B. Berendsen uit Zevenaar krijgt toestemming om korenmolen "de Welvaart" in Groessen te bouwen. In 1871 brandt het molenaarshuis af maar de molen blijft gespaard.
In 1934 moet R.J. Bisseling, die sedert 1906 eigenaar van de molen is, op uiterst tragische wijze afstand doen van zijn bezit nadat hij als gevolg van enkele ongelukkige speculaties op de graanmarkt failliet gaat. Zijn gezin met elf kinderen komt op straat te staan. Jan Staring uit Ooy koopt de molen uit de failliete boedel en blijft tot 1970 eigenaar.

 


De Groessense molen in 1965

 

1853   Bij aartsbisschoppelijk decreet wordt het dekenaat Doesburg opgericht. Het dekenaat omvat de R.K. parochies: Doesburg, Lathum en Giesbeek, Westervoort, Duiven, Groessen, Loo, Zevenaar, Oud-Zevenaar, Lobith en Tolhuis, Herwen en Aerdt, Pannerden, Didam, Beek, 's-Heerenberg, Zeddam en Azewijn. De allereerste deken wordt pastoor J. Willemsen van Duiven.  

 

1854    In Groessen wordt op 16 september 1854 geboren Maria Wilhelmina Cunera Peters (1854-1920), dochter van Mathias Peters en Anna Herfkens. Zij trouwt in 1873 in Duiven met Theodorus Jurrius. Samen zijn zij de over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen.  

 

1855    Door ijsopstopping breken 3 maart de Rijndijken bij Bislich (in de omgeving van Wesel). Het Houwbergse veer (bij Elten over de Oude Rijn) wordt door de zware ijsgang van zijn kettingen gerukt en later in Leuven (buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groessen) teruggevonden. Vanuit Zevenaar en Duiven wordt in de vroege ochtend van 5 maart het eerste rivierwater gemeld. In Angerlo en Lathum kampt men nog eerder met de wateroverlast. Grote delen van de Liemers staan in maart 1855 blank.

 

IJsgang op de IJssel voor Westervoort 1855

 

1857   De gemeente Duiven waartoe ook Groessen en Loo behoren telt in 1857 zeven personeelsleden, twee wethouders en vier gemeenteraadsleden. De totale uitgaven van de gemeente bedragen 1993 gulden. Burgemeester Nass is tevens brouwer. Het gemeentesecretarie is in zijn brouwerij en raadsvergaderingen vinden plaats in zijn herberg.  

1858    Bakkerij, winkel en cafe van Willem Holland, gelegen op de plaats waar in latere jaren het Zustersklooster komt, brandt tot de grond toe af. Het pand is niet verzekerd. In 1876  treft hetzelfde noodlot de familie Holland nogmaals maar gelukkig is het pand dan verzekerd.

1858    Verschijning van Maria in Lourdes; ook op de overwegend katholieke bevolking van Groessen maakt dit diepe indruk.  

1859   
In het provinciaal verslag over 1859 wordt gemeld dat in Zevenaar en in de "geheele Lijmers, zooals doorgaans weinig heerschende ziekten zijn voorgekomen". Het wordt toegeschreven aan de "gezond ligging" van deze streek.


1860    
Omstreeks deze tijd wordt in Groessen tijdens het pastoraat van pastoor Wienholts de driehonderd jaar oude pastorieschool, die een geheel vormt met een drietal armenhuisjes en een onderwijzerswoning, volledig herbouwd tot een voor deze tijd moderne school. Deze school wordt ruim dertig jaar later in 1891 nog eens vernieuwd en in latere jaren parochiehuis terwijl in 1940 een deel bestemd wordt voor de dan opgerichte Katholieke Tuinbouwschool.

1863    In mei 1863 overlijdt Petrus Stephanus Nass (1790 - 1863), burgemeester van Duiven sedert 1818. Hij gaat de geschiedenis in als de langstzittende burgemeester van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen en Loo behoren. Naast burgemeester was hij ook bierbrouwer en landbouwer.     


Burgemeester P.S. Nass (1790 - 1863)

1865    Groessen wordt getroffen door de pokken.

1868     Op maandagmiddag 12 oktober 1868 ziet de koster van de Andreaskerk in Groessen een onbekende man, die in de kerk met een lijmhoutje centen uit de offerbus steelt. De koster verlaat stilletjes de kerk en haalt op de pastorie de kerksleutel en sluit de dief op. Het is dan voor de gewaarschuwde veldwachter een koud kunstje om de man te arresteren, die vervolgens voor burgemeester Blaisse wordt gebracht waar hij zijn misdaad bekent.


Pastorie Groessen
waar de koster de kerksleutel haalt

1870    Loo wordt getroffen door een hevige pokkenepidemie. In een periode van enkele maanden sterven 33 mensen. Wonderlijk genoeg vallen in het vlakbij gelegen Groesssen geen slachtoffers. Mogelijk komt dit omdat inwoners van Groessen zo bang voor de pokken zijn dat ze van schrik wegrennen wanneer iemand uit Loo door het dorp komt.

1871    In Groessen brandt het molenaarshuis van Bussing af. De naast staande molen "de Welvaart" blijft gespaard.

1875    In de periode 1875 - 1895 is door de landbouwcrisis sprake van grote werkeloosheid. Ook inwoners van Groessen zoeken werk in het Duitse Ruhrgebied.


1876    Op maandag 26 juni breekt in Groessen brand uit in de woning van broodbakker P.W. Nass. De brand wordt aangewakkerd door felle wind en droogte en slaat over naar de huizen van H. Staring (tapper), A. van Kempen (slager) en W. Holland (broodbakker). De heer Daamen (verloskundige) die goederen wil redden komt op jammerlijke wijze in de vlammenzee om. De brand is bestreden met behulp van drie spuiten van de gemeente Groessen en twee uit Zevenaar. 

1877   Christina Hoevel, weduwe van jhr. mr. Carel Everardus Josephus Franciscus van Nispen tot Pannerden, koopt de Beerenclaauw in Groessen als beleggingsobject. Ze verpacht de boerderij, die inmiddels in zulk een slechte staat van onderhoud verkeert dat in 1899 zelfs de achtergevel instort.   

1881    Op woensdag 15 juni 1881 overlijdt in Nijmegen op bijna 74-jarige leeftijd Augustus E.D.F. baron van Voorst tot Voorst. Enkele dagen later wordt hij in het familiegraf in Duiven bijgezet. In de perioden 1850 tot 1858 en 1862 tot 1863 was hij wethouder van Duiven en van 1863 tot 1867 burgemeester van deze gemeente, waartoe ook Groessen en Loo behoren. 
De in Zevenaar op 30 juli 1807 geboren A.E.D.F. baron van Voorst tot Voorst kocht kort na zijn huwelijk met Elisabeth Teijssen (1810 - 1893) in 1834 havezate "de Ploen" in Duiven waar vervolgens 7 van hun 8 kinderen geboren werden. Na zijn dood in 1881 wordt "de Ploen" verkocht aan zijn nicht Johanna Maria van Voorst tot Voorst. In 1893 wordt "de Ploen" gesloopt.
 

     

 

1882    Op donderdag 20 april sterft in Groessen op 84-jarige leeftijd Johannes (Jan) van Keulen (1798-1882), over-over-over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1885    Tussen 1878 en 1895 treft een enorme landbouwcrisis Europa. Dit is het gevolg van import van goedkope landbouwproducten uit de Verenigde Staten en Canada waardoor prijzen sterk dalen. Een deel van de plattelandsbevolking besluit noodgedwongen naar het buitenland te vertrekken zoals naar het Duitse Ruhrgebied. Voor sommigen is dit vertrek tijdelijk, anderen vertrekken definitief waardoor we vanuit onze streek in Duitsland namen aantreffen als: Derksen, Derkzen, Heuveling, Peters, Sanders, De Kinkelder en Wieleman. Ook zoeken in deze periode vanuit onze omgeving mensen heil in de Verenigde Staten zoals uit onze streek leden van de families Van Keulen, Koch en Sanders.

1886    Een rampjaar voor veel boeren: Na een uitzonderlijk warme en droge voorzomer volgt een overvloed aan regen, waardoor veel weilanden onder water komen en het vee opgestald moet worden. Veel boeren hebben onvoldoende mogelijkheden om de dieren bij te voeren. Tot overmaat van ramp heerst een epidemie van mond- en klauwzeer.

1887    Begin juni ontstaat in Groessen als gevolg van een defecte schoorsteen brand waardoor zes woningen, waaronder het hulppostkantoor, in de as worden gelegd.

 

1888    Op donderdag 15 november overlijdt de Groessense pastoor Wienholts (1817 - 1888). De in Didam geboren Wienholts, pastoor in Groessen vanaf 1851, wordt opgevolgd door de uit het Brabantse Roosendaal afkomstige Augustinus Gerrits, die op zijn beurt pastoor blijft tot 1902. Wienholts en Gerrits zijn in veel opzichten elkaars tegenpolen. Wienholts is scherpzinnig met respect voor culturele ontwikkeling maar ook van boerse eenvoud; Gerrits is gemoedelijk, nonchalant, oppervlakkig en goedmoedig.

 

1890    Uit de volkstelling van 1890 blijkt, dat er in vergelijking met 1840 een aantal beroepen is bijgekomen; mede door de aanleg van het spoor en doordat er inmiddels een spoorwegstation in Groessen is.

1890     De winter van 1890 / 1891 is uitzonderlijk streng. De decembermaand spant de kroon want sedert het begin van de temperatuurmetingen in 1706 is het alleen in december 1788 nog kouder geweest. Op 25 november 1890 gaat de wind uit het noordoosten waaien en dat is het begin van een langdurige strenge vorstperiode. De gemiddelde ijsdikte in sloten is in de loop van december ongeveer 65 cm.; plaatselijk wordt zelfs een dikte van 70-80 cm. bereikt. Mens en dier gaan gebukt onder extreme koude. Op 19 december vriest bij Elten een grensbeambte dood.

1891     In Groessen wordt de R.K. kerk onder leiding van architect  Boerbooms  uitgebreid tot een driebeukige kruiskerk. Bij deze verbouwing gaan middeleeuwse wandschilderingen verloren.

 

1891    Op woensdag 11 maart besluiten 101 Liemerse boeren (68 uit Didam, 19 uit Zeddam en 14 uit Wehl) tot de oprichting van een cooperatieve roomboterfabriek, waardoor Didam de primeur heeft van de allereerste cooperatieve roomboterfabriek buiten Friesland.  Het kapitaal wordt verkregen door uitgifte van aandelen van f 50,- (22,50 euro) aan ieder van de deelnemers. De fabriek is al snel een groot succes en omgevende plaatsen zoals Doesburg in 1892, Zevenaar in 1893, Angerlo in 1894 en Wehl in 1894 volgen.

De Didamse roomboterfabriek, omstreeks 1900  


 

1894    De gemeente Duiven, waartoe Groessen behoort, besluit 300 gulden per jaar gedurende 45 jaar bij te dragen in de meerdere kosten welke de nieuwe  spoorwegbrug bij Westervoort gaat kosten wanneer zij ook voor het algemene verkeer wordt ingericht. 


        Spoorbrug (1903) in Westervoort tevens ingericht voor wegverkeer  

 

1895    Groessen wordt halteplaats voor treinen. De halte is gesitueerd bij de overgang aan de Heiliglandse straat, alwaar aan de Groessense kant van het spoor een klein station wordt geplaatst. Tot najaar 1936 blijft Groessen halteplaats voor treinen.

 

1895    In Groessen wordt schuttersvereniging E.M.M (Eendracht Maakt Macht) opgericht. De eerste voorzitter is Frans Klappers, de eerste koning A. van de Zande.

 

1896    Op woensdag 3 juni wordt Arend Aleven (1796 - 1898) uit Groessen op 99-jarige leeftijd herkozen als heemraad van het polderdistrict de Lijmers. Voor zover bekend is hij dan het oudste lid van een besturend college in Nederland. Hij heeft een zeer goed oordeel over zaken en is goed gezond.

 

1896    Op zaterdag 21 november viert de nog zeer vitale Arend Aleven uit Groessen zijn honderdste verjaardag. Overal in Groessen, ook van de kerktoren, wapperen die dag de vlaggen. Na de heilige mis worden hem door de schoolkinderen liederen toegezongen en luistert het fanfarekorps uit Zevenaar het feest op.

 

1898    Baron van Dorth tot Medler (1869-1973) wordt burgemeester van de gemeente Duiven, waartoe Groessen  behoort. Met hem gaat de dan nog vrijwel volledig agrarische gemeente de 20e eeuw in. Hij blijft meer dan veertig jaar tot 1939 aan het hoofd van de gemeente staan. 

        

 

1898    Op dinsdag 22 november viert Arend Aleven uit Groessen zijn 102e geboortedag. De in 1796 geboren Aleven behoort dan tot de oudste inwoners van Nederland waarmee hij het aloude geloof dat de Liemers tot de gezondste streken van Nederland behoort eer aan doet. Hoewel de gezondheid van Aleven nog redelijk is, zijn gehoor is in tegenstelling tot zijn gezichtsvermogen goed, zal het zijn laatste verjaardag zijn want vijf maanden later op woensdag 12 april 1899 overlijdt hij.

1899   De oude Beerenclaauw in Groessen, die inmiddels in zeer slechte staat van onderhoud  verkeert, wordt afgebroken en vervangen door het huis dat er in onze tijd ook staat. De trap uit het oude huis wordt aangebracht in het torentje, dat nog altijd herinnert aan het verre adellijke verleden van het huis. 
  


     Beerenclaauw in de 20e eeuw

 

1899    Op zaterdag 7 januari 1899 overlijdt in Huissen op 67-jarige leeftijd Hubertus J. Blaisse. Vanaf 1867 was Blaisse gedurende 14 jaar  burgemeester van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen en Loo behoren. In 1881 vestigde hij zich als notaris in Huissen. 

        


1900    Op 1 januari viert onder vele blijken van belangstelling hoofdmeester W. van de Zande dat hij 25 jaar schoolhoofd in Groessen is.

1900   In december brengt Paul Kruger, president van Zuid-Afrika per trein een bezoek aan Nederland. De ontvangst is overal gigantisch en overweldigend. 
Reeds vanaf het moment dat Kruger vanuit Emmerich op donderdag 6 december in Zevenaar aankomt, staan vele duizenden hem enthousiast toe te juichen. Van de kerktoren, station en vrijwel alle woningen wapperen vlaggen, Nederlandse en Transvaalse. Wanneer de trein het station in Zevenaar nadert stijgt een enorme jubelkreet op. Op het station bevinden zich afgevaardigden van onder meer de gemeenten Zevenaar, Lobith, Terborg, Didam en Doetinchem. De fanfares van Didam en Zevenaar spelen het Transvaalse volkslied.
Ook bij de doorkomst van de trein met president Kruger en zijn gevolg in de diverse plaatsen van de Liemers zoals Elten, Babberich, Groessen, Duiven en Westervoort is het enthousiasme enorm.


 

1901    Op de lagere school van Groessen wordt hoofdmeester Van de Zande opgevolgd door meester Te Witt.

. 


Bovenstaande school aan de nog niet geplaveide Dorpsstraat  in Groessen is tot 1925 lagere school. In dat jaar komt er een nieuwe school aan de Leuvensestraat. De oude school doet daarna dienst als verenigingsgebouw voor de schutterij en de muziek terwijl. ook is de bibliotheek erin gehuisvest is geweest. In de jaren veertig is het enige jaren in gebruik als tuinbouwschool.          

 

1902    Op donderdag 30 januari overlijdt de uit het Brabantse Roosendaal afkomstige Augustinus Albertus Hermanus Gerrits, R.K. pastoor in Groessen vanaf 1888.

 

1902    Begin februari wordt Cornelius Verheul (1839 - 1908) de nieuwe R.K. pastoor in Groessen. In 1905 / 1906 is hij de oprichter van het St. Antoniusgesticht. Verheul blijft pastoor tot zijn dood op zaterdag 11 april 1908. Hij wordt begraven op het kerkhof te Groessen.

 

        

 

1903    Burgemeester Z.Th.J.F. baron van Dorth tot Medler van Duiven, waartoe Groessen behoort, richt in zijn gemeente een Boerenleenbank op. Hij blijft gedurende zestig (!) jaar tot 1963, hij is dan 94 jaar, leiding geven aan deze bank. 


        

 

1904    De ongehuwde Groessense landbouwer Jan Wolters laat de kerk een erfenis na, die besteed moet worden aan de stichting van een zusterhuis, een meisjesschool en een gesticht voor oude mannen en vrouwen. Aldus ontstaat in Groessen het Antoniusgesticht.
 

St. Antoniusgesticht en meisjesschool, omstreeks 1920
Het St. Antoniusgesticht, schuin tegenover de kerk,  wordt in 1906 geopend. Een zestal zusters doen dan hun intrede in Groessen: Een moeder-overste, twee zusters voor de bewaarschool, twee voor de naaischool en een keukenzuster.
De drie-klassige meisjesschool wordt in 1907 geopend. Het eerste jaar zijn er 87 leerlingen.
Het zusterhuis zal in 1949 worden opgeheven en wordt later een garagebedrijf. 


http://www.chrisvankeulen.nl/groessenantoniusgesticht.jpg


1905
    Op 12 maart wordt in Groessen het R.K. Ziekenfonds St. Elisabeth opgericht. De oprichters zijn naast de Groessense pastoor Verheul ook Gerhardus van Leuffen (koster), Bernardus Rieken (landarbeider), Theodorus Lendering (timmerman), Theodorus Bouwman (landbouwer), Theodorus Nass (bakker en kastelein), Hermanus Holland (bakker) en Theodorus Evers (tuinder). In de statuten van het ziekenfonds wordt expliciet vermeld dat geen uitgaven voor "vermaak" worden gedaan.

 

1905    Op 12 juli vaardigt de Paus "een volle aflaat te verlenen aan kinderen, die voor het eerst te communie gaan, alsmede aan hun verwanten tot in de derde graad, die tegelijk met dezen tot 's Heerentafel naderen" uit.

 

1906     De zusters van Jezus, Maria Joseph (J.M.J.) richten in Groessen een bewaarschool op in een gedeelte van het nieuwe St. Antoniusgesticht.


Bewaarschool te Groessen, 13 juli 1915 
Tweeling op 2e rij met matrozenpakje: Hermanus Evers en Henricus Evers (1910-1991) Informatie van: Angelique van Uden  


1907   Op dinsdag 1 oktober wordt in Groessen een drieklassige meisjesschool geopend. Het totaal aantal meisjes bedraagt 87. Voordien gingen jongens en meisjes naar dezelfde school. In 1924 wordt er een lokaal bijgebouwd.  

1908
    Begin mei 1908 benoemt de aartsbisschop van Utrecht Hermanus B.M. Berendsen (1854 - 1929) tot pastoor van Groessen. De uit Doesburg afkomstige Berendsen blijft pastoor tot zijn emeritaat in 1920, waarna hij in Didam gaat wonen. Op vrijdag 12 april 1929 komt in zijn woonplaats Didam een eind aan het aardse leven van Hermanus Berendsen, die enkele dagen later op het kerkhof in Groessen wordt begraven.

1909    In mei 1909 wordt J. Gerrits uit Duiven benoemd tot onderwijzer aan de R.K. jongensschool in Groessen.

 


1910
    In Groessen wordt toneelvereniging "Vriendenkring" opgericht. De vereniging oogst vele successen met het geven van voorstellingen.

 

1911    Woensdagmiddag 17 mei breekt brand uit in een huis in de Achtergaarde te Groessen. Aangewakkerd door een straffe wind en de aanwezigheid van hooi en stro alsmede het rieten dak grijpen de vlammen razend snel om zich heen waardoor vrijwel niets gered kan worden. Ook een hond en een kat komen in de vlammen om. Daarbij komt nog dat een brandspuit, die weliswaar  spoedig ter plaatse is, niets kan uitrichten omdat er geen bluswater is.

 

1913    Op zaterdag 20 december 1913 bestaat de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen en Loo horen, exact een eeuw. Het is dan precies honderd jaar geleden dat een bestuurlijk gebied met de naam "Buergermeistery Duven" een bestuurlijk eenheid werd onder Pruisisch bestuur. In tegenstelling tot het tweehonderd jarig bestaan van de gemeente Duiven in 2013 wordt aan het eeuwfeest in 1913 voor zover bekend geen enkele aandacht besteed.


Postkantoor en postbezorgers in Groessen, begin 20e eeuw 

 

1914    Terwijl elders in Europa de Eerste Wereldoorlog met haar verschrikkingen een aanvang heeft genomen is er ook de tragiek in kleine kring, waarvan "Het Volk" in een krantenbericht op dinsdag 18 augustus 1914 een melding maakt:
        "De 19-jarige boerenknecht J.Jansen te Groessen stortte Zondagavond van zijn paard, ten gevolge waarvan even later de dood intrad"  

1915    Door de oorlogssituatie (alle buurlanden zijn in de Eerste Wereldoorlog verwikkeld) ontstaan tekorten, waardoor de prijzen stijgen en de armoede ook in Groessen snel toeneemt. 


1916    Door de oorlogssituatie, alle buurlanden zijn in de Eerste Wereldoorlog verwikkeld, worden de tekorten zo groot dat ook in Groessen de distributie van levensmiddelen begint. 

 

1917    De oorlog in Europa veroorzaakt ook in Groessen bittere armoede. Elders in Europa is de burgerellende vaak nog vele malen groter, getuige ook de aankomst van een groep ondervoede Oostenrijkse kinderen (afbeelding hiernaast) om in Nederland op verhaal te komen.


1918     Op maandag 27 mei meldt het persbureau Reuter, dat de Spaanse koning alsmede Spaanse ministers lijden aan een geheimzinnige aandoening, die later de geschiedenisboeken ingaat als de Spaanse griep van 1918. Een aandoening waaraan wereldwijd 20 miljoen mensen sterven. Omstreeks 10 juli komt bij Zevenaar de Spaanse griep de Liemers binnen, nadat in Elten en Emmerik enkele honderden gevallen van griep zijn geconstateerd.
De wereldwijde influenza-epidemie teistert ook de Liemers.

1918    Onder de stuwende kracht van J.J.M. Aden, kapelaan in Groessen, wordt in Zevenaar een groente- en fruitveiling opgericht. De nieuwe veiling moet voorkomen dat telers voor dag en dauw, vaak al om 3 uur in de nacht, met paard en wagen op weg moeten naar Arnhem of Emmerich om daar hun producten te verkopen. Bovendien moet de veiling ervoor zorgen dat meer arbeiders werk in de eigen omgeving vinden. De eerste jaren van de veiling verlopen zeer moeizaam. Tijdens de eerste veilingdag op dinsdag 18 juni 1918 worden "Tien mandjes kersen" geveild. De eerste directeur is Van Toor, die al snel wordt opgevolgd door achtereenvolgens de heren Welling en Van Dijk. Na een moeizame start ontwikkelt de veiling in Zevenaar zich in de loop der tijd sterk, Zo bedraagt de omzet in 1977 ongeveer tien miljoen gulden. De veiling blijft bijna 70 jaar zelfstandig maar in augustus 1987 fuseren de veilingen van Zevenaar en Bemmel tot de "Veiling Oost-Nederland".


    Zevenaar, groente- en fruitveiling omstreeks 1930

 

1918    Op maandag 11 november 1918 komt een eind aan een onvoorstelbaar bizarre en gruwelijke oorlog (Wereldoorlog I). Een groot deel van de Europese, vooral mannelijke jeugd, is afgeslacht. Naast de ongeveer 9 miljoen(!) dodelijke slachtoffers, zijn vele miljoenen levens geknakt en gezinnen kapot gemaakt. Nederland en ook de Liemers zijn de dans ontsprongen, maar hebben wel de ontberingen (armoede) van de oorlog gekend.

1919      Vooral in de periode na de Eerste Wereldoorlog neemt de tuinbouw in Groessen en omgeving een grote vlucht.

1920   In Groessen wordt fanfare "De Volharding" opgericht. Door onenigheid gaat de fanfare eind jaren twintig ter ziele. Pas in 1947 wordt een nieuwe fanfare opgericht: "Sint Andries". 
  


De leden van fanfare "De Volharding" in 1925. Op de voorste rij zittend v.l.n.r.: Jan de Heir, Herman Peters, dirigent Anton Spaan uit Zevenaar, Hakfoort, Hent Willemsen en Gerrit Meyer

1920     Op zaterdagmiddag 19 juni 1920 wordt de boerderij van de familie Peeters in Groessen getroffen door de bliksem en brandt volledig af.

1920   Op vrijdag 3 december 1920 wordt Joannes Liborius Maria Hoorneman (1860 - 1929) benoemd tot pastoor van de R.K. parochie in Groessen. Hij blijft in deze functie tot zijn emeritaat op 1 juli 1927, waarna hij zich vestigt in de Pelgromstichting in Zevenaar, waar hij op vrijdag 12 juli 1929 overlijdt. De maandag daarop volgend wordt hij in Groessen begraven. Tijdens zijn pastoraat ontvangt de kerk in Groessen ter gelegenheid van het 40-jarig priesterfeest van pastoor Hoorneman in 1924 een schitterend Heilig Hartbeeld. 
  


 Heilig Hartbeeld bij kerk in Groessen (2010) 

1921    Op zondag 17 april passeert een wel zeer bijzondere trein Groessen. Het betreft de begrafenistrein op weg van het Nederlandse Maarn naar het Duitse Potsdam met daarin het stoffelijk overschot van de op 11 april overleden Keizerin Augusta van Schleswig-Holstein (1858 - 1921). De keizerin, in ballingschap overleden in het Nederlandse Doorn (bij Maarn), wordt op 19 april in Potsdam begraven. Ongeveer 250.000 mensen brengen haar daar de laatste eer. 


Augusta Victoria van Sleeswijk-Holstein, echtgenote van de laatste Duitse keizer
Keizerin Augusta overlijdt in ballingschap in de Nederlandse plaats Doorn. Op het in de buurt van Doorn gelegen station Maarn wordt zij voor haar laatste reis naar haar vaderland op 17 april 1921 uitgeleide gedaan door haar man keizer Wilhelm II en haar zoon Willem.

 

1922     Op 3 januari wordt in Didam het nieuwe gebouw van de Land- en Tuinbouwschool in gebruik genomen. Uit de verre omtrek, ook uit Groessen, bekwamen vooral boerenzonen zich in de loop der tijd op deze school. In 1956 wordt de naam van de school veranderd in "middelbare land- en tuinbouwschool".

Rond 1960 geeft A. (Louis) G. M. van Keulen, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen enige tijd in de avonduren les op deze school als deeltijddocent. 


 Land- en tuinbouwschool in  Didam (1922) 

1923    De Groessense Voetbalclub (GVC) wordt opgericht. In de jaren vijftig wordt GVC opgeheven en ontstaat Sportclub Groessen met naast de afdeling voetbal ook een handbalafdeling.

1923    Baron van Dorth tot Medler (1869-1973) burgemeester van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen behoort, viert begin mei 1923 zijn zilveren ambtsjubileum. Baron van Dorth is burgemeester vanaf 1898 en blijft dit ruim veertig jaar tot 1939. 


1923    Op zaterdag 14 juli wordt de woning van boer Knipping in Groessen door brand volledig verwoest.

1924    Op 1 mei wordt in Groessen een nieuwe school, bij de splitsing van de Leuvense- en Achtergaardsestraat, geopend. Deze openbare school wordt op 1 juni 1926 overgedragen aan het kerkbestuur, die haar als jongensschool  (St. Johannesschool) voortzet.

De in 1924 gebouwde school te Groessen in 1960
In 1928 volgt Antonius (A. B.) Berentsen meester Bonekamp als schoolhoofd op. Berentsen blijft schoolhoofd tot 1964. Omstreeks 1975 wordt deze school afgebroken.


R.K. Jongensschool in Groessen op 23 juni 1932, leraar links: Harry IJzermans, bovenste rij 3e van rechts: Arnoldus Bosman                                                                                                           
Wie herkent nog anderen?? Graag reacties: chrisvankeulen@outlook.com

1924   Pastoor Joannes L. M. Hoorneman (1860 - 1929) van de R.K. Andreaskerk in Groessen viert het 40-jarig priesterfeest. Ter gelegenheid hiervan ontvangt de kerk een schitterend Heilig Hartbeeld. 
  


 Afbeelding Heilig Hartbeeld in Groessen  
         (Katholieke Illustratie, 5 november 1924) 

1925   Aangezien in Huissen te weinig grond is, vestigen zich in het begin van de 20e eeuw tientallen tuinders uit Huissen in Groessen. In 1930 hebben zich in totaal 36 tuindergezinnen, 244 personen, gevestigd. De oorspronkelijke Groessense bevolking moet in deze periode duidelijk wennen aan de immigratie van de anders geaarde Huissenaren. 

1926    Watersnood in de Liemers als gevolg van een dijkdoorbraak in Pannerden.

De gearceerde gebieden staan in het voorjaar van 1926 onder water.

In Pannerden staat alleen de hoger gelegen boerderij van "Van Keulen" niet onder water. Op bepaalde plaatsen bereikt het water een hoogte van meer dan drie meter.

 

 

Ook landelijk trekt de watersnood grote aandacht. Mariniers schieten de bevolking te hulp. Op 7 januari 1926 brengt koningin Wilhelmina een bezoek aan Pannerden om de situatie in ogenschouw te nemen. De bevolking van de Liemers is in het verleden vaak geconfronteerd met de gevolgen van hoog water. Andere hoogwaterjaren van de laatste 125 jaar zijn 1882, 1883, 1906, 1914, 1920, 1930, 1946, 1948, 1952, 1955, 1957, 1865, 1966, 1970 en 1995.

 

1927   Op 1 juli 1927 gaat Joannes Hoorneman, R.K. pastoor in Groessen sedert 1920, met emeritaat. Hij vestigt zich vervolgens in de Pelgromstichting in Zevenaar, waar hij op vrijdag 12 juli 1929 overlijdt. Maandag 15 juli wordt hij in Groessen begraven. Tijdens zijn pastoraat ontvangt de kerk in Groessen ter gelegenheid van zijn 40-jarig priesterfeest in 1924 een Heilig Hartbeeld
  

 
Dagblad Het Centrum, 15 juli 1929

1927    Pastoor H.H. Kruis wordt pastoor in Groessen. Hij is doordrongen van de noodzaak tot veranderingen in het kerkelijke en godsdienstige leven. Hij maakt met de Bossche architect H. Valk grootse plannen voor een ingrijpende verbouwing van de kerk. Pastoor Kruis houdt echter te weinig rekening met de gevoelens van de inwoners van Groessen. Zo ontstaan ondermeer grote irritaties bij het ruimen van de graven op het kerkhof rond de kerk en bij het overbrengen van de stoffelijke resten naar het nieuwe kerkhof. Ook zijn er problemen bij de verbouwing van de kerk en wordt de architect zelfs zijn opdracht ontnomen. Op 11 november 1932 gaat pastoor Kruis met vervroegd pensioen.

1928   Meester Berentsen volgt meester Bonekamp op als "bovenmeester". Berentsen blijft schoolhoofd in Groessen tot 1964
  


Groessen, school ca 1925, deze is omstreeks 1975 afgebroken

1929    Een van de zwaarste winters van de 20e eeuw; de hevige koude duurt van januari tot half maart. Er zijn vele meldingen van afgevroren oren en ledematen. Op 11 februari vriest in Steenderen een melkrijder, tijdens zijn dagelijkse rit op zijn wagen, dood. De problemen zijn overal groot, ook al door de veelal eenvoudige niet geisoleerde huizen, waardoor de snijdende vrieswind naar binnen waait.

   

Een beeld van de dichtgevroren Rijn bij Pannerden in 1929. Ook met auto's wordt over de Rijn gereden.

1929    Op het terrein van het ziekenhuis in Zevenaar wordt het Maria paviljoen in gebruik genomen. Het is bestemd voor de verpleging van patienten met een besmettelijke ziekte afkomstig uit de gemeenten Zevenaar, Duiven (o.a. Groessen), Westervoort, Herwen en Aerdt en Pannerden. Hiermee geven deze gemeenten uitvoering aan de in 1928 van kracht geworden Wet op de Besmettelijke Ziekten, waarin geregeld is dat alle gemeenten, alleen dan wel in samenwerking, dienen te beschikken over een barak voor de verpleging van besmettelijke zieken.


Kort na de opening van het Maria paviljoen in 1929 brengt ondermeer minister Verschuur van Volksgezondheid (rechts) een bezoek aan het paviljoen. Links van de minister dr. J.G.A. Honig jr. geneeskundig directeur van het ziekenhuis. 

Voor het Maria paviljoen in Zevenaar bestaat gedurende de eerste jaren na de opening grote landelijke belangstelling, omdat het als model dient voor nieuw te bouwen inrichtingen. Het Maria paviljoen is de eerste inrichting in Nederland, waar het boxensysteem bij het verplegen van volwassen lijders aan besmettelijke ziekten consequent is doorgevoerd. 


 

 

1930    De vereniging "Kevelaersche Processie de Lijmers" viert in oktober haar 60-jarig jubileum. De Utrechtse aartsbisschop J.H.G. Jansen zet met zijn komst naar de Liemers het jubileum luister bij. Maria-bedevaarten naar het Duitse Kevelaer zijn in deze tijd enorm populair onder de katholieken in de Liemers.  

 

 


1931    Ondernemer G.A. Bodt uit Beek krijgt in april 1931 van Gedeputeerde Staten van Gelderland vergunning voor het onderhouden van een autobusdienst op het traject Kilder, Wehl, Loil, Didam, Nieuw Dijk, Babberich, Oud-Zevenaar, Ooy, Groessen, Loo, Westervoort, Arnhem v.v. Enkele maanden later in augustus 1931 besluit Bodt echter af te zien van de verleende vergunning, waarna deze wordt ingetrokken.


1931    Op Andreasdag 1931 wordt in Groessen de R.K. Werkliedenbond opgericht met een drietal vakorganisaties te weten die van de bouwvakarbeiders, de fabrieksarbeiders en de landarbeiders. 

 

1932    De in de Liemers immens populaire Zevenaarse arts Jan G. A. Honig (1872 - 1958) wordt voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst (KNMG).

 

 


De immense populariteit van dr. Jan Honig blijkt ondermeer uit een bericht in een regionale krant uit 1906, waarin wordt vermeld dat Honig en zijn echtgenote, terugkomend van een huwelijksreis van drie weken, op het Zevenaarse station(splein) worden verwelkomd door "schutterijen uit Babberich, Grieth en Ooy, drie muziekcorpsen, een stoet ruiters alsmede een mensenmenigte van zeker 5.000 tot 6.000 personen" (In 1906 bedraagt het inwoneraantal van de volledige gemeente Zevenaar ongeveer 5.000) 


1932   De Groessense Andreaskerk, door zijn omvang ook wel de "kathedraal van de Liemers" genoemd, is te klein en wordt onder leiding van architect H. W. Valk ingrijpend vergroot en verbouwd.


1932   Op dinsdagochtend 28 juni 1932 verongelukt de 21 jarige Johannes Raasing op uiterst tragische wijze bij het verrichten van werkzaamheden voor de verbouwing van de Andreaskerk in Groessen. Zijn hoofd wordt verpletterd onder een steenblok van 15.000 kilo. Het ongeluk vindt plaats onder de ogen van zijn vader.




Groessen, Andereaskerk 
waar in de zomer van 1932 een triest ongeval plaatsvindt

1932   Pastoor H.H. Kruis, die tijdens zijn pastoraat te weinig rekening heeft gehouden met de gevoelens van de Groessenaren gaat in november 1932 met vervroegd pensioen. Hij wordt opgevolgd door pastoor B.A. Preller onder wiens leiding de ingrijpende verbouwing en uitbreiding van de parochiekerk in Groessen wordt voltooid.

1933   Op donderdag 25 mei 1933 breekt brand uit in de woning van landbouwer Aalderink in Groessen. Aangewakkerd door een straffe wind grijpt het vuur razend snel om zich heen en slaat over op de aan de overzijde van de weg gelegen woningen van de landbouwers Rutjes en Nieuwenhuis. De drie woningen worden in korte tijd volledig in de as gelegd. De brandweer laat het bij deze brand volledig afweten en verschijnt zelfs niet!.

1933    Op zondagochtend 15 oktober wordt de verbouwde en gemoderniseerde St. Andreaskerk in Groessen op zeer plechtige wijze ingewijd door de Utrechtse aartsbisschop J. Jansen in aanwezigheid van de burgemeester van Duiven, baron Van Dorth tot Medler, het verdere gemeentebestuur, deken Reuvekamp uit Didam, rector Van Dalen uit Zevenaar, pastoor Schaik uit Lobith en vele anderen.  
Bisschop Jansen, die reeds een dag eerder in Groessen is gearriveerd, is bij zijn aankomst feestelijk en enthousiast verwelkomd door ondermeer de schutterij, de vendelzwaaiers en diverse verenigingen. Bij de ingang van het dorp is een ereboog opgesteld en de kerk is met schijnwerpers belicht.


Groessen, Andreaskerk (1950) 

1934     Op maandagavond 5 maart breekt omstreeks 19.00 uur brand uit in de boerderij van landbouwer L. van Ditshuizen in de buurtschap Engeveld tussen Zevenaar en Groessen. Door de krachtige wind slaat het vuur snel over op de honderd meter verder gelegen kapitale boerderij van de familie Goris. Laatstgenoemde boerderij met de naam "Engeveld" behoort tot de grootste in de Liemers. Beide boerderijen branden volledig af. De vuurzee is enorm en nog te zien tot in Nijmegen en Wageningen. De brand is vermoedelijk ontstaan door vonken van een passerende stoomtrein.

1934    Nadat meer dan een halve eeuw molenaars Bisseling eigenaar zijn geweest van molen "de Welvaart" in Groessen slaat het noodlot toe wanneer R. J. Bisseling na ongelukkige speculaties op de graanmarkt failliet gaat en met vrouw en 11 kinderen op straat komt te staan. Jan Staring uit Ooy koopt de molen uit de failliete boedel en blijft tot 1970 eigenaar.


Groessen, Dorp(s)straat met op de achtergrond molen "de Welvaart", waar in 1934 het noodlot toeslaat en een molenaarsgezin met 11 kinderen op straat komt te staan 

1934    In de gemeente Duiven gaat een zwemgelegenheid van start. In De Waay in Loo zijn kleedhokjes geplaatst waardoor Duiven over een heus natuurbad beschikt. Het initiatief hiertoe is in 1933 genomen door de heren J. de Kinkelder (Duiven), H. IJzermans (Loo), G. Lindeman (Groessen) en W. Nass  (Groessen).

1935    In deze tijd is vakantie ook voor de meeste inwoners van Groessen nog geen gemeengoed. Een dagje naar zee is al heel bijzonder.


Inwoners van Groessen een dagje in Scheveningen, omstreeks 1935
Bovenste rij derde van rechts met grote snor: Petrus Scholten, warmoezenier, wonende Pinksloo en echtgenoot van Petronella Jeurissen, begin 20e eeuw verhuist van Huissen naar Groessen (informatie van: Nelly Bohmer-Bisseling, kleindochter) 
Wie herkent nog anderen??
 Graag reacties: chrisvankeulen@outlook.com

 

1936   Groessen is vanaf  het najaar 1936 geen halteplaats meer voor treinen. In de periode 1895 - 1936 heeft Groessen een klein treinstation bij de overgang van de Heiliglandse straat. De opheffing van de stopplaats Groessen vindt plaats ondanks veel protest van de plaatselijke bevolking.


De spoorweghalte Groessen in 1922 (met de familie Florissen)

1937   Omstreeks deze tijd vindt het vervoer van zieken en gewonden in onze omgeving plaats door de ambulance van Hent Palm uit Groessen. In 1949 wordt dit vervoer overgenomen door de op de Zweekhorst in Zevenaar wonende landbouwer Bennie Aleven.







1938   De onverharde Dorpsstraat in Groessen wordt verhard. 
Tijdens het aanvoeren van zand voor deze werkzaamheden vindt op donderdagmiddag 18 augustus 1938 een tragisch ongeval plaats. Twee jonge mannen, de 25-jarige F. Polman uit Groessen en de 27-jarige bijrijder B. Jansen eveneens uit Groessen willen in hun met zand beladen auto de spoorlijn bij Groessen oversteken maar worden door een aanstormende trein gegrepen. Hun auto wordt 75 meter meegesleurd. De chauffeur is op slag dood en zijn bijrijder overlijdt kort na aankomst in het ziekenhuis in Zevenaar.


Dorpsstraat in Groessen met links Hotel Nass (begin 20e eeuw)


1938   
De legendarische priester-redenaar Henri de Greeve SJ (1892 - 1974) richt de "Bond zonder Naam" op om de naastenliefde te bevorderen. Voor zijn wekelijkse radio-uitzending het Lichtbaken op zaterdagavond blijven veel katholieken ook in Groessen graag thuis

 

1939    Baron Sloet tot Everlo (1901 - 1993) wordt burgemeester van de gemeente Duiven waartoe ook Groessen behoort. Hij blijft dit gedurende een periode van ruim een kwart eeuw.


W.J.A.F.R. van den Clooster, 
Baron Sloet tot Everlo  
burgemeester van Duiven van 1939 tot 1966

 

1939   Viering van het eeuwfeest van de spoorwegen in Nederland


Bij gelegenheid van het eeuwfeest wordt in 1939 bovenstaande foto gemaakt van het NS-personeel in Zevenaar.
Onder hen ook inwoners van Groessen waaronder Jan Boerboom (tweede rij van boven derde van rechts)    

1940    In de nacht van 10 mei komen grote aantallen Duitse vliegtuigen over. Een onafzienbaar leger Duitse soldaten gaat via Zevenaar naar Westervoort. Na het opblazen van de Westervoortse brug ontstaat een file aan Duitse oorlogsvoertuigen van 20 km. tot Emmerich.

 

 

Op vrijdag 10 mei wordt de Westervoortse brug in alle vroegte om 4.45 uur opgeblazen waardoor de Duitse invasie enige vertraging oploopt.

1940   In de ochtend van 11 mei begint de slag om de Grebbeberg, die drie dagen duurt. De Grebbeberg is het toneel van hevige gevechten, tragiek en wanhoop. De Nederlandse offers zijn enorm. Bij de slag om de Grebbeberg sneuvelen tussen 11 en 14 mei ongeveer 425 Nederlandse soldaten. Onder de gesneuvelden twee dienstplichtige soldaten uit de gemeente Duiven: Antonius Jeurissen (23 jaar) en Franciscus Raasing (23 jaar).

Antonius Jeurissen sneuvelt op 11 mei 1940 op 23-jarige leeftijd in de strijd tegen de Duitsers aan de Grebbelinie. Zijn lichaam wordt 5 juni 1940 gevonden in een ingestorte stelling in de omgeving van boerderij Middelkoop ten zuiden van de weg Rhenen - Wageningen. Hij is begraven op het ereveld (rij 7, graf 47) in Rhenen (foto links).
Franciscus Raasing sneuvelt op 13 mei 1940 op 23-jarige leeftijd in de strijd tegen de Duitsers aan de Grebbelinie. Zijn lichaam wordt 17 mei 1940 gevonden. Hij is begraven op het ereveld (rij 3, graf 21) in Rhenen.
 

 

1940    Na een schokkende eerste oorlogsweek neemt het leven ook in Groessen weer zijn gewone loop en worden in Duiven de tegen de Duitsers gemaakte wegversperringen opgeruimd. Op donderdag 23 mei richt burgemeester Sloet tot Everlo zich in een toespraak tot de inwoners van de gemeente waarin hij zijn bewondering uitspreekt voor de waardige en rustige wijze waarop de burgers op de recente gebeurtenissen hebben gereageerd en dat van enige wanorde geen sprake is geweest.

 


 

1940    Op maandagmiddag 11 november breekt brand uit in het pand van de familie Nass aan de Dorpsstraat in Groessen. Het pand is niet te redden maar de brandweercorpsen van Duiven, Zevenaar en Arnhem slagen er met grote moeite wel in om de belendende panden, waaronder het tegenover het brandende gebouw staande nonnenklooster, te behouden. De brand is vermoedelijk ontstaan bij een benzinemotor, die bij het dorsen is gebruikt.

 


Het markante pand van Nass met de bijzondere trapgevels en halfronde ramen staat op vele ansichten zoals deze uit 1899. Links op de achtergrond bevindt zich de pastorie (in de oudste vorm) en op de voorgrond zien we bouwland.  

1941   Op 13 januari richt kardinaal De Jong zich in een schrijven tot de Nederlandse katholieken. Met nadruk verklaart hij dat zij geen lid mogen zijn van de N.S.B. Ook is het hen niet toegestaan openlijk te sympathiseren met deze partij. Het N.S.B.-lidmaatschap wordt dus expliciet verboden. Een buitengewoon dappere taal in oorlogstijd. Voor de overwegend katholieke bevolking van Groessen is dit een extra argument verre te blijven van de N.S.B.

1941   Pastoor B.A. Preller (1882-1943) krijgt vanwege gezondheidsredenen eervol ontslag. Hij is vanaf 1932 pastoor in Groessen geweest. Hij wordt opgevolgd door de Zwollenaar H.J.M. Schoemaker (1889-1968), die ruim twintig jaar tot 1963 pastoor in Groessen blijft.

1942    Ook in Groessen gaan de mensen gebukt onder barre winterse omstandigheden in de koudste winter sedert 1789. De periode 18-27 januari 1942 is de koudste periode van tien dagen in de 20e eeuw. In de nacht van 26 op 27 januari worden minima gemeten van ongeveer -25 graden C. Mensen doen er alles aan om de kachels brandend te houden. De koude blijft tot in de derde week van maart.

1943   Op dinsdag 14 september 1943 overlijdt op bijna 61-jarige leeftijd B. A. Preller (1882-1943), R.K. pastoor van Groessen van 1932 tot zijn emeritaat in 1941. Tijdens het pastoraat van pastoor Preller is de ingrijpende verbouwing en uitbreiding van de parochiekerk in Groessen voltooid. Hij wordt vrijdag 17 september begraven op het R.K. kerkhof in Groessen.

1944    Dinsdag 5 september is "dolle dinsdag". Bij station Duiven wordt een trein met zeven tankwagons met benzine in brand geschoten.

1944    Op dinsdag 19 september wordt een aantal Duitse vliegtuigen boven de omgeving van Duiven, Groessen en Loo aangevallen door Engelse jagers, waarbij zes Duitse vliegtuigen worden uitgeschakeld. Twee Groessense jongens, de broers Johan (Jan) en Peter (Piet) Meuwsen, 23 en 17 jaar, die hulp willen bieden bij een neergestort toestel worden door gefrustreerde Duitse SS-soldaten gefusilleerd. Alvorens de jongens worden doodgeschoten, worden ze gedwongen om in de uiterwaarden zelf hun graf te graven. De verslagenheid en woede zijn groot.  

Aanvulling ontvangen van Arnoldus Bosman uit Groessen (januari 2012): Bovenstaande heeft zich afgespeeld in Groessen, omgeving Vossendel achter de dijk. Arnoldus Bosman is er bij geweest tot de broers een andere kant zijn opgerend nadat het Duitse alarm afging. Arnoldus heeft de broers daarna niet meer gezien. 

Bidprentje van Johannes en Petrus Meuwsen
Nadat de broers hardhandig zijn verhoord, moeten zij hun tweepersoonsgraf graven, waarna de standrechtelijke executie plaatsvindt; dat is op dinsdag 19 september omstreeks 20.30 uur.
Op zondag 24 september vindt in de R.K. Kerk in Groessen de herdenkingsdienst plaats voor de beide onschuldige slachtoffers.
Door bemiddeling van de Groessense kapelaan Weterman geven de Duitsers toestemming de stoffelijke overschotten te herbegraven onder voorwaarde dat tijdens de begrafenis geen ongeregeldheden plaatsvinden. Kapelaan Weterman haalt met enkele buurtbewoners de lijken op waarna deze op maandag 25 september op het R.K. kerkhof in Groessen worden herbegraven.
Na de oorlog is helaas nimmer een formeel onderzoek ingesteld, waardoor de schuldigen aan deze moorden niet bestraft zijn. 


1944
    Op 18 en 19 november moeten de inwoners van Groessen evacueren. In april 1945 zullen ze terugkeren in een leeggeroofd en troosteloos Groessen.          

1945    Op dinsdag 3 april verlaten de Duitsers in een snelle run Westervoort, Duiven, Groessen, Didam, Huissen, Zevenaar en Pannerden. Voor deze plaatsen is een einde gekomen aan een bezettingsperiode met ontstellend veel slachtoffers en grote materiele schade.

1945    Op zaterdag 2 juni wordt de uit Groessen afkomstige 24 jarige Richard Aleven, zoon van Antonius Aleven (1893 - 1976) en Aleida Bloem (1894 - 1979), in Westervoort door een ontploffende landmijn gedood. Hij wordt op woensdag 6 juni in Groessen begraven.

1946    Mede op initiatief van de heer Derksen uit Groessen komen vertegenwoordigers van schutterijen uit de Liemers in november in hotel Jansen in Zevenaar bijeen om de Geldersche Schutters Federatie op te richten.    

   

1947    Met 86 vorstdagen is 1947 de strengste winter van de 20e eeuw. Sinds mensenheugenis veroorzaken koude winters grote problemen. De snijdende vrieswind waait door de eenvoudige niet geisoleerde woningen. Andere zeer koude winters sedert 1870 zijn 1871, 1880, 1891, 1929, 1940, 1942, 1956 en 1963 geweest.    

1947    Op 20 november wordt de Groessense muziekvereniging St.Andries opgericht.  De muziekvereniging voorziet in een behoefte om dorpsactiviteiten zoals jubilea, Sacraments-processie en Kermis op te luisteren.

Muziekvereninging St. Andries, omstreeks 1958
V.l.n.r. Bennie Kruis, Gerrit Salemink, Bertus Jansen, Cor Raasing, Geert Smink, Henk Derksen, Bart Stinesen, Jan van Onna, Bennie Driessen, Theet Driessen, Teun Bisseling, Mart Vermeulen, Rudie Meijer, Willie Stokman, Willy Janssen, Cor Stokman, Wim den Balvert en Theo Meijer

 

 


1947
    Voor het eerst wordt een Liemerse Katholiekendag georganiseerd voor het hele dekenaat Zevenaar. De manifestatie vindt plaats op 24 augustus in het Babberichse Bos en is bedoeld om op grootse wijze uiting te geven aan het Roomse geloof. De plechtige hoogmis wordt opgedragen door de Zevenaarse deken Frank met assistentie van de Groessense pastoor Schoemaker en de Didamse pastoor Janssen. Pater Simeon houdt een redevoering met als thema het herstel van goede zeden. Hij constateert vier grote bedreigingen: De schrikbarende toename van het aantal echtscheidingen, de toenemende kinderbeperking, het ondermijnen van het ouderlijk gezag en het verdwijnen van christelijke gebruiken. 

1947    Op 5 november passeert ten kantore van notaris Th. B. Kampschreur in Zevenaar de oprichtingsakte van de N.V. Stoomzuivelfabriek De Liemers. De fabriek aan de Zevenaarse Molenstraat die vanaf 1898 in Duits bezit was en na de oorlog in beslag werd genomen door de Staat der Nederlanden, wordt eigendom van Duivense-, Groessense- en Zevenaarse melkveehouders. 

1948   Op donderdag 3 juni wordt in Groessen de R.K. Tuinbouwschool geopend. Directeur is de uit het Limburgse Stramproy afkomstige Piet Kunnen (1911-1985). Vele jaren is Louis (A. G. M.) van Keulen (1912-2001), overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen op zaterdagen als leraar (nevenfunctie) werkzaam op deze school, die op 1 augustus 1959 met de lagere landbouwschool in Zevenaar gecombineerd wordt tot de lagere land- en tuinbouwschool Zevenaar.

   
De lagere school, waar de tuinbouwschool de eerste jaren gehuisvest is            
 


1948   Op maandag 12 juli treft het noodlot de familie Van Keulen, wonend aan de Lijkweg in Groessen. Henricus F. van Keulen (1883 - 1948), vader van 11 kinderen, valt bij het buitendijks hooien in een granaatgat    en verdrinkt. Op donderdag 15 juli wordt hij begraven op het R.K. kerkhof in Groessen.
Het granaatgat, de Waaij van Verwijen, wordt sedertdien in de volksmond ook wel het "gat van Van Keulen" genoemd.

 
 Boerderij familie Van Keulen, Lijkweg in Groessen
 
Foto: drs. G.H.T. Janssen, kleinzoon van Henricus F.van Keulen

 

1949    Groot is de teleurstelling onder de inwoners van Groessen wanneer bekend wordt dat de kloosterzusters, die er sedert 1906 zijn, het dorp gaan verlaten. De zusters hebben in hun ruim veertig jaar durende aanwezigheid erg veel betekend voor Groessen. Het afscheid wordt groots gevierd. 

1949    Op initiatief van de heer Piet Kunnen (1911-1985), hoofd van de landbouwschool in Groessen, wordt "Imkervereniging Groessen en Omstreken" opgericht. Zestig jaar later, in 2009, gaat deze vereniging verder onder de naam "Imkervereniging Liemers".

1950    In de tweede helft van de twintigste eeuw verandert er ook in Groessen op boerenbedrijven veel. In snel tempo worden landarbeiders, boerenknechten en trekdieren vervangen door machines. Het trekpaard verdwijnt uit het straatbeeld. Veel werk gaat verricht worden door loonbedrijven.

 


Het maaien van rogge in de Liemers (1936)


1950    Op zaterdag 26 augustus teistert een zware hagelbui de omgeving van Groessen. De schade is enorm. Bij sommige fruitkwekerijen en tuinderbedrijven is zelfs alles vernietigd. In boomgaarden zijn niet alleen vruchten beschadigd maar in veel gevallen ook de bomen zelf.

1951    Op 3 oktober vindt de eerste landelijke TV-uitzending plaats. De N.T.S. (Nederlandse Televisie Stichting, voorloper van de N.O.S.) begint met 3 zenduren per week; in 1959 is dit al 15 uren per week. Wie beginjaren vijftig in het bezit is van een T.V. krijgt 's avonds de buurt op bezoek: Op woensdagmiddag en zaterdagmiddag is er van 17.00 tot 17.30 uur  een uitzending voor kinderen met o.a. Pipo de Clown. 

Ook Christiaan Polman (1878 - 1954), over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen is vol verwondering nadat hij voor het eerst een televisie-uitzending heeft gezien. Ik herinner me nog goed dat hij daarover sprak.

1952    Op vrijdag 20 juni overlijdt in Zevenaar, de in de Duivense Ploenstraat opgegroeide, Jan (Johannes) W. van Keulen, over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen, op 76-jarige leeftijd.

Jan W. van Keulen wordt op dinsdag 4 april 1876 in Duiven geboren. Nog voor zijn tweede verjaardag overlijdt zijn vader. Zijn moeder, Betje de Wit, die als zeer lief wordt omschreven, hertrouwt in Duiven met Frans Aleven. Jan groeit op in het gezin Aleven, maar nog voor zijn elfde verjaardag overlijdt ook zijn moeder.

Op 27-jarige leeftijd trouwt Jan van Keulen met Anna W. Jurrius. Jan en Anna zijn in hun jeugd buurkinderen; ze wonen tegenover elkaar in de Ploenstraat in Duiven. Na hun huwelijk gaan zij wonen op een boerderij in Pannerden, waar zij samen 11 kinderen krijgen, waarvan er twee op zeer jonge leeftijd overlijden.

De boerderij in Pannerden heeft door haar ligging regelmatig problemen met hoog water. Daarom verhuist de familie in 1927 naar een boerderij aan de Pannerdenseweg in Oud-Zevenaar. 

Ik herinner me Jan van Keulen als een erg vriendelijke en lieve opa.

 

1953    Als gevolg van langdurige najaarsdroogte komen eind november de kommen van Groessen en Loo zonder watervoorziening omdat de welputten, die voor velen in deze tijd de enige drinkwatervoorziening zijn, vrijwel zijn drooggevallen. Naar aanleiding van deze noodsituatie stuurt Waterleiding Maatschappij Gelderland een telegram naar de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid met het verzoek de aanleg van waterleiding in onrendabel gebied te versnellen. Een jaar later zijn de dorpskernen van Groessen en Loo aangesloten op waterleiding.

1954    De dorpskern van Groessen wordt aangesloten op waterleiding. Ter vergelijking:  Duiven krijgt in  1952 water, Spijk in 1953, Angerlo in 1954, Loo in 1954, Pannerden in 1954, Wehl in 1958, Aerdt in 1961 en Herwen in 1961.


1955   De nieuwbouw van de tuinbouwschool in Groessen wordt opgeleverd. Directeur van deze school is Piet Kunnen (1911-1985). Op zaterdagen is Louis van Keulen (1912-2001), overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen er werkzaam.
Omstreeks deze tijd loopt het aantal leerlingen echter al terug. Dit is niet alleen in Groessen het geval maar betreft een landelijk verschijnsel. Wanneer een jaar later de leerplicht verlengd wordt, is er een opleving van het leerlingenaantal. Deze is echter van kortstondige duur waardoor op 1 augustus 1959 de tuinbouwscholen van Groessen en Zevenaar moeten fuseren. Tot 1 augustus 1969 wordt in beide plaatsen tuinbouwonderwijs gegeven daarna wordt langzaam afgebouwd, leerlingen die al op school zitten mogen er tot hun examen blijven. Wanneer in 1971 de laatste leerlingen de school verlaten, is de tuinbouwschool in Groessen verleden tijd.

    
           


1956    De internationale spoorverbinding Arnhem - Zevenaar - Emmerich - Oberhausen, die aan de Liemers een economische impuls heeft gegeven, bestaat honderd jaar. In de periode 1895 - 1936 heeft ook Groessen een eigen treinstation bij de spoorwegovergang van de Heiliglandse straat. De opheffing van de stopplaats Groessen vindt in 1936 plaats ondanks veel protest van de plaatselijke bevolking
Vooral aan het eind van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw is de spoorverbinding ook van groot belang geweest voor het vervoer van de talrijke arbeiders, die vanuit de Liemers in het Duitse Ruhrgebied werkten. Velen van hen vertrokken op maandag in alle vroegte om zaterdagavond weer thuis te komen.

 

 


Als tienjarig jongetje herinner ik me de doorkomst van deze feesttrein in 1956 nog als de dag van gisteren


1957
    Dr. A. Gerver, directeur-geneesheer van het streeksanatorium in Zevenaar moet om gezondheidsredenen (MS) zijn werk neerleggen. Gedurende meer dan  twintig jaar (1936 -1957) heeft hij onder veelal uiterst moeilijke omstandigheden van vaak bittere armoede en oorlogsellende zijn werk als longarts moeten verrichten in een tijd waarin ook in Groessen tuberculose (tbc) een zeer gevreesde ziekte is.

Dr. A.J. Gerver (1903 - 1962) met een assisterende zuster tijdens het aanleggen van een pneumothorax (stilleggen van een long) bij een tuberculosepatient (foto ontvangen van mevr. I. Konersmann-Gerver).
Dr. Gerver heeft het sanatorium ondermeer geleid gedurende de moeilijke oorlogsjaren waarin hij zelf tweemaal door de Duitsers gevangen is genomen.  Direct na de oorlog heeft hij bij gebrek aan artsen enige tijd alleen voor de medische behandeling van tweehonderd patienten gestaan.

1957    Op vrijdag 3 mei 1957 wordt de 5.000e inwoner van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen en Loo behoren, ingeschreven. Het is Charlotte Vonk, die bij de burgerlijke stand wordt aangegeven door haar vader huisarts W. Vonk, in aanwezigheid van burgemeester W. van den Clooster baron Sloet tot Everlo, de wethouders W. Derksen en G. Lukassen, gemeentearchitect C. Jansen en gemeentesecretaris H. Wouters van den Oudenweyer. Elf jaar eerder, in 1946, was de 4.000e inwoner ingeschreven.

Beelden van Duiven ten tijde van de inschrijving van de 5.000e inwoner

 

1958    Bij de kerstveiling in Zevenaar behaalt W. Wolters uit Groessen met zijn inzending "Golden Delicious" de hoogste score.

 

1958    Aan het eind van 1958 wordt in Groessen carnavalsvereniging "De deurdreiers" opgericht. Jan van de Borne is de eerste seizoenen Prins Drikusman. In 1959 is Groessen de eerste plaats in de wijde omgeving, waar een carnavalsoptocht plaatsvindt. Dat het een succes is en in een behoefte voorziet blijkt wanneer weer een jaar later de publieke belangstelling zo groot is dat de optocht in de Kampstraat volledig vastloopt.

1959    Het dorp Groessen telt 2.000 inwoners; nauwelijks minder dan het aantal in Duiven.

 


Het dorp Groessen in 1955
(Ad Dekkers, Liemers Museum)

1960    De publieke belangstelling voor de carnavalsoptocht in Groessen is zo overweldigend dat de optocht in de Kampstraat volledig vastloopt.

1962    Jan Hermsen verkoopt ruim 26 hectaren grond in De Helhoek in Groessen aan Unilever dat op deze plaats een laboratorium en proefvelden bouwt. Het geheel wordt drie jaar later in 1965 feestelijk geopend door Barend Biesheuvel, minister van Landbouw.

1964    Op zaterdag 7 november 1964 komt de 28 jarige P. Elferink uit Groessen op een uiterst tragische wijze om het leven. Rijdend op zijn scooter op de rijksweg Arnhem - Zevenaar komt hem een vrachtwagen tegemoet die een landbouwtrekker aan het inhalen is. Hoewel Elferink met zijn scooter uitwijkt tot in de berm wordt hij toch nog gegrepen door de vrachtwagen. Hij is op slag dood.

1964   Bovenmeester Berentsen van de lagere school in Groessen wordt opgevolgd door meester Van Hal. Berentsen, die vanaf 1928 schoolhoofd is geweest, was ook in zijn "vrije" tijd erg actief. Veel Groessenaren hebben hem geraadpleegd vooral bij administratieve problemen met de overheid en de belastingdienst. Daarnaast konden oud-leerlingen elke woensdagavond bij hem terecht in geval van leerproblemen in het vervolgonderwijs. De andere vier avonden van de week heeft hij vele jaren les gegeven op de Land- en Tuinbouwschool en op zaterdagmiddagen heeft hij in de periode 1930 - 1942 natuur- en scheikundelessen gegeven op het Instituut Geubbels in Duiven. Ook heeft hij bestuursfuncties vervuld bij de sportvereniging, het bejaardenhuis en het zwembad
  


Groessen, school ca 1925, deze is omstreeks 1975 afgebroken 
  

 

1965    Het vervoersbedrijf G.T.W. (Gelderse Tramwegen) neemt het autobusbedrijf van Luc Hendriks te Zevenaar over. Vele decennia hebben de bussen van Luc Hendriks het busvervoer tussen Zevenaar, Groessen, Loo, Duiven, Westervoort en Arnhem onderhouden.
 


Luc Hendriks en zijn zoon Jan voor een van zijn autobussen, achter het stuur Constant van Heeckeren (oktober, 1949)             

1965     Op dinsdagavond 30 november komt de vijftigjarige J. Vermeulen uit Groessen om het leven doordat hij op de Heilweg in Westervoort in aanraking komt met een hoogspanningskabel, die door de storm is losgeraakt.

1966    Op  woensdag 18 mei wordt de geelektrificeerde spoorverbinding tussen Emmerich en Arnhem officieel in gebruik genomen. Het tijdperk van de stoomtrein is ten einde. Ook in Groessen hoeven huisvrouwen, die langs de spoorlijn wonen, niet meer bang te zijn voor roet op hun buiten hangende was. 

 


De laatste stoomtrein vertrekt uit Arnhem (mei 1966)

1966     In Groessen wordt K.D.O. showband (Kunst Door Oefening) opgericht. Groessen telt daarmee drie muziekverenigingen: naast K.D.O. ook Sint Andries en de drumfanfare van E.M.M.

1967     Op 4 augustus 1967 krijgt de Groessense automonteur Theodorus Polman landelijke bekendheid. Hij presenteert zich als de trotse eigenaar van Nederlands eerste "doe het zelf" - autorijschool, die gevestigd is op zijn twee hectare grote weiland achter zijn huis "Heilig Land" in Groessen. Polman biedt als eerste in Nederland klanten de mogelijkheid zich zonder instructeur vertrouwd te maken met de beginselen van het autorijden. Klanten kunnen met een snelheid van vijf tot tien kilometer per uur zelfstandig rijvaardigheid opdoen. Zodra zij voldoende zelfvertrouwen hebben kunnen ze overschakelen op normale rijlessen.

1968   De ontdekking van het Groningse aardgas in Slochteren in 1959 veroorzaakt in de jaren zestig ook ingrijpende gevolgen voor de energievoorziening in de Liemers, waardoor kolenkachels ook in Groessen nu snel tot het verleden behoren.

 

Minister Andriessen brengt op 9 juli 1964 een werkbezoek aan het  Zevenaarse / Duivense Broek, waar op dat moment een belangrijke aardgasleiding wordt aangelegd.

1969    In Groessen worden de jongens- en meisjesschool samengevoegd. In 1976 wordt het pand van de Johannesschool geopend zoals we dat nu kennen.

1969    Op vrijdag 12 september is de uit Groessen afkomstige Gertruda (Trui) van Keulen (1881 - 1969) zeventig  jaar kloosterzuster. Gertruda van Keulen, haar kloosternaam is zuster Eucheria, is lid van de kloosterorde JMJ en heeft gedurende 38 jaar handwerkles gegeven aan meisjes in Rotterdam.

1970    In Groessen wordt aan de Kandiasestraat het watergemaal Kandia in bedrijf gesteld. Het zorgt ervoor dat wateroverlast in een gebied van 10.000 hectare, waaronder de gemeente Duiven, eindelijk tot het verleden behoort.

1971    Voor de laatste keer worden op de Tuinbouwschool Groessen diploma's uitgereikt. De school houdt op te bestaan. In het pand van de school vestigt zich korte tijd later de bibliotheek. In latere jaren is de oude Tuinbouwschool tevens in gebruik als Dorpshuis en jeugdsoos.

1972    In het begin van de jaren zeventig wordt het dagelijkse transport van melk in melkbussen van de Groessense boerderijen naar de Zevenaarse melkfabriek vervangen door de rijdende melkontvangst, waarbij gebruik wordt gemaakt van vrachtwagens met gekoelde melktanks en apparatuur voor het leegzuigen van de koeltanks op de boerderijen.

1973    Op 104-jarige leeftijd overlijdt de legendarische Zeno van Dorth tot Medler (1869 - 1973). Hij was meer dan veertig jaar, van 1898 tot 1939, burgemeester van de gemeente Duiven, waartoe Groessen behoort. Verder was hij ondermeer zestig(!) jaar, van 1903 tot 1963, directeur van de plaatselijke Boerenleenbank en vanaf 1898 tot zijn dood erevoorzitter van de schutterij. 


        

1974    In Duiven gaat de MAVO-school van start. Er is 1 brugklas met 23 leerlingen. Naast de directeur, de heer Van Klaveren, zijn er zeven part-time leerkrachten.

1975    Begin januari besluit het bisdom Utrecht om pastor Gerard Huisman niet te benoemen tot pastor en catecheet binnen de R.K. parochies van Westervoort, Duiven, Groessen en Loo omdat de 28-jarige pastor een relatie heeft met een niet - katholiek meisje.

1976    In Groessen wordt het nieuwe gebouw van de Jo(h)annesschool, in gebruik genomen. Schoolhoofd is de heer Van Hal.  

1979    Op woensdag 28 februari sterft in het R.K. Ziekenhuis aan de Didamseweg in Zevenaar op 74-jarige leeftijd Theodorus (Theed) Johannes Hendrikus van Keulen. Hij wordt op maandag 5 maart begraven op het R.K. kerkhof in zijn woonplaats Groessen. Theed van Keulen (1905-1979) is de oudste broer van Louis van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen).

"Theed was de oudste zoon uit een groot gezin en droeg tot aan zijn dood een grote verantwoordelijkheid voor het wel en wee van zijn familie". Een kenmerkende uitspraak van hem was "Wat hebben we het toch goed". 
   
 

1980    Na een onderbreking van 54 jaar wordt Duiven weer halteplaats voor treinen op het traject Arnhem-Zevenaar-Doetinchem-Winterwijk v.v.

Op 31 mei 1980 wordt Duiven weer halteplaats voor treinen.

Links het station Duiven omstreeks 1980

Rechts het station Duiven omstreeks 1930

 

1984     Het processieverbod wordt uit de Nederlandse grondwet geschrapt. In Duiven, Oud-Zevenaar, Groessen en Loo vinden nog de jaarlijkse sacramentsprocessies plaats; dat is zeer bijzonder omdat in de tijd van de reformatie (1520 - 1600) de katholieken in Nederland hun geloof niet in het openbaar mochten belijden, laat staan een processie houden. Het overgrote deel van de Liemers hoorde toen echter niet bij Nederland, maar bij het Hertogdom Kleef dat wel godsdienstvrijheid kende. Toen in 1816 de Liemers bij Nederland kwam, werden de processies 'gedoogd' mits zij ieder jaar werden gehouden. In Groessen vindt de jaarlijkse Sacramentsprocessie nog altijd plaats op de eerste zondag na Pinksteren.

   
 

Processie Oud-Zevenaar, 22 juni 2008
Een eeuwenoude processietraditie, vermoedelijk sedert de 11e eeuw, vindt  in Oud-Zevenaar nog elk jaar plaats.

 

1985   Omstreeks deze tijd wordt molen "de Welvaart" in Groessen onttakeld en wordt er een graansilo in geplaatst voor de naastgelegen maalderij.



"De Welvaart" met kale roeden (1985)


1985   
Op dinsdag 8 oktober overlijdt in Groessen de heer P.J. Kunnen (1911-1985), vele jaren hoofd van de plaatselijke landbouwschool. Halverwege de 20e eeuw is Louis (A.G.M.) van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) vele jaren op zaterdagen (deeltijd)leraar op deze school.

 

 

1988    Eind mei 1988 verschijnt KONTAKT weekblad voor Duiven en Groessen voor de allerlaatste keer. Gedurende een periode van bijna 20 jaar was het een begrip voor de inwoners van Duiven en Groessen.

 


 

1988    Op zaterdag 25 juni wordt het Nederlands voetbalelftal  Europees kampioen na een 2-0 overwinning op Rusland in het Olympiastadion in Munchen. De stemming in heel Nederland is uitgelaten. Ook in Groessen heerst euforie met overal feestende mensen en toeterende auto's.

 


Uitgelaten sfeer in Amsterdam juni 1988

 

1989    Na vanaf 1966 burgemeester van de gemeente Duiven, waartoe ook Groessen en Loo behoren, te zijn geweest, wordt Johannes A.G. Kemme (1929 - 1996) opgevolgd door A. (Fons) B.G. Lichtenberg. 


Burgemeester Kemme  (1929 - 1996) ontmoet oud-burgemeester Baron van Dorth tot Medler (1869 - 1973). Samen zijn zij 64 jaar burgemeester van de gemeente Duiven geweest.       


1992    In april besluit de  Nederlandse regering tot de aanleg van een goederenspoorlijn, "de Betuwelijn", tussen Rotterdam en Zevenaar, die de Rotterdamse haven met het Europese achterland moet verbinden. Op veel plaatsen langs het toekomstige tracee, ook in Groessen, is de bevolking overwegend fel gekant tegen de aanleg. 

1994   De in 1790 gebouwde R.K. pastorie in  Groessen wordt op de gemeentelijke monumentenlijst geplaatst.


Kerk en pastorie
(links) Groessen

 

1995   Op 8 april wordt molen "de Welvaart" in Groessen bij een brand grotendeels verwoest. Wat resteert is de romp van deze in 1852 gebouwde stellingmolen, die in onze huidige tijd dienst doet als graansilo. Helaas zijn plannen om de molen in de oude staat te restaureren nooit gerealiseerd.


Voormalige molen die dienst doet als graansilo (2007)

1998    Ook in de Liemers, in het bijzonder in Groessen en Zevenaar, moeten vele woningen plaatsmaken voor de komst van de Betuwelijn.

2003     Op zondag 1 augustus 2003 overlijdt in zijn woonplaats Groessen op bijna 105-jarige leeftijd Pieter J. de Booijs (1898 - 2003), fotograaf en verzetstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Van 1933 tot 1983 had hij een fotowinkel in Arnhem, op de hoek van de Jansplaats en Grote Oord. Tijdens de Tweede Wereldoorlog fotografeert hij met gevaar voor eigen leven op verzoek van het verzet verschrikkingen van de oorlog om later als bewijs voor wandaden te dienen.

 

 



2004     Op vrijdagmiddag 2 januari wordt De Lijmers opgeschrikt door een lafhartige moord. De 56-jarige eigenaar van het eeuwenoude Montferland in Zeddam, Henk Zinger, wordt tijdens een brute overval door messteken gedood. De 33-jarige dader, afkomstig uit Havelte, wordt enige maanden later veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf en tbs.

 

 


Hotel Montferland / Graaf van den Bergh in Zeddam (2012)

2007    In juni vindt de Opening van de Betuwelijn plaats; totale kosten 10 miljard (10.000.000.000) euro. Het economisch nut van het gerealiseerde project is dubieus.

2010    In een poging de Betuwelijn te redden verlaagt Keyrail (een samenwerkingsverband van Prorail en het Havenbedrijf Rotterdam, dat de Betuwelijn exploiteert) de gebruikstarieven voor de goederenspoorlijn tot 40%. Een tariefsverlaging voor het gebruik van infrastructuur is in deze omvang in Nederland nog nooit voorgekomen. De belastingbetaler zal miljoenen euro's meer moeten bijdragen, want het goederenspoor is bij lange na niet rendabel.

2011   Op 17 april wordt voetbalvereniging Groessen kampioen van de vierde klasse D van de K.N.V.B. waardoor de club voor het eerst in haar  geschiedenis in de derde klasse gaat voetballen.


2011
    Streekhistoricus W. van Heugten uit Duiven publiceert een nieuwe verklaring omtrent de herkomst van de naam "Liemers" waarbij hij er vanuit gaat dat het begrip Liemers een samentrekking is van "lee" en "mers". 
Lee verwijst volgens hem naar het waterstroompje de Lee dat begint in Loo en vervolgens van oudsher de grens vormt tussen Duiven en Westervoort en tenslotte overgaat in de Leigraaf. De term Lee stamt mogelijk van het Germaanse "laida" dat waterloop betekent. Mers is een oud-nederlands woord voor "mars" dat moeras, beemd of broek betekent. De naam Liemers zou dus verwijzen naar een moerasachtig gebied, dat afwaterde via de Lee.  

 


Detail kaart van Christiaan sGrooten (1557)
ten noorden van Zevenaar (Sevenaer) en Duiven : moerasachtig gebied
Groessen wordt vermeld als: Groyssem

2013   Op zondag 2 juni 2013 is het op de dag af zestig jaar geleden dat Th. van Keulen (zie V,1,8,6 stamboomtakken Van Keulen) en zijn vrouw S. van Keulen - Lucassen, wonende Kandiastraat 1 in Groessen, met elkaar in het huwelijk traden. Zij vieren die dag hun 60 jarig huwelijksfeest in zaal Gieling waar ze onder andere gefeliciteerd worden door burgemeester Zomerdijk van Duiven.

2013    Op vrijdag  20 december 2013 is het precies tweehonderd jaar geleden dat de dorpen Duiven, Groessen en Loo een bestuurlijke eenheid werden met de naam "Buergermeistery Duven" onder Pruisisch bestuur. Sedertdien is de gemeentelijke indeling ongewijzigd gebleven. In 1816 kwam de gemeente bij het Koninkrijk der Nederlanden. 

 

2016    Op woensdag 1 juni 2016 maken de voormalig Duitse gebieden Zevenaar, Oud-Zevenaar, Babberich, Wehl, Duiven, Groessen, Loo, Huissen en Malburgen tweehonderd jaar deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden. De overgang van Pruissen naar Nederland in 1816 bracht zeker de eerste decennia geen voorspoed want de 19e eeuw werd een periode van grote misoogsten, ziekten, honger, ellende en armoede

 

Uit de Leeuwarder Courant van 31 mei 1816 waarin melding wordt gemaakt van de overgave van Zevenaar, Huissen, Malburgen en de Lijmers, waardoor het Koninkrijk der Nederlanden "met een niet onaanzienlijk met aller vruchtbaarst bouwland en uitmuntende weiden beslagen en door nijvere inwoners bewoond territoir wordt vergroot". 

 

 

2017    Op woensdag 8 maart geeft verkeersminister Schultz het startsein voor de aanleg van het ontbrekende stuk van de snelweg A15 tussen Bemmel, Groessen, Duiven en Zevenaar. Het knooppunt waar de autowegen A15  en A12 bij elkaar komen zal "De Liemers" worden genoemd. Met de wensen van de inwoners wordt geen rekening gehouden. Zo komt er geen tunnel tegen de gevreesde geluidsoverlast en horizonvervuiling. Ook houdt de minister vast aan haar plan om tol te heffen. Naar verwachting kan de weg in 2022 in gebruik worden genomen. 

 

2017    Op donderdag 4 mei 2017 onthult de gemeente Duiven een monument ter nagedachtenis aan de broers Jan (1921 - 1944) en Piet (1927 - 1944) Meuwsen uit Groessen.
De beide broers, resp. 23 en 17 jaar oud, zijn op dinsdagmiddag 19 september 1944 in de Groessense Vossendel, achter de dijk waar ze regelmatig koeien melken, in de nabijheid van een neergestort vliegtuig. Ze worden daar door Duitse SS-soldaten gearresteerd en hardhandig verhoord waarna ze zelf een tweepersoonsgraf moeten delven en nog diezelfde dag op beestachtige wijze worden vermoord. Heel Groessen verkeert na dit trieste gebeuren in shock en voor de familie Meuwsen laat het diepe wonden en littekens na. Helaas wordt na de oorlog nooit een gedegen onderzoek ingesteld waardoor de schuldigen aan deze brute moord onbestraft blijven. 

 

 



 

In de geschiedenis ligt de nadruk doorgaans op machtige mensen. In www.liemershistorie.nl vooral aandacht voor de geschiedenis van gewone mensen, hun zwoegen voor een menswaardig bestaan want de overgrote meerderheid van de bevolking heeft tot halverwege de 20e eeuw doorgaans op de rand van een bestaansminimum geleefd waarbij misoogsten, ziekten, oorlogen en (natuur)rampen kwellingen zijn die de mensen bij voortduring hard hebben getroffen. Indrukwekkend is hoe velen onder moeilijke omstandigheden toch het hoofd boven water hebben kunnen houden.