Zevenaar

 

Zevenaar: Snel door de tijd

Vele eeuwen heeft Zevenaar tot het Duitse Rijk behoord. De plattelands "vrijheid" Zevenaar ontvangt op 24 januari 1487 stadsrechten van Johan II, hertog van Kleef. Het is voor de hertogen van Kleef belangrijk, dat aan de grens met het "Geldersch" gebied een strategisch steunpunt komt. De burcht Sevenaer met de omringende bebouwing, die de ene keer in Gelderse en dan weer in Kleefse handen is geweest, dient een uitvalsbasis voor de hertogen van Kleef te worden. Zevenaar wordt nadat het stadsrechten heeft niet "omwald" maar "omgracht" en krijgt vier poorten. De stadsrechten bieden de nieuwe stad diverse voordelen. Zo verkrijgt Zevenaar ten opzichte van de omgeving het monopolie wat betreft markten en de verkoop van bier en brood. Ook concentreert de rechtspraak zich dan in Zevenaar. Rondom 1500 telt het nieuwe stadje nauwelijks 500 inwoners en is het verre van welvarend. Plunderingen van steeds wisselende legers, overstromingen en besmettelijke ziekten zorgen regelmatig voor grote tegenslagen. Voor velen is het met hard werken net mogelijk om zich staande te houden.

 

Het marktplein in Zevenaar in 1745
Paul van Liender / Jan de Beyer

Links op de achtergrond de Katholieke Andreaskerk (deze krijgt pas aan het eind van de 19e eeuw de huidige hoge toren); rechts daarvan het doelentorentje en rechts vooraan de "Reformeerde kerk" (nu "Ontmoetingskerk").  

 

 

Het marktplein in Zevenaar in het prille begin van de 20e eeuw

Links op de achtergrond de Katholieke Andreaskerk,  die in 1887 een ongeveer 65 meter hoge toren krijgt; rechts daarvan het doelentorentje, dat halverwege de 20e eeuw is afgebroken;
rechts vooraan is de "Reformeerde kerk" (nu "Ontmoetingskerk") net niet meer te zien.  


Globaal zijn er voor Zevenaar, vanaf het moment dat het stadsrechten verkrijgt in 1487 tot heden, vier perioden te onderscheiden:

I    De eerste periode: 1487 tot  circa 1680
Gedurende deze periode van bijna tweehonderd jaar kent Zevenaar een zeer bescheiden groei en ontwikkeling. Door de stadsrechten verkrijgt Zevenaar enige privileges en ook de verplaatsing van het bestuurscentrum van de Kleefse enclaves van Huissen naar Zevenaar is gunstig voor de ontwikkeling. Daarnaast zijn er ook omstandigheden, die een voorspoedige groei in de weg staan, zoals de vele krijgsverrichtingen (plunderingen, inkwartieringen enz.) gedurende de Tachtigjarige Oorlog en de Franse invallen. Ook de machtsovername door Pruisen, nadat het Hertogelijk Kleefse Huis is uitgestorven, is niet gunstig voor Zevenaar geweest, omdat het stadje daardoor vervalt tot een verre uithoek van het Pruisische rijk met Berlijn als hoofdstad. Voeg bij dit alles, dat door Zevenaar slechts 1 hoofdweg loopt, dat het slechts een beperkt ommeland heeft met een sterk agrarische inslag, alsmede vrijwel geen natuurlijke hulpbronnen en duidelijk wordt waarom in deze eerste periode de welvaart zeer gering is.  

II    De tweede periode: van circa 1680 tot 1850
Was gedurende de eerste periode de ontwikkeling van Zevenaar al weinig florissant, in de tweede periode gaat het nog aanzienlijk slechter. Het is een periode van  stilstand en achteruitgang. Rond 1850 ligt het stadje er vrijwel net zo bij als twee eeuwen eerder. Het aantal huizen schommelt tussen de 180 en 190 en het aantal inwoners bedraagt circa 900. Het stadje en haar inwoners hebben voortdurend de grootste moeite om het hoofd boven water te houden. De in de stad aanwezige ruimte voor groei wordt niet benut. Wel vindt regelmatig afsplitsing plaats van "kamers" om te verhuren aan arme mensen. Aan het eind van de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw is sprake van een concentratie van grond- en huizenbezit in handen van enkele kapitaalkrachtige personen en families. Vooral in de 18e eeuw wordt Zevenaar en omgeving regelmatig door dysenterie getroffen. In het bijzonder in het jaar 1783 wordt Zevenaar en omgeving zwaar getroffen door deze ziekte, die vanwege de waterdunne bloederige diarree in de volksmond wel "rode loop" wordt genoemd.  In totaal bedraagt het aantal dodelijke slachtoffers in 1783 ongeveer 85; dat is bijna tien procent van de bevolking. In Zevenaar geschiedt de behandeling van de ziekte omstreeks 1783 door drie plaatselijke chirurgijns, een medisch doctor ontbreekt. Een van de drie chirurgijns, Warnerus Schmidts, grijpt de ellende zo aan dat hij krankzinnig wordt. Zijn opvolger Hendrik Kreeft raakt binnen enige weken zo aan de drank, dat hij niet meer in staat is zijn werk te verrichten. Naast aandoeningen zoals "rode loop" heeft de bevolking regelmatig zwaar te lijden onder veeziekten, overstromingen, droogte, intense koude, doortrekkende legers, inkwartieringen enz.
De zogenaamde Kleefse enclaves, bestaande uit onder meer het ambt Zevenaar (Zevenaar-stad en de dorpen Oud-Zevenaar, Duiven, Loo en Groessen), de heerlijkheid Wehl en Lobith, worden in de Franse tijd op 8 april 1808 onderdeel van het Koninkrijk Holland. Koning Lodewijk Napoleon voegt ze vervolgens toe aan Gelderland. Nadat de Fransen in 1813 zijn verdreven worden deze gebieden aanvankelijk weer bij het koninkrijk Pruissen ingedeeld. In 1815 wordt echter bepaald dat de gebieden aan het Koninkrijk der Nederlanden worden overgedragen. Wanneer Zevenaar in 1816 bij Nederland wordt ingelijfd, wordt het met de parochie Oud-Zevenaar samengevoegd tot de plattelandsgemeente Zevenaar. Het verkrijgt niet eens de status van stad. De parochies Duiven en Groessen worden dan samen de plattelandsgemeente Duiven en de parochie Wehl wordt de plattelandsgemeente Wehl.

III    De derde periode: van 1850 tot 1945
Deze periode wordt gekenmerkt door een langzame maar gestage vooruitgang. De bevolking neemt in aantal toe en ook in Zevenaar zijn er technische ontwikkelingen: De komst van stoomwerktuigen, nutsvoorzieningen zoals elektriciteit, gas, water, riolering en telefoon. Erg belangrijk voor Zevenaar is de realisatie van treinverbindingen. In 1856 wordt het station Zevenaar geopend voor de internationale treinen en bijna dertig jaar later, in 1885, wordt een tweede station voor de treinen Arnhem - Doetinchem in gebruik genomen. Als belangrijk voor de ontwikkeling van Zevenaar kan voorts genoemd worden de komst van fabrieken zoals de sigarettenfabriek (Turmac), de inktfabriek (Gimborn) en de melkfabriek. Ook voorzieningen, instellingen en instanties zoals ziekenhuis, sanatorium, postkantoor, voortgezet onderwijs, kantongerecht, douane, marechaussee en banken hebben een positieve invloed op de ontwikkeling van de stad.
Er is in de derde periode een sterke toename van het aantal huizen, in het bijzonder langs de uitvalswegen zoals de Arnhemseweg, Didamseweg en de Doesburgseweg. Ook op het Grieth en in Ooy/Oud-Zevenaar is er een flinke toename van het aantal huizen. Op de markt verrijst een overkapping voor de week- en veemarkt.
De Tweede Wereldoorlog maakt een abrupt einde aan de ontwikkeling van Zevenaar en net als in voorgaande perioden heeft de bevolking weer erg te lijden onder het oorlogsgeweld. Ook in materieel opzicht is de schade enorm. Ongeveer 60 procent van de stadskern wordt in de oorlogsjaren zwaar beschadigd tot volledig verwoest.
 

IV    De vierde periode: van 1945 tot heden
Deze fase wordt gekenmerkt door een krachtig ter hand genomen wederopbouw en een planmatige ontwikkeling tot welvarende forensenplaats met centrumfunctie in de Liemers. Zevenaar krijgt in deze periode tal van nieuwe grote woonwijken zoals Schrijvershoek, Zonnemaat, Lentemorgen, Hengelder en Stegeslag. Voorts komen nieuwe industrieterreinen zoals Tatelaar en Hengelder. De woningbouw dient in deze periode niet alleen tot opvang van de eigen behoefte, maar vooral voor nieuwkomers. Ook het stadscentrum verandert door de snel toenemende welvaart en koopkracht. De woonfunctie wordt ondergeschikt aan de winkel- en uitgaansfunctie.  Er is een sterke uitbreiding van het aantal winkels, zoals in Muldershof en Mallemolen. Nadat Zevenaar in de periode 1945 - 1985 een volledige metamorfose doormaakt, zien we vervolgens dat een zekere stabilisering plaatsvindt. Ten gevolge van een gemeentelijke herindeling worden Angerlo, Giesbeek en Lathum op 1 januari 2005 deel van de gemeente Zevenaar. Op 1 januari 2007 telt Zevenaar ongeveer 24.600 inwoners.
In de raadsvergadering van 27 januari 2016 gaat de raad van Zevenaar akkoord met een samenvoeging van de gemeenten Zevenaar en Rijnwaarden. Laatstgenoemde gemeente voelt zich te klein en kiest voor samenvoegen. Op 1 januari 2018 gaat Rijnwaarden (Lobith, Tolkamer, Herwen, Aerdt, Spijk en Pannerden) op in de gemeente Zevenaar dat dan 43.411 inwoners telt.


Flitsen uit de geschiedenis van Zevenaar

Aanvullingen, correcties en reacties zijn welkom op: vkc6511@gmail.com

500 voor Chr.       Het gebied rondom het huidige stadscentrum van Zevenaar wordt omstreeks deze tijd reeds bewoond. Op de wat hoger gelegen plaatsen iets zuidelijker tussen de huidige Oud-Zevenaarseweg en de Breuly, de Steenheuvel genaamd, is omstreeks 700 jaar voor het begin van onze jaartelling reeds bewoning.  


838 na Chr.       In een Utrechtse oorkonde komt de plaatsnaam Fumarhara voor.  Mogelijk is dit een verschrijving van Subenhara (=Zevenaar) maar zeker is dit niet.  

838        Oudst overgeleverde vermelding van Leomeriche (Liemers).

1049    Keizer Hendrik III schenkt aan een zekere Anselm een landgoed te Zevenaar 

  Nederzettingen in onze streek omstreeks 1200

Aswen (Azewijn) en Thedodem (Didam) worden genoemd in 828; Fumarhara in 838; Thuvine (Duiven), Gruosne (Groessen), Harawa (Herwen) in 897; Eltnon (Elten) in 944; Berga ('s Heerenberg) in 1105; Sydehem (Zeddam) in 1142; Lengel in 1144; Loel (Loil), Wele (Wehl) en Waverlo (Dijk) in 1178; Beek in 1206 en Stockem (Stokkum) in 1240.

 

 

1200    Voor het eerst komen we de schriftelijke vermelding van Sėvenharen voor Zevenaar tegen. Zowel in de term Subenhara (zie het jaar 838) als in de term Sėvenharen komen we in het tweede lid het woord hari- tegen, dat de betekenis heeft van zandrug / heuvelrug.  

1250    Omstreeks het midden van de 13e eeuw vindt de vestiging plaats van het kasteel "Sevenaer".

1256    Op 16 juni koopt graaf Otto II van Gelre (1214 -1271) landerijen en gronden in Zevenaar vanwege hun strategische ligging.

 

 

In de Middeleeuwen is de Liemers een laag gelegen moeras, waarin de Rijn regelmatig zijn loop verlegt. Om vanuit Emmerich in Arnhem te komen, moet bovendien een belangrijke hindernis worden overwonnen, te weten de rivier de Aa; een snelstromende zijtak van de Rijn, die door het (huidige) stadscentrum van Zevenaar loopt, om vervolgens uit te monden in een moerasachtig gebied ten noorden van Zevenaar (huidige Grieth).

De Aa is in de Middeleeuwen slechts op een plaats goed doorwaadbaar en dat is ter hoogte van (het huidige stadscentrum van) Zevenaar, waar de van nature aanwezige klei niet is weggespoeld en de bodem stevig is. Op die plek laat Otto II van Gelre het kasteel "Sevenaer" bouwen.

 

1290    Aan het eind van de dertiende eeuw is Doesburg verreweg het belangrijkste centrum in onze regio. De gehele Liemers tot aan Emmerik alsmede ook Doetinchem ressorteren onder het ambt Doesburg.

1321    De oudste akte waarin de Burcht (Kasteel / Casteel) Sevenaer wordt genoemd dateert uit 1321. Deze middeleeuwse burcht heeft een belangrijke rol gespeeld in de strijd tussen Gelre en Kleef om de macht over de Liemers.

1339    Gelre, waartoe Zevenaar in deze tijd behoort, wordt door de keizer van Beieren tot hertogdom verheven. Het is een zeer groot en belangrijk hertogdom. Het omvat naast de huidige provincie Gelderland, grote delen van de huidige provincie Limburg (met ondermeer Venlo, Venray en Roermond) en delen van het huidige Noord-Rijnland-Westfalen met ondermeer het stadje Geldern, waarnaar het hertogdom Gelre en de latere provincie Gelderland zijn genoemd. Het hertogdom Kleve vormt een wig tussen de Noordelijke en de Zuidelijke delen van Gelre. De zelfstandigheid van Gelre eindigt in 1543.

   

Het hertogdom Gelre omvat omstreeks 1350:
1. Het Kwartier van Nijmegen (huidige Betuwe)
2. Het Kwartier van de Veluwe (ook genoemd het Kwartier van Arnhem)
3. Het Kwartier van Zutphen (de huidige Achterhoek en Liemers)
4. Het Kwartier van Roermond (het huidige Limburg en delen van Noord-Rijnland-Westfalen) 

 

1340     Uit een rekening van de rentmeester van de graaf van Gelre blijkt, dat in deze tijd tot de Lijmers gerekend worden: Weel (Wehl), Betburg (Babberich), Zevenaar, Angeroy (Loo), Westervoort, Beek en Zeddam,  Duiven en Groessen.

1355    Vanaf 1355 neemt de macht van Kleef in de Liemers sterk toe ten koste van Gelre.

Bezittingen van Gelre en Kleef (Kleve) in de Liemers omstreeks 1350
Voor 1350 bezit Kleef in de Liemers alleen Groessen, Leuven (tussen Oud-Zevenaar en Groessen), Oud-Zevenaar en Grondstein (nabij Elten).
In de periode na 1355 worden o.a. ook Zevenaar, Huissen (Huussen), Wehl, Duiven, 't Loo, Ooy, Babberich, Eltingen (bij Duiven) en Elten deel van Kleve.

 

1363     Wolter Smullinck wordt door de hertog van Kleef aangesteld tot ambtman en bewaarder van burcht/kasteel Sevenaer

1367    Wolter Smullinck wordt als ambtman en bewaarder van kasteel/burcht Sevenaer opgevolgd door Anselm van Keeken. Burcht Sevenaer blijft nog een twistappel tussen de hertogen van Kleef en Gelre totdat in de vijftiende eeuw het pleit ten gunste van Kleef / Kleve wordt beslecht. Dit blijft ongeveer vierhonderd jaar zo totdat in het begin van de 19e eeuw Zevenaar en andere Liemerse enclaves onderdeel worden van het Koninkrijk der Nederlanden. 

1371    Palick van Sevenaer wordt door gravin Mechteld tot ambtman van de Liemers aangesteld. Hij ontvangt jaarlijks een vergoeding van 66 malder tarwe. 

1395     De Poelwijkersteeg in Zevenaar wordt vermeld.

1402    Nadat aan het einde van de Middeleeuwen het militaire belang van kasteel Sevenaer afneemt, blijft het in gebruik als kazerne en dient het  na 1402 als ambtswoning voor opeenvolgende ambtmannen van de Liemers, die vanuit dit kasteel de Liemers besturen

1406    Ambt Liemers (o.a. Zevenaar, Duiven, Loo, Groessen, Wehl), van oorsprong Gelders grondgebied, wordt door Reinoud IV van Gelre aan het graafschap Kleef (Kleve) verpand.

1408    Op de plaats waar in onze tegenwoordige tijd in de Zevenaarse Molenstraat, de buitenmolen staat, bevindt zich in 1408 reeds een molen. Deze molen is in de eerste helft van de 16e eeuw afgebroken om plaats te maken voor de molen zoals we die nu nog kennen.

1414    Dirck Smullinck Derixsoon wordt aangesteld tot ambtman over de Liemers. Vermoedelijk is hij het die omstreeks 1430 in Zevenaar het Smollinghuse (Smollinghuis) laat bouwen dat in latere jaren de naam Huis te Seventer (Huis Sevenaer / Huis Zevenaar) krijgt. Smullinck en zijn nazaten blijven vele eeuwen eigenaar van dit huis. In onze tijd is het huis in eigendom van de familie Van Nispen.


                    Huis Sevenaer
in 1745 

1417     Graafschap Kleef, waartoe ook Zevenaar behoort, wordt tot Hertogdom verheven.    


Gezicht op Kleef (Kleve) omstreeks 1570 (gravure Frans Hogenberg)
Het ambt Liemers, dat in 1406 wordt verpand aan Kleve, zal tot  het begin van de 19e eeuw Duits blijven.

1432   Bij een dijkdoorbraak ontstaat een diepe kolk, die we in onze tijd kennen onder de naam de Breuly. In de tweede helft van de 20e eeuw is de Breuly het gemeentelijk zwembad van Zevenaar. Sedert 2011 is er een sterrenwacht gevestigd, die burgers de mogelijkheid biedt inzicht te krijgen in de sterrenhemel, planeten en het heelal. 


                               Breuly 1898 (G. Jansen, Liemers Museum)

1433    Als schepenen in Zevenaar staan vermeld Palic van Enghuizen en Gheryt van der Wilten. Op grond hiervan kan worden geconcludeerd dat de huizen Enghuizen en Mathena (dat aanvankelijk "die Wylte" heeft geheten), al bekend zijn. 

1437    Johan van den Loo, die in 1467 in Zevenaar het Loogasthuis sticht, wordt ambtman en bewaarder van kasteel / burcht Sevenaer.

1450    Omstreeks deze tijd woont Johan van den Loo, kasteelheer van de burcht Sevenaer, in havezathe "Enghuizen" in Zevenaar. Blijkbaar is de burcht als woning voor de kasteelheer al niet meer geschikt. 

1453    Hoewel in de Middeleeuwen wegen in het algemeen onverhard zijn, is een deel van de Zevenaarse Kerkstraat en de Doelenstraat toch al verhard. Het verharde deel ("steenstraat") betreft (een gedeelte van) de verbinding tussen de parochiekerk in Oud-Zevenaar met de Burcht in Zevenaar. Opmerkelijk is dat de "steenstraat" er al is nog voordat Zevenaar stadsrechten heeft. 

1455
    Omstreeks deze tijd ontstaat de Zevenaarse schutterij. Het is in een periode waarin de Kleefse landsregering regelmatig klachten ontvangt over stropersbenden in de Liemers. De bewapening van de schutters bestaat aanvankelijk uit een handboog. Aan het begin van de 16e eeuw krijgen de schutters handvuurwapens van het Zevenaarse stadsbestuur. 

1460   Omstreeks deze tijd zijn leden van het uit Gendringen afkomstige geslacht Van der Wilten eigenaar van havezate Mathena in Zevenaar
In onze huidige tijd is Mathena een statig pand gelegen in de directe nabijheid van huis Rijck en het station van Zevenaar. De naam Mathena is een samenvoeging van Maet ten Aa: een mate of weide bij het riviertje Aa. Dit riviertje is in onze tijd (vrijwel) volledig verdwenen.
 


 Mathena bij station Zevenaar zoals ik dit als kind dagelijks zag

1466    In Zevenaar wordt de Loo-kapel gebouwd. Ruim een halve eeuw later in 1521 wordt deze kapel de parochiekerk van Zevenaar-stad. 

1467    Ridder Johan van den Loo (Loe) sticht in Zevenaar een tehuis voor "zeven, arme en rechtschapen daklozen uit de Liemers". Dit Loogasthuis in de (latere) St. Jansstraat heeft ongeveer 500(!) jaar stand gehouden, totdat het in de zeventiger jaren van de 20e eeuw op jammerlijke wijze door bulldozers met de grond gelijk wordt gemaakt.  

   

Het Loogasthuis vlak voordat het in 1979 met de grond gelijk gemaakt wordt.

 

 

 

1473    De zomer van 1473 is zinderend heet en kurkdroog. Van half april tot half november valt er vrijwel geen regen. Ook de inwoners van Zevenaar gaan gebukt onder de gevolgen van langdurige extreme droogte en hitte.  

1476    Ridder Johan van den Loo (Loe) sterft en wordt overeenkomstig zijn wens in de kerk van Oud-Zevenaar begraven. Zijn zoon Wessel van den Loe volgt hem op als ambtman van de Liemers. Zijn ambtswoning is het kasteel in Zevenaar..  

1487    Op donderdag 24 januari krijgt Zevenaar van Johan II hertog van Kleef stads-, markt- en molenrechten. Het aantal inwoners van Zevenaar(-stad) bedraagt dan ongeveer 500.

 

Zevenaar in de 16e eeuw; de toren is van kasteel  (burcht) Sevenaer
De afbeelding betreft een detail van een kaart van Jan Ruysch uit 1577.

De reden dat Zevenaar op 24 januari 1487 stadsrechten verkrijgt, is vooral gelegen in de militaire omstandigheden van die tijd. Zevenaar moet een strategisch steunpunt worden aan de grens met Gelre. Door de stadsrechten heeft Zevenaar het monopolie op markten en de verkoop van brood en bier en kan het stadsbestuur bovendien accijnzen heffen, die overigens zwaar drukken op de bewoners die in de loop der tijd bovendien regelmatig getroffen worden door plunderingen van steeds wisselende legers en door besmettelijke ziekten.

Naast de toren van kasteel Sevenaer zijn twee torens te zien. Vermoedelijk zijn dit de hoektorens van de voorburcht.

1488     Het bezit van de ten noorden van Zevenaar gelegen Zweeckhorst gaat van het geslacht Zweeckhorst over op Geerlich van Pulzeler, schoonzoon van Guede van Zweeckhorst.

1490     Weliswaar heeft Zevenaar in 1487 stadsrechten verkregen maar deze zijn nog zo beperkt dat het aanvankelijk als "vrijheid" wordt aangeduid. In latere jaren, na de verwerving van aanvullende stadsrechten, groeit Zevenaar in juridische zin uit tot een volwaardige stad. 
De vrijheid of stad Zevenaar wordt bestuurd door 1 richter en 8 schepenen, die allen voor het leven zijn aangesteld door de Hertog van Kleef. De schepenen verzorgen de rechtspraak in Zevenaar en het omgevende ambt Liemers. De richter en de schepenen kiezen een burgemeester en een rentmeester uit kandidaten die door de ambtman, de hoogste vertegenwoordiger van de Hertog, zijn voorgedragen. De ambtman houdt toezicht op het stadbestuur en de financiele taken van de rentmeester. 

1491     Begin februari breekt de Rijndijk tussen Emmerik (Emmerich) en Rees door. Het gevolg is dat een groot gebied tot aan Doesburg onder water komt te staan.

1493     Vanaf 1493 is de Liemerse ambtsman bevoegd om de richter in Zevenaar aan te stellen. Voorts ziet de ambtsman toe op de belastingheffing, die ook betrekking heeft op de belangrijke Rijntol bij Lobith. 

1501     Het Zevenaarse stadsbestuur koopt voor de plaatselijke schutterij nieuwe vuurwapens.

1503    De zomer van 1503 is zinderend heet en kurkdroog en daardoor een kwelling voor de inwoners van Zevenaar.

1504     In het begin van de 16e eeuw is men in Zevenaar nog volop bezig met de bouw van stadstorens ter verdediging van de stad. Halverwege de 16e eeuw heeft Zevenaar tenminste vier van deze torens, "Bergvredes" genoemd; een benaming in het Duitse taalgebied voor verdedigbare torens.

 

Binnenmolen
In de loop van de 16e eeuw wordt op een van de verdedigingstorens in Zevenaar een molen gebouwd. Deze molen, Binnenmolen genoemd, met een muurdikte van meer dan drie meter staat in de nabijheid van de Griethse Poort en is in ieder geval al in 1580 als molen in gebruik.
In de loop van de 19e eeuw verliest de toren zijn functie als molen en raakt in verval.  

Afbeelding: Tekening van de Binnenmolen van A. Verhuell
(19e eeuw)

 

1514    In Linnich, een dorpje in de omgeving van Brussel, wordt Andreas Masius (of Maes) geboren op St. Andreasdag (30 november). Hij wordt een van de belangrijkste Europese geleerden uit de XVIe eeuw. Naast zijn moedertaal beheerst Masius tien talen en is hij een autoriteit op het gebied van onder meer de rechtsgeleerdheid, geschiedenis en aardrijkskunde. In het latere deel van zijn leven, vanaf 1558, woont Masius in grote harmonie met zijn echtgenote op een boerderij in Ooy bij Zevenaar. Deze periode beschouwt hij als een zeer gelukkige waar een eind aankomt als hij ernstig ziek wordt en op dinsdag 7 april 1573 overlijdt. 
De cirkel is rond wanneer Andreas Masius, geboren op St. Andreasdag 1514, in 1573 in de St. Andreaskerk in Zevenaar wordt begraven. Doordat deze kerk omstreeks 1600 door een brand grotendeels verwoest wordt, is van zijn graf in onze tijd niets meer te vinden. Ongeveer vierhonderd jaar na zijn dood is in het stadshart van Zevenaar een plein naar deze grote geleerde genoemd. In 2015 verschijnt van de hand van Ernest Stender de boeiende uitgave "De Wereld van Andreas Vesalius" (Uitgave van de Cultuur Historische Vereniging Zevenaar).

 


1520     Omstreeks deze tijd is Adam van den Bergh afkomstig uit een bastaardtak van het gravenhuis Van den Bergh, eigenaar van de havezate Mathena in Zevenaar. In 1576 wordt zijn zoon Hercules de bezitter. In de loop der tijden zijn er tientallen eigenaren. Zo is aan het eind van de 17e eeuw de familie Von Hecking enige tijd eigenaar en in de 20e eeuw komt de vermaarde artsenfamilie Honig in het bezit van Mathena. Aan het eind van de 20e eeuw en het begin van de 21e eeuw is het Liemers Museum enkele decennia in het pand gevestigd.


 

 


Mathena (omstreeks 1960)

1521    Op zaterdag 28 september 1521 zet paus Leo X zijn handtekening onder de stichting van de Andreasparochie in Zevenaar. Daarmee is de Andreasparochie de enige parochie in Nederland, die ooit door een paus is gesticht. De eerste pastoor wordt Derck Rembolts uit Duiven.

1532    In Zevenaar wordt de Andreaskerk gebouwd. Aangezien deze kerk ondergeschikt is aan de kerk in Oud-Zevenaar wordt de toren niet hoog. De huidige toren (ongeveer 65 meter) van de Andreaskerk is gebouwd aan het eind van de 19e eeuw.

 

 

Deze afbeelding betreft een detail van een kaart van Jan Ruysch uit 1577. Rechts zien we de toren van de St. Andreaskerk en links die van Slot Sevenaer.

Ruim 20 jaar later in 1598 zal de St. Andreaskerk door troepen van Maurits worden leeggeroofd en in brand gestoken.

 

   

 

1540     De eerste pastoor van de Zevenaarse Andreaskerk, Derick Rembolts, wordt opgevolgd door Bernard Popkoma, zoon van een gegoede familie in Emmerik.

1550     De Zevenaarse buitenmolen, zoals we deze nu kennen (als torenmolen), is omstreeks 1550 gebouwd. Op dezelfde plek stond al in 1408 een standerdmolen, die is afgebroken om plaats te maken voor de huidige torenmolen.

 

De Buitenmolen in Zevenaar (1920)

Omstreeks 1970 wordt de molen in opdracht van de gemeente Zevenaar, die de molen enkele jaren eerder heeft gekocht van Korthaus, gerestaureerd. De molen is zeer bijzonder omdat deze behoort tot de oudste nog bestaande molens in Nederland en bovendien de grootste uitgerust met een houten as.

De Buitenmolen na de restauratie

1551    Het begin van de tweede helft van de zestiende eeuw: Het wordt voor de Liemers en ook voor Zevenaar de slechtste periode uit de geschiedenis. Het absolute dieptepunt wordt bereikt aan het eind van de eeuw door internationale spanningen en de Tachtigjarige Oorlog. Aan het eind van de 16e eeuw geeft het armenbestuur van de Sint Andreasparochie ongeveer honderd daalder per jaar aan de minst bedeelden. 

1555     Boerderij Steenhuizen in Zevenaar wordt voor het eerst vermeld. In de tweede helft van de 20e eeuw heeft deze boerderij, die in 1555 "zu Steinhausz" wordt genoemd, plaats moeten maken voor het theater "Bommersheuf".


 

 

1556    Op initiatief van Elisabeth van Huissen wordt in de Zevenaarse Grietsestraat het Huissens Gasthuis gesticht dat bestemd is voor de opvang van de allerarmsten. Het gasthuis zal ongeveer driehonderd jaar in gebruik blijven totdat het halverwege de 19e eeuw ernstig in verval raakt en wordt afgebroken.Vervolgens wordt op 1 november 1860 op dezelfde plaats een nieuw armenhuis geopend.

1557     De vermaarde cartograaf Christiaan sGrooten, geograaf van de Spaanse koning Philips II, brengt het gewest Gelderland in kaart.


Een detail uit de kaart van Christiaan sGrooten betreffende Die Lymers (De Liemers)

In de omgeving zien we o.a. Sevenaer (de hierbij getekende kerk is die van Oud-Zevenaar), Weesterfort (Westervoort), Groyssem (Groessen), Duven (Duiven), Baer, Lathum, Huessen (Huissen) en Malburch (Malburgen).

 

1558    Willem de Laer wordt pastoor van de Andreasparochie in Zevenaar. Hij blijft dit gedurende een periode van 43 jaar (tot 1601)  en wordt daarmee de langst zittende pastoor van de Andreasparochie.

1558    Een van de grootste geleerde uit de 16e eeuw Andreas Masius (1514 - 1573)  trouwt in 1558 met Elsa up ten Haizhovel uit Zevenaar. Naast zijn moedertaal beheerst Masius maar liefst tien talen en is bovendien een autoriteit op het gebied van rechtsgeleerdheid, geschiedenis en aardrijkskunde.
Na enige tijd bij hun (schoon)ouders in Zevenaar  te hebben ingewoond, koopt het echtpaar een boerderij in de "buerschap Oi" (buurtschap Ooy). Masius beschouwt de tijd, waarin hij in Zevenaar en Ooy woont als een zeer gelukkige waar een eind aankomt als hij ernstig ziek wordt en op dinsdag 7 april 1573 overlijdt. Hij wordt in de Andreaskerk in Zevenaar begraven. Doordat deze kerk in 1602 door een brand grotendeels verwoest wordt, is van zijn graf in onze tijd niets meer te vinden. Ongeveer vierhonderd jaar na zijn dood wordt in het stadshart van Zevenaar een plein naar deze grote geleerde genoemd.

1559     Uit een landkaart (1559) blijkt dat Zevenaar, Duiven, Groessen en Loo een enclave vormen, die staatkundig tot het hertogdom Kleve behoort.


 

 


Staatkundige indeling 1559


1567   
Het algemene oproer bekend geworden als Beeldenstorm gaat vrijwel volledig aan de Liemers voorbij.

1568    Begin van de Tachtigjarige Oorlog; de strijd tussen Spaanse en Staatse troepen brengt de bevolking in de Liemers regelmatig tot wanhoop.  

De staatkundige indeling van de Liemers en de omgevende gebieden in de 16e eeuw
Geel: Kleefs gebied  Groen: Gelders / Staats gebied   Licht Groen: Berghs gebied  Wit: zelfstandig gebied
Zevenaar is in deze tijd Kleefs gebied

1570     De periode 1570 tot 1600 is in de Liemers (en Achterhoek) een uiterst onrustige tijd. De bevolking is wanhopig door rondtrekkende plunderende troepen: De ene keer Staatse en de andere keer Spaanse troepen en daar tussendoor rondtrekkende muitende bendes. Verwoeste huizen en kerken, onbebouwde akkers, plundering, doodslag, zware maandelijkse oorlogscontributies en roof van hele veestapels zijn aan de orde van de dag. De kerken van onder meer Zevenaar, 's Heerenberg, Zeddam, Etten, Gendringen, Netterden, Elten, Oud-Zevenaar en Didam worden in die periode geplunderd en zwaar beschadigd. In Hoog-Keppel en Drempt staat geen enkel huis meer overeind.

Plundering van een dorp geschilderd door Pieter Molijn (Frans Halsmuseum, Haarlem)
Vooral tijdens de eerste helft van de Tachtigjarige Oorlog gaat de bevolking van het Gelders - Kleefs grensgebied regelmatig gebukt onder de wreedheden en plunderingen van Hollandse (Staatse) en Spaanse soldaten. 
 

1571    De allereerste vermelding van een chirurgijn in Zevenaar.

1572    Begin juli worden 19 katholieke priesters uit Gorcum ontvoerd naar Den Briel. Als ze daar niet bereid zijn het katholieke geloof af te zweren worden ze een voor een opgehangen. De herinnering aan dit gebeuren, dat bekend staat als een van de dieptepunten in de opstand tegen Spanje, blijft tot ver in de 20e eeuw bij veel katholieken, ook in de Liemers, levend.

Links: Martelaren van Gorcum worden in een schuur terechtgesteld (19e eeuws schilderij van Cesare Fracassini)

Rechts: Beeld van pater Claas Pieck in de bedevaartskerk in Brielle
  Claas Pieck is de eerste, die wordt opgehangen, na hem volgen nog 18 paters. 



De ontvoering van de 19 priesters vindt plaats door watergeuzen onder leiding van hun in 1571 door Willem van Oranje benoemde opperbevelhebber Lumey. Wanneer de priesters niet bereid zijn om het katholieke geloof af te zweren, worden ze in een schuur een voor een opgehangen. Na hun dood worden de 19 martelaren van Gorcum voor veel katholieken ook in de Liemers lichtende bakens in een periode van onderdrukking en duisternis. De herinnering aan het gebeuren in 1572 blijft tot ver in de 20e eeuw levend. Veel katholieken sluiten tot ver in de 20e eeuw hun dagelijks gebed af met: "heilige martelaren van Gorcum bidt voor ons".

 

 

1573    In Zevenaar overlijdt op 7 april na een langdurige ziekte op 57 jarige leeftijd Andreas Masius (of Maes), een der geleerdste mannen uit de XVIe eeuw. Naast zijn moedertaal, beheerste Masius tien talen en was hij een autoriteit op het gebied van onder meer de rechtsgeleerdheid, geschiedenis en aardrijkskunde. Ongeveer vierhonderd jaar later wordt in het stadshart van Zevenaar een plein naar deze grote geleerde genoemd.

 

1573    Reeds eind oktober begint in de Liemers een lange zeer strenge winter, waarin vrijwel alle wintervoorraden verloren gaan met grote tekorten en honger tot gevolg.

1574    In de 16e eeuw is de havezate Delenhoven, gelegen pal naast de Andreaskerk in Zevenaar, achtereenvolgens in het bezit van de families Van Delen, Van Cloeck en vererft het vervolgens op jonker Giesbert Smulling. 
In onze tegenwoordige tijd is van de oorspronkelijke havezate Delenhoven niets over omdat deze in 1886 is afgebroken. Wel is omstreeks het jaar 2000 op de plaats waar de havezate heeft gestaan het appartementencomplex Delenhoven gebouwd.   

1575    Omstreeks deze tijd wordt in Zevenaar het Huis de Doelen gebouwd. Het dient vermoedelijk als huisvesting voor de schutterij, een weerbaarheidkorps dat om te oefenen in wapengebruik over een schietbaan (de Doelen) beschikt. In 1650 zullen de schutters hun schietterrein verliezen en wordt de Doelentuin verkocht. In 1907 zal de Emmerikse inktfabrikant Heinrich von Gimborn, het pand kopen en weer vijftig jaar later wordt het in de naoorlogse vernieuwingsdrang met de grond gelijk gemaakt.

Huis de Doelen in Zevenaar in het begin van de 20e eeuw
Het markante torentje van dit huis zal in de 20e eeuw het kenmerk worden van inktfabriek de Gimborn.
Na de sloop van het huis in 1957 zullen alleen de straatnamen Doelenstraat en Nieuwe Doelenstraat nog herinneren aan het eens zo schitterende Huis de Doelen. Aan het begin van de 21e eeuw wordt de Doelenstraat bij de Markt gevoegd.

     

1585    De naam van vroedvrouw Naelken Takken, oudst bekende vroedvrouw in Zevenaar, wordt vermeld.

1588    In Zevenaar wordt aan de Kerkstraat een weeshuis geopend. De benodigde gelden zijn beschikbaar gesteld door Lambert upt Griet en zijn vrouw Wendel.

Ingemetselde gedenksteen in de gevel van het pand Kerkstraat 18, de plaats waar vele eeuwen het Zevenaarse weeshuis heeft gestaan. In het midden van de 20e eeuw is in het pand enige decennia de praktijk van huisarts W. van Meeuwen gevestigd.

Tekst gevelsteen: Quos repulit parentum orbitas hos recipit huius domus pietas (zij die verstoken zijn van ouderlijke zorg worden in dit huis liefdevol opgenomen). 
Frederik Goltze, weesmeester Anno Domino 1663

      


1589
    Prins Maurits schuift de neutraliteit van Zevenaar terzijde en legert zijn troepen op de burcht en in de stad Sevenaer.

1593   De eerste met naam bekende schoolmeester in Zevenaar-stad is Johannes Holtappel, die op Nieuwjaarsdag 1593 wordt aangesteld. Zijn jaarsalaris bedraagt 22 daalder en vier vaten bier.

1598    De Zevenaarse Andreaskerk wordt door troepen van prins Maurits leeggeroofd en in brand gestoken.

1602   
De Zevenaarse Andreaskerk wordt door brand opnieuw ernstig beschadigd. Pas in 1605 kunnen er weer erediensten worden gehouden.


 

Een beeld van Zevenaar met de Andreaskerk omstreeks 1640
Tekening van de uit Lisse afkomstige Abraham Rademaker

Op de voorgrond het riviertje de Aa, dat vanuit de Rijn bij Oud-Zevenaar stroomt naar de moerasachtige gebieden van 't Grieth ten noorden van Zevenaar. De huidige Oud-Zevenaarseweg ligt in de bedding van het vroegere riviertje de Aa. 

1605    De tijdens de aftocht van de Hollandse troepen in 1598 leeggeroofde en vervolgens in brand gestoken Andreaskerk is in zoverre hersteld, dat weer erediensten gehouden kunnen worden. De kerk wordt in 1605 opnieuw ingewijd.

1606    Naast het in 1467 gestichte Loogasthuis (helaas afgebroken omstreeeks 1960)  in de Zevenaarse St. Jansstraat, in de directe omgeving van de R.K. Andreaskerk, komt een "roomse" school ter vervanging van het schooltje dat zich tot dan  in het stadhuis bevindt.

1607    Willem Holtus is chirurgijn in Zevenaar. Hij overlijdt in 1629. Gedurende een periode van ruim honderd jaar tot 1727 wordt regelmatig een lid van de familie Holtus genoemd als chirurgijn in Zevenaar.

1608    Een ontstellend koude winter zorgt voor grote problemen. In januari en februari vriest het zo hard dat zelfs de oudste mensen zich niet kunnen herinneren dit ooit eerder te hebben meegemaakt.

1609   
Het Kleefse hertogelijke geslacht is uitgestorven. Het hertogdom Kleef komt door vererving in het bezit van de keurvorst van Brandenburg. De Kleefse gebieden in het ambt De Liemers (Zevenaar, Oud-Zevenaar, Wehl, Duiven, Groessen, Loo, Huissen) worden deel van Brandenburg (en later van het koninkrijk Pruissen).

"In Zevenaar is het bestuurscentrum van ambt De Liemers gevestigd, maar veel plaatselijke belangen zoals het hoeden van het vee op de gemeenschappelijke weidegronden wordt door de dorpen en buurtschappen zelf geregeld. Naburige plaatsen zoals Westervoort, Lathum, Angerlo en Pannerden zijn Gelders. Een belangrijk verschil tussen de Duitse en de Gelderse gebieden is dat er in de Duitse gebieden in tegenstelling tot de Gelderse gebieden wel vrijheid van godsdienst bestaat".
 


Zes generaties hertogen van Kleve met op de achtergrond het historische Kleve
v.l.n.r. Adolph IV (1417 - 1448), Johann I (1448 - 1481), Johann II (1482 - 1521), Johann III (1521 - 1539), Wilhelm (1539 - 1592) en Johann Wilhelm (1592 - 1609)

1610     Op vrijdag 22 januari wordt onze regio getroffen door een zware storm. Bij Rees breekt de dijk door.

1610    In Zevenaar vermaken een tweetal dames, de weduwe Romswinckel en de weduwe Volckmans, een huis aan de Markt om te gebruiken als raadhuis en school.

1611
     Zevenaarse protestanten proberen een samenkomst te beleggen, hetgeen door een deel van de bevolking wordt verhinderd. Aangezien in de Kleefse gebieden van de Liemers (o.a. Zevenaar) in tegenstelling tot de Gelderse gebieden (o.a. Westervoort) godsdienstvrijheid bestaat, wordt de katholieke burgemeester van Zevenaar, Gerhart van Leeuwen, ontslagen en komen de belangrijkste bestuurlijke functies in Zevenaar voorlopig in protestantse handen.   

1612     Omstreeks deze tijd is Wessel Kloeck, telg van een vanouds inheemse familie, richter. Na hem komen in het resterende deel van de 17e eeuw richters met Duitse namen: Bado van Huckelhaven, Heinrich Bercken en drie generaties Wunder (Hilger Wunder, Michael Henrich Wunder en Derck Christian Wunder).   

1613    In Zevenaar bevindt zich een leerlooierij bij de oprijlaan van het huis Enghuizen, vlakbij de Kerkstraat. Deze leerlooierij heeft daar meer dan tweehonderd jaar gestaan en gezorgd voor enorm veel (stank)overlast.

1614    Omstreeks deze tijd is Jan Schaep burgemeester van Zevenaar. Hij is tevens waard in "De Croon" aan de Didamsestraat en bierbrouwer.





















Zevenaar: Didamschestraat (1902) met geheel links "Hof van Berlijn", daarnaast achtereenvolgens "De Drie Koningen" en "De Kroon", waarvan burgemeester Jan Schaep aan het begin van de 17e eeuw de waard is.

1615     Omstreeks deze tijd ontstaat de Zevenaarse protestantse gemeente. Vergaderingen vinden plaats in een bijgebouw van "het kasteel". De drost van de Lymers, Alter Knyppinck, is een overtuigd protestant, die ambtshalve op het kasteel zetelt. Door een landelijke collecte lukt het de kleine gemeente een nieuw kerkgebouw te realiseren waaraan in 1658 begonnen wordt en dat in 1660 in gebruik wordt genomen. 

1617    In Zevenaar wordt voor het eerst een predikant / dominee beroepen. Het is Leonardus Artopeaus. Erg geliefd wordt hij niet omdat zijn preken voor velen niet te volgen zijn omdat hij erg veel Latijnse citaten gebruikt. Bovendien is zijn Duits veel te moeilijk omdat de meeste inwoners alleen het "plat-"Duits en het Liemers begrijpen. Dominee Artopeaus blijft dan ook maar kort in Zevenaar want in 1619 wordt hij opgevolgd door ds Schuurhovius, een voormalig monnik uit Keulen, die op zijn beurt in 1621 wordt opgevolgd door ds Heusius, uit Monschau. 

1618    De Dertigjarige Oorlog (1618 - 1648) brengt veel armoede. In Zevenaar kan het stadsbestuur niet meer aan de financiele verplichtingen voldoen en leent daarom honderd rijksdaalders bij burgers (Ott Hetterscheid, Jan Kerckwijk en Jan Bloemers), die daarvoor als onderpand het onroerend goed "De Doelen" verwerven.

1618    De eerste protestante dominee van Zevenaar, Leonardus Artopaeus preekt enkele malen in de kapel van Loo. Door predikant in Loo te worden hoopt hij de inkomsten van de kapel bij die van de inkomsten als dominee van Zevenaar en het Ambt Lymers te voegen. Hij kan zich echter niet in Loo handhaven omdat de hele Loose bevolking bij het oude vertrouwde geloof blijft.

 


                             Kapel in Loo (1765)
 

1619     In Zevenaar wordt de Smullinckstraat geplaveid. In het begin van de 19e eeuw vestigen zich in deze straat, die een lange historie kent, veel wevers waarna deze straat Weverstraat wordt genoemd. Aan het eind van de 20e eeuw vestigen zich in de Weverstaat veel (eet)cafes.

1624     In opdracht van het stadsbestuur wordt in Zevenaar een pesthuis gebouwd, dat gelegen is aan de huidige Schievestraat.

1630    Burgemeester, schepenen en raad van de stad Zevenaar verklaren tot hun grote schande dat ze niet in staat zijn Peter van Trier de achterstallige penningen te betalen, die hij nog tegoed heeft wegens het gieten van de kerkklokken. Met de financien van de stad is het zo slecht gesteld dat aan Van Trier ten einde raad een weiland in pand wordt gegeven.  

1631    In Zevenaar wordt de Pruisische keurvorst stijlvol ingehaald.  

1631    In Zevenaar wordt  in 1631 al een joodse begraafplaats vermeld. Het betreft een van de aller-oudste joodse begraafplaatsen in Nederland. In 1640 is in Zevenaar sprake van een "Jodenkerckhof buiten die Bleyse Poort".  

1633    Het Zevenaarse stadsbestuur drinkt op 22 september 1633 in de herberg van Gerrit Boom zes kannen wijn ter gelegenheid van het feit dat dominee Johannes Heusius zich "voorgoed" in Zevenaar vestigt. "Voorgoed" blijkt echter van korte duur want reeds enkele maanden later verlaat hij Zevenaar en vertrekt naar Orsoy. In 1636 overlijdt Johannes Heusius aan de pest.  

1634    Voor de eerste keer in de geschiedenis staat in Zevenaar een Joodse naam vermeld op de stadsrekening. Het gaat om de Jood Joseph, die beschermingsgeld (Schutzgeld) betaalt.

1636     Pestepidemie treft o.a. Zevenaar. "Godt de Heere besocht meer als die helfte der burgerie met die pest". Onder de vele dodelijke slachtoffers bevindt zich ook de uit Goch afkomstige dominee Matthias Verbusius.

 


 

Zevenaar en omgeving in 1646
Volgens Johannes Janssonius (Ducatus Gelriae pars prima quae est neoneomagensis)
Merk op dat het zuiden boven, het noorden onder, het oosten links en het westen rechts is getekend.
Babberich heet 'Halsaf' (naar het kasteel) en Oud-Zevenaar 'Oudekerck'; Didam heet 'Dyem'.

1637    Het in 1610  door een tweetal dames, de weduwe Romswinckel en de weduwe Volckmans, aan de gemeente Zevenaar geschonken huis wordt geschikt gemaakt om als raadhuis in gebruik te nemen. Wanneer de metselaars klaar zijn met de werkzaamheden wordt een meiboom geplant en meibier gedronken bij brouwer Claes (van Dietzhuesen, die zich enkele jaren eerder in Zevenaar heeft gevestigd en wiens nazaten er enkele eeuwen hun bedrijf blijven uitoefenen. Het oude raadhuis wordt verkocht aan Gerrit van Raay, die de koopsom in termijnen mag betalen.

1638    De stad Zevenaar en het ambt Liemers krijgen het als gevolg van de Paltse inkwartiering zwaar te verduren. Veel soldaten maken zich schuldig aan beroving en ook als gevolg van drankmisbruik wordt grote schade aangericht.

1639     Omstreeks deze tijd wordt op de Markt in Zevenaar een nieuw stadhuis in gebruik genomen. Wanneer enige tijd tevoren de metselaars hun werkzaamheden hebben afgerond, is een meiboom geplant en wordt meibier gedronken bij Claes von Dietszhuesen, die zich enkele jaren eerder in de Marktstraat als bierbrouwer heeft gevestigd.

1640    In Zevenaar nemen Joden voor het eerst een eigen begraafplaats in gebruik buiten de Bleckse (Arnhemse) Poort. Sedert het begin van de 17e eeuw zijn er joden in Zevenaar komen wonen. Ze zijn in die tijd vooral werkzaam als vleeshouwer en als hooihandelaar.

1648    Einde van de Tachtigjarige Oorlog: Vrede van Munster. De Republiek der Nederlanden wordt door Spanje als een zelfstandige staat erkend. Zevenaar en veel andere plaatsen in de Liemers zullen pas vanaf 1 juni 1816 definitief deel uitmaken van Nederland.
Vanwege de Vrede van Munster zijn er ook in Zevenaar in 1648 feestelijkheden.


Grens van de Republiek in 1648
Merk op dat het grootste deel van de Liemers (L) geen deel uitmaakt van de Republiek, maar behoort tot het Duitse Rijk. 


1650    De havezate Enghuizen komt in het bezit van de familie Von Hasenkampf. In de Tweede Wereldoorlog (23 maart 1945) wordt Enghuizen, gelegen aan de Kerkstraat in Zevenaar op enkele honderden meters van de Turmac, ernstig beschadigd. Helaas is de havezate omstreeks 1950 afgebroken.

 

Enghuizen wordt voor het eerst vermeld in 1467.
De hoektoren is een 19e-eeuwse toevoeging. In 1873 doet de toenmalige eigenaar, pastoor Pelgrom, het pand over aan zijn neef Von Motz. Totdat de havezate in de Tweede Wereldoorlog zwaar wordt beschadigd blijft Huize Enghuizen een parel voor Zevenaar.
Als kind herinner ik me het door het bombardement ernstig beschadigde pand nog goed. 

 

1651    Het huis "De Raaf" in de Didamsestraat wordt aangekocht door apotheker Pieter Bieben. In de tweede helft van de twintigste eeuw wordt dit pand, waarin Zevenaars eerste apotheek gevestigd is geweest, afgebroken en vervolgens opnieuw opgebouwd in Deventer (Menstraat 20)

    
Huis "De Raaf" in Zevenaar aan het begin van de 20e eeuw
Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt "De Raaf", aan de Didamsestraat in Zevenaar, gebruikt voor Kringbijeenkomsten van de N.S.B. Vandaar dat het huis na de oorlog in de volksmond wel het "Krengenhuus" wordt genoemd. In het midden van de 20 eeeuw staat dit ruim driehonderd jaar oude pand in Zevenaar, waar het historisch besef op dat moment gering is, op de nominatie om gesloopt te worden om plaats te maken voor nieuwbouw van een vestiging van de HEMA. |
In de Menstraat in Deventer, waar in de Tweede Wereldoorlog een pand volledig is verwoest, blijkt juist behoefte aan een historisch pand zoals Huis "De Raaf". Steen voor steen is Huis "De Raaf" in Zevenaar afgebroken en vervolgens in Deventer weer opgebouwd. In Deventer wordt dit huis in onze tijd Huis "Zevenaar" genoemd.

1651     De uit Groessen afkomstige Florentinus Ontijt wordt pastoor in Zevenaar. Als gevolg van de verwoestingen tijdens de Tachtigjarige Oorlog is de R.K. parochie zeer arm. Bij zijn aantreden vindt pastoor Ontijt de kerk er uitzien als een zwijnenstal. Tijdens de vreselijke pestepidemie, die Zevenaar in 1666 teistert, is Ontijt nog pastoor.  

1652     De Gelderse landmeter Nicolaas van Geelkercken brengt ondermeer de Lymers in kaart.

De omgeving van Seventer (Zevenaar),  Duven (Duiven), Des Heerenberg ('s Heerenberg), Dydam (Didam) en Doesburg zoals getekend door N. van Geelkercken.
Merk op dat het noorden onder en het westen rechts is. 
Aert (Aerdt), Herwen en Panderen (Pannerden) liggen in de Betuwe. 

 

1653    Henricus van Groeningen (1625 - 1697) is chirurgijn in Zevenaar. Ook zijn zoon Arndt en kleinzoon Henricus (chirurgijn van 1710 tot zijn dood in 1730) worden chirurgijn in Zevenaar.

1656     Omdat er in Zevenaar nog geen eigen Reformeerde kerk is (komt pas in 1660 gereed) wordt de Gereformeerde predikant Martinus Heupelius in de R.K. Sint Andreaskerk begraven. De reformatie in het Ambt Liemers voltrekt zich geleidelijk en in beperkte mate; enkele uitzonderingen daargelaten zijn er geen grote spanningen. 

1657     De Arnhemse schrijnwerker meester Henrick Widtfelt maakt een prachtige preekstoel voor de Zevenaarse St. Andreaskerk.  

 

Voor de schitterende preekstoel, die heden ten dage nog altijd de Andreaskerk siert, wordt 160 daalders betaald. De preekstoel wordt over de Rijn (nu Oude-Rijn) naar Oud-Zevenaar vervoerd, waarna deze per kar naar Zevenaar wordt gebracht.
De preekstoel telt acht panelen met o.a. de heiligen Petrus, Mattheus, Marcus, Maria, Lucas en Johannes.

1658    Grond voor de bouw van een gereformeerde kerk aan de Markt in Zevenaar komt beschikbaar door aankoop van twee panden van respectievelijk de familie Tieben en Van de Velde. De panden worden gesloopt en op de vrijkomende grond bouwt aannemer B. Verhoeven in ruim anderhalf jaar voor de aanneemsom van 9999 Caroli-gulden de gereformeerde kerk, die op 1 mei 1660 officieel in gebruik wordt genomen.   

1659     Kennelijk is de preekstoel in de R.K. Kerk in Zevenaar in de smaak gevallen, want in 1659 maakt de Arnhemse schrijnwerker meester Henrick Widtfelt (Wijtvelt) opnieuw een schitterende preekstoel, dit keer voor de nieuwe Reformeerde Kerk in Zevenaar voor een bedrag van 400 Hollandse guldens.

Preekstoel in de Reformeerde Kerk


Links het voorfront van de preekstoel in de Reformeerde Kerk (momenteel Ontmoetingskerk).
Er zijn veel overeenkomsten met de preekstoel in de katholieke Andreaskerk van Zevenaar (rechts). De panelen zijn echter verschillend; Calvinisten beschouwen de beeldencultus van katholieken als afgodendienst.

Op de voorzijde van de preekstoel in de protestante kerk (links) zien we een sierschild en aan de voorzijde van de preekstoel in de katholieke kerk (rechts) zien we Maria.

Preekstoel in de Andreaskerk
  


1660    De Hervormde kerk aan de Markt in Zevenaar wordt 1 mei in gebruik genomen. De eerste dominee is Joannes Petri a Sinderen (afkomstig uit de Achterhoekse buurtschap Sinderen). 

De Hervormde Kerk op de Zevenaarse Markt is in de loop der tijd vrijwel in de originele staat gebleven.

De naam van het gebouw is tot ver in de 19e eeuw "Reformeerde kerk". Door een scheiding binnen de Calvinisten wordt vanaf de 19e eeuw de aanduiding "Hervormde kerk" gebruikelijk. Vanaf 2001 draagt het kerkgebouw de naam "Ontmoetingskerk"

 

1662    In Zevenaar wordt de St. Jansschutterij opgericht.  Vermoedelijk betreft dit de heroprichting van een reeds veel eerder opgerichte schutterij. Bepaald wordt dat de schutters jaarlijks op 1 mei vergaderen. De eerste schutterskoning wordt op zaterdag 24 juni Friederich Goltz. Na 1748 wordt de vergaderdag verplaatst naar 2e Pinksterdag en wordt geschoten op kermis-maandag.

1666    Pestepidemie treft Zevenaar en omstreken (naar later zal blijken) voor de laatste keer.

Uit het kerkarchief: "De pest brak uit in het huis van Arent Hendriksen, smid in de Diemsestraat (Didamsestraat). Op de 1e October heeft pastoor Ontijt over de achterdeur het H. Oliesel toegediend aan de twee dochters Hendriksen, die beide weldra bezweken. Op 2 October des avonds heeft de pastoor over de achterdeur Arent Hendriksen en zijn echtgenote bediend, die beide op 15 October zijn gestorven. Arent Hendriksen had eerst nog zijn vrouw in de kist gelegd voor hij zelf stierf. Joost Jansen, bijgenaamd "Kraai", zadelmaker, die zelf ook in dit huis woonde, is 13 October in de Heer ontslapen, hij werd ook door de gesel van de pest getroffen. Joost Jansen en zijn echtgenote waren op 2 October bediend."

1668    De oudste vermelding van Huis Campwijck in Zevenaar dateert van 1668. Het is gelokaliseerd buiten de Griethsepoort en wordt bewoond door jonkheer Christiaan von Hertefelt en jonkvrouw Anna van Keppel met hun zes kinderen. Omstreeks 1675 verhuizen zij naar havezate De Magerhorst in Duiven. Huis Campwijck in de Zevenaarse Grietsestraat heeft in de oorspronkelijke vorm bestaan tot 1857 en heeft in de loop der tijd aan diverse adellijke families toebehoord.   

1669    In Zevenaar vestigt zich voor het eerst een medisch doctor (med. dr.). Het is Gisbertus Heckhuis, die maar kort in Zevenaar zijn praktijk uitoefent en in 1670 alweer vertrekt naar Zutphen.

1670    Tien jaar na de ingebruikname van de "reformeerde" kerk in Zevenaar is er eindelijk voldoende geld om een opdracht te plaatsen voor het gieten van twee kerkklokken. Ze worden gemaakt door klokkengieter Peter van Trier uit Huissen voor een totaal bedrag van 269 gulden en 10 stuivers, in drie termijnen te voldoen door de kerkenraad. Niet alleen uit Zevenaar geven mensen geld voor de nieuwe klokken, ook van elders komen giften zoals van de Amsterdamse handelaar in spiritualien, Pieter Bronckhorst.   

1671    De havezate Delenhoven, gelegen naast de Andreaskerk, komt door vererving in het bezit van de familie Van Leeuwen, schepenen (wethouders) van Zevenaar in meerdere generaties. Meer dan een eeuw blijven diverse generaties Van Leeuwen eigenaar totdat de havezate in 1796 in het bezit komt van pastoor Theben van de Andreaskerk.   

1672    Het Franse leger trekt bij Tolhuis in Lobith de Rijn over en bezet onze regio. De Franse bezetting van de Kleefse gebieden duurt ongeveer twee jaar. Het is een periode die, de toch al arme bevolking lang zal heugen. Men gaat gebukt onder de verplichte inkwartiering van soldaten, afpersingen, plunderingen en mislukte oogsten als gevolg van vertrapte akkers.

1673    In Zevenaar-stad overlijdt pastoor Ontijt (*Groessen). Hij is pastoor in Zevenaar geweest vanaf 1651 dus ook  tijdens de verschrikkelijke pestepidemie die Zevenaar in 1666 teistert. 

1673    De Hervormde diaconie in Zevenaar ontvangt een schenking van Frederik Wilhelm van der Hoeven, Ambtman in de Hetter, bestaande uit de "melatenhoff" waarop een vervallen melaatsenhuisje. Op deze plaats wordt ruim tweehonderd jaar later in 1878 de (huidige) Nederlands Hervormde begraafplaats aangelegd.   

1675    De tabaksteelt in de Liemers komt tot bloei.

1676    Op dinsdag 10 maart koopt de Kerkenraad van de Reformatorische Kerk in Zevenaar een pastorie aan de Cruisstraat (de latere Oude Doelenstraat en in de huidige tijd bij de Markt getrokken). Het dubbele pand ernaast wordt in 1696 de schoolmeesters- en kosterswoning. Achter de woningen loopt een straatje met daarin het cafeetje dat in latere jaren vermaard is geworden als "de biechtstoel" omdat het slechts plaats bood aan twee personen. 
Ds Ter Stall (1637 - 1696) is de eerste, die met zijn gezin de pastorie bewoont. De pastorie heeft meer dan tweehonderd jaar tot 1906 dienst gedaan. In dit jaar koopt de Kerkenraad een nieuwe pastorie aan de Stationsstraat in Zevenaar.
De oude pastorie en de naastgelegen panden zijn in het midden van de 20e eeuw bij de reconstructie van de markt helaas gesloopt.

Doelenstraat (gezien vanaf de R.K. pastorie richting Markt) daarnaast de "kerkenhuisjes" en verderop achtereenvolgens het fabrieksgebouw van Gimborn en Huis De Doelen. Bij de reconstructie van de Markt in het midden van de 20e eeuw zijn al deze panden gesloopt. De plaats waar ze hebben gestaan maakt nu deel uit van het kerkplein voor de R.K. Andreaskerk
In de kerkenhuisjes hebben in de 19e eeuw onder meer gewoond schoolmeester Willem Tussenbroek en koster Johann Spaarmann en in de 20e eeuw Joop Deinema en koster Bram Willemsen. 
Als klein kind ben ik vele malen hier langs gekomen te voet of met de step op weg naar de bewaarschool aan de Didamsestraat of naar mijn opa en oma in de Grietsestraat.

 

1677    Op vrijdag 10 december 1677 koopt Michael Henrich Wunder, richter te Zevenaar, de Ooyse hoeve "Toutenburg". In onze huidige tijd behoort de "Toutenburg" tot een van de oudste huizen aan de Slenterweg in Ooy.

 


     Toutenburg, eind 19e eeuw (afbeelding P. Fontein)  

1678    Bij een schietwedstrijd achter de kerk in Zevenaar wordt Claes Bodden uit Beek dodelijk getroffen. 

1679    In Zevenaar wordt op de hoek van de Doelenstraat (in onze tijd Markt) en de Romei een huisje gebouwd ten behoeve van Gerlichken Jansen, weduwe van Warner Hetterscheid. Het pand blijft vervolgens ruim honderd jaar familiebezit. In 1783 wordt het eigendom van de linnenwever Hendrik Rigter, die het pand in 1820 voor een bedrag van 315 gulden verkoopt aan de Joodse slager en koopman Salomon Cohen (1786 - 1875) uit Didam. Tot 1937 blijft het pand in het bezit van de familie Cohen. In 1938 begint Hendricus van Aalst er een handel in electro-technische artikelen. Na de Tweede Wereldoorlog is Van Aalst tevens korte tijd locoburgemeester van Zevenaar.

 


Doelenstraat in Zevenaar (1903) met geheel links het huis van slager Cohen
In onze huidige tijd is de Doelenstraat onderdeel van de Markt. De huizen aan de rechterzijde van de straat, waaronder Huis "De Doelen", zijn in de naoorlogse vernieuwingsdrang omstreeks 1960 afgebroken.  

1680    Omstreeks deze tijd zijn achtereenvolgens drie generaties Wunder (Hilger Wunder, Michael Henrich Wunder en Derck Christian Wunder) richter in ambt Liemers.   

1682    Ernstige wateroverlast in de Liemers en ook in Zevenaar-stad. Voor de Griethse poort ontstaat door de watermassa een gat.

Schipper Bernt Scholbrug krijgt van de stad Zevenaar de opdracht om met zijn aak rogge, zout, kaarsen, olie en tabak te brengen bij de getroffenen.

1684    De winter van 1683 - 1684 verloopt ontstellend koud. Zelfs oude mensen kunnen zich niet herinneren zo'n extreem koude winter ooit eerder meegemaakt te hebben. De koude valt ver voor Kerstmis 1683 in en duurt tot medio februari 1684. De rivieren vriezen volledig dicht en ijsdikten tot twee Rijnlandse voeten (63 cm) worden gemeten. De winter zorgt voor veel overlast.
 


Zevenaar en omgeving op een kaart uit de tweede helft van de 17e eeuw 

1685   Kasteel (casteel / burcht / slot) Sevenaer wordt gesloopt. In de loop der tijd heeft het kasteel zijn waarde als verdedigingsobject verloren en is het volledig afgetakeld. Bij de sloop van de burcht met zijn vier tot vijf meter dikke muren komt een enorme massa puin vrij. Uit archiefstukken en recent archeologisch onderzoek is gebleken, dat Kasteel Sevenaer heeft gestaan aan de westzijde van de oude stad in de omgeving van de huidige supermarkt Coop aan de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar. De contouren zijn heden ten dage terug te vinden op de parkeerplaats op het Masiusplein. 

1685    De Zevenaarse chirurgijn Jacob Lucassen overlijdt. Na hem zullen tot het eind van de 18e eeuw  nog drie generaties Lucassen als chirurgijn in Zevenaar werkzaam zijn.

1686    Voor de tweede keer vestigt zich in Zevenaar een universitair opgeleide medicus. Het is de uit Altena in Westfalen afkomstige dr. Johan Andries Hecking, die er tot 1693 zijn praktijk uitoefent. Tevens is hij in die periode schepen en landschrijver van de Lymers. In 1693 vertrekt dr. Hecking naar Zutphen, waar hij tot 1734 stadsgeneesheer en landschrijver is.

1688    Op maandag 5 juli klaagt de hervormde weduwe Boeseke dat Heemraad Becker haar zoon de vorige dag met geweld de hoed van het hoofd heeft getrokken nadat hij bij het voorbijtrekken van de R.K. processie zijn hoed niet had afgezet. 
Vanaf 1521 tot voorbij het midden van de 20e eeuw kent Zevenaar-stad twee jaarlijkse R.K. processies: De ene omstreeks Sacramentsdag (tien dagen na Pinksteren) en de andere op de eerste zondag na 29 juni (feestdag van de H. Petrus en de H. Paulus).

1689
    Zoals zo vaak tijdens oorlogen wordt ook tijdens de Negenjarige Oorlog (1688 - 1697), tussen Frankrijk en onder meer Pruisen, de lokale bevolking door de machthebbers geterroriseerd. Zo beveelt de Pruisische overheid in januari 1689 dat het Ambt Liemers, waartoe onder meer Zevenaar, Oud-Zevenaar, Loo, Groessen en Duiven behoren, grote hoeveelheden haver, rogge, stro en hooi moet leveren ver beneden de marktprijs. Of de bewoners het kunnen missen wordt niet gevraagd.

1689     De uit Kleef (Kleve) afkomstige Johan Lodewijcks wordt meester van de hervormde school in Zevenaar.  Hij blijft meester van deze school gedurende een periode van meer dan 40 jaar tot zijn dood in 1733 ondanks dat hij enkele malen wegens overmatig drankgebruik berispt wordt.


Hervormde kerk in Zevenaar met links het aangebouwde schooltje (Jan de Beijer, 1745)

1692    Christiaan Jaska (1661 - 1702) wordt chirurgijn in Zevenaar en blijft dit tot zijn dood in 1702.

1693    Gedurende een periode van bijna honderd jaar van 1693 tot 1785 heeft Zevenaar geen geneesheer. De dichtstbijzijnde plaats met een medicus is in die periode Elten.

Vanaf 1693 is Elten   vele decennia voor inwoners van Zevenaar de dichtstbijzijnde plaats met een arts.
Afbeelding van Jan de Beijer, 1743

 

 

1694    Enkele hervormde inwoners van Zevenaar beklagen zich over schoolmeester Johan Lodewijcks van de hervormde school omdat hij ook "roomse" kinderen toelaat: "dat onse schoolmeester alderhande paepse kindren en wel den uytschot in sijn school aennaam en met de onse vermengde'

1694    Willem Holtus wordt chirurgijn in Zevenaar. Hij blijft dit tot 1727.

1695    Op maandag 11 april 1695  koopt de gemeenteraad van Zevenaar een huis van Albert Luitman, gelegen aan de Markt naast het raadhuis. Het aangekochte pand wordt vervolgens geschikt gemaakt om te dienen als nieuw raadhuis, het derde in de geschiedenis van Zevenaar. Om de koop en verbouwing te kunnen betalen, wordt geld geleend bij de Gereformeerde Diaconie in Zevenaar.

1696   De Zevenaarse burgemeester Andries Hendrik Hecking en zijn echtgenote Elisabeth van Roorda kopen in 1696 havezate Mathena in Zevenaar. Halverwege de 20e eeuw lijkt het erop dat Mathena de permanente woning wordt van de burgemeester want in 1952 bestaan serieuze plannen om Mathena te bestemmen tot ambtswoning van de burgemeester maar Gedeputeerde Staten van Gelderland torpederen dit voornemen.
In onze huidige tijd is Mathena nog altijd een statig pand gelegen in de directe nabijheid van huis Rijck en het station van Zevenaar. De naam Mathena is een samenvoeging van Maet en Aa: een mate of weide bij het riviertje de Aa. Dit riviertje is in onze tijd (vrijwel) volledig verdwenen.
 


Mathena bij station Zevenaar zoals ik dit als kind dagelijks zag, op weg naar school

1697    De gemeente Zevenaar koopt twee brandspuiten voor 212 Kleefse Rijksdaalders. Nog maar enkele decennia eerder, in 1671, is de brandspuit uitgevonden door Jan van der Heyden.

1699    De Franse Hugenoot Alexander Bernardt (1666 - 1727) wordt chirurgijn in Zevenaar. Hij blijft dit ruim een kwart eeuw tot zijn dood in 1727, waarna zijn praktijk wordt voortgezet door zijn zoon Paulus Bernhardt (1704 - 1791), die tot 1736 als chirurgijn in Zevenaar werkzaam blijft. Vervolgens is hij enige tijd in Doesburg werkzaam en studeert hij verder. In maart 1752 wordt hij medisch doctor in Vollenhove. In de periode 1756 tot zijn dood in 1792 is hij tevens burgemeester van Vollenhove.

1700    In Zevenaar wordt het tegen de kerk staande "lazarushuisje" afgebroken. Lepra hoort als gevreesde ziekte in onze omgeving tot het verleden.

1701    De keurvorst van Brandenburg mag zich koning van Pruisen noemen, waardoor Zevenaar en het Ambt Liemers onderdeel worden van het Koninkrijk Pruisen, dat uitgroeit tot een machtige staat. Zevenaar ligt in een uithoek van deze staat met Berlijn als hoofdstad.

1702    Dysenterie-epidemie treft ondermeer Zevenaar. Vanwege de waterdunne diarree vermengd met bloed wordt de aandoening in de volksmond "rode loop" genoemd. Schoolmeester Johannes Haefkens bezwijkt in Zevenaar als eerste; na hem sterven een onbekend aantal mensen aan de gevreesde aandoening.

1704   De Zevenaarse Andreaskerk wordt door een zware storm ernstig beschadigd. De kerktoren gaat verloren en het kerkdak stort gedeeltelijk in. Na de wederopbouw wordt de kerk slechts voorzien van een klein klokkentorentje, dat zich midden op het dak bevindt. Voorts wordt het "Lazarushuusken", een onderkomen voor melaatsen, die door een opening in de muur de kerkdienst kunnen volgen, gesloopt.

1704    Op zondag 6 juli meldt de Zevenaarse burgemeester Becker kort na de processie op kermiszondag dat "de Roomschen met hare processies ongeoorloofde nieuwigheden" zijn begonnen. Blijkbaar veroorzaken de processies (religieuze optochten van katholieken) ergernis bij niet-katholieken. 
Vanaf 1521 tot voorbij het midden van de 20e eeuw kent Zevenaar-stad twee jaarlijkse processies: De ene omstreeks Sacramentsdag (tien dagen na Pinksteren) en de andere op de eerste zondag na 29 juni (feestdag van de H. Petrus en de H. Paulus).

1705     In Zevenaar wordt een Latijnse school gesticht.

1706    In opdracht van de Koning van Pruisen wordt ook in Zevenaar de verplichte brandverzekering ingevoerd.

1706    Henriott, secretaris van de heerlijkheid Wehl, koopt de juist buiten de Grietse poort in Zevenaar gelegen havezate  Campwijck. Henriott en zijn nakomelingen blijven eigenaar tot Campwijck in 1849 wordt gekocht door de Zevenaarse burgemeester Jonkheer C. E. J. F. van Nispen tot Pannerden.

1709    Zeer strenge winter vanaf Driekoningen (6 januari); veel vee doodgevroren.

1710    Henricus van Groeningen wordt chirurgijn in Zevenaar. Hij blijft dit tot zijn dood in 1730. Ook zijn grootvader Henricus en vader Arndt waren als chirurgijn in Zevenaar werkzaam zodat van ca 1650 tot 1730 achtereenvolgens Henricus sr., Arndt en Henricus jr. als chirurgijn in Zevenaar hebben gepraktiseerd.

1711    Henricus Werningh, sedert 1703 dominee in Zevenaar, maakt eind augustus 1711 een eind aan zijn leven. 
Het gedrag van ds. Werningh heeft gedurende zijn gehele ambtsperiode in Zevenaar tot grote problemen geleid. Soms maakte hij het ook wel heel bont door de gemeente voor een stelletje deugnieten, schelmen en moordenaars uit te maken en voortdurend waren er klachten over zijn gewelddadig gedrag en taalgebruik (vloeken). Ook verweet men hem onder meer dat hij zieken niet opzocht en de jeugd niet catechiseerde. Na lang aarzelen wordt dominee Werningh tenslotte op 25 augustus op non-actief gesteld. Enkele dagen later pleegt hij zelfdoding.

1714    Veepest veroorzaakt in de Liemers de dood van veel runderen en grote armoede onder de bevolking.


1717    In Zevenaar worden Marcus Simons en Herman Engelen beboet met anderhalve goudgulden omdat zij op straat hebben gerookt. Willem Luurman heeft met een brandende tabakspijp op de Markt "gedampt" en moet een boete betalen van een daalder en tien stuivers.

1718    Op maandag 14 februari 1718 wordt Theodorus (Derk) Pol(l)man geboren te Stokkum en op dezelfde dag gedoopt (R.K.) in Zeddam. Hij wordt van beroep "cultivator" (landbouwer) en trouwt op 29 jarige leeftijd op woensdag 6 december 1747 in de parochiekerk van Oud-Zevenaar met Joanna Raben (Rabitz), 21 jaar oud, geboren op 22 januari 1726 te Didam. Zij gaan wonen op de hoeve "De Sweeckhorst" (Zweekhorstweg 3) in Zevenaar. In die tijd valt de buurtschap "De Sweeckhorst" (Zweekhorst), gelegen tussen Zevenaar en Angerlo onder de parochie Oud-Zevenaar. Derk Polman (1718-1794) en Joanna Raben (1726-1795) zijn voorouders in directe lijn (8 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.  


1719    Op 20 februari beroept de Zevenaarse kerkenraad na "een ijverig gebedt tot Godt" de uit het Betuwse Ressen afkomstige predikant Gijsbert in de Betauw (1692 - 1761). Kort na zijn aanstelling klaagt de nieuwe dominee over de onvrijheid als gevolg van gaten in de muur van de pastorietuin. De kerkenraad laat deze "kiekgaten" vervolgens dichten maar blijkbaar heeft de dominee het in Zevenaar niet naar zijn zin want in het voorjaar van 1721 vertrekt Gijsbert in de Betauw al weer om predikant te worden in 's Heerenberg.

1719   
Op dinsdag 17 oktober overlijdt de Zevenaarse doodgraver Engel van Haren op een leeftijd van honderd jaar. Van de Lijmers wordt vaak beweerd, dat veel mensen een hoge leeftijd bereiken, omdat de lucht er gezond is.

 

1720    Dat er in deze tijd in Zevenaar aandacht is voor brandpreventie blijkt uit het feit dat Margrieth Kraijvanger in 1720 een boete krijgt omdat ze de schoorsteen van haar huis niet heeft laten vegen.

 

1726    Reijnier Boom (22 jaar) uit Zevenaar legt voor het Amsterdamse chirurgijngilde de meesterproef af. In de 18e eeuw zijn medicinae doctores en chirurgijns de belangrijkste medische beroepsbeoefenaren. Medicinae doctores zijn vooral theoretisch geschoold en chirurgijns, zoals Reijnier Boom, zijn meer praktisch opgeleid.

 


Drie bestuursleden van het Amsterdamse chirurgijngilde 
(1731, Cornelis Troost)

1727    Grote brand in Zevenaar; tientallen huizen worden in maart 1727 verwoest, een persoon komt in de vlammen om; 115 mensen worden dakloos. Een groot deel van de Schoolstraat en de noordkant van de Didamseweg tussen Schoolstraat en Didamsepoort valt ten prooi aan de vlammen .

1727    De 23-jarige Pauwel Bernardt zet de chirurgijnpraktijk in Zevenaar van zijn overleden vader voort. Hij doet dit tot 1736. In latere jaren studeert hij verder en vestigt zich als doctor en chirurgijn in Doesburg.

1729
    Een pokkenepidemie maakt in Duiven vele tientallen dodelijke slachtoffers.

1733    In  het juist buiten de Grietse poort gelegen "Huis Campwijck" in Zevenaar wordt Johannes Theodorus Theben geboren. Hij wordt priester en R.K. pastoor in Zevenaar. Op donderdag 1 februari 1770 verdrinkt hij echter op uiterst dramatische wijze nadat hij hulp heeft geboden aan enkele Didamse boeren, die op de Eltense heide door wassend water zijn overvallen. Als pastoor van Zevenaar wordt Theodorus Theben opgevolgd door zijn elf jaar jongere broer Willem Philippus Theben.

1734    Dat er in Zevenaar aandacht is voor brandpreventie blijkt uit het feit dat de dienstmaagd van Nicolaas Vermeer in 1734 een boete krijgt omdat ze 's nachts een aslade met nog brandende kooltjes op straat heeft geleegd.

 

1735     De familie Heynen koopt in 1735 huize Rijck in Zevenaar. De in onze huidige tijd nog altijd bestaande havezate aan het begin van de Kerkstraat is oorspronkelijk een van de drie huizen (naast Mathena en en Zwanepol) van de "voorstad" van het stedeke Zevenaar. 
Omstreeks 1625 is havezate Rijck in het bezit van de familie Smulling en in 1650 van de familie Van Heerdt (van Camphuysen). In 1782 koopt de koopman Frowein huize Rijck, daarna in 1862 de familie Buschhammer en in 1896 notaris Hazewinkel. In de tweede helft van de 20e eeuw komt het pand in het bezit van de naastgelegen Turmac sigarettenfabriek.


Begin van de Kerkstraat (1900) in Zevenaar,
 op de voorgrond rechts huize Rijck 

1737    Graaf Otto Bijlant - Palsterkamp koopt Huis Sevenaer.
            In Zevenaar vestigt zich chirurgijn Hendrik Kreeft, die zijn praktijk meer dan veertig jaar zal uitoefenen. 

1737   De 19-jarige Hendrik Kreeft (1718 - 1786) vestigt zich als chirurgijn in zijn geboorteplaats Zevenaar. Hij blijft daar ongeveer een halve eeuw werkzaam tot zijn dood in 1786. Gedurende grote perioden van de 18e eeuw zijn er in Zevenaar tenminste vier chirurgijns werkzaam wat voor het stadje te veel is waardoor de onderlinge concurrentie groot is.

1738
    Naast het Loogasthuis in de St. Jansstraat in Zevenaar komt op de grondvesten van de voormalige havezate "Deelenhoven" een R.K. schooltje.

Op bovenstaande afbeelding uit het begin van de 20e eeuw zien we vanuit de voormalige stadslooierij de Zevenaarse St. Andreaskerk, die in 1870 is vergroot en in 1884 van een toren is voorzien. Naast de kerk bevindt zich het uit 1467 daterende Loo-gasthuis met rechts daarvan een gebouw dat van 1738 tot 1861 dienst doet als R.K. lagere school en daarna als R.K. catechiseerlokaal.


1738    Op zondag 7 december beklaagt de Zevenaarse dominee Ter Beek (1696 - 1762) zich bij de kerkenraad over het gedrag van "onbandige jongens en kinderen" tijdens de kerkdienst.

1740     In Zevenaar wordt een posthouder aangesteld. Het is Jacobus Pleunissen, geboren op 23 maart 1700 in Zevenaar. Hij is naast posthouder ook kerkmeester en koopman. Als posthouder wordt Jacobus opgevolgd door zijn zoon Nicolaas Joseph Pleunissen. 

1740  De winter van 1740 is zeer koud. Na een relatief zachte december 1739 wordt januari 1740 extreem koud. In de periode van zaterdag 9 tot en met dinsdag 12 januari wordt het zelfs overdag in Zevenaar niet warmer dan 10 graden onder nul. De barre winter wordt gevolgd door een extreem koud voorjaar. Door armoede hebben veel huizen nauwelijks of geen verwarming. Op zaterdag 7 mei sneeuwt het nog. Ook de zomer verloopt zeer koud waardoor de oogsten volledig mislukken. Het duurt jaren voordat men het rampzalige jaar 1740 te boven is.


Zevenaar (Jan de Beijer, 1745)

 

 

1740  Antoon Nierman vestigt zich als chirurgijn in Zevenaar, waar hij tot 1779 werkzaam blijft. Gedurende een reeks van jaren woont hij in het op de hoek van de Didamschestraat en Marktstraat gelegen pand Batavia.


Hoek Didamschestraat-Marktstraat (ca. 1925) 150 jaar nadat Antoon Nierman hier heeft gewoond

 

 

1740   Frederik II volgt zijn vader Frederik I op als koning van Pruisen, waartoe ook Zevenaar in deze tijd behoort. Frederik II, die ook Frederik de Grote wordt genoemd, blijft heerser van Pruisen tot zijn dood in 1786. Een belangrijke verdienste van hem is dat hij een zeer belangrijke rol speelt bij de invoering van de aardappel als volksvoedsel. Op 24 maart 1756 vaardigt hij het befaamde "Kartoffelbefehl" uit, waarin hij beveelt dat al zijn onderdanen met de aardappel bekend dienen te worden en deze op iedere beschikbare plek moet worden verbouwd.     


 Frederik II (1712 - 1786) 

1741    Een in economisch opzicht voor de Liemers belangrijke verandering betreft de wijziging van de postroute Arnhem - Keulen. De postwagens rijden niet meer via Doesburg, Doetinchem, Anholt en Wezel naar Keulen, maar worden vanaf 1741 geleid via Zevenaar, Elten en Kleve naar Keulen.  


Zevenaar vanuit het noordwesten gezien met op de voorgrond de Lymerse Postweg (van Arnhem naar Keulen) alsmede de Blekse- of Arnhemsepoort.
Jan de Beijer:  "Het Steedje Zevenaar in 't land van Cleef op 15 Junij 1745"
In Zevenaar stijgen de inkomsten als gevolg van de nieuwe postweg door de inning van tolgelden met tientallen daalders per jaar. Deze tolgelden moeten worden betaald ter hoogte van de Blekse Poort (Arnhemse Poort) in Zevenaar.

1741    Jan Schaep vestigt zich als chirurgijn in Zevenaar. Hij blijft dit 25 jaar tot 1766. Voor het behandelen van arme mensen ontvangt hij van het gemeentebestuur vanaf 1754 zes daalders per jaar. Jan Schaep kan daardoor wel gezien worden als de eerste stadschirurgijn van Zevenaar.

1742
    Op 14 december komt een dievenbende over de bevroren stadsgracht Zevenaar binnen. Bij Derk Offerman wordt ingebroken, waarbij veel goederen worden geroofd.

1743    Bartrudis Evers wordt op 6 juni wegens kindermoord op de markt in Zevenaar onthoofd. Zij heeft in de gevangenis, waar met toestemming van de rechter (Fredericus Hecking) priesters van de Sint Andreaskerk haar vrij mogen bezoeken, veel berouw getoond. De Zevenaarse pastoor Van der Veecken verleent de vrouw bij de terechtstelling geestelijke bijstand en zorgt voor een eervolle begrafenis. Zij wordt begraven op een niet gewijde begraafplaats gelegen aan de Schievestraat achter de Touwslagersbaan.

1744  Kerkmeester Peter Heijnen bouwt in de Stegeslag in Zevenaar hoeve "Boterhek", ook wel genoemd "Rosorum".
In 1769 wordt de familie Voss de nieuwe eigenaar, in 1818 de familie Van Onna, in 1919 de familie Goris en in 1938 wordt de familie Sweers de laatste eigenaar. In 1971 wordt de boerderij afgebroken. De nieuwe openbare begraafplaats, die daar wordt aangelegd krijgt de naam Rosorum.

 

1745    Eeuwenlang heeft Huis Sevenaer het gezicht van Zevenaar bepaald. 

 

 

 

 

Huis Sevenaer in 1745
Pentekening van Paul van Liender / Jan de Beijer  

In de 19e eeuw stort de toren in, die bij een verbouwing in die eeuw niet wordt hersteld.

 

 


1745    De Elberfeldse koopmanszoon Rutger von Carnap koopt, zwaar met hypotheek belast, de havezate Enghuizen. Enkele decennia later, in 1768 is pastoor Pelgrom de volgende eigenaar. Enghuizen, gelegen tussen de havezaten Rijck en Delenhoven aan de Zevenaarse Kerkstraat is vele eeuwen een parel voor Zevenaar. In 1945 wordt Enghuizen door oorlogshandelingen ernstig beschadigd en vervolgens afgebroken.


                                           Voorzijde Enghuizen (1922)

1747    Een nieuwe golf van veepest veroorzaakt bittere armoede. Op grote schaal sterft vee "als vis op het droge".

1753    Op 19 december vindt een dijkdoorbraak plaats bij de buurtschap Leuven / Leuffen (buurtschap tussen Oud-Zevenaar en Groessen). Een zeer omvangrijk gebied tot Steenderen komt onder water.


Doorbreken van de Rhijndijk in 1753
Meer dan drie maanden lang, tot eind maart 1754, blijft het water door de Leuvense doorbraak naar binnen stromen.
Tot in oktober 1754 werkt men dagelijks met honderd karren aan het herstel van de dijk.

1756    Op woensdag 24 maart vaardigt Frederik de Grote (1712 - 1786), koning van Pruisen, waartoe ook Zevenaar behoort,  het befaamde "Kartoffelbefehl" uit waarmee hij de in deze tijd nog weinig populaire aardappel als volksvoedsel tracht in te voeren. Zaadgoed wordt gratis verdeeld en veldwachters zien er op toe dat met het verbouwen van aardappelen wordt begonnen want de aardappel heeft (voor een deel terecht) de naam giftig te zijn waardoor veel boeren aanvankelijk tegenstribbelen. Tot in de huidige tijd liggen op het graf van Frederik de Grote enige aardappelen.     


Graf Frederik de Grote bij slot Sanssouci met aardappelen
door Frederik de Grote werd de aardappel volksvoedsel

 

1756    Op zaterdag 11 december 1756 begint het streng te vriezen en de intense koude duurt onafgebroken tot maandag 7 februari 1757. De langdurige en intense koude is ook voor de  inwoners van Zevenaar een enorme beproeving.

1756    Het begin van de Zevenjarige Oorlog tussen Pruissen (waartoe dan ondermeer Zevenaar, Duiven, Lobith, Herwen, Huissen en Wehl behoren) enerzijds en Rusland en Oostenrijk anderzijds. Jonge mannen uit de Liemerse enclaves vluchten de grens over naar de Republiek, om zich te onttrekken aan de Pruisische dienstplicht. Anderen moeten werken aan de Vesting Wesel.

1757    Dysenterie (rode loop) - epidemie treft onder meer Zevenaar
Kanttekening: Dysenterie is een in de 18e eeuw veel voorkomende aandoening. Het betreft een door bacterien veroorzaakte ernstige buikloop, waarbij de frequentie van de ontlasting kan oplopen tot 100 maal per dag. Bij ongeveer 30% van de patienten verloopt de aandoening dodelijk. Bij de meeste vormen van dysenterie is de bloedafgang zo opvallend, dat men spreekt van rode loop. De ziekte is ook wel persloop genoemd.  

1757    Op 30 januari ziet men op het Gelders Eiland de eerste tekenen van ijsgang. Het opgestuwde water stijgt daardoor zo hoog dat het nog dezelfde dag twee voet over de dijk loopt en de dijk ter hoogte van de Pannerdenschen Waerd breekt. Ruim een week later op 9 februari breekt de Herwense dijk op vijf plaatsen tegelijk, door het opnieuw kruiende ijs en ook bij Pannerden volgen nieuwe doorbraken. Ook de dijk bij Leuven, tussen Oud-Zevenaar en Groessen breekt in deze rampzalige maand.

Door vele dijkdoorbraken als gevolg van waterstuwing door het kruiende ijs staat in februari 1757 de Liemers grotendeels onder water. Velen vertoeven dagenlang op zolders of daken van hun huis. Ook gaan veel huizen door de watermassa verloren.

 

1758     Dysenterie slaat opnieuw toe in de Liemers; ondermeer Lobith (35 doden), Duiven (12 doden) en Zevenaar (10 doden) worden getroffen door deze besmettelijke ziekte, die vooral in de 18e eeuw een echte volksplaag is.  

1758    Tijdens de Zevenjarige Oorlog (1756 - 1763) bezetten Franse troepen in 1758 het Kleefse land, waartoe onder meer behoren Duiven, Groessen, Loo, Zevenaar, Huissen, Malburgen, Lobith en Wehl. De bevolking heeft het zwaar te verduren en leeft op de rand van de hongersnood. Toch eisen de bezetters bij voortduring brood, graan, meel stro, hooi, brandhout en inkwartiering. Ook worden bewoners gesommeerd voor de bezetters te werken. Boeren en landarbeiders worden opstandig en velen vluchten voor het oorlogsgeweld naar de republiek.

De Kleefse enclaves. (Uit: Graswinckel, De rechterlijke archieven der voormalige Kleefsche enklaves, 1543 - 1816, 's-Gravenhage, 1927)

 

1762    In het Betuwse stadje Buren wordt in 1762 geboren Ottho Gerhard Heldring. Tot vreugde van vooral zijn moeder wordt hij predikant en nadat hij met lof voor het kerkelijk examen slaagt, wordt hij in 1788 predikant in Zevenaar. Hij blijft dit gedurende meer dan een halve eeuw tot zijn dood op zondag 23 mei 1841. Ds. Heldring is in Zevenaar erg geliefd. Zowel in 1813 als in 1838 wanneer hij respectievelijk 25 jaar en 50 jaar in Zevenaar predikant is, wordt hem een "aanzienlijk geschenk in zilver" aangeboden. Ook wordt erop gewezen dat de predikant "geen ongenoegen of twist" met iemand in de gemeente heeft gehad.
Ottho Gerhard Heldring (1762 -1841) is de vader van Otto Heldring  (1804 - 1876), de latere stichter van de Heldringhuizen in Zetten en Hoenderloo, die grote landelijke bekendheid verkrijgt als filantroop, schrijver en drankbestrijder ("de jenever erger dan de cholera").

1763    De stad Arnhem slaat bij Westervoort een schipbrug over de IJssel, waarna de weg Babberich - Zevenaar - Westervoort relatief belangrijk wordt.

   

De schipbrug over de IJssel bij Westervoort

1763    De Zevenjarige Oorlog eindigt met de Vrede van Parijs. Pruisen is door de oorlog uitgeput; ontstellende armoede is het gevolg. Bovendien heeft een half miljoen soldaten en burgers, ongeveer 10% van de bevolking, het leven verloren, desondanks is de machtspositie van Pruisen in Europa voor lange tijd verzekerd, maar daar heeft de gewone man in de Pruisische enclaves in de Liemers (Zevenaar, Duiven, Wehl, Huissen, Lobith, Herwen en Aerdt) weinig aan. 

1764     Eerste vermelding van kinkhoest (pertussis) in Zevenaar, een aandoening gepaard gaande met kramphoest, die vooral bij zuigelingen levensbedreigend kan zijn. Andere jaren waarin kinkhoest in Zevenaar slachtoffers maakt zijn 1801, 1804, 1805, 1881, 1887, 1890 en 1895. 

1765    In de Zevenaarse Doelenstraat schuin tegenover huis "De Doelen" vestigt zich David Neustadt uit Emmerich. Hij begint daar een hoedenmakerij, die aan het begin van de 19e eeuw wordt overgenomen door zijn zoon Gradus Nieuwstad. Vanaf 1810 vermindert de klandizie en in 1827 verliest Zevenaar zijn "hoedenfabriek".   


Huis "De Doelen" in Zevenaar in 1949, als kind vele malen de trappetjes op- en afgegaan, voordat het in de jaren vijftig van de 20e eeuw helaas met de grond gelijk is gemaakt.
.         

1766    Theodorus (Derk) Polman (Pollman) en zijn vrouw Joanna Polman-Raben (Rabitz), voorouders in rechte lijn van Sam, Simon en Sjef van Keulen (8 generaties) pachten hoeve "De Sweeckhorst" in Zevenaar, waar ze tot hun dood in respectievelijk 1794 en 1795 blijven wonen. In 1794 neemt hun zoon Matthias de pacht over.  

 

1767    Omstreeks deze tijd tekent de befaamde Nederlandse schilder en tekenaar Dirk Verrijck (1734 -1786) het stadje Zevenaar.

                                           

1768    De familie Pelgrom koopt van Rutger von Carnap, afkomstig uit Elberfeld, het kasteel Enghuizen in Zevenaar
Het kasteel Enghuizen dat oorspronkelijk eigendom is geweest van het geslacht Von Loe gaat in het midden van de 17e eeuw over op de familie Von Hasenkampf, die het in 1745 verkoopt aan Rutger von Carnap.
Enghuizen wordt in 1945 door oorlogshandelingen zeer zwaar beschadigd. Helaas wordt wat dan nog van het kasteel over is omstreeks 1950 afgebroken.   


                  Kasteel Enghuizen

 

1769    Het honderd jaar oude uurwerk op de R.K. kerk aan de Zevenaarse Markt wordt volledig gerenoveerd. De cijfers op het wijzerblad waren onleesbaar geworden omdat het hout verrot was.  


1770    Op donderdag 1 februari wordt de Zevenaarse pastoor J. Th. Theben slachtoffer van het water. Terugkomend te paard vanuit Emmerich helpt hij op de Eltense hei twee Didamse boeren, die de weg zoeken. Daarna neemt pastoor Theben de kortste weg naar huis, waarbij hij in de duisternis in de Zwarte Waai bij kasteel Halsaf in Babberich op jammerlijke wijze verdrinkt. Als pastoor wordt hij opgevolgd door zijn elf jaar jongere broer Willem Philippus Theben.  

1770    Geheel onverwacht breekt in de nacht van 1 op 2 december om 1.00 uur de dijk bij de Oliemolen onder Oud-Zevenaar door. Wanneer het licht wordt is alles een zee van water. Veel huizen zijn ingestort of zelfs verdwenen. Uit Zevenaar wordt gemeld, dat het gekerm op de daken onbeschrijflijk is. Reeds op 3 december wordt in Zevenaar een collecte voor de slachtoffers gehouden, die ruim 21 rijksdaalders opbrengt. In de stad Zevenaar zijn zowel de Griethse als de Blekse poort door het water ondermijnd. Bij de Diemse poort is een gat ontstaan, dat met meer dan veertig wagenladingen zand moet worden gedicht.    


Voor het Gelders Eiland en de Liemers is 1770 een echt rampjaar.
Op 3 december, een dag na de dijkbreuk in Oud-Zevenaar, breekt de dijk bij Loo waardoor het halve dorp verwoest wordt.
Het menselijke verdriet en de economische schade zijn onvoorstelbaar.

1771    In Zevenaar begint Cornelis Lieven een knopenfabriek. Het maken van knopen wordt echter geen succes maar gelukkig is hij ook nog winkelier, barbier en logementhouder.

1778    In Zevenaar wordt geboren Johann Dietrich Moritz Boetticher (1778 - 1836), de latere lijfarts van tsaar Alexander I in Sint Petersburg.

1778    Bij een buurtbrand op 't Grieth in Zevenaar branden zes woningen af.

1779    Wederom maakt dysenterie (rode loop) veel dodelijke slachtoffers in de Liemers. Vooral de Zevenaarse buurtschap 't Grieth wordt zwaar getroffen met enkele tientallen doden. In Zevenaar-stad en Oud-Zevenaar overlijden in de periode september tot november ongeveer veertig mensen.

1780   Hendrik Kreeft (1718 - 1786), sedert 1737 chirurgijn in zijn geboorteplaats Zevenaar, koopt in 1780 het Ott Jacobshuis (hoekpand Kerkstraat - Sint Jansstraat (in onze huidige tijd Kerkstraat - Markt) waar hij zijn praktijk als stadschirurgijn voortzet tot hij in 1786 als gevolg van een gezwel in de hals overlijdt. Daarna wordt het de woning van schoolmeester Jan Hendrik Noldus, die inmiddels met de weduwe Kreeft is getrouwd.

1781    Cobus Peters wordt in Zevenaar beboet met 30 stuivers wegens te hard galopperen, omdat het in verband met de veiligheid verboden is paarden door de stad te jagen.

1782    In de late avond en nacht van maandag 1 april (2e Paasdag) heerst grote consternatie in Zevenaar. Een groot aantal woedende en met geweren en bijlen bewapende inwoners van Elten bevrijdt hun dorpsgenoot, Jan Boekhorst, uit de gevangeniscel in het Zevenaarse raadhuis. De bewakers in Zevenaar zijn na afloop opgelucht dat ze het er nog levend van af gebracht hebben.

1782    Op zaterdag 3 augustus 1782 schrijft de Zevenaarse richter Rappard een brief aan de regering in Kleef, waarin hij de erbarmelijke toestand waarin het raadhuis van Zevenaar zich bevindt, beschrijft. Het gebouw is bouwvallig. Deuren kunnen niet meer worden afgesloten waardoor ambtelijke papieren niet veilig kunnen worden bewaard. De gerichtskamer is "beinahe von allen Seiten offen" waardoor het vooral in de winter een ontbering is om er zitting te houden. Eventuele gevangenen kunnen bovendien gemakkelijk ontvluchten. Naar aanleiding van dit schrijven vinden enige provisorische aanpassingen plaats.

1783    Een zoveelste dysenterie-epidemie maakt ook in de Liemers weer veel slachtoffers. Het jaar 1783 gaat de geschiedenis in als een rampjaar voor Zevenaar en omgeving. Alleen in augustus en september overlijden er in Zevenaar ongeveer vijftig mensen aan deze vreselijke aandoening. In totaal bedraagt het aantal dodelijke slachtoffers in Zevenaar ongeveer 85. In Zevenaar geschiedt de behandeling van de ziekte door drie plaatselijke chirurgijns; een med. dr. ontbreekt. Een van de drie chirurgijns, Warnerus Schmidts, grijpt de ellende zo aan dat hij krankzinnig wordt. Zijn opvolger Hendrik Kreeft raakt binnen enige weken zo aan de drank, dat hij niet meer in staat is zijn werk te verrichten. Ook in de omgeving van Zevenaar zijn in het najaar van 1783 veel slachtoffers van dysenterie te betreuren; zo zijn er in de parochie Duiven 23, in Westervoort 20,  in  Pannerden 15 en in Groessen 5 dodelijke slachtoffers.

1784    Nadat door dijkdoorbraken begin maart 1784 grote delen van de Liemers onder water zijn komen te staan, woedt tot overmaat van ramp op woensdag 10 maart 1784 een hevige orkaan uit het zuidwesten, die ook in Zevenaar grote vernielingen aanricht.

1785    Koopman en winkelier Jan Hendrik Noldus (1764 - 1836) uit Emmerich wordt op voordracht van pastoor Theben schoolmeester aan de R.K. school in Zevenaar. Omstreeks 1805 wordt de school 's winters door ongeveer 60 leerlingen bezocht en 's zomers door ongeveer 30 leerlingen omdat ook de kinderen dan op het land werken. Hoewel de pastoor positief is over Noldus is de schoolopziener (onderwijsinspecteur) dat in het geheel niet.

De schoolopziener schrijft: "In de Roomsche school fungeert H. Noldus, een man van onbeduidende bekwaamhede en weinig geschikt voor het onderwijs, wordende bovendien nog door een vrij aanzienlijke koophandel, niet weinig van het schoolwerk afgetrokken".


1785
   Zevenaar en omgeving worden getroffen door een hevige pokkenepidemie. Alleen al in Zevenaar-stad sterven van februari tot juli 28 personen aan de pokken. Andere jaren met pokkenslachtoffers in de Liemers zijn o.a. 1724, 1730, 1773, 1791, 1799, 1801, 1807 en 1831.

1786    De familie van Nispen koopt voor ruim 20.000 euro (omgerekend) het landgoed Huis Sevenaer in Zevenaar.  

                                                      Tekening Huis Sevenaer te Zevenaar door W.G. Hofker

1786    Door grote droogte komt de stadgracht in Zevenaar droog te staan. Om in geval van brand bluswater te hebben, wordt de gracht tot het zand uitgegraven en wordt de kleibank doorgestoken. Dit is ook gedaan in andere jaren met extreme droogte: 1718, 1719, 1776 en 1800.

1787    Johann Heinrich Finnmann (1759 - 1842) wordt benoemd tot rector van de Latijnse school in Zevenaar. Hij zal  deze functie 43 jaar, tot 1830, vervullen.

De opdracht aan Finnman is: "de jeugd in 't Latijn en andere talen, alsmede in de geographie en historie te informeren en zoo verre te brengen dat se tot 't academie kunnen gepromoveerd worden". Voorts vermeldt zijn instructie, dat hij zich te richten heeft naar de naburige scholen, in het bijzonder die van de hoofdstad Kleef. 


Voor de opvolging van rector Finnmann verschijnt op 22 april 1830 deze advertentie in de Arnhemsche Courant.












 

 

 

1788    Onder overweldigende belangstelling, waaronder ook veel "Roomschen" neemt dominee Gerrit J.  Bruijn (1759 - 1816) op zondagmiddag 24 maart 1788 afscheid van de Gereformeerde Gemeente in Zevenaar, waar hij zich in korte tijd, hij was slechts twee jaar predikant in Zevenaar, zeer geliefd heeft gemaakt.


 
Gerrit J. Bruijn, de 17e predikant te Zevenaar              
 

 

1788    Ottho Gerhard Heldring uit het in de Betuwe gelegen stadje Buren wordt in 1788 predikant van de "Reformeerde kerk" aan de Markt in Zevenaar. Hij blijft dit gedurende meer dan een halve eeuw tot zijn dood op zondag 23 mei 1841. 
Ds. Heldring is in Zevenaar erg geliefd. Zowel in 1813 als in 1838 wanneer hij respectievelijk 25 jaar en 50 jaar in Zevenaar predikant is, wordt hem een "aanzienlijk geschenk in zilver" aangeboden. Ook wordt erop gewezen dat de predikant "geen ongenoegen of twist" met iemand in de gemeente heeft gehad.
Ottho Gerhard Heldring (1762 -1841) is de vader van Otto Heldring  (1804 - 1876), de latere stichter van de Heldringhuizen in Zetten en Hoenderloo, die grote landelijke bekendheid verkrijgt als filantroop, schrijver en drankbestrijder ("de jenever erger dan de cholera")
.

       

1788   Johannes Wilhelmus Koch (1760 - 1833), zoon van Johannes P.C. Koch, schoolmeester in Kleef (Kleve), wordt benoemd tot schoolmeester van de Gereformeerde Gcmeente in Zevenaar. Later zou hij tot 1818 burgemeester-secretaris van Duiven zijn.

Johannes Wilhelmus (Johann Wilhelm) Koch (1760 - 1833) wordt in 1788 schoolmeester in Zevenaar. Later wordt hij burgemeester-secretaris van Duiven. Hij trouwt met Louise Uhlenbruch (1755 - 1819), dochter van de pachter op de Loowaard, zij krijgen 6 zoons: Johann (1786 - 1875), Carel (1788 - 1862), Friedrich (1790), Giesbert (1791 - 1872), Christiaan (1794 - 1856) en Jan Wilhelm (1786 - 1875).
 

De jongste zoon Jan Wilhelm wordt vrijwilliger in het Nederlandse leger tijdens de opstand van Belgie in 1830. Deze opstand ontstaat vanuit een streven van de Belgen naar onafhankelijkheid alsmede door verschillen in godsdienst, door de uiterst starre houding van koning Willem I en door Franse intriges. In 1839 na de vrede met Belgie keert hij terug naar de Liemers en trouwt in 1844 met Anna Barten-Moorrees, de zeer welgestelde weduwe van Hermanus Barten. Jan Wilhelm en Anna bouwen in Duiven een groot huis. In dit huis, Regina Pacis, zouden in latere jaren de paters Oblaten wonen.    


1788
    Om verspreiding van ziekten te voorkomen bepaalt de Kleefse overheid op 11 april, dat voortaan twee begrafenisgebruiken achterwege dienen te blijven te weten:
                    - het afleggen van het lijk door een groot aantal vrouwen uit de verre omtrek
                    - het meerijden van vele vrouwelijke familieleden op de lijkwagen.

1789    Diverse dijkdoorbraken waardoor de Liemers en het grootste deel van Zevenaar weer onder water komen.

1790    Met ingang van 8 januari 1790 wordt Hendrina Gerritsen, vrouw van de muzikant en dagloner Gottlieb Boldte tot eerste stadsvroedvrouw van Zevenaar benoemd. Hendrina, die haar opleiding heeft genoten op de Hebammenschule (school voor vroedvrouwen) in Kleve, blijft tot 1793 in Zevenaar, waarna ze achtereenvolgens werkzaam is in Goch, Pfalzdorf en Huissen.

1790    Op de omstreeks deze tijd gemaakte Hottinger Atlas wordt Zevenaar vermeld als "Zeventer". Het is gelegen in een Kleefse enclave.     



1791    Alleen al in Zevenaar-stad overlijden in het voorjaar van 1791 zes mensen aan de pokken.

1791   
Het gemeentebestuur geeft toestemming voor het houden van een collecte ten behoeve van de armen. De opbrengst bedraagt 17 daalders en 5 stuivers. Daarnaast stelt de gemeente een "armenwagter" aan die tot taak heeft het bedelen te stoppen.    

1792    Op woensdagmorgen 2 mei omstreeks 7 uur in de ochtend ziet het dienstmeisje van Willlem Grob uit Ooy tot haar grote schrik iemand in het water van de Breuly liggen. Ze rent naar de in de buurt wonende Willem Gesthuizen, die vervolgens met hulp van Berend Jansen, Berend Clabbers en Willem Herben de drenkeling uit het water haalt. Om 8.30 uur is de gewaarschuwde chirurgijn C.P.M. Berlijn bij de drenkeling en ziet dat het kapelaan Engels van de Andreasparochie uit Zevenaar betreft. 
De drenkeling wordt vervolgens met hulp van 8 mannen naar het dichtstbijzijnde huis gebracht, waar de natte kleding wordt verwijderd en een wollen hemd wordt aangetrokken. Verder worden onder meer een warme kruik aan de voeten gelegd, het lichaam ingewreven met warme doeken en kruiden, in de neus een sterk prikkelende ammoniakvloeistof gespoten en in de endeldarm via de anus tabaksrook geblazen, in de maag een klein kopje braakwortel geblazen en op de arm vindt een aderlating plaats. Het betreffen de behandelingen, die in deze tijd gebruikelijk zijn om iemand van de verdrinkingsdood te redden.
Nadat de chirurgijn intensief vier uur met de drenkeling bezig is geweest, krijgt hij assistentie van dokter Clumper, die vaststelt dat de patient alle inspanningen ten spijt stijf is. In de vroege avond wanneer chirurgijn Berlijn ongeveer 10 uur zonder succes met de behandeling bezig is geweest, vertrekt hij met instemming van dokter Clumper, die de dood vaststelt. 
Uit het onderzoek dat dokter Clumper instelt, komt vast te staan dat van zelfmoord geen sprake is. Kapelaan Engels kan daarom op vrijdag 4 mei 's morgens vroeg op het R.K. kerkhof begraven worden.

1792    De vrede waar intens naar verlangd is na de Zevenjarige Oorlog is van korte duur. In 1792 verklaart het Koninkrijk Pruisen, waartoe Zevenaar behoort, de oorlog aan het revolutionaire Frankrijk. De uitgeputte bevolking wordt van 1792 tot 1795 opnieuw geconfronteerd met een oorlog. In 1794 wordt de toestand in het Kleefse land, waartoe Zevenaar behoort zo kritiek dat verdedigingsmaatregelen moeten worden getroffen. Engelse en Hannoveraanse troepen worden ingekwartierd. De Fransen winnen en worden in 1795 als bevrijders ontvangen maar enige tijd later verlaten ze de Liemers en komt het gebied weer onder Pruisisch beheer.    

1792    Het aantal inwoners van de gehele Liemers, inclusief de heerlijkheid Wehl, is gedaald tot 4.400. In Zevenaar-stad wonen nog 900 mensen waar dat enige decennia eerder nog 1.300 bedroeg. Een belangrijke oorzaak van de bevolkingsafname is dysenterie, een infectieuze darmziekte die gepaard gaat met een hevig bloederige diarree en daarom in de volksmond wel "rode loop" wordt genoemd.   

1794    De Kleefse regering wijst de stadsbesturen, waaronder Zevenaar, op de gevaren van het te snel begraven van overledenen na diverse gevallen van schijndood.  Gesteld wordt dat de enige betrouwbare aanwijzingen voor de dood de geur en de ontbinding zijn.

1794    Gedurende de uiterst roerige tijd 1794 / 1795 staan in  Zevenaar twee militaire hospitalen. Vlakbij de R.K. Andreaskerk, naast het Loogasthuis, in het Huis Delenhoven bevindt zich in 1794 korte tijd een lazaret van het Britse leger dat plaats biedt aan ruim honderd patienten. Eind 1794 en begin 1795 is er een lazaret voor Hollandse en Duitse soldaten van het regiment Van Wenckheim, in de woning van de dan tijdelijk afwezige chirurgijn Berlijn aan de Marktstraat 33.       

1795    In Zevenaar vestigt zich als geneesheer Leonard Frederik Vermeer, zoon van de plaatselijke landschrijver. Hij zal zijn praktijk bijna een halve eeuw tot zijn dood in 1844 uitoefenen. Gedurende de periode 1838 tot 1844 is hij tevens burgemeester van Zevenaar.

Dr. L.F. Vermeer (1762 - 1844)

Vermeer is tijdgenoot van de Zevenaarse arts Pelgrom (zie 1812)

Naast geneesheer en burgemeester is Vermeer vele jaren lid van de Provinciale Commissie van Geneeskundig Onderzoek en Toevoorzigt.

grafsteen van dr. L.F. Vermeer

 

1795    Frankrijk bezet de Nederlanden. Het is het  begin van de Franse tijd. De Kleefse gebieden waaronder Zevenaar, Duiven en Huissen worden als "Departements Belgiques" door de Franse republiek geannexeerd. Door de Franse overheersing verdwijnt de tabaksverbouw in de Liemers grotendeels.

 

 

Franse troepen trekken op 11 januari 1795 bij Gendt over de bevroren Waal.

 

1796    Pastoor Theben koopt de juist ten zuiden van de Zevenaarse R.K. Andreaskerk gelegen havezate Delenhoven. Oorspronkelijk is de havezate eigendom van de familie Von Loe, die in 1467 op hun erf het Loogasthuis hebben gesticht. In de 16e eeuw wonen in de havezate achtereenvolgens de families Van Delen en Van Cloeck. Vanaf 1670 woont de familie Van Leeuwen, schepenen van Zevenaar, gedurende meerdere generaties in het pand. 
Van Delenhoven dat in 1886 wordt afgebroken, zijn geen afbeeldingen bekend. Het Loogasthuis is omstreeks 1979 afgebroken. 

 


Het Loogasthuis (1950) in de Zevenaarse St. Jansstraat

1797    Op zondag 5 november 1797 wordt in Zevenaar geboren Joannes (Jan) Pol(l)man (1797-1881). Hij wordt landbouwer en trouwt op vrijdag 11 februari 1825 met Joanna Banning (1798-1882) uit Wehl. Ze kopen in 1842 de "Foppengaarde", Oude Steeg 2 in Zevenaar, waar ze tot hun dood wonen. Jan Pol(l)man en zijn vrouw Joanna Banning zijn voorouders in de rechte lijn (6 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1798    Op donderdag 28 juni verdrinkt bij het zwemmen in de Gelderse Waard (Geldersche Weerdt) de 22 jarige Jacobus van Zutphen. Hij is een der laatste die in de Gereformeerde kerk op de Zevenaarse Markt wordt begraven. 
De verdrinking van Jacobus van Zutphen is een voorbeeld van de ontelbare tragedies, die door de eeuwen heen ook in de Liemers hebben plaatsgevonden.

1798    De in Zevenaar werkzame chirurgijn Jan Lucassen wordt veroordeeld tot vier weken gevangenisstraf vanwege onbekwaamheid. Hij weet echter aan de straf te ontkomen door over de grens naar Aerdt te vluchten, waar hij zijn werkzaamheden als chirurgijn voortzet.


1799   Na een zeer koude winter wordt de Liemers opnieuw getroffen door een grote overstroming. Op dinsdag 5 februari luiden in Zevenaar de alarmklokken omdat de dijken op doorbreken staan. In Zevenaar zijn vrijdag 8 februari de eerste dodelijke slachtoffers te betreuren. Vanwege het hoge water wordt rundvee in de Zevenaarse Andreaskerk gestald. Door het water en het vee lijdt de kerk veel schade. De watersnood treft de regio op een extra ongunstig moment omdat men ook kampt met de gevolgen van een pokkenepidemie. 

 

 

1799    De in Anholt geboren en in Amsterdam opgeleide Johan Anton Stevens (1774 - 1843) vestigt zich in 1799 als chirurgijn en barbier in Zevenaar.  Hij wordt geroemd vanwege zijn "behulpzaamheid" en ook omdat hij "de armste menschen waar hij geene belooning te verwachten heeft" goed behandelt. Vanaf 1822 tot zijn dood op zondag 9 juli 1843, bewoont de ongehuwde Stevens het monumentale pand "De Raaf" aan de Didamsestraat. Laatstgenoemde pand wordt in 1964 afgebroken en vervolgens in het Bergkwartier in Deventer weer opgebouwd.


De Didamschestraat in Zevenaar met aan de rechterzijde het monumentale pand "De Raaf", waar chirurgijn Stevens van 1822 tot zijn dood in 1843 heeft gewoond, daarnaast bij de geparkeerde auto een benzinepomp

1800    Het begin van de 19e eeuw verloopt voor het gebied rondom Zevenaar, Huissen, Duiven en Wehl, de zogenaamde Kleefse enclaves in de Liemers,  zeer bewogen. Tot 1806 behoren de enclaves bij Kleef (Kleve), hetgeen in die tijd Pruisisch betekent. In de daarop volgende tien jaar behoort het gebied achtereenvolgens tot het Groothertogdom Berg, het Koninkrijk Holland, het Franse Keizerrijk, enkele weken weer onder Nederlands bewind, dan weer Pruisisch bewind om tenslotte in 1816 aan Nederland toe te vallen. Machthebbers beschouwen de Liemers vaak als een wingewest en vooral tijdens de indeling bij het Duitse Groothertogdom Berg wordt de bevolking uitgezogen

 


Wapens van de Kleefse steden Zevenaar en Huissen, die in 1816 aan Nederland toevallen (Houtgravure, F. Orloff)

1800    Op zondag 9 november teistert een hevige storm de Liemers. Ook in Zevenaar is de schade enorm. Het raadhuis wordt door de orkaan onherstelbaar beschadigd en is niet meer te gebruiken voor zittingen van de raad.

1801    De magistraat vraagt de regering in Kleef in september 1801 toestemming om het oude raadhuis aan de Markt in Zevenaar dat ruim honderd jaar, vanaf 1696, dienst heeft gedaan te mogen verkopen onder de voorwaarde dat de koper op die plaats een woonhuis moet bouwen. Het raadhuis, dat reeds decennia in slechte staat verkeert, is door de orkaan die Zevenaar in november 1800 heeft geteisterd onherstelbaar beschadigd. Het zal echter nog veertig (!) jaar, tot 1841, duren alvorens Zevenaar weer over een eigen raadhuis kan beschikken. In dit raadhuisloze tijdperk moet noodgedwongen gebruik gemaakt worden van gehuurde lokaliteiten.  

1801    Een kinkhoestepidemie treft (ondermeer) Zevenaar. Met inbegrip van Oud-Zevenaar overlijden in het najaar van 1801 tien kinderen aan deze besmettelijke aandoening, ook wel Stickhusten genoemd, die gepaard gaat met kramphoest.  

1802    Dat de toestand gespannen is blijkt uit het feit dat de Koninklijk Pruisisch-Cleefs-Meurse Krijgs- en Domeinkamer op woensdag 27 januari 1802 bepaalt dat inwoners van Zevenaar zich niet buiten hun woonplaats mogen begeven zonder verplicht paspoort. Voor dit paspoort moeten "vermogenden" 4 groschen betalen en anderen 2 groschen.  

1802    In Zevenaar-stad zijn omstreeks deze tijd drie vroedvrouwen werkzaam. Het zijn Johanna Brandts, Petronella Huigen en Odilia Knelissen (1776 - 1825).

1802    In de zomer van 1802 wordt het in de regio bekend dat de Kleefse enclaves (met o.a. Zevenaar, Duiven, Groessen, Loo, Huissen, Malburgen en Wehl) op termijn over zullen gaan naar Nederland. Velen  overvalt dit bericht en vrijwel alle hoofdgeerfden van de streek richten zich in een verzoekschrift tot de koning van Pruissen om in het belang van de ingezetenen de enclaves te behouden. Voorstanders van de overgang naar Nederland zijn er echter ook. Zij worden aangevoerd door de Zevenaarse Carel Herman van Nispen. 


1803
    In huis Hoek (volledig verwoest op 3 april 1945) in Zevenaar wordt op 27 december geboren Jan (J.A.C.A.) van Nispen van Sevenaer (1803-1875), stamvader van de tak Sevenaer. Jan van Nispen bekleedt tal van publieke functies, waaronder het lidmaatschap van de Tweede Kamer der Staten Generaal van 1848 tot 1875. Hij speelt een eminente rol bij de emancipatie van de in deze tijd achtergestelde Rooms-Katholieken in Nederland. Tijdens zijn leven is hij een belangrijke kapitaalverschaffer in de Liemers en behoort hij tot de vier rijkste mensen van Gelderland.  

 


J.A.C.A. van Nispen van Sevenaer 
(1803 -1875)

1803     Op dinsdag 25 oktober 1803 wordt een overeenkomst getekend tussen Pruisen en de Bataafse Republiek, waardoor de Liemers, waartoe Zevenaar behoort, aan de Bataafse Republiek komt. Wanneer echter Napoleon de Oostenrijkers eind 1805 bij Austerlitz verslaat, krijgt de Liemers opnieuw een andere status. Onder hevig protest van het Zevenaarse stadsbestuur wordt zij onderdeel van het door Napoleon opgerichte hertogdom Berg, onder het bestuur van Murat. 

1804    In Zevenaar wordt Otto Heldring  (1804 - 1876), de latere stichter van de Heldringhuizen in Zetten en Hoenderloo, geboren. Grote landelijke bekendheid zou Otto Heldring verkrijgen als filantroop, schrijver en drankbestrijder ("de jenever erger dan de cholera").  

 


Otto Gerhard Heldring (1804 -1876)

1804   In Ambt Lijmers (Liemers) sterven tientallen mensen, waaronder de Zevenaarse dr.K.J. Frowein,  als gevolg van een tyfusepidemie ("zenuwkoorts" of "zenuwzinkingskoorts"). Ook andere delen van de Liemers worden getroffen met onder andere in 's-Heerenberg 20 doden, in Westervoort 15 doden en in  Wehl 24 doden.          

1805    Om de verdere verspreiding van tyfus tegen te gaan, geeft de Kleefse overheid (op verzoek van burgemeester G. Botticher) het Zevenaarse stadsbestuur opdracht om de vastenavondfeesten (carnaval), die van 24 tot 26 februari 1805 plaatsvinden, te verbieden. De tyfusepidemie blijft echter in de Liemers slachtoffers maken; alleen al in het kerspel (parochie) Oud-Zevenaar sterven 66 van de 139 lijders. In Groessen overlijden in 1805 29 mensen aan tyfus.  

1805    Op 15 december doet Pruisen in een geheim verdrag met Frankrijk te Schoenbrunn afstand van het hertogdom Kleve aan Frankrijk. De enclaves waaronder Zevenaar, Huissen en Malburgen worden door Frankrijk aan de Bataafse Republiek overgedragen.  

1806    In Zevenaar-stad sterven 6 mensen aan tyfus. Ook in de volgende jaren vallen er doden door tyfus.

1806    De Kleefse enclaves waaronder Zevenaar komen onder Frans bestuur. Door het verblijf van Franse troepen ontstaat in Zevenaar een enorm voedsel / vleestekort.

1807    In deze tijd zijn in Zevenaar: 14 schoenmakers, 14 timmerlieden, 12 kleermakers, 6 wevers, 5 bakkers, 4 metselaars, 4 schilders, 2 kuipers en 1 slachter. De bovenlaag wordt gevormd door onder meer twee medisch doctores, twee notarissen, een chirurgijn en een paardendokter.  

1808    Onverwacht worden op vrijdag 22 april 1808 de Liemerse enclaves, waartoe Zevenaar behoort, door het hertogdom Berg overgedragen aan het Koninkrijk Holland. Berg heeft met extreem hoge belastingen de toch al arme bevolking volledig uitgemergeld. Kort voor de overdracht vinden bovendien nog belastingexecuties plaats, die voor vele burgers van Zevenaar rampzalige gevolgen hebben.  

1808    Op dinsdag 26 juli krijgt koning Louis Napoleon (1778 - 1846), jongere broer van keizer Napoleon I en vader van de latere Franse keizer Napoleon III, op de Markt in Zevenaar een grootse ontvangst.

 


Lodewijk Napoleon
van 1806 tot 1810 koning van Holland

1809    Weer een kolossale watervloed in de Liemers. Na een strenge vorstperiode veroorzaakt begin januari een ijsstopping in het Bylants kanaal een enorme vloed door de Oude en Neder-Rijn, waardoor de dijken de enorme druk niet weerstaan en op twee plaatsen, te weten bij de Toetenburg onder Ooy en bij 't Loo, doorbreken. Op 13 januari is het Liemerse land daardoor een grote met ijs beladen watervlakte, waarin door een hevige storm ontwortelde bomen en daken van verwoeste huizen voortdrijven. Een nieuw vorstperiode verandert het land vervolgens in een onafzienbare ijsvlakte.

 

IJsgang tussen Arnhem en Westervoort in de louwmaand (januari) 1809. Rechts is de stad Arnhem met de Walburgiskerk te zien, links een boerderij aan de Westervoortse kant van de IJssel.
In het stormachtige najaar van 1808 heeft de Liemers al vroeg te kampen met hoog water en in december volgt een periode van vorst en sneeuw. Op 3 januari 1809 raast een hevige sneeuwstorm over de Liemers, waarna de winter in alle hevigheid toeslaat. Rond de Pley bij Westervoort ontstaat een ijsmassa, die zowel de IJssel als de Rijn afsluit waardoor stroomopwaarts de Liemerse bandijk van Oud-Zevenaar tot Westervoort onder zware druk komt.  Op vrijdag 13 januari om 7.30 uur in de ochtend begeeft de dijk het bij Ooy in de buurt van Toetenburg. Enige uren later breekt de dijk bij de Loowaard door. In korte tijd staat de gehele Liemers onder water. Zelfs in het relatief hoog gelegen centrum van Zevenaar-stad staat het water meer dan 1 meter hoog.

 

 

1810   Koning Lodewijk-Napoleon komt in conflict met zijn broer waardoor hij in juli 1810 moet aftreden. Het Koninkrijk Holland, waartoe ook de Liemers in deze tijd behoort, gaat daardoor deel uitmaken van het Franse Keizerrijk. Zevenaar valt dan onder de Mairie Zevenaar, dat de stad en het kerspel Oud-Zevenaar (waaronder Babberich) omvat. In deze Franse tijd gaat het in de Liemers economisch wat minder slecht. Nadat de Fransen eind 1813 door de Pruisen verslagen zijn, wordt het ambt Liemers echter weer Pruisisch; Zevenaar wordt een Burgermeisterey, die onder de Kreis Rees ressorteert maar op 1 juni 1816 wordt ambt Liemers onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden.          

1810    Na de watersnood van 1809 wordt serieus overwogen een kanaal door de Liemers van Pannerden naar Doesburg te graven en de Nederrijn definitief te sluiten. Men gaat ervan uit dat de oplossing voor alle (overstromings)problemen een afleiding van het Rijnwater via de Liemers en de IJssel naar de Zuiderzee is. 

1810   Op donderdag 27 december 1810 overlijdt op 53-jarige leeftijd Gertruda Polman-Ebbers (1757-1810), echtgenote van Matthias Polman (1765-1816). Gertruda en Matthias, voorouders in rechte lijn van Sam, Simon en Sjef van Keulen, hebben samen zes kinderen en wonen in boerderij "De Sweeckhorst", waar Matthias is geboren en getogen..

 


   

1811    In Zevenaar-stad overlijden in november en december drie mensen aan dysenterie (rode loop: hevige bloedende diarree).

1812    Vanaf 1812 oefent in Zevenaar gedurende een periode van een halve eeuw tot 1862 Johan Baptist Pelgrom een medische praktijk uit. Hij is de eerste arts in Nederland die tijdens de ernstige roodvonkepidemie van 1822 / 1823 een homeopathisch medicijn toepast. Volgens zijn verslag (14 maart 1923) aan het gemeentebestuur van Zevenaar heeft hij geen werkzaamheid kunnen vaststellen.

1812    Brouwerij Van Ditshuizen aan de Didamsestraat in Zevenaar wordt gekocht door smid Gradus van Oopen, die hiermee zijn uit Cuijk komende zwager Johan Thomas de Groen een bestaan biedt. Na tien jaar, in 1822, overlijdt De Groen en zijn weduwe, die de zorg heeft over kleine kinderen, stopt met de brouwerij. Zestien jaar later in 1838 is de oudste zoon Theodorus Wesselius de Groen in staat de brouwerij voort te zetten. De brouwerij wordt verplaatst naar het woonpand aan de Marktstraat, waar op het erf brouwerij "de Lelie" gevestigd wordt. De brouwerij is klein met een omzet van niet meer dan 150 vaten per jaar. In 1843 krijgt De Groen bovendien concurrentie van de firma Frijhoff uit Kleef, die naast azijn ook bier produceert.  

1813    Op 17 december zijn de Fransen door de Pruisen verslagen en wordt het oude ambt Liemers weer een deel van Pruisen. Dit zal naar later blijkt slechts van korte duur zijn. In 1815 zal worden besloten, dat Zevenaar en het Pruisische deel van de Liemers met Wehl aan het Koninkrijk der Nederlanden wordt overgedragen. 

1814    Op vrijdag 8 juli vindt bij de Zevenaarse havezate Zwanepol, waar de familie Van Hugenpoth woont, een dramatisch ongeval plaats. De kinderen Alex (7 jaar) en Onno (4 jaar) spelen in de tuin als plotseling een schot klinkt. Aanvankelijk wordt vermoed dat de buurman, apotheker Pelgrom, op vogels heeft geschoten. De dienstbode doet echter al snel een afschuwelijke ontdekking. Onno ligt vreselijk bloedend en levenloos voor de huisdeur, zijn linkerkaak en wang zijn volledig verdwenen. Zoals vaker in die tijd wordt de schuld van het niet goed opbergen van het jachtgeweer buiten de invloedrijke familie gelegd. Het kindermeisje Johanna Berendsen krijgt ten onrechte de schuld van de dood van Onno.  



Havezate de Zwanepol omstreeks 1925

De havezate Zwanepol dateert uit de 16e eeuw en is dan gelokaliseerd vlakbij de Zevenaarse Kerkpoort. In de begintijd is het pand eigendom van de familie Von Nyvenheim tot Caldenhausen, die het verhuurt aan de familie Van Cloeck. In 1788 is de havezate eigendom van de Zevenaarse Richter Von Rapard. In de jaren daarna verandert het regelmatig van eigenaar.
In de zomer van 1814 doet zich in de tuin van Zwanepol een tragisch ongeval voor, waarbij de vierjarige zoon Onno dodelijk verongelukt. Het pand wordt in die tijd bewoond door de familie Hugenpoth.
In de 20e eeuw vestigt zich in de directe nabijheid van Zwanepol een sigarettenfabriek (Turmac). Gedurende de Tweede Wereldoorlog zal de Zwanepol ernstig worden beschadigd. Enige jaren na de oorlog is het pand helaas afgebroken. De familie Kampschreur (notaris) zal het pand als laatste bewonen tot 1944.   
 

 

1815    Het Weense Congres besluit dat het gebied tussen Emmerick en de (huidige) grens Duits wordt in ruil voor Duitse enclaves Wehl, Liemers (Zevenaar, Duiven, Groessen, Loo) en Huissen, die tot Nederland gaan behoren. Lobith en Spijk worden vergeten en komen korte tijd later bij Nederland.

1815   Op donderdag 31 augustus 1815 wordt op kasteel Enghuizen in Zevenaar geboren Carl H. Pelgrom (1815 - 1871). Hij wordt priester en is achtereenvolgens kapelaan in Haarlem (1843 - 1844), Delft (1844 - 1848) en vervolgens pastoor in Brielle (1848 - 1855). Vanwege  zijn slechte gezondheid gaat hij in 1855 met emeritaat en woont de laatste jaren van zijn leven in zijn geliefde ouderlijk huis Enghuizen in Zevenaar. Na zijn overlijden blijkt dat een groot deel van zijn nalatenschap bestemd is voor de stichting van een R.K. verzorgingshuis, de Pelgroms Stichting.

 


   Kasteel Enghuizen, waar Carl Pelgrom in 1815 wordt geboren

1816    In de buurtschap 't Grieth bij Zevenaar, dat in deze tijd tot het kerspel Oud-Zevenaar behoort, overlijdt op donderdag 11 januari op vijftig jarige leeftijd Matthias Pol(l)man aan de gevolgen van "een kwade koorts". Matthias is voorvader in rechte lijn (7 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1816    Na de val van Napoleon komt Zevenaar eerst onder Nederlands en daarna in 1813 opnieuw onder Pruisisch bewind, totdat het op 1 juni 1816 definitief overgaat naar het Koninkrijk der Nederlanden. Spijk en Lobith volgen Zevenaar iets later, want deze is men bij de onderhandelingen even vergeten. De overgang naar Nederland brengt geen voorspoed. De 19e eeuw wordt een periode van grote misoogsten, ziekten, honger, ellende en armoede. Handel en nijverheid zijn er nog nauwelijks en de meeste bewoners hebben een karig bestaan in de landbouw of leven van de bedeling.

 

Uit de Leeuwarder Courant van 31 mei 1816 waarin melding wordt gemaakt van de overgave van Zevenaar, Huissen, Malburgen en de Lijmers, waardoor het Koninkrijk der Nederlanden "met een niet onaanzienlijk met allervruchtbaarst bouwland en uitmuntende weiden beslagen en door nijvere inwoners bewoond territoir wordt vergroot". 

 

 

1816   Op maandag 1 juli 1816 treft het noodlot de familie Spijker in Zevenaar. Hun drie jarige dochtertje Maria verdrinkt die dag in de stadsgracht, die vlak achter hun huis is gelegen. De familie Spijker, vader is griffier bij het vredegerecht in Zevenaar en secretaris van de stad, woont in een pand op de hoek van de Kerkstraat - Romei dat in de volksmond het Spijkerhuis wordt genoemd. 
In 1884 wordt het Spijkerhuis gekocht door het R.K. Kerkbestuur, die het pand laat slopen en ter plekke een pastorie bouwt
.

 


In 1884 koopt het R.K. Kerkbestuur het Spijkerhuis van dr. C. Honig, die er vanaf zijn komst in Zevenaar, in 1867, zijn praktijkwoning heeft. Dr. C. Honig verhuist naar een pand bij de Grietsepoort. Het R.K. Kerkbestuur sloopt het Spijkerhuis en bouwt er een pastorie (foto - pijl). In deze pastorie wonen achtereenvolgens de pastoors: Wessels (1833 - 1900), Schaepman, Van Os, Schoorlemmer, Van Oppenraaij (1877 - 1933), Teeuwen (1883 - 1946), Frank, Veeger, Olde Rikkert, Lurvink en Wolters.

1816    Uitgezonderd enkele dagen in augustus regent het in 1816 van half mei tot in november vrijwel onafgebroken. Zevenaar en omgeving zijn veranderd in een moeras. De oogst gaat verloren. De schade is onvoorstelbaar en wordt bovendien nog versterkt door het volledig gebrek aan gras als voedsel voor het vee. Bittere armoede is het gevolg en veel mensen voeden zich met voedsel dat onder normale omstandigheden aan varkens gegeven wordt. 

1817   Nadat het gehele jaar 1816 het extreem slechte weer ook in Zevenaar voor enorme problemen zoals honger en armoede heeft gezorgd, verschijnt medio maart 1817 de zon, die zich daarvoor in dertien maanden vrijwel niet heeft laten zien. Het gewone klimaat keert eindelijk weer terug. 
Pas in de loop der 20e eeuw hebben wetenschappers vastgesteld dat de tijdelijke klimaatverandering, die de wereld in 1816 heeft gekweld, het gevolg is van de enorme vulkaanuitbarsting van de Tambora op het eiland Sulawesi in de Indonesische Archipel. Aan het begin van de 19e eeuw duurt het maanden tot jaren voordat nieuws van de andere kant van de wereld onze omgeving bereikt maar ook als men het toen eerder geweten had zou niemand een verband gelegd hebben tussen de vulkaanuitbarsting en de tijdelijke klimaatverandering.
 

1817    Op zondag 2 november vieren de hervormde inwoners van Zevenaar het 3de eeuwfeest van de reformatie. Dominee O.G. Heldring stuurt hierover een verslag naar "Boekzaal van Europa", een veel gelezen Nederlands tijdschrift dat heeft bestaan van 1692 tot 1863.

1818    Schoolmeester Jan Hendrik Noldus (1764 - 1836) van de "Roomsche" school in Zevenaar, die gelegen is naast het in 1467 gestichte Loogasthuis (helaas afgebroken in het midden van de 20e eeuw), vraagt ontslag en wordt opgevolgd door de uit Duiven afkomstige Herman Rutjes. Ook over Rutjes is de schoolopziener (onderwijsinspecteur) verre van positief.

1819    De gemeente Zevenaar telt ongeveer 2600 inwoners waarvan er 1000 in de stad zelf wonen.

1820    Als gevolg van het overlopen van de Babberichse overlaat, stijgt het water op zondagochtend 23 januari zo sterk dat de gehele gemeente Zevenaar, inclusief een groot deel van de stad, onder water komt te staan. Veel mensen worden volkomen verrast door het water en moeten met aken gered worden. De schade is groot en de Liemerse bevolking voelt zich geofferd. In een uitvoerig rekest tot koning Willem I schrijft men in niet mis te verstane bewoordingen onder meer: "dat alle bewoners der Lijmers hun noodlot betreurende waartoe zij veroordeeld waren om als grensbewoners opgeofferd te moeten worden voor het gewaande voordeel der bewoners van het binnenrijk"

1820     Uit het gemeenteverslag blijkt dat verlichting in de straten van Zevenaar niet plaatsvindt, omdat de financiele vermogens van de gemeente daarvoor te beperkt zijn.

1821     Door de hoge belasting, die de Pruisische regering op de invoer van tabak heft, vindt vrijwel geen tabaksuitvoer meer plaats en is de tabaksteelt in de Liemers in verval geraakt.

1822     De rode loop (dysenterie) eist in de gemeente Zevenaar in de periode augustus tot half oktober zestien slachtoffers.

1822    In de winter van 1822 / 1823 heerst een roodvonkepidemie in Zevenaar-stad. Meer dan twintig mensen sterven als gevolg hiervan.

 

.

Roodvonkpatiente omstreeks 1825
Uit: Alibert, Clinique de l'Hopital Saint-Louis, Paris

"Volwassene, bloedrijke, menschen van een sterk gestel" worden volgens de Zevenaarse dr. J.Pelgrom in het bijzonder door deze aandoening getroffen.

1823    De eerste maanden van het jaar wordt Zevenaar getroffen door de roodvonk. Volgens dr. J. B. Pelgrom worden ook "volwassene, bloedrijke menschen van een sterk gestel" getroffen.


1823
    Jan (J.A.C.A) van Nispen van Sevenaer, geboren op 27 december 1803 in Huis Hoek in Zevenaar en overleden op 5 mei 1875 eveneens in Zevenaar, trouwt in 1823 op 19-jarige leeftijd met Isabella E. J. Hoevel tot Swanenburg (1804-1879) uit 's-Heerenberg. Het echtpaar krijgt tien kinderen.
Jan van Nispen ontwikkelt zich tot een overtuigd strijder voor een volwaardige positie van de in deze tijd achtergestelde Nederlandse Rooms-Katholieken. Zowel op regionaal als landelijk niveau is zijn invloed groot. In 1848 wordt hij voor de eerste keer gekozen als lid van de Tweede Kamer waarvan hij tot zijn dood in 1875 lid blijft. Zijn populariteit is groot. Zo worden bij verkiezingen in 1858 in het kiesdistrict Nijmegen maar liefst 93% (!) van de stemmen op hem uitgebracht. In 1856 wordt hij gevraagd voor de functie van minister in het kabinet Van der Brugghen maar hij ziet er vanaf in verband met de in zijn ogen te sterke protestantse invloed. 

 


Jan van Nispen (1803-1875)

1823    De Zevenaarse heelmeester J.A. Steevens ontvangt een gouden medaille, ter waarde van tien ducaten, als onderscheiding voor de vele door hem gratis verrichte pokkenvaccinaties.


1823
     Bij raadsbesluit van 8 november 1823 wordt bepaald dat er tol wordt geheven op de Didamschestraat, ter hoogte van de Didamsche of Blecksche Poort, ten behoeve van de gemeente Zevenaar. Ingezetenen van de gemeente Zevenaar worden vrijgesteld. Het toltarief varieert van 2,5 cent voor een ezel tot 5 cent voor een voertuig op vier wielen.. 

 



1824
    In Huize Hoek in Zevenaar wordt op zaterdag 28 augustus geboren Carel (C.J.Ch.H.) van Nispen tot Sevenaer. Hij krijgt tijdens zijn leven landelijke bekendheid als een van de eerste politieke voormannen van de Rooms-Katholieken. Als lid van de Tweede Kamer, waarin hij vaak en lang spreekt, geldt hij als leider van de katholieke fractie. In 1883 maakt hij deel uit van de Grondwetscommissie. 

 






 


Carel (C.J.Ch.H.) van Nispen 
(1824-1884)



Huize Hoek in Zevenaar (hoek Grietsestraat Arnhemseweg) wordt in 1945 tijdens de laatste oorlogsnacht volledig verwoest 

1824    De juist ten zuiden van de R.K. kerk in Zevenaar gelegen havezate Delenhoven wordt na de dood van de eigenaar pastoor Theben door diens erfgenaam verkocht aan Jhr. J. A. C. A. van Nispen tot Sevenaer. 
Nadat Delenhoven in de 19e eeuw nog enige tijd als R.K. jongensschool wordt gebruikt, wordt het in 1886 afgebroken. Helaas is er geen afbeelding bekend van de havezathe waarin in de 16e en 17e eeuw achtereenvolgens de families Van Delen, Van Cloeck, Smulling en Van Leeuwen gewoond hebben.

1824       In Zevenaar wordt op 16 augustus geboren Benedictus Rosenbaum / Rosenboom. Hij is de zoon van de koopman Abraham Rosenbaum en zijn vrouw Maria Benedictus Lyon uit het Duitse Hallenberg. Benedictus is in de tweede helft van de 19e eeuw in de Liemers algemeen bekend als de rondtrekkende jood Bender (Bendel).


Bendel (1824 - 1912)

Bendel woont vele jaren of in Babberich of in de Zevenaarse Wittenburgstraat.
Op de Liemerse wegen is hij een bekend figuur, die handelt in van alles en nog wat maar vooral in oude metalen, lompen en horloges.
In 1902 wordt hij in het gesticht in Warnsveld opgenomen waar hij op 11 mei 1912 overlijdt.


1825
     De Zevenaarse raad besluit om drie van de vier stadspoorten te slopen, alleen de Bleckse Poort (Arnhemse Poort) blijft voorlopig intact, omdat hierin de kantonnale gevangenis is gehuisvest.

De Liemers en omgeving uit een aardrijkskundig schoolboek door J.van Wijk Roelands Zoon uitgegeven door H.C.A. Thieme te Zutphen in 1827

 

1826    Omstreeks deze tijd rijdt driemeen aal per week een diligence over de rijksweg van Arnhem via Westervoort, Duiven, Zevenaar, Babberich, Emmerik en Wesel naar Duesseldorf en vice versa. De diligence is in deze tijd het snelste en veiligste vervoermiddel. De ritprijs bedraagt ongeveer 75 zilver Grosschen per mijl. Langs de route zijn diverse wisselplaatsen, waar verse paarden kunnen worden ingezet en reizigers zich kunnen verpozen.


          De diligence zoals deze door Zevenaar heeft gereden

1827    Roodvonk, in deze tijd ook wel scharlakenkoorts of Scharlachfieber genoemd, maakt in Zevenaar drie dodelijke slachtoffers.

1827    Op 22 juli 1827 wordt in Zevenaar geboren Gradus Polman (1827 - 1892). Hij trouwt in 1866 op 39-jarige leeftijd met Judith Jansen  (1838 - 1880) uit Wehl. Gradus en Judith zijn de voorouders in rechte lijn (5 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.


Fotograaf: H.A. Staarink (Didam)       



1828    De Zevenaarse gemeenteraad heeft in juli 1828 het plan om een algemene begraafplaats te stichten, buiten de Kerkpoort. Het blijkt al snel dat er veel weerstand onder de bevolking is tegen een algemene begraafplaats. Uiteindelijk wordt in 1835 besloten het plan niet door te voeren. Het duurt vervolgens tot 1855 alvorens Zevenaar een algemene begraafplaats krijgt. Deze komt dan te liggen aan de Tatelaarsweg. Deze begraafplaats krijgt vier gescheiden stukken: voor katholieken, voor protestanten, voor joden en een klein deel voor overledenen, die tot geen van deze drie gezindten behoren en waar in latere jaren enige zelmoordenaars worden begraven. In 1890 kopen de Zevenaarse joden van de familie Van Nispen tot Zevenaar een stukje grond aan de Arnhemseweg waar ze dan een geheel eigen kerkhof stichten. De algemene begraafplaats aan de Tatelaarsweg (onze tijd Didamseweg) is lange tijd ernstig verwaarloosd. Het onkruid tiert er welig en in de twintiger jaren van de 20e eeuw huizen er zelfs twee Zevenaarse clochards: Reinder de Greef in een gat in de grond en Koenders in een lijkenhuisje. Tijdens de Tweede  Wereldoorlog (1944) hebben de Duitsers er Betuws vee samengedreven. Vanaf 1945 zijn er geen overledenen meer op dit kerkhof begraven en in april 1972 meldt wethouder Th. J. Visser aan de gemeenteraad dat het Joodse gedeelte onberoerd gehandhaafd zal blijven en het overige deel de bestemming "openbaar groen" krijgt. 

1829    Op woensdag 29 juli overlijdt thuis op huize 't Hoek te Zevenaar Carel van Nispen (1764 - 1829), vanaf 1818 hoofdschout van het district Zevenaar. Tot 1850 zijn groepen plattelandsgemeenten verenigd in districten, die daarmee een bestuurslaag vormen tussen provincie en gemeente. Het district Zevenaar omvat in deze tijd de gemeenten Zevenaar, Duiven, Westervoort, Pannerden en Herwen en Aerdt. Naast hoofdschout van Zevenaar is Carel van Nispen o.a. Heer van Pannerden (1803-1829) en Lid Provinciale Staten van Gelderland (1817-1829). 

Carel van Nispen weet tijdens zijn leven zakelijke activiteiten te combineren met persoonlijke belangen. Zo koopt hij door zijn goede verstandhouding met de graaf van Bergh omstreeks 1802 de heerlijkheid Pannerden uit Berghs bezit. In 1824 koopt hij het huis Sevenaer van zijn zwaar in schulden geraakte neef Everard van Nispen (1784-1842). Kort na de aankoop van Huis Sevenaer schenkt hij het aan zijn oudste zoon Johannes A.C.A. van Nispen van Sevenaer (1803 - 1875) terwijl  zijn andere zoon Carolus E.J.F. van Nispen tot Pannerden (1807-1870) de heerlijkheid Pannerden erft. 

 


Carel  van Nispen
(1764 - 1829)

1830     De R.K. school aan de St. Jansstraat in Zevenaar wordt bezocht door 135 leerlingen ('s winters) en 98 leerlingen ('s zomers). Het schoolgeld bedraagt voor de schrijvende kinderen 30 cent per maand en voor de andere kinderen 25 cent. De schrijvende kinderen betalen bovendien nog 10 cent voor inkt en pen. Hermanus Rutjes, geboren in Duiven, is gedurende de periode 1818 tot 1860 de schoolmeester. 

De voormalige R.K. school aan de Jansstraat (nu Markt), rechts het middeleeuwse Loogasthuis
Beide panden zijn helaas a.g.v. de naoorlogse vernieuwingsdrang afgebroken. Rechtsonder is het muurtje dat de R.K. Andreaskerk omgeeft nog net te zien.
Foto omstreeks 1950

1831     De oproep van de protestante koning Willem I, om dienst te nemen in zijn leger, leidt in de overwegend katholieke Liemers tot grote weerstand onder de bevolking en massale desertie. Op dinsdag 15 februari 1831 komt een strafexpeditie bestaande uit tweehonderd manschappen, onder leiding van majoor Schimmelpenninck, naar Zevenaar om orde op zaken te stellen en deserteurs op te sporen. Ook Angerlo, Didam alsmede Herwen en Aerdt krijgen krijgen in februari 1831 met deze strafexpeditie te maken. Begin april is het de beurt aan Duiven, waar de strafexpeditie onwillige mannen, die niet in militaire dienst willen, inrekent.

1832    Hendrik Janssen richt in een schuur aan de Kerkstraat in Zevenaar een "oliefabriekje" op. Dit lukt hem ondanks tegenwerking van omwonenden (die overlast vrezen) en van de gemeente omdat Gedeputeerde Staten van Gelderland Janssen wel toestemming verleent.

1833    Op vrijdag 2 augustus wordt aan de Grietsestraat in Zevenaar de  Joodse synagoge ingewijd. Deze synagoge heeft bestaan tot 8 februari 1945, toen vier geallieerde vliegtuigen een bombardement uitvoerden op de Grietsestraat, waarbij de synagoge volledig werd verwoest

 

1834    Op donderdag 1 mei trouwt in Zevenaar Theodorus Jansen (1806-1878), zoon  van Nicolaas Jansen en Reinera Derksen, met Gerharda Rozijn (1808-1878) uit Wehl. Theodorus Jansen en zijn vrouw Gerharda Rozijn zijn voorouders (6 generaties) in rechte lijn van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1835    De uit Zevenaar afkomstige Otto Gerhard Heldring, dominee in het Betuwse Hemmen, plaatst als eerste in een Nederlandse kerk een kerstboom vol noten, appels en peren. Onder de boom legt hij cadeaus voor de allerarmsten, die hij uitnodigt voor de kerstviering. Vanaf dit moment verspreidt de kerstboom zich geleidelijk over Nederland en in de tweede helft van de 20e eeuw heeft de overgrote meerderheid van de Nederlandse gezinnen rond Kerst een kerstboom in huis, een traditie die in Nederland zijn oorsprong vindt in het initiatief van Otto Heldring in december 1835. 

 


Otto Heldring
(1804 - 1876)


1836    Nadat hij zijn opleiding in Amsterdam heeft voltooid, vestigt zich heelmeester Johannes C. Lieven (1804 - 1864) in zijn geboorteplaats Zevenaar. Vanaf 1843 combineert hij zijn medisch beroep met dat van leerlooier. Hij overlijdt in 1860 op 60-jarige leeftijd en gaat de geschiedenis in als de allerlaatste heelmeester van Zevenaar.

 


Bidprentje Johannes C. Lieven (1804 - 1864)

1836    Op dinsdag 29 november raast een uiterst felle storm over de Liemers. Ook in Zevenaar is er veel stormschade. Ondermeer de protestante school en kerk lopen grote schade op. De meer dan 150 jaar oude school wordt zo ernstig beschadigd dat uiteindelijk nieuwbouw moet plaatsvinden. Op 20 augustus 1839 houdt de befaamde ds. Heldring een toespraak bij gelegenheid van de eerste steenlegging van de nieuwe christelijke school van de Hervormde kerkgemeente. Een jaar later wordt de nieuwe school geopend. Architect is Massop.    

1837    In Zevenaar brandt in de ochtend van 31 mei het huis (wijk B nr. 36) van het gezin van daghuurder Gerrit Weenink tot de grond toe af. Vrijwel niets kan worden gered. Het gezin bestaat naast de ouders uit negen kinderen.

1837    De 19-jarige Frederik Hendrik Julius Boetticher, zoon van de plaatselijke postmeester en oud-burgemeester Gotthold Friedrich Ludwig Boetticher, begint in een pand op de Markt (nr. 73) in Zevenaar een boekenwinkel. Naast zijn hoofdberoep oefent hij om zijn hoofd boven water te houden ook werkzaamheden uit van behanger en boekbinder. Toch gaat de boekwinkel al in 1838 failliet.


1837    Van Gend & Loos neemt de exploitatie over van de postwagendienst Arnhem - Emmerich De postwagen vertrekt 's ochtends om zeven uur uit Arnhem en  is om elf uur in Emmerich. Bij logement Het Hof van Berlijn in Zevenaar wordt van paarden gewisseld. 
Wanneer in Emmerich verder wordt gereisd, kan dat over Rees en Wesel naar Duisburg, waar men 's nachts om 24.00 uur arriveert, vervolgens naar Keulen (aankomst 's ochtends 7 uur), Bonn, Andernach, Koblenz (aankomst 's middags 16.30 uur), Mainz (aankomst 's nachts 2.30 uur) naar Frankfurt am Main (aankomst 's ochtends 6.30 uur).
Het is ook mogelijk om in Emmerich over te stappen op de snelwagen naar Berlijn, de reisduur naar Berlijn bedraagt drie dagen en 17 uur. 

 


Hof van Berlijn in Zevenaar waar vele decennia van paarden is gewisseld. 

1838    Als gevolg van kruiend ijs, meer dan 7 meter hoge ijsbergen op 28 februari bij Spijk, zijn de dijken in groot gevaar. In de vroege ochtend van 1 maart om 2.30 uur breekt de dijk bij Rees door. Om elf uur is het water de gemeente Wehl reeds genaderd en enkele uren later staan de buurtschappen Broek, Meerenbroek en Achterwehl volledig onder water. De volgende dag, 2 maart, bereikt het water onder meer Zevenaar, Duiven en Westervoort. Aangezien ieder is gewaarschuwd blijft de schade beperkt.   

1838    Theodorus Wesselius de Groen is oud genoeg om in Zevenaar de bierbrouwerij van zijn in 1822 overleden vader (Johannes Thomas de Groen) voort te zetten. Hij verplaatst de brouwerij van de Didamsestraat naar een pand aan de Marktstraat. Bijna een eeuw later in 1930 zal deze brouwerij, die inmiddels de naam "de Lelie" draagt, overgenomen worden door de Groenlose bierbrouwerij "de Klok" en wordt de productie van bier (Grolsch) in Groenlo voortgezet. 

Briefhoofd bierbrouwerij de Lelie
Het betreft een rekening d.d. juli 1879 van bierbrouwer Th. De Groen  gericht aan de gemeente Zevenaar.


1
838    De Hoedenmakerij Gruyters aan de Zevenaarse Grietsestraat brandt af.

1838    De uit Zevenaar afkomstige dominee O. Heldring wijst in zijn publicatie "De jenever is erger dan de cholera" op de verwoestende werking van het dagelijks gebruik van jenever door grote aantallen arbeiders.  In perioden van de 19e eeuw is ook in de Liemers sprake van een ontstellend drankprobleem.

1838    Het Polderdistrict Lijmers wordt gevormd
. De belangrijkste doelstelling is de verbetering van de dijken langs de oude Rijn en Rijn. Een begrijpelijke keuze gezien de zeer vele dijkdoorbraken.

1839    In Zevenaar brandt op 29 maart het huis (wijk B nr. 41) van Jan Hegeman af. Het gezin bestaat naast de ouders uit drie kinderen. Zoals vaak in deze tijd is de familie Hegeman niet verzekerd wat de familietragiek nog groter maakt.  

1839     Bij de volkstelling van 1839 is maar liefst 89,7% van de inwoners van Zevenaar katholiek. In Duiven en Wehl zijn deze percentages zelfs nog hoger respectievelijk 97,8 en 94,4. In deze voormalig Kleefse gebieden heeft in tegenstelling tot de andere delen van Gelderland ten tijde van het ancien regime een volledige godsdienstvrijheid bestaan en zijn de inwoners in overgrote meerderheid katholiek gebleven.  

1840    In mei gaat een nieuwe christelijke school van de Hervormde kerkgemeente van Zevenaar van start. De school is gesitueerd achter de kerk en de bouwkosten bedragen ruim tweeduizend gulden (910 euro). Hoofdmeester is Willem van Tussenbroek, die dit blijft tot 1875.

1841     Dominee Hendrik Jacob Fijnebuik wordt dominee van de Hervormde Gemeente in Zevenaar. Maar liefst 62 jaar, tot in 1903 wanneer hij met emeritaat gaat, zal hij dit ambt in Zevenaar uitoefenen. Fijnebuik is de langst zittende dominee, die Zevenaar gekend heeft. Zijn opvolger zal in 1903 dominee Adriaan Johannes Wartena uit Steenderen zijn.

1841    Voor een bedrag van 3.800 gulden koopt de gemeente Zevenaar een pand op de hoek van de Didamsestraat en de Wittenburgstraat. In dit pand wordt het gemeentehuis gevestigd. Het wordt tevens ingericht als kantongerecht en de schuur dient als arrestantenlokaal en brandspuitenbergplaats.


De Zevenaarse Markt omstreeks 1910
Tot 1841 staat het Zevenaarse gemeentehuis aan de Markt, daarna aan de Didamsestraat en vanaf 1959 aan het Raadhuisplein.


De Didamsestraat met links op de voorgrond het pand dat van 1842 tot 1903 in gebruik is als stadhuis, het vierde in de geschiedenis van Zevenaar. In 1903 komt op dezelfde plaats een nieuw stadhuis dat dienst doet tot 1959.

1841    Op 3 oktober wordt Jhr.Mr. Carolus E.J.J.F. van Nispen van Pannerden burgemeester van Zevenaar. Hij zal dit ambt uitoefenen tot zijn dood op 1 december 1870.

 

Jhr. Mr. Carolus E.J.J.F. van Nispen van Pannerden wordt 3 mei 1807 in Zevenaar geboren en overlijdt daar op 1 december 1870. Naast burgemeester is hij gedurende de periode 1849 tot zijn  dood tevens lid van de Eerste Kamer. Als kamerlid voert hij zeer regelmatig het woord over uiteenlopende zaken. In 1870 stemt hij tegen het voorstel om de doodstraf af te schaffen.


Carolus woont in Zevenaar met zijn vrouw (C. van Hoevel) en hun zes kinderen in Huis "Het Hoek" (op deze plaats bevindt zich thans het Raadhuisplein).

Voor meer informatie klik: hier

We kijken hier vanuit de Marktstraat de Grietsestraat in.
Vooraan links het huis "Het Hoek"
Vooraan rechts het Hotel "Hof van Berlijn"
Zowel het huis als het hotel worden in april 1945 verwoest.

1842     Johannes (Jan) Polman (1797 - 1881) en zijn vrouw Joanna Banning (1798 - 1882), voorouders in de directe lijn (6e generatie) van Sam, Simon en Sjef van Keulen, kopen het perceel "de Foppengaard", Oude Steeg 2 en 2a in Zevenaar van Wynanda Adriana Agatha Wilhelmina Johanna Tjardina Klein te Zutphen. In 1852 wordt op dit perceel een huis gebouwd. Jan Polman en zijn vrouw verhuizen van E nr. 55 naar "de Foppengaard", waar zij tot hun dood in respectievelijk 1881 en 1882 wonen. Daarna wordt het bewoond door hun zoon Johannes. Tot in de 21e eeuw wonen nazaten Polman op "de Foppengaard".  

1842   Op vrijdag 26 augustus doet koning Willem II, komend vanuit Ruurlo, Zevenaar aan. Het bezoek duurt maar kort. De raad komt in het zwart gekleed op het gemeentehuis bijeen "om zich met een rijtuig naar de Didamsche grenzen te begeven om bij de koning hun opwachting te maken, en hem bij zijn vertrek naar de Duivense grenzen te begeleiden". 

 


Koning Willem II
(1792 - 1849)

1842    Op 24 september besluit de Zevenaarse gemeenteraad de stadspoort de Bleckse Poort af te breken. Deze stadspoort heeft van de 15e eeuw tot halverwege de 19e eeuw gestaan op de plaats, waar zich nu de trouwzaal van het Zevenaarse gemeentehuis bevindt aan de Kleefse Postweg, nu Arnhemseweg geheten. 


Bleckse Poort (1745)

De Bleckse Poort
Een vierkant torenachtig bouwwerk van ongeveer 9 bij 9 meter met een breedte van de doorgang van 3,5 meter; aan de bovenzijde bevinden zich op de hoeken zeskantige arkeltorentjes. Op de eerste verdieping zijn de schietopeningen te zien.


De poort  heeft lange tijd als plaatselijke gevangenis dienst gedaan. Het is heel praktisch om een van de poorten als gevangenis te gebruiken, omdat er immers voortdurend toezicht van de poortwachter is.

Kleefse Postweg met Bleckse Poort (stadsgezicht 1745);
geheel links is nog juist de Binnenmolen zichtbaar

 

 "'t Steedje Seventer" in 1745
Paul van Liender / Jan de Beyer

We kunnen heel duidelijk de Kleefse postweg met de Bleckse poort onderscheiden; geheel links de Binnenmolen en geheel rechts de katholieke Andreaskerk met links daarvan de "Reformeerde Kerk".

 



1843
    Op vrijdagmiddag 17 maart vindt op de Westervoortse dijk, tussen Arnhem en Westervoort, een tragisch ongeval plaats, waarbij vier personen uit Zevenaar om het leven komen. Zij zitten met totaal zes personen in een kar, die doordat het paard schrikt, van de dijk in de rivier stort. De voerman, Gradus Rode en zijn broer Bernardus Rode overleven het ongeval. De anderen: Drie vrouwen (Alyda Rode, echtgenote van Lamert van Egeren, Dora Rode en Everdina Gerritsen), een man (Reinholt), alsmede het paard verdrinken.

 

 

 




 

 

 

1843    Bierbrouwer Theodorus de Groen aan de Marktstraat in Zevenaar krijgt concurrentie van de firma Frijhoff uit Kleef, die zich vestigt vlakbij de kort tevoren afgebroken Bleksepoort aan de Arnhemseweg. Frijhoff produceert naast bier ook azijn. Wanneer Frijhoff enkele jaren later geen toestemming krijgt voor noodzakelijke uitbreiding van zijn brouwerij vertrekt hij, tot opluchting van De Groen, uit Zevenaar.

 

Marktstraat in Zevenaar (begin 20e eeuw)
Rechts achter de paal: bierbrouwerij: "De Lelie" van De Groen, die  in 1930 wordt overgenomen door de Groenlose brouwerij "de Klok", die de productie van bier (Grolsch) in Groenlo voortzet.

 

 

 

 

1844    Op maandag 8 juli trouwt in Zevenaar Theodorus Berentzen (1798 - 1868), geboren in Duiven en van beroep kastelein en landbouwer met Helena Cornelissen (1816-1888) uit Elten. Zij zijn voorouders in rechte lijn (6 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.   

1844    Na bijna een halve eeuw huisarts te zijn geweest in Zevenaar komt in 1844 een eind aan het leven van dokter Vermeer (1762 - 1844). Van 1838 tot 1844 was hij tevens burgemeester. 

Na zijn dood is er behoefte aan een nieuwe protestantse dokter naast de katholieke artsen, vader en zoon Johan Baptist en Eduard Pelgrom van Enghuizen. Nog in hetzelfde jaar 1844 neemt de 23-jarige Bartholdus Hopma (1820 - 1875) uit het Groningse Bedum het huis en de praktijk van zijn voorganger, dokter Vermeer, in de Sint Jansstraat, over. Uit Groningen komt tevens naar Zevenaar de apothekersbediende Jan Wolff, die de pillen voor dokter Hopma bereidt. Dokter Hopma verwerft in Zevenaar en ver daarbuiten een goede naam vooral wat betreft het genezen van verlammingen.  In de periode 1856 tot 1858 is hij tevens directeur van de Zevenaarse societeit Concordia. Hopma blijft huisarts in Zevenaar tot 1870, wanneer hij een praktijk overneemt in Arnhem. In 1874 lijdt Hopma aan een ongeneeslijke leverziekte en keert met zijn gezin terug naar zijn oude woning in Zevenaar, waar hij op 5 februari 1875 overlijdt.   

      
De Sint-Jansstraat (in huidige tijd Markt) in Zevenaar halverwege de 20e eeuw
Het pand geheel rechts is omstreeks 1950 het praktijkpand van tandarts Van den Meerendonk. Daarnaast bevindt zich het pand dat in de 19e eeuw het woonhuis en de praktijk is van achtereenvolgens de artsen Vermeer en Hopma. Daarna is het enige decennia een marechausseekazerne. Omstreeks 2000 is het huis in gebruik bij woninginrichting Kusters-Knol B.V.. Geheel links is de sacristie van de R.K kerk nog net te zien.

1845    De uit Zevenaar afkomstige dominee Otto G. Heldring  (1804 - 1876) richt samen met Groen van Prinsteren de Reveilkring Christelijke Vrienden op en wordt twee jaar later hoofdredacteur van de "Vereeniging Christelijke Stemmen".  

 


O. Heldring (1804 -1877)

1845    Overvloedige regenval heeft tot gevolg dat meer dan 75% van de oogst verloren gaat. De aardappelteelt verrot vrijwel volledig. Ongeveer dertig procent van de bevolking is afhankelijk van de bedeling.

1846    Door de aardappelziekte gaat opnieuw een groot deel van de aardappeloogst verloren; omdat bovendien ook de rogge- en tarweoogst door een muizenplaag mislukken is er een groot voedseltekort.

1847    De overheid roept 2 mei uit tot algemene biddag. Na twee eerdere jaren met een mislukte aardappeloogst is er opnieuw door de aardappelziekte, alsmede de hoge graanprijzen, een ernstig voedseltekort. Op diverse plaatsen is er onrust onder de bevolking.   

1848    De uit Zevenaar afkomstige Otto Heldring  (1804 - 1876) sticht in Hoenderlo een doorgangshuis voor jonge ex-gedetineerden.  

 


Otto Gerhard Heldring
 (1804 -1876)

1849   Een zeer besmettelijke cholera-epidemie maakt in Nederland in 1848 / 1849 meer dan 22.000 dodelijke slachtoffers. De gemeente Zevenaar blijft gelukkig gevrijwaard. Vermoedelijk hebben maatregelen op het gebied van hygiene, die het gemeentebestuur genomen heeft, hieraan bijgedragen.

1849    Jonkheer C. E. J. F. van Nispen tot Pannerden, burgemeester van Zevenaar, koopt de voormalige havezate Campwijck aan de Grietsestraat. Enkele jaren later in 1857 laat hij het pand afbreken en vervangen door een nieuw herenhuis.  
Campwijck was in de 17e eeuw gesticht juist buiten de Grietse poort in Zevenaar door een lid van de familie Van Zeller van Halsaf. In 1706 werd de heer Henriott, secretaris van de heerlijkheid Wehl, eigenaar. Diens enige dochter trouwde met Theben, wiens nazaten eigenaar blijven tot Van Nispen het in 1849 koopt
.

1850    Rivierwater, dat  op 5 februari door de hoge waterstand als gevolg van ijsopstopping over de Liemerse overlaat spoelt, zorgt er voor dat ook een groot deel van Zevenaar onder water komt te staan. De inwoners vragen zich af waarom zij als  grensbewoners opgeofferd moeten worden voor het gewaande nut van de Liemerse overlaat. Blijkbaar zijn de belangen van de grensbewoners ondergeschikt aan die van de inwoners van "Holland". Ook het gemeentebestuur van Zevenaar is des duivels en uit onomwonden haar gevoelens: "De schade is te weeg gebragt, niet door eene ramp, waartegen geen menschelijke magt iets vermag maar door de daden van het Staatsgezag".   
Enkele jaren later in 1852 geeft de rijksoverheid eindelijk toe en wordt de Liemerse overlaatkade op dijkhoogte gebracht. In 1855 wordt ook de overlaat bij Bingerden opgehoogd.

1851   Bijna 9% van de Zevenaarse bevolking is afhankelijk van de bedeling. In grote Europese steden is dit percentage halverwege de 19e eeuw dramatisch hoger; in Amsterdam 30%; in Londen 35% en in Parijs 35%. Het  Zevenaarse gemeentebestuur maakt zich grote zorgen. Zij zoekt de oorzaak in de "lustgevoelens van de huwbare armen".

1851    In september worden 7 straatlantaarns (reverberes) geplaatst om het stadje Zevenaar in de avond te verlichten.  

1852   In de periode 1850 - 1855 hebben ook de boeren in Zevenaar over het algemeen succesvolle oogsten en neemt hun koopkracht duidelijk toe. Ook veel arbeiders ontvangen meer loon maar dit effect wordt door stijgende prijzen van levensmiddelen grotendeels te niet gedaan. Juist tijdens deze economische opleving is de armoede van velen, in het bijzonder door de vele werklozen, nog schrijnender dan ooit tevoren.    

1852   Gerarda Steenkamp (1801 - 1862) wordt tot gemeentevroedvrouw van Zevenaar benoemd tegen een jaarsalaris van 25 gulden. Bij haar aanstelling is onder meer afgesproken: dat ze kraamvrouwen de eerste acht dagen 1 maal per dag moet bezoeken; zich niet verder dan een uur gaans van de gemeentegrens mag verwijderen; armen gratis dient te helpen en van anderen een vergoeding van 1 tot 6 gulden mag vragen. Aangezien verreweg de meeste klanten niets of slechts enkele dubbeltjes betalen wordt haar salaris later verhoogd naar 100 gulden per jaar.    

1853     Op dinsdag 5 juli 1853 word jhr. Carel Jan Christiaan Hendrik van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1884) lid van Provinciale Staten voor het district Zevenaar. Hij blijft dit tot 1 april 1869, van 1871 tot zijn dood in 1884 is hij lid van de Tweede Kamer van de Staten Generaal. De in 1824 in Huize 't Hoek in Zevenaar geboren van Nispen is een van de eerste voormannen van de in zijn tijd achtergestelde Nederlandse katholieken. Hij overlijdt op donderdag 3 april 1884 en wordt op maandag 7 april in het familiegraf in Zevenaar begraven.

 
C.J.C.H. van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1885)(Katholieke Illustratie 1883, houtgravure Walter)

1853    De Zevenaarse Andreasparochie (R.K.) wordt uitgebreid met de buurtschappen Grieth en Zweekhorst, die tot dan tot de Martinusparochie in Oud-Zevenaar behoren.

R.K. Kerk St. Martinus in Oud-Zevenaar

De Martinusparochie in Oud-Zevenaar is tot 1853 zeer uitgestrekt. De parochie omvat niet alleen de dorpen Ooy, Oud-Zevenaar en Babberich, maar ook de buurtschappen Holthuizen, 't Griet(h) en de Zweekhorst. Vooral de inwoners van de Zweekhorst moeten voor het wekelijkse kerkbezoek aan  hun parochiekerk een relatief grote afstand (ongeveer 10 km.) overbruggen. Veel voorouders Polman wonen in de 19e eeuw op 't Grieth en de Zweekhorst. Het is dan ook voor hen een belangrijke verbetering, wanneer ze vanaf 1853 voor het kerkbezoek gebruik mogen maken van de Zevenaarse Andreaskerk. 

 

 

De eeuwenoude R.K. Kerk in Oud-Zevenaar vanuit de dijkzijde gezien Foto's zomer 2008

 

   

1854    Jan Willem Massop, wiens vader in 1763 nog koning van het schuttersgilde was, levert bij de Zevenaarse burgemeester Carel van Nispen tot Pannerden de bezittingen van de ter ziele gegane schutterij in. De nalatenschap betreft ondermeer het gildeboek en enkele tientallen zilveren koningsmedailles. Hiermee komt in 1854 na ongeveer vierhonderd jaar een formeel einde aan het eens zo bloeiende bestaan van de Zevenaarse schutterij, die vanaf het eind van de 18e eeuw in verval is geraakt. Ruim vijftig jaar later in 1906 wordt in Zevenaar een schuttersvereniging heropgericht. Het betreft schuttersvereniging St. Andreas, die wordt opgericht door H. van der Eem, op 't Grieth bij cafe Buitenlust van Bernardus (Naatje) Jansen, betoverovergrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen. 

1854    De vreselijke cholera-epidemie, die zowel in Nederland als in het buitenland veel slachtoffers maakt, gaat aan Zevenaar voorbij. 

1855    Door ijsopstopping breken zaterdag 3 maart de Rijndijken bij Bislich (in de omgeving van Wesel). Vanuit Zevenaar en Duiven wordt in de vroege ochtend van maandag 5 maart het eerste rivierwater gemeld. Grote delen van de Liemers staan in maart 1855 blank.

 

IJsgang op de IJssel voor Westervoort 1855

 1855    Naast de drie bestaande officiele kerkhoven, 2 Roomskatholieke in Zevenaar en Oud-Zevenaar en een Hervormd kerkhof, aangelegd in 1798 aan de oostzijde van de kerk in Zevenaar, sticht de gemeente Zevenaar een algemene begraafplaats aan de Tatelaarsweg. Deze begraafplaats krijgt vier gescheiden stukken: voor katholieken, voor protestanten, voor joden en een klein deel voor overledenen, die tot geen van deze drie gezindten behoren en waar in latere jaren enige zelmoordenaars worden begraven. In 1890 kopen de Zevenaarse joden van de familie Van Nispen tot Zevenaar een stukje grond aan de Arnhemseweg waar ze dan een geheel eigen kerkhof stichten. De algemene begraafplaats aan de Tatelaarsweg (onze tijd Didamseweg) is lange tijd ernstig verwaarloosd. Het onkruid tiert er welig en in de twintiger jaren van de 20e eeuw huizen er zelfs twee Zevenaarse clochards: Reinder de Greef in een gat in de grond en Koenders in een lijkenhuisje. Tijdens de Tweede  Wereldoorlog (1944) hebben de Duitsers er Betuws vee samengedreven. Vanaf 1945 zijn er geen overledenen meer op dit kerkhof begraven en in april 1972 meldt wethouder Th. J. Visser aan de gemeenteraad dat het Joodse gedeelte onberoerd gehandhaafd zal blijven en het overige deel de bestemming "openbaar groen" krijgt.

1855     Apotheker Heinrich von Gimborn (1830 - 1893) sticht in Emmerich (Emmerik) am Rhein een farmaceutische fabriek. In 1907 start zijn zoon Max von Gimborn (1866 - 1927) een vestiging in Zevenaar waar inkt, een typisch apothekersproduct in deze tijd, wordt geproduceerd dinsdag 5 juli 1853 word jhr. Carel Jan Christiaan Hendrik van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1884) lid van Provinciale Staten voor het district Zevenaar. Hij blijft dit tot 1 april 1869, van 1871 tot zijn dood in 1884 is hij lid van de Tweede Kamer van de Staten Generaal. De in 1824 in Huize 't Hoek in Zevenaar geboren van Nispen is een van de eerste voormannen van de in zijn tijd achtergestelde Nederlandse katholieken. Hij overlijdt op donderdag 3 april 1884 en wordt op maandag 7 april in het familiegraf in Zevenaar begraven.


Personeel van de Zevenaarse vestiging van Von Gimborn t.g.v .het 75-jarig jubileum van het concern in 1930 voor het gebouw van de Van Munsterstichting aan de Kerkstraat in Zevenaar


1856    Station Zevenaar
wordt op 15 februari, gelijktijdig met de verlenging van de Rhijnspoorweg naar Emmerik, geopend. De spoorlijn via Zevenaar naar Duitsland veroorzaakt niet alleen een belangrijke economische impuls voor de regio, maar ook voor het land als geheel.

Station Zevenaar kort na de opening in 1856
Steendruk van J.H. Heijmans (1806- 1888)

Het imposante station heeft een eerste, tweede en derde klas restauratie. Er zijn duidelijke regels: Zo is de tweede klas restauratie bestemd voor ambtenaren en middenstanders.

Restaurateurs in station Zevenaar zijn ondermeer "dikke" Jan Bus, Dopheide en Gietelink geweest. 

Ruim honderd jaar na de opening in 1856, wordt dit station in 1961 afgebroken en vervangen door het huidige (eenvoudige) station.

 


Nogmaals hetzelfde station in Zevenaar in 1938
Het station is ruim tachtig jaar na de bouw nog steeds onveranderd. Het is vrijwel identiek aan het toenmalige Arnhemse station. Tot het midden van de 20e eeuw stoppen alle internationale treinen in Zevenaar, ondermeer voor de afhandeling van douaneformaliteiten, maar ook voor het reizigersvervoer. In de tweede helft van de 20e eeuw vermindert het belang van het station Zevenaar, doordat de douanetaken worden overgenomen door het station Arnhem en internationale treinen niet meer in Zevenaar stoppen.

In de Tweede Wereldoorlog wordt het station ernstig beschadigd door bombardementen vanuit geallieerde vliegtuigen. Na de oorlog wordt het station hersteld. Aangezien het station, gezien de veranderde situatie, veel te groot is wordt het  in 1962 vervangen  door een klein station.   

 


1857
    Bijna krijgt Zevenaar kort na de opening van de spoorlijn Amsterdam - Keulen weer een nieuwe spoorverbinding. Enschede zoekt verbinding met de spoorlijn Amsterdam - Keulen. Er wordt een concessie verleend voor de aanleg van een spoorlijn Zevenaar-Borculo-Enschede-Rheine en van meedere kanten worden gelden toegezegd, maar het plan wordt niet gerealiseerd.


1857
     Jan van Nispen tot Sevenaer verwijt Koning Willem III naar aanleiding van de invoering van de onderwijswet van 1857 dat deze katholieken als "tweederangs" burgers beschouwt. Willem III komt vervolgens naar Zevenaar om dit "misverstand" recht te zetten. Voorafgaande aan zijn komst ontstaat echter een hoogoplopende ruzie tussen districtscommissaris Jan van Nispen tot Sevenaer en zijn broer de Zevenaarse burgemeester Carel Everard van Nispen tot Pannerden over de vraag bij wie (Jan of Carel Everard) de koning moet komen en wiens vrouw aan de rechterzijde van de koning mag zitten. Een commissie bestaande uit burgemeesters van naburige gemeenten geeft Jan gelijk waardoor de Koning tijdens zijn bezoek aan Zevenaar naar Huis Sevenaer komt en de vrouw van Jan naast de koning mag plaatsnemen. Tijdens het bezoek van de koning valt geen onvertogen woord tussen de beide broers maar na afloop is er wel een blijvende verwijdering.




Willem III (1817 - 1890)       

1857    De Begraafplaats aan de Arnhemseweg in Zevenaar wordt in gebruik genomen . Op dit kerkhof zijn veel familieleden, waaronder overgrootouders, over-overgrootouders en over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen begraven.

"Arnhemscheweg" te Zevenaar
Aan de linkerzijde bevindt zich de kapel van het kerkhof aan de Arnhemseweg. Voor 1857 wordt nog rondom de kerk begraven. Aan de rechterzijde op de foto staat een huis, dat in 1887 gebouwd is door wethouder Van Nispen tot Pannerden. (Opa Polman heeft mij eens verteld, toen ik als klein kind met hem langs dit huis wandelde, dat hij zich kon herinneren dat het gebouwd werd).  Het huis (hoek Arnhemseweg - Molenstraat) waar halverwege de 20e eeuw (oud)gemeentesecretaris Albertus van der Heijden (1887 - 1976) geruime tijd heeft gewoond, is in de loop der tijd in de oorspronkelijke toestand gebleven.

1857    Op 8 december wordt aan de Didamseweg, tegenover de (toenmalige) Kasteellaan, de eerste kleuterschool in Zevenaar geopend. Het eerste jaar wordt de school bezocht door 44 meisjes en 32 jongens beneden de zeven jaar. De rest van de 19e eeuw zal het kindertal schommelen tussen 50 en 90. 

R.K. meisjesschool en bewaarschool aan de Didamseweg, omstreeks 1920
In 1925 zal naast het hoofdgebouw een moderne bewaarschool gereed komen. Dit schoolgebouw staat in Zevenaar nog altijd aan de Didamseweg en doet momenteel dienst als uitleencentrum van de Thuiszorg.
Dat de bewaarschool, zeker in de eerste helft van de 20e eeuw, in een behoefte voorziet, blijkt uit het kindertal dat in 1918 ongeveer 140 bedraagt. Kinderen komen ook uit omringende plaatsen als Duiven en Elten.
Voor de ingebruikname van de autoweg A12 omstreeks 1960 dendert het drukke internationale verkeer over de weg vlak voor de school. Vooral in de jaren na de Tweede Wereldoorlog zijn regelmatig jeugdige slachtoffers te betreuren.     
 

1858    Pokkenepidemie in Zevenaar. Onder de dodelijke slachtoffers is Theodorus van de Kamp (*04-04-1804 - 01-05-1858), hoofd van de lagere school in Oud-Zevenaar.

1858    Verschijning van Maria in Lourdes; ook op de overwegend katholieke bevolking van Zevenaar maakt dit diepe indruk.  

1859    In economisch opzicht beleeft Zevenaar moeilijke tijden. Er is veel leegstand en de koopprijs van huizen is sterk gedaald. Pas tien jaar later omstreeks 1870 begint een periode van groeiende werkgelegenheid en een stijgend loonpeil. Deze periode eindigt omstreeks 1910.

1860    Het in 1556 in de Zevenaarse Grietsestraat gebouwde Huissense Gasthuis, bestemd voor de opvang van de allerarmsten, wordt afgebroken en vervangen door een nieuw armenhuis dat op haar beurt in de jaren twintig van de 20e eeuw wordt afgebroken.

1860    In Zevenaar ontstaat grote opschudding als de firma Lenssen uit Maastricht het huis van juffrouw Vermeer in de Jansstraat (huidige tijd, Wittenburgstraat) naast de R.K. pastorie koopt om daar een speelkaartenfabriek te vestigen. Veel buurtbewoners waaronder pastoor G.F. van Delden vrezen "het gevaar van brand en het springen van de stoomketel". Jonkheer J.A.C.A. van Nispen tot Sevenaer vreest een aanzienlijke waardedaling van zijn landgoed en dreigt uit Zevenaar te vertrekken. Ondanks het massale protest vestigt de speelkaartenfabriek zich in Zevenaar.

 

 

 

 


Speelkaarten van de firma Lenssen

 

 

 

            
In bovenstaand pand, gelegen naast de (voormalige) R.K. pastorie aan de Wittenburgstraat in Zevenaar, dat in de huidige tijd in de volksmond nog wel "polderhuis" genoemd wordt, vestigt zich in 1860 een speelkaartenfabriek. 
Het huis kent een rijke historie. Tot wanneer dijkgraaf Jan Vermeer het in de tweede helft van de 18e eeuw koopt, is het vele jaren de ambtswoning van Friedrich Hecking, burgemeester van Zevenaar. Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914 - 1918) wordt het pand gebruikt voor huisvesting van gemobiliseerde militairen, die de grens bewaken. Van 1918 tot 1930 wordt het bestemd als kantoor voor het Polderbestuur van de Liemers. Daarna hebben vele gezinnen (o.a. Deenen, Meulman, Bolder en Feddema)  in dit huis gewoond. In de huidige tijd (begin 21e eeuw) is in het pand restaurant "Eetlokaal" (Markt / Wittenburg 25) gevestigd.

 

1860   Het oude schooltje aan de St. Jansstraat in Zevenaar wordt vervangen door een nieuwe school in de Slijkstraat (later Schoolstraat). Het eerste hoofd van deze school is H. van Soest gedurende de periode 1860 - 1900. Zijn opvolgers zijn L. Deenen 1900 - 1910, P. Kwanten 1910 - 1915, C. van Oerle 1915 - 1921 en A. Opdenoordt 1921 - 1930. Bij gebrek aan leerlingen wordt de school in 1930 gesloten. In de vijftiger jaren van de 20e eeuw is het schoolgebouw een tijdelijk onderkomen voor de Maria Regina school met als hoofd A.G.M. (Louis) van Keulen, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

 

 

Processie op Sacramentsdag in Zevenaar
De processie trekt op Sacramentsdag door de Zevenaarse Schoolstraat (voorheen: Slijkstraat). Aan de rechterzijde is de school nog net te zien. Zevenaar-stad kent van oudsher twee processie: Een processie op Sacramentsdag en een processie op kermiszondag. In Zevenaar-stad zijn deze processies in 1971 afgeschaft.

De Schoolstraat heeft lange tijd Slijkstraat geheten, omdat de straat door vele Zevenaarders als een "achterbuurt" wordt gezien.  

Aan de rechterzijde van de foto zien we de in 1860 geopende school, die aan het eind van de 20e eeuw is afgebroken.
De foto is uit de eerste helft van de 20e eeuw.


1861   
Nadat het half december 1860 is gaan vriezen, zet op 16 januari de dooi in, waarna het ijs zich opeenpakt en het water snel stijgt. Op 29 januari stroomt de Pannerdense waard onder. Een dag later lopen door een zeer hoge waterstand van de Oude Rijn de spoorlijn en de postweg tussen Babberich en Elten op diverse plaatsen over. Korte tijd later spoelt de spoordam over een afstand van 100 meter weg, waarna de bandijk onder grote druk komt en een zeer ernstige situatie ontstaat. Met man en macht wordt getracht om de bandijk te versterken; ter versterking van zwakke plekken gebruikt men pannen en stenen van een bakoven. In de vroege ochtend van donderdag 31 januari blijkt dat de inspanningen vergeefs zijn en breekt de dijk door. Reeds op de tweede dag na de doorbraak bezoekt Koning Willem III het rampgebied.

Koning Willem III en zijn eenjarige dochter prinses Wilhelmina in 1881

Koning Willem III bezoekt op zaterdag 2 februari 1861 in het getroffen gebied zowel Zevenaar als Westervoort.


1862     Johannes Winandus
Geurds, wonende in de Zevenaarse buurtschap Grieth, geneest in Kevelaer op wonderlijke wijze van de tering (t.bc.).

"Geurds is ongehuwd en 35 jaar oud en lijdt in hevige mate aan tering met hevige bloedspuwingen wanneer hij in 1862 door twee man ondersteund ter bedevaart naar Kevelaer gaat. Daar voltrekt zich een wonder wanneer hij zich plotseling zo gezond voelt dat hij op eigen kracht naar Zevenaar terug kan. Thuis gaat hij aan het werk, trouwt een jaar later en na een gelukkig huwelijk van 22 jaar waarin acht gezonde kinderen worden geboren, overlijdt hij in 1885 aan tuberculose pulmonum acuta (vliegende tering)".  

1862    De in 1860 in Zevenaar gevestigde speelkaartenfabriek "Lenssen"  doet goede zaken en er werken meer dan dertig arbeiders. Grote aantallen speelkaarten vinden hun bestemming over de wereld. Een jaar later in 1863 stokt de afzet echter waardoor de productie moet worden ingekrompen en het aantal arbeidskrachten halveert.

 

 

 

 


Voorbeeld speelkaart Lenssen, geinspireerd op plaatsen langs de Rijn 

 

 

 

1862    De tabaksondernemer Buschhammer koopt van de tabakskooplieden Frowein in de Zevenaarse Kerkstraat Huis Rijck, dat nu nog naast de Turmac / B.A.T. staat.

1863    Via de spoorwegtelegraaf is het mogelijk telegrammen te verzenden of te ontvangen. De telegrammen moeten op station Zevenaar worden aangeboden. Telegrammen die in Zevenaar aankomen worden per speciale bode bij de geadresseerde bezorgd.

 

 

 

Station Zevenaar in 1889

 

 

 

1863    De Pruisische koning geeft toestemming voor de aanleg van de spoorlijn van Zevenaar naar Kleef (Kleve). Twee jaar later in 1865 wordt deze belangrijke spoorverbinding al geopend. Wanneer in 1890 een spoorlijn is aangelegd tussen Nijmegen en Kleef vermindert echter het belang van de spoorverbinding tussen Zevenaar en Kleef in sterke mate.

1864     De Zevenaarse gemeenteraad besluit op 6 juli om een wekelijkse koren- of graanmarkt in te stellen. Deze markt zal ongeveer 40 jaar blijven bestaan.

1864    Dr. G.J.F. Merz vestigt zich gedurende een periode van drie jaar als arts in Zevenaar. Na deze periode beschrijft hij de Liemers als:

"een heerlijk oord, doch waarvan de bevolking in 't geloof aan duivel, heks, spook en toovenaar twee eeuwen ten achter is. Een streek gezegend met de voortbrengende kracht van de edelste tarwe, maar waar het volk het daarvan gebakken brood, nog eens door zijn priesters zegenen doet om het eene genezende kracht te doen krijgen"

1864    De in 1860 aan de Jansstraat in Zevenaar gevestigde speelkaartenfabriek "Lenssen" verhuist in oktober 1864 naar Arnhem, alwaar ruim vijftig arbeiders werkzaam zijn.

1865    Zevenaar krijgt een overdekte markt bestemd voor een jaar eerder van start gegane wekelijkse korenmarkt. De kosten bedragen 4.445 gulden (2.020 euro). De overdekte markt zal 90 jaar stand houden en wordt in 1955 onder de  naoorlogse Zevenaarse vernieuwingsdrang afgebroken.


De Zevenaarse  Markt met overkapping in het midden van de 20e eeuw

1865     De NRS (Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij) opent op 19 april een alternatieve spoorverbinding via Zevenaar naar Kleve in Duitsland.    

 

Spoorwegkaart
Detail van een spoorwegkaart uit 1904, waarop het spoor Zevenaar - Elten -Welle - Kleef alsmede het spoor Zevenaar - Emmerik.

 

Spoorpont
De spoorlijn Zevenaar-Elten-Welle-Spijck-Griethausen-Kleef maakt tussen Welle en Spijck gebruik van een spoorpont. Men heeft wel overwogen hier een brug aan te leggen, maar daar is uit militaire overwegingen vanaf gezien. In 1912 wordt het spoorpont opgeheven.

Zijaanzicht van de veerpont
De veerpont vervoert alleen wagons, de locomotief vaart niet mee. Bij hoogwater, storm en ijsgang kan de pont niet varen, zodat gemiddeld drie weken per jaar geen treinen kunnen worden overgezet.  

 

1865      In Zevenaar wordt door de kasteelheer van Poelwijk, Jhr. G.C. von Weiler, een badhuisje geplaatst op de kolk De Breuly. In 1866 zijn er 25 abonnementhouders, waaronder geneesheer G.J.F. Merz, die f 1,50 (0,70 euro) per jaar betalen.

 

Het badhuisje op de Breuly in Zevenaar in 1902

1866     In verband met de heersende runderpest wordt de Zevenaarse kermis afgelast.

1866    Op dinsdag 6 november trouwt in Zevenaar Gradus Polman (1827 - 1892), van beroep timmerman, met de uit Wehl afkomstige Johanna Judith Jansen (1838 - 1880). Zij zijn de over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

Gradus Polman (1827 - 1892)


1867    Uit heel Europa, Canada en de V.S. gaan duizenden katholieke jongemannen, de zogenaamde Zouaven, naar Italie ter bescherming van de kerkelijke staat van Paus Pius IX; onder hen vele tientallen Zouaven uit de Liemers, waarvan tenminste zes jongens uit Zevenaar. De Nederlandse Zouaven verliezen het Nederlandse staatsburgerschap. In 1947 wordt hen dit echter teruggeven. Het betreft een postuum eerherstel, omdat de laatste Nederlandse Zouaaf in 1946 is overleden.     

    Zouavenbeeld
Zouavenmuseum Oudenbosch

Een van de Zevenaarse jongens die als Zouaaf naar Italie gaat, is Gerhardus Menting. Hij is geboren in Zevenaar op 25 oktober 1845 als zoon van Gerhardus Menting en Engelina Elisabeth Klabbers.

Op 15 mei 1863 komt Gerhardus als 17- jarige bakkersknecht in dienst van bakker Van Luenen. Op 2 december 1866 neemt hij dienst in het Pauselijke leger en maakt de veldtocht van 1867 mee. Op 20 september 1870 verlaat hij het leger met een Mentana-medaille als onderscheiding. Op 2 januari 1871 is hij terug in Zevenaar en gaat als bakkersknecht werken bij bakker Gerrit Steijgerwalt.

1867    Door runderpest gaat in Zevenaar de gehele veestapel verloren. Ook de oogst is slecht, waardoor 1867 als rampjaar ervaren wordt. Op 19 januari wordt runderpest in Zevenaar vastgesteld. Binnen twee weken is de gehele veestapel in Zevenaar vernietigd. De ramp is ontzettend en er bestaat in Nederland geen voorbeeld waarbij in zo'n  korte tijd de verspreiding zo massaal is.

1867    In Zevenaar wordt de uit Oude Niedorp afkomstige dr. Carolus I.A.W. Honig (1841 - 1928) gemeentearts, als opvolger van Gerardus Merz. Zijn jaarsalaris bedraagt 250 gulden. Carolus Honig en aaalater ook zijn zoon Jan Honig zullen op medisch, politiek en sociaal gebied gedurende een periode van tachtig jaar een grote invloed hebben op de Zevenaarse gemeenschap, ondermeer bij het tot stand komen van het plaatselijk ziekenhuis en de wijkverpleging, alsmede bij de bestrijding van tuberculose.    

1868    Extreme droogte in de Liemers veroorzaakt voedseltekort.

1868    Jhr. Raphael van Nispen tot Sevenaer (1835 - 1885) koopt van baron Van Hardenbroek voor 13.200 gulden "Huis De Doelen" en de bijgelegen Doelentuin in Zevenaar. Van Nispen verhuist vervolgens met zijn gezin van een huis aan de Kerkstraat naar "Huis De Doelen". 
Raphael van Nispen tot Sevenaer behoort tot de kleine groep van zeer welgestelde. Hij is lid van de Tweede Kamer, dijkgraaf van De Liemers en wethouder in Zevenaar. Daarnaast heeft hij steenfabrieken in Oud-Zevenaar op de "Schaapsbreide" en op de "Knibbelwaard" in Westervoort. 
In 1883 verhuist het gezin van Raphael van Nispen tot Sevenaer  van de "Huis De Doelen" naar "Huis Sevenaer".


"Huis De Doelen" in Zevenaar (1911)
In 1868 koopt Raphael van Nispen tot Sevenaer"Huis De Doelen".



  "Huis Sevenaer" in Zevenaar (1916)
  In 1883 verhuist het gezin van Raphael van Nispen tot Sevenaer naar "Huis Sevenaer"

1869   Op 15 september wordt in Zevenaar een nieuwe societeit, met als naam Amicitia, opgericht, die vooral voor de middenstand is bedoeld. Tot de oprichters behoren: Franz Dubois (destillateur), Theodorus de Groen (brouwer), Wessel van Oopen (bakker), Carl Wesser (boekhandelaar) en Jan Wijers (landbouwer).

1870
   Vooral na het gereedkomen van de spoorlijn Arnhem - Keulen in 1856 gaan veel arbeiders uit de Liemers werken in het Duitse Ruhrgebied. Op maandagochtend staan op de treinstations van o.a. Zevenaar, Babberich en Elten honderden arbeiders om met de eerste trein naar het Ruhrgebied te gaan. Arbeiders uit plaatsen als Beek, Didam en Loerbeek hebben dan al een aantal kilometers lopend afgelegd. Sommige arbeiders vestigen zich in de loop der tijd definitief in Duitsland, het merendeel komt echter telkens na een week werken zaterdagavond thuis.

1871
    Op de Zevenaarse kermis worden in verband met een dreigende pokkenepidemie geen kermisexploitanten van buiten de gemeente toegelaten. Een zelfde maatregel zal ook genomen worden in de jaren: 1882, 1884, 1888 en 1892.

1871   Op maandag 2 oktober 1871 overlijdt in zijn geliefde Zevenaarse kasteel Enghuizen Carl Hendrik Pelgrom (1815 - 1871). Een groot deel van zijn nalatenschap is bestemd voor de stichting van een R.K. verzorgingshuis, de Pelgroms Stichting. 
Carl Hendrik Pelgrom, geboren op donderdag 31 augustus 1815 in Zevenaar, priester gewijd in 1843, achtereenvolg
ens kapelaan in Haarlem (1843 - 1844), Delft (1844 - 1848) en vervolgens pastoor in Brielle (1848 - 1855) gaat vanwege een slechte gezondheid in 1855 met emeritaat en woont de laatste jaren van zijn leven in zijn ouderlijk huis Enghuizen in Zevenaar.

 


Kasteel Enghuizen, waar pastoor C.H. Pelgrom in 1871 overlijdt

 

1872   Het bestuur van de pas opgerichte Pelgroms Stichting koopt uit de nalatenschap van pastoor Carl Hendrik Pelgrom in het centrum van Zevenaar een perceel grond van ruim drieduizend vierkante meter voor 1.500 gulden, dat bestemd is voor de bouw van een tehuis voor "ouden van dagen".

 


Marktstraat Zevenaar: tweede helft 19e eeuw, schilder onbekend
Juist voorbij het laatste witte huis aan de rechterzijde wordt in het centrum van Zevenaar een tehuis voor "ouden van dagen"  gebouwd.

 

1873   De in 1867 in Zevenaar gevestigde arts Carolus I. A. W. Honig koopt het Spijkerhuis aan de Kerkstraat. Tot 1884 wordt dit zijn praktijkwoning. In 1884 verkoopt Honig het Spijkerhuis aan het R.K. kerkbestuur, die het afbreekt om er een pastorie te bouwen. Dr. Honig verhuist naar het voormalige huis van notaris Z.J.G. de Both bij de Grietse Poort.

 


Zevenaar Doelenstraat / Kerkstraat begin 20e eeuw
Links kantoor Gimborn ("De Doelen") en rechts het postkantoor, het grote witte huis op de achtergrond is de R.K. pastorie in 1885 gebouwd op de plaats van het voormalige Spijkerhuis.
Het Spijkerhuis heeft een eeuwenlange geschiedenis gekend met veel illustere bewoners zoals: Elisabeth Berck-Hecking (1690), Johann von Rappard (1760) en gemeentesecretaris Johan Spijker (1850).   
  

 

1874     Naar enkele jaren later wordt bewezen, vindt in 1874 in  Zevenaar een gifmoord, een crime passionel, plaats. De waard van de op de hoek Didamsestraat - Grietsestraat gelegen Hof van Berlijn, Johannes Thuis, vergiftigt zijn vrouw Giesberta Lankerman om met de vriendin van zijn oudste dochter te kunnen trouwen. Het gebeuren houdt Zevenaar vele jaren bezig.

Hotel Het Hof van Berlijn, omstreeks1903
In 1874 vindt hier een crime passionel plaats, die de gemoederen in Zevenaar decennia lang beroert.
 


1875
    In de periode 1875 - 1895 is door de landbouwcrisis sprake van grote werkeloosheid. Ook inwoners van Zevenaar zoeken werk in het Duitse Ruhrgebied.

1875   Bij Koninklijk Besluit (K.B.) van 27 oktober (Staatsblad nr. 183) wordt station Zevenaar hoofdstationZevenaar is na Amsterdam en Rotterdam het derde grootste spoorstation voor het goederenvervoer in Nederland. Ook als grensstation is station Zevenaar uitermate belangrijk. Passagiers moeten vijftien minuten voor vertrek aanwezig zijn en vijf minuten voor vertrek wordt het loket gesloten. Het belang van Zevenaar als grensstation verandert volledig wanneer in de beginjaren vijftig van de 20e eeuw reizigers voor douane - controle niet langer hoeven uit te stappen, waardoor Zevenaar veel diensten kwijtraakt.


Stationcomplex Zevenaar, Staatsspoor (1913)

1876     Op woensdag 10 mei 1876 trouwen in Zevenaar Bernardus Jansen (1849 - 1914) en Maria Theodora Berentzen (1849 - 1924). Zij gaan wonen in huize (cafe / boerderij) "Buitenlust" aan de weg naar Doesburg op 't Grieth in Zevenaar. Zij zijn de bet-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen. Uit hun huwelijk worden negen kinderen geboren: Lena (1877), Theed (1878), Jan (1881), Bernard (1883), Grada (1886), Marie (1887), Gerrit (1889), dood geboren jongetje (1890) en Hentje (1892). 
Hun dochter Marie Jansen (1887 - 1976) trouwt in 1911 met Christiaan Polman (1878 - 1954). Marie en Christiaan zijn de over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

Links het in 1876 gebouwde "Buitenlust" (afbeelding midden 20e eeuw)
Op een snikhete zomerdag in 1906 wordt hier onder de wilgen schutterij "Sint Andreas" opgericht.

In 1972 wordt het oude "Buitenlust" gesloopt en vervangen door een nieuw zoals dat in onze tijd nog bestaat. Omstreeks 2000 wordt dit een wokrestaurant (afbeelding rechts).

 

1876    Geruchten dat Johannes Thuis zijn vrouw heeft vergiftigd worden steeds sterker. Op 3 juni wordt het lijk van de vrouw, die twee jaar eerder is overleden, ten overstaan van de rechter-commissaris opgegraven op het R.K. kerkhof aan de Arnhemseweg in Zevenaar. Het onderzoek naar mogelijk gif heeft een positief resultaat. Alleen al in de maag en lever van het slachtoffer bevindt zich meer dan een gram rattenkruid, een hoeveelheid die voldoende is om vijf mensen te doden. Johannes Thuis wordt gearresteerd en tot levenslange tuchthuisstraf veroordeeld.  

1876   Alexander Bell (1847 - 1922) vindt de telefoon uit. Het zal echter veel meer dan een halve eeuw duren voordat de telefoon ook in het dagelijks leven van gewone mensen haar intrede doet. Zo bedraagt het aantal telefoonaansluitingen in Zevenaar in 1915 nog maar ongeveer dertig. Het zijn tot het midden van de 20e eeuw voornamelijk zakenmensen en notabelen die over telefoon beschikken.


Aangeslotenen op telefoon in Zevenaar in 1915 

1877    Johannes Thuis, de waard van het vermaarde logement Hof van Berlijn in Zevenaar, wordt op 23 januari tot levenslange tuchthuisstraf veroordeeld voor de door hem in 1874 gepleegde vergiftigingsmoord op zijn vrouw Giesberta Lankerman. Enige maanden later wordt hij ernstig ziek en op 2 augustus 1877 overlijdt hij in het tuchthuis van Leeuwarden. 

Grietsestraat  hoek Didamsestraat in Zevenaar in 1903 en 2003



Hotel Hof van Berlijn in Zevenaar in 1903
Johannes Hendricus Thuis heeft dit vermaarde
hotel geleid van 1857 tot 1876.
In de laatste oorlogsnacht op 3 april 1945 wordt
dit hotel door terugtrekkende Duitsers verwoest.


Bovenstaande foto betreft exact dezelfde locatie
als de linker afbeelding maar 100 jaar later.

 

 

 

1877    Op donderdag 3 mei wordt de Pelgroms Stichting, een "tehuis voor hulpbehoevenden en ouden van dagen" in het centrum van Zevenaar naast de Hervormde Kerk geopend. Bijna 90 jaar later, in juli 1966, zal het plaatsmaken voor een meer eigentijds gebouw.

 

De oude Pelgroms Stichting, een markant en imposant pand, is gedurende bijna 90 jaar aan de Marktstraat (tussen de winkels van Weg en Traag en de Hervormde Kerk) gelegen. 

Nadat Carl Hendrik Pelgrom oud-pastoor van Brielle in 1871 in zijn geliefde Zevenaarse kasteel Enghuizen overlijdt, is een groot deel van zijn nalatenschap bestemd voor de stichting van een "R.K. verzorgingshuis, de Pelgroms Stichting".

In 1914 worden 40 elektrische lichtpunten in het huis aangelegd voor 315 gulden. In 1933 wordt in het gebouw een lift aangebracht, waardoor ook mensen die slecht ter been zijn naar de kapel op de bovenverdieping kunnen.  

 

1878    In Zevenaar-stad wordt op woensdag 25 september geboren Christiaan J. Polman (1878 - 1954), over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

 


Christiaan Polman (24 jr) in 1903
De fiets is omstreeks 1900 nog bijzonder.

1878    Kostschool-directeur Antonius Deenen (1830 - 1909) verplaatst zijn school van Pannerden naar Zevenaar in de oude Latijnsche school aan de huidige Van Munsterstraat. De principes waarop het onderwijs in dit instituut met de naam "St. Josef" berust zijn leren, luisteren en werken.

A.Deenen (1830 - 1909)

In 1878 verplaatst A. Deenen zijn kostschool naar een pand, dat door een laan (huidige Kostschoollaan) met de Kerkstraat is verbonden.

Instituut St. Jozef te Zevenaar

 

 

 

1879    Gradus Polman (over-over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) koopt van Aleida Daniels in de Zevenaarse Kerkstraat een huis. Ruim 65 jaar later zal dit huis door een geallieerd bombardement worden verwoest; hierbij vallen drie doden (zie 1945).

 

   
Gradus Polman omstreeks 1890



 
Achterzijde van de foto van Gradus Polman: Photographie Instantanee H.A. Staarink Diedam

 


1879     Op de Babberichseweg in Zevenaar wordt een stuk grond als Hervormde begraafplaats ingericht. Op dit kerkhof worden in de loop der tijd veel bekende mensen uit Zevenaar e.o. begraven, zoals oud-burgemeester Koch, notaris Hazewinkel en leden van de familie De Neree tot Babberich. Ook vindt men er veel overledenen van Molukse afkomst.   


Grafmonument van Johan W. C. Koch en zijn echtgenote op de Hervormde begraafplaats in Zevenaar

 

1880     De Zevenaarse stalhouder Chr. Weijers, die de nachtelijke postrit Arnhem - Emmerik onderhoudt, klaagt over de slechte berijdbaarheid bij nacht van sommige delen van de weg, waardoor zowel mens als paard gevaar lopen. Weijers is verplicht om de afstand Arnhem - Emmerik (32 km) binnen 2 uur en een kwartier af te leggen. Hoofdingenieur De Bruijn Kops antwoordt op de klacht "dat bij zulk een hard rijden bij duisternis de geringste oneffenheden hinderlijk, ja gevaarlijk worden".

 

   



Grindweg Emmerik - Arnhem in Zevenaar (1909) Het tweede huis links is in 1887 gebouwd door wethouder Van Nispen tot Pannerden. Ik herinner me dat toen ik als kind met mijn opa langs dit huis liep, hij vertelde dat hij zich de bouw van dit huis nog goed kon herinneren. Halverwege de 20e eeuw heeft gemeentesecretaris Van der Heijden vele decennia in dit huis gewoond. Rechts de grafkapel van de begraafplaats, die in 1856 is gesticht; daarvoor werd rondom de kerk begraven..

 

1880     Op maandagochtend 25 oktober vindt op station Zevenaar een tragisch ongeluk plaats waarbij een wisselwachter met het onderbeen onder de trein komt. De stationschef stuurt direct een telegram aan de stationschef in Arnhem waarop de heren C.M. van der Linden en dr. de Jong per rijtuig naar Zevenaar vertrekken. Met assistentie van de Zevenaarse dr. Honig wordt het verbrijzelde been tot boven de knie afgezet.   


Station Zevenaar omstreeks 1900

 

1880     Op vrijdag 10 december 1880 wordt op boerderij "Lange Morgen" in Zevenaar geboren Christiaan Smeenk. Kort na de geboorte overlijdt zijn moeder waarna zijn vader het kinderloze echtpaar Lubbers-Westhoff, dat familie is en in Westervoort aan de Rijndijk een schoenmakerij drijft, vraagt om de baby te adopteren. 
Christiaan Smeenk (1880 - 1964), groeit vervolgens op in Westervoort en ontwikkelt zich in de 20e eeuw tot een vooraanstaand christelijk  arbeidersvoorman, journalist en politicus. Op 12-jarige leeftijd gaat Smeenk werken als schrijver / jongste bediende bij het kantongerecht in Arnhem waar hij veel maatschappelijke misstanden tegenkomt, die een grote indruk op hem maken. Na het overlijden van zijn pleegouders in 1896 verhuist hij naar Arnhem. 
In de periode tussen de beide wereldoorlogen wordt Christiaan Smeenk de belangrijkste man van de christelijke arbeidersbeweging in Nederland en een vooraanstaand lid van de (gereformeerde) Anti Revolutionaire Partij (A.R.P.). Gedurende zijn leven combineert hij tal van politieke en maatschappelijke functies. Zo is hij 30 jaar lid van de Tweede Kamer, 15 jaar lid van Provinciale Staten van Gelderland, 10 jaar wethouder en bijna 50 jaar lid van de gemeenteraad van Arnhem en kan hij op het eind van zijn leven terugzien op een indrukwekkende staat van dienst als onder meer journalist, hoofdredacteur, schrijver van handboeken voor de arbeidersbeweging, vice-voorzitter van het C.N.V. (Christelijk Nationaal Vakverbond), voorzitter van Patrimonium en activist tegen drankmisbruik en vrouwenhandel.

  




1881    Het jaarinkomen van de beide Zevenaarse wethouders wordt verhoogd van dertig naar vijftig gulden, een loonsverhoging van 66%.

1881     In Zevenaar wordt in de Wittenburgstraat een nieuwe brandweerkazerne in gebruik genomen. Het is de stalling voor de brandweerwagen en in de geventileerde toren worden de juten brandslangen gehangen om te drogen. De brandweerkazerne heeft als zodanig dienst gedaan tot 1944 waarna het vele jaren gebruikt is als opslagruimte voor marktkramen en later als scoutinggebouw. Het gebouwtje raakt steeds meer in verval totdat het in 2011 volledig wordt gerestaureerd waarna het dienst doet als kunstgalerij waardoor de  markante slangentoren voor Zevenaar is behouden.   


Slangentoren aan het begin van de Zevenaarse Wittenburgstraat (2005)

1881    Op vrijdag 5 augustus sterft in Zevenaar Jan (Johannes) Polman (1797-1881). Zijn vrouw, Johanna Polman-Banning (1798-1882), waarmee hij ruim 56 jaar getrouwd is geweest, overlijdt enige maanden later. Zij zijn voorouders in rechte lijn (6 generaties) van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

1882    Vanwege een heersende pokkenepidemie worden tijdens de Zevenaarse kermis geen kermisexploitanten van buiten de gemeente toegelaten. Eenzelfde maatregel wordt ook in 1888 genomen.

1882     Op 15 juli 1882 brandt het huis van de arbeider H.C. Kroes op 't Grieth in Zevenaar volledig af. Het vee kan gered worden maar de inboedel gaat volledig verloren.

1883    Tijdens een hevig onweer op 4 juli 1883 slaat de bliksem in bij de boerderij van G.J. Heijting op 't Grieth en bij de daghuurderswoning van J. van Hal in de Stegeslag. Beide gebouwen branden tot de grond toe af. Nog in hetzelfde jaar op 11 november komt bij een binnenbrand in de woning van L. Thiemesen, ook in Zevenaar, een driejarig meisje om het leven. De ouders hebben hun vier kinderen bij een brandende kachel alleen gelaten en de deur afgesloten.

1883     Jhr. Carel Jan Christiaan Hendrik van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1884), van 1871 tot zijn dood lid van de Tweede Kamer, wordt in 1883 lid van de belangrijke Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening. De in 1824 in Huize 't Hoek in Zevenaar geboren van Nispen is een van de eerste voormannen van de in zijn tijd achtergestelde Nederlandse katholieken. Hij overlijdt op donderdag 3 april 1884 en wordt op maandag 7 april in het familiegraf in Zevenaar begraven.

 
C.J.C.H. van Nispen tot Sevenaer (1824 - 1884)
(Katholieke Illustratie 1883, houtgravure Walter)



1884     Op donderdag 10 juni overlijdt in Zevenaar pastoor Jan Rikmanspoel (1826 - 1884). Hij was pastoor van de Zevenaarse R.K. Andreaskerk ten tijde van de beruchte gifmoord in 1874. Deze gifmoord heeft de Zevenaarse gemeenschap decennia lang beziggehouden .

 
Bijna anderhalve eeuw na zijn dood ziet het grafmonument van pastoor Rikmanspoel er nog relatief goed uit

 

1884    In Zevenaar wordt in Huize Hoek geboren jhr. Antoine (Tanne) van Nispen tot Pannerden,  die in 1911, op 27-jarige leeftijd, benoemd zal worden tot burgemeester van Didam en in 1920 tot burgemeester van Zevenaar, waar zijn grootvader in het midden van de 19e eeuw ook al burgemeester is geweest.

 
Huize 't Hoek in Zevenaar, het stamhuis van de familie Van Nispen tot Pannerden.
Het pand 't Hoek staat op de hoek Arnhemseweg - Grietsestraat totdat het in de vroege ochtend van de laatste oorlogsdag, 3 april 1945, door terugtrekkende Duitsers op zinloze wijze volledig zou worden verwoest. Op de plaats van dit pand bevindt zich in onze tijd het monument van de Vier Tamboers op het Zevenaarse  Raadhuisplein

 

1885    In Zevenaar wordt aan de Kerkstraat een nieuwe R.K. pastorie in gebruik genomen, die tot in de 21e eeuw als zodanig dienst blijft doen. De pastorie die in 1885 verlaten wordt en gelegen is in de Sint Jansstraat (nu: Marktplein), heeft meer dan tweehonderd jaar als zodanig dienst gedaan. 

 
De R.K. pastorie in de St. Jansstraat (nu Marktplein, afb. omstr.1985) kent een lange geschiedenis als pastorie gedurende de periode 1650-1885. Zo wordt de pastorie aan het begin van de 18e eeuw bewoond door pastoor Lippert en aan het begin van de 19e eeuw door pastoor Theben. De laatste R.K. geestelijke die het pand heeft bewoond is pastoor Willem Wessels. In onze tijd (aan het begin van de 21e eeuw) doet de voormalige pastorie dienst als toonzaal van de firma Kusters-Knol.

1885    De Spoorlijn Zevenaar - Doetinchem komt gereed. Op 1 juli 1885 wordt in Zevenaar naast het bestaande treinstation voor de internationale treinen ook een station voor de interlokale treinen Zevenaar - Doetinchem geopend.

 

 

 

 

Het regionale station Zevenaar (lijn Zevenaar - Doetinchem - Winterswijk)
Dit station, op 200 meter van het internationale station (lijn Zevenaar - Emmerik), wordt in 1970 helaas afgebroken.

Nadat  het gebouw vanaf 1 juni 1918 niet meer als station dienst doet, wordt het verbouwd tot woonhuis voor drie gezinnen. Halverwege de 20e eeuw wonen er de families Van Aalst, Keurentjes en Saalmink

 

 

1886    In Zevenaar wordt kegelclub de Lijmers opgericht. In 1905 beschikt deze vereniging over een eigen gebouw, ontworpen door de Amsterdamse architect A.J. Joling.

1886    Met ingang van 1 oktober neemt De Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij (NRS) een heuse stoomtramdienst in exploitatie tussen Ede en Zevenaar. In 1903 wordt deze tramdienst weer opgeheven.      


Dienstregeling omstreeks 1891

 

1887    Op donderdag 7 april wordt in huize (cafe / boerderij) "Buitenlust" op het Zevenaarse Grieth geboren: Maria (Marie) Antonia Johanna Jansen (1887 - 1976), over-overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen geboren.


Zevenaar:  Doesburgseweg in de omgeving van "Buitenlust" in de jeugdjaren van Marie Jansen


Marie Jansen, 19 jaar in 1906

 1887    De neogotische toren van de St. Andreaskerk in Zevenaar wordt gebouwd (architect A. Tepe).

 

St. Andreaskerk

Op deze foto, uit het begin van de 20e eeuw, zal de neogotische toren van de St. Andreaskerk vermoedelijk ongeveer 25 jaar oud zijn. Aan de rechterzijde van de toren is het doelentorentje duidelijk zichtbaar.


Op bovenstaande, de oudst bekende foto van Zevenaar, heeft de Andreaskerk nog geen hoge neogotische toren.
De foto is vermoedelijk uit 1865 juist voordat op de Markt een overkapping wordt aangebracht.
1 Andreaskerk 2 Doelentorentje 3 Markt

Op onderstaande foto uit 1896 zien we de neogotische toren van de Andreaskerk (1), het Doelentorentje (2) en de in 1865 geplaatste marktoverkapping (3).

  


1887    Kegelclub "De Lijmers" wordt opgericht. Op 22 februari 1904 krijgt deze de Koninklijke goedkeuring.      


Kegelclub "De Lijmers" in 1907 bij haar 20-jarig jubileum
V.l.n.r: staand:
Gerritsen, Janssen, Heijting, Uiterwijk, Van Ditshuizen en Derk Heijting
zittend:
L. Gerritsen, Joling, Bouwman, onbekend, A.de Groen, Jansen en H. Gerritsen



1888    Vanwege een heersende pokkenepidemie worden tijdens de Zevenaarse kermis geen kermisexploitanten van buiten de gemeente toegelaten.

1888    Omdat het kerkorgel in de R.K. kerk in Zevenaar het laat afweten zoekt koster Spaan (1854 - 1918) een aantal mensen. Het is in feite het ontstaan van de fanfare St. Caecilia, genoemd naar de beschermheilige van de muziek. De pastoor is ingenomen met het initiatief van zijn koster, waardoor de kerkdiensten met muziek opgeluisterd worden, maar waarschuwt wel dat de vereniging niet te "werelds" moet worden. In onze huidige tijd heet de fanfare "Stedelijke Muziekvereniging Zevenaar" en is het de oudste vereniging van Zevenaar.      

1888    Op dinsdag 9 oktober keren enkele spoorwegarbeiders met een werkwagen huiswaarts. Terwijl een van hen de wagen voortduwt heeft ploegbaas Koning uit Zevenaar de pech achterover van de wagen te vallen. Hij is vrijwel direct dood. De gewaarschuwde geneesheer uit Elten constateert dat Koning zijn nek heeft gebroken.

1888    Fotografie wordt voor een breder publiek toegankelijk met de komst van de Kodak - camera met rolfilm: "You press the button, we do the rest".

 

Bernardus (Naadje) Jansen (1849 -  1914) en zijn vrouw Maria Theodora Berentzen (1849 - 1924), de over-over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen
Deze foto is gemaakt in de negentiger jaren van de 19e eeuw in een tijd dat "op de foto gaan" nog heel bijzonder is. Het echtpaar heeft cafe "Buitenlust" op 't Grieth in Zevenaar; wellicht is deze foto daar in de tuin genomen. Op de tafel is nog net het borrelglaasje te zien.

 

1889     De maximumsnelheid van personentreinen op de lijn Zevenaar - Didam - Wehl - Doetinchem - Winterwijk wordt verhoogd van 30 naar 40 kilometer per uur.

1889   Dat een treinreis aan het eind van de 19e eeuw heel bijzonder is blijkt uit een bericht in de Graafschapbode van 5 september 1889: "Met den pleiziertrein van Emmerik naar den Haag vetrokken ongeveer 240 passagiers uit Emmerik en Elten en 48 uit Zevenaar en omstreken".

 


Stoomtrein omstreeks 1900

 

1889   Omstreeks deze tijd wordt de jaarlijkse kermis in Zevenaar verplaatst van de binnenstad naar een terrein op 't Grieth (huidige Oude Doesburgseweg).

 


Tot omstreeks 1889 vindt de jaarlijkse kermis in de Zevenaarse binnenstad plaats


1890
     Op 14 juni wordt in Zevenaar een brigade van de Koninklijke Marechaussee gevestigd. De huisvesting vindt plaats in een gehuurd pand aan de Wittenburgstraat 21.

Marechaussee voor de kazerne aan de Zevenaarse Wittenburgstraat
Op 1 januari 1922 zal de huur (f 900 per jaar) van het pand eindigen nadat, na de dood van de eigenaresse mevrouw Hopma, de erfgenamen het pand verkopen aan jhr. Louis van Nispen tot Sevenaer. De brigade blijft nog aan de Wittenburgstraat gevestigd, totdat in 1923 de nieuwe kazerne aan de Arnhemseweg 86 gereed komt.
In het pand aan de Wittenburgstraat (nu Markt) vestigt zich in de tweede helft van de 20e eeuw stoffeerderei Kusters-Knol.   


1890
    In Zevenaar wordt aan de Arnhemseweg een nieuwe joodse begraafplaats aangelegd. Louis Cohen is, op woensdag 18 november 1891, de eerste, die hier begraven wordt. Hij wordt gevolgd door Jetje Northeimer-Kats op zaterdag 25 februari 1893. In de loop der tijd volgen vele tientallen. Het enige kindergraf op dit kerkhof is van Ida Hester de Leeuw, die 14 maanden oud, op 11 januari 1922 sterft. Op het kerkhof staan in onze tijd gedenkstenen van tal van bekende joodse inwoners van Zevenaar zoals: Gans, Northeimer, Cohen, Rosenberg, Rosenbaum, Hertz en De Leeuw.


Joodse begraafplaats in Zevenaar omstreeks 1970
Op nevenstaande foto zien we de vermaarde veekoopman Sally Gans. Hij wordt omschreven als een beminnelijk mens, die   als afscheidswens altijd heeft "Blijf gezond". Wanneer Gans in 1980 op 93-jarige leeftijd overlijdt, is hij de voorlaatste die op dit kerkhof begraven wordt. Zijn echtgenote mevrouw Netty Gans - Cohen is op 5 maart 1982 (Joodse kalender: 10 adar 5742) de allerlaatste.

    

1891    Op woensdag 11 maart besluiten 101 Liemerse boeren (68 uit Didam, 19 uit Zeddam en 14 uit Wehl) tot de oprichting van een cooperatieve roomboterfabriek, waardoor Didam de primeur heeft van de allereerste cooperatieve roomboterfabriek buiten Friesland.  Het kapitaal wordt verkregen door uitgifte van aandelen van f 50,= (22,50 euro) aan ieder van de deelnemers. De fabriek is al snel een groot succes en omgevende plaatsen zoals Doesburg in 1892, Zevenaar in 1893, Angerlo in 1894 en Wehl in 1894 volgen.

De Didamse roomboterfabriek omstreeks 1900  

1892    In juli wordt het eerste postkantoor in Zevenaar geopend in een pand aan de Kerkstraat hoek Kostschoollaan. Dit postkantoor doet als zodanig dienst tot 28 juni 1916, wanneer een nieuw postkantoor (hoek Nieuwe Doelenstraat/Kerkstraat) in gebruik wordt genomen, dat tot en met 11 juni 2009 dienst doet.

1892    Op 8 december overlijdt  Gradus Polman (over-over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) in Zevenaar-stad.

Gradus Polman (1827 - 1892), in 1879 weduwnaar geworden, sterft op 8 december 1892 op 65-jarige leeftijd aan de gevolgen van tongkanker.

1893    Op donderdag 3 augustus wordt bij gelegenheid van het 60-jarig bestaan van de Zevenaarse synagoge een nieuwe Tora-rol ingewijd.

 

 

 

1893    Zevenaar krijgt een stoomzuivelfabriek. Op 10 mei wordt de eerste steen gelegd aan de Molenstraat. De eerste directeur is de Friese zuiveldeskundige J. van der Meulen, die een jaarloon verdient van 400 gulden (181 euro).

 

 

 

1893    Op woensdag 20 december komt op het station in Zevenaar stationsmedewerker Dikker onder de vertrekkende trein naar Emmerich. Hij wordt door de trein omvergeworpen en blijft plat op de grond liggen tot de trein volledig gepasseerd is. De aanwezige beambten staan versteend van schrik. Groot is echter hun verbazing en vreugde wanneer ze zien dat Dikker opstaat en geheel ongedeerd blijkt te zijn gebleven.      

 

1894    Zevenaar is de vijfde plaats in Gelderland waar zich een tandmeester vestigt. Het is de uit Kleef (Kleve) afkomstige Friedrich Nagel, die zich bedient van de dan modieuze titel "tandarts".

1894    In Zevenaar komt pokken, naar later blijkt, voor de laatste keer voor.

1894    In Zevenaar sterven 18 kinderen aan tyfus.  In hetzelfde jaar veroorzaakt een difterie-epidemie veel (jeugdige) slachtoffers in de Liemers. Voor het eerst wordt bij de behandeling van difterie met succes een anti-difterieserum toegepast.

1895     Louis van Nispen wordt gekozen in de Zevenaarse gemeenteraad. Gedurende een periode van meer dan veertig jaar tot 1939 blijft hij een markant raadslid. In de Liemerse samenleving aan het eind van de 19e eeuw en de eerste helft van de 20e eeuw neemt Louis van Nispen een zeer bijzondere plaats in. Evenals zijn vader Rafael (A.J.B.M.) van Nispen (1803 - 1885) speelt hij een belangrijke rol bij de emancipatie van het in deze tijd achtergestelde katholieke volksdeel.  

1896    Tabaksondernemer Buschhammmer verkoopt zijn woning, Havezate Rijck in de Stationsstraat in Zevenaar, aan notaris Hazewinkel; deze woont er meer dan zestig jaar tot zijn dood op 104 jarige leeftijd in 1964. Daarna neemt de naastgelegen Turmac het pand in gebruik als kantoor. 
In onze huidige tijd staat dit statige pand nog altijd naast de voormalige Turmac-sigarettenfabriek, waarin inmiddels het stadskantoor is gehuisvest.

 

 

 


Tabaksondernemer Buschhammer, die in 1896 Huis Rijck verkoopt aan notaris Hazewinkel

1897    Op 6 januari vestigt zich notaris J.H.O. (Obbo) Hazewinkel (1860 - 1964) in Zevenaar in het pand Huis Rijck. Hij zal in Zevenaar het ambt van notaris een halve eeuw vervullen. Als hij in 1946 op 86-jarige leeftijd met pensioen gaat, blijft hij tot zijn dood op 18  augustus 1964 een vertrouwde persoonlijkheid die men vaak wandelend in de (verre) omgeving kan tegenkomen.   

 

 

Huis Rijck
Op deze foto, uit het begin van de 20e eeuw, zien we geheel rechts Huize Rijck, waarin notaris Hazewinkel gedurende een halve eeuw zijn notarispraktijk uitoefent en waarin hij bovendien meer dan 65 jaar tot zijn dood in 1964 woont.
Op de achtergrond is nog heel vaag de toren van de Andreaskerk te zien.

 

 

1897    Op 1 december telt de gemeente Zevenaar 4342 inwoners, verdeeld over 2285 mannen en 2057 vrouwen.

 

 

1898    Op maandag 4 juli, omstreeks 13.00 uur, wordt de boerderij en schuren van de familie Otten aan de Didamseweg in Zevenaar door een alles vernietigende brand volledig in de as gelegd. Slechts met de allergrootste moeite kan de veestapel tijdig in veiligheid gebracht worden. Van de inboedel kan niets gered worden. De boerderij, die in 1780 is gebouwd door Wessel Stockman, wordt na de brand herbouwd maar in 1972 gesloopt om plaats te maken voor de aanleg van de weg het Oosteinde.

1898    De Duitse zakenman en zuiveldeskundige Albert Woehrmann koopt de stoomzuivelfabriek aan de Molenstraat in Zevenaar. De naam van stoomzuivelfabriek De Lijmers wordt gewijzigd in Zevenaarer Damfmolkerei. In de beginperiode wordt 1.500.000 liter melk per jaar verwerkt en 50.000 kg boter geproduceerd De fabriek blijft bijna vijftig jaar tot 1945 in Duits bezit. 

1899    Bernard  (Naadje) Jansen (1849 - 1914), over- over- overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen doet zijn intrede in de gemeenteraad van Zevenaar.

 

 

Bernard Jansen (1849 - 1914)

Lid van de Zevenaarse gemeenteraad van 1899 tot 1911

 

1899    De Zevenaarse gemeentesecretaris J. de Werd gaat, na een dienstverband van bijna 49 jaar, op 82-jarige leeftijd met pensioen. De Werd woont tot zijn dood in een groot huis aan de Didamse poort en de stadsgracht. Zijn enige dochter laat het oude huis afbreken en zet er een nieuw huis, dat er nog altijd staat.

 

 

 

1900     Paul Kruger, president van de republiek Zuid-Afrika, wordt op donderdag 6 december op grootse wijze verwelkomd op het station in Zevenaar. Vanaf het moment dat hij komend per trein vanuit Emmerich in Zevenaar aankomt, staan vele duizenden mensen hem toe te juichen.
Op het perron bevinden zich naast het gemeentebestuur van Zevenaar ook deputaties van de gemeenten Lobith, Terborg, Didam en Doetinchem, de president van de Algemene Nederlandse Boerenbond Louis Ridder de van der Schueren, afgevaardigen van kerkraden etc.etc. Fanfares spelen het Transvaalse Volkslied en de burgemeester van Zevenaar, baron van Voorst tot Voorst en de president van het Transvaalcomitee te Zevenaar, dr. Honig, houden geestdriftige toespraken.

 

 



 

 

 

 

 



Paul Kruger
Leider in de opstand tegen Engeland en eerste president van de republiek Zuid-Afrika.

1900     Omstreeks deze tijd wordt Huis Rijck, bij station Zevenaar verbouwd, waarbij de geveltoppen worden afgebroken, waarna het pand het uiterlijk krijgt, zoals we dat in onze tijd kennen. Omstreeks 1920 wordt naast Huis Rijck tabaksfabriek "Turmac" gebouwd waardoor het belangrijk in statigheid inboet. 


1900    In de gemeente Zevenaar wonen 4.414 inwoners waarvan 3.952 katholiek, 368 hervormd, 78 Israeliet, 10 gereformeerd, 4 lutheraan, 1 oud-katholiek en 1 remonstrant. Blijkbaar geen onkerkelijken, maar dat zal een eeuw later geheel anders blijken te zijn.

 

Zevenaar, de Markt en de R.K. Kerk aan het begin van de 20e eeuw
Ongeveer een halve eeuw later in 1955 zal de marktoverkapping worden afgebroken.

Op de achtergrond de katholieke Andreaskerk,  die in 1887 een ongeveer 65 meter hoge toren heeft gekregen; rechts daarvan het doelentorentje.


1 Grietsestraat 2 Marktstraat 3 Reformeerde kerk (in huidige tijd "Ontmoetingskerk") 4 Weverstraat 5 Pelgroms Stichting (bejaardenhuis) 6 overkapping Markt

 

1901    De jaarwedde van de burgemeester van Zevenaar bedraagt 1.150 gulden (540 euro); andere jaarinkomens (in guldens) in Zevenaar: gemeentesecretaris 875, hoofd der school 900, onderwijzer 600 en veldwachter 400.

 

 


Zevenaar aan het begin van de 20e eeuw

 

1902    Plannen om het monumentale Huis de Doelen (Doelenhuis) in Zevenaar als gemeentehuis te laten dienen gaan niet door, omdat men de koopprijs van 15.000 gulden (6.900 euro) te hoog vindt.

Het Huis de Doelen is gebouwd in de 16e eeuw
In de loop der tijd hebben er veel vooraanstaande families gewoond. Het huis stond tegenover het huidige postkantoor en had uitzicht op de Doelenstraat. In 1907 kocht de Duitse inktfabrikant Von Gimborn het pand. Helaas kon ook dit pand de doorgeslagen naoorlogse moderniseringsdrift niet weerstaan en werd het in 1957 gesloopt.

Als kind ben ik ontelbare malen de trappetjes (zie foto) voor het Huis de Doelen  op- en afgegaan; de ene kant omhoog en de andere kant weer omlaag.


Zevenaar, Doelenstraat (1899); in de huidige tijd is dit een onderdeel van de Markt. Rechts: het trappetje voor Huis de Doelen (gesloopt in 1957). 
 
Zevenaar, Markt (1899); op de achtergrond de Andreaskerk en rechts daarvan het torentje van Huis de Doelen (gesloopt in 1957). Op de voorgrond de marktoverkapping (afgebroken in 1955).

1903    Zevenaar krijgt een nieuw gemeentehuis (hoek Didamsestraat - Wittenburg). Het wordt gebouwd door aannemer Damen uit Wehl en zal bijna 60 jaar als zodanig dienst blijven doen. In 1959 gaat men over naar een nieuwe behuizing aan het Raadhuisplein.

Aan de rechterzijde staat het gemeentehuis (met torentje) nog in de steigers. Volwassenen en kinderen zijn uitgelopen om op de foto te komen.

De panden aan de linkerzijde (o.a. het Hof van Berlijn) en de rechterzijde (de bakkerij van Swaay - Kleve) zullen decennia later in de laatste oorlogsmaand (april 1945) volledig worden verwoest.

 

 

1903    Dr. A.C.M. Schaepman (1857-1932), pastoor van de Zevenaarse Andreaskerk, wordt president van het groot seminarie in Rijsenburg. Hij wordt als pastoor in Zevenaar opgevolgd door S.C. van Os.

 

 


dr. A.C.M. Schaepman
 (1857-1932)

1904     Per 1 januari wordt Jan G.A. Honig (1872 - 1958), zoon van de Zevenaarse arts Carolus I.A.W. Honig, op een traktement van 600 gulden (275 euro) benoemd tot gemeente-arts van Zevenaar. De "jonge" Honig ontwikkelt zich tot de meest geliefde arts die Zevenaar e.o. gekend heeft. Vele decennia is Honig directeur van het plaatselijke ziekenhuis en daarnaast tot 1940 huisarts. Zijn taak als gemeente-arts beeindigt hij in 1929. Als gemeente-arts wordt Honig jr. opgevolgd door Caspar van Mens, die op zijn beurt in 1938 wordt opgevolgd door E.P.T. Vaesen, de laatste gemeente-arts van Zevenaar, die zijn werkzaamheden in 1974 beeindigt.

Jan Honig met zijn oudste patiente de 96-jarige Doortje Klutman (1839 - 1937)
Foto 1935

 

De immense populariteit van Jan Honig blijkt ondermeer uit een bericht in een regionale krant uit 1906, waarin wordt vermeld dat Honig en zijn echtgenote, terugkomend van een huwelijksreis van drie weken, op het Zevenaarse station(splein) worden verwelkomd door "schutterijen uit Babberich, Grieth en Ooy, drie muziekcorpsen, een stoet ruiters alsmede een mensenmenigte van zeker 5.000 tot 6.000 personen" (In 1906 is het inwoneraantal van de volledige gemeente Zevenaar ongeveer 5.000).

 

1904    In de 19e en een groot deel van de 20e eeuw is Nederland een emigratieland. Voor velen is er de hoop op een betere toekomst in het nieuwe vaderland, maar er zijn doorgaans ook veel tranen. Meestal houdt een vertrek in, dat de geboortestreek voor goed verlaten wordt. Tussen 1901 en 1914 bereikt het aantal passagiers van de in 1873 opgerichte Holland-Amerika Lijn een hoogtepunt: Zo'n twee miljoen landverhuizers reizen dan vanaf de Wilhelminakade in Rotterdam naar het beloofde land. Onder hen ook veel mensen uit Zevenaar, zoals Christiaan Polman, de over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen, die in 1904 naar Amerika vertrekt. Ook zijn broer Gerrit Polman en andere familieleden emigreren in het begin van de 20e eeuw naar Amerika. Christiaan keert na enige jaren terug naar Zevenaar; zijn broer Gerrit blijft zijn hele leven als kloosterling in de U.S.A.

Op nevenstaande foto (op de achterzijde van het origineel staat geschreven "Vaarwel Broeder") neemt Christiaan Polman (rechts) afscheid van zijn broer Gerrit (kloosternaam: broeder Willibrord). Een vertrek naar Amerika betekent in die tijd heel vaak een afscheid voor het leven.

1905    Op 20 maart richten dr. C.I.A.W. Honig sr. en Mr. J.H.O. Hazewinkel in Zevenaar de Vereeniging Ziekenzorg op. Voor een bedrag van vijftig cent per jaar kunnen inwoners van Zevenaar lid worden en verkrijgen ze bij ziekte verpleging met gebruik van alle verplegingsartikelen. In 1926 zal de contributie verhoogd worden tot een gulden (0,45 euro). In 1948 zullen de werkzaamheden overgedragen worden aan de Wit-Gele Kruisvereniging.  

 


Dr. Honig sr.

1905    Omstreeks deze tijd telt de joodse gemeenschap in Zevenaar ongeveer 110 zielen. Beginjaren veertig is dit aantal gehalveerd en in de jaren 1942 / 1943 wordt deze bevolkingsgroep op een onbeschrijflijke manier vrijwel geheel uitgemoord in Poolse en andere vernietigingskampen.

Het centrum van Zevenaar omstreeks 1905

1906    Op 14 september krijgt Max von Gimborn, afkomstig uit Emmerich, vergunning om in Zevenaar een inktfabriek te starten. De familie Von Gimborn is een geslacht van apothekers en inkt is in deze tijd een typisch apothekersproduct. Een eerder initiatief van Von Gimborn om in 's-Heerenberg een inktfabriekje te beginnen mislukt. Het nieuwe initiatief in Zevenaar zal wel succesvol verlopen.

1906    De Zevenaarse Schuttersvereniging St. Andreas wordt opgericht door H. van der Eem, op 't Grieth bij Bernardus (Naatje) Jansen.


Bij Naatje Jansen (over-over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) van cafe Buitenlust op 't Grieth in Zevenaar wordt onder de wilgen op een warme zomerdag in 1906 de schutterij "Sint Andreas" opgericht.
Bij de tenaamstelling wordt gekozen voor de patroonheilige van de Zevenaarse parochie St. Andreas. In de eerste statuten staat als doel van de schutterij: "de volksvermaken te veredelen en de eendrachtige samenwerking tussen de ingezetenen van Grieth en Zevenaar te bevorderen".

1906    Baron F.J.H. van Voorst tot Voorst, burgemeester van Zevenaar, overlijdt plotseling op maandagavond 11 juni 1906 tijdens een raadsvergadering: "door een beroerte welke op hem neerviel als een bliksemschicht uit helderen hemel"

 

Frederik Joseph Henri baron van Voorst tot Voorst (1837 - 1906) wordt in 1866 burgemeester van de Liemerse gemeente Pannerden (thans deel van Rijnwaarden). Vijf jaar later in 1871 wordt hij burgemeester van Zevenaar. Met hem als burgemeester begint Zevenaar aan de 20e eeuw. Na een ambtsperiode van maar liefst 35 jaar overlijdt hij volkomen onverwacht tijdens een raadsvergadering. Hij wordt als burgemeester opgevolgd door zijn schoonzoon baron van Hugenpoth tot Aerdt.  

1906    Op 15 november 1906 koopt de kerkenraad van de Hervormde Gemeente in Zevenaar de kapitale villa, Stationsstraat 15, om te bestemmen als pastorie. Op 23 juni 1913 krijgt deze, als een van de allereerste woningen in Zevenaar, aansluiting op de waterleiding. De pastorie blijft als zodanig dienst doen tot 1976 want na het vertrek van ds. Pijnacker Hordijk wordt het pand verkocht.

1907    De chemicus Max von Gimborn begint een inktfabriek in de Wittenburgstraat in Zevenaar. Als kantoor dient het Doelenhuis. In dit pand aan de Kerkstraat met uitzicht op de Doelenstraat woont "meneer Max" met zijn huishoudster "Fraulein Kortmann".


De arbeiders van de Gimborn, gefotografeerd aan het begin van de 20e eeuw, voor de fabriek in de Wittenburgstraat.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Personeel van de Zevenaarse Gimborn omstreeks 1928

Eerste rij (vooraan) v.l.n.r.: H. Kruitwagen, Th. Aaldering, dr. Oessel, A. Veneman;
Tweede rij v.l.n.r.: S. Dikker, J. Sales, H. Sales, G. van Dremp, J. Aaldering, E. Koenders, A. Lukassen, J. Theunissen; 
Derde rij v.l.n.r.: W. van Uum, J. Theunissen, J. Kruitwagen, H. Kuster, Th. Jacobs, W. Derksen, Th. van Workum;
Vierde rij v.l.n.r.: G. Scholten, A. Koenders, H. van de Koning, G. Koenders, R. Gieling, K. Jas, onbekend;
Vijfde rij v.l.n.r.: R. Jansen, J. Hageman, J. Hofman, W. Vister, Th van Hal, T. van Hal, H. Wiggers, B. Bodde;
Zesde rij v.l.n.r.: Th. Winkel, A. Wouters, J. Geurts, G. Theunissen, Koenders, H. Lusing.

 

1907    Op dinsdag 1 oktober veroorzaken 450 Duitse arbeiders, afkomstig uit Hamburg, ongeregeldheden in Zevenaar. De merendeels dronken arbeiders, die op doorreis zijn naar Rotterdam ter vervanging van stakende arbeiders, veroorzaken door plundering en openlijke geweldpleging veel schade. De niet vooraf gewaarschuwde plaatselijke politie staat machteloos. Ook in het vervolg van de reis vinden in Arnhem plunderingen plaats. In Utrecht, waar men beter is voorbereid, zorgt een grote met sabels bewapende politiemacht ervoor dat de arbeiders in de trein blijven.
Op 4 oktober schrijven B&W van Zevenaar een boze brief aan de directie van de spoorwegen waarin zij mededeling doen van de grote schade, die de extra trein heeft veroorzaakt en verzoekt zij om maatregelen zodat treinen met reizigers van dit "soort" in het vervolg niet meer in Zevenaar stoppen.    


          Hotel "Het Hof van Berlijn", op de hoek Grietsestraat - Didamsestraat in het hart van Zevenaar aan het begin van de 20e eeuw. 

 

1907    Woensdag 13 november 1907 is een diep tragische dag in het leven van de familie van cafehouder Arends in Zevenaar. Hun tweejarig zoontje wordt die dag door zijn moeder gevonden, staande op zijn hoofdje, in de mestvaalt waar het is ingevallen. Het jongetje is, wanneer het wordt gevonden, nog in leven maar overlijdt korte tijd later.

1908    Op maandag 6 januari overlijdt Hendrik Jacob Fijnebuik (1815 - 1908). Hij is meer dan zestig jaar, van 1841 tot 1903, dominee van de Hervormde Gemeente in Zevenaar geweest. Ds Fijnebuik wordt begraven op de Hervormde begraafplaats aan de Babberichseweg in  Zevenaar .  

 


Zevenaar Markt met Pelgroms Stichting (bejaardenhuis) en daarnaast de Christelijke Kerk waar ds. Fijnebuik meer dan 60 jaar predikant is geweest

1908    Door tussenkomst van de Zevenaarse arts dr. Honig sr. komen begin januari enkele zusters van de congregatie van Julie Postel naar Zevenaar, waar ze hun intrek nemen in een door de Vereeniging Ziekenzorg gehuurd pand op het Marktplein (Markt 17). Dit pand fungeert ook als een ziekenhuisje, in feite een opkamer achter de keuken met vijf ziekenhuisbedden. Dit ziekenhuisje zal dienst doen tot het eind van het jaar, wanneer het nieuwe ziekenhuis aan de Didamseweg in gebruik wordt genomen.


Markt in Zevenaar;  het ziekenhuisje is enige tijd ondergebracht in het pand links achteraan.
 

1908    Op dinsdag 10 november 1908 vindt de opening plaats van het ziekenhuis "Consolatio Afflictorum" Zevenaar aan de Didamseweg.  

 

Ziekenhuis "Consolatio Afflictorum" omstreeks 1930

Een vooroorlogse ansichtkaart van het Zevenaarse ziekenhuis. Aan de rechterzijde zien we Hotel Wielerrust van de familie Benen.

1908     Dr. Honig roept de inwoners van Zevenaar in een krantenbericht op om "het teveel van hun middagmaal beschikbaar te stellen voor de Wijkverpleging ten behoeve van behoeftige zieken en herstellenden, die thuis verpleegd worden". Hij verzoekt "aan de Eerwaarde Zusters van het Ziekenhuis mede te deelen, wanneer dit voedsel uit naam van de Zusters kan worden opgehaald".

1908     De Zevenaarse burgemeester A.L.W. baron van Hugenpoth tot Aerdt wordt op 27 augustus door de rechtbank in Arnhem onder curatele gesteld.

   

 

Adolf baron van Hugenpoth tot Aerdt wordt in 1893 op 30-jarige leeftijd burgemeester van Wehl. Vier jaar later wordt hij burgemeester van Boxtel en in 1908 volgt zijn benoeming tot burgemeester van Zevenaar.

Door een "absentie van geest", waarschijnlijk als gevolg van een opgelopen geslachtsziekte (syfilis, ook wel genoemd harde sjanker),  blijft hij slechts kort burgemeester in Zevenaar. Op een zondagmorgen in 1908 worden de kerkgangers in de St. Andreaskerk opgeschrikt door: "een hevig gebons op de kerkdeur en een vreeselijk geschreeuw, door den burgemeester, die in een vlaag van waanzin (....) den volke kond wilde doen, dat allen roomsch moesten worden".  Met grote moeite wordt hij overgebracht naar het Arnhemse St. Elisabethgasthuis. De rechtbank in Arnhem plaatst hem onder curatele. De behandeling en verpleging van Baron van Hugenpoth tot Aerdt vindt vervolgens plaats in de Nervenheilanstalt te Ahrweiler. In 1909 wordt de verpleging voortgezet in het Brabantse Boekel, waar hij in 1913 op vijftigjarige leeftijd overlijdt. In Zevenaar wordt hij als burgemeester opgevolgd door L.F.C.H.M. Ridder de van der Schueren.     

 

 

 

1909  Op maandag 15 maart 1909 wordt voor de allereerste  keer in de geschiedenis van Zevenaar een voetbalvereniging opgericht. De club, die de naam Achilles draagt, heeft haar speelveld aan de spoorlijn nabij de Zevenaarse buitenmolen. Een jaar later speelt de club mee in de competitie van de Geldersche Voetbalbond. Erg vitaal is Achilles echter niet want eind 1910 gaat ze al ter ziele en het duurt tot het begin van de jaren twintig alvorens in Zevenaar een nieuwe voetbalvereniging, met de naam Hercules, wordt opgericht.  

 


Onder jongens is voetbal in Zevenaar aan het begin van de 20e eeuw al erg populair

 

1909   Zevenaar krijgt als eerste Liemerse gemeente een slachthuis. Vooral in de beginjaren beleeft het bedrijf een enorme bloei met name door de enorme export van vlees naar Engeland. Doordat in de begintijd nog geen moderne koelsystemen bestaan, vindt de slacht voor de export vooral in de koude wintermaanden plaats.  

 

1909  De in slechte staat verkerende Zevenaarse stadsbinnenmolen wordt afgebroken.  


De stadsbinnenmolen in Zevenaar, gelegen aan de gracht tussen Schieve- en Grietsestraat, omstreeks 1905 

1910    De inktfabrikant, Max von Gimborn, laat een botanische tuin (5 ha.) aanleggen aan de Emmerichseweg (nu Babberichseweg) in samenwerking met de Berlijnse landschapsarchitect Grossmann. Momenteel is deze Gimbornhof eigendom van de gemeente Zevenaar en toegankelijk voor publiek.
     

1910    Nadat Johannes IJsbrands Galama (1885-1942) op 6 maart 1910 tot priester wordt gewijd, is hij ongeveer een jaar kapelaan in de Zevenaarse  R.K. Andreasparochie
In de zomer van 1941 wordt Galama, die dan pastoor in Bergh is, door de Duitse Gestapo gearresteerd nadat hij op de preekstoel het naziregime scherp heeft veroordeeld. Hetzelfde overkomt ook zijn beide kapelaans Hegge en Van Rooijen. Op zaterdag 20 juni 1942 sterft Galama na vele hevige kwellingen te hebben ondergaan in het concentratiekamp Dachau. Van Rooijen overkomt hetzelfde en Hegge overleeft ternauwernood de oorlog. Galama, Van Rooijen en Hegge gaan na de oorlog de geschiedenis in als de martelaren van Bergh.  

 

 
v.l.n.r: Galama, Hegge en Van Rooijen (omstreeks 1940)


1910    Het jaar 1910 is een treurig jaar voor het verenigingsleven in Zevenaar. Niet alleen voetbalclub Achilles maar ook toneelvereniging "Joost van den Vondel", dameszangvereniging "Onder Ons", kegelclub "Alle Negen" en toneelclub "T.A.V.E.N.U." houden op te bestaan.

1911    Op vrijdag 10 maart 1911 overlijdt in Zevenaar Simon Christianus van Os (1845 - 1911), sedert 1903 pastoor van de R.K. Andreaskerk. Hij wordt opgevolgd door pastoor G. Schoorlemmer.

 

 

 

1911    Gerhardus Schoorlemmer volgt de overleden Simon van Os op als pastoor van de R.K. Andreaskerk in Zevenaar. Tijdens zijn pastoraat wordt op 23 september 1921 de Andreasschool gesticht. Het is een R.K. jongensschool, die uitgebreid is met een voortgezette opleiding voor Mulo (Meer Uitgebreid Lager Onderwijs). Het eerste schoolhoofd van deze school is J. Gerrits. Tot het  onderwijzend personeel in de eerste decennia behoren o.a. juffrouw H. Bollen en de meesters G. Staring, A. Berentsen, J. Baggen, H. Palm, B. Knippenborg, J. Hofmans en A. van Keulen, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen. 

 

 

1911    In juni 1911 wordt boerderij "Schildheuvel" in het Zevenaarse Broek, bewoond door Arnold Reijmer, door een brand volledig verwoest. Na de brand wordt de boerderij herbouwd. De oorsprong van de boerderij gaat terug naar het jaar 1779, wanneer op een perceel grond, dat "Das Schiltje" wordt genoemd, een huis wordt gebouwd.

1911    Op de langste dag van het jaar, woensdag 21 juni, trouwen in Zevenaar Christiaan Polman en Marie Jansen (over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen).

 

 

Bruidspaar Polman-Jansen op 21 juni 1911

Na de huwelijksvoltrekking gaan Christiaan Polman en Marie Polman-Jansen wonen op de Grietsestraat 72 in Zevenaar. Het echtpaar krijgt drie kinderen (Gerrit, Mies en Christine). Na het overlijden van Christiaan in 1954 blijft Marie met haar dochter Christine nog enkele jaren in het grote pand wonen, totdat ze in 1960 naar de Wilhelminalaan 4 in Zevenaar verhuizen. Het pand Grietsestraat 72 wordt in 1960 grondig verbouwd tot bankgebouw en enige tijd later tot Video-Store. In 2001 wordt het pand afgebroken om plaats te maken voor een groot winkelcomplex (waarin o.a. Albert Heijn).

 

 

 

Bouwtekening (1910) van de voorzijde Grietsestraat 72

Aan de rechterzijde van de ingang (portaal) het cafe en aan de linkerzijde de winkel; het raam geheel links is van de voorkamer van het huis.

Van het oorspronkelijke pand Grietsestraat 72 zijn, voor zover mij bekend, helaas geen foto's bewaard gebleven. Het pand was architectonisch een mooi gebouw. De buitenmuren bestonden uit steens metselwerk, waarvan de voorgevel uitgebouwd was met een houten waranda, waarin veel glas was verwerkt. In de raamkozijnen zat bovenin kruishout met veel kleine ruitjes. Boven de deuren en ramen bevonden zich segmentbogen. Je kwam, dat herinner ik me heel goed, het gebouw binnen via een portaal; links een winkel en rechts de zogenaamde bierkamer / cafe. In het cafe was in de jaren vijftig tijdelijk het belastingkantoor gevestigd. Het gebouw was verder voorzien van een gebroken- of mansardedak, dat onder de goten voorzien was van mooi lijstwerk.       

 

1912    Sacramentsdag, de tweede donderdag na Pinksteren, een sedert de middeleeuwen belangrijke katholieke feestdag wordt in Nederland als officiele feestdag afgeschaft. In buurlanden zal deze feestdag tot op de dag van vandaag in ere blijven.
De eeuwenoude traditie om op Sacramentsdag een processie door de straten van Zevenaar te houden, zal echter toch nog tot 1934 in stand blijven. Daarna zal deze processie plaatsvinden op Sacramentszondag (tweede zondag na Pinksteren). 

 


Naast de sacramentsprocessie kent Zevenaar sinds mensenheugenis ook nog een processie op de eerste zondag na 29 juni (feestdag van St. Petrus en St. Paulus). In de tweede helft van de 20e eeuw vinden  beide processies voor het laatst plaats.

 

1913    Hoewel de gemeente Zevenaar pas sedert 1816 deel uitmaakt van het Koninkrijk der Nederlanden wordt op grootse wijze het eeuwfeest van de onafhankelijkheid gevierd. De organisatie is in handen van de heren A. Verheijen uit Ooy, H. Gremmen uit Babberich en J.G.A. Honig uit Zevenaar.  

 


 

1913    Begin oktober 1913 rijdt in de nabijheid van Zevenaar een goederentrein, die uit de richting Doetinchem komt, op een stilstaande goederentrein. Hoewel de materiele schade groot is, zijn er geen persoonlijke ongelukken.  

 


1913    Op zondag 16 november wordt in Zevenaar Mies Polman, overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen, geboren. Ze zal opgroeien in het gezin Polman aan de Grietsestraat 72 te Zevenaar te midden van haar ouders, broer en zus en een gelukkige jeugd kennen. Op 30 juli 1941 zal ze trouwen met Louis van Keulen.


Grietsestraat in Zevenaar aan het begin van de 20e eeuw, tijdens de plaatselijke koeienmarkt
Na afloop van iedere koeienmarkt maken de gemeentewerkers de Grietsestraat schoon maar de stoep moet door de bewoners zelf worden gereinigd.

1914    Op 31 juli om 12.10 uur kondigt de Nederlandse regering een militaire mobilisatie aan. Korte tijd later breekt een weerzinwekkende oorlog (W.O. I 1914 - 1918) uit, waarin 10 miljoen mensen omkomen. Hoewel Nederland buiten het oorlogsgeweld blijft, gaat ook in Zevenaar de bevolking gebukt onder angsten, onzekerheid, tekorten, ondervoeding, werkeloosheid en armoede.

Ook soldaten uit de Liemers worden in 1914 gemobiliseerd.
Op nevenstaande foto Gerrit Jansen uit Zevenaar (staand geheel links), broer van Marie Polman-Jansen (over-overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen)

Volgens de overlevering loopt Bernardus Jansen (vader van o.a. Gerrit en Marie), over-over-overgrootvader van Sam,  Simon en Sjef van Keulen, bij het kijken naar het verloop van de mobilisatie een "koudje" op, ten gevolge waarvan hij op 11 augustus 1914 op 64-jarige leeftijd overlijdt. 

Wanneer de strijdende partijen eind 1914 vastlopen in een zinloze en wrede loopgravenoorlog in Vlaanderen zal het Nederlandse leger vier jaar paraat blijven. Voor de meeste Nederlandse soldaten is dit een periode van grote ergernis en verveling.

Hoewel Nederland buiten de Eerste Wereldoorlog blijft, is deze periode ook voor de Zevenaarse bevolking een tijd van afzien.

 


1914
      Zevenaar beschikt over een handbediende telefooncentrale  met veertien aansluitingen. Buiten kantoortijd is geen communicatie mogelijk.

 

1914    Aan het eind van 1914 en het begin van 1915 dreigt in de bebouwde kom van Zevenaar een ernstige tyfusuitbraak. Doordat Zevenaar inmiddels over een ziekenhuis beschikt en een tiental patienten in de barak besmettelijke ziekten wordt opgenomen, kan erger zoals in vroegere tijden vaak geschiedde, voorkomen worden.  

 


Zevenaar ziekenhuis omstreeks 1914



1915   
Door de oorlogssituatie (alle buurlanden zijn in de Eerste Wereldoorlog verwikkeld) ontstaan tekorten, waardoor de prijzen stijgen en de armoede ook in Zevenaar snel toeneemt. In 1915 en 1916 wordt zelfs de plaatselijke kermis, een volksfeest bij uitstek, afgelast. Daarentegen zijn er ook velen die door de smokkelhandel met Duitsland snel en grof geld verdienen. 

Het Nederlandse leger blijft vanaf 1914 vier lange jaren gemobiliseerd. Dit leidt ook onder Liemerse soldaten tot veel verveling en de nodige frustraties.

Sommige soldaten worden bij particulieren ondergebracht zoals Jan Kobessen (1896 - 1952) uit het Gelderse Etten (afbeelding links), die ingekwartierd wordt bij de familie Polman (over-overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen) in hun grote huis aan de Grietsestraat 72 te Zevenaar. Marie Kobessen-Beijer, de echtgenote van Jan Kobessen, wordt bij de familie Polman hulp in de huishouding. Na de mobilisatie blijven de families Kobessen en Polman bevriend. Jan Kobessen overlijdt 27 oktober 1952 op 56-jarige leeftijd aan diabetes (suikerziekte); deze ziekte is in die tijd nog moeilijk te behandelen.   
 

 

  


1915
    Zevenaar-stad wordt op het elektriciteitsnet aangesloten. De petroleumlantaarns worden vervangen door 16 nieuwe elektrische lantaarnpalen. Wethouder en raadslid jhr. Louis (L.J.M.) van Nispen van Sevenaer is een van de "motoren" bij de invoering van elektriciteit.

 

 

Louis van Nispen
In de Liemerse samenleving (aan het einde van de 19e en in de eerste helft van de 20e eeuw) neemt Louis van Nispen een heel bijzondere plaats in. Stammend uit het geslacht van Nispen, dat sedert 1785 in "Huis Sevenaer" woont, heeft Louis van Nispen evenals zijn vader jhr. Rafael (A.J.B.M.) van Nispen (1803 - 1885) een rol gespeeld bij de emancipatie van het toen achtergestelde katholieke volksdeel. In 1895 wordt Louis van Nispen gekozen in de Zevenaarse gemeenteraad. Hij blijft tot 1939 een markant raadslid en vervult daarnaast vele (neven)functies. In 1897 trouwt hij met Mies Vos de Wael. Het huwelijk blijft kinderloos.

 

1915    Christiaan Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) bouwt een zestal huizen onder 1 kap op het Grieth.

 

Deze huizen aan de Oude Doesburgseweg  (tot 1952 Angerloscheweg; daarna tot 1965 Doesburgseweg en vanaf 1965 Oude Doesburgseweg) zijn een eeuw geleden gebouwd in opdracht van C.J. Polman.  Deze  foto van de huizen is uit de jaren tachtig van de 20e eeuw.

In deze woningen hebben in de eerste helft van de 20e eeuw gewoond: Schouten, Keultjes, Gieling, Vos, Sesink, Van Ditshuizen, Sleijster, Mulderij, Sanders, Van Tuil, Ultee en Diderichs.

Dat het college van Burgemeester en Wethouders in 1915 snel handelt blijkt uit het feit, dat al daags na de aanvraag van de vergunning toestemming tot bouwen wordt verleend.

 

1916    Op 28 juni wordt in Zevenaar een nieuw postkantoor in gebruik genomen in de voormalige Doelentuin; dit inmiddels ruim honderd jaar oude gebouw doet tot en met 11 juni 2009 dienst als postkantoor.

 

Op deze opname uit de twintiger jaren van de 20e eeuw zien we rechts het Zevenaarse postkantoor en links de inktfabriek van Von Gimborn.

De oplevering van het postkantoor in 1916 moet enkele maanden worden uitgesteld als gevolg van de oorlogstoestand van de Eerste Wereldoorlog waardoor de aanvoer van bouwmaterialen vertraagd is. 

Tot 1916 is het postkantoor gevestigd in een pand op de hoek Kerkstraat en Kostschoollaan. In dit pand komen later achtereenvolgens de bakkers Hagdorn, Berntsen, De Lorijn en Seegers.  

 


1916
    De inktfabriek van Max von Gimborn is het grootste bedrijf in Zevenaar. Het biedt werk aan 22 mannen en 18 vrouwen. Veertig jaar later in 1956 verhuist de fabriek naar de Spoorstraat en biedt ze werk aan ongeveer 150 mensen waarvan ongeveer de helft vrouwelijk.  

 


Gimbornfabriek na de verhuizing van de Marktstraat naar de Spoorstraat in Zevenaar (omstreeks 1960)


1916   Op 21 september overlijdt in 's Gravenhage Jean P.R.M. de Neree tot Babberich (1850-1916), vanaf 1893 vooraanstaand lid van de Raad van Staten. Vier dagen later wordt hij per staatsspoor naar het station Zevenaar overgebracht en begraven in het familiegraf naast de R.K. kerk in Oud-Zevenaar. Zijn begrafenis wordt onder meer bijgewoond door: prins Hendrik, de ministers Cort v. d. Linden, Ort en Lely, de oud-ministers Rink en Nelissen, de commissaris van de koningin Sweerts de Landas, de burgemeester van 's Gravenhage Van Karnebeek, de vice-president en leden van de Raad van Staten, leden van de Hoge Raad en vele gedeputeerden.


Station Zevenaar
ten tijde van begrafenis Jean de Neree in 1916


1917    Het Zevenaarse ziekenhuis wordt uitgebreid tot 44 bedden. Er komt een tweede verdieping en een tweede operatiekamer. De verpleegprijs per dag bedraagt 1,10 gulden (ongeveer 0,50 euro).


Ziekenhuis omstreeks 1910
 


Ziekenhuis omstreeks 1920
 

1917    Chr. J. Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) plaatst naast zijn huis aan de Grietsestraat een gebouw, dat in eerste instantie bestemd is als dansgelegenheid, maar in 1917 / 1918 (gedurende de Eerste Wereldoorlog) worden er krijgsgevangenen van diverse nationaliteiten in ondergebracht.

Voorzijde dansgelegenheid (bouwtekening 1916)

In dit gebouw is ook enige tijd een bioscoop gevestigd van de Eindhovense ondernemers Van Tuyl en Van de Werf, waarbij het mechanische gedeelte voor het draaien van de films vanuit de naastgelegen bakkerij van Christiaan Polman wordt bestuurd.

Aangezien de bioscoop slecht loopt, wordt het gebouw eind 1926 afgebroken en bouwt Polman op die plaats een dubbel woonhuis, dat wordt verhuurd aan de families Siweck en Bos. Latere bewoners zijn onder meer Tiemego, Vorstelman, Kuppens, Peters, Van Geffen en Krist. In 1968 koopt Tjon An The het pand en verbouwt het tot een Chinees-Indisch restaurant met bovenwoning. In november 2001 wordt het gesloten en maakt het plaats voor een nieuw winkelcentrum.

 

1917    De oorlog in Europa veroorzaakt ook in Zevenaar extreme armoede. Elders in Europa is de burgerellende vaak nog vele malen groter, getuige ook de aankomst van een groep ondervoede Oostenrijkse kinderen (afbeelding hiernaast) om in Nederland aan te sterken.


1918     Op maandag 27 mei 1918 meldt het persbureau Reuter, dat de Spaanse koning alsmede Spaanse ministers lijden aan een geheimzinnige aandoening, die later de geschiedenisboeken ingaat als de Spaanse griep van 1918; een aandoening waaraan wereldwijd 20 miljoen mensen sterven. Omstreeks 10 juli komt bij Zevenaar de Spaanse griep de Liemers binnen, nadat in Elten en Emmerik enkele honderden gevallen van griep zijn geconstateerd.
De wereldwijde influenza-epidemie teistert ook de Liemers. De Graafschapbode van 19 november 1918 meldt: "Overal, in 't binnenland hoort men van ziekte en sterven. In de dorpen luidt dag aan dag de doodsklok". Enkele voorbeelden: in Angerlo 14 doden, in Herwen en Aerdt 30 doden en in Zevenaar 16 doden a.g.v. influenza.

1918      De treinen van de door de Geldersch-Overijsselsche Lokaal Spoorweg (GOLS) in 1885 geopende spoorlijn Winterswijk-Zevenaar rijden door tot Arnhem. Voordien reden deze treinen niet verder dan Zevenaar en hadden reizigers die vanaf of naar Arnhem reisden, een afzonderlijk kaartje nodig voor het traject over de spoorlijn Arnhem-Oberhausen maar vanaf 1918 rijden de treinen vanaf Winterswijk door tot Arnhem.


Het voormalig GOLS-station in Zevenaar in 1938
Tot 1 juni 1918 heeft de lijn Zevenaar - Doetinchem een eigen (GOLS-)station dat gelegen is 150 meter ten oosten van het station van de lijn Arnhem - Emmerich. Zevenaar beschikt in deze tijd over twee stations. Na 1 juni 1918 doet het voormalig (GOLS-)station dienst als kantoor en dienstwoning. Vele (spoor)-families (o.a. Koning, Kersten, Van der Loo, Van Bavel, Naarding, Van Alst, Keurntjes, Saalmink, Vroom en Sijken) wonen in de loop der tijd in dit voormalige station alvorens het uiteindelijk in 1974 wordt afgebroken.   
   
 

1919    De tabaksondernemer Buschhammer sticht een sigarettenfabriek in de Kerkstraat in Zevenaar. Enige jaren later komt deze fabriek in handen van de Turmac en vele decennia later in handen van de British American Tobacco (B.A.T.).

 

Stationsstraat
Helemaal rechts Huize Rijck in de Stationsstraat, waarin o.m. achtereenvolgens de families Frowein, Buschhammer en Hazewinkel wonen. Momenteel is Huize Rijck kantoor van de ernaast gelegen B.A.T.-sigarettenfabriek. Het grote gebouw waarboven de kerktoren uitkomt is de tabaksschuur waar Buschammer (later Turmac / B.A.T.) in 1919 met de produktie van "cigarettes" begon.

Opmerking: Inmiddels (december 2008) heeft de British American Tobacco (B.A.T.) de sigarettenproductie in Zevenaar beeindigd, waarmee een eind is gekomen aan een periode van 90 jaar sigarettenproductie in Zevenaar. Sedert 2015 is in de voormalige sigarettenfabriek het stadskantoor van Zevenaar gevestigd.

1920    De Gemeenteraad van Zevenaar besluit om de Slijkstraat (straat waarin veel allerarmsten wonen, op dat moment ook gezien als "achterbuurt") voortaan Schoolstraat te noemen.

1920    In  de zomer van 1920 worden tienduizend Hongaarse joden uit hun land verdreven. Op donderdag 26 augustus 1920 arriveert een trein met Hongaarse joodse kinderen op het station in Zevenaar. Veel Nederlandse gezinnen nemen een Hongaars kind op.

1920     In Zevenaar wordt burgemeester Ridder de van der Schueren (1841 - 1921) opgevolgd door Jhr. Tanne van Nispen tot Pannerden (1884 - 1964). Met hem als burgemeester zal Zevenaar de Tweede Wereldoorlog ingaan.

 

Ludovicus Ridder de van der Schueren wordt in 1908 op 67-jarige leeftijd burgemeester van Zevenaar. Hij is wethouder in 's-Hertogenbosch, totdat hij aan het eind van de 19e eeuw dijkgraaf wordt in de Liemers en gaat wonen aan de Markt te Zevenaar. Door zijn huwelijk met M.H.P.C. de Neree tot Babberich, voltrokken in 1869 op kasteel "Halsaf" in Babberich, is er een extra motief voor hem om in de Liemers te wonen.

De van der Schuren blijft twaalf jaar burgemeester in Zevenaar totdat hij op 79-jarige leeftijd in 1920 zijn ambt ter beschikking stelt.        

 

Jhr. Antoine (Tanne) Eduard Marie van Nispen tot Pannerden wordt in 1884 geboren op "Huize Hoek" in Zevenaar (Huize Hoek is aan het eind van de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers opgeblazen; nu  staat op deze plaats het bevrijdingsmonument "De vier tamboers"). In 1911 wordt hij, op 27-jarige leeftijd, benoemd tot burgemeester van Didam. In 1920 wordt hij burgemeester van Zevenaar, waar zijn grootvader in het midden van de 19e eeuw ook al burgemeester is geweest.
Van Nispen tot Pannerden is ruim een kwart eeuw burgemeester van Zevenaar, wanneer hij in 1946 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken het advies krijgt ontslag te nemen. Hij wordt opgevolgd door de eerste niet adellijke burgemeester van Zevenaar F.W.J. van Gent.  

 

1920    In Zevenaar wordt de Radio - Centrale in gebruik gesteld. 
Slechts een jaar eerder heeft op donderdag 6 november 1919 de allereerste radio-uitzending in Nederland plaatsgevonden. Hierbij is de mars "Turf in je ransel" de eerste Nederlandse plaat, die door de ether schalt. Hierop volgen "Ave Maria" en "Een meisje dat men nooit vergeet"
 


De burgemeester van Zevenaar Tanne van Nispen tot Pannerden en de directeur van de Radio-Centrale, de heer Deckers, stellen de Radio-Centrale Zevenaar in gebruik.


1921   
In Zevenaar wordt voetbalclub Hercules opgericht. In 1923 krijgt deze club de naam Sevenaer. Wanneer echter enige jaren later in de zomer van 1926 voetbalclub T.V.V. (Turmac Voetbal Vereniging) aan de competitie gaat deelnemen, betekent dit al snel het einde voor voetbalclub Sevenaer vooral wanneer T.V.V. de nieuwe gebruiker wordt van het bij de Buitenmolen gelegen voetbalveld van Sevenaer. 

 

1921    Bij de viering van het 400-jarig bestaan van de St. Andreasparochie op vrijdag 23 september 1921 worden de R.K. Jongensschool en MULO-school geopend in de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar. Beide scholen staan onder leiding van de uit Duiven afkomstige heer J.Th. Gerrits (1890 - 1965), die vanwege zijn imposante voorkomen in de volksmond wel "lange Jan" genoemd wordt. Gerrits blijft schoolhoofd tot 1956 en gaat de geschiedenis in als een onderwijzer van de oude stempel, hardwerkend, streng maar rechtvaardig. Gerrits is een schoolhoofd die voor een strenge discipline is en volledige inzet van zijn personeel eist. Thuis en in zijn kennissenkring is hij joviaal en altijd vol belangstelling. Vermaard zijn zeker zijn prachtige schilderijtjes, die in vele huiskamers (ge)hangen (hebben)


Bovenstaande foto van de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar is genomen kort voordat in 1921 aan de linkerzijde de R.K. jongensschool en Mulo-school is gebouwd. Op de achtergrond bevindt zich Huize Doele en rechts daarvan de R.K. Andreaskerk en daarvoor het gebouw dat tot het begin van de 21e dienst doet als postkantoor. Op de voorgrond aan de rechterzijde van de weg bevindt zich in onze huidige tijd de COOP-supermarkt.



De R.K. Jongensschool en MULO-school in de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar  aan het begin van de jaren twintig
Deze school is omstreeks 2000 afgebroken. Op de plaats van de vroegere school bevindt zich nu een parkeergarage, tegenover de COOP-supermarkt. In de periode 1937 - 1951 is Louis van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) als onderwijzer op deze school werkzaam
.

1921    In Zevenaar wordt de Protestantse Woningbouwvereniging opgericht.


Oud Zevenaarsestraat vanaf de spoorbaan in de richting Oud-Zevenaar, omstreeks 1925

De woningen aan de rechterzijde zijn in de jaren twintig gebouwd door de Protestantse Woningbouwvereniging Zevenaar. Aan de linker zijde van deze weg bouwt C.J. Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) in de jaren dertig een zestal 2-onder-1 kap woningen. In de volksmond wordt Polman de dollarkoning genoemd, omdat hij enige jaren in Amerika als bakker bij zijn broer heeft gewerkt. Vrijwel alle woningen op bovenstaande foto worden aan het eind van de 20e eeuw i.v.m. de aanleg van de Betuwelijn afgebroken. Het weggetje, dat op bovenstaande foto linksaf gaat, is de Zwarteweg. De huizen, die in latere jaren aan deze weg zijn gebouwd, zijn allen i.v.m. de Betuwelijn omstreeks 2000 afgebroken. Op de plaats van de Zwarteweg bevindt zich nu de Ringbaan Zuid. Aan de Zwarteweg wonen halverwege de twintigste eeuw de families Martens, Venema, de Graaf, Van Keulen, Bergervoet, Sloot, Berendsen, Geurds, Hanen en Polman.

1922      Voor de vele arbeiders uit de Liemers, die in Duitsland werken, is de na de Eerste Wereldoorlog optredende superinflatie een groot probleem doordat de zuur verdiende Duitse Marken in rap tempo minder waard worden. Spottend wordt gezegd dat de Duitse Marken sneller in waarde dalen dan de trein naar Zevenaar kan rijden om ze nog tegen redelijke koers in guldens om te wisselen waardoor het loon steeds minder toereikend is om een gezin te onderhouden.

 

1923    Op 5 augustus 1923 wordt feestelijk het 90-jarig bestaan van de synagoge in Zevenaar gevierd met een plechtige dienst, die geleid wordt door de populaire voorganger M. Petzon. Vanwege de treurige toestand van de Duitse joden wordt tien jaar later, in 1933, het eeuwfeest sober gevierd. 

1923    De zeer markante Prof. dr. Th. H. van Oppenraay wordt pastoor van de Andreasparochie in Zevenaar. De uit Bemmel afkomstige Van Oppenraaij maakt op de inwoners van Zevenaar grote indruk en nog vele decennia na zijn dood in 1933 spreken veel autochtonen over hem. 

 

Th. H. van Oppenraaij wordt op 17 september 1877 in het Betuwse Bemmel geboren. Op 15 augustus (feestdag Maria Hemelvaart) 1900 wordt hij tot priester gewijd en zes jaar later doctoreert hij in Leuven. In de periode 1908 tot 1923 is hij professor aan het Groot-Seminarie te Rijsenburg. In 1923 wordt dr. van Oppenraaij pastoor in Zevenaar, waar hij een zeer opmerkelijk figuur is. Hij heeft een antipathie ten opzichte van grootgrondbezitters waaronder de Zevenaarse jhr. Louis van Nispen. Hij zet zich met kracht in voor de jaarlijkse processies en in het onderwijs stelt hij aan zijn leerlingen hoge eisen; de snelheid en hoeveelheid die hij dicteert is aanzienlijk. Zijn kleding, kniebroeken met zwarte kousen en schoenen met zilveren gespen, is voor Zevenaarse begrippen zeer opmerkelijk. Op 13 oktober 1933 overlijdt hij in zijn geboorteplaats Bemmel en wordt op 17 oktober 1933 in Zevenaar begraven op het kerkhof aan de Arnhemseweg. Tijdens deze begrafenis spreekt de latere kardinaal de Jong een lijkrede uit.     

Van Oppenraay wordt als pastoor in Zevenaar opgevolgd door L.J. H. Teeuwen, die in de periode 1933 tot 1945 pastoor in Zevenaar is.

 

1923    In de Zevenaarse Marktstraat wordt een echte riolering aangelegd. Met het vervolg van de aanleg van een rioolstelsel is de gemeente Zevenaar zeer laat. Pas in de vijftiger jaren wordt het rioolstelsel verder uitgebreid waarmee het verzuim uit de jaren dertig wordt goed gemaakt.                

 

Op de linker afbeelding de Markt(straat) kort na de aanleg van de riolering in 1925

Op de rechter afbeelding de Marktstraat omstreeks 1930

Beide afbeeldingen gezien in de richting van de Grietsestraat 

 

1923     Op een zonnige Koninginnedag vrijdag 31 augustus 1923 wordt ook in Zevenaar  het zilveren regeringsjubileum van koningin Wilhelmina groots gevierd.

1924    In Zevenaar wordt de Sint Vincentiusvereniging opgericht. Het betreft een afdeling van de Landelijke Vereniging Vincentius, die als doel heeft het verlenen van hulp aan mensen in moeilijkheden. Het eerste bestuur wordt gevormd door: A. Opdenoordt (voorz.), H. Wiegerinck (secr.), Th. van der Eem (vice-voorz.), J. Bus (penningm.) en J. Traag (magazijnmeester). Vooral in de periode tot de invoering van de Algemene Bijstandswet in 1965 levert de Vincentiusvereniging een belangrijke bijdrage aan inwoners van Zevenaar die in behoeftige omstandigheden verkeren.

1924    De Lobitsche Auto-Dienst (L.A.D.) wordt opgericht met als doel een autobusdienst te onderhouden tussen Zevenaar en Lobith.



1924    In Zevenaar wordt naast het ziekenhuis een sanatorium geopend voor lijders aan de zo gevreesde t.b.c. (tuberculose / tering). De Zevenaarse arts J.G.A. Honig wordt geneesheer-directeur. In 1936 wordt hij opgevolgd door dr. A.J. Gerver. Laatstgenoemde blijft ruim twintig jaar tot 1957 geneesheer-directeur totdat hij in 1957 om gezondheidsredenen zijn werkzaamheden moet beeindigen. Dr. Gerver heeft leiding gegeven aan het sanatorium onder de uiterst moeilijke oorlogsjaren en de jaren kort na de oorlog. In januari 1945 wordt hij samen met een aantal anderen uit Zevenaar door de Duitsers gegijzeld omdat zich niet genoeg mannen gemeld hebben voor graafwerkzaamheden. Gelukkig wordt niemand gefusilleerd. Kort na de oorlog heeft dr. Gerver door een groot tekort aan medisch assistenten enige tijd alleen tweehonderd patienten behandeld.     

Lighal van het Zevenaarse sanatorium
Volgens de inzichten van die tijd geschiedt het kuren bij voorkeur in de openlucht. Door armoede, ondervoeding en slechte leefomstandigheden komt t.b.c. erg veel voor. Nadat halverwege de twintigste eeuw een werkzaam medicijn wordt ontdekt door Waksman en de welvaart toeneemt, daalt het aantal lijders aan deze aandoening snel.

 

1924      Op donderdag 30 oktober wordt Zevenaar opnieuw getroffen door een verwoestende brand. Nadat enkele maanden eerder een vuurzee cafe Welling bij het station heeft verwoest, wordt deze keer de Guttalin schoensmeerfabriek aan de Van Munsterstraat in de as gelegd. De oorzaak van de brand is het omvallen van een waspot. Mede doordat in de kelder van het gebouw een grote hoeveelheid terpentine is opgeslagen, is de vuurzee overweldigend. Tien personen, die op het moment van het uitbreken van de brand in de fabriek zijn, kunnen zich bijtijds in veiligheid stellen.

 


Op de fundamenten wordt in latere jaren een meergezinswoning gebouwd.

     
De Guttalin schoensmeerfabriek in Zevenaar, die door brand wordt verwoest op de plaats waar de Kostschoollaan uitmondt in de Van Munsterstraat. Op de achtergrond is de spoorlijn Zevenaar-Arnhem te zien en daarachter de Heilige Huisjes.

1925    Ter bestrijding van de veel slachtoffers makende tuberculose wordt een kringconsultatiebureau voor de gehele Liemers in Zevenaar opgezet. De Zevenaarse arts J.G.A. Honig speelt hierbij een belangrijke rol. 

1925    Het ziekenhuis in Zevenaar wordt door een beschikking van de minister erkend als Groot Algemeen Ziekenhuis waardoor het volledig bevoegd wordt verklaard voor het opleiden tot het diploma Algemene Ziekenverzorging A.  

 


Ziekenhuis Zevenaar  (omstreeks 1933)


 

1925    In Zevenaar wordt  T.V.V. (Turmac Voetbal Vereniging) opgericht.

Vanaf het eerste begin besteedt de Turmac veel geld aan de sponsering van de sport. Al in de jaren twintig wordt het Nederlands Olympisch Comite financieel gesteund. Zo lezen we in een advertentie in 1924: "Weet u dat U door het rooken van Turmac Cigaretten het Olympisch Comite in zijn streven kunt steunen?"

Het eerste elftal van T.V.V. in de jaren dertig
Geheel rechts erevoorzitter Gersdorf, directeur van de Turmac, die op 9 september 1944 door de Duitse bezetters is vermoord.

 

1925    Op de Zevenaarse Andreasschool aan de Nieuwe Doelenstraat behaalt de eerste leerling het Mulo-diploma (W. Willemsen uit Oud-Zevenaar). Het hoofd der school de heer Gerrits vermeld vol trots: "geslaagd allen".

 

Op de linker foto een lagere schoolklas uit 1922 van de Andreasschool aan de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar met op de achtergrond de heer Gerrits (hoofd) en juffrouw Bollen.

Op de rechter foto het onderwijzend personeel (1922) van de Andreasschool met achter de tafel zittend de heer Gerrits en rechts daarvan juffrouw Bollen. Staand 2e van links: meester Berendsen, het latere hoofd van de school in Groessen.

 

1926    De Zevenaarse gemeenteraad besluit met zes tegen vijf stemmen tot de aanleg van een  waterleidingnet.

 


Kerkstraat in Zevenaar omstreeks 1926, rechts vooraan de R.K. pastorie 
   


1926
    In Zevenaar wordt  op zaterdag 25 september de Liemerse Rijwielbedevaartclub naar Kevelaer opgericht.

Van oudsher worden ook vanuit de Liemers bedevaarten naar het Duitse Kevelaer gehouden. In 1926 wordt er zelfs een Liemerse Rijwielbedevaart naar Kevelaer opgericht. Doel van de vereniging is het jaarlijks houden van een bedevaart per rijwiel van Zevenaar naar Kevelaer. Lid van de vereniging kunnen alle katholieke mannelijke ingezetenen van de parochies uit de Liemers worden. Op bovenstaande foto staan de leden van de vereniging op 't Grieth klaar om te beginnen aan hun tocht naar Kevelaer. Merk op dat alle deelnemers een hoofdbedekking dragen. In het begin van de 20e eeuw is het ongepast blootshoofds te fietsen. De Vereniging Liemerse Rijwielbedevaart bestaat nu niet meer, maar nog altijd vindt elk jaar, ook vanuit de Liemers, een bedevaart naar Kevelaer plaats.

1926    De autobusdienst "De Liemers" wordt opgericht.

Trots voor de drie voertuigen vol passagiers staan v.l.n.r. "Chef" Hendriks, Antoon Kok (van cafe de Unie), onbekend, Cremers (geldschieter van het busbedrijf), Wenting, Nol van Swaay en Paul van Ee. De chauffeurs van deze bussen zijn: Luc Hendriks (uit Arnhem), Hent de Raef (uit Babberich) en Joep Hetterscheit (uit Beek).

 

1927    De congregatie "Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis" bouwen een imposant klooster aan de Babberichseweg te Zevenaar.

Juvenaat
Babberichseweg in Zevenaar

1927     In Zevenaar gaat een consultatiebureau van de "Vereeniging Zuigelingenzorg" van start, dat ook door moeders uit Didam ("Diem") wordt bezocht.

1927      De Zevenaarse sigarettenfabriek  Turmac verkrijgt het predikaat "hofleverancier'.

 

Op 12 september 1927 brengt prins Hendrik, echtgenoot van koningin Wilhelmina, een bezoek aan de Turmac in de Kerkstraat in Zevenaar. Bij deze gelegenheid wordt de fabriek "hofleverancier".

Op de foto v.l.n.r. prins Hendrik, de heer  Gersdorf (latere directeur) en de heer Leferink (directeur).  De huizen aan de linker zijde staan er nog altijd. 

 

1927    Op de Zonegge in Zevenaar gaat de zuivelfabriek van H. M. Brandsma en zijn zoon Mebius Brandsma van start. Per jaar verwerkt het fabriekje enkele miljoenen liters melk, die vooral gebruikt wordt voor de productie van boter, consumptiemelk en karnemelk. Omstreeks 1943 houdt de fabriek op last van de Duitse bezetter op te bestaan.  

 

: 


 

1928    Zevenaar krijgt stromend water van het Gemeentelijk Waterleidingbedrijf. Voorlopig geven velen nog de voorkeur aan de vertrouwde stadspomp en een eigen pomp in huis. In 1930 bedraagt het totaal aantal aansluitingen 330 op een bevolking van 6.236 inwoners.

 

Op deze foto van de Kerkstraat (1900) in Zevenaar is rechts een waterpomp te zien. Na 1928 kunnen deze pompen geleidelijk uit het straatbeeld verdwijnen.

 

1929    Op het terrein van het ziekenhuis in Zevenaar wordt het Maria paviljoen in gebruik genomen. Het is bestemd voor de verpleging van patienten met een besmettelijke ziekte afkomstig uit de gemeenten Zevenaar, Duiven, Westervoort, Herwen en Aerdt en Pannerden. Hiermee geven deze gemeenten uitvoering aan de in 1928 van kracht geworden Wet op de Besmettelijke Ziekten waarin geregeld is dat alle gemeenten, alleen dan wel in samenwerking, dienen te beschikken over een barak voor de verpleging van besmettelijke zieken.

Kort na de opening van het Maria paviljoen in 1929 brengt ondermeer minister Verschuur van Volksgezondheid (rechts) een bezoek aan het paviljoen. Links van de minister dr. J.G.A. Honig jr. geneeskundig directeur van het ziekenhuis. 

Voor het Maria paviljoen in Zevenaar bestaat gedurende de eerste jaren na de opening grote landelijke belangstelling, omdat het als model dient voor nieuw te bouwen inrichtingen. Het paviljoen beschikt over boxen die volledig geisoleerd kunnen blijven met eigen toilet en was- en spoelgelegenheid, waardoor lijders aan verschillende besmettelijke ziekten kunnen worden verpleegd. De boxen mogen niet onnodig worden betreden en de patienten kunnen vanuit de gang door de ramen worden geobserveerd. Het Maria paviljoen is de eerste inrichting in Nederland, waar het boxensysteem bij het verplegen van volwassen lijders aan besmettelijke ziekten consequent is doorgevoerd. 
In 1943 zal er door een sterke toename van patienten als gevolg van een difterie-epidemie een noodbarak worden bijgebouwd. Als gevolg van de sterke afname van het aantal opgenomen patienten zal het paviljoen voor lijders aan besmettelijke ziekten in 1951 worden gesloten.


 


1929
    De positieve ontwikkelingen van de jaren twintig worden bijzonder wreed verstoord door de beurskrach op dinsdag 29 oktober, het begin van een wereldwijde crisis, die zijn weerga niet kent.
Ongeveer 80 jaar later, in 2009, treedt een mondiale economische recessie / depressie op als gevolg van een kredietcrisis, die vergelijkbaar is met die van 1929.    

 

Vooral in de jaren twintig en dertig floreert het verenigingsleven. Bijgaande foto is van de Zevenaarse dameszangvereniging "BelCanto" in de tweede helft van de jaren dertig.
Rij boven v.l.n.r.: Nera Polman, Agnes Hulkenberg, Leida Berends, dames Berendsen en Roelofsen, Leida Tiemissen, Marietje Godschalk, mej. Gieling, Annie van der Eem, Fientje Boerboom, Greet Maasen, Tilly Hendriks, Betsie Opdenoordt, Tonny Geurts, mej. Geurts.
Rij midden v.l.n.r.: Christine Polman (zus van Mies Polman), Doortje Hermsen, Marietje Peer, Dora Geurts, Mej. Berndsen, onbekend, Dora en Katrien Folker, Doortje Buiting, Siska Nijhof, Leida Joosten (nicht van Christine Polman), Riek Gerritsen, Stien Welling, Corrie Boddee.
Rij onder v.l.n.r.: Elly Mul (nicht van Christine Polman), Doortje Godschalk, Annie Hendriks, Mies Joosten (nicht van Christine Polman), Pierre Smeets (dirigent), mej. Geers, Marie Kuppers, Marie Dapper (uit Schoorl), mej. Elfrink.   

  \  
   






Ook deze foto illustreert het bloeiende vooroorlogse verenigingsleven in de Liemers. Blijkens informatie op de achterzijde van de foto is deze opname gemaakt op 5 februari 1936.

Tweede van links, tweede rij van voren met bril: Christine Polman.
Derde van rechts, achterste rij: Tinus Boerboom 

Aanvullende informatie ontvangen van Alard Roose en Geert Boerboom
:
Vereniging: dansclub
Plaats: Van Munsterstichting

 

 

 

 

1930    In Zevenaar-stad begint Fa. A. Sweers met het ophalen van vuilnis.  

 

: 


 

1930    Bierbrouwerij "de Lelie" van de familie De Groen wordt overgenomen door de Groenlose bierbrouwerij "de Klok". De productie van bier (Grolsch) wordt in Groenlo voortgezet. 

1930    De Gimborn-fabriek geeft een groot feest ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van het concern. 
Apotheker Heinrich von Gimborn stichtte in 1855 in Emmerich een farmaceutische fabriek. In 1907 startte zijn zoon Max von Gimborn een vestiging in Zevenaar waar inkt, een typisch apothekersproduct in deze tijd, wordt geproduceerd. Tijdens de Eerste Wereldoorlog maakt het bedrijf veel winst alleen al door de pleisterfabricage maar in de crisis van de jaren dertig zijn de verliezen aanzienlijk. In 1931 wordt het Duitse concern Pelikan eigenaar van de Gimborn waardoor het bedrijf in Zevenaar in 1945 in beslag wordt genomen door het beheersinstituut. Directeur Sparrenburg en het personeel kunnen aanblijven waardoor de fabriek wel in bedrijf kan blijven. Uiteindelijk wordt de Gimborn weer onderdeel van het Pelikan-concern
.  

 


Personeel van de Zevenaarse vestiging van Von Gimborn t.g.v. het 75-jarig jubileum van het concern in 1930 voor het gebouw van de Van Munsterstichting aan de Kerkstraat in Zevenaar: 

1930    Door toedoen van de Zevenaarse arts J. Honig start een gemeenschappelijke ambulancedienst van een aantal samenwerkende Liemerse gemeenten: de Naamloze Vennootschap Ziekenauto Zevenaar en Omstreken.

 

De ziekenwagen van de gemeenschappelijke ambulancedienst van Liemerse gemeenten omstreeks 1935

In financieel opzicht wordt de gemeenschappelijke ambulancedienst van Liemerse gemeenten een groot debacle. Begin jaren 40 voelt men zich zelfs genoodzaakt de ziekenauto aan de chauffeur, de Groessense garagehouder P. Palm, "bij wijze van afbetaling van achterstallig loon" te geven.

 

1930    De vereniging "Kevelaersche Processie de Lijmers" viert haar 60-jarig jubileum. Ter gelegenheid hiervan brengt de Utrechtse aartsbisschop J.H.G. Jansen in oktober 1930 een bezoek aan Zevenaar. Bedevaarten naar het Duitse Kevelaer zijn sedert mensenheugenis erg populair onder de katholieken in de Liemers.  

 

: 


1931   In Zevenaar koopt winkelier-koopman Henrik Hetterscheid het eeuwenoude pand van slager Ott Jacobs waardoor een jaar later de hoek Kerkstraat-St. Jansstraat (in onze tijd Marktplein) een geheel ander aanzien krijgt. Hendrik Hetterscheid bouwt in 1933 op de hoek een moderne zaak voor zowel kruidenierswaren als manufacturen. Omstreeks 1960 zet zijn zoon Andre de kruidenierszaak als supermarkt voort in een pand op de hoek Grietsestraat-Didamsestraat. 

Hoek St. Jansstraat (nu: Marktplein) Kerkstraat in het begin van de 20e eeuw 

Het monumentale geveltje van slagerij Ott Jacobs verdwijnt in 1932 wanneer het pand wordt afgebroken en vervangen door de kruideniers- en manufacturenwinkel van Hetterscheid 
 

Kerkstraat (in de richting van het station) in Zevenaar omstreeks 1950 

Vooraan links het pand van Hetterscheid op de hoek Kerkstraat-St. Jansstraat (nu: Marktplein) 
Vooraan rechts: R.K. pastorie
     

   

 

1931    Zondagavond 14 juni 1931, het is het einde van een zeer warme zomerdag, treft het noodlot de familie Auping van de bekende beddenfabrikant uit Deventer. Omstreeks 22.00 uur rijdt de auto van dhr. W.J.W. Auping, komende uit de richting Zevenaar juist voor Duiven met een te grote snelheid uit de bocht. De 22 jarige zoon Th. Auping, die achter het stuur zit, tracht te remmen maar de auto slipt en botst met de flank tegen een boom. De beide inzittenden vader en zoon Auping worden ernstig gewond naar het ziekenhuis in Zevenaar vervoerd, waar de zoon korte tijd later aan zijn verwondingen overlijdt.  

 

: Ziekenhuis Zevenaar aan Didamseweg


 

1931    Aan de Zevenaarse Molenstraat legt dominee Wartena de eerste steen voor een nieuwe Christelijke school, die in latere jaren de naam Ds. Wartenaschool krijgt. Bij de ingebruikname in 1932 beschikt de school, althans voor Zevenaar, over iets nieuws: Een oliestookinrichting; verwarming geschiedt voor het eerst niet met kolen maar met olie.

 

 


1932    De in Zevenaar en wijde omgeving geliefde arts Jan G. A. Honig (1872 - 1958) wordt voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst (KNMG).

 

 


De immense populariteit van dr. Jan Honig blijkt ondermeer uit een bericht in een regionale krant uit 1906, waarin wordt vermeld dat Honig en zijn echtgenote, terugkomend van een huwelijksreis van drie weken, op het Zevenaarse station(splein) worden verwelkomd door "schutterijen uit Babberich, Grieth en Ooy, drie muziekcorpsen, een stoet ruiters alsmede een mensenmenigte van zeker 5.000 tot 6.000 personen" (In 1906 bedraagt het inwoneraantal van de volledige gemeente Zevenaar ongeveer 5.000) 


1932      Op 30 augustus wordt aan de Zevenaarse Molenstraat een nieuwe Christelijke school, voortaan genoemd "school met den Bijbel", geopend. Schoolhoofd is Cornelis Dijkman uit Doetinchem, die deze functie tot in de jaren vijftig uitoefent. De school, die in latere jaren de naam Ds. Wartenaschool krijgt, wordt in verband met terugloop van het leerlingenaantal in 1988 gesloten.    

Christelijke school in Zevenaar geopend in 1932
Op deze foto bevinden zich de leslokalen vooral aan de linkerzijde; aan de rechterzijde naar achteren bevindt zich het gymnastieklokaal.
Bij de ingebruikname in 1932 beschikt de school, althans voor Zevenaar, over iets nieuws: Een oliestookinrichting; verwarming geschiedt voor het eerst niet met kolen maar met olie.

Het gebouw staat heden ten dage nog altijd aan de Molenstraat, maar doet niet meer dienst als school. Een opslag voor het Liemers Museum is er o.a. in gehuisvest.    
 


1932
     In verband met de concurrentiestrijd als gevolg van de economische crisis start de Turmac in Zevenaar met de produktie van sigaren; een bekend merk is "Vendelier". Door de slechte verkoopcijfers wordt de productie reeds in 1934 gestaakt.

 

 

 

Een groepje Turmac-arbeiders omstreeks 1925 

10e van links: Johannes Everardus Gieling uit 
Ooy, die zijn hele leven bij de Turmac werkt 
(informatie van: Wilco Gieling, kleinzoon) 
 

 


1933
    De Zevenaarse synagoge bestaat 100 jaar. Het eeuwfeest wordt sober gevierd in verband met de ontwikkelingen in Duitsland.

De Zevenaarse synagoge omstreeks 1918

De synagoge heeft gestaan  in de Grietsestraat ter hoogte van het (huidige) sporthuis Luising. Op donderdag 8 februari 1945 wordt de synagoge bij een zwaar Brits bombardement volledig verwoest en kort na de bevrijding afgebroken.

Tijdens de Duitse bezetting is meer dan de helft van de Zevenaarse joden via Westerbork en Vught naar Polen gedeporteerd en daar in concentratiekampen omgekomen. In 1947 wordt de joodse gemeente van Zevenaar bij die van Arnhem gevoegd. 
.

1933    De markante Zevenaarse pastoor van Oppenraaij overlijdt op 13 oktober.
 


       Bron: Joos van Oppenraaij


Dr.Th.H. van Oppenraaij (1877 - 1933)
wordt in 1923 pastoor in Zevenaar, waar hij een zeer opmerkelijk figuur is. Hij heeft een antipathie ten opzichte van grootgrondbezitters, waaronder de Zevenaarse jhr. Louis van Nispen. Hij zet zich met kracht in voor de jaarlijkse processies en in het onderwijs stelt hij aan zijn leerlingen hoge eisen; de snelheid en hoeveelheid die hij dicteert is aanzienlijk. Zijn kleding, kniebroeken met zwarte kousen en schoenen met zilveren gespen, is voor Zevenaarse begrippen zeer opmerkelijk. Hij heeft grote invloed op de katholieke  Zevenaarse gemeenschap in de jaren twintig en dertig van de 20e eeuw.
Op 13 oktober 1933 overlijdt hij in zijn geboorteplaats Bemmel ten huize van zijn zus de weduwe J. van Bokhoven - van Oppenraaij. Hij  wordt op 17 oktober 1933 in Zevenaar begraven in een priestergraf op het kerkhof aan de Arnhemseweg. Tijdens deze begrafenis spreekt de latere kardinaal de Jong een lijkrede uit.     

Van Oppenraay wordt als pastoor in Zevenaar opgevolgd door L.J.H. Teeuwen, die in de periode 1933 tot 1945 pastoor in Zevenaar is.

 

 

1934    De Turmac voert een doorbetaalde vakantie van drie dagen in.

Een vakantiedag aan zee is in de sobere dertiger jaren al heel bijzonder. Op deze foto familie Joosten - Jansen uit Zevenaar.

 

 

1934    Het Nederlands voetbalelftal plaatst zich voor het eerst in de geschiedenis voor het eindtoernooi van een wereldkampioenschap. De spelers worden op het Zevenaarse station uitgezwaaid.

 

Het Nederlands voetbalelftal reist in 1934 per trein naar het eindtoernooi van het wereldkampioenschap in Italie.

Op deze foto worden de spelers van het Nederlands voetbalelftal op het station in Zevenaar door supporters uitgezwaaid.

Het toernooi verloopt voor Nederland overigens niet erg succesvol. Reeds in de achtste finale worden de Nederlanders uitgeschakeld na een van Zwitserland met 2-3 verloren wedstrijd. 

 



1934   
In Zevenaar-stad
wordt de processie op Sacramentsdag (tien dagen na Pinksteren) afgeschaft. Dit betekent ook het einde van de Kleine Kermis, die sinds mensenheugenis jaarlijks op Sacramentsdag heeft plaatsgevonden.
In Zevenaar kent men van oudsher twee processies: een processie op Sacramentsdag en een processie op de eerste zondag na 29 juni (Feestdag: Petrus en Paulus). Wanneer in 1971 ook de processie op de eerste zondag na 29 juni wordt afgeschaft, behoren R.K. processies in Zevenaar-stad tot het verleden. De bijbehorende (grote) kermis, tijdens het eerste weekend na 29 juni, vindt tot op de dag van vandaag wel plaats.

 

 

 

1934     Na zijn afstuderen vestigt E.P.T. Vaesen zich als huisarts in Zevenaar. Enkele jaren later wordt hij tevens de laatste gemeentegeneesheer van Zevenaar als opvolger van dr. Van Mens. Dr. Vaesen blijft beide functies zijn hele werkzame leven combineren tot hij veertig jaar later in 1974 afscheid neemt als huisarts en gemeentegeneesheer.

Bij zijn afscheid in 1974 verhaalt dr. Vaesen over de onvoorstelbare armoede die hij in 1934 aantrof in Zevenaar: "Van de 3900 mensen waren ongeveer 350 mensen in het ziekenfonds; de anderen konden dat kwartje per week per gezin niet betalen. Er waren patienten, die van 9 tot 10 gulden (4,50 euro) per week met een heel gezin moesten rondkomen. Soms moesten meerdere broers op zondag om de beurt naar de kerkdienst omdat ze samen slechts 1 nette broek hadden".  

1935   Dat men in deze tijd een heel andere kijk heeft op de invloed van roken op de gezondheid blijkt wel uit een reclameaffiche uit 1935 van de Turmac-sigarettenfabriek in Zevenaar. 
  


 

1936    Ter gelegenheid van koninginnendag (31 augustus 1936) wordt J.G.A. Honig (1872 - 1958), directeur van het ziekenhuis en huisarts in Zevenaar, benoemd tot ridder in de "Orde van de Nederlandschen Leeuw". Hij heeft zich behalve voor zijn patienten ook onvermoeibaar ingezet voor tientallen verenigingen en commissies op medisch en sociaal terrein.

 

 


J.G.A. Honig: "Een goede naam is meer waard dan een groot vermogen, bemind te zijn is beter dan zilver en goud"


1936     Zevenaar verwelkomt haar 7.000e inwoner.

De Zevenaarse markt in het begin van de 20e eeuw

Vooraan rechts is nog juist de Pelgromstichting te zien met daarnaast de Hervormde kerk.
Op de achtergrond zien we de marktoverkapping, het doelentorentje en de Andreaskerk.

 

1936   Na ruim dertig jaar (vanaf 1903) dominee in Zevenaar te zijn geweest gaat dominee A.J. Wartena op 20 oktober met emeritaat. Hij wordt opgevolgd door dominee C.J. Bartels. 
Adriaan Johannes Wartena  

Christoffel Johannes Bartels

 

1937    In Zevenaar viert de in 1887 opgerichte kegelclub "de Lijmers" haar vijftig jarig jubileum.

 

 


Kegelclub "De Lijmers" 
in 1937 in de tuin van cafe Heijting aan de Zevenaarse Markt
V.l.n.r staand: E. Heijting, R. Janssen, W. Gerritsen, H. van Uum, L. Gerritsen, Booms, Uiterwijk en veearts Bary; zittend: Van Ditshuizen, H. Gerritsen, W. Joling, H. Bouwman en A. de Groen
    

 

1937    Voor de oorlog is een reisje naar Schiphol een erg geliefd uitstapje al is het dan een hele reis vanuit Zevenaar naar Schiphol.

 

 


Uitstapje naar Schiphol in 1937
Tweede van links is Christine (C.H.C.) Polman; daarnaast haar broer Gerrit (G.B.W.) Polman; daarnaast twee onbekende personen en vervolgens (met hoedje en lange jas) haar zus Mies (M.J.C.) Polman (overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen) 


1938   
De legendarische priester-redenaar Henri de Greeve SJ (1892 - 1974) richt de "Bond zonder Naam" op om de naastenliefde te bevorderen. Voor zijn wekelijkse radio-uitzending het Lichtbaken op zaterdagavond, blijven veel katholieken ook in Zevenaar graag thuis.

1938    De gemeente Zevenaar plaatst voor het eerst straatnaamborden.

1938    Fanfare St. Caecilia in Zevenaar viert haar vijftigjarig jubileum. De fanfare ontstond in 1888 toen het kerkorgel het liet afweten en koster Spaan (1854 - 1918) muzikale mensen zocht. De pastoor was destijds weliswaar ingenomen met zijn initiatief, waardoor de kerkdiensten met muziek opgeluisterd konden worden, maar waarschuwde wel dat de vereniging niet te "werelds" moest worden.     
 


Fanfare St. Caecilia (1895)
In onze huidige tijd heet de fanfare "Stedelijke Muziekvereniging Zevenaar" en is het de oudste vereniging van Zevenaar
.


1938
    Een voor de inwoners van Zevenaar vreemd Duits vliegtuig, een autogiro genaamd,  landt niet ver van de Babberichseweg. Veel mensen zien dit als een voorbode van naderend onheil.   

 

Vele inwoners van Zevenaar e.o. kijken hun ogen uit: Een merkwaardig Duits vliegtuig, een "autogiro", is geland; men is er niet gerust op.  

1939    Dat de crisis van de jaren dertig ook de Turmac in Zevenaar treft, blijkt ondermeer uit het aantal personeelsleden, dat in 1939 nog maar 328 bedraagt (vijf jaar eerder nog meer dan 900).


Luchtfoto Zevenaar (eind jaren dertig) met onder meer de Turmac (1) 
Voorts: R.K. Kerk aan de Markt (2), Kasteel Enghuizen (3), Station (4), Arnhemseweg (5), Huize Hoek (6), Huize Mathena (7),  R.K. Kerkhof (8), Hervormde Kerk aan de Markt (9), Molenstraat (10), Stationsstraat (11), R.K. Muloschool aan de Nieuwe Doelenstraat (12)

1939    In Zevenaar wordt tijdens het directeurschap van dr. A.J. Gerver een nieuwe vrouwenafdeling van het sanatorium in gebruik genomen.

Hoofdingang sanatorium (1939) met rechts de woning van de tuinman

1939    De Duitse dreiging neemt snel toe. Regelmatig vliegen Duitse vliegtuigen over Zevenaar. Op een gerucht dat de Duitsers 11 november zullen binnenvallen, bouwen gemotiveerde inwoners in de Didamsestraat, onder leiding van de Zevenaarse veldwachter Van Uem, de "Oswald-linie". Het is een goed bedoeld, maar naar op 10 mei 1940 zal blijken, nutteloos verdedigingswerk bestaande uit zand, stenen, prikkeldraad en schuin liggende boerenkarren.

De Zevenaarse "Oswaldlinie" in de Didamsestraat
Aan de linkerzijde van de Oswaldlinie zien we het pand van bakker van Elk en aan de overzijde de groentewinkel van Metz, terwijl op de achtergrond de zijgevel van het Zevenaarse gemeentehuis duidelijk te zien is. Al deze panden zullen de oorlog overleven. De wat verderop gelegen panden op de hoek Didamsestraat-Grietsestraat-Arnhemseweg-Marktstraat zullen daarentegen in de vroege ochtend van de laatste oorlogsdag (3 april 1945) door gefrustreerde Duitsers volledig worden weggevaagd.
 

1940   In de zeer vroege ochtend van vrijdag 10 mei begint voor Nederland  de Tweede Wereldoorlog. Grote aantallen Duitse vliegtuigen komen over. Een onafzienbaar leger Duitse soldaten komt vanuit Zevenaar in de richting van Arnhem. Na het opblazen van de Westervoortse brug ontstaat enige tijd een file aan Duitse oorlogsvoertuigen van meer dan 20 km. tot Emmerich. Op 10 mei sneuvelen in de gemeente Zevenaar zes soldaten: Bertus C. van der Pol (21 jr), Jan Petrejus (21 jr), Franciscus Braam (33 jr), Ludovicus J. Liethof (33 jr), Hartog de Rood en Hendrik Breget (21 jr).

1940   In de ochtend van zaterdag 11 mei begint de slag om de Grebbeberg, die drie dagen duurt. De Grebbeberg is het toneel van hevige gevechten, tragiek en wanhoop. De Nederlandse offers zijn enorm. Bij de slag om de Grebbeberg sneuvelen tussen 11 en 14 mei ongeveer 425 Nederlandse soldaten. Onder de gesneuvelden zes dienstplichtige soldaten uit de gemeente Zevenaar
: Gerrit Gudden (25 jaar), Jacobus Hugen (27 jaar), Wilhelus Kruitwagen (25 jaar), Johannes Scholten (21 jaar), Wilhelmus Vermeulen (26 jaar),  Hendricus Zweers (25 jaar).

Bidprentje van Gerrit Gudden
Zoon van bakker Gudden uit de Zevenaarse Kerkstraat

Reeds op zondag 12 mei staan de Duitsers onderaan de Grebbeberg en wanneer die nacht een voorhoede van de SS via de weg over de Grebbeberg doorbreekt tot in Rhenen, leidt dit tot grote paniek. Hoewel de Nederlanders zich enigszins hebben kunnen hergroeperen, waardoor de voorhoede van de SS afgesneden raakt van de hoofdmacht, is de weerstand op de Grebbeberg dan eigenlijk al gebroken.

Gudden sneuvelt op dinsdag 14 mei, zijn lichaam wordt vrijdag 17 mei  gevonden. Hij wordt begraven op het Militair Ereveld Grebbeberg, dat toen aan het ontstaan was. De doden zijn op het Ereveld begraven in de volgorde waarin ze aangevoerd werden. Gerrit is begraven in de derde rij, graf 23.

 



Gerrit Gudden (1914 - 1940)

 

1940    In een gebaar van goede wil worden begin juni 1940 in opdracht van Hitler dertigduizend krijgsgevangen gemaakte Nederlandse soldaten vrijgelaten. Op zondag 9 juni 1940 verandert de wei van Poelwijk in Oud-Zevenaar in een "feestterrein", waar terugkerende krijgsgevangenen door plattelandsvrouwen worden ontvangen en getrakteerd op koffie en broodjes. Ook kunnen ze zich er wassen. In  Zevenaar en elders wordt de draad van het gewone leven weer opgepakt. Arbeiders gaan aan het werk om oorlogsschade te herstellen. De bezetter is (nog) vol zelfvertrouwen.    

                  
Op zondag 9 juni 1940, een zeer warme zomerdag, komen om 7.30 uur 1700 Nederlandse soldaten, die gedurende de dagen van strijd of na de overgave in krijgsgevangenschap naar Duitsland zijn weggevoerd per trein in Zevenaar aan. De tweede extra trein komt nog dezelfde dag om 13.30 uur en maandag 10 juni en volgende dagen komen steeds nieuwe militairen.

1941    Op woensdag 30 juli trouwen op het gemeentehuis van Zevenaar (Didamsestraat) Louis (A.G.M.) van Keulen en Mies (M.J.C.) Polman, overgrootouders van Sam, Simon en Sjef van Keulen; de kerkelijke bevestiging vindt plaats in de St. Andreaskerk in Zevenaar. 

 

Huwelijksfoto van Louis van Keulen en Mies Polman
30 juli 1941

In verband met de oorlogssituatie verblijft de bruidegom de nacht voor het huwelijk niet in het ouderlijk huis (Pannerdenseweg in Ooy) maar in de toekomstige woning (Zwarteweg 6 in Oud-Zevenaar). Door een vergissing gaat de koetsier met  paard en koets op de dag van de bruiloft echter niet naar de Zwarteweg maar naar de Pannerdenseweg. Daar aangekomen blijkt de vergissing en in allerijl wordt vertrokken naar de Zwarteweg en vervolgens (te laat) naar de Grietsestraat in Zevenaar om de bruid op te halen.   

Na de kerkelijke inzegening van het huwelijk vindt het huwelijksfeest plaats in zaal Polman (ouders bruid), Grietsestraat 72 (destijds) in Zevenaar. Vanwege de oorlogsomstandigheden moet het feest op een zodanig tijdstip beeindigd zijn, dat iedereen voor 24.00 uur op de  plaats van bestemming is. Wat betreft het weer heeft men niet te klagen, want 30 juli  1941 is een warme, zonnige dag. Na 30 juli slaat het weer volledig om en er volgt een zeer lange periode met overvloedige regenval. 

    

 

1942   In de gehele Liemers worden op last van de Duitsers de klokken uit de torens gehaald. De oudste klok van de Andreaskerk (in 1648 gegoten) komt in 1945 vanuit Tilburg weer in Zevenaar terug. Om de klok weer in de toren te krijgen, moet een deel van de muur worden afgebroken en daarna weer opgebouwd.

 

 


Zevenaar (1942) met op de achtergrond de R.K Andreaskerk (foto: Ton Spamer, Deurne)

 

1942   Jonge Wacht, de katholieke jeugdbeweging, vergelijkbaar met de verkenners wordt in opdracht van de Duitse bezetter ook in de Liemers opgeheven.

 

 


 

1942   Kapelaan J. Pothof van de Zevenaarse R.K. Andreaskerk wordt door de Duitse bezetter gearresteerd en overgebracht naar het concentratiekamp Amersfoort. De reden van zijn gevangenschap is dat hij tijdens de zeer koude wintermaanden (januari/februari 1942) geld heeft uitgedeeld aan werkloze arbeiders in Zevenaar. Na zijn gevangenschap keert Pothof terug naar Zevenaar, waar hij tot zijn vertrek in 1946 naar Rietmolen kapelaan blijft.

 

 


Zevenaar, omstreeks 1940 met marktoverkapping en R.K. Andreaskerk. Op de achtergrond rechts bevindt zich de R.K. pastorie waar kapelaan Pothof woont bij zijn arrestatie in 1942 (foto: Ton Spamer, Deurne)


1942  
 Op 1 december wordt de uit 1819 stammende tol tussen Didam en Zevenaar opgeheven.

De tol aan de Tatelaarweg
De tol aan de Tatelaarweg (later Zevenaarseweg), die in 1932 nog bijna tienduizend gulden aan tolgelden opbrengt, wordt op 1 december 1942 opgeheven. 


1943   
In februari duikt in Zevenaar het Joodse echtpaar Rosenberg met hun dochtertje Betty onder bij de familie Heister in de plaatselijke Weverstraat. Het zal ruim twee jaar duren, alvorens zij zich op 3 april 1945 weer vrij op straat kunnen bewegen. In totaal zullen alleen al in Zevenaar 32 joodse medeburgers gedurende de Tweede Wereldoorlog worden gedeporteerd en gedood.

1943    Gedurende de oorlog is de woning van Henricus J.E. Smits in de Dorpsstraat in Babberichhet trefpunt van het verzet rond Babberich, Lobith, Pannerden en Zevenaar. Piloten krijgen er onderdak en verzorging, onderduikers waaronder Joden worden er verzorgd en vervolgens op onderduikadressen ondergebracht. 
Henricus J.E. Smits, schuilnaam in de oorlog "Harrie van de grens", is werkzaam als douanebeambte bij de grenspost Babberich. Hierdoor kan hij zich redelijk vrij  bewegen, gedekt door zijn papieren en is hij buitengewoon bekend met alle paden en paadjes in het grensgebied.


 
   Douanekantoor Babberich (1931)
    Smits is  werkzaam bij de douane in Babberich. 

1943   Op zaterdag 10 april wordt een groot aantal Joodse inwoners op last van de nazi's gedeporteerd. Weinigen realiseren zich dan de verschrikkingen die hen te wachten staan.

Onder de gedeporteerden, die niet meer terugkeren: David Rosenberg, Julia Rosenberg-van Gelder en hun kinderen: Louis, Alie en Joseph, Leopold D. Gans, Bertha Gans-van Oosten en hun kinderen Billa en Joseph, Herman D. Gans, David Gans, Abraham Gans,  Sallie J. Gans, S. Gans-Heijsmans en hun kinderen Jaco en Hugo, David Northeimer, Dina Northeimer, mevr. Goud, Emil Gans, Sebilla Gans-Weinhausen, Henny Gans, Leo Gans, Regina Gans-Andriessen en hun kinderen Lies en Hans.
Reeds eerder weggevoerd (2 oktober 1942) en niet meer teruggekeerd: Philip Northeimer, Betsy Gans, Leopold Gans, Rosie Gans, Sophie Gans en Hilda Gans   

 

 


Alie Rosenberg (1920-1943), die met haar ouders en broers in Sobibor is vermoord.

1943    In 1943 worden een aantal scholen in Zevenaar door de Wehrmacht gevorderd.

 

Ook de R.K. Muloschool in de Nieuwe Doelenstraat moet in 1943 op last van de Wehrmacht worden ontruimd. Voor vier klassen van de plaatselijke Mulo kan het onderwijs worden voortgezet  in ruimten van de Turmac.

Op deze foto een R.K. Mulo-klas, die gehuisvest is in de Turmac.  Achter in de klas leraar Jan Dapper (links) en daarnaast het hoofd van de school J.Th.G. Gerrits.  

Dhr. J.Th.G. Gerrits (* Duiven 1890 - Zevenaar 1965) is vele decennia hoofd van deze school geweest. Hij geniet aanzien en wordt alom gerespecteerd. Vanwege zijn lengte wordt hij vaak "lange Jan" genoemd. In zijn vrije tijd is hij een verdienstelijk kunstschilder. Als hoofd van de Mulo wordt de heer Gerrits halverwege de jaren vijftig opgevolgd door de heer Hofmans.

Jan Dapper is tientallen jaren leraar op deze school geweest. Hij is afkomstig van Schoorl en woont met zijn zus in de Molenstraat in Zevenaar. Na zijn pensionering, omstreeks 1960, gaan ze terug naar Noord-Holland.

 

 

1944    Op vrijdag 25 augustus worden op het Zevenaarse stationsemplacement vijf tanks met ieder 200.000 liter olie getroffen door geallieerde vliegers.
Dinsdag 5 september "dolle dinsdag": Bij station Duiven wordt een trein met zeven tankwagons met benzine in brand geschoten.
Op donderdag 5 oktober vliegt de Canadese piloot Royce A. Johns zich te pletter tegen de flank van de Zevenaarse Andreaskerk nadat zijn toestel door Duitsers is geraakt. Zijn lichaam  wordt begraven op het R.K. kerkhof aan de Arnhemseweg in Zevenaar
In november moeten de inwoners van Zevenaar op bevel van de Duitsers evacueren, maar locoburgemeester Borst weet dit onheil te voorkomen tot groot genoegen van de bewoners.

 

 

Het stationsemplacement in Zevenaar op vrijdag 25 augustus 1944, nadat vijf olietanks in brand zijn geschoten. De roetzwarte rook is tot in Arnhem en Doetinchem te zien.

 

 
















 

1944      Op zondag 17 september is Hitler's Reichskommissar voor Nederland Arthur Seyss-Inquart in Zevenaar in het door de Duitsers gevorderde Juvenaat aan de Babberichseweg, dat dient als controlecentrum van de SS. In de tuin van het Juvenaat aanschouwt Seyss-Inquart op de eerste dag van de Slag om Arnhem gespannen de armada van geallieerde vliegtuigen die overvliegt. Op deze dag regent het bovendien bommen op Duitse oliewagons bij station Zevenaar.

 


Het juvenaat in Zevenaar een kostschool voor schipperskinderen krijgt tijdens de oorlogsjaren een sinistere bestemming. In het door de SS gevorderde gebouw worden gijzelaars, dwangarbeiders en verzetsmensen verhoord, gemarteld en/of opgesloten.

1944     Op zaterdag 7 oktober 1944 drijven de Duitse bezetters in het centrum van Utrecht duizenden mannen bijeen. Een deel van hen wordt vervolgens gedwongen op transport gezet naar het Overijsselse Havelte om daar werk voor de bezetter te verrichten, een ander deel, 2500 mannen, moet te voet naar Zevenaar om daar graafwerkzaamheden te verrichten. Hoewel de inwoners van Zevenaar het zelf ook moeilijk hebben, ontvangen zij de Utrechtse gevangenen gastvrij en voorzien hen van eten en de noodzakelijkste kledingstukken. 
Na afloop van de oorlog spreken de Utrechtenaren hun grote waardering uit over de hulp, die ze hebben ontvangen van de inwoners van Zevenaar. Heel erg veel waardering is er ook voor de locoburgemeester van Zevenaar, de heer C. Borst, die waar maar enigszins mogelijk de gevangenen heeft geholpen. "Voor hem was niets te veel". Mede dank zij zijn inzet zijn veel mannen uiteindelijk weer veilig in Utrecht terug gekomen.

                       

1945    Oktober 1944 - april 1945:
Zevenaar en omgeving in de frontlinie
Hof van Berlijn
Dit hotel staat op de hoek Didamsestraat- Grietsestraat in Zevenaar, totdat het 3 april 1945 volledig wordt verwoest

1945    Op vrijdag 5 januari wordt in Zevenaar, dr. A.J. Gerver, geneesheer-directeur van het sanatorium en voorzitter van de plaatselijke afdeling van het Rode Kruis, samen met anderen (Th.J.A. van Dijk, G.A. Dijkman, H. Dokter, A.G. Groenhoff, J.R.T. Jansen, W.A. Hendriks, J.A. van de Loop, G.J.W. van Rumund en G.J. de Witte), door de Duitse bezetter gegijzeld omdat zich niet genoeg mannen gemeld hebben voor het verrichten van graafwerkzaamheden voor de Duitsers. Gelukkig wordt niemand gefusilleerd, mede dankzij de inzet van waarnemend burgemeester C.J.M. Borst.

1945     Op donderdag 8 februari treft een zwaar Brits bombardement Zevenaar. Binnen enige minuten veranderen de Schoolstraat en een deel van de Grietsestraat in een puinhoop: 12 doden en 30 gewonden. Onder de dodelijke slachtoffers bevinden zich Toos van Ditshuizen-Cornelissen (37 jaar), echtgenote van smid Fre van Ditshuizen en twee van haar kinderen (4 en 1 jaar). De tienjarige Theo Meijer, die door een fosforbom is getroffen overlijdt tien dagen later op woensdag 21 februari. "Hij is helemaal zwart".

Naast drie leden van de familie Van Ditshuizen, de tien jarige Theo Meijer en twee leden van de familie Lukassen (gedachtenisprentje rechts) komen op deze voor Zevenaar zo tragische 8 februari als gevolg van het geallieerd bombardement ook om het leven: mevr. G.B. Bodde-Aalders (64 jaar), Hendrina B.A. van Megen (7 maanden), Catharina M.J. Ederveen (1 jaar) , mevr. A.J. van Zelst-Wittenhorst werd zwaar gewond en overlijdt 17 maart 1945, Maria C. ter Voert (11 jaar). Naast de dodelijke slachtoffers zijn er tientallen gewonden waaronder slager Van Uum die een oog moet missen.

.

 



1945     Op zondag 11 februari worden in 't Engeveld in Zevenaar door granaatvuur gedood: Hendrina G. Th. te Winkel (15 jaar), Mattheus J. Jansen (46 jaar, vader van drie kinderen), Anton van Hal (32 jaar, vader van twee kinderen) en Petrus B. Th. Hendriks (27 jaar uit Herwen en Aerdt). 
Op maandag 12 februari treft een granaat het lijkenhuisje in Zevenaar waar nog tien doden van het bombardement van 8 februari opgebaard zijn. Hoe bizar is een oorlog! Op dezelfde dag krijgt de kapel van het ziekenhuis aan de Didamseweg in Zevenaar een voltreffer.
Op woensdag 14 februari worden bij het Zevenaarse ziekenhuis vijf mensen uit Herwen op een wagen dodelijk getroffen. Aan de Didamseweg wordt dezelfde dag de 6-jarige Hendrica Dijks dodelijk getroffen.
Op  zaterdag 17 februari wordt Gerardus J. Th. Geurts (45 jaar) in de Wittenburgstraat in Zevenaar dodelijk getroffen door een granaat. Ook vier dwangarbeiders, die gedwongen zijn om te werken voor de Duitse bouwmaatschappij Organisation Todt (O.T.) verliezen het leven.
Op donderdag 22 februari wordt Johannes Th. Engelen (63 jaar) dodelijk getroffen bij de molen van Baas op 't Zevenaarse Grieth.
Op zaterdag 24 februari worden twee vriendjes, Gerardus A. Buiting (10 jaar) en Leonardus J.B. de Reus (10 jaar) op de Doesburgseweg vlakbij hun huis gedood.
Op zaterdag 3 maart valt een bom op de woning van de familie Pijnappel, waarbij vader (66 jaar) en zoon Pijnappel (34 jaar) op slag worden gedood.

1945     Op vrijdag 9 maart 1945 overlijdt de Zevenaarse veldwachter Willem Weijergans in het Duitse concentratiekamp Woeblin. 
Weijergans heeft in de voorgaande oorlogsjaren in het Zevenaarse verzet een cruciale rol gespeeld door huisvesting van geallieerde piloten te regelen, onderduikers te helpen en persoonsbewijzen te vervalsen. Wanneer hij in het openbaar aan gewonde Engelse soldaten op het station in Zevenaar sigaretten uitdeelt, wordt hij door de Duitsers gezocht en uiteindelijk opgepakt met de tragische afloop tot gevolg.

1945    Op vrijdag 23 maart wordt de Zevenaarse Kerkstraat, in het bijzonder de sigarettenfabriek Turmac en de slagerswinkel van Mul, door een bombardement zwaar getroffen. In de winkel van slagerij Mul vallen drie doden.

Kerkstraat te Zevenaar

Op de foto het ouderlijk huis (onder X) van Christiaan Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen); daarnaast (links) de slagerij van Mul (tot 1913 de horlogewinkel  van Raebel ) en vervolgens nog net zichtbaar de woning van de vice-consul van Duitsland, de tabakshandelaar M. Buschhammer. Al deze huizen in de Kerkstraat in Zevenaar worden in maart 1945 volledig verwoest. Op de plaats waar eens deze huizen hebben gestaan, bevindt zich in latere jaren het gazon van de Turmac (B.A.T.) - sigarettenfabriek en nu inmiddels van het stadskantoor.

 

 

Op deze foto uit 1936 staan voor de ingang van slagerij Mul Chris Jansen (visboer) en slager Jan Mul (rechts).

Slagerij Kees Mul is in 1917 van start gegaan in het pand waar voorheen horlogewinkel Raebel (naast het pand van de familie Polman) is gevestigd. In 1928 vestigt zich de slagerij in het naast gelegen grotere pand, dat voorheen van de familie Polman is. In 1933 overlijdt Kees Mul, waarna zijn weduwe Mina Polman (zus van Christiaan Polman) en zoon Jan de zaak voortzetten.

Alles gaat goed totdat op vrijdag 23 maart 1945 omstreeks 9.00 uur in de ochtend het noodlot toeslaat, wanneer vier Mustang-jagers met raketbommen en mitrailleurvuur de Turmacfabriek en omgeving verwoesten. In slagerij Mul worden hierbij drie mensen gedood:
Johannes (Jan) Mul (*28-11-1912), zijn vrouw Wilhelmina Mul-Verhey (*22-02-1917) en de winkelhulp Wilhelmina Kruijs (*09-09-1923).

     

   

1945    Dinsdag 3 april is de laatste oorlogsnacht in Zevenaar. 's Morgens om drie uur wordt het kruispunt Arnhemseweg - Marktstraat - Grietsestraat - Didamsestraat opgeblazen. De ravage is enorm. De panden van bakkerij van Swaay - Kleve, hotel "De Leeuw", "Hof van Berlijn" en de woning (Huize Hoek) van de freules Van Nispen worden volledig verwoest. Nog geen vier uur later, 's morgens om half 7, trekken de eerste Canadezen vanuit Didam Zevenaar binnen. Aan een periode van 7 maanden frontstad te zijn geweest, is een eind gekomen.         

 

Grietsestraat hoek Didamsestraat
voor en na 3 april 1945;
een groter contrast is nauwelijks voorstelbaar.

 

 

 

Nevenstaande foto (Jan en Christiaan van Keulen op 29 mei 1948) is genomen in de Grietsestraat in Zevenaar op de plaats waar enkele jaren eerder nog de synagoge stond. Voor de oorlog was er een bloeiende Joodse gemeenschap, in de oorlog is deze gemeenschap weggevaagd. Van de meer dan 10 Zevenaarse families Gans is er na 1945 nog een over! In totaal zijn 32 Joodse Zevenaarders in Duitse concentratiekampen omgebracht. Het is niet te bevatten!

 


Simon van Keulen (2008, 2 jaar oud); kleinzoon van
Christiaan
van Keulen (rechts op de nevenstaande foto).

    

 

 

De Turmac voor het bombardement in 1940

De Turmac direct na het bombardement

1945   In september 1945 is de oorlogsschade bij de Turmac in zoverre hersteld, dat de productie van sigaretten kan worden hervat.

 

 


.

1946   Door een groot tekort aan medisch assistenten staat de directeur-geneesheer van het sanatorium in Zevenaar, dr. A.J. Gerver, enige tijd alleen voor de behandeling van tweehonderd patienten.

 

 



1946    Op dinsdagmorgen 5 februari wordt omstreeks 11.30 uur in het ziekenhuis van Zevenaar geboren Christiaan (C.J.G.) van Keulen, opa van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

 

 


1946    Na een pastoraat van ruim twaalf jaar overlijdt op 21 februari in Zevenaar pastoor Lambertus Johannes Hermanus Teeuwen. Hij wordt opgevolgd door E.C.W. Frank uit Groenlo.

Op deze familiefoto (vermoedelijk uit de jaren twintig) geheel links
Pastoor Teeuwen (Beesd, 16 april 1883 - Zevenaar, 21 februari 1946)

Teeuwen is gedurende een periode van ruim twaalf jaar, waaronder de moeilijke oorlogsjaren,  pastoor van de St. Andreasparochie in Zevenaar, wanneer hij op 21 februari 1946 overlijdt. Hij werd in 1908 priester gewijd en was vervolgens kapelaan in Sneek en rector van het St. Louis in Amersfoort en vanaf 1933 pastoor in Zevenaar, als opvolger van pastoor Van Oppenraay. In Zevenaar zou Teeuwen bij veel katholieken bekend blijven als de pastoor met zijn veelal "menselijke preken". Van hem is verder bekend dat hij goed bevriend was met dominee Bartels van de Nederlands-Hervormde kerk. In de herinnering van veel Zevenaarders zou hij ook voortleven als een "echte heer". 
(Foto  van Ronald Halier, achterneef van pastoor Teeuwen)

1946    Jhr. H. van Nispen van Sevenaer neemt het nabij het centrum van Zevenaar gelegen landgoed van zijn hoogbejaarde oom over. Hij vestigt hier later een van de eerste biologisch-dynamische bedrijven van Nederland. Een vele jaren durende onteigeningsstrijd met de gemeente Zevenaar wordt tenslotte door laatstgenoemde op pijnlijke wijze verloren. 

1946    Op 25 april 1946 breekt brand uit in de boerderij van de familie Th. van Keulen in de Oude Steeg in Zevenaar. Door een ernstig conflict bij de brandweer, de ervaren commandant Lamers is aan de kant gezet en vervangen door de onervaren H. de Wolf waarna diverse brandweerlieden opzeggen, worden bij het blussen van de boerderij enorme fouten gemaakt.
Na de melding van de brand gaat veel tijd verloren om brandweermensen bij elkaar te krijgen. Dit gebeurt door de gemeentebode Oswald Scholten op de fiets. Wanneer de oude brandweerauto eindelijk bij de brand komt, is het achterhuis reeds een rokende puinhoop. In eerste instantie kan het voorhuis door een goede brandmuur behouden blijven maar door de onervarenheid van de commandant en de ongeoefendheid van de brandweerlieden vindt de nablusing niet goed plaats en laait het vuur opnieuw op wanneer de brandweer is ingerukt. Als gevolg hiervan gaat het voorhuis alsnog verloren.
Kort na deze brand wordt de heer De Wolf ontheven van zijn nevenfunctie als commandant van de brandweer en wordt de heer Lamers opnieuw benoemd en staat de oude vertrouwde brandweerploeg hem weer terzijde. 

1946    Als eerste niet-adellijke burgemeester wordt Frans (F.W.J.) van Gent (1910 - 1988) op 9 september, in een bijzondere vergadering van de Zevenaarse raad, geinstalleerd. Tot 1975 blijft hij burgemeester en draagt veel bij in de beeldbepaling van het na-oorlogse Zevenaar.  

De Zevenaarse burgemeester Van Gent (links) met naast hem deken Frank

In veel opzichten zijn  Van Gent en Frank elkaars tegenpolen. Van Gent heeft "flair"; een eigenschap die hij volgens velen  te pas en te onpas benut. Bij de beantwoording van vragen uit de raad geeft hij wethouders soms het gevoel dat ze "er maar bij zitten". Deken Frank staat bekend om zijn eenvoud, ingetogenheid, soberheid en integriteit.

Deken E.W.C. Frank wordt geboren op 22 januari 1888 in Groenlo en op 15 augustus (feestdag van Maria Hemelvaart) 1911 tot priester gewijd. Hij werkt vervolgens in Buren en Amersfoort en wordt reeds in 1912 tot professor benoemd aan het seminarie in Culemborg. Na Culemborg gaat hij enige jaren naar Heerenveen en vervolgens komt hij in 1946 naar Zevenaar, als pastoor van de Andreasparochie (1946 - 1962) en tevens als deken in het dekenaat (1946 - 1965). Hij overlijdt 27 november 1971 in Zevenaar. 

Foto omstreeks 1958  

 

1947    Uit het landbouwkundig rapport over de Liemers blijkt, dat de gemiddelde grootte van een boerenbedrijf in Angerlo 14 ha., in Didam 7 ha., in Duiven 12 ha., in Herwen en Aerdt 15 ha., in Pannerden 16 ha., in Wehl 7 ha., in Westervoort 9 ha. en in Zevenaar 8 ha. bedraagt.


Het binnenhalen van de oogst in de Liemers omstreeks het midden van de 20e eeuw

1947   
Op 5 november passeert ten kantore van notaris Th. B. Kampschreur in Zevenaar de oprichtingsakte van de N.V. Stoomzuivelfabriek De Liemers. De fabriek aan de Zevenaarse Molenstraat die vanaf 1898 in Duits bezit was en na de oorlog in beslag werd genomen door de Staat der Nederlanden, wordt eigendom van Duivense-, Groessense- en Zevenaarse melkveehouders. Directeur wordt de Friese zuivelexpert Jitte Veltman en voorzitter van de Raad van Commissarisen wordt W.M.M. Weenink van boerderij Poelwijk in Oud-Zevenaar.  

1948    Begin april legt de Gelderse commissaris van de koningin jhr. Quarles van Ufford de eerste steen voor nest-factories aan de Zevenaarse Spoorwegstraat. De zaterdageditie van 10 april van de Liemers Lantaern kopt op haar voorpagina: "Zevenaar luidt een nieuw tijdperk van welvaart in". Tot de bedrijven, die zich in de Zevenaarse nest-factories vestigen, behoren: Multiplastic, meubelindustrie Jimmy, Industre Holland, Handelsdrukkerij Rebers en Kibofa (kinderstoelen en boxenfabriek). 
Het principe van nest-factories houdt in dat gemeenten industrieterreinen aanwijzen waarop hallen worden geplaatst voor huisvesting van afzonderlijke bedrijven. Dit principe, waarvan kort na de oorlog erg veel wordt verwacht, raakt echter in latere jaren volledig in de vergetelheid zodat we in onze tijd het begrip nest-factories niet meer kennen.

1948   De neutrale voetbalclub T.V.V. (Turmac Voetbal Vereniging) gaat over in de Rooms Katholieke (R.K.) voetbalclub D.C.S. (Door Combinatie Sterk). De naam T.V.V. kan niet gehandhaafd blijven, omdat de Turmac zich niet aan een confessie wil binden.

 

 


        De Zevenaarse voetbalvereniging T.V.V. in 1935 met links H. Rekers en Piet Fleskes

 

1949   In Nederland gaan de sigaretten van de bon. De Zevenaarse sigarettenfabriek Turmac opent een nieuwe grote productiehal en neemt de productie van "Rothmans" en "Peter Stuyvesant" ter hand. Peter Stuyvesant verovert de rokende wereld.

 

 


Turmac-sigarettenfabriek, waar in 1949 de productie van "Rothmans" en "Peter Stuyvesant" van start gaat.



1949   In de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar wordt een nieuwe telefooncentrale gebouwd. Het is een ontwerp van architect Casper Caspers. Het nieuwe gebouw vervangt het telefoongebouw dat in de Doelenstraat heeft gestaan en door de Duitse bezetter op zondag 1 april 1945 is opgeblazen.

 

 


.

 

1949    In Zevenaar wordt een groot feest gevierd naar aanleiding van het feit dat de naam "Zevenaar" negenhonderd jaar eerder voor het eerst in de analen is vermeld.

 


Centrum van Zevenaar halverwege de 20e eeuw, v.l.n.r: marktoverkapping (afgebroken in 1955), Hervormde Kerk en Pelgromstichting (bejaardenhuis)

 

1950   Het in de oorlog zwaar beschadigde kasteel Enghuizen in Zevenaar wordt afgebroken. Het legendarische huis Enghuizen, dat reeds in de 15e eeuw wordt vermeld, dat in het midden van de 17e eeuw in het bezit komt van de familie Von Hasenkampf en waar vanaf de 19e eeuw de familie Pelgrom heeft gewoond, wordt daarmee helaas geschiedenis.

 

 


Kasteel Enghuizen in Zevenaar (uitgave Van Santen, Zevenaar, 1902)


1951     De na de Tweede Wereldoorlog tijdelijk ingerichte viswinkel van Chris Jansen in de Zevenaarse Kerkstraat, naast de in de oorlog volledig verwoeste slagerij van Mul (zie 1945), verhuist naar de Haspelstraat in Zevenaar.

 

Het echtpaar Jansen is nog net zichtbaar achter de winkeldeur van hun viswinkel. De linker affiche op het raam is van de zangvereniging "Kunstoefening".

In deze winkel heb ik (opa van Sam, Simon en Sjef van Keulen) als kleuter vaak met de step een zure haring voor 20 cent (0,09 euro) en/of een rolmops (een opgerolde zure haring, waarin een augurk; het geheel  wordt vastgehouden d.m.v. een stokje) voor 25 cent (0,11 euro) gekocht. De viswinkel verhuist in 1951 naar de Haspelstraat, vlakbij de dan ook juist gevestigde nieuwe kruidenierszaak van (Jopie) Kruis: De eerste (kleine) supermarkt van Zevenaar.

Aan de rechterzijde van het pand is een deel van de Turmac-sigarettenfabriek zichtbaar. Nadat het winkelpand van Jansen is afgebroken wordt de vrijkomende grond toegevoegd aan het gazon voor de Turmac (nu British American Tobacco: B.A.T.).

 

1951    Op donderdag 14 juni treft het noodlot de familie Vister uit Zevenaar. In een poging om haar jongste kind van 2 jaar te redden van een aanrijding komt de 35 jarige moeder van 5 kinderen zelf onder het voertuig. Ze is op slag dood. Haar kind loopt slechts lichte verwondingen op.

1951    Het sanatorium in Zevenaar wordt sterk gemoderniseerd en vergroot. Dr. A.J. Gerver, geneesheer-directeur, heeft hierbij een uitermate belangrijke rol gespeeld. Het totaal aantal verpleegbedden komt op 265. De verpleegprijs bedraagt 7,45 gulden (euro 3,40) per dag. Halverwege de 20e eeuw is er nog een groot tekort aan sanatoriumbedden voor de vele t.b.c-patienten. Enige jaren later zou dit volledig veranderen waardoor in 1965 het sanatorium gesloten kan worden.


Sanatorium na de verbouwing in 1951
Geneesheer-directeur is van 1936 tot 1957 Antonius Jacobus Gerver  


Een van de vele verpleegunits in de open lucht op het terrein van het sanatorium in Zevenaar. Rust, frisse lucht (bij voorkeur in de open lucht) en goede voeding zijn tot de komst van de antibiotica halverwege de 20e eeuw de belangrijkste pijlers van de behandeling van t.b.c. patienten.

 

1951    Op woensdag 3 oktober vindt de eerste landelijke TV-uitzending plaats. De N.T.S. (Nederlandse Televisie Stichting, voorloper van de N.O.S.) begint met 3 zenduren per week; in 1959 is dit al 15 uren per week. Wie beginjaren vijftig in het bezit is van een T.V. krijgt 's avonds de buurt op bezoek: Op woensdagmiddag en zaterdagmiddag is er van 17.00 tot 17.30 uur  een uitzending voor kinderen met o.a. Pipo de clown, dappere Dodo, Swiebertje en omroepster "tante" Hannie Lips (1924 - 2012). 

Ook Christiaan Polman
(1878 - 1954),

over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen
is vol verwondering, nadat hij voor het eerst een televisie-uitzending heeft gezien. Ik herinner me nog goed dat hij daarover sprak.

 


1952    Op zondag 13 januari wordt aan de Oranjelaan (nr. 10) in Zevenaar de nieuwe R.K jongensschool plechtig  ingezegend. In de periode september 1952 tot en met juli 1957 ben ik, opa van Sam, Simon en Sjef van Keulen, leerling van deze school geweest. Onderwijzers aan deze school zijn in 1952: Van Zutphen (hoofd), mej. Muskes, Driessen, A. van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen), Wijkamp, Dietz en Raats.

 

 


Gevelsteen: Op zondag 13 januari zegent deken E. Frank de Aloysius-school plechtig in. Het R.K. kerkbestuur is in deze tijd tevens R.K. schoolbestuur en bestaat uit: deken E. Frank, L. Stoffels, H. van Ginneken, C. Wassing en H. Rutten. 

1952    Op vrijdag 20 juni overlijdt in het ziekenhuis in Zevenaar Jan (Johannes) W. van Keulen, over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen, op 76-jarige leeftijd.


Ik herinner me Jan van Keulen als een erg vriendelijke en lieve opa.

Jan W. van Keulen wordt op 4 april 1876 in Duiven geboren. Nog voor zijn tweede verjaardag overlijdt zijn vader. Zijn moeder, Betje de Wit, die als zeer lief wordt omschreven, hertrouwt met Frans Aleven. Jan groeit op in het gezin Aleven. Nog voor zijn elfde verjaardag overlijdt ook zijn moeder.
Op 27-jarige leeftijd trouwt Jan van Keulen met Anna W. Jurrius. Zij gaan wonen in een boerderij in Pannerden, waar zij samen 11 kinderen krijgen, waarvan er twee op zeer jonge leeftijd overlijden.
De boerderij in Pannerden heeft door haar ligging regelmatig problemen met hoog water. Daarom verhuist de familie in 1927 naar een boerderij aan de Pannerdenseweg in Oud-Zevenaar. 

 

 

1952 De Zevenaarse gemeentesecretaris A. van der Heijden gaat met pensioen. Hij wordt opgevolgd door G.B.W. Polman.

Op deze foto (omstreeks 1953) v.l.n.r. de heren:
A. van der Heijden;
(gemeentesecretaris van 1920 - 1952),
Hendriks
(chef gemeentelijk waterleidingbedrijf) en
G.B.W. Polman
(opvolger van A. van der Heijden als gemeentesecretaris)

 

1952    In juli 1952 stemt de gemeenteraad van Zevenaar in met de aankoop van havezate Huize Mathena om deze te bestemmen als ambtswoning voor de burgemeester. De koopsom bedraagt 40.000 gulden en voor inrichtingskosten wordt op een gelijk bedrag gerekend. Gedeputeerde Staten gaan echter niet akkoord en op 5 november 1952 wordt het plan ingetrokken. 


Huize Mathena ten tijde dat de Turmac Tobacco Company eigenaar is van het pand en dit in bruikleen geeft aan de Stichting Liemers Museum


1952    In augustus 1952 wordt Th. v. d. Coterlet benoemd tot kapelaan van de R.K. Andreaskerk in Zevenaar. Befaamd worden daar zijn enthousiaste predicaties met name gedurende de vastentijd (periode tussen carnaval en Pasen). 

 

 

Luchtfoto van Zevenaar (1952); genomen  voor de grootscheepse naoorlogse nieuwbouw van huizen in Zevenaar.

Duidelijk zichtbaar op deze foto zijn o.a. "De Turmac", het ziekenhuis aan de Didamseweg, Huize Sevenaer, het kerkhof aan de Arnhemseweg (witte stippen), de melkfabriek aan de Molenstraat, de Andreaskerk en de Babberichseweg.

In de linker onderhoek van de foto is te zien dat de Van de Loostraat en de Oranjelaan weliswaar zijn aangelegd, maar dat de bouw van huizen nog moet plaatsvinden. Aan het einde van de Oranjelaan (hoek Nieuwe Doelenstraat) is nog duidelijk de woning te zien van dr. Gerver. Aan de Oranjelaan is aan de linkerzijde gelokaliseerd de Aloysiusschool, die in 1951 is gereed gekomen. Inmiddels is het schoolgebouw  in 2008 afgebroken, nadat het ook enige decennia het onderkomen is geweest van de plaatselijke Volksuniversiteit.


1953    Tijdens de Zevenaarse kermis valt bij de schuttersoptocht bieleman Gerrit van Hal zo ernstig uit een ereboog dat hij in coma in het ziekenhuis wordt opgenomen.

 

 


Koningspaar van de Zevenaarse schutters (1963): Th. Joosten en M. Hageman
Op de achtergrond zittend de ouders van de schutterskoning: Theed Joosten en Grada Joosten-Jansen (zus van Marie Polman-Jansen, over-, overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen) 


1953
    Op zaterdag 13 juni wordt het gemeentelijk natuurbad "De Breuly" voor het gebruik opengesteld. In de beginjaren zijn er gescheiden openingstijden voor dames en heren en is het zwembad op zondagen gesloten. Wanneer het zwembad op een snikhete zondag door vooral jeugdigen wordt "gekraakt" en vervolgens door de politie wordt ontruimd is, dit de aanzet voor openstelling ook op zondagen.

Leerlingen van klas 6 Maria Regina school Zevenaar  in zwembad "De Breuly"
juni 1965
 

Voornamen (staan achterop de originele foto): Antoon, Koos, Hans, Gaby, Betsie, Treesje, Jose, Cor, Jan B., Henk, Bennie, Trudy, Ria D., Paul, Buddy, Annemarie,
Gerda B., Ria Kr., Gerard K., Willy, Maria, Dinie V., Ankie, Ivonne, Theo H., ThJ, Lily, Annie, Marijke, Gerda G., Theo N., Theo R., Alda, Jan J., Louise Huybers, Ben P., Jan. R., Geert, Adri, Diny S., Gerard v.d.D.
 

 

 


1953    Architect Van der Ven presenteert zijn ontworpen schetsplan van het nieuw te bouwen gemeentehuis aan de gemeenteraad van Zevenaar. De grootte is berekend op een inwoneraantal van 10.000 zielen.
Zes jaar later, in 1959, wordt het nieuwe gemeentehuis aan het Raadhuisplein geopend. Het zal ruim een halve eeuw dienst als zoadanig dienst doen doen. In 2013 verhuist het naar de Kerkstraat
.

1954    In de middag van maandag 26 april overlijdt onverwacht Christiaan J. Polman, over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen, in zijn huis (Grietsestraat 72) te Zevenaar. De begrafenis vindt plaats op donderdag 29 april, na een kerkdienst in de Andreaskerk, op de begraafplaats aan de Arnhemseweg te Zevenaar.

Omstreeks 1950 zijn er rondom de dood in de Liemers nog erg veel rituelen. De dood "leeft" hetgeen onder meer tot uiting komt in de pracht en praal van de lijkkoets getrokken door paarden, die tot 1955 in Zevenaar bij uitvaarten gebruikt wordt. De lijkkoets op de foto is van de firma Sweers en is o.a. gebruikt bij de uitvaart van C.J. Polman.

Voor een ieder in de plaatselijke gemeenschap is een begrafenis in die tijd een gebeuren dat telkens veel aandacht trekt. Ook rituelen rondom rouw en rouwkleding zorgen ervoor dat de dood in het leven van iedere dag "leeft". Mede door het verdwijnen van veel rituelen heeft de dood vanaf midden jaren vijftig een minder prominente rol in het dagelijks leven.  


Op de voorgrond links de grafsteen van Christiaan J. Polman (1878 - 1954), zijn echtgenote Maria (Marie)  A. J. Polman - Jansen (1887 - 1976) en hun dochter Christine H. C. Polman (1915 - 1973) op de R.K. begraafplaats Arnhemseweg in Zevenaar
Foto augustus 2008
"AL SCHEIDT DE DOOD DE LIEFDE BLIJFT"

1955     De Markthal in het centrum van Zevenaar wordt afgebroken. De houten overkapping krijgt een bestemming in het nieuwe schuttersgebouw op 't Grieth.


De Zevenaarse Marktplaats voor 1955, het jaar waarin de markthal wordt afgebroken .

1955    De uit Zevenaar afkomstige Henry Gans is de allereerste medicus, die aan de Katholieke Universiteit Nijmegen (nu: Radboud Universiteit Nijmegen) cum laude promoveert. Zijn proefschrift gaat over leverchirurgie en zijn promotor is Prof. dr. H. Lammers.
Henry Gans behoorde met zijn ouders Leon en Henny Gans-Cohen en zijn broer Maurits tot de zeer weinige Zevenaarse Joden, die de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog overleefden. Maurits en Henry studeerden tijdens hun onderduiktijd op een verborgen kamertje en gingen beiden na de bevrijding geneeskunde studeren.     

1956    Zevenaar krijgt na lange tijd weer een bioscoop, het Astra theater, naast hotel de Leeuw aan de Arnhemseweg. Enkele decennia later verliest de bioscoop het van de populariteit van de televisie en in 1985 gaat in de omgebouwde bioscoop een dansschool (Vida) van start.

   

Kruispunt Marktstraat-Arnhemseweg-Grietsestraat-Didamsestraat in Zevenaar omstreeks 1958
Dit kruispunt wordt in april 1945 door oorlogshandelingen volledig weggevaagd .

Geheel links het in november 1950 herbouwde pand ("IJS") van bakker Van Swaay-Kleve, met daarnaast de in 1955 gereed gekomen manufacturenzaak van NAS (inmiddels in het begin van de 21e eeuw  al weer afgebroken en vervangen door een  nieuw pand). Vervolgens het in de zomer van 1955 geopende hotel De Leeuw en daarnaast het Astra theater dat op 3 september 1955 in gebruik is genomen. Momenteel doet het dienst als dansschool, de Vida-Studio's van Viebrink. 

 

       

1956    In juli 1956 promoveert de Zevenaarse voetbalclub D.C.S. (Door Combinatie Sterk) naar de derde klasse K.N.V.B.

 

Het succesvolle elftal van DCS
Staand v.l.n.r.: Jan Fonteyn, Harrie Tiemesen, Ben Knippenborg (aanvoerder), Nol Berendsen, Ben Hulkenberg, Henny Geurds. Knielend v.l.n.r.:  trainer Van Gelder, Geert ter Bogt, Jan Arends, Frans Gerrits, Jan Kelderman, Henk Peters en verzorger Van Kuyk.

 

 

 

1956    De spoorverbinding Arnhem - Zevenaar - Emmerich - Oberhausen, die aan de Liemers een economische impuls heeft gegeven, bestaat honderd jaar
Vooral aan het eind van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw is de spoorverbinding ook van groot belang geweest voor het vervoer van de talrijke arbeiders, die ook vanuit Zevenaar in het Duitse Ruhrgebied werkten. Velen van hen vertrokken op maandag in alle vroegte om zaterdagavond weer thuis te komen. Anderen vestigden zich definitief in het Ruhrgebied.
 

 

1957    Dr. A. Gerver, directeur-geneesheer van het sanatorium in Zevenaar moet om gezondheidsredenen (M.S.) zijn werk neerleggen. Gedurende meer dan  twintig jaar (1936 -1957) heeft hij onder veelal uiterst moeilijke omstandigheden van armoede, tekorten en oorlogsellende zijn werk als longarts moeten verrichten in een tijd waarin ook in de Liemers tuberculose (tbc) een veel voorkomende en alom gevreesde ziekte is.

Dr. A.J. Gerver (1903 - 1962) met een assisterende zuster tijdens het aanleggen van een pneumotharax (stilleggen van een long) bij een tuberculosepatient (foto ontvangen van: mevr. I. Konersmann-Gerver).
Dr. Gerver heeft het sanatorium ook geleid gedurende de moeilijke oorlogsjaren waarin hij zelf tweemaal door de Duitsers gevangen is genomen. Na de oorlog heeft hij zich ingespannen voor de uitbreiding van het sanatorium, noodzakelijk omdat tuberculose in die periode ook in de Liemers hoogtij viert. Ook in die tijd is hij een belangrijke promotor achter de thoraxchirurgie. Direct na de oorlog heeft hij bij gebrek aan artsen enige tijd alleen voor de medische behandeling van tweehonderd patienten gestaan.

 

1957   Maandag 8 juli is een snikhete zomerdag, die feestelijk begint want Zevenaar viert kermis. Scholen zijn tijdens de kermis gesloten en veel inwoners van Zevenaar hebben vrij genomen. Deze stemming slaat aan het eind van de dag volledig om wanneer bekend wordt dat Joop Dikker, de onafscheidelijke tweelingbroer van Fred Dikker, is verdronken. 
Een viertal ongeveer 15-jarige vrienden Jules Geutjes (Arnhemseweg), Arie Minor (Grietsestraat), Joop en Fred Dikker wil op de snikhete middag van 8 juli verkoeling zoeken in zwembad de Breuly in Ooy. Bij aankomst in het zwembad blijkt echter dat het bad deze middag uitsluitend geopend is voor dames. Dames en heren zwemmen in deze tijd op gescheiden tijden. De jongens mogen daarom het bad niet in.  Een toevallig aanwezig iemand geeft hen het advies te gaan zwemmen in de kolk van de "Nuttenboom" achter de Ooyse Dijk. Deze goed bedoelde tip heeft enorme gevolgen. De jongens gaan naar de kolk, waar ze met tientallen anderen zwemmen. Op een bepaald moment wordt Joop vermist. Hij blijkt zonder dat anderen het hebben gemerkt bij het zwemmen in de problemen te zijn gekomen. Hulp komt te laat. Het verdriet is onbeschrijflijk vooral bij zijn tweelingbroer, ouders, familie en vrienden. Zevenaar rouwt.    




Zwembad "De Breuly" waar in de jaren vijftig dames en heren gescheiden zwemmen. Een viertal vrienden mag daarom op de snikhete 8 juli niet zwemmen in het zwembad en zoekt elders verkoeling met een tragische afloop. 

 

1958     In Zevenaar wordt het monumentale huis "De Doelen" op last van het gemeentebestuur afgebroken.

Huis de Doelen in Zevenaar, halverwege de 20e eeuw

Links de achterzijde met het doelentorentje

Rechts de voorzijde

 

1958    Zevenaar verwelkomt haar 10.000e inwoner.
 

 

1958     De Zevenaarse arts Honig jr. (1872 - 1958) overlijdt op 86-jarige leeftijd. Zowel Honing jr. als zijn vader dr. Honig sr.  hebben zich aan het einde van de 19e eeuw en in de eerste helft van de 20e eeuw sterk gemaakt voor ondermeer verbetering van de hygiene, aanleg drinkwaterleiding, aanleg riolering, verbetering ziekenzorg, bestrijding tuberculose en bouw van het plaatselijk ziekenhuis. 

Mathena
In de directe nabijheid van de spoorlijn aan het Stationsplein te Zevenaar bevindt zich de havezate "Mathena"

"Mathena" dateert uit de 16e eeuw. De naam wordt in verband gebracht met het riviertje de Aa, dat in vroegere tijden achter het pand stroomde.

In de 20e eeuw heeft in "Mathena" vele jaren, tot enkele jaren voor zijn dood in 1958, de zeer geziene arts J. Honig gewoond. Deze heeft zich evenals zijn vader in het begin van de 20e eeuw met succes ingespannen om in Zevenaar een ziekenhuis te realiseren. Na het overlijden van J. Honig heeft het pand enige tijd als verpleeghuis voor ouderen dienst gedaan. Tot medio 2009 is er het Liemers Museum gevestigd geweest.

  

1958    Voetballegende Abe Lenstra opent in mei 1958 in Zevenaar een sportwinkel en treft de plaatselijke bevolking in het parochiehuis, waar vooral de jeugd hem vol ontzag en bewondering adoreert. Als kind ben ik erbij en herinner het me nog levendig.
Samen met Faas Wilkes en Kees Rijvers vormt Abe Lenstra vele jaren het gouden binnentrio in de voorhoede van het Nederlands elftal. Zijn bekendste interland is de emotionele 1-2 overwinning op regerend wereldkampioen West-Duitsland in 1956. Het betreft het eerste naoorlogse treffen, waarin Abe Lenstra beide Nederlandse goals maakt.


1958     De autobusonderneming van Luc Hendriks in Zevenaar, die decennia lang het openbaar busvervoer verzorgde tussen Zevenaar en Arnhem, wordt overgenomen door de GTW (Geldersche Tramwegen).

1959    Zevenaar krijgt een nieuw raadhuis, dat ruim vijftig jaar als zodanig dienst doet tot 2013 wanneer het verhuist naar de Kerkstraat (voormalig BAT / Turmac-gebouw). 


Monument De Vier Tamboers voor het raadhuis in Zevenaar, een eerbetoon aan de slachtoffers van de bezetting 1940-1945

 

1959    Op woensdag 9 september wordt in Zevenaar de eerste steen gelegd van de Maria Koninginkerk, een kerk in een typische bouwstijl passend in de vernieuwingsdrang van na de Tweede Wereldoorlog. 


Bij gelegenheid van het heien van de eerste paal op maandag 16 maart 1959 sturen de leerlingen van de zesde klas van de Maria-Reginaschool een felicitatiekaart aan het kerkbestuur. Op de kaart de namen van: Stientje Meijer, Annie Tomassen, Truus van Wessel, Marietje Arntz, Elsje Brandon, Maria Elshof, Tini Groenen, Annie Roding, Nellie Sloot, Willy de Jager, Lenie van Dalen, Hennie Dijks, Ansje Meijer, onbekend, Annie Berentsen, Willie Lamers, Tiny Berens, Freddie Hageman, Tonnie de Reus, Herman van Ditshuizen, Tonny Huijbers, Frans Dercksen, Gerard Arns, Jan Krist, Gerry Buiting, Wim Willemsen, Theo Gieling, Peter Sluiter, Andre Dercksen, Andre van Eekeren, Theo Visser, Wim Joerissen, H. van de Boom, Theo Meijer en Adje Vos.


De Maria Koninginkerk omstreeks 1965
De kerk, zo verrassend van lijnenspel en architectonisch een monument, wordt als gevolg van de ontkerkelijking enkele decennia later overbodig en in 2001 helaas zelfs afgebroken.
Wat blijft is de herinnering.

1959    In Zevenaar-stad op 't Grieth komt een nieuwe school, de Maria Reginaschool, gereed. Het eerste hoofd van deze school is Louis van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen). De school staat naast de plaats waar een jaar later, in 1960, een tweede R.K. Kerk (bouwpastoor Brouwer) wordt geopend. Zowel school als kerk worden in het eerste decennium van de 21e eeuw afgebroken.

 

 

 

Deken Frank zegent op 23 november 1959 ter gelegenheid van de opening van de Maria Reginaschool, een klaslokaal in; links van hem  misdienaar Frans Jansen.

 
           


Maria Reginaschool op 't Grieth in Zevenaar (foto 1968)

 

 

 

 

1959    Bij de behandeling van de rijksbegroting in de Tweede Kamer wordt voorgesteld om gelden beschikbaar te stellen voor de restauratie van het Doelentorentje in Zevenaar. Groot is echter de verbazing en verontwaardiging als blijkt dat de gemeente Zevenaar het Doelentorentje zonder de vereiste toestemming van Rijksmonumentenzorg heeft laten slopen omdat "er een scheur in gezeten heeft". De minister stuurt een "boze" brief naar het gemeentebestuur, waarin "zeer ernstige afkeuring" wordt kenbaar gemaakt. Burgemeester Van Gent moet zich in Den Haag komen verantwoorden maar daar blijft het bij. 


Huize Doelen en Doelentorentje dat in 1958 zonder de vereiste toestemming is afgebroken


1960   
 Zevenaar-stad krijgt een tweede R.K. Kerk, de Maria Koninginkerk op 't Grieth (Lentemorgen). Op 3 oktober 1960 wordt de kerk door kardinaal Alfrink gewijd. De eerste pastoor is Brouwer. Na ruim veertig jaar zal deze kerk aan het begin van de 21e eeuw al weer afgebroken worden, omdat ze door de teruggang van het kerkbezoek overbodig is geworden. Wie heeft dit in 1960 voor mogelijk gehouden? 

 

 

 

Op de voorgrond de pastorie met daarachter de Maria Koninginkerk, een markant kerkgebouw dat na ruim veertig jaren dienst te hebben gedaan in 2001 wordt afgebroken. 

 

 

 

1960    Op 16 september overlijdt in Mogi das Cruzes (Braz.) op 65-jarige leeftijd Cornelis J.M. Borst, oorlogsburgemeester van Zevenaar in de uiterst moeilijke periode van september 1944 tot november 1945. Voor zijn daden zoals het met succes vrij pleiten van mensen, die bij de Duitse Sicherheitsdienst in hechtenis zaten, is hij na de oorlog terecht onderscheiden door het Rode Kruis. De naoorlogse lokale pers ("De Liemers Lantaern" met H. R. Palm als redacteur) heeft het functioneren van Borst als oorlogsburgemeester echter regelmatig bekritiseerd. In het algemeen is deze kritiek verre van terecht geweest.  

1961     De familie Van Uum verkoopt boerderij Steenhuizen op 't Grieth in Zevenaar aan de gemeente. De boerderij, die al ruim vier eeuwen eerder in 1555 wordt vermeld, moet plaats maken voor het nieuw te bouwen theater "Bommersheuf".


 

 

1961    In Zevenaar wordt het kolossale oude spoorwegstation gesloopt en vervangen door een eenvoudig modern station.

 


Het Zevenaarse station halverwege de jaren vijftig van de 20e eeuw
Het gebouw komt in 1856 gereed en is dan eigendom van de Nederlandse Rhijnspoorweg Maatschappij, die de spoorlijn Arnhem-Zevenaar-Emmerich exploiteert. Het is een zeer groot gebouw, dat gedurende de eerste decennia zelfs drie wachtkamers heeft: Eerste, tweede en derde klasse. Bovendien is er een stationsrestauratie. In 1961, 105 jaar na de opening, wordt het station gesloopt en vervangen door een eenvoudig station.

1961    De A12 tussen Arnhem en Emmerich is (in fasen) gereed gekomen. Het traject Arnhem - Zevenaar wordt op 8 maart 1961 opengesteld en het aangrenzende deel Zevenaar - Elten op 12 april 1962. Tot die tijd moet het vooral in de vijftiger jaren drukke interlokale en internationale verkeer over de Didamsestraat en Arnhemseweg pal door het centrum van Zevenaar.

Bovenstaande opname geeft een beeld van de Didamsestraat omstreeks 1920 in een tijd dat het verkeer nog weinig overlast veroorzaakt; rechts de woning van de familie Geurds, die door Medze in 1924 tot groentenwinkel wordt verbouwd. Halverwege de 20e eeuw veroorzaakt het doorgaande verkeer echter steeds meer overlast. Meerdere keren vinden tragische ongevallen plaats, waarbij vaak kinderen betrokken zijn zoals in 1951, wanneer bij het oversteken van de Didamsestraat t.h.v. de groentenwinkel van Medze twee kleuters door een vrachtwagencombinatie van de Fa. Haukes worden gegrepen en op slag dood zijn. Als kleuter gebeurt dit voor mijn ogen en laat het een onuitwisbare indruk achter.   

1961    De eerste Molukse gezinnen komen naar Zevenaar. In de buurt waar zij komen te wonen, wordt aan de Herman Gorterstraat een kerk voor hen gebouwd, die in december 1963 wordt geopend.

1962     De Zevenaarse deken E.W.C. Frank (1888 - 1971) gaat met emeritaat. Hij is in feite de laatste deken uit een "Rijk Rooms Leven", een periode waarin de invloed van de kerk op het gebeuren in de Liemers zeer groot is. Deken Frank wordt algemeen geroemd om zijn eenvoud, bekwaamheid en integriteit
 


Zevenaar: Kostschoollaan met op de achtergrond de R.K Andreaskerk (Ad Dekkers, 1955)

 

1962     In zijn woonplaats Velp overlijdt op woensdag 18 juli de longarts dr. A. Gerver (1903-1962), directeur-geneesheer van het sanatorium in Zevenaar van 1936 tot 1 maart 1957. Hij  was directeur in een periode, waarin mede door armoede, oorlogsomstandigheden en ondervoeding de aandoening tuberculose ook in de Liemers veel slachtoffers maakt
 


Dr. Gerver vanuit het raam van zijn werkkamer in "zijn" sanatorium (afb. ontvangen van mevr. Konersmann-Gerver)

1963      De Algemene Bijstandswet wordt tot stand gebracht door minister Marga Klompee (1912-1986) van de KVP (Katholieke Volkspartij). Door deze wet worden gemeenten verplicht om financiele steun te verlenen aan mensen, die niet zelf in hun levensonderhoud kunnen voorzien. De eeuwenoude "armenzorg" gaat ook in de Liemers plaatsmaken voor een "stelsel van sociale voorzieningen".   

Tot ver na de Tweede Wereldoorlog is armoede in de Liemers duidelijk zichtbaar.

Op nevenstaand schilderij van J. Kruys-Heister (Liemers Museum) is Fina Maassen geportretteerd. Tot in de jaren vijftig woont zij met haar broer in een bouwval op de hoek Grietsestraat-Stadsgracht (tegenover de toenmalige bakkerij Roding) in Zevenaar. Als stoelen en tafel dienen enige veilingkisten, gegroepeerd op een aarden vloer.

 

1963    Ad(rianus) Havermans, werkzaam op het gemeentehuis in Zevenaar, wordt de nieuwe burgemeester van Pannerden. Hij zal dit gedurende een periode van zes jaar blijven. In latere jaren zal Havermans burgemeester worden van achtereenvolgens Druten, Doetinchem en 's Gravenhage.
 


Schuttersfeest in Pannerden (1963)
Derde van links: A. Havermans

 

1963    Op 1 augustus wordt Elten na 14 jaar weer Duits in de zogenaamde "Butternacht". Zevenaar wordt hierdoor weer grensgemeente.

 

 

ANWB bord in het centrum van Elten met op de achtergrond de
St. Martinuskerk (1955)

In 1957 beginnen de onderhandelingen over de teruggave van Elten, die op 1 augustus 1963 plaatsvindt. Op 31 juli 1963 staan in Elten vele honderden vrachtwagens vol met boter, koffie en andere waren, die in Duitsland duurder zijn. Na middernacht wordt Elten met alles wat zich erin bevindt weer Duits en is de Eltense "Butternacht" (in feite een massale legale smokkel) een feit.  

 

1963    De verpleegprijs in het ziekenhuis in Zevenaar wordt verhoogd naar 17,65 gulden (8 euro) per dag.
 


Het ziekenhuis in Zevenaar (aan de Didamseweg,1965)

1964    Op 4 april valt het kleinste cafe ter wereld "De Biechtstoel" in Zevenaar ten offer aan de stadssanering.

   

De ingang van het kleinste cafe "De Biechtstoel" is gelegen aan de smalle doorgang van de Zevenaarse Markt naar het Kerkplein van de Andreaskerk. Het cafe is gedurende een periode van 170 jaar gedreven door diverse generaties van de familie Jansen. Heel vermaard is Marie de Vree, huishoudster van de familie Jansen, die vele decennia de klanten heeft bediend.

De vloeroppervlakte van het cafe bedraagt twee vierkante meter, verdeeld over een verkoopruimte en een ruimte voor bezoekers Drie bezoekers kunnen gelijktijdig in de ruimte terecht; zijn er meer klanten dan moeten zij buiten hun beurt afwachten. Na een kerkdienst staat er vaak een rij voor het cafe.

 

 

1964    Op dinsdag 18 augustus overlijdt in Zevenaar de oudste mannelijke inwoner van Nederland, oud-notaris Hazewinkel, op 104-jarige leeftijd. Obbo Hazewinkel is 50 jaar notaris geweest in Zevenaar. Hij heeft vanaf 1897 in Huize Rijck (in de Stationsstraat naast de Turmac) gewoond en gaat in 1946 op 86-jarige leeftijd met pensioen. Tot op zeer hoge leeftijd, ouder dan 100 jaar, kon men Obbo Hazewinkel regelmatig wandelend aantreffen op de wegen in en rondom Zevenaar.
 


Grafmonument Obbo Hazewinkel op de N.H. begraafplaats aan de Babberichseweg in Zevenaar

1965    Het interieur van de Zevenaarse Andreaskerk wordt ingrijpend herzien. Naast onomstreden veranderingen zijn er ook omstreden veranderingen, zoals een versobering, blijkend uit een sterke vermindering van het aantal heiligenbeelden.

 

  Het interieur van de Zevenaarse Andreaskerk omstreeks 1950

In 1965 wordt het interieur ingrijpend gewijzigd. Aangezien het aantal heiligenbeelden in de kerk sterk wordt gereduceerd spreken tegenstanders wel van een moderne "beeldenstorm".

1965    Nadat sedert 1945 steeds meer Liemerse kinderen middelbare scholen in Arnhem en Doetinchem bezoeken, krijgt de Liemers haar eerste VWO-school: Het Liemers College in Zevenaar.

1965    Op 1 juli wordt in Zevenaar het sanatorium voor de behandeling van t.b.c-patienten gesloten. Het snel afnemend aantal t.b.c-patienten heeft het sanatorium overbodig gemaakt.
 


                                    Het sanatorium omstreeks 1964

 

1965    Het vervoersbedrijf G.T.W. (Gelderse Tramwegen) neemt het autobusbedrijf van Luc Hendriks te Zevenaar over. Vele decennia hebben de bussen van Luc Hendriks het busvervoer tussen Zevenaar, Groessen, Loo, Duiven, Westervoort en Arnhem onderhouden.
 


 
Luc Hendriks en zijn zoon Jan voor een van zijn autobussen, achter het stuur Constant van Heekeren (oktober, 1949)                        

 

1966    Op 28 maart wordt in Zevenaar ouderen- en ziekenomroep Mozaiek opgericht.

1966    Op  woensdag 18 mei wordt de ge-electrificeerde spoorverbinding tussen Emmerich, Zevenaar en Arnhem officieel in gebruik genomen waarna het gehele baanvak Amsterdam - Bazel voorzien is van electrische bovenleidingen. 

 


Vanaf station Emmerich vertrekt op 18 mei de eerste elektrische trein via Elten, Babberich, (Oud-)Zevenaar, Duiven en Westervoort naar Arnhem

1966     Per 1 juli verlaat  pastoor H.W.J. Brouwer Zevenaar. Hij aanvaardt een nieuwe functie als pastoor van de Jozef-parochie in Zeist. Pastoor Brouwer (1915-1979) heeft een uiterst belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van de Maria Koninginkerk en school in de buurtschap Grieth in Zevenaar.

   

 

 

 

 

 

Pastoor Brouwer (1959), bouwpastoor in Zevenaar

 

 

1966     Op donderdagochtend 14 juli treft het noodlot het gezin van landbouwer Schennink aan de Doesburgseweg in Zevenaar. Twee kinderen, een vijfjarig meisje en een driejarig jongetje, die hun vader zien aankomen, rennen hem in hun jeugdige spontaniteit en onbevangenheid tegemoet. Ze gaan van het erf de Doesburgseweg op en worden aangereden door een juist passerende vrachtwagen. Het meisje is op slag dood. Het jongetje loopt een schedelbasisfractuur op. 
 


Zevenaar: Doesburgseweg (1905)

1967    In Zevenaar wordt door de Turmac de eerste computer geplaatst. De computer neemt vele vierkante meters vloeroppervlak in beslag.

1968    Op 1 mei vindt in Beek een bijzonder tragisch ongeval plaats, waarbij drie mensen om het leven komen. Onder de dodelijke slachtoffers de 29 jarige architect E.J.A. de Vries uit 's Heerenberg en zijn 23 jarige zwangere vrouw Th. (Thea) H. M. de Vries-Kaal, geboren en opgegroeid in Zevenaar. Het ongeluk is te wijten aan een bijziende Duitse automobilist, die zonder zijn bril op rijdt. Hij wordt door de politie in voorlopige hechtenis genomen.

 


"zoals God beschikte" (R.K. kerkhof, Zevenaar)

1969    De in Zevenaar geboren vermaarde leverchirurg Prof. dr. Henry Gans verricht in 1969 in het New York Hospital-Cornell University Medical Centre de eerste levertransplantaties
Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft Henry met zijn broer Maurits (Mike) Gans ondergedoken gezeten op boerderij Papenheuvel in Angerlo, waar beide jongens op heldhaftige wijze onderdak wordt geboden waardoor zij uit de handen van de Gestapo blijven. Na de oorlog behoren de broers tot de weinige Zevenaarse Joden, die de gruwelen van de oorlog hebben overleefd. Mike (1927 - 2013) en Henry (1925 - ) studeren tijdens hun onderduiktijd in Angerlo op een verborgen kamertje in de boerderij en gaan beiden na de bevrijding met veel succes in Utrecht geneeskunde studeren. Henry is in 1955 de allereerste medicus, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen cum laude promoveert. Henry en Maurits emigreren in de jaren vijftig naar Canada en U.S.A, waar Henry hoogleraar / chirurg wordt en Mike (Maurits) huisarts.


  Henry Gans (ca 1945)

 


Prof. dr. Henry Gans (ca 1985) 

1969   De ontdekking van het Groningse aardgas in Slochteren in 1959 veroorzaakt in de jaren zestig ook ingrijpende gevolgen voor de energievoorziening in de Liemers, waardoor kolenkachels nu snel tot het verleden behoren.

 

Minister Andriessen brengt op 9 juli 1964 een werkbezoek aan de Zevenaarse Zweekhorst, waar op dat moment een belangrijke aardgasleiding wordt aangelegd.

 

 

1970    Wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd neemt de heer J.F. Hofmans (1905 - 1984) op donderdag 25 juni 1970 afscheid als hoofd van de muloschool. Hij wordt opgevolgd door Ben Knippenborg (1921 - 2001). Hofmans was na de legendarische J. Th. Gerrits (1895 - 1965) het tweede hoofd in de geschiedenis van deze in 1921 gestichte school, die heeft gestaan in de Nieuwe Doelenstraat in Zevenaar tegenover de huidige supermarkt Coop.
 

 


Afscheidsreceptie van J.F. Hofmans als hoofd van de Andreas-muloschool:  Achter de tafel het echtpaar Hofmans en de heer Knippenborg; voor de tafel o.a. de heren Th. Visser (wethouder) en Th. de Wit (locogemeentesecretaris), die namens het gemeentebestuur afscheid van het schoolhoofd nemen.

 

1970    De sigarettenfabriek Turmac in Zevenaar neemt de eerste gastarbeiders (Spanjaarden) in dienst. Ze worden gehuisvest in "Huis Rijck", voor het laatst de woning van notaris Hazewinkel en in 1970 door de Turmac aangekocht. Enkele jaren later, in 1973, bedraagt het totaal aantal Spanjaarden in dienst van de Turmac reeds 78 (16% van het personeel).

 

1970    Twaalf jaar na de inschrijving van de 10.000e inwoner verwelkomt Zevenaar in september 1970 de 20.000e inwoner.
 

 


Burgemeester F. van Gent verwelkomt de 20.000e inwoner van Zevenaar (sept. 1970)

1970    In Groessen wordt aan de Kandiasestraat het watergemaal Kandia in bedrijf gesteld. Het gemaal zorgt ervoor dat wateroverlast in een omvangrijk gebied,  waaronder ook Zevenaar, tot het verleden behoort.

1971   In Zevenaar gaat de Vrije Academie, waar amateurs creatieve cursussen kunnen volgen, van start. 
Medeoprichter en latere directeur van de Vrije Academie is kunstenaar en schilder Tonny Ros. Bekende schilderijen van hem zijn o.a: "Hippies in Amsterdam" en "Visverkoopster". In 1952 ontving hij de Willinck van Collenprijs en in 1956 de N.O.C-prijs ter gelegenheid van de Olympische Spelen in het Australische Melbourne. Werk van Tonny Ros bevindt zich onder andere in het Stedelijk Museum in Amsterdam en het Callaghermuseum in New York.
 


"Visverkoopster" (Tonny Ros)

1971    In Zevenaar-Stad vinden de jaarlijkse processies voor het laatst plaats. Hiermee komt een eind aan een vele eeuwen oude traditie daterend uit de tijd dat Zevenaar tot Pruissen behoorde. Oud-Zevenaar houdt de traditie wel in stand. Hier vindt de jaarlijkse processie nog ieder jaar plaats op de laatste zondag voor 24 juni (St. Jan). Zevenaar-Stad kende jaarlijks twee processies: De eerste half juni, de zogenaamde Sacramentsprocessie en de tweede processie op kermiszondag (de eerste zondag na Petrus en Paulus, 29 juni). Het was traditie dat direct na de binnenkomst van de processie het kermisfeest losbarstte.

Dat deze foto gemaakt is op een processiedag is duidelijk te zien aan de vlaggenstok. Op de processiedag werden langs de gehele route om de 10 meter dergelijke stokken met houders geplaatst. Aan iedere stok werd een vlag in de pauselijke kleuren (geel/wit) gehangen.
Op deze foto Christiaan van Keulen (opa van Sam, Simon en Sjef van Keulen), 17 maanden oud op kermiszondag 1947.

 

 

1971     Op zaterdag 27 november 1971 overlijdt "geheel overgegeven aan God, zijn Vader" Eduard W.C. Frank (1888 - 1971), van 1946 tot 1962 pastoor van de Andreasparochie in Zevenaar en tevens deken van het dekenaat van 1946 tot 1965. 
De op zondag 22 januari 1888 in Groenlo geboren Eduard Frank wordt op 15 augustus 1911,  de feestdag van Maria Hemelvaart, priester gewijd waarna hij achtereenvolgens heeft gewerkt in Buren, Amersfoort, Culemborg (tevens als leraar aan het seminarie), Heerenveen en Zevenaar.
 
 


 Op de receptie t.g.v. de viering van zijn 60-jarig priesterjubileum wordt deken Frank gefeliciteerd door Haring de Wolff (1902 - 1975) en zijn vrouw Johanna Engelina Wierdsma (1902 -1981)
Eduard Frank is de laatste deken in een "Rijk Rooms Leven", een periode waarin de invloed van de kerk op het gebeuren in de Liemers zeer groot is. Het leven dat deken Frank heeft geleid is alom geroemd om zijn eenvoud, bekwaamheid en integriteit.

 

1972    In het begin van de jaren zeventig wordt het dagelijkse transport van melk in melkbussen van de boerderij naar de Zevenaarse melkfabriek vervangen door de rijdende melkontvangst, waarbij gebruik wordt gemaakt van vrachtwagens met gekoelde melktanks en apparatuur voor het leegzuigen van de koeltanks op de boerderijen.      

1972    In januari 1972 wordt in het weekblad de Liemers Lantaern de vraag geopperd of de benamingen  Doelenstraat en Sint-Jansstraat nog wel gebruikt moeten worden. Deze straten grenzend aan de Markt en gelegen respectievelijk ten westen en ten zuiden van de R.K. kerk hebben slechts aan een zijde huizen waardoor er van een straat geen sprake zou zijn. Reeds enkele maanden later op 21 juni 1972 besluit de gemeenteraad van Zeveaar om de namen Doelenstraat en Sint-Jansstraat te schrappen en er Markt van te maken. Helaas zijn de namen van deze twee eeuwenoude straten hierdoor in onze tijd geschiedenis.      


1973     In 1973 vestigt het echtpaar Peter en Rina Cocu zich met hun driejarige zoon Phillip in Zevenaar, waar ze tot 1986 blijven wonen.  De eerste jaren van de voetballoopbaan van Philip spelen zich af bij de pupillen van de Zevenaarse voetbalvereniging DCS, waar zij vader keeper van het eerste elftal en later trainer is en zijn moeder leidster bij de pupillen.
In latere jaren wordt Phillip een befaamd voetballer en voetbaltrainer. Als speler staat hij het grootste deel van zijn loopbaan onder contract bij PSV, Vitesse en FC Barcelona. Daarnaast speelt hij meer dan honderd wedstrijden in het Nederlands Elftal. Kenmerkend zijn het leiderschap, het overzicht alsmede zijn passing. Hij beeindigt zijn voetballoopbaan in 2008. In 2013 wordt hij hoofdcoach bij PSV. 
 


 Phillip Cocu (2016)

1973     Op vrijdag 25 mei komt Zevenaar in het nieuws, wanneer burgemeester Van Gent (1910 - 1988) de eerste computer in de Liemers in de plaatselijk inktfabriek in werking stelt. 
 


 Schrijfinkt, belangrijk product van de Gimborn in Zevenaar, waar in 1973 de eerste computer van de Liemers in gebruik wordt genomen.

1973    Op maandag 3 december verwelkomt Zevenaar haar 25.000ste inwoner.

1974    Na 20 jaar, vanaf 1954, hoofd van de Maria Regina-school in Zevenaar te zijn geweest, gaat A.G.M. (Louis) van Keulen (1912 - 2001), overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen met pensioen.

 


Klas 6 van de Maria Reginaschool in 1962 met o.a. het schoolhoofd Louis van Keulen (1), onderwijzeres mevr. Grimmelikhuizen (2) en Willie van Keulen (3)


1974    Op 26 april wordt  het regionale weekblad De Liemers Lantaern (voorheen Wahalto), sedert 1948 in handen van A.J.M. Akkermans, voor de laatste keer door deze Zevenaarse uitgever gedrukt. Het blad wordt overgenomen door uitgeversmaatschappij De Gelderlander, die het weekblad later weer zou verkopen aan krantenuitgeverij Wegener.


Op deze foto, gemaakt op 8 mei 1962 bij gelegenheid van de opening van het nieuwe station in Zevenaar, diverse schrijvende journalisten w.o. geheel links A.J.M Akkermans (1914 - 2005)


1974    Na veertig jaar huisarts en gemeentegeneesheer in Zevenaar te zijn geweest, neemt de sympathieke dokter E.P.T Vaesen afscheid. Tot ver in de jaren vijftig is hij samen met dokter W. van Meeuwen (Kerkstraat) de enige huisarts in de gemeente Zevenaar. 
Toen ik in 1964 voor de middelbare school slaagde, gaf hij mij een pakje sigaretten. Dit attente gedrag kenmerkte hem. Het is in een tijd waarin de gevaren van roken slechts zeer ten dele bekend zijn. 
Bij zijn afscheid verhaalt Vaesen over de onvoorstelbare armoede, die hij in 1934 aantrof. "van de 3900 mensen waren ongeveer 350 mensen in het ziekenfonds; de anderen konden dat kwartje per week per gezin niet betalen. Er waren patienten, die van 9 tot 10 gulden per week met een heel gezin moesten rondkomen. Soms moesten meerdere broers op zondag om de beurt naar de kerkdienst omdat ze samen slechts 1 nette broek hadden".

 

1975     Op donderdagmiddag 28 augustus verwoest een felle brand het voormalig juvenaatklooster aan de Babberichseweg in Zevenaar. De brand van het enorme pand, dat in deze tijd dienst doet als scholencomplex, wordt bestreden door de brandweercorpsen van Zevenaar, Arnhem en Didam. De schade bedraagt vele miljoenen guldens. 
 


 Juvenaat aan de Babberichseweg in Zevenaar (1942)

 

1976    De St. Andreaskerk in Zevenaar wordt op de lijst van beschermde Rijksmonumenten geplaatst.


Zevenaar R.K. Andreaskerk  

 

1976    Op donderdag 19 augustus komt in Zevenaar op bijna 90-jarige leeftijd een eind aan het leven van Maria (Marie) Antonia Johanna Jansen (1887 - 1976),  over-overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen. 
Haar hele leven heeft zij op drie plaatsen in Zevenaar gewoond:  vanaf haar geboorte tot haar huwelijk in huize (cafe / boerderij) "Buitenlust" op het Zevenaarse Grieth; na het huwelijk op 21 juni 1911 met Christiaan Polman bijna een halve eeuw in de Grietsestraat (nr 72) en vanaf april 1960 tot haar dood in de Wilhelminalaan (nr 4).

 


Marie Jansen, 19 jaar in 1906


  Bidprentje Marie Polman-Jansen, augustus 1976

1977    In  Zevenaar gaat gemeentesecretaris G.B.W. Polman(1912 - 2005) met pensioen.

 

De heer P.H.A. de Groen, nestor van de Zevenaarse gemeenteraad, en zijn echtgenote nemen op 27 april 1977 afscheid van gemeentesecretaris Polman en zijn echtgenote (links). De heer G.B.W. Polman is gemeentesecretaris geweest vanaf 1953 toen hij de heer A. van der Heijden opvolgde.

1978    Het CDA-statenlid Theed J. Visser uit Zevenaar brengt onder de aandacht van het Gelderse provinciebestuur dat koeien steeds minder snel drachtig worden. Hij vermoedt dat dit komt doordat resten van voor menselijk gebruik bestemde anticonceptiva ("de pil") in het weiland komen met het slib van waterzuiveringsinstallaties.

1979    Op woensdag 28 februari sterft in het R.K. Ziekenhuis aan de Didamseweg in Zevenaar op 74-jarige leeftijd Theodorus (Theed) Johannes Hendrikus van Keulen. Hij wordt begraven op het kerkhof in zijn woonplaats Groessen. Theed van Keulen (1905-1979) is de oudste broer van Louis van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen).

1979    In de vroege ochtend van donderdag 15 maart wordt het Loogasthuis aan de St. Jansstraat (nu: Markt) in Zevenaar in opdracht van eigenaar Turling met de grond gelijk gemaakt om plaats te maken voor een Hobbycentrum. 
Tot het moment van de afbraak is het in 1467 door de familie Von Loe gestichte gasthuis het oudste nog bestaande gasthuis uit de Nederlandse geschiedenis. Vijf eeuwen historie worden in een ochtend met een bulldozer gewist. 

 

 

1979    Op zaterdag 1 september overlijdt in zijn woonplaats Zeist pastoor H. Brouwer (1915-1979). Halverwege de jaren vijftig wordt Brouwer kapelaan van de R.K. Andreasparochie in Zevenaar, waar hij in de jaren daarna een belangrijke rol vervult bij de realisatie van de dan te bouwen R.K. kerk op 't Grieth. In 1966 verlaat hij Zevenaar  en wordt pastoor van de R.K. parochie Zeist (Rozenstraat). 


Maria Koningin kerk in Zevenaar (omstreeks 1960), 
in 2001 wordt deze kerk helaas afgebroken
 

Pastoor Brouwer 


1980    Zevenaar krijgt een nieuw ziekenhuis aan de Hunneveldweg; het oude ziekenhuis aan de Didamseweg wordt afgebroken.

R.K. Ziekenhuis aan de Didamseweg (1968)
Dit ziekenhuis is de plaats waar in de periode 1908 - 1980 menig inwoner van Zevenaar en omgeving is geboren en / of gestorven, dan wel er een medische behandeling heeft ondergaan.

 

1980     Op dinsdag 29 januari komt bij een tragisch auto-ongeluk in Zelhem op 54 jarige leeftijd om het leven Ruurd van Slageren, directeur van het zuivelbedrijf BV De Liemers in Zevenaar.

 


Melkfabriek in de Molenstraat in Zevenaar ten tijde van directeur R. Slageren. In de huidige tijd is op deze plaats gevestigd woonzorgcentrum "de Pelgromhof".

1980    In Zevenaar wordt op 18 december het nieuwe schoolgebouw van de Andreas Scholengemeenschap op Lentemorgen officieel in gebruik genomen. Het oorspronkelijke gebouw aan de Nieuwe Doelenstraat kan na bijna 60 jaar in gebruik te zijn geweest, worden afgebroken.

1981     Nadat het bedrijf is overgenomen door Pelikan verdwijnt in de loop van 1981 de naam Gimborn van de inktfabriek in Zevenaar. Menigeen denkt nog even met weemoed terug aan de markante persoon Max von Gimborn.

 




 Gimborn  vulpeninkt  (1955)

 


              Gimbornfabriek in Zevenaar (jaren zestig)

1981     Op 19 december opent de Gelderse Commissaris van de Koningin mr. W.J. Geertsema het Liemers Museum in Zevenaar, gehuisvest in Huize Mathena, de voormalige woning van o.a dr. Honig. Bijna 30 jaar tot 1 juli 2009 blijft het museum hier gevestigd.

 


Het gezelschap op 19 december op weg naar Huize Mathena aan de Stationssingel in Zevenaar voor de opening van het Liemers Museum. Op de eerste rij o.a:  mr. Geertsema en  dhr. en mevr. Akkermans

 

1982     De dominee A.J. Wartenaschool (School met de Bijbel) in de Molenstraat, die een belangrijke rol heeft vervuld in het Zevenaarse onderwijs, viert haar vijftigjarig bestaan. Alom is men op dat moment overtuigd dat de school gemakkelijk het honderdjarig bestaan in 2032 zal halen. Helaas zal dat niet gebeuren want door veranderingen in het onderwijs (komst basisonderwijs in 1985) en terugloop van het leerlingenaantal mede door de aantrekkingskracht van het openbaar onderwijs moet de Wartenaschool enige jaren later sluiten.

 


 Cornelis Dijkman
decennia schoolhoofd van de Wartenaschool 

1983    Op 1 oktober vindt in het Zevenaarse postkantoor kort na sluitingstijd een roofoverval plaats. De dader dringt op listige wijze binnen, sluit een nog aanwezige lokettiste en een hypotheekadviseur, onder bedreiging, op in de kluis en maakt zich uit de voeten met enige honderdduizenden guldens.

1984    In Zevenaar worden ter hoogte van de Nieuwe Doelenstraat (aan de overzijde van de supermarkt Coop) restanten van het Kasteel Sevenaer opgegraven. Het kasteel, dat eens heeft gestaan aan de westzijde van de stad Zevenaar, is omstreeks 1685 afgebroken.

1986    De 20-jarige Robert-Jan Kusters uit Zevenaar wordt Nederlands kampioen meubel stofferen.  

1987     Op 24 januari is het precies vijfhonderd jaar geleden dat Zevenaar van Johan II, hertog van Kleef, stads-, markt- en molenrechten ontving. Ter gelegenheid hiervan verschijnt de uitgave "Zevenaar, stad in de Liemers" (Walburg Pers, redactie A.J.M. Akkermans e.a.).

 


Omslag van het boek  "Zevenaar, stad in de Liemers"
uitgegeven n.a.v. 500 jaar stadsrechten van Zevenaar

 

1988    Op zaterdag 25 juni wordt het Nederlands voetbalelftal  Europees kampioen na een 2-0 overwinning op Rusland in het Olympiastadion in Munchen. De stemming in heel Nederland is uitgelaten. Ook in Zevenaar heerst euforie met overal feestende mensen en toeterende auto's.

 


Uitgelaten sfeer in Amsterdam juni 1988

 

1988     Als gevolg van een afname van leerlingen is de Vereniging voor Christelijk Onderwijs genoodzaakt de Wartenaschool (School met de Bijbel) in de Molenstraat te sluiten. De school, die enkele jaren eerder nog haar vijftigjarig jubileum heeft gevierd, heeft een belangrijke rol vervuld in het Zevenaarse onderwijs.

 


Klas 6 van de ds Wartenaschool met schoolhoofd C. Dijkman (1957)    

 

1990  Bij de storm, die op donderdagavond 25 januari 1990 in heel Nederland enorme schade aanricht, komt ook een deel van het dakbeschot van de Zevenaarse Andreaskerk naar beneden. In februari 1991 wordt een begin gemaakt met een omvangrijke restauratie van de kerk.  De officiele heropening van de kerk vindt plaats in het weekeinde van 12 en 13 september 1992.

 

1990    In Zevenaar wordt een monument onthuld ter nagedachtenis aan 32 joodse medeburgers, die gedurende de Tweede Wereldoorlog zijn gedeporteerd en gedood.

De namen van de 32 joodse slachtoffers:
Abraham Gerzon Gans, Bertha Gans, Billa Gans, David Leopold Gans, Elisabeth Gans, Emile Gans, Harry Jacob Gans, Henry Leopold Gans, Herman Gans, Hilde Frieda Gans, Hugo Rudolf Gans, Jacob Gans, Joseph Gans, Leo Jacob Gans, Leopold David Gans, Leopold Meijer Gans, Sallie Gans, Sophie Selma Gans, Regina Gans-Andriesse, Saartje Gans-Hijmans, Rosa Gans-Kaufmann, Bertha Gans-van Oosten, Sebilla Gans-Weinhuisen, Esther Goud-van der Hoeden, David Northeimer, Dina Northeimer, Philip Northeimer, Alida Esther Rosenberg, David Rosenberg, Joseph David Rosenberg, Louis David Rosenberg en Julia Rosenberg-van Gelder.
 

1991  Op 30 juli zijn Louis (A.G.M.) van Keulen (1912-2001) en Mies (M.J.C.) Polman een halve eeuw getrouwd. Het gouden bruidspaar viert dit heugelijk gebeuren met (klein)kinderen, familie en bekenden in cafe-restaurant Buitenlust aan de Oude Doesburgseweg in Zevenaar, eens het ouderlijk huis van de moeder (Marie Polman-Jansen) van de bruid.

 
Bruidspaar Van
Keulen-Polman
(30-07-1941)

1992    In april besluit de  Nederlandse regering tot de aanleg van een goederenspoorlijn, "de Betuwelijn", tussen Rotterdam en Zevenaar, die de Rotterdamse haven met het Europese achterland moet verbinden.

1992    Aan de voormalige St. Jansstraat (nu: Marktstraat) in Zevenaar, waar bijna vijfhonderd(!) jaar het befaamde Loogasthuis heeft gestaan en vervolgens enige tijd Turling Hobbycentrum, wordt het appartementencomplex "Delenhove" gebouwd. 


Het appartementencomplex "Delenhove" (omstreeks 2000)





Locatie (1899), waar in 1992 appartementencomplex "Delenhove" wordt gebouwd
1 R.K. school 2 Loogasthuis (afgebroken in 1979) 3 Turling 
4 concertzaal Smit, 5/6 Noldushuis / Kronenberghuis 
7 slagerij van Ott Jacobs
 

1992     De Zevenaarse sigarettenfabriek Turmac (Turkish Macedonian Tobacco Compagny) wordt onderdeel van Rothmans International, later B.A.T. (British-American Tobacco). Vanaf 1920 is de Turmac een van de belangrijkste werkgevers voor Zevenaar en wijde omgeving. In 2008 wordt de sigarettenfabriek in Zevenaar gesloten.

 


Turmac aan de Zevenaarse Kerkstraat, jaren dertig 20e eeuw 

1993    De zuivelfabriek aan de Molenstraat in Zevenaar wordt afgebroken om plaats te maken voor het woon- en zorgcentrum De Pelgromhof.

1994    In Zevenaar wordt een landelijk Aanmeldcentrum voor asielzoekers geopend.

1995   De Zevenaarse pastoor Olde Rikkert ontvangt de Paljasprijs. De jury roemt hem als pastoor die midden tussen de mensen staat, filosofisch is aangelegd met een sterk gevoel voor humor. Luisteren naar elkaar, openstaan voor vernieuwingen en mensen in hun waarde laten, hebben hem als pastoor in Zevenaar gekenmerkt .
Jan Olde Rikkert blijft ruim 25 jaar van 1972 tot zijn emeritaat in 1998 pastoor van de R.K. Andreasparochie in Zevenaar.  
 


Jan Olde Rikkert (1928-2009)

1996   Van de hand van Vincent van den Eijnde verschijnt een uitgave over de gifmoord die meer dan een eeuw eerder, in 1874, in Zevenaar plaatsvindt en vele decennia de plaatselijke gemoederen intens bezighoudt.  
 


Moord te Zevenaar in 1874
Uitgave: Vincent van den Eijnde 

1997    Op maandag 10 februari overlijdt in zijn geboorteplaats Gramsbergen dominee Mooy (1934 - 1997). Gedurende de periode 1974 - 1981 is Mooy predikant geweest in de Hervormde gemeente te Zevenaar. Zijn preken en pastorale werk worden algemeen gewaardeerd en geroemd.

1998    Ook in de Liemers, in het bijzonder in Zevenaar en Groessen, moeten vele woningen plaatsmaken voor de komst van de Betuwelijn.

Ook deze huizen aan de Zwarteweg in Zevenaar, in de dertiger jaren gebouwd door C.J. Polman (over-overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) moeten wijken voor de Betuwelijn.

 

Zwarteweg 4 en 6 in Zevenaar

 

1999   Aan het eind van de 20e eeuw wijzigt zich het aanzicht van de binnenstad van Zevenaar en de Weverstraat in het bijzonder door de komst van talrijke terrasjes en (eet)cafees.  
De Weverstraat, een eeuwenoude straat uitkomend op de Zevenaarse Markt, wordt in de 15e en 16e eeuw "weg to Smollingshuse" genoemd en daarna in de 17e en 18e eeuw "Smullinckstraat". In het begin van de 19e eeuw vestigen zich in de straat diverse weverijen waarna de naam Weverstraat in gebruik komt.  
 

 

2001    Op 6 mei overlijdt Louis van Keulen (1912 - 2001), overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen.

Grafsteen van  Aloysius (Louis) Gerardus Maria van Keulen (1911 - 2001) en zijn echtgenote
Maria (Mies) Johanna Christina van Keulen-Polman (1913 - 2005) op de begraafplaats aan de Arnhemseweg in Zevenaar (foto zomer 2008)

"IN LIEFDE GEDENKEN WIJ"

 

2001    De Hervormde kerk in het Zevenaarse stadscentrum, tot in de 19e eeuw Reformeerde kerk genoemd, draagt vanaf 13 mei de naam "Ontmoetingskerk".

 

 

"Ontmoetingskerk"
pentekening van
D.C. van Veen (2005)

2001    Op zondagmorgen 2 september wordt de Maria Koninginkerk  op 't Grieth in Zevenaar aan de eredienst onttrokken. Het gebouw wordt vervolgens gesloopt, waarmee een monument van kerkleven en architectuur geschiedenis is geworden.  

De Kerk Maria Koningin met aan de rechterzijde de pastorie.

 

Door een dramatisch  gedaald kerkbezoek wordt dit markante gebouw na ruim veertig jaar dienst te hebben gedaan overbodig. Een herinnering is wat blijft. 

   
 


2004
    Vanaf 2 april draagt de kabelbrug in de Babberichseweg officieel de naam Fergusonbrug. Deze verkeersbrug over de sporenbundel in Zevenaar is genoemd naar de 19-jarige Canadese soldaat Kenneth Scott Ferguson, die vlakbij deze overgang op 2 april 1945 een dag voor de bevrijding van Zevenaar is gesneuveld. Het is de enige brug in de Betuweroute, die een naam heeft gekregen. De broer en zus van de gesneuvelde Kenneth Furguson zijn aanwezig bij de tenaamstelling van de brug.


 Kenneth Ferguson
      (1925 - 1945)


Huis in Lanark (Can) waar Ferguson met ouders en 9 broers en zussen woont tot hij in 1940 op 15 jarige leeftijd bij het Ontario Regiment komt 

 

2004    In december 2004 wijdt het wereldwijd gerenommeerde medisch tijdschrift Lancet een artikel aan de mensen, die de befaamde leverchirurg Prof. dr. Henry Gans in de oorlogsjaren uit handen van de Gestapo weten te houden.
Het zijn Hendrik Jan Smeek en zijn dochter en schoonzoon (familie Bosman - Smeek) die op hun boerderij Papenheuvel in Angerlo gedurende 32 maanden in het diepste geheim onderdak aan de broers Henry en Maurits Gans verlenen. Met hulp van het echtpaar Bosman uit Zevenaar weten ook de ouders van Henry en Maurits de oorlog te overleven. 
Tijdens de Tweede Wereldoorlog kunnen de broers op boerderij Papenheuvel in Angerlo in een verborgen kamertje studeren waardoor ze na de bevrijding met veel succes in Utrecht geneeskunde kunnen studeren. Henry is in 1955 de allereerste medicus, die aan de Radboud Universiteit Nijmegen cum laude promoveert. Henry wordt een wereldwijd vermaard leverchirurg.  Maurits wordt huisarts.


 



 

 

2005    De dorpen Angerlo, Giesbeek en Lathum worden deel van de gemeente Zevenaar. Tot 1 januari 2005 vormde Angerlo, met de dorpen Giesbeek en Lathum, een zelfstandige gemeente.

 


De langgerekte vorm van de gemeente  Zevenaar, van  de Veluwe tot aan de Duitse grens en grenzend aan zeven andere gemeenten, heeft alle kenmerken van een politiek compromis bij de gemeentelijke herindeling. 

 

2006    Schutterij Sint Andreas, opgericht op een warme zomerdag in 1906 door H. van der Eem op het Zevenaarse Grieth onder de wilgen bij Naadje Jansen, over- over- overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen,  viert haar honderdjarig bestaan.

 


Schutters (v.l.n.r:  G. van Wessel, Willemsen, L. de Reus en H. van Wessel) tijdens het bevrijdingsfeest in 1945. Op de achtergrond huizen gebouwd door Christiaan Polman (over-, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) aan het begin van de 20e eeuw. 

2006     Het schoolgebouw van de Maria Reginaschool op het Zevenaarse Grieth wordt afgebroken. Van deze in 1959 gebouwde school is Louis van Keulen (overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen) hoofd  geweest tot 1974.

 

 




Gebouw Maria Reginaschool 
op de achtergrond de in 2001 afgebroken Maria Koninginkerk 


2007    In december 2007 wordt de in 1952 geopende Aloysiusschool aan de Oranjelaan 10 in Zevenaar met de grond gelijk gemaakt. Tot de zomervakantie van 1954 is Louis van Keulen, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen, onderwijzer op deze school geweest. 

In de periode september 1952 tot de zomervakantie in 1957 is Chris van Keulen, opa van Sam, Simon en Sjef van Keulen, leerling van deze school (schooljaar 1952/1953 klas 2 onderwijzer Driessen; schooljaar 1953/1954 klas 3 onderwijzer Van Keulen; schooljaar 1954/1955 klas 4 onderwijzer Raats; schooljaar 1955/1956 klas 5 onderwijzer Van Zutphen; schooljaar 1956/1957 klas 6 onderwijzer Van Zutphen).

 

 

2008    De sigarettenfabriek B.A.T. (British American Tobacco, voorheen Turmac) produceert op 1 november de laatste sigaretten in Zevenaar. Hiermee komt een eind aan een bijna 90-jarige periode van sigarettenproductie, welke een aanvang nam in 1919 door Buschhammer.

2009    Op 1 januari gaan de R.K. parochies van Babberich, Herwen en Aerdt, Lobith, Oud-Zevenaar, Pannerden, Spijk en Zevenaar samen tot de nieuw gevormde Sint Willibrordusparochie.
 

Zevenaar markt, juli 2009
Op de achtergrond de toren van de R.K. Andreaskerk, die met ingang van 2009 deel uitmaakt van de nieuwe Willibrordusparochie.

 

 


2009    Uit de jaarlijkse Atlas van de Lokale Lasten blijkt dat Zevenaar de goedkoopste gemeente van Nederland is. De Lokale lasten, waarin zijn opgenomen onroerend zaken belasting, rioolrecht en reinigingsheffing, bedragen in Zevenaar 458 euro en in de duurste gemeente van Nederland (Blaricum) 1.150 euro. 

2009   Op dinsdagochtend 21 april overlijdt op 80-jarige leeftijd Jan Olde Rikkert (1929-2009). Hij was in het laatste kwart van de 20e eeuw pastoor van de R.K. Andreasparochie in Zevenaar. Hij gaat de geschiedenis in als een godsdienstig mens, die dicht bij de mensen stond.  
 


Jan Olde Rikkert (1928-2009)

2009    Op zaterdag 31 oktober overlijdt in zijn woonplaats Lugano op 91-jarige leeftijd Alexander Orlow, vele jaren directeur van Turmac Tobacco Company. Orlow gaat de geschiedenis in als een gedreven bestuurder, die onder een breed publiek bekendheid verwierf door werken van vooraanstaande kunstenaars zoals Karel Appel,  Corneille en Lucebert te kopen en te exposeren in de sigarettenfabriek in Zevenaar.


Op deze foto Alexander Orlow (rechts), die in 1972 een rondleiding geeft in de Zevenaarse sigarettenfabriek.

Orlow heeft als directeur van de Turmac in 1960 het initiatief genomen om een fabrieksruimte open te stellen voor hedendaagse kunst. In latere jaren zal de fabriek officieel tot museum worden verklaard. Dat wekt aanvankelijk verbazing bij zowel werknemers als bij kunstenaars. Maar al snel raken de werknemers zo gehecht aan het schilderij naast hun vaste werkplaats, dat zij teleurgesteld zijn als het werk wordt verplaatst in de fabriek. Ook vanuit de kunstwereld is er grote belangstelling voor het fabrieksmuseum.
De collectie van uiteindelijk zo'n 1.500 werken wordt bekend onder de naam Stuyvesant-collectie, een van de omvangrijkste en waardevolste bedrijfskunstcollecties van Nederland. Na de invoering van strenge tabakswetten, die verbieden dat een tabaksnaam wordt gebruikt voor een kunstcollectie, wordt de naam veranderd in BAT-collectie.
Met het vertrek van de sigarettenfabriek uit Zevenaar in 2008 is de collectie geveild, ondanks diverse pleidooien uit de kunstwereld om de collectie te behouden voor Nederland.

 

2010    In een poging de Betuwelijn te redden verlaagt Keyrail (een samenwerkingsverband van Prorail en het Havenbedrijf Rotterdam, dat de Betuwelijn exploiteert) de gebruikstarieven voor de goederenspoorlijn tot 40%. Een tariefsverlaging voor het gebruik van infrastructuur is in deze omvang in Nederland nog nooit voorgekomen. De belastingbetaler zal miljoenen euro's meer moeten bijdragen, want het goederenspoor is bij lange na niet rendabel.



2010    Op zaterdag 1 mei 2010 is het exact 350 jaar geleden dat de Hervormde kerk aan de Markt in Zevenaar in gebruik is genomen. De naam van het gebouw is tot ver in de 19e eeuw "Reformeerde kerk". Door een scheiding binnen de Calvinisten wordt vanaf de 19e eeuw de aanduiding "Hervormde kerk" gebruikelijk. Vanaf 2001 draagt het kerkgebouw de naam "Ontmoetingskerk".


De Hervormde kerk op de Zevenaarse Markt is in de loop der tijd vrijwel in de originele staat gebleven.

2010    Op 13 juni vindt de officiele heropening plaats van het Liemers Museum in het voormalige pand van hotel "de Pauw" (fam. Jansen), Kerkstraat 16 in Zevenaar. In verband met het vertrek van de British American Tobacco (B.A.T.) moet het museum, tot 2009 gevestigd in Huize Mathena (Stationssingel) en eigendom van B.A.T., op zoek naar een nieuwe locatie, die wordt gevonden in het voormalige hotel "de Pauw" in de Zevenaarse Kerkstraat.  

2010    In augustus belooft demissionair minister Eurlings van Verkeer en Waterstaat dat de inwoners van Zevenaar vanaf 2017 minder last zullen hebben van de Betuwelijn. Tussen Zevenaar en de Duitse grens zal een derde spoor worden aangelegd dat in 2017 gereed zal zijn. Daardoor hoeven goederentreinen niet meer bij Zevenaar te wachten waardoor overlast door stank en lawaai zullen verminderen.

2010    Op de plaats waar sedert mensenheugenis boerderij "de (oude) Bem" heeft gestaan, gaat in september 2010 basisschool "de Bem" in de Zevenaarse wijk Groot Holthuizen van start.

 

2011   Op dinsdagmiddag 11 januari rond het middaguur schampen tussen Zevenaar en Babberich een lege Duitse goederentrein en een Duitse internationale passagierstrein (ICE-trein) uit Amsterdam elkaar. Hierdoor ontsporen de twee voorste wagons van de passagierstrein en de drie achterste wagons van de goederentrein. Wonder boven wonder vallen er geen gewonden maar de materiele schade is groot. Het treinverkeer tussen Nederland en Duitsland is als gevolg hiervan 36 uur gestremd. Uit het na het ongeval ingestelde onderzoek blijkt dat op het spoortraject 300 meter koperdraad is gestolen. Alles wijst erop dat deze diefstal de oorzaak van het ongeval is geweest.

 


Treinbotsing bij Zevenaar op 11 januari 2011


 2011
    Op zaterdag 12 februari overlijdt Jasper W. van Keulen (1984 - 2011), zoon van de uit Zevenaar afkomstige Haagse huisarts Will van Keulen ten gevolge van een noodlottig verkeersongeval in Milaan. Jasper is een uitzonderlijk talent: op 23 jarige leeftijd is hij arts waarna hij zich specialiseert tot vaatchirurg. In het kader van zijn aanstaande promotie vertoeft Jasper tijdelijk in het buitenland als het ongeluk hem overkomt. Zijn gedrevenheid, gepaard met empathie, tomeloze energie en intelligentie hebben zijn leven gekenmerkt.
Jasper is de kleinzoon van Louis van Keulen (1912 - 2001) en Mies van Keulen - Polman (1913 - 2004) uit Zevenaar


Jasper
* Den Haag, 2 april 1984
na een turbulent stralend leven overleden ten gevolge
van een noodlottig ongeval op 12 februari 2011 in Milaan



Jasper
kort voor zijn dood bij het beoefenen van zijn
geliefde sport in het universiteitselftal van Yale (USA)
Ook in sportief opzicht heeft Jasper gestraald.

2011     In zijn woonplaats Didam komt op 8 april een eind aan het leven van de historicus dr. Jan B. Smit. Met een enorme gedrevenheid heeft de in Zevenaar geboren Smit onder meer de sociaal-economische ontwikkelingen in de Liemers in de 19e en 20e eeuw bestudeerd. 
In april 2010 promoveerde Smit in Wageningen op een proefschrift over de sociaal economische ontwikkelingen van de Liemers in de periode 1815 - 1940. Hij was voorts auteur van o.a: "Zevenaar een Roomse burcht in een Liemers land". 


dr. J.B. Smit
(1956-2011)


2011
    Streekhistoricus W. van Heugten uit Duiven publiceert een nieuwe verklaring omtrent de herkomst van de naam "Liemers" waarbij hij er vanuit gaat dat het begrip Liemers een samentrekking is van "lee" en "mers". 
Lee verwijst volgens hem naar het waterstroompje de Lee dat begint in Loo en vervolgens van oudsher de grens vormt tussen Duiven en Westervoort en tenslotte overgaat in de Leigraaf. De term Lee stamt mogelijk van het Germaanse "laida" dat waterloop betekent. Mers is een Oudnederlands woord voor "mars" dat moeras, beemd of broek betekent. De naam Liemers zou dus verwijzen naar een moerasachtig gebied, ten noorden van Zevenaar en ten zuiden van Lathum, dat afwatert via de Lee.  

 


Detail kaart van Christiaan sGrooten (1557)
ten noorden van Zevenaar en Duiven en ten zuiden van Lathum: moerasachtig gebied

2012    Op dinsdag 24 januari is het exact 525 jaar geleden dat Zevenaar van Johan II, hertog van Kleef, stads-, markt en molenrechten ontving. Door de  verlening van deze rechten in 1887 krijgt Zevenaar, dat dan ongeveer 500 inwoners telt, een monopolie op het houden van markten en op de verkoop van brood en bier. Daarnaast concentreert de rechtspraak in de Liemers zich in Zevenaar.  

 

 

2012    Op vrijdag 16 maart promoveert Jasper W. van Keulen (1984-2011) postuum tot doctor aan de Universiteit van Utrecht. Het is een waardering voor zijn wetenschappelijke prestaties. Jasper is de kleinzoon van Louis van Keulen (1912 - 2001) en Mies van Keulen - Polman (1913 - 2004) uit Zevenaar.  

 


 Jasper W. van Keulen 
(1984 - 2011)

2012    Op vrijdag 10 augustus overlijdt op 93 jarige leeftijd jonkheer Huub van Nispen, bewoner en eigenaar van landgoed Sevenaer in Zevenaar. Hij wordt na een uitvaartdienst op woensdag 15 augustus in de Martinuskerk in Oud-Zevenaar begraven op zijn eigen landgoed waarover hij sedert 1947 het beheer heeft gehad. Zijn leven lang heeft hij gestreden voor het behoud van het landgoed, gelegen aan de oostzijde van het Zevenaarse stadscentrum, dat in 1785 in handen kwam van zijn voorouders en nu in onze tijd de laatste kasteelboerderij in Nederland is. Na de dood van Van Nispen gaat Huis en landgoed Sevenaer over naar de Stichting Behoud Landgoed Sevenaer. Meer dan 225 jaar is landgoed Sevenaer in het bezit van de familie Van Nispen geweest.             


 
 Van Nispen 
  (1919-2012)





 Huis Sevenaaer omstreeks 2000

2012    Aan de Reisenakker in Zevenaar wordt een nieuwe Turkse moskee met minaret geopend. Een ontwikkeling, die onze voorouders tot een halve eeuw geleden niet voor mogelijk zouden hebben gehouden.    

 



Tekening Turkse moskee (2011)

2013  Op zondag 17 maart besteedt de Nederlandse televisie (VPRO) in een boeiende uitzending met als titel, Die Liebe war Schuld daran (Tommy Wieringa), zeer uitvoerig aandacht aan de Nederlands-Duitse grensstreek in de Liemers. (http://vimeo.com/62056112).

2013    Op zaterdag 16 november 2013 is het precies honderd jaar geleden dat in Zevenaar werd geboren Mies Polman (1913 - 2005), overgrootmoeder van Sam, Simon en Sjef van Keulen. Ze groeit op in het gezin Polman aan de Grietsestraat 72 te Zevenaar te midden van haar ouders, broer en zus. Op 30 juli 1941  trouwt ze met Louis van Keulen, overgrootvader van Sam, Simon en Sjef van Keulen. 
Het Zevenaar van 2013 is onvergelijkbaar met dat van 1913 maar hoe zal het Zevenaar van 2113 er uit zien?

 

 


   De Grietsestraat in Zevenaar in de jeugd van Mies Polman

 

2014    Op maandag 24 november gaat de bouw van het nieuwe gemeentehuis van Zevenaar van start. Aannemer is het bouwbedrijf Wam & Van Duren uit Winterswijk. Het nieuwe gemeentehuis komt in de voormalige British American Tobacco (B.A.T.) / Turmac-sigarettenfabriek in de Zevenaarse Kerkstraat en gaat ongeveer 14 miljoen euro kosten. Naar verwachting is het over ruim een jaar gereed. Om een en ander te bekostigen gaat de gemeentelijke onroerend zakenbelasting met 16% omhoog.

 

 


 
   Schets nieuwe gemeentehuis in voormalige "Turmac"  

2014    Op zondag 30 november 2014 is het exact vijfhonderd jaar geleden dat Andreas Masius (1514 - 1573) in een dorpje in de omgeving van Brussel werd geboren. Hij ontwikkelt zich tot een van de belangrijkste Europese diplomaten en geleerden uit de XVIe eeuw. Naast zijn moedertaal beheerst hij maar liefst tien talen en wordt bovendien een autoriteit op het gebied van rechtsgeleerdheid, geschiedenis en aardrijkskunde. 
In het latere deel van zijn leven, vanaf 1558 woont Masius in grote harmonie met zijn echtgenote op een boerderij in de "buerschap Oi" (buurtschap Ooy, bij Zevenaar). Deze periode beschouwt hij als een zeer gelukkige waar een eind aankomt als hij ernstig ziek wordt en op dinsdag 7 april 1573 overlijdt. 
Masius wordt in de Andreaskerk in Zevenaar begraven. Doordat deze kerk in 1602 door een brand grotendeels verwoest wordt, is van zijn graf in onze tijd niets meer te vinden. Ongeveer vierhonderd jaar na zijn dood is in het stadshart van Zevenaar een plein naar deze grote geleerde genoemd. In 2015 verschijnt van de hand van Ernest Stender de boeiende uitgave "De Wereld van Andreas Vesalius" waaraan de auteur vier jaar gewerkt heeft.

 

2015    Op dinsdagochtend 17 februari richt een brand in een appartementencomplex aan de Kostschoollaan in het centrum van Zevenaar grote schade aan.

 

 


             

2015  Op zaterdag 5 september 2015 vindt de jaarlijkse Van Keulen-familiedag plaats op de Posbank in Rheden, in Doesburg en Oud-Zevenaar. De afsluiting van een wederom erg geslaagde dag vindt plaats in Restaurant Poelwijk in Zevenaar

 


 

 
Restaurant Poelwijk in Zevenaar (omstreeks 1965)

2016    Op woensdag 1 juni maken de voormalig Duitse gebieden Zevenaar, Wehl, Duiven, Huissen en Malburgen tweehonderd jaar deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden. De overgang naar Nederland in 1816 bracht  zeker de eerste decennia geen voorspoed want de 19e eeuw werd een periode van grote misoogsten, ziekten, honger, ellende en armoede

 

Uit de Leeuwarder Courant van 31 mei 1816 waarin melding wordt gemaakt van de overgave van Zevenaar, Huissen, Malburgen en de Lijmers, waardoor het Koninkrijk der Nederlanden "met een niet onaanzienlijk met aller vruchtbaarst bouwland en uitmuntende weiden beslagen en door nijvere inwoners bewoond territoir wordt vergroot". 

 

 

 

2016    Martijn van Keulen wordt eigenaar van het hoofdgebouw van de voormalige inktfabriek "Gimborn" aan de Ringbaan Zuid in Zevenaar
Gimborn kent in Zevenaar een geschiedenis, die teruggaat tot 1907, wanneer de uit Emmerich afkomstige Max von Gimborn er een inktfabriek vestigt. In 1931 wordt het Duitse concern Pelikan eigenaar van het bedrijf.  Nadat het bedrijf direct na de oorlog in 1945 in beslag wordt genomen door het beheersinstituut, wordt het in latere jaren opnieuw onderdeel van het Pelikan-concern.  

 


In 2016 koopt Martijn van Keulen het hoofdgebouw van de voormalige "Gimborn" en vestigt er "Ondernemerscentrum De Pelikaan" dat onderdak biedt aan ongeveer 25 bedrijven. 
Martijn van Keulen is de achterkleinzoon  van Jan van Keulen en Anna Jurrius, die zich in 1927 aan de Pannerdenseweg in Ooy vestigden. 

 

2017    Op woensdag 8 maart geeft verkeersminister Schultz het startsein voor de aanleg van het ontbrekende stuk van de snelweg A15 tussen Bemmel, Groessen, Duiven en Zevenaar. Het knooppunt waar de autowegen A15  en A12 bij elkaar komen zal "De Liemers" worden genoemd. Met de wensen van de inwoners wordt geen rekening gehouden. Zo komt er geen tunnel tegen de gevreesde geluidsoverlast en horizonvervuiling. Ook houdt de minister vast aan haar plan om tol te heffen. Naar verwachting kan de weg in 2022 in gebruik worden genomen. 

2017  Tussen Arnhem en Duesseldorf gaat een regionale treinverbinding van start, die onder meer in Zevenaar, Elten en Emmerich stopt. De treindienst wordt verzorgd door NS-dochter Abellio en rijdt ieder uur. Na bijna driekwart eeuw krijgt Zevenaar eindelijk weer een rechtstreekse treinverbinding met Elten en Emmerich.

2018    Op 1 januari 2018 wordt de gemeente Rijnwaarden, waartoe behoren Aerdt, Herwen, Lobith, Pannerden en Tolkamer samengevoegd bij de gemeente Zevenaar.
Het logo van de nieuwe gemeente wordt gevormd door twaalf strepen, die symbool staan voor de twaalf sterke kernen: Aerdt, Angerlo, Babberich, Giesbeek, Herwen, Lathum, Lobith, Ooy, Oud-Zevenaar, Pannerden, Tolkamer en Zevenaar-stad

 

2018   Op zaterdag 1 september vindt de jaarlijkse Van Keulen-familiedag plaats in 's-Heerenberg met een afsluiting in "Het Eetlokaal" een historisch pand aan de Wittenburgstraat / Markt in Zevenaar.

 

 


Het "Eetlokaal" aan de Wittenburgstraat / Markt in Zevenaar kent een rijke historie. Tot wanneer dijkgraaf Jan Vermeer het in de tweede helft van de 18e eeuw koopt, is het vele jaren de ambtswoning van Friedrich Hecking, burgemeester van Zevenaar. In 1860 ontstaat grote opschudding als de firma Lenssen uit Maastricht het huis koopt om er een speelkaartenfabriek te vestigen. Veel buurtbewoners waaronder pastoor G.F. van Delden vrezen "het gevaar van brand en het springen van de stoomketel". Jonkheer J.A.C.A. van Nispen tot Sevenaer vreest een aanzienlijke waardedaling van zijn landgoed en dreigt uit Zevenaar te vertrekken. Ondanks het massale protest vestigt de speelkaartenfabriek zich er enige tijd. Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914 - 1918) wordt het pand gebruikt voor huisvesting van gemobiliseerde militairen, die de grens bewaken. Van 1918 tot 1930 wordt het bestemd als kantoor voor het Polderbestuur van de Liemers. Daarna hebben vele gezinnen (o.a. Deenen, Meulman, Bolder en Feddema)  in dit huis gewoond. In de huidige tijd is in het pand restaurant "Het Eetlokaal" gevestigd.


 

2021    Op dinsdag 28 september is het exact vijfhonderd jaar geleden dat paus Leo X zijn handtekening plaatst onder de stichtingsakte van de Andreasparochie in Zevenaar. Daarmee is de Andreasparochie de enige parochie in Nederland die ooit door een paus is gesticht.


 

 


Nieuw Seventer (Zevenaar) met o.a. Andreaskerk
(Abraham Rademaker, omstreeks 1730)

 

 

 

In de geschiedenis ligt de nadruk doorgaans op machtige mensen. In www.liemershistorie.nl vooral aandacht voor de geschiedenis van gewone mensen, hun zwoegen voor een menswaardig bestaan want de overgrote meerderheid van de bevolking heeft tot halverwege de 20e eeuw doorgaans op de rand van een bestaansminimum geleefd waarbij misoogsten, ziekten, oorlogen en (natuur)rampen de kwellingen zijn geweest die de mensen bij voortduring hard hebben getroffen. Indrukwekkend is hoe velen onder moeilijke omstandigheden toch het hoofd boven water hebben kunnen houden.